<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR354711_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van begrafenisrechten 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Alblasserdam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Alblasserdam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-2118.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26dpr%3dAnderePeriode%26spd%3d20150109%26epd%3d20150109%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dAlblasserdam%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=2&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad, 09-01-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening begrafenisrechten 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b&amp;g=2014-12-16">Gemeentewet, art. 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014-11-17</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van begrafenisrechten 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Alblasserdam;</al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17
                        november 2014;</al><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de
                        Gemeentewet;</al><al/><al> b e s l u i t</al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al>Verordening op de heffing en invordering van begrafenisrechten 2015</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>algemeen graf: een graf, keldergraf, urngraf en urnnis
                                        daaronder begrepen, bij de gemeente in beheer waarin
                                        gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van
                                        lijken;</al></li><li nr="b."><al>begraafplaats: de algemene begraafplaats aan de Kerkstraat,
                                        en de daarbij behorende gronden en voorzieningen;</al></li><li nr="c."><al>beheersverordening verordening op het gebruik en beheer van
                                        de algemene begraafplaats van de gemeente Alblasserdam;</al></li><li nr="d."><al>belanghebbende rechthebbende van een particulier graf of
                                        gebruiker van een algemeen graf;</al></li><li nr="e."><al>college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="f."><al>particulier graf: een graf, gemetseld graf, keldergraf,
                                        urngraf en moslimgraf daaronder begrepen, waarvoor aan een
                                        natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is
                                        verleend tot het doen begraven en begraven houden van lijken
                                        en/of het bijzetten en bijgezet houden van asbussen en het
                                        doen verstrooien van as;</al></li><li nr="g."><al>gebruiker: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie het
                                        gebruik van een ruimte in een algemeen graf, of algemene
                                        urnplaats is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze
                                        geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;</al></li><li nr="h."><al>gedenkteken: een grafsteen, liggende of staande zerk,
                                        sluitplaat of ander monument ter nagedachtenis aan een
                                        overledene;</al></li><li nr="i."><al>grafbedekking: gedenktekens of vaste planten die op het graf
                                        of de urnplaats zijn geplaatst;</al></li><li nr="j."><al>grafrecht: het uitsluitend recht op een particulier
                                        (urn)graf; </al></li><li nr="k."><al>kindergraf: een algemeen graf bij de gemeente in beheer,
                                        waarin gelegenheid wordt gegeven tot het doen begraven van
                                        lijken van kinderen tot en met 11 jaar;</al></li><li nr="l."><al>onderhoudsrecht: verplichte bijdrage in het onderhoud van de
                                        gehele begraafplaats, welke wordt berekend per graf en te
                                        voldoen door de gebruiker of rechthebbende van dat
                                        graf;</al></li><li nr="m."><al>rechthebbende: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een
                                        uitsluitend recht is verleend op een particulier graf of op
                                        een particulier urngraf dan wel degene die redelijkerwijze
                                        geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;</al></li><li nr="n."><al>strooiveld: een daartoe aangewezen plaats op de
                                        begraafplaats waar as van een overledene wordt
                                        verstrooid;</al></li><li nr="o."><al>urngraf: een algemeen graf bij de gemeente in beheer waarin
                                        gelegenheid wordt gegeven tot het doen bijzetten van
                                        asbussen; </al><al> dan wel een particulier graf waarvoor aan een natuurlijk of
                                        rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen
                                        het bijzetten van asbussen;</al></li><li nr="p."><al>urnnis: een algemene, gesloten nis in de urnmuur, bij de
                                        gemeente in beheer, waarin gelegenheid wordt gegeven tot het
                                        doen bijzetten van asbussen;</al></li><li nr="q."><al>urnplaats: een urngraf, een urnnis of een andere ruimte bij
                                        de gemeente in beheer, waarin gelegenheid wordt gegeven tot
                                        het doen bijzetten van asbussen;</al></li><li nr="r."><al>wet: de Wet op de lijkbezorging en de daaruit voortvloeiende
                                        regelgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt een stoffelijk
                                overschot na crematie als een stoffelijk overschot en het bijzetten
                                daarvan, in welke vorm ook, als begraven aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de heffing</titel></kop><al>Op basis van deze verordening worden, onder de naam begrafenisrechten,
                            rechten geheven ter bestrijding van de kosten van aanleg, onderhoud en
                            beheer van de algemene begraafplaats, alsmede voor het verrichten van de
                            diensten als in deze verordening omschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Definities</titel></kop><al>De graven worden onderscheiden in:</al><lijst><li nr="a."><al>particuliere graven, ten aanzien waarvan voor 1 januari 1969 aan
                                    de rechthebbende voor onbepaalde tijd het recht is verleend om
                                    met uitsluiting van anderen daarin stoffelijke overschotten te
                                    doen begraven;</al></li><li nr="b."><al>particuliere graven, ten aanzien waarvan aan de rechthebbende
                                    voor bepaalde tijd het recht is verleend om met uitsluiting van
                                    anderen daarin stoffelijke overschotten te doen begraven;</al><lijst><li nr="1."><al>ten behoeve van de wettelijk verplichte grafrusttermijn
                                            van 10 jaar wordt de uitgiftetermijn met het daartoe
                                            benodigde aantal jaren verlengd;</al></li><li nr="2."><al>de uitgiftetermijn kan op verzoek van de rechthebbende
                                            telkens met een termijn van tien jaren worden verlengd.
                                            Het verzoek om deze termijn te verlengen kan ingediend
                                            worden vanaf twee jaar vóór het verstrijken van de
                                            lopende termijn tot uiterlijk het moment van verstrijken
                                            van de lopende termijn;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>algemene graven, waaronder worden verstaan alle overige graven,
                                    naar de in artikel 4, vijfde lid, van de Beheersverordening
                                    gemaakte onderverdeling;</al></li><li nr="d."><al>onder algemene graven en particuliere graven worden tevens
                                    begrepen algemene en particuliere urnplaatsen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Tarieven</titel></kop><al>De begrafenisrechten bedragen:</al><al>A. uitsluitend recht 20 jaar bij uitgifte een particulier graf, als
                            bedoeld in artikel 3.b.:</al><lijst><li nr="1."><al>a. bij uitgifte voor het begraven van 2 stoffelijke overschotten </al><al>€ 1.800,00</al></li><li nr=""><al>b. bij wijzigen van het uitsluitend recht indien in een graf met
                                    2 graflagen een derde stoffelijk overschot wordt bijgezet, per
                                    ontbrekend jaar tot einde lopende termijn € 40,00</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>bij uitgifte voor het begraven van 3 stoffelijke overschotten </al><al>€ 2.600,00</al></li><li nr="3."><al>toeslag bij uitgifte grafruimte t.b.v. plaatsing grafkelder €
                                    440,00</al></li><li nr="4."><al>a. bij uitgifte voor het plaatsen van 2 asbussen € 900,00</al></li></lijst><lijst><li nr=""><al>b. bij wijzigen uitsluitend recht van 2 naar 3 posities indien
                                    een derde asbus wordt bijgezet, per ontbrekend jaar tot einde
                                    lopende uitgiftetermijn € 19,00</al></li></lijst><lijst><li nr="5."><al>bij uitgifte voor plaatsing van 3 asbussen € 1.300,00</al></li></lijst><al>B. voor het verlengen van het uitsluitend recht op een particulier
                            graf:</al><lijst><li nr="1."><al>ten behoeve van de grafrusttermijn, als bedoeld in artikel 3,
                                    onder b.1.:</al><lijst><li nr="a."><al>per ontbrekend jaar 5% van het van toepassing zijnde
                                            tarief in Artikel 4, A.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>verlengen 10 jaar, als bedoeld in artikel 3, onder b.2.</al><lijst><li nr="a."><al>indien het graf bestemd is voor het begraven van 2
                                            stoffelijke overschotten € 1.180,00</al></li><li nr="b."><al>indien het graf bestemd is voor het begraven van 3
                                            stoffelijke overschotten € 1.500,00</al></li><li nr="c."><al>indien het graf bestemd is voor plaatsing van 2 asbussen
                                            € 525,00</al></li><li nr="d."><al>indien het graf bestemd is voor plaatsing van 3 asbussen
                                            € 750,00</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>toeslag bij verlengen grafruimte waarin grafkelder is
                                    aangebracht, per jaar verlenging € 22,00</al></li></lijst><al><vet>C.</vet> voor het begraven van een stoffelijk overschot op
                            werkdagen tussen 09.00 en 16.00 uur:</al><lijst><li nr="1."><al>a. voor begraving in een particulier graf € 1.340,00</al><lijst><li nr="b."><al>voor begraving in een algemeen keldergraf € 324,00</al></li><li nr="c."><al>voor bijzetting asbus in een algemeen urngraf of urnmuur
                                            € 185,00</al></li><li nr="d."><al>voor bijzetting asbus in een particulier urngraf €
                                            270,00</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De onder C.1. genoemde rechten worden verminderd, indien het een
                                    begraving of bijzetting van een stoffelijk overschot van een
                                    kind betreft, tot:</al><lijst><li nr="a."><al>van één tot twaalf jaar 50%</al></li><li nr="b."><al>beneden één jaar of een doodgeboren kind 25%</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De onder C.1. genoemde rechten worden verhoogd met:</al><lijst><li nr="a."><al>bij begraving op maandag t/m vrijdag tussen 07.00 en
                                            09.00 uur en tussen 16.00 en 20.00 uur, en op zaterdag
                                            tussen 09.00 en 16.00 uur 25%</al></li><li nr="b."><al>bij begraving buiten bovengenoemde tijden of op zondag
                                            of feestdag 100%</al></li></lijst></li></lijst><al>De genoemde verhogingen zijn niet verschuldigd, indien de burgemeester
                            het begraven in het belang van de openbare orde of gezondheid
                            gelast.</al><al><vet>D</vet>. Opgraven en/of herbegraven</al><lijst><li nr="1."><al>voor het opgraven van een stoffelijk overschot of overblijfselen
                                    van een stoffelijk overschot anders dan op rechterlijk bevel €
                                    525,00</al></li><li nr="2."><al>voor het herbegraven van een opgegraven stoffelijk overschot of
                                    overblijfselen van een stoffelijk overschot, tenzij het
                                    herbegraven geschiedt na een opgraving op rechterlijk bevel €
                                    525,00</al></li><li nr="3."><al>het op verzoek van de rechthebbende ruimen van een particulier
                                    graf € 820,00</al></li><li nr="4."><al>het opgraven, verzamelen en op de onderste graflaag herbegraven
                                    van de overblijfselen van één of meer stoffelijke overschotten
                                    in een particulier graf (schudden) € 820,00</al></li></lijst><al>Indien voor het transport van de overblijfselen van één of meer
                            stoffelijke overschotten anders dan een eenvoudige beenderenkist
                            noodzakelijk is, is deze kist niet inbegrepen in bovengenoemde tarieven. </al><al><vet>E</vet>. Grafbedekkingen</al><lijst><li nr="1."><al>leges vergunningaanvraag t.b.v. plaatsen van een gedenkteken op
                                    een graf € 130,00</al></li></lijst><al>Wegnemen en herplaatsen van grafbedekking op een particulier graf t.b.v.
                            begrafenis:</al><lijst><li nr="2."><al>door gemeentepersoneel € 225,00</al></li><li nr="3."><al>het houden van toezicht daarop, indien de genoemde werkzaamheden
                                    niet of deels door gemeentepersoneel worden verricht €
                                    160,00</al></li></lijst><al><vet>F</vet><vet>.</vet> Onderhoudsrecht, jaarlijks of afkoop tot einde
                            lopende uitgiftetermijn</al><lijst><li nr="1."><al>Algemeen graf</al><lijst><li nr="a."><al>jaarlijks onderhoudsrecht € 95,00</al></li><li nr="b."><al>afkoop 20 jaar voor gehele uitgiftetermijn €
                                            1.710,00</al></li><li nr="c."><al>afkoop resterende jaren tot einde uitgiftetermijn, per
                                            ontbrekend jaar € 95,00</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Particulier graf</al><lijst><li nr="a."><al>jaarlijks onderhoudsrecht € 135,00</al></li><li nr="b."><al>afkoop 20 jaar bij eerste uitgifte € 2.430,00</al></li><li nr="c."><al>afkoop resterende jaren tot einde uitgiftetermijn, per
                                            ontbrekend jaar € 135,00</al></li></lijst></li></lijst><al><vet>G</vet>. Voor het verstrooien van as op een daartoe aangewezen veld
                            € 90,00</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens verzoek dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                                belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot de rechten genoemd in artikel 4 onder F. is het
                                belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten voor onderhoudsrecht, bedoeld in artikel 4 onder F.1.en
                                F.2. worden geheven bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere rechten als die bedoeld in lid 1 worden geheven door middel
                                van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is
                                vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking
                                van de kennisgeving aan de belastingschuldige bekend gemaakt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor
                                de jaarlijks verschuldigde rechten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De onderhoudsrechten, als bedoeld in artikel 4 onder F. zijn
                                verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit
                                later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de eerste helft van het belastingjaar
                                aanvangt, zijn de rechten bedoeld in artikel 4 onder F. verschuldigd
                                voor het gehele belastingjaar. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de tweede helft van het belastingjaar
                                aanvangt, zijn de rechten bedoeld in artikel 4 onder F. verschuldigd
                                voor de helft van de voor dat jaar verschuldigde rechten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten</titel></kop><al>Andere rechten dan die bedoeld in artikel 4 onder F. zijn verschuldigd
                            bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik
                            van de bezittingen, werken of inrichtingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten, bedoeld in artikel 4 onder F.1.a. en F.2.a. moeten, in
                                afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990,
                                worden voldaan uiterlijk drie maanden na dagtekening van het
                                aanslagbiljet. In afwijking hiervan geldt dat ingeval het
                                totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als
                                het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is
                                dan € 90,00 en minder dan € 2.500,00 en zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke
                                termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van
                                het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                                later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere rechten als die bedoeld in artikel 4 onder F.1.a. en F.2.a.
                                moeten, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de
                                Invorderingswet 1990, worden betaald binnen 1 maand na de
                                dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>De bepalingen, bedoeld in artikel 4 onder F.2.a. zijn niet van
                            toepassing op de particuliere graven ten aanzien van welke voor de
                            gemeente op 1 januari 1969 krachtens een schenkingsovereenkomst naar
                            burgerlijk recht een verplichting tot onderhoud bestaat.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de onderhavige rechten wordt geen kwijtschelding
                            verleend. Het college kan besluiten hierover anders te beslissen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening begrafenisrechten 2014’, vastgesteld bij
                                    raadsbesluit van 17 december 2013, wordt ingetrokken met ingang
                                    van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de
                                    heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                                    belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
                                </al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag
                                    na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking in zoverre van het in de voorgaande leden bepaalde,
                                    blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze
                                    verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van
                                    ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de
                                    in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten
                                    voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die
                                    periode plaatsvindt.</al></li><li nr="4."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></li><li nr="5."><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening
                                    begrafenisrechten 2015’.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Alblasserdam, d.d. 16 december 2014.</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter, </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>