<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR354684_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voorzieningen materiële financiële gelijkstelling onderwijs 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening voorzieningen materiële financiële gelijkstelling onderwijs 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voorzieningen materiële financiële gelijkstelling onderwijs
            2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>De raad van de gemeente Rucphen, </vet></al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 18 november
                        2014;</al><al>overwegende dat het noodzakelijk is om de toekenning van voorzieningen
                        huisvesting in het kader van haalbaarheidsonderzoek en lokaal
                        bewegingsonderwijs bij verordening te regelen;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, artikel 102 van de Wet op het
                        primair onderwijs en artikel 76m van de Wet op het voortgezet
                        onderwijs;</al><al>gehoord het advies van de raadscommissie Maatschappelijke Aangelegenheden
                        d.d. 2 december 2014 alsmede het op overeenstemming gericht overleg (OOGO)
                        met de schoolbesturen op d.d. 13 november 2014; </al><al>besluit vast te stellen de verordening materiële financiële gelijkstelling
                        onderwijs gemeente Rucphen 2015.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al><vet>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</vet></al><al><vet>Artikel 1 Begripsbepaling</vet></al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>het college</vet>: het college van burgemeester en wethouders
                                van de gemeente Rucphen;</al></li><li nr="b."><al><vet> schoolbestuur</vet>: bevoegd gezag van een volgens de Wet op
                                het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs
                                bekostigde in de gemeente gelegen openbare of bijzondere school, of,
                                voorzover in deze verordening is bepaald, van een nevenvestiging
                                waarvan de hoofdvestiging is gelegen in een andere gemeente;</al></li><li nr="c."><al><vet>school</vet>: school voor basisonderwijs of school voor
                                voortgezet onderwijs;</al><lijst><li nr="·"><al>school voor basisonderwijs: een basisschool als bedoeld in
                                        artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs;</al></li><li nr="·"><al>school voor voortgezet onderwijs: school voor voorbereidend
                                        beroepsonderwijs en voor praktijkonderwijs;</al></li></lijst></li><li nr="d."><al><vet>nevenvestiging</vet>: deel van een school dat door de minister
                                ingevolge artikel 85 van de Wet op het primair onderwijs of artikel
                                75 van de Wet op het voortgezet onderwijs voor bekostiging in
                                aanmerking is gebracht;</al></li><li nr="e."><al><vet>voorziening</vet>: een voorziening zoals opgenomen in de
                                bijlage Voorzieningen van deze verordening;</al></li><li nr="f."><al><vet>aanvullende voorziening</vet>: een door het college
                                vastgestelde nieuwe voorziening waarmee de verordening tijdelijk
                                wordt aangevuld;</al></li><li nr="g."><al><vet>indieningsdatum</vet>: uiterste moment zoals opgenomen in de
                                bijlage Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een aanvraag
                                voor een voorziening voor het eerste daaropvolgende tijdvak moet
                                zijn ingediend;</al></li><li nr="h."><al><vet>toekenningscriteria</vet>: de omstandigheden zoals opgenomen in
                                de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waaronder een
                                schoolbestuur in aanmerking komt voor een voorziening of een
                                aanvullende voorziening;</al></li><li nr="i."><al><vet>tijdvak</vet>: periode zoals opgenomen in de bijlage
                                Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een voorziening wordt
                                toegekend;</al></li><li nr="j."><al><vet>subsidieplafond</vet>: een bedrag zoals bedoeld in artikel 4:22
                                van de wet, dat beschikbaar is voor een voorziening, of een
                                aanvullende voorziening;</al></li><li nr="k."><al><vet>feitelijke beschikbaarstelling</vet>: de beschikking van het
                                college waarbij een voorziening of aanvullende voorziening in natura
                                beschikbaar wordt gesteld;</al></li><li nr="l."><al><vet>subsidievaststelling</vet>: een beschikking zoals bedoeld in
                                artikel 4:42 van de wet;</al></li><li nr="m."><al><vet>wet</vet>: de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="n."><al><vet>subsidieverlening</vet>: de beschikking van het college waarbij
                                een voorwaardelijke financiële aanspraak ontstaat op het
                                subsidiebedrag voor een voorziening of een aanvullende
                                voorziening.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 2 Subsidieplafond en verdelingsregels</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raad kan voor een voorziening een subsidieplafond vaststellen.
                                Hierbij bepaalt de raad hoe het beschikbare bedrag wordt
                                verdeeld.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan voor een voorziening het gestelde in het eerste lid
                                overdragen aan het college. Het college neemt daarbij de
                                gemeentebegroting in acht.</al></li><li nr="3."><al>Het college maakt het subsidieplafond en de wijze van verdeling van
                                het beschikbare bedrag, uiterlijk zes weken voor de indieningsdatum
                                aan de schoolbesturen bekend.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 3 Aanvullende voorziening</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college kan bepalen dat de verordening tijdelijk wordt aangevuld
                                met een voorziening.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt de toekenningscriteria vast waaronder aanspraak
                                bestaat op de aanvullende voorziening.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 4 Jaarlijks overzicht</vet></al><al>Jaarlijks voor 1 juli zendt het college aan de schoolbesturen een overzicht
                        van de op basis van deze verordening toegekende voorzieningen. Het overzicht
                        omvat de periode van 1 juni van het voorafgaande jaar tot en met 31 mei van
                        het jaar van toezending.</al><al><vet>Hoofdstuk 2 Procedures</vet></al><al><vet>Paragraaf 2.1 Aanvraag voorzieningen; weigeringsgronden</vet></al><al><vet>Artikel 5 Toevoegen, wijzigen en intrekken</vet></al><al>Een wijziging van de verordening die leidt tot het toevoegen, wijzigen of
                        intrekken van een voorziening, wordt uiterlijk zes weken voor de
                        indieningsdatum bekendgemaakt door het college.</al><al><vet>Artikel 6 Indiening aanvraag</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het schoolbestuur dat een voorziening voor het eerste daaropvolgend
                                tijdvak wenst, dient voor de indieningsdatum een aanvraag in bij het
                                college. De indieningsdatum is niet van toepassing indien voor de
                                voorziening is bepaald dat een indieningsdatum niet is
                                voorgeschreven. Indien de aanvraag niet voor de indieningsdatum is
                                ingediend, besluit het college om de aanvraag niet te
                                behandelen.</al></li><li nr="2."><al>De aanvraag vermeldt:</al><lijst><li nr="o"><al>a. naam en adres van het schoolbestuur;</al></li><li nr="o"><al>b. de dagtekening;</al></li><li nr="o"><al>c. de gewenste voorziening;</al></li><li nr="o"><al>d. de naam van de school en de onderwijssoort indien de
                                        voorziening is bestemd voor</al></li></lijst></li></lijst><al> een school;</al><lijst><li nr=""><al>oe. een motivering dat wordt voldaan aan de
                                toekenningscriteria.</al></li><li nr="3."><al>Bij het ontbreken van een of meer gegevens deelt het college dit
                                schriftelijk mee aan het schoolbestuur. Daarbij krijgt het
                                schoolbestuur de gelegenheid om binnen drie weken na de datum van
                                verzending van de mededeling de gegevens schriftelijk aan te vullen.
                                Indien het schoolbestuur de ontbrekende gegevens niet binnen deze
                                termijn verstrekt, beslist het college de aanvraag niet te
                                behandelen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 7 Beslissingstermijn</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college besluit binnen twaalf weken na de indieningsdatum op een
                                aanvraag. Indien ten aanzien van een voorziening geen
                                indieningsdatum is voorgeschreven, beslist het college binnen twaalf
                                weken na ontvangst van de aanvraag.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan de termijn van twaalf weken met vier weken
                                verlengen. Bij verlenging wordt uiterlijk twee weken voor het einde
                                van de termijn van twaalf weken hiervan door het college
                                schriftelijk mededeling gedaan aan het schoolbestuur. Hierbij geeft
                                het college de reden voor de verlenging aan.</al></li><li nr="3."><al>Het college stelt binnen twee weken na de datum van de beschikking
                                op de aanvraag het schoolbestuur hiervan schriftelijk in
                                kennis.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 8 Weigeringsgronden</vet></al><al>Het college weigert de voorziening in ieder geval indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de gewenste voorziening geen voorziening is in de zin van deze
                                verordening;</al></li><li nr="b."><al>niet is voldaan aan één van de toekenningscriteria;</al></li><li nr="c."><al>door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden
                                overschreden.</al></li></lijst><al><vet>Paragraaf 2.2 Aanvraag aanvullende voorzieningen;
                            weigeringsgronden</vet></al><al><vet>Artikel 9 Indiening aanvraag</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het schoolbestuur dat een aanvullende voorziening wenst, dient een
                                aanvraag in bij het college.</al></li><li nr="2."><al>Op de aanvraag is artikel 6, tweede en derde lid, van
                                toepassing.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 10 Beslissingstermijn</vet></al><al>Het college besluit binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag of binnen
                        vier weken na de verstrekking van de aanvullende gegevens. Binnen twee weken
                        na de datum van de beschikking stelt het college het schoolbestuur hiervan
                        schriftelijk in kennis.</al><al><vet>Artikel 11 Weigeringsgronden</vet></al><al>Het college weigert de aanvullende voorziening in ieder geval indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de gevraagde voorziening geen aanvullende voorziening zoals bedoeld
                                in artikel 3 is;</al></li><li nr="b."><al>niet is voldaan aan een van de toekenningscriteria.</al></li></lijst><al><vet>Paragraaf 2.3 Toekenning; </vet><vet>uitvoering beschikking
                            subsidieverlening,</vet><vet> intrekking of wijziging; verbod
                            vervreemding</vet></al><al><vet>Artikel 12 Inhoud beschikking tot toekenning; betaling</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De beschikking van het college tot toekenning van een voorziening of
                                een aanvullende voorziening kan inhouden:</al></li><li nr="a."><al>feitelijke beschikbaarstelling van de voorziening; of</al></li><li nr="b."><al>een subsidieverlening OF een subsidievaststelling.</al></li><li nr="2."><al>De beschikking bevat:</al></li><li nr="a."><al>het tijdvak en het doel waarvoor de voorziening is toegekend;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop het schoolbestuur de voorziening dient uit te
                                voeren.</al></li><li nr="3."><al>De beschikking tot subsidieverlening of subsidievaststelling bevat
                                voorts:</al></li><li nr="a."><al>het bedrag van de subsidie of indien de beschikking tot
                                subsidieverlening het bedrag niet vermeldt, het bedrag waarop de
                                subsidie ten hoogste wordt vastgesteld;</al></li><li nr="b."><al>het bedrag van het voorschot of de wijze van vaststelling daarvan
                                indien de beschikking tot subsidieverlening bepaalt dat het college
                                een voorschot verleent;</al></li><li nr="c."><al>voorzover van belang de wijze waarop rekening en verantwoording door
                                het schoolbestuur wordt afgelegd aan het college.</al></li><li nr="d."><al>de bepaling dat de wet van toepassing is en voorzover van belang
                                welke afzonderlijke bepalingen of afwijkingen hierop van kracht
                                zijn.</al></li><li nr="4."><al>De betaling van het subsidiebedrag vindt binnen zes weken na de
                                subsidievaststelling plaats.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 13 Uitvoering beschikking tot subsidieverlening</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Na een beschikking tot subsidieverlening dient het schoolbestuur
                                uiterlijk acht weken na afloop van het tijdvak waarvoor de
                                voorziening is toegekend een aanvraag tot subsidievaststelling in.
                                Het college stelt de subsidie ambtshalve vast indien de aanvraag
                                achterwege blijft.</al></li><li nr="2."><al>Bij de aanvraag toont het schoolbestuur aan dat de aan de
                                subsidieverlening verbonden verplichtingen als genoemd in artikel 12
                                zijn nagekomen.</al></li><li nr="3."><al>Indien het schoolbestuur niet of niet voldoende aantoont dat de
                                verplichtingen zijn nagekomen, deelt het college dit schriftelijk
                                mee aan het schoolbestuur. Hierbij geven zij aan op welke onderdelen
                                het schoolbestuur aanvullende informatie moet verschaffen. Daarbij
                                krijgt het schoolbestuur de gelegenheid om binnen drie weken na
                                ontvangst van de mededeling de gevraagde informatie schriftelijk te
                                verschaffen. Indien het schoolbestuur de gevraagde informatie niet
                                binnen deze termijn verstrekt, stelt het college de subsidie
                                ambtshalve vast.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 14 Subsidievaststelling volgend op verlening</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist binnen acht weken na de indiening van de
                                aanvraag als bedoeld in artikel 6 of binnen acht weken na de
                                verstrekking van de aanvullende informatie. Binnen twee weken na de
                                datum van de beschikking stelt het college het schoolbestuur hiervan
                                schriftelijk in kennis.</al></li><li nr="2."><al>Het college betaalt het subsidiebedrag onder verrekening van de
                                betaalde voorschotten, overeenkomstig de subsidievaststelling. De
                                betaling vindt binnen zes weken na desubsidievaststelling
                                plaats.</al></li></lijst><al><vet> Artikel 15 Intrekken of wijzigen beschikking; terugvordering
                        </vet></al><al>Ten aanzien van het beleid tot intrekking, wijziging, stopzetting of
                        verlaging van de afgegeven subsidiebeschikking dan wel terugvordering van
                        gegeven subsidie is titel 4:2 van de wet van
                        toepassing<cursief>.</cursief></al><al><vet>Artikel 16 Intrekken of wijzigen beschikking tot
                            subsidieverlening</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Zolang de subsidie niet is vastgesteld, kan het college een
                                beschikking tot subsidieverlening intrekken of ten nadele van het
                                schoolbestuur wijzigen, indien:</al></li><li nr="a."><al>het bepaalde in artikel 13, eerste lid, onder b en c van toepassing
                                is;</al></li><li nr="b."><al>de voorziening niet of niet geheel heeft plaatsgevonden, of zal
                                plaatsvinden;</al></li><li nr="c."><al>het schoolbestuur onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt
                                en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere
                                beschikking zou hebben geleid.</al></li><li nr="2."><al>De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip van
                                toekenning van de voorziening, tenzij bij de intrekking of wijziging
                                anders is bepaald.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 17 Verbod tot vervreemding</vet></al><al>Vervreemding door het schoolbestuur van op basis van deze verordening
                        toegekende voorzieningen, is niet toegestaan zonder toestemming van het
                        college tenzij sprake is van een overdracht van voorzieningen aan een ander
                        schoolbestuur als gevolg van samenvoeging van het betreffende schoolbestuur
                        met een ander schoolbestuur.</al><al><vet>Artikel 18 Informatieverstrekking</vet></al><al>Het schoolbestuur verstrekt op verzoek van het college nadere gegevens die
                        noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze
                        verordening.</al><al><vet>Hoofdstuk 3 Slotbepalingen</vet></al><al><vet>Artikel 19 Beslissing van het college in gevallen waarin de verordening
                            niet voorziet</vet></al><al>In gevallen, de uitvoering van de verordening betreffende, waarin deze
                        verordening niet voorziet, beslist het college.</al><al><vet>Artikel 20 Citeertitel; inwerkingtreding</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De verordening kan worden aangehaald als: Verordening materiële
                                financiële gelijkstelling onderwijs<vet> gemeente Rucphen
                                2015</vet>.</al></li><li nr="2."><al>De verordening treedt in werking met ingang van <vet>1 januari
                                    2015</vet>.</al></li></lijst></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door</ondertekening><ondertekening>de raad van de gemeente Rucphen</ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 17 december 2014</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>J.C.W.M. Rosiers-Goorden MSc.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. M. van der Meer Mohr.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>