<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR352919_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Hellevoetsluis 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hellevoetsluis</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellevoetsluis</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.officielebekendmakingen.nl">GVOP</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Hellevoetsluis 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Belemmeringenwet Privaatrecht, artikelen 5.2 en 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikelen 149, 154, 156 en 229 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-10-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2015-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>30-10-14/6A</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Hellevoetsluis
            2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nummer: 30-10-14/6A</al><al/><al>De raad der gemeente Hellevoetsluis;</al><al>gehoord de commissie wonen, werk en recreatie;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 23 september 2014,
                        nummer: 30-10-14/6;</al><al/><al>gelet op artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht, artikelen 5.2 en
                        5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikelen 149, 154, 156 en
                        229 van de Gemeentewet;</al><al/><al> besluit:</al><al/><al>vast te stellen de “Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren
                        gemeente Hellevoetsluis 2015” inzake werkzaamheden in verband met de aanleg,
                        instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen, welke luidt als
                        volgt:</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel> Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al> In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>belanghebbenden:</al><al>de bewoners (omwonenden) en bedrijfsmatige gebruikers van alle
                                    percelen, grenzend aan het tracé van kabels en/of
                                    leidingen;</al></li><li nr="b."><al>bovengrondse voorzieningen:</al><al>transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations die
                                    onderdeel uitmaken van een net of netwerk, als bedoeld in
                                    onderdeel l. van dit artikel, die bovengronds worden
                                    geplaatst;</al></li><li nr="c."><al>breekverbod:</al><al> verbod voor het uitvoeren van werkzaamheden in de grond,
                                    geldend</al><al> onder andere bij extreme weersomstandigheden of bij
                                    evenementen;</al></li><li nr="d."><al>college:</al><al> college van burgemeester en wethouders van de gemeente</al><al> Hellevoetsluis;</al></li><li nr="e."><al>coördinatieverplichting:</al><al> de coördinerende rol van de gemeente over de aanleg,
                                    instandhouding</al><al> en opruiming van kabels en/of leidingen in de gehele openbare
                                    grond binnen de gemeentelijke grenzen;</al></li><li nr="f."><al>gedoogplichtige:</al><al> degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 1
                                    van de</al><al> Belemmeringenwet Privaatrecht, artikel 5.2, eerste lid, van de
                                    Telecommunicatiewet, een publiekrechtelijke vergunning of </al><al> een privaatrechtelijke overeenkomst;</al></li><li nr="g."><al>grondroerder:</al><al> degene, waaronder de netbeheerder, onder wiens
                                    verantwoordelijkheid</al><al> werkzaamheden worden verricht;</al></li><li nr="h."><al>(huis)aansluiting:</al><al> het gedeelte van de kabel en/of leiding dat een netwerk
                                    verbindt met</al><al> een netwerkaansluitpunt (o.a. ten behoeve van een onroerende
                                    zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van
                                    de Wet Waardering Onroerende Zaken);</al></li><li nr="i."><al>instemmingsbesluit:</al><al> besluit van het college op een aanvraag van voorgenomen
                                    werkzaamheden;</al></li><li nr="j."><al>kabels en/of leidingen:</al><al> kabels en/of leidingen als onderdeel van een openbaar
                                    net(werk), ddaaronder mede begrepen de daarmee verbonden
                                    transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations,
                                    voorzieningen (afsluiters, brandkranen, lassen en overige
                                    distributie- en mutatiepunten) en andere hulpmiddelen, behoudens
                                    voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen liggen binnen de
                                    installatie van een producent of van een afnemer en tevens
                                    omvattende lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en
                                    beschermingswerken. Voorbeelden van deze kabels en leidingen
                                    zijn kabels als bedoeld in de Telecommunicatiewet,
                                    elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels),
                                    gasleidingen en waterleidingen (transport-, distributie- en
                                    dienstleidingen) en kabels en leidingen ten behoeve van
                                    industriële netwerken;</al></li><li nr="k."><al>marktconforme kosten:</al><al> kosten zoals deze onder normale omstandigheden in
                                    eenmarkteconomie op de desbetreffende markt worden gemaakt;</al></li><li nr="l."><al>net of netwerk:</al><al> samenstel van ondergrondse kabel(s) en/of leiding(en), bestemd
                                    voorhet transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen,
                                    van energie of van informatie (een elektronisch
                                    communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1. onderdelen e en
                                    h van de Telecommunicatiewet);</al></li><li nr="m."><al>netbeheerder:</al><al> de rechtspersoon die acteert als beheerder van een net of
                                    netwerk voor de levering van elektriciteit, gas, water, WKO
                                    (Warmte Koude Opslag), dan wel aanbieder is van een (al dan niet
                                    openbaar) elektronisch communicatienetwerk;</al></li><li nr="n."><al>niet-openbare kabels en/of leidingen:</al><al> kabels en/of leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze
                                    behoren) die niet gebruikt worden om openbare (voor het publiek
                                    beschikbare)</al><al>diensten aan te bieden;</al></li><li nr="o."><al>openbare gronden:</al><al> openbare gronden, als genoemd in artikel 1.1, onderdeel aa, van
                                    de Telecommunicatiewet;</al></li><li nr="p."><al>registratiesysteem:</al><al> digitaal systeem dat de gemeente gebruikt om meldingen en
                                    instemmingen van werkzaamheden aan kabels en/of leidingen en
                                    alles wat daarmee samenhangt in te verwerken door of namens de
                                    gemeente en/of de grondroerder;</al></li><li nr="q."><al>sleufloze technieken:</al><al> het maken van een holle ruimte in de grond, met behulp van een
                                    (gestuurde) boring of persing, zonder daarbij de omringende
                                    grondslag te verwijderen;</al></li><li nr="r."><al>spoedeisende werkzaamheden:</al><al>reparatie of onderhoudswerk waarvan uitstel niet mogelijk is als
                                    een ernstige belemmering of storing van de dienstverlening in
                                    het betreffende net is opgetreden;</al></li><li nr="s."><al>werkzaamheden:</al><al> handmatige en/of mechanische (graaf)werkzaamheden, inclusief
                                    het</al><al> opbreken en herstellen van de sleufverharding en sleufloze
                                    technieken </al><al> in de openbare grond in verband met de aanleg, instandhouding
                                    en </al><al> opruiming van kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="t."><al>werkzaamheden van minder ingrijpende aard:</al><al>het aanbrengen of verwijderen van kabels en/of leidingen in
                                    reeds aangebrachte voorzieningen (mantelbuizen);</al><al/><al>reparaties, onderhoudswerk of overige werkzaamheden aan kabels
                                    en/of leidingen met een gezamenlijke tracélengte tot
                                    vijfentwintig (25) meter, niet vallend onder onderdeel r. van
                                    dit artikel en waarbij geen wegen, watergangen of
                                    groenvoorzieningen volledig worden gekruist;</al><al/><al>het maken van (huis)aansluitingen, waarbij geen wegen,
                                    watergangen of groenvoorzieningen volledig worden gekruist, tot
                                    een gezamenlijke tracélengte van vijfentwintig (25) meter; </al><al/><al>het maken van een montagegat c.q. lasgat; een opbreking met
                                    beperkte afmeting, maximaal 2 m², die wordt gemaakt ten behoeve
                                    van de toegang tot een distributie- of mutatiepunt, plaatsen van
                                    afsluiters, het opgraven van een kabelrol ten behoeve van
                                    (huis)aansluitingen, voor het herstellen van kabel c.q.
                                    leidingstoringen of voor inspectiedoeleinden;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepasselijkheid</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op de procedures en voorschriften
                            voor de aanleg, instandhouding (inclusief het nemen van maatregelen,
                            waaronder het verplaatsen) en opruiming van kabels en/of leidingen in of
                            op openbare gronden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels
                                vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op: </al><lijst><li nr="a."><al>het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering bij de
                                        aanleg, instandhouding (inclusief het nemen van maatregelen,
                                        waaronder het verplaatsen) en opruiming van kabels en/of
                                        leidingen;</al></li><li nr="b."><al>het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen;</al></li><li nr="c."><al>ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden in
                                        verband met de aanleg, instandhouding (inclusief het nemen
                                        van maatregelen, waaronder het verplaatsen) en opruiming van
                                        kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="d."><al>de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die
                                        dienen te worden verstrekt. </al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2:</nr><titel>Aanvragen en melden van werkzaamheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Instemmingsvereiste</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden, zonder of in afwijking van een door het college
                                    genomen instemmingsbesluit, kabels en/of leidingen aan te
                                    leggen, in stand te houden of op te ruimen en/of bovengrondse
                                    voorzieningen te plaatsen in of op openbare gronden.</al></li><li nr="2."><al>Voor het verrichten van spoedeisende werkzaamheden of
                                    werkzaamheden van minder ingrijpende aard, als bedoeld in
                                    onderdeel r. respectievelijk t. van artikel 1, is geen
                                    instemming, als bedoeld in het eerste lid, noodzakelijk, maar
                                    kan worden volstaan met een melding vooraf aan het college.</al></li><li nr="3."><al>Binnen 12 maanden na verlening van het instemmingsbesluit moeten
                                    de werkzaamheden zijn voltooid, tenzij anders is bepaald.</al></li><li nr="4."><al>Het in het eerste lid opgenomen verbod is niet van toepassing op
                                    werkzaamheden van de gemeente bij het uitvoeren van haar
                                    publiekrechtelijke taak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanvragen en melden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten, vraagt daarvoor
                                een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel 4, aan bij het
                                college. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten kan hierover
                                vooroverleg voeren met het college ten einde de aanvraag, als
                                bedoeld in het eerste lid, voor te bereiden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de werkzaamheden ook betrekking hebben op gronden van een andere
                                gedoogplichtige dan de gemeente Hellevoetsluis wordt uiterlijk vier
                                weken na ontvangst van de aanvraag, als genoemd in het eerste lid,
                                het college schriftelijk in kennis gesteld van de uitkomsten van het
                                (voor)overleg tussen de grondroerder en de overige
                                gedoogplichtige(n). De aanvraag wordt alleen bij (een) positieve
                                uitkomst(en) in behandeling genomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Werkzaamheden van minder ingrijpende aard, als bedoeld in onderdeel
                                t. van artikel 1, dienen vijf (5) werkdagen voorafgaand aan de start
                                van de werkzaamheden gemeld te worden. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in onderdeel r. van artikel
                                1, dienen voorafgaand aan de start van de werkzaamheden gemeld te
                                worden. Als een melding vooraf niet mogelijk is, moet de melding
                                uiterlijk binnen één werkdag na de start van de uitvoering
                                gemotiveerd worden gedaan aan het college. Indien achteraf blijkt
                                dat de uitgevoerde werkzaamheden instemmingsplichtig zijn, dient er
                                alsnog een instemmingsbesluit aangevraagd te worden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als werkzaamheden worden verricht in de gebieden die staan
                                aangegeven op een bij deze verordening behorende en als zodanig
                                gewaarmerkte kaart, zijn de uitzonderingsbepalingen voor
                                spoedeisende werkzaamheden of werkzaamheden van minder ingrijpende
                                aard, als bedoeld in artikel 4 tweede lid, niet van toepassing.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gegevensverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het aanvragen van een instemmingsbesluit, als bedoeld in
                                artikel 4, eerste lid, dient gebruik te worden gemaakt van daartoe
                                door het college vastgestelde (digitale) formulieren en/of
                                registratiesysteem. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een aanvraag voor een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel
                                4, eerste lid, dienen de volgende gegevens te worden verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>een schriftelijke machtiging als het een aanvraag betreft
                                        voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of
                                        leidingen voor of namens een netbeheerder;</al></li><li nr="b."><al>naam-, adres- en woonplaatsgegevens van de netbeheerder en
                                        van de grondroerder(s) c.q. (onder)aannemer(s) die belast
                                        zijn met de werkzaamheden, alsmede de naam en het
                                        telefoonnummer van een Nederlands sprekende contactpersoon
                                        van de grondroerder;</al></li><li nr="c."><al>een opgave van het aantal, de soort en het beoogde gebruik
                                        van de kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van belanghebbenden en instanties die vooraf
                                        in kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van
                                        aanvang, beëindiging en aard van de werkzaamheden;</al></li><li nr="e."><al>een verkeers-, werk- en tijdsplan inclusief een overzicht
                                        van volledig af te sluiten straten;</al></li><li nr="f."><al>een voorstel voor de locatie van een opslagterrein (indien
                                        van toepassing);</al></li><li nr="g."><al>een uitvoeringsplan met daarin opgenomen:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>een GBKN tekening (DWG- of PDF-formaat met schaal 1
                                                op 500) met legenda en eenduidige en volledige
                                                maatvoering (RD-coördinaten) met daarop aangegeven
                                                een opgave van het gewenste tracé;</al></li><li nr="-"><al>de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek
                                                betreffende de beschikbare ruimte;</al></li><li nr="-"><al>de maatregelen die de bereikbaarheid van in de
                                                openbare gronden aanwezige kabels en/of leidingen
                                                waarborgen;</al></li><li nr="-"><al>een opgave van de objecten (distributie- en/of
                                                mutatiepunten, brandkranen, bovengrondse
                                                voorzieningen en de afmetingen daarvan, enzovoorts)
                                                zowel van permanente als tijdelijke aard, die ten
                                                tijde van de werkzaamheden worden geplaatst en de
                                                situering daarvan op de tekening;</al></li><li nr="-"><al>een opgave van de tijdelijk aan te brengen
                                                voorzieningen (zoals b.v. damwanden, sleufbekisting,
                                                enzovoorts);</al></li><li nr="-"><al>of een gesloten verharding opengebroken dient te
                                                worden;</al></li><li nr="-"><al>of bronneringswater op het gemeentelijk rioolstelsel
                                                moet worden geloosd;</al></li><li nr="-"><al>de doorsnede van de kabel en/of leiding(goot) en
                                                lengte en breedte van de te graven sleuf;</al></li><li nr="-"><al>een omschrijving van eventuele opbrekingen;</al></li><li nr="-"><al>de voorgenomen datum van aanvang en beëindiging van
                                                de werkzaamheden.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de werkzaamheden betrekking hebben op kabels van
                                elektronische communicatienetwerken dienen, aanvullend op het tweede
                                lid, bij de aanvraag tevens de volgende gegevens te worden
                                verstrekt:</al><lijst><li nr="-"><al>een opgave van het aantal kabels dat direct in gebruik wordt
                                        genomen en een opgave van het aantal kabels dat niet direct
                                        in gebruik wordt genomen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor een melding, als bedoeld in artikel 4, tweede lid (spoedeisende
                                werkzaamheden en werkzaamheden van minder ingrijpende aard), dient
                                gebruik te worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde
                                (digitale) formulieren en/of registratiesysteem. </al><al>De volgende gegevens dienen daarbij te worden verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>een schriftelijke machtiging indien het een aanvraag betreft
                                        voor de aanleg, instandhouding of opruiming van kabels en/of
                                        leidingen voor of namens een netbeheerder;</al></li><li nr="b."><al>naam, adres en woonplaatsgegevens van de netbeheerder en van
                                        de grondroerder(s) c.q. (onder)aannemer(s) die belast zijn
                                        met de werkzaamheden, alsmede de naam en het telefoonnummer
                                        van een Nederlands sprekende contactpersoon van de
                                        grondroerder;</al></li><li nr="c."><al>het adres van de graaflocatie;</al></li><li nr="d."><al>een tekening, PDF-formaat, schaal 1 op 500, met daarop
                                        aangegeven het gewenste tracé;</al></li><li nr="e."><al>de dagtekening van de melding;</al></li><li nr="f."><al>de lengte en breedte van de sleuf die wordt
                                        opengebroken;</al></li><li nr="g."><al>het oppervlak dat wordt opengebroken indien het alleen een
                                        montagegat c.q. lasgat betreft.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een beslissing op een aanvraag voor een instemmingsbesluit wordt
                                genomen uiterlijk acht weken na de dag van ontvangst van de
                                aanvraag. De aanvraag voor een instemmingsbesluit voor werkzaamheden
                                ten behoeve van een openbaar elektronisch communicatienetwerk geldt
                                als melding als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, onderdeel a van
                                de Telecommunicatiewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Betreft het een aanvraag waarbij meerdere gedoogplichtigen zijn
                                betrokken dan beslist het college binnen acht weken na de dag van
                                ontvangst van de volledige aanvraag. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, houdt het college
                                de beslissing aan, indien er in verband met de voorgenomen
                                werkzaamheden een of meerdere vergunning(en), ontheffing(en) of
                                toestemming(en) op grond van overige wetgeving is of zijn vereist.
                                Het vorenstaande geldt niet als de beschikking op een aanvraag van
                                de vergunning(en), ontheffing(en) of toestemming(en) al is gegeven
                                en de in artikelen 6:7 en 6:9 van de Algemene wet bestuursrecht
                                genoemde termijnen zijn verstreken zonder dat bezwaren zijn
                                ingediend. Deze aanhouding eindigt na afloop van de bezwarentermijn,
                                tenzij er bezwaren zijn ingediend en tevens is verzocht om een
                                voorlopige voorziening, in dat geval eindigt de aanhouding met
                                ingang van de dag nadat op dat verzoek is beslist.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven,
                                deelt het college dit schriftelijk gemotiveerd aan de aanvrager mede
                                en noemt het daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking
                                wel tegemoet kan worden gezien.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
                                beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Voorschriften en beperkingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bepaalde in dit artikel geldt niet indien hierin reeds is
                                voorzien in de Telecommunicatiewet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan aan het instemmingsbesluit en aan meldingsplichtige
                                werkzaamheden nadere voorschriften of beperkingen verbinden in het
                                belang van: </al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de
                                        verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het
                                        verkeer;</al></li><li nr="c."><al>het voorkomen of beperken van schade of overlast; waaronder
                                        mede verstaan wordt de bescherming van eventuele
                                        archeologische vondsten, van groenvoorzieningen, bomen en
                                        beplantingen en van het uiterlijke aanzien van de
                                        omgeving;</al></li><li nr="d."><al>de bereikbaarheid van gronden of gebouwen; waaronder mede
                                        verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare
                                        gronden en gebouwen en het doelmatig beheer en onderhoud
                                        ervan en het belang van nader aan te geven evenementen;</al></li><li nr="e."><al>de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt het
                                        zo min mogelijk hinder veroorzaken voor reeds in de grond
                                        aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder
                                        noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder mede
                                        verstaan worden werken ten behoeve van de riolering en de
                                        levering of het transport van elektronische informatie, gas,
                                        water en elektriciteit.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorschriften of beperkingen, zoals genoemd in het tweede lid,
                                kunnen slechts betrekking hebben op: </al><lijst><li nr="a."><al>het tijdstip, de plaats en wijze van uitvoering bij de
                                        aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of
                                        leidingen;</al></li><li nr="b."><al>het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en
                                        geleidingen, die door derden of de gemeente Hellevoetsluis
                                        tegen marktconforme prijzen ter beschikking worden
                                        gesteld;</al></li><li nr="c."><al>afstemming met betrekking tot overige in de grond aanwezige
                                        werken;</al></li><li nr="d."><al>afmetingen van kasten en andere toebehoren behorende bij het
                                        netwerk.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De grondroerder dient belanghebbenden, zoals bedoeld in onderdeel a.
                                van artikel 1, ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden
                                schriftelijk te informeren over aanvang, duur, aard en plaats van de
                                werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De wijze van uitvoering bij de aanleg, instandhouding (inclusief het
                                nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen) en opruiming van
                                kabels en/of leidingen en medegebruik van voorzieningen moet
                                gebeuren conform de in de gemeente van toepassing zijnde nadere
                                regels zoals bedoeld in artikel 3. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De grondroerder is verplicht na het einde van de werkzaamheden de
                                grond, eventuele verhardingen en beplanting terug te brengen in de
                                oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hier
                                (gedeeltelijk) zelf zorg voor te willen dragen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>(Mede)gebruik van voorzieningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een grondroerder maakt op verzoek van het college bij de aanleg of
                                instandhouding van kabels en/of leidingen in openbare gronden zoveel
                                mogelijk (mede)gebruik van bestaande, hetzij door overige
                                netbeheerders dan wel door of in opdracht van het college
                                aangelegde, voorzieningen indien dit technisch haalbaar is en
                                medegebruik geen belemmering vormt voor de veiligheid,
                                toegankelijkheid en leveringszekerheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het vooroverleg als bedoeld in artikel 5, tweede lid, dan wel een
                                door het college geïnitieerd overleg naar aanleiding van een
                                aanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, is er mede op gericht
                                te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan
                                worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van
                                nieuwe kabels en/of leidingen, dient de grondroerder een alternatief
                                tracé te kiezen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel><vet>Nadeelcompensatie</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bepaalde in dit artikel geldt niet indien hierin reeds is
                                voorzien in de Telecommunicatiewet</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op het nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen, ten aanzien
                                van kabels en/of leidingen in of op openbare gronden gelden de
                                volgende bepalingen (tenzij en voor zover daarover andersluidende
                                afspraken zijn overeengekomen tussen partijen):</al><lijst><li nr="a."><al>De netbeheerder is verplicht op aanwijzing van het college
                                        over te gaan tot het nemen van maatregelen, waaronder het
                                        verplaatsen, ten aanzien van kabels en/of leidingen ten
                                        dienste van zijn netwerk;</al></li><li nr="b."><al>Eventuele nadeelcompensatie wordt verleend op basis van een
                                        publiekrechtelijke regeling of schriftelijk vastgelegde
                                        (privaatrechtelijke) afspraken;</al></li><li nr="c."><al>Nadeelcompensatie wordt verder uitsluitend verleend op basis
                                        van een gespecificeerd kostenoverzicht;</al></li><li nr="d."><al>Het college en de netbeheerder zullen bij verwijdering,
                                        verlegging of aanpassing van kabels en/of leidingen elkaars
                                        schade zo veel mogelijk beperken;</al></li><li nr="e."><al>Na een aanwijzing tot het nemen van maatregelen ten aanzien
                                        van kabels en/of leidingen gaat de netbeheerder zo snel
                                        mogelijk over tot de uitvoering, doch niet later dan dertien
                                        (13) weken na de datum van ontvangst van de aanwijzing.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel><vet>Breekverbod</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als er sprake is van extreme weersomstandigheden of bijvoorbeeld
                                evenementen is het college bevoegd een breekverbod in te stellen. De
                                vaststelling dat er sprake is van extreme weersomstandigheden is een
                                bevoegdheid van het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tijdig of in ieder geval één dag voor beëindiging van het
                                breekverbod, zal het college de betrokken grondroerders hierover
                                informeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien er sprake is van een breekverbod is het verboden
                                werkzaamheden uit te voeren in de openbare grond en/of
                                bestrating.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het breekverbod is niet van toepassing in geval van spoedeisende
                                werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing en
                                waarvan uitstel niet mogelijk is. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel><vet>Eigendom</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien eigendom, exploitatie of beheer van de kabel en/of leiding
                                wordt overgedragen aan een andere netbeheerder, gaan de rechten en
                                plichten volgens deze verordening die betrekking hebben op de kabel
                                en/of leiding van rechtswege over op de nieuwe netbeheerder.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld in kennis van het feit
                                dat het eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel of
                                leiding verandert.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op het eigendom van de kabels en/of leidingen zijn de desbetreffende
                                wettelijke bepalingen van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel><vet>Niet-openbare kabels en/of leidingen</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en
                                opruiming van niet-openbare kabels en/of leidingen in openbare
                                gronden is het bepaalde in deze verordening van overeenkomstige
                                toepassing. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het opnemen van het eerste lid van dit artikel in deze verordening
                                houdt geen gedoogplicht in voor de gemeente Hellevoetsluis met
                                betrekking tot niet-openbare kabels en/of leidingen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel><vet>Informatieplicht</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld en schriftelijk in
                                kennis van het feit dat een kabel en/of leiding niet langer ten
                                dienste staat van een net of netwerk in of op openbare gronden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In dit kader kan van de netbeheerder een overzicht van alle (niet)
                                in gebruik zijnde kabels en/of leidingen worden verlangd. De
                                bewijslast van ingebruikname ligt bij de netbeheerder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel><vet>Overleg</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college organiseert periodiek een overleg, waarvoor in elk geval
                                de bij de gemeente Hellevoetsluis bekende netbeheerders en andere
                                betrokken of belanghebbende partijen worden uitgenodigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In dit overleg worden de plannen van de gemeente Hellevoetsluis en
                                van de diverse netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende
                                partijen besproken en eventueel afgestemd in het kader van de
                                bepalingen van deze verordening. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Handhavings- en toezichtbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel><vet>Toezicht en handhaving</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast de bij besluit van het college
                                aangewezen personen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college vaststelt dat de verplichtingen van deze
                                verordening niet zijn nagekomen, kan het college besluiten
                                handhavend op te treden met inachtneming van de bepalingen zoals
                                vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel><vet>Naleving voorschriften</vet></titel></kop><al>Indien een grondroerder zich niet houdt aan de voorschriften en
                            beperkingen uit het instemmingsbesluit, kan het college het
                            instemmingsbesluit intrekken. Het college gaat niet over tot intrekking
                            van het instemmingsbesluit voordat het college de houder van het
                            instemmingsbesluit heeft gehoord. Aan het besluit tot intrekking van het
                            instemmingsbesluit kan de verplichting worden verbonden om de
                            betreffende kabel(s) te verleggen/verplaatsen of deze te
                            verwijderen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel><vet>Bevoegdheid college</vet></titel></kop><al>Het college is bevoegd de werkzaamheden stil te leggen, indien er wordt
                            gewerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder instemmingsbesluit of zonder toestemming ingeval van
                                    meldingsplicht;</al></li><li nr="b."><al>in afwijking van de voorschriften van het
                                    instemmingsbesluit;</al></li><li nr="c."><al>in afwijking van de nadere regels;</al></li><li nr="d."><al>in strijd met het geldende breekverbod.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel><vet>Inwerkingtreding</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na
                                bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de datum van inwerkingtreding van de in het eerste lid genoemde
                                verordening wordt de huidige Telecommunicatieverordening van de
                                gemeente Hellevoetsluis 2009, zoals vastgesteld in de
                                raadsvergadering van 10 december 2009, ingetrokken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel><vet>Overgangsbepalingen</vet></titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in stand te houden kabels en/of leidingen in of op openbare
                                gronden, voor zover deze zijn gemeld of aangevraagd en aangelegd met
                                toepassing van verleende vergunningen, instemmingsbesluiten en/of op
                                basis van andere aantoonbare en gelegaliseerde afspraken met de
                                gemeente, zoals die hebben gegolden tot de inwerkingtreding van deze
                                verordening, worden per ingang van deze verordening eveneens
                                beheerst door de regels van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op aanvragen, als bedoeld in het eerste lid, waarop bij de
                                inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met
                                toepassing van deze verordening een beslissing genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel><vet>Hardheidsclausule</vet></titel></kop><al>Het college heeft de bevoegdheid op grond van afweging van de te
                            behartigen belangen en met in acht name van de redelijkheid en
                            billijkheid in incidentele en te motiveren gevallen af te wijken van de
                            bepalingen van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: </al><al>"Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente
                            Hellevoetsluis 2015".</al><al/><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 30 oktober 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening> de griffier, </ondertekening><ondertekening> H.J. van der Wel. </ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>ir. W.J. Tempel.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente
                        Hellevoetsluis 2015</titel></kop><al>Niet alle (sub)artikelen worden automatisch van een toelichting voorzien. Er
                    wordt slechts een toelichting gegeven indien een nadere uitleg noodzakelijk
                    wordt geacht.</al><al/><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Het doel van deze toelichting is om informatie, aanvulling en nadere uitleg te
                    verstrekken met betrekking tot de Algemene Verordening Ondergrondse
                    Infrastructuren (AVOI), zowel voor gebruik binnen de gemeente als voor de
                    netbeheerders. De actuele versie van de toelichting is steeds bepalend.</al><al/><al>De AVOI heeft als doel de regie en coördinatie uniform te regelen met betrekking
                    tot werkzaamheden die nodig zijn voor de aanleg, instandhouding en opruiming van
                    alle kabels en/of leidingen in openbare gronden binnen de gemeentegrenzen. </al><al/><al>De AVOI reguleert de werkzaamheden in de openbare ruimte, waarbij de
                    (weg)verharding, maar ook bermen en groenvoorzieningen etc. wordt opgebroken. De
                    AVOI is onder andere gericht op: minimalisatie van overlast en maatschappelijke
                    kosten ten gevolge van werkzaamheden in de openbare ruimte; meer grip en sturing
                    op werkzaamheden; het waarborgen van bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en
                    communicatie tijdens werkzaamheden; uniforme regels en sanctiemogelijkheden en
                    een efficiënt gebruik van de openbare ruimte. </al><al/><al>Belangrijk uitgangspunt is dat werkzaamheden alleen in de openbare ondergrond
                    mogen worden uitgevoerd na voorafgaand akkoord van de gemeente. </al><al>Volgens de AVOI wordt iedere aanvraag van elke netbeheerder eenduidig behandeld.
                    Het verschil in wettelijke grondslag (Telecommunicatiewet en andere) is geen
                    reden om de aanvragen verschillend te behandelen. De AVOI geeft ook invulling
                    aan de conform de Telecommunicatiewet verplichte
                    Telecommunicatieverordening.</al><al/><tussenkop>Kaders voor de gemeentelijke bevoegdheden en rollen</tussenkop><al>De gemeentelijke bevoegdheden vloeien voort uit de Gemeentewet, de
                    Belemmeringenwet Privaatrecht, de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene
                    Plaatselijke Verordening, de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten
                    (WION), de Telecommunicatiewet en uit (eventuele) contractuele afspraken met
                    netbeheerders. </al><al>De gemeente is in vele rollen betrokken bij werkzaamheden in de openbare ruimte
                    onder andere als grondeigenaar, ruimtelijk planner, aanlegger van
                    infrastructuur, bodembeschermer, etcetera. In het belang van de gemeente,
                    burgers, bedrijven en netbeheerders moet een zorgvuldig, uniform en integraal
                    beleid gevoerd worden bij voorbereiding, uitvoering en nazorg van werkzaamheden
                    in openbare gronden. </al><al/><al>Ondanks de verschillende uitgangsposities van partijen wordt door de gemeente
                    harmonisering en uniformering en gelijke behandeling nagestreefd. Het opbreken
                    van de openbare ruimte dient tot zo min mogelijk overlast en schade te leiden,
                    met waarborging van veiligheid en bereikbaarheid en voorkoming van verstoring
                    van openbare orde en ondergrondse ordening. </al><al>De grondroerders zijn verantwoordelijk voor juiste en tijdige gegevensverwerking
                    en moeten voldoen aan de wettelijke plicht tot zorgvuldig graven. Ten aanzien
                    van het ontwerp, voorbereiding, uitvoering en beheer van de werkzaamheden dient
                    daarom voldaan te worden aan de uniforme (uitvoerings-)eisen die door de
                    gemeente zijn vastgelegd in het Handboek Kabels &amp; Leidingen.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 1: Inleidende bepalingen</tussenkop><al/><al>Artikel 1 Begripsbepalingen</al><al><vet>Breekverbod</vet></al><al>In de verordening zijn bepalingen over het breekverbod opgenomen die het college
                    de bevoegdheid geeft een verbod op te leggen tot uitvoering van werkzaamheden
                    bij extreme weersomstandigheden (bijvoorbeeld wateroverlast, zware sneeuwval of
                    ijzel, strenge vorst) of tijdens b.v. feest- of gedenkdagen, evenementen of
                    beperking van overlast voor winkeliers. Dat wil zeggen dat er niet in de grond
                    gegraven mag worden zolang het breekverbod geldt. Een nadere omschrijving van
                    het breekverbod is opgenomen in de nadere regels.</al><al/><tussenkop>College </tussenkop><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd de taken voortvloeiende
                    uit de AVOI af te handelen, waarbij deze voor wat betreft de uitvoering naar
                    wens en behoefte uit praktische overweging gemandateerd kunnen worden aan één of
                    meer daartoe aangewezen ambtenaren.</al><al/><tussenkop>Gedoogplichtige</tussenkop><al>De gemeentelijke betrokkenheid is vooral gericht op haar rol als beheerder van
                    de openbare gronden. In deze hoedanigheid is de gemeente voor wat betreft de
                    elektronische openbare communicatienetwerken de gedoogplichtige althans voor
                    zover van toepassing conform de Telecommunicatiewet. Het begrip gedoogplichtige
                    slaat daarnaast ook op partijen die bijvoorbeeld krachtens de Belemmeringenwet
                    Privaatrecht gedoogplichtig zijn. Gedoogplichtigen moeten de aanleg,
                    instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen toestaan in en op hun
                    gronden.</al><al/><tussenkop>Grondroerder</tussenkop><al>De grondroerder is de partij die daadwerkelijk de werkzaamheden verricht of laat
                    verrichten. </al><al>Dit zal vaak een aannemer of installateur zijn, maar het kan ook een interne
                    afdeling van een netbeheerder betreffen als die dergelijke werkzaamheden zelf
                    uitvoeren. Als een grondroerder namens een netbeheerder optreedt, wordt nu
                    expliciet naar een machtiging gevraagd, dit ter wille van rechtszekerheid en
                    rechtsgeldigheid. Ook kan de grondroerder een partij zijn die voor eigen naam en
                    rekening netwerken aanlegt, maar niet zelf exploiteert en het netwerk of
                    netwerkcapaciteit daarna verhuurt of verkoopt. De grondroerder is verplicht om
                    een melding van de voorgenomen werkzaamheden te verzorgen richting het college
                    en eventuele overige betrokken partijen. De grondroerder dient over een
                    instemmingsbesluit te beschikken voor aanvang van de werkzaamheden. </al><al/><tussenkop>(Huis)aansluiting</tussenkop><al>(Huis)aansluitingen worden door de relatief beperkte omvang van de werkzaamheden
                    uitgezonderd van diverse algemene regels van de AVOI. Daarvoor is een lichter
                    formeel regime van toepassing waarvoor nadere kaders zijn gesteld.</al><al/><tussenkop>Instemmingsbesluit</tussenkop><al>Werkzaamheden als bedoeld in deze verordening moeten vooraf (digitaal) gemeld
                    worden, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen: </al><lijst><li nr="·"><al>reguliere werkzaamheden;</al></li><li nr="·"><al>werkzaamheden van minder ingrijpende aard;</al></li><li nr="·"><al>spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of
                            storing. </al></li></lijst><al>Voor de reguliere werkzaamheden geldt dat pas gestart mag worden met die
                    werkzaamheden als op basis van een aanvraag een instemmingsbesluit is verleend.
                    De gemeente hanteert in het algemeen een doorlooptijd van acht weken voor
                    aanvragen voor reguliere werkzaamheden.</al><al>Voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard is geen instemmingsbesluit
                    noodzakelijk maar kan worden volstaan met een (digitale) melding vooraf. Na
                    melding kan in het algemeen binnen een termijn van vijf (5) werkdagen met de
                    werkzaamheden gestart worden.</al><al>Voor spoedeisende werkzaamheden kan het zo zijn dat melden vooraf onmogelijk is.
                    Alleen in dit uitzonderingsgeval is het toegestaan het werk achteraf te melden.
                    Echter, indien achteraf blijkt dat de uitgevoerde werkzaamheden omvangrijk zijn
                    geweest en dus instemmingsplichtig zijn, dient er achteraf alsnog een
                    instemmingsbesluit aangevraagd te worden.</al><al/><tussenkop>Kabels en/of leidingen</tussenkop><al>Verzamelbegrip; Kabels en/of leidingen zijn onderdeel van een openbaar totaal
                    net(werk), daaronder ook begrepen de daarmee verbonden transformator-, schakel-,
                    verdeel- en onderstations, voorzieningen (afsluiters, brandkranen, lassen, etc.)
                    en andere hulpmiddelen, behalve voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen
                    liggen binnen de installatie van een producent of van een afnemer. Ook
                    omvattende: lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken (zoals mantelbuizen,
                    kabelgoten, handholes, lasdozen, duikers) en beschermingswerken. Voorbeelden van
                    kabels en/of leidingen zijn telecommunicatie- en omroepkabels,
                    elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen en
                    waterleidingen (transport-, distributie- en dienstleidingen) en kabels en
                    leidingen voor industriële netwerken. Inhoudelijk is er procedureel geen
                    onderscheid gemaakt in de begrippen kabels en/of leidingen.</al><al/><tussenkop>Marktconforme kosten</tussenkop><al>Dit begrip is relevant vanwege het nagestreefde stimuleren van het medegebruik
                    van bestaande voorzieningen (van de gemeente zelf of van derde partijen).
                    Partijen kunnen worden verplicht daarvan gebruik te maken, met dien verstande
                    dat (aansluitend bij de Telecommunicatiewet) de te betalen vergoeding
                    marktconform dient te zijn.</al><al/><tussenkop>Net of netwerk</tussenkop><al>De definitie is afgeleid van de omschrijving zoals die gehanteerd wordt in de
                    Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION). De omschrijving maakt
                    met name duidelijk dat het om ondergrondse netten gaat, en dan zowel de
                    distributie- en transportnetten voor energie (gas, water, elektriciteit) als de
                    elektronische communicatienetwerken (zoals specifiek geregeld in en krachtens de
                    Telecommunicatiewet). In de tekst wordt geen inhoudelijk onderscheid gemaakt
                    tussen de termen net en netwerk.</al><al/><tussenkop>Netbeheerder</tussenkop><al>Het begrip netbeheerder wordt gehanteerd als uniforme term voor de beheerders
                    van de netten voor de levering van water en energie en tevens de aanbieders van
                    (niet-)openbare elektronische communicatienetwerken. Vaak zal de netbeheerder in
                    het geval van voorgenomen werkzaamheden de rol van opdrachtgever op zich nemen.
                    In aansluiting bij de recente wet- en regelgeving op het gebied van graafrechten
                    wordt de opdrachtgever meer dan voorheen (mede-)verantwoordelijk gehouden voor
                    een juiste uitvoering en naleving van de rechten en verplichtingen met
                    betrekking tot werkzaamheden.</al><al/><tussenkop>Openbare gronden</tussenkop><al>Hiertoe worden conform de wettelijke omschrijving gerekend de openbare wegen
                    inclusief trottoirs/voetpaden, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten,
                    duikers, tunnels, beschoeiingen en andere werken, evenals wateren inclusief
                    bruggen, plantsoenen, pleinen en andere plaatsen die voor eenieder toegankelijk
                    zijn (ook wel openbare ruimte genoemd).</al><al/><tussenkop>Spoedeisende werkzaamheden</tussenkop><al>Hiervoor geldt een lichter procedureel regime. De netbeheerder moet duidelijk
                    maken datdit werk redelijkerwijs geen uitstel kan dulden op grond van de
                    aangegeven belangen.</al><al/><tussenkop>Werkzaamheden</tussenkop><al>(Graaf)werkzaamheden in de openbare grond, inclusief het opbreken en herstel van
                    de sleufverharding en sleufloze technieken in verband met de aanleg,
                    instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen. Hoewel gezien de
                    consequenties ervan de regelingen van de AVOI vooral betrekking hebben op
                    mechanische werkzaamheden vallen handmatige werkzaamheden er ook onder. Deze
                    zijn vaak van toepassing op het werken nabij bomen of groenvoorzieningen en de
                    separaat onderscheiden categorieën spoedeisende werkzaamheden of minder
                    ingrijpende werkzaamheden.</al><al>Tot de werkzaamheden die deze AVOI betreffen behoren eveneens de werkzaamheden
                    in verband met het medegebruik van voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten
                    of geleidingen. </al><al>Vanuit de te behartigen belangen kan het nastreven of voorschrijven van
                    medegebruik door de gemeente gestimuleerd worden.</al><al/><tussenkop>Werkzaamheden van minder ingrijpende aard</tussenkop><al>Het onderscheid tussen werkzaamheden van al dan niet ingrijpende aard vloeit
                    voort uit artikel 5.4, vijfde lid, van de Telecommunicatiewet. Naast
                    (huis)aansluitingen (tot een bepaalde lengte) worden andere minder ingrijpende
                    werkzaamheden aan een lichter regime onderworpen, omdat ze veelal slechts
                    gedurende relatief korte tijd in een beperkt gedeelte van het netwerk worden
                    verricht, en waarvan de impact relatief beperkt en kortstondig is. Voor deze
                    minder ingrijpende werkzaamheden geldt een verkorte procedure. De definitie
                    geeft op hoofdlijnen aan voor welke situaties deze lichtere procedure van
                    toepassing kan zijn. Vaak gaat het om werkzaamheden aan reeds bestaande kabels
                    en/of leidingen en betreft het een beperkte lengte of oppervlakte die niet of
                    nauwelijks het normale gebruik van de openbare gronden beperkt. Daarbij kan van
                    belang zijn of rijbanen en andere verhardingen, wateren of groenvoorzieningen
                    gekruist worden of dat boringen noodzakelijk zijn.</al><al/><tussenkop>Overige begripsbepalingen </tussenkop><al>Behoeven geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 2 Toepasselijkheid</al><al>Deze AVOI geeft invulling aan de wettelijke verplichting voor de gemeente om een
                    Telecommunicatieverordening op te stellen. Vooralsnog is niet voorzien in een
                    algemene wettelijke grondslag voor een vergelijkbare regeling voor de
                    energienetten en waterleidingen. Daarom wordt vooruitlopend op mogelijke
                    toekomstige nationale basisregelgeving hiermee voorzien in uniforme afspraken
                    met daarbij een zo gelijk mogelijke behandeling van alle netbeheerders. </al><al/><al>Daarnaast heeft de gemeente een coördinatieverplichting met betrekking tot de
                    aanleg, instandhouding en opruiming van alle kabels en/of leidingen in de gehele
                    openbare grond binnen de gemeentelijke grenzen. Onder het uitvoeren van de
                    coördinerende rol worden o.a. werkzaamheden verstaan als een onderzoek naar de
                    haalbaarheid van het gevraagde tracé en het onderzoeken of meerdere partijen
                    tegelijkertijd gebruik willen maken van het tracé. Ook worden, indien
                    noodzakelijk, voor het uiteindelijke tracé aanvullende uitvoeringseisen gesteld.
                    De feitelijke situatie is zo dat de fysieke ondergrond vol raakt met een
                    veelheid aan kabels en/of leidingen, dit maakt betere afstemming van
                    werkzaamheden en belangen noodzakelijk.</al><al/><al>Artikel 3 Nadere regels</al><al>Het college krijgt de mogelijkheid toegekend door de raad om in voorkomende
                    gevallen nadere regels ter uitvoering van deze verordening vast te stellen. </al><al/><al>Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op:</al><lijst><li nr="·"><al>het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering bij de aanleg,
                            instandhouding (inclusief het nemen van maatregelen, waaronder het
                            verplaatsen) en opruiming van kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="·"><al>het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen;</al></li><li nr="·"><al>ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden in verband met de
                            aanleg, instandhouding (inclusief het nemen van maatregelen, waaronder
                            het verplaatsen) en opruiming van kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="·"><al>de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die dienen te
                            worden verstrekt.</al><al/></li></lijst><al><vet><cursief>Hoofdstuk 2: Aanvragen en melden van
                    werkzaamheden</cursief></vet></al><al/><al>Artikel 4 Instemmingsvereiste</al><al>Uitgangspunt is dat werkzaamheden in de openbare ruimte verboden zijn, tenzij
                    menbeschikt over een instemmingsbesluit. Het in de Telecommunicatiewet
                    vastgelegde principe van graafrechten in relatie tot de vereiste instemming van
                    het college is vertaald naar de AVOI en wordt toegepast op werkzaamheden van
                    alle netbeheerders. Conform het wettelijk bepaalde geldt dat die instemming
                    betrekking heeft op de plaats, het tijdstip en de wijze van uitvoering van de
                    werkzaamheden.</al><al/><al>Het onderscheid tussen reguliere werkzaamheden, werkzaamheden van minder
                    ingrijpende aard en spoedeisende werkzaamheden wordt m.b.t. de
                    instemmingsprocedure in dit artikel duidelijk gemaakt. Tot de minder ingrijpende
                    werkzaamheden (en spoedeisende werkzaamheden) behoren werkzaamheden waarvoor
                    gedurende niet meer dan een korte tijd in een beperkt gedeelte van het netwerk
                    werkzaamheden worden verricht en waarvan de impact voor de omgeving relatief
                    beperkt en kortstondig is. Er wordt als norm een lengte van de kabels en/of
                    leidingen korter of gelijk aan 25 meter gehanteerd en daarbij mogen geen
                    verhardingen of groenvoorzieningen worden gekruist. </al><al>Bij spoedeisende werkzaamheden kan het voorkomen dat melden vooraf onmogelijk
                    is.</al><al/><al>Binnen 12 maanden na verlening van het instemmingsbesluit moeten de
                    werkzaamheden zijn voltooid. Hiervan kan worden afgeweken indien de aard van de
                    werkzaamheden dit noodzakelijk maken, bijvoorbeeld bij de aanleg van
                    grootschalige glasvezelnetwerken. </al><al/><al>Voor werkzaamheden rond de kabels en/of leidingen van de gemeente zelf -zoals de
                    riolering- maar ook eventuele andere kabels en/of leidingen, is om praktische
                    redenen de verordening (en het daarin opgenomen graafverbod) niet procedureel
                    van toepassing. Om redenen van effectiviteit en kwaliteit is het wel zeer
                    wenselijk dat waar mogelijk binnen de gemeente afspraken en procedures worden
                    gemaakt om de doelen van deze verordening ook intern zoveel mogelijk na te
                    leven.</al><al/><al>Artikel 5 Aanvragen en melden</al><al>In het artikel wordt aangegeven dat de aanvraag van de voorgenomen werkzaamheden
                    bij het college moet worden gedaan. Dat kan bij het college of bij de daarvoor
                    gemandateerde ambtenaren.</al><al/><al>Voor spoedeisende werkzaamheden en storingen wordt een uitzondering gemaakt.
                    Deze moeten zoveel mogelijk voor aanvang van de werkzaamheden gemeld worden, als
                    dit niet mogelijk is moet dit in ieder geval binnen één werkdag na uitvoering
                    van de werkzaamheden zijn gedaan.</al><al/><al>In dit artikel wordt beschreven dat de voorgenomen werkzaamheden ook betrekking
                    kunnen hebben op openbare gronden van andere gedoogplichtigen dan de gemeente.
                    Omdat de gemeente coördinatieplicht heeft over alle openbare gronden binnen de
                    gemeentelijke grenzen moet voor alle voorgenomen werkzaamheden in openbare grond
                    een aanvraag voor een instemmingsbesluit worden gedaan. Dit geldt dus ook in het
                    geval dat voorgenomen werkzaamheden zich beperken tot bijvoorbeeld openbare
                    gronden van de Provincie of Waterschap. De grondroerder is allereerst zelf
                    verantwoordelijk voor afstemming en overeenstemming met alle betrokken
                    gedoogplichtigen. De grondroerder doet ook schriftelijk een terugkoppeling
                    (inclusief instemming) aan het college toekomen over de uitkomst van het overleg
                    dat is gevoerd met alle betrokken gedoogplichtigen. Zonder terugkoppeling kan
                    het college geen instemmingsbesluit afgeven. Ook kan de situatie aan de orde
                    zijn dat er naast het instemmingsbesluit ook nog andere vergunningen aangevraagd
                    moeten worden voor aanvang van de werkzaamheden.</al><al>Als de grondroerder daar om verzoekt kan de gemeente inhoudelijke afstemming van
                    de beoordeling van de aanvragen bij andere bestuursorganen nastreven. De
                    grondroerder blijft zelf verantwoordelijk voor de afstemming met private
                    partijen. </al><al/><al>Artikel 6 Gegevensverstrekking</al><al>In dit artikel is verduidelijkt op welke wijze een aanvraag moet worden gedaan
                    en welke gegevens daarbij verstrekt moeten worden. Het betreft informatie die de
                    gemeente als beheerder van de openbare gronden nodig heeft om een juiste
                    beoordeling te maken en inzicht te krijgen in de belangen die door de
                    voorgenomen werkzaamheden worden geraakt. Duidelijk is ook gemaakt dat
                    instemming steeds op aanvraag van de verzoekende partij zal plaatsvinden en niet
                    op eigen initiatief van de gemeente.</al><al/><al>De aanvraag moet (digitaal) gebeuren door middel van de door het college
                    vastgestelde (digitale) formulieren en/of registratiesysteem. Voor aanvragen
                    voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard moeten slechts een beperkt aantal
                    gegevens verstrekt worden. Voor reguliere aanvragen moeten meer gegevens
                    verstrekt worden. </al><al/><al>Op grond van de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION) is
                    registratie van de kabels en/of leidingen bij het Kadaster wettelijk verplicht.
                    Van de netbeheerders wordt verwacht dat zij hun kabels en/of leidingen zo
                    registreren dat steeds inzicht kan worden geboden. Er is samenhang tussen WION
                    (nationale wetgeving) en AVOI (gemeentelijke verordening). </al><al>De WION heeft betrekking op het voorkomen van graafschade via een plicht tot
                    zorgvuldig graven én een plicht tot zorgvuldige en tijdige
                    informatie-uitwisseling. De WION bepaalt in artikel 44 dat het onverlet laat dat
                    de gemeente in het belang van openbare orde en veiligheid bij verordening
                    voorschriften kan geven over werkzaamheden, waaronder het binden aan een
                    instemmingsbesluit.</al><al/><tussenkop>Registratieplicht aanbieder van elektronische
                    communicatienetwerken</tussenkop><al>Op basis van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI), maar
                    ook op basis van artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet moet een aanbieder van
                    een openbare elektronische communicatiedienst die het voornemen heeft
                    werkzaamheden uit te voeren in of op openbare gronden in verband met de aanleg
                    van kabels een instemmingsbesluit aanvragen bij burgemeester en wethouders van
                    de gemeente.</al><al/><al>Als de werkzaamheden betrekking hebben op kabels van elektronische
                    communicatienetwerken is het wenselijk om te onderzoeken en aan te tonen of is
                    voldaan aan de registratieplicht conform de Telecommunicatiewet artikel 2.1. De
                    gemeente kan deze gegevens in de vorm van een kopie van de door de Autoriteit
                    Consument &amp; Markt (ACM) (voorheen: Onafhankelijke Post en Telecommunicatie
                    Autoriteit; OPTA) afgegeven registratie controleren, maar dit is geen vereiste. </al><al>De vraag of een partij kan worden gekwalificeerd als een aanbieder van een
                    openbare telecommunicatiedienst dient, in materiële zin, te worden beantwoord
                    aan de hand van de definitie uit artikel 1.1 onderdeel i van de
                    Telecommunicatiewet. Een registratie bij ACM is geen vereiste om te worden
                    gekwalificeerd als een aanbieder van een openbare elektronische
                    communicatiedienst in de zin van hoofdstuk 5 van de Telecommunicatiewet. Er moet
                    dus feitelijk worden vastgesteld of een bepaalde partij een aanbieder van een
                    openbare elektronische communicatiedienst is. De beantwoording van deze vraag is
                    niet afhankelijk van het feit of een partij zich heeft geregistreerd bij ACM of
                    niet.</al><al/><al>Overigens wordt in hoofdstuk 5 van de Telecommunicatiewet onder aanbieder van
                    een openbare elektronische communicatiedienst ook verstaan degene die in eigen
                    naam en voor eigen rekening kabels ten dienste van een dergelijk netwerk
                    aanlegt, in stand houdt en opruimt (zie artikel 5.1 Telecommunicatiewet).</al><al/><tussenkop>Detailgegevens kabels van elektronische communicatienetwerken</tussenkop><al>Bij de aanvraag voor een instemming voor kabels van elektronische
                    communicatienetwerken moeten meer gegevens worden aangeleverd. De reden is dat
                    de gemeente wil weten of een kabel wel of niet in gebruik is genomen.</al><al/><al>Daarnaast geeft het de gemeente een mogelijkheid om bij gelegenheden waarop de
                    ondergrond geroerd wordt, periodiek te inventariseren wat er in zijn grond moet
                    worden gedoogd, welke kabels niet (langer) onder deze regeling vallen en waarvan
                    dus verwijdering kan worden geëist.</al><al/><al>Overigens worden deze voorzieningen aangelegd met het oog op de toekomst. Nu
                    aanleggen, betekent dat later niet gegraven hoeft te worden. Dit werkt overlast
                    beperkend. </al><al>De gemeente controleert of voorzieningen na de in het instemmingsbesluit
                    afgesproken termijn nog leeg staan. </al><al/><al>Artikel 7 Termijnen</al><al>De beslistermijn van het college is maximaal acht weken en is afgeleid uit de
                    Algemene wet bestuursrecht. Op grond van de AWB is het college verplicht binnen
                    een redelijke termijn een besluit te nemen, waarbij die redelijke termijn geacht
                    te zijn verstreken na verloop van acht weken. In navolging van de Wet Dwangsom
                    en Beroep bij niet tijdig beslissen moet het college zich bewust zijn van het
                    belang van de voortgang van de activiteiten en zich inspannen om de termijn tot
                    besluitvorming zo kort mogelijk te houden. Het college kan onder bepaalde
                    voorwaarden de termijn tot besluitvorming verlengen.</al><al/><al>De Lex Silencio Positivo is de rechtsfiguur waarbij er automatisch sprake is van
                    een positieve beschikking als een bestuursorgaan niet binnen de voorgeschreven
                    beslistermijn een besluit op een aanvraag heeft genomen, de zogenaamde van
                    rechtswege verleende beschikking (geregeld in paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene
                    wet bestuursrecht). Er geldt een speciaal regime voor vergunningstelsels die
                    onder de Europese Dienstenrichtlijn vallen. Met het in werking treden van deze
                    richtlijn is een overgangstermijn van twee jaar vastgesteld welke eind 2011
                    eindigde. Gedurende de overgangstermijn moesten decentrale overheden expliciet
                    in het vergunningstelsel opnemen dat de Lex Silencio Positivo van toepassing was
                    op dat stelsel anders gold deze niet. Na de overgangstermijn is er sprake van
                    een omgekeerde situatie en moet de Lex Silencio Positivo expliciet worden
                    uitgesloten, anders is deze van toepassing op elk vergunningstelsel dat onder de
                    Dienstenrichtlijn valt. Het uitsluiten van de Lex Silencio Positivo is alleen
                    mogelijk wanneer dit gerechtvaardigd kan worden door dwingende redenen van
                    algemeen belang.</al><al>In de AVOI wordt beschreven wat de procedure is om zaken grondig af te wegen,
                    waarbij juist onderdelen van openbare veiligheid en verkeersveiligheid een grote
                    rol spelen. Een Lex Silencio Positivo is hier niet wenselijk om dwingende
                    redenen van algemeen belang met name openbare orde, openbare veiligheid,
                    verkeersveiligheid en volksgezondheid. Derhalve is paragraaf 4.1.3.3. van de
                    Algemene wet bestuursrecht in de AVOI niet van toepassing verklaard.</al><al/><al>Artikel 8 Voorschriften en beperkingen</al><al>Grondroerders moeten aan een aantal verplichtingen voldoen als zij werkzaamheden
                    gaan verrichten zoals bedoeld in de AVOI. Daarnaast kan het college aan het
                    instemmingsbesluit aanvullende voorschriften of beperkingen verbinden. Omwille
                    van de uniformiteit is in de verordening geregeld onder welke voorwaarden dit
                    kan en welke soort voorschriften en beperkingen dit zijn. De voorschriften
                    hebben vooral te maken met de wijze van uitvoering en zijn gericht op de (deels
                    wettelijk vastgelegde) belangen die de gemeente geacht wordt te behartigen.
                    Daarnaast kunnen door het college lokaal geldende regels van toepassing worden
                    verklaard als die er ten aanzien van de aanleg van kabels en/of leidingen
                    zijn.</al><al>Dit artikel benadrukt dat alle belanghebbenden worden geïnformeerd. Hieronder
                    vallen o.a. bewoners van percelen langs het tracé, maar ook de bedrijfsmatige
                    gebruikers, winkeliers en gebruikers van kantoorpanden.</al><al/><al>De grondroerder moet eventuele verhardingen en beplanting terugbrengen in de
                    oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hiervoor zelf zorg te
                    dragen. </al><al/><al>Artikel 9 (Mede)gebruik van voorzieningen</al><al>Dit artikel beschrijft dat een grondroerder op verzoek van een gedoogplichtige
                    gebruik moet maken van reeds aanwezige voorzieningen als deze tegen een
                    marktconforme prijs worden aangeboden. Het doel hiervan is te voorkomen dat
                    onnodig gegraven wordt in gemeentegrond of overige voorzieningen in de openbare
                    ruimte.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 3: Overige bepalingen</tussenkop><al/><al>Artikel 10 Nadeelcompensatie</al><al>Op het nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen, ten aanzien van kabels
                    ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk op verzoek van de
                    gemeente, zijn de wettelijke regels conform Artikel 5.8 van de
                    Telecommunicatiewet van toepassing. </al><al/><al>Op het nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen, ten aanzien van kabels
                    en/of leidingen die ten dienste staan van een netwerk ten behoeve van water- of
                    energievoorzieningen in of op openbare gronden gelden de geformuleerde
                    bepalingen, in samenhang met eventuele geldende privaatrechtelijke
                    overeenkomsten met de netbeheerder(s) die gerespecteerd worden voor zover deze
                    regelingen niet aanvullend daarop zijn. Een netbeheerder is verplicht
                    maatregelen, waaronder het verplaatsen, te nemen als dat noodzakelijk is voor
                    werken door of vanwege de gemeente. De gemeente zal dus de noodzakelijkheid
                    moeten aantonen. De eventuele compensatie van kosten van de te nemen
                    maatregelen, waaronder het verplaatsen, worden vooralsnog berekend aan de hand
                    van de tussen partijen van toepassing zijnde afspraken, totdat er algemeen
                    geldende regels zijn overeengekomen.</al><al/><al>Artikel 11 Breekverbod</al><al>Het college is bevoegd een breekverbod in te stellen tijdens door de gemeente
                    vergunde evenementen of als er naar haar oordeel sprake is van extreme
                    weersomstandigheden. Een afweging die gemaakt wordt is de kans op schade en de
                    omvang hiervan aan de openbare gronden als er gegraven wordt. (een nadere
                    omschrijving van het breekverbod is opgenomen in de nadere regels). Het
                    breekverbod wordt op de dag dat het breekverbod ingaat gecommuniceerd naar de
                    betrokken grondroerders. In ieder geval één dag voor het beëindigen van het
                    breekverbod wordt dit meegedeeld aan de betrokken grondroerders. </al><al>Ten tijde van het breekverbod mogen er op geen enkele wijze werkzaamheden
                    plaatsvinden in de openbare grond en/of bestrating. In het geval van
                    spoedeisende werkzaamheden is het breekverbod niet van toepassing. Overtreding
                    van het breekverbod leidt tot (volledige) stillegging van het werk.</al><al/><al>Artikel 12 Eigendom</al><al>Het zakelijk karakter van de verkregen instemming is gewenst, opdat de nieuwe
                    netbeheerder die gebruik maakt van de kabel en/of leiding de betreffende
                    graafrechten heeft en tevens gehouden is aan de geldende voorschriften. </al><al>Het college moet op de hoogte gesteld worden van het feit dat het eigendom wordt
                    overgedragen. De wettelijke bepalingen zijn van toepassing op het eigendom van
                    netwerken in grond van anderen.</al><al/><al>Artikel 13 Niet-openbare kabels en/of leidingen</al><al>Met niet-openbare kabels en/of leidingen worden kabels en/of leidingen bedoeld
                    die niet gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden. Een voorbeeld
                    hiervan is een point-to-point glasvezelverbinding tussen twee bankgebouwen als
                    deze (gedeeltelijk) in openbare grond is aangelegd door de bankinstelling zelf.
                    De gemeente gedoogt (onder voorwaarden) kabels en/of leidingen met een publieke
                    of openbare functie in de openbare ruimte. De gemeente kan echter ook aanvragen
                    krijgen van particuliere partijen. Vanwege het intensieve gebruik van de
                    ondergrondse ruimte en de veiligheidsrisico’s is de tendens dat in het algemeen
                    geen toestemming wordt verleend voor de aanleg van niet-openbare kabels en/of
                    leidingen van particulieren en/of bedrijven. Particulieren die een eigen
                    verbinding wensen, dienen bij voorkeur gebruik te maken van openbare
                    netstructuren. Toch zijn er uitzonderingssituaties en indien de beschikbare
                    (ondergrondse) ruimte het toestaat kan de gemeente onder strikte voorwaarden
                    daarvoor toestemming geven. Bij werkzaamheden in verband met de aanleg,
                    instandhouding en opruiming van niet-openbare kabels en/of leidingen in openbare
                    wegen en wateren is het bepaalde in de AVOI van overeenkomstige toepassing. </al><al/><al>Artikel 14 Informatieplicht</al><al>Wettelijk is voor wat betreft openbare elektronische communicatienetwerken
                    voorzien in regels ten aanzien van kabels (en bijbehorende voorzieningen) voor
                    wat betreft de duur van de gedoogplicht. Het is van groot belang om inzichtelijk
                    te hebben of kabels en/of leidingen nog deel uitmaken van een netwerk. Ook
                    gezien de mogelijkheden tot medegebruik van al bestaande voorzieningen. </al><al>Op basis van de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION) is de
                    netbeheerder verplicht kabels en/of leidingen te registreren. Netbeheerders zijn
                    verplicht het college te informeren over het al dan niet in gebruik zijn van
                    bepaalde voorzieningen. Op verzoek van het college moeten zij gegevens kunnen
                    overleggen van alle al dan niet in gebruik zijnde kabels en/of leidingen.</al><al/><al>Wijzigingen kunnen ook optreden door het vervallen van het openbare karakter van
                    gronden. Dit heeft ook gevolgen voor het karakter van kabels en/of leidingen in
                    deze gronden.</al><al/><al>Artikel 15 Overleg</al><al>Ter afstemming van allerlei zaken en het voeren van proactieve regie wordt er
                    regelmatig een periodiek (lange termijn)overleg gepland tussen de gemeente en
                    netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen. Dit gebeurt op
                    initiatief van de gemeente. Het kan ook in samenwerking met andere gemeenten of
                    overheden gebeuren.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 4: Handhavings- en toezichtbepalingen</tussenkop><al/><al>Artikel 16 Toezicht en handhaving</al><al>Dit artikel maakt alle betrokken partijen bewust van het niet-vrijblijvende
                    karakter van de AVOI.Uitgangspunt is dat partijen zich houden aan de bepalingen
                    van de AVOI, waarmee nagestreefde doeleinden bereikt kunnen worden.</al><al/><al>Dit artikel geeft aan dat het college ambtenaren kan aanwijzen die belast zijn
                    met toezicht op de naleving van het bepaalde krachtens deze AVOI.</al><al>Als één of meer partijen zich niet houden aan de voorschriften en beperkingen
                    van deze AVOI behoudt het college zich nadrukkelijk het recht voor gebruik te
                    maken van de haar toekomende bevoegdheden en mogelijkheden zowel
                    bestuursrechtelijk als civielrechtelijk en eventueel strafrechtelijk.
                    Bestuursrechtelijk zijn met name de AWB en de Gemeentewet van belang met de
                    huidige bepalingen inzake bestuursdwang, last onder dwangsom en bestuurlijke
                    boete. Civielrechtelijk blijven de opties van onrechtmatige daad van toepassing.
                    Strafrechtelijk is naast het wetboek van Strafrecht in algemene zin ook de Wet
                    op de economische delicten relevant, omdat daarin rechtstreeks bepalingen uit de
                    Telecommunicatiewet van toepassing zijn verklaard.</al><al/><al>Artikel 17 Naleving voorschriften</al><al>Het college heeft de mogelijkheid de verleende instemming in te trekken als er
                    niet voldaan is aan de voorschriften wat betreft plaats, tijdstip en wijze van
                    uitvoering van werkzaamheden.</al><al/><al>Artikel 18 Bevoegdheid college </al><al>Afgezien van voornoemde preventieve en vooral correctieve of repressieve acties
                    kan het college in voorkomende gevallen ook ingrijpen in het lopende proces en
                    werkzaamheden (onder bepaalde voorwaarden) ook tijdelijk stil leggen. In dit
                    artikel staat beschreven in welke gevallen dit kan.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 5: Overgangs- en slotbepalingen</tussenkop><al/><al>Artikel 19 Inwerkingtreding</al><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 20 Overgangsbepalingen</al><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 21 Hardheidsclausule</al><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 22 Citeertitel</al><al>Dit artikel spreekt voor zich en behoeft geen nadere toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>