<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR352110_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Capelle aan den IJssel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Capelle aan den IJssel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-76957.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3draadscommissies%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAlle%26spd%3d20160321%26epd%3d20160321%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dCapelle%2baan%2bden%2bIJssel%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=7&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad Jaargang 2014, nr. 76957</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=82">Gemeentwer artikel 82</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-06-26</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>608176</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening op de raadscommissie Capelle aan den IJssel 2012.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Capelle aan den IJssel;</al><al/><al>gelezen het voorstel van de voorzitter en de griffier;</al><al/><al>gelet op artikel 82 van de Gemeentewet;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><al>vast te stellen de navolgende verordening;</al><al><vet>Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel
                        2014</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>BEGRIPSBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="b."><al>commissiegriffier: griffier van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;</al></li><li nr="d."><al>fractie: hetgeen nader is omschreven in artikel 7 van het
                                    Reglement van Orde voor devergaderingen en andere werkzaamheden
                                    van de raad;</al></li><li nr="e."><al>agendacommissie: commissie als bedoeld in artikel 9 van deze
                                    verordening.</al></li><li nr="f."><al>commissielid: lid van een raadscommissie of diens
                                    vervanger.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>INSTELLING, TAKEN EN SAMENSTELLING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling raadscommissies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad regelt in een apart besluit het aantal raadscommissies,
                                    de naamstelling van dezecommissies, almede een verdeling van
                                    onderwerpen per raadscommissie.</al></li><li nr="2."><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                    onderwerp in deafzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij
                                    de agendacommissie beslist dat eengezamenlijke vergadering van
                                    de raadscommissies wordt belegd of de raadscommissie diehet
                                    onderwerp het meest aangaat, het onderwerp behandelt.</al></li><li nr="3."><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                    belegd, beslist deagendacommissie welk lid van de
                                    agendacommissie de taken van de voorzitter vervult.</al></li><li nr="4."><al>De agendacommissie kan in voorkomende gevallen voor agendering
                                    afwijken van de in lid 1bedoelde verdeling van onderwerpen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie:</al><lijst><li nr="a."><al>brengt advies uit aan de raad over die onderwerpen waarop haar
                                    werkzaamheden betrekkinghebben;</al></li><li nr="b."><al>kan advies uitbrengen aan de raad over andere onderwerpen dan
                                    bedoeld onder a;</al></li><li nr="c."><al>voert overleg met het college of de burgemeester over in ieder
                                    geval door hen verstrekteinlichtingen en het gevoerde bestuur
                                    ten aanzien van de onderwerpen genoemd in het besluitals bedoeld
                                    in artikel 2, eerste lid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een raadscommissie vergadert met maximaal:</al><lijst><li nr="a."><al>één lid per fractie, indien de fractie maximaal vier
                                            leden telt;</al></li><li nr="b."><al>twee leden per fractie, indien de fractie meer dan vier
                                            leden telt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Iedere fractie is gerechtigd niet-raadsleden voor te dragen om
                                    als burgerraadslid deel tenemen aan raadscommissies. Fracties
                                    die maximaal twee leden tellen, mogen maximaal
                                    tweeburgerraadsleden voordragen, fracties die meer dan twee
                                    leden tellen, maximaal éénburgerraadslid. De fracties vanwaar
                                    uit een lid door de raad is aangewezen als(plaatsvervangend)
                                    commissievoorzitter, hebben de mogelijkheid een extra
                                    burgerraadslid voorte dragen.</al></li><li nr="3."><al>De raad benoemt de burgerraadsleden. Om als burgerraadslid
                                    benoemd te kunnen worden,moet het niet-raadslid verkiesbaar zijn
                                    geweest tijdens de meest recent
                                    gehoudengemeenteraadsverkiezingen.</al></li><li nr="4."><al>De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van
                                    overeenkomstige toepassingop burgerraadsleden.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter van de raad roept een toegelaten burgerraadslid op
                                    om voorafgaand aan deraadscommissievergadering, waarin het lid
                                    voor het eerst zitting heeft, de in artikel 14 van deGemeentewet
                                    voorgeschreven eed of belofte af te leggen.</al></li><li nr="6."><al>De fracties zijn vrij, met inachtneming van het eerste lid,
                                    (burger)raadsleden af te vaardigennaar een commissie. De
                                    vertegenwoordiging per fractie kan wisselen per agendapunt.
                                    Peragendapunt voert slechts één fractielid het woord.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad benoemt, op voordracht van het presidium, uit zijn
                                    midden de raadsleden dieraadscommissies voorzitten.</al></li><li nr="2."><al>Het raadslid dat een raadscommissie voorzit kan niet tevens
                                    optreden als afgevaardigde vanzijn fractie in de
                                    commissievergadering.</al></li><li nr="3."><al>Een commissielid en een commissievoorzitter kunnen te allen
                                    tijde ontslag nemen. Zij doendaarvan schriftelijk mededeling aan
                                    de raad. Het ontslag gaat een maand na de
                                    schriftelijkemededeling in of zoveel eerder als een opvolger is
                                    benoemd.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan een commissievoorzitter ontslaan.</al></li><li nr="5."><al>De zittingsperiode van een commissielid en de
                                    (plaatsvervangende) voorzitters eindigt in iedergeval met het
                                    einde van de zittingsperiode van de raad.</al></li><li nr="6."><al>Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de
                                    raad zo spoedig mogelijk devervulling daarvan.</al></li><li nr="7."><al>Als een fractie niet langer vertegenwoordigt is in de raad,
                                    vervalt het lidmaatschap vancommissieleden die op voordracht van
                                    die fractie zijn benoemd van rechtswege.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Commissiegriffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier van de raad benoemt ter ondersteuning van iedere
                                    raadscommissie een op degriffie werkzame ambtenaar of, in
                                    samenspraak met de secretaris, een niet op de griffiewerkzame
                                    ambtenaar, als commissiegriffier.</al></li><li nr="2."><al>Een commissiegriffier is aanwezig in de vergaderingen, of wordt
                                    vervangen door een daartoedoor de griffier van de raad
                                    aangewezen op de griffie werkzame ambtenaar of, in
                                    samenspraakmet de secretaris, een niet op de griffie werkzame
                                    ambtenaar.</al></li><li nr="3."><al>Een commissiegriffier kan op uitnodiging van de
                                    commissievoorzitter aan de beraadslagingenin de vergaderingen
                                    deelnemen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>VERGADERINGEN</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie
                                        plaats volgens een jaarlijks voorafdoor het presidium vast
                                        te stellen rooster.</al></li><li nr="2."><al>De vergaderingen van de raadscommissies vangen in de regel
                                        aan om 20.00 uur, eindigen inde regel om 23.30 uur en vinden
                                        in de regel plaats in het gemeentehuis. In de regel wordt
                                        nietvergaderd tussen 17.00 en 19.00 uur.</al></li><li nr="3."><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de
                                        agendacommissie het nodig oordeelt of indienten minste twee
                                        fracties schriftelijk met opgaaf van redenen daarom
                                        verzoeken.</al></li><li nr="4."><al>De agendacommissie kan in bijzondere gevallen een andere dag
                                        of aanvangsuur bepalen ofeen andere vergaderplaats
                                        aanwijzen. Zij voert hierover overleg met de griffier.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Agendacommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een agendacommissie.</al></li><li nr="2."><al>De agendacommissie bestaat uit de door de raad aangewezen
                                        (plaatsvervangende) voorzittersvan de raadscommissies. De
                                        griffier of zijn vervanger is in elke vergadering van
                                        deagendacommissie aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>De agendacommissie stelt, op voorstel van de griffier,
                                        gezamenlijk de voorlopige agenda’s opvan de raadscommissies,
                                        verbinden daaraan een indicatief tijdschema en verdelen
                                        hetvoorzitterschap onderling. Uitgegaan wordt van een vast
                                        voorzitterschap per commissie, tenzijomstandigheden om
                                        vervanging vragen.</al></li><li nr="4."><al>Het college van burgemeester en wethouders en een
                                        (burger)raadslid dat een onderwerp vooreen raadscommissie
                                        wil agenderen voor een voorlopige agenda, doet daarvoor een
                                        verzoekaan de agendacommissie. De verzoeken van een
                                        (burger)raadslid dienen uiterlijk één dagVoorafgaande aan de
                                        vergadering van de agendacommissie bij deze commissie te
                                        zijningediend.</al></li><li nr="5."><al>De leden van de agendacommissie hebben elk één stem in de
                                        agendacommissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Oproep en voorlopige agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissievoorzitter zendt ten minste tien dagen voor een
                                        vergadering een schriftelijkeoproep aan de
                                        (burger)raadsleden onder vermelding van de dag, het tijdstip
                                        en de plaats vande vergadering. Deze schriftelijke oproep
                                        kan onverminderd ook op elektronische wijze aaneen ieder ter
                                        beschikking worden gesteld.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 86,eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met
                                        deschriftelijke oproep aan de (burger)raadsleden verzonden.
                                        De agenda en stukken kunnenonverminderd ook op elektronische
                                        wijze aan een ieder ter beschikking worden gesteld.</al></li><li nr="3."><al>Als een aanvullende agenda zoals bedoeld in artikel 11,
                                        tweede lid, wordt vastgesteld wordt zospoedig mogelijk, doch
                                        uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan
                                        de(burger)raadsleden gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanvullende agenda en vaststellen agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het
                                        verzenden van de schriftelijkeoproep tot uiterlijk 48 uur
                                        voor de aanvang van eenvergadering een aanvullende
                                        agendaopstellen.</al></li><li nr="2."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de
                                        agenda vast. Op voorstel van eenlid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen
                                        aande agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel
                                        onvoldoende voor de beraadslagingvoorbereid acht, kan hij
                                        aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of
                                        adviesvragen. De raadscommissie bepaalt in welke vergadering
                                        het onderwerp of voorstel opnieuwgeagendeerd wordt.</al></li><li nr="4."><al>Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 86,
                                        eerste en tweede lid van deGemeentewet geheimhouding is
                                        opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van heteerste
                                        lid onder berusting van de griffier en verleent deze
                                        commissieleden op verzoekinzage.</al></li><li nr="5."><al>Een agenda wordt bij de aanvang van een vergadering door de
                                        raadscommissie vastgesteld</al></li><li nr="6."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie de volgorde van behandelingvan de
                                        agendapunten wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, wordengelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder op het
                                        gemeentehuister inzage gelegd. Als na het verzenden van de
                                        schriftelijke oproep stukken ter inzage wordengelegd, wordt
                                        hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo
                                        mogelijk in een</al><al>openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kunnen stukken
                                        ook op elektronische wijze aaneen ieder ter beschikking
                                        worden gesteld.</al></li><li nr="3."><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en
                                        tweede lid, van de Gemeentewetgeheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid,
                                        onderberusting van de griffier en verleent de griffier een
                                        lid inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke
                                        oproep door aankondiging op de voorafkondigingen in de
                                        gemeente gebruikelijke wijze en door plaatsing op de
                                        gemeentelijkewebsite openbaar gemaakt.</al></li><li nr="2."><al>Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende
                                        stukken, indien digitaal beschikbaar, op de website van de
                                        gemeente geplaatst.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Ter vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van
                                        presentielijsten van vergaderingen.</al></li><li nr="2."><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder
                                        (burger)raadslid dat wil en mag deelnemenaan de
                                        commissievergadering de presentielijst. Aan het einde van
                                        elke vergadering wordt dielijst door de voorzitter en de
                                        commissiegriffier door ondertekening vastgesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Opening vergadering en quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien op basis van depresentielijst meer dan de helft van
                                        het aantal fracties in de raad is vertegenwoordigd in
                                        decommissievergadering.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal fracties isvertegenwoordigd in de
                                        commissievergadering, bepaalt de voorzitter onder verwijzing
                                        naar ditartikel, na voorlezing van de afwezige fracties, dag
                                        en uur van de volgende vergadering, opeen tijdstip dat ten
                                        minste vierentwintig uur na het bezorgen van de
                                        schriftelijke oproep isgelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste
                                        lid niet van toepassing. Deraadscommissie kan echter over
                                        andere aangelegenheden alleen beraadslagen of
                                        besluiten,indien blijkens de presentielijst meer dan de
                                        helft van het aantal fracties in de raad
                                        isvertegenwoordigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een conceptverslag van de voorgaande vergadering wordt aan
                                        de (burger)raadsledentoegezonden, zo mogelijk, gelijktijdig
                                        met de schriftelijke oproep. Het conceptverslag wordt
                                        ophetzelfde moment aan de overige personen die het woord
                                        gevoerd hebben, toegezonden.</al></li><li nr="2."><al>Bij het begin van de vergadering wordt het conceptverslag
                                        van de vorige vergaderingvastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter, de (burger)raadsleden, de burgemeester en de
                                        wethouders, hebben het rechteen voorstel tot wijziging van
                                        het verslag aan de raadscommissie te doen, indien het
                                        verslagonjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft
                                        hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel totwijziging
                                        dient voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de
                                        commissiegriffier teworden ingediend.</al></li><li nr="4."><al>Het verslag houdt in:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                commissiegriffier, de burgemeester en dewethouders,
                                                de secretaris en de ter vergadering aanwezige
                                                (burger)raadsleden, allenvoor zover aanwezig,
                                                alsmede van de overige personen die het woord
                                                gevoerd hebben;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest;</al></li><li nr="c."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen deraanwezigen die het woord
                                                voerden;</al></li><li nr="d."><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder
                                                vermelding van de namen van deaan de vergadering
                                                deelnemende (burger)raadsleden die mededeling hebben
                                                gedaanvan hun goed- of afkeuring, en met aantekening
                                                van de namen van de deelnemende(burger) raadsleden
                                                die zich niet uitgelaten hebben;</al></li><li nr="e."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aanwie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 24 door de
                                                raadscommissie is toegestaandeel te nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Een verslag wordt opgesteld onder de verantwoordelijkheid
                                        van de commissie griffier.</al></li><li nr="6."><al>Het vastgestelde verslag wordt door de commissievoorzitter
                                        en de commissiegriffierondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Advies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hijde beraadslaging,
                                        tenzij de raadscommissie anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de
                                        raadscommissie of er een advies aan de raadwordt
                                        uitgebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                        beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de
                                        inhoud van het advies.</al></li><li nr="4."><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties
                                        opgenomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>1.Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzijde raadscommissie anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan slechts worden gevoerd, nadat iemand dit heeft
                                        verkregen van de voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="4."><al>Commissieleden en burgerraadsleden mogen in een termijn niet
                                        meer dan één maal hetwoord voeren over hetzelfde onderwerp
                                        of voorstel.</al></li><li nr="5."><al>Bij de bepaling van het aantal malen dat een aan de
                                        vergadering deelnemend commissielid of(burger)raadslid over
                                        hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd,
                                        wordt nietmeegerekend het spreken over een voorstel van
                                        orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><al>De raadscommissie kan op enig moment besluiten dat anderen mogen
                                deelnemen aan de</al><al>beraadslaging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgers hebben spreekrecht. Zij kunnen voor maximaal vijf
                                        minuten per persoon het woordvoeren in de
                                        commissievergadering over op de agenda vermelde
                                        onderwerpen.</al></li><li nr="2."><al>Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                        tenminste vijf minuten voor deaanvang van de vergadering aan
                                        de commissiegriffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres
                                        entelefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord
                                        wil voeren.</al></li><li nr="3."><al>De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van
                                        aanmelding. Decommissievoorzitter kan van de volgorde
                                        afwijken, indien dit in het belang is van de orde vande
                                        vergadering.</al></li><li nr="4."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter kan dedeelnemers aan de
                                        commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
                                        verhelderendevraag te stellen. Er vindt geen discussie
                                        plaats tussen een inspreker en deelnemers van
                                        devergadering.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de
                                        behandeling van de inbreng van de burger.</al></li><li nr="6."><al>De voorzitter kan een inspreker toestaan na behandeling door
                                        de commissie van eenonderwerp waarop de inspreker zijn
                                        inbreng had, een korte reactie te geven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker wordt in zijn betoog niet gestoord, tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van deze verordening teherinneren;</al></li><li nr="b."><al>een deelnemend (burger)raadslid hem interrumpeert.
                                                De voorzitter kan bepalen dat despreker zonder
                                                verdere interrupties zijn betoog zal afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het inbehandeling zijnde
                                        onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert,
                                        dan welanderszins de orde verstoort, wordt hij door de
                                        voorzitter tot de orde geroepen. Indien debetreffende
                                        spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                                        gedurende devergadering waarin zulks plaats heeft over het
                                        aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de
                                        vergaderingsluiten.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan voorstellen een aan de vergadering
                                        deelnemende (burger)raadslid dat doorzijn gedragingen de
                                        geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in
                                        devergadering te ontzeggen.</al></li><li nr="5."><al>Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming
                                        daarvan verlaat het (burger)raadslidde vergadering
                                        onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen.
                                        Bij herhaling van zijngedrag kan het (burger)raadslid
                                        bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                        devergadering worden ontzegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><al>Commissieleden kunnen tijdens een vergadering mondeling een voorstel
                                van orde doen betreffende de vergadering. De raadscommissie beslist
                                hier terstond over.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Besloten vergaderingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening
                                van overeenkomstigetoepassing voor zover deze bepalingen niet
                                strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Conceptverslagen van besloten vergaderingen worden niet
                                        verspreid, maar uitsluitend voor decommissieleden ter inzage
                                        bij de (commissie)griffier.</al></li><li nr="2."><al>Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                        vergadering ter vaststellingaangeboden. Tijdens deze
                                        vergadering neemt de raadscommissie een besluit over het al
                                        danniet openbaar maken van het verslag.</al></li><li nr="3."><al>De vastgestelde verslagen worden door de commissievoorzitter
                                        en de commissiegriffierondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                                Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt
                                daarover, indien de raadscommissie die geheimhouding heft opgelegd
                                daarom verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie
                                overleg gevoerd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare
                                        vergaderingen uitsluitend bijop de voor hen bestemde
                                        plaatsen.</al></li><li nr="2."><al>Het blijk geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op
                                        andere wijze verstoren van deorde is verboden.</al></li><li nr="3."><al>De commissievoorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de
                                        vergadering op enigerlei wijze doorde toehoorders wordt
                                        verstoord, deze en andere toehoorders te doen
                                        vertrekken.</al></li><li nr="4."><al>Hij is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de
                                        vergadering verstoren voor tenhoogste drie maanden de
                                        toegang tot de vergadering te ontzeggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan
                                wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de
                                commissievoorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van deverordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na publicatie.
                            Op dat tijdstip vervalt deverordening op de raadscommissie Capelle aan
                            den IJssel 2012 vastgesteld bij raadsbesluit van 17 september 2012.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2014,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter, De griffier,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelgewijze toelichting</titel></kop><al><vet>ALGEMEEN</vet></al><al>Wat hierover bij het Reglement van orde 2014 voor de werkzaamheden van de raad
                    is gezegd geldt</al><al>ook voor de commissieverordening. De relevante bepalingen uit de Gemeentewet
                    zijn als bijlage</al><al>toegevoegd aan deze verordening. Tevens is een bijlage toegevoegd welke
                    onderwerpen in welke</al><al>commissie aan de orde komen.</al><divisie><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>BEGRIPSBEPALINGEN</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Om te voorkomen dat de omschrijving van terugkerende begrippen in de
                        verordening moeten worden</al><al>herhaald, is in deze bepaling een aantal begrippen eenmalig
                        gedefinieerd.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Instelling, taken en samenstelling</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling raadscommissies</titel></kop><al>In deze verordening is in beginsel voorzien in een stelsel van meerdere
                        raadscommissies. Er is voor</al><al>gekozen de raad in een apart besluit te laten bepalen wat het aantal
                        raadscommissies, de</al><al>naamstelling van deze commissies, alsmede een verdeling van de onderwerpen
                        zal zijn. Op deze</al><al>wijze hoeft slechts bij wijziging een raadsbesluit te worden genomen en kan
                        een wijziging van de</al><al>verordening worden voorkomen. In lid 4 is de mogelijkheid voor de
                        agendacommissie geschapen een</al><al>onderwerp bij een andere commissie neer te leggen dan waar het onderwerp is
                        ingedeeld. Een reden</al><al>hiervoor kan zijn dat voorkomen wordt dat een commissie te veel belast is
                        met onderwerpen, terwijl</al><al>bij een andere commissie nog ruimte is voor agendering. Het heeft daarbij
                        wel de voorkeur het</al><al>onderwerp dan niet incidenteel maar voor enige tijd bij een andere commissie
                        neer te leggen. Dit om</al><al>te voorkomen dat het onderwerp te veel switcht van commissies.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al>De taken van de raadscommissies zijn vastgelegd in artikel 82, eerste lid,
                        van de Gemeentewet. De</al><al>raadscommissies bereiden de besluitvorming van de raad voor en overleggen
                        met het college of de</al><al>burgemeester. Voor wat betreft de invulling van de taken van de
                        raadscommissies zijn ruwweg twee</al><al>modellen te onderscheiden. In het eerste model is een raadscommissie vooral
                        gericht op</al><al>voorbereiding en informatievoorziening en vindt het politieke debat plaats
                        in de raad. In het tweede</al><al>vindt het politieke debat plaats in een raadscommissie en geschiedt de
                        besluitvorming door de raad.</al><al>De taak om de besluitvorming van de raad voor te bereiden komt tot
                        uitdrukking in de taak advies uit</al><al>te brengen over een voorstel of onderwerp. De raadscommissie kan ook uit
                        eigener beweging advies</al><al>aan de raad uitbrengen, ook dit advies kan aanleiding zijn voor
                        besluitvorming in de raad. De taken</al><al>van de raadscommissie zijn in essentie dezelfde als die van de raad, die van
                        kaderstellend,</al><al>controlerend en volksvertegenwoordigend orgaan.</al><al>De raadscommissie bepaalt evenals de raad zijn eigen agenda. Dit betekent
                        dat niet het college maar</al><al>de raadscommissie bepaalt of een voorstel aan de raadscommissie wordt
                        voorgelegd alvorens het in</al><al>de raad wordt besproken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><al>De raad bepaalt de samenstelling van de raadscommissies. Wel schrijft
                        artikel 82, derde lid van de</al><al>Gemeentewet voor dat de raad moet zorgen voor een evenwichtige
                        vertegenwoordiging van de in de</al><al>raad vertegenwoordigde politieke groeperingen. Om dit te bereiken gaat het
                        eerste lid van artikel 4 uit</al><al>van een vertegenwoordiging in de raadscommissies vanuit elke fractie.</al><al>De verhoudingen in de raadscommissies hoeven overigens blijkens
                        jurisprudentie niet exact overeen</al><al>te komen met de verhoudingen in de raad.</al><al>In dit artikel is de benoeming van vaste leden van de commissies achterwege
                        gelaten. Dit maakt dat</al><al>fracties flexibeler kunnen omgaan met de vertegenwoordiging in de
                        commissies. Vertegenwoordiging</al><al>per fractie kan zelf in persoon verschillen per agendapunt. Omdat een
                        maximum per fractie is</al><al>geregeld, heeft dit verder ook geen consequenties.</al><al>Zoals uit het tweede lid blijkt, hoeven de leden van een raadscommissie geen
                        raadslid te zijn. Wel is</al><al>in deze bepaling opgenomen deze niet-raadsleden op de kandidatenlijst van de
                        betreffende fractie</al><al>hebben gestaan. Dit in verband met de ‘kenbaarheid’ (kiezerslegitimiteit)
                        van de kandidaten bij de</al><al>burgers.</al><al>Op grond van het vierde lid moeten burgerraadsleden, evenals raadsleden,
                        voldoen aan hetgeen is</al><al>bepaald in de artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet. Dit
                        betekent onder andere dat zij</al><al>achttien jaar moeten zijn, over een geldige verblijfstitel moeten
                        beschikken, hun nevenfuncties</al><al>openbaar moeten maken, geen functie als bedoeld in artikel 13 mogen
                        vervullen en niet in strijd</al><al>mogen handelen met artikel 15.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><al>Artikel 82, vierde lid van de Gemeentewet schrijft voor dat de voorzitter
                        van een raadscommissie</al><al>raadslid moet zijn. Om die reden bepaalt artikel 5, eerste lid, dat de raad
                        de voorzitters "uit zijn</al><al>midden" benoemt. In deze bepaling is er voor gekozen om de voorzitters van
                        de raadscommissies op</al><al>voordracht van het presidium door de raad te laten benoemen. Zo kan,
                        alvorens een voorstel wordt</al><al>voorgelegd aan de raad, eerst nog afstemming binnen het presidium
                        plaatsvinden.</al><al>Op basis van het tweede lid, is de voorzitter geen lid van de
                        raadscommissie. Dit is een bewuste</al><al>keuze, op deze wijze kan de voorzitter zich concentreren op zijn taak als
                        (technisch) voorzitter en zijn</al><al>tijd en energie aanwenden voor het bewaken van de positie van de
                        raadscommissie. Hij hoeft zich</al><al>niet te bekommeren om de inbreng van zijn fractie in de raadscommissie.</al><al>Het ligt voor de hand dat de voorzitters van de raadscommissies in de eerste
                        vergadering van de</al><al>raad in nieuwe samenstelling worden benoemd, aangezien de zittingsperiode
                        van de voorzitters aan</al><al>het einde van de zittingsperiode van de raad eindigt (artikel 5, vierde
                        lid). Aangezien het echter niet</al><al>altijd mogelijk zal zijn om de voorzitters direct na de verkiezingen te
                        benoemen, is er voor gekozen</al><al>om geen termijn op te nemen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Griffier en commissiegriffier</titel></kop><al>Iedere raadscommissie wordt ondersteund door een commissiegriffier. Dit is
                        een medewerker van de</al><al>griffie of een ambtenaar uit de reguliere ambtelijke organisatie.</al><al>De vervanging van de commissiegriffiers is overgelaten aan de griffier.</al><al>De commissiegriffier is altijd bij de vergaderingen van de raadscommissie
                        aanwezig. In principe</al><al>neemt hij geen deel aan de beraadslagingen, zij het dat de voorzitter van de
                        raadscommissie op</al><al>grond van het derde lid de commissiegriffier daartoe kan uitnodigen.</al></divisie><divisie><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>VERGADERINGEN</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Voorbereiding</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><al>Voor de vergaderingen van de raadscommissie wordt jaarlijks een
                        vergaderrooster opgesteld en</al><al>vastgesteld door het presidium. De vergaderingen van de raadscommissies
                        vinden daarin plaats op</al><al>een vaste dag en plaats voorafgaand aan de vergaderingen van de raad. Een
                        raadscommissie</al><al>vergadert vaker als de voorzitter het nodig oordeelt of indien ten minste
                        twee fracties hierom vragen.</al><al>Over de openbaarheid van de vergaderingen bevat deze verordening geen
                        bepaling, aangezien</al><al>artikel 82, vijfde lid van de Gemeentewet, hierin voorziet. In deze bepaling
                        wordt artikel 23 van</al><al>overeenkomstige toepassing verklaard op raadscommissies. Dit betekent dat de
                        vergaderingen van</al><al>de raadscommissies in de regel in het openbaar plaatsvinden. Op verzoek van
                        een vijfde van het</al><al>aantal leden van een raadscommissie of de voorzitter kan de raadscommissie
                        beslissen om achter</al><al>gesloten deuren te vergaderen. Van een besloten vergadering wordt een
                        afzonderlijk verslag</al><al>opgemaakt, dat niet openbaar is tenzij de raadscommissie anders
                        beslist.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Agendacommissie</titel></kop><al>Dit artikel is aan de verordening toegevoegd omdat de taken van het
                        presidium in het Reglement van</al><al>Orde zijn gewijzigd en er wel behoefte bestaat aan een agendacommissie voor
                        de raadscommissies.</al><al>De agendacommissie vervult een coördinerende rol bij de agendering van zaken
                        in commissies.</al><al>De agendacommissie stelt de agenda's van de raadscommissies voorlopig vast.
                        De definitieve</al><al>vaststelling van de agenda van een raadscommissie geschiedt door de
                        betreffende commissie bij de</al><al>aanvang van de vergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Oproep en voorlopige agenda</titel></kop><al>De (burger)raadsleden ontvangen een oproep inclusief de agenda voor een
                        vergadering en de</al><al>stukken tenminste 10 dagen voor de vergadering. Indien in spoedeisende
                        gevallen een aanvullende</al><al>agenda wordt vastgesteld bedraagt deze termijn minimaal 48 uur voor een
                        vergadering. In dit artikel</al><al>is de juridische mogelijkheid opgenomen om de vergaderstukken ook op
                        elektronische wijze te doen</al><al>uitgaan. Sinds een paar jaar worden vergaderstukken in Capelle aan den
                        IJssel in beginsel exclusief</al><al>via de iPad verspreid.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanvullende agenda en vaststellen agenda</titel></kop><al>Voor het verzenden van de oproep, stelt de agendacommissie de agenda
                        voorlopig vast (artikel 8).</al><al>Het versturen van de agenda is geregeld in artikel 9.</al><al>In dit artikel is allereerst een procedure voor spoedeisende zaken geregeld.
                        Uiteindelijk bepaalt een</al><al>raadscommissie zijn eigen agenda. De agenderende rol van een raadscommissie
                        komt tot</al><al>uitdrukking in het tweede, derde en vierde lid. Dit betekent onder andere
                        dat een raadscommissie kan</al><al>bepalen dat een onderwerp of voorstel onvoldoende voorbereid is en voor
                        inlichtingen of advies aan</al><al>het college wordt gezonden. Een raadscommissie, niet het college, bepaalt
                        vervolgens in welke</al><al>vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. Uiteraard
                        zal hierover wel</al><al>overleg gevoerd moeten worden met het college of de secretaris.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><al>Naast de voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, worden stukken
                        die ter toelichting van</al><al>de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen in het gemeentehuis voor
                        een ieder ter inzage</al><al>gelegd. In de openbare kennisgeving wordt vermeld waar de stukken liggen.
                        Originele stukken</al><al>moeten uiteraard bij de gemeente blijven berusten. Stukken ten aanzien
                        waarvan geheimhouding</al><al>wordt opgelegd kunnen leden van raadscommissies ook bij de commissiegriffier
                        in plaats van bij de</al><al>griffier inzien. Deze keuze kan per situatie worden gemaakt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al>Op grond van artikel 82, vijfde lid van de Gemeentewet moet de voorzitter
                        van een raadscommissie</al><al>tegelijkertijd met de schriftelijke oproep de dag, het tijdstip en de plaats
                        van de vergadering ter</al><al>openbare kennis brengen. De voorlopige agenda en de daarbij behorende
                        stukken worden</al><al>tegelijkertijd met de schriftelijke oproep en op een bij openbare
                        kennisgeving aan te geven plaats ter</al><al>inzage gelegd. Deze bepaling geeft hier een regeling voor. Bij een eerdere
                        herziening van deze</al><al>verordening en van het reglement van orde voor de raad is tevens de
                        verplichting opgenomen de</al><al>agenda en stukken ook op internet te plaatsen. Vanuit het oogpunt van
                        service aan de burger is dit</al><al>een voor de hand liggende regeling die, doordat de gemeenten beschikking
                        heeft over een website,</al><al>ook praktisch uitvoerbaar is.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Ter vergadering</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>De presentielijst en de ondertekening door de voorzitter en de
                        commissiegriffier zijn bedoeld om</al><al>formeel vast te stellen dat het vergaderquorum aanwezig is en wie deelneemt
                        aan de vergaderingen.</al><al>Indien de griffier tevens de functie van commissiegriffier op zich neemt,
                        ondertekent hij de</al><al>presentielijst. Daarnaast is de presentielijst van belang om de vergoedingen
                        voor de leden van een</al><al>raadscommissie te kunnen vaststellen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Opening der vergadering en quorum</titel></kop><al>Artikel 20 van de Gemeentewet regelt het vergaderquorum van de raad. Voor de
                        raadscommissies</al><al>ontbreekt een dergelijke bepaling in de Gemeentewet. Artikel 14 voorziet
                        hierin. Indien meer dan de</al><al>helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is en de presentielijst
                        heeft getekend, kan</al><al>worden vergaderd.</al><al>Het derde lid voorziet in een regeling voor een nieuwe vergadering indien
                        het quorum niet aanwezig</al><al>is, anders zou de afwezigheid van leden van een raadscommissie de voortgang
                        van werkzaamheden</al><al>kunnen belemmeren. Uiteraard staat op het moment dat de voorzitter bepaalt
                        op welke datum en</al><al>tijdstip, nog niet vast op welk moment de schriftelijke oproep uitgaat.
                        Indien er enkele dagen tussen</al><al>de twee vergaderingen zitten, mag er vanuit worden gegaan dat het mogelijk
                        is om 24 uur van</al><al>tevoren een schriftelijke oproep te versturen. Overigens ligt het in de rede
                        dat de voorzitter overlegt</al><al>met de raadscommissie over de datum van een nieuwe vergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><al>Het heeft de voorkeur dat burgers met name gebruiken maken van het
                        spreekrecht tijdens</al><al>commissievergaderingen. Juist omdat de raadsvergadering het sluitstuk is van
                        het</al><al>besluitvormingsproces dat lang daarvoor al is begonnen (ambtelijke
                        organisatie, college, commissies)</al><al>is de kans klein dat de raad op dat moment - als reactie op het inspreken
                        van een burger - nog van</al><al>richting verandert. De inspreekmogelijkheid van de burger tijdens de
                        raadsvergadering kan daarmee</al><al>als "schijnspreekrecht" worden betiteld. De mogelijkheid van burgers om
                        tijdens de</al><al>commissievergaderingen in te spreken zou daarentegen beter benut kunnen
                        worden. Deze</al><al>vergaderingen zijn doorgaans laagdrempeliger en hebben meer mogelijkheden om
                        met de inspreker</al><al>in overleg te gaan in een informele setting. Het spreekrecht van burgers kan
                        bijdragen aan het</al><al>vergroten van de betrokkenheid van de burgers bij het lokaal bestuur, één
                        van de doelstellingen van</al><al>de vernieuwing van het lokaal bestuur.</al><al>Het spreekrecht is beperkt tot die onderwerpen die op de agenda van de
                        raadscommissie staan.</al><al>De burgers die wensen in te spreken moeten zich binnen een ‘redelijke
                        termijn’ voor de vergadering</al><al>melden bij de commissiegriffier. Om de drempel zo laag - en daarmee de
                        servicegerichtheid naar de</al><al>burger zo groot - mogelijk te maken, is voor die ‘redelijke termijn’ de
                        termijn van 5 minuten voor</al><al>aanvang van de vergadering opgenomen. Op deze wijze kan de voorzitter zich
                        nog op het laatste</al><al>moment instellen op het verloop van de vergadering en daar de commissie
                        eventueel voorstellen</al><al>over doen. De commissiegriffier kan, indien nodig, de persoon naar de juiste
                        raadscommissie</al><al>verwijzen.</al><al>In het vierde lid is ervoor gekozen om niet een discussie te laten
                        plaatsvinden. In lid 6 is gekozen de</al><al>burger ook nog een gelegenheid te geven aan het einde van een onderwerp een
                        korte reactie te</al><al>geven.</al><al>Op basis van artikel 15, eerste lid, wordt het verslag toegezonden aan de
                        burgers die hebben</al><al>ingesproken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verslag</titel></kop><al>Het conceptverslag wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep
                        verstuurd aan de</al><al>(burger)raadsleden en aan de overige personen die het woord gevoerd hebben.
                        De voorzitter en de</al><al>aan de vergadering deelgenomen (burger)raadsleden en de collegeleden hebben
                        het recht een</al><al>voorstel tot wijziging te doen. Een voorstel tot wijziging wordt voorafgaand
                        aan de vergadering</al><al>schriftelijk bij de commissiegriffier ingediend. Het recht om aanpassing
                        voor te stellen (derde lid) komt</al><al>ook toe aan de voorzitter, een (burger)raadslid en een collegelid, dat bij
                        de desbetreffende</al><al>vergadering niet aanwezig was. Het is aan de raadscommissie om te beslissen
                        of een voorgestelde</al><al>wijziging of aanvulling geaccepteerd wordt, aangezien de raadscommissie het
                        verslag vaststelt. Een</al><al>afwijzing van een dergelijk voorstel is niet vatbaar voor beroep (aldus de
                        Afdeling Rechtspraak van</al><al>de Raad van State). De commissiegriffier is verantwoordelijk voor de
                        opstelling van het verslag. Na</al><al>vaststelling door de commissie ondertekenen de voorzitter en de
                        commissiegriffier het verslag.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><al>Dit artikel strekt ertoe te benadrukken dat een raadscommissie op eigen
                        initiatief regels kan stellen</al><al>over de spreektijd van de leden. Hetzelfde geldt voor de spreektijd van
                        overige sprekers. De</al><al>voorzitter hoeft dit niet voor te stellen. De voorzitter kan in het kader
                        van zijn taak om de orde tijdens</al><al>de vergadering te handhaven wel voorstellen de spreektijd te beperken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><al>Ieder (burger)raadslid dat deelneemt aan de vergadering heeft te allen tijde
                        het recht een voorstel</al><al>van orde te doen. De beslissing of er inderdaad sprake is van een voorstel
                        van orde is aan de</al><al>betreffende raadscommissie. Over een voorstel van orde wordt direct, zonder
                        beraadslaging,</al><al>besloten door de raadscommissie. Bij het staken van stemmen is het voorstel
                        niet aangenomen</al><al>(artikel 32, vierde lid Gemeentewet is hierop niet van toepassing). Een
                        voorstel van orde betreft</al><al>bijvoorbeeld het schorsen van de vergadering voor een (overleg) pauze.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><al>Het eerste lid verzekert dat (burger)raadsleden die deelnemen aan een
                        raadscommissie vrijelijk</al><al>kunnen spreken. Wel zijn interrupties uiteraard toegestaan voor zover de
                        voorzitter bij een overvloed</al><al>aan interrupties of in het belang van de voortgang van de beraadslagingen
                        niet bepaalt dat een</al><al>spreker zijn betoog zonder verdere interrupties afrondt. Om te bevorderen
                        dat (burger)raadsleden die</al><al>deelnemen aan de raadscommissies zich niet belemmerd voelen om hun mening te
                        uiten bepaalt</al><al>artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet bovendien dat artikel 22 van
                        overeenkomstige toepassing</al><al>is op leden van raadscommissies.</al><al>Hierdoor zijn (burger)raadsleden niet in rechte te vervolgen, aan te spreken
                        of verplicht getuigenis af</al><al>te leggen over hetgeen zij in de vergadering zeggen of schriftelijk
                        overleggen.</al><al>Op basis van het tweede lid kunnen alle sprekers in bepaalde gevallen door
                        de voorzitter tot de orde</al><al>worden geroepen en kan hen zo nodig over het aanhangige onderwerp het woord
                        ontzegd worden.</al><al>Ook kan de voorzitter de vergadering schorsen en bij herhaling van de
                        verstoring van de orde, de</al><al>vergadering sluiten. In het uiterste geval kan hij een (burger)raadslid het
                        verdere verblijf ontzeggen</al><al>en hem uit de vergadering doen verwijderen. Indien een (burger)raadslid
                        blijft volharden in zijn</al><al>gedrag kan hem de toegang tot de vergadering voor ten hoogste drie maanden
                        worden ontzegd. Het</al><al>vierde lid sluit aan bij artikel 26, derde lid, van de Gemeentewet, die een
                        dergelijke regeling geeft ten</al><al>aanzien van raadsleden.</al><al>Onder interruptie is overigens niet te verstaan het geven van tekenen van
                        goed- of afkeuring; deze</al><al>uitingen worden beschouwd als verstoringen van de orde. Voor wat betreft de
                        handhaving van de</al><al>orde op de publieke tribune wordt verwezen naar artikel 30 van deze
                        verordening.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Deelname aan beraadslaging door anderen</titel></kop><al>Deze bepaling is noodzakelijk in verband met het in artikel 22 Gemeentewet
                        geregelde</al><al>verschoningsrecht, dat in artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet van
                        overeenkomstige toepassing</al><al>wordt verklaard op leden van raadscommissies en andere personen die aan de
                        beraadslagingen</al><al>deelnemen. Het is uiteraard ook mogelijk dat een raadscommissie bepaalt dat
                        een bepaalde</al><al>functionaris in bepaalde gevallen altijd aan de beraadslaging mag deelnemen.
                        Het gaat in deze</al><al>bepaling om anderen dan de leden, de voorzitter, de burgemeester, de
                        wethouders en de secretaris.</al><al>Uiteraard hebben deze andere sprekers niet dezelfde rechten als de
                        (burger)raadsleden die</al><al>deelnemen aan de vergadering. Een andere spreker heeft onder meer geen recht
                        om een voorstel te</al><al>doen tot wijziging van het verslag, een voorstel over de spreektijd of over
                        de orde van de</al><al>vergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Advies</titel></kop><al>De voorzitter kan de beraadslaging sluiten, als hij vaststelt dat een
                        onderwerp voldoende is</al><al>toegelicht, tenzij een raadscommissie anders beslist. Een raadscommissie
                        neemt geen beslissingen,</al><al>maar bereidt de besluitvorming in de raad voor en overlegt met het college
                        en de burgemeester. Wel</al><al>kan een raadscommissie gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan de raad.
                        De</al><al>(burger)raadsleden die deelnemen aan de vergadering beslissen over het
                        advies. Ten behoeve van</al><al>het debat in de raad en om recht te doen aan de mening van alle fracties,
                        inclusief</al><al>minderheidsstandpunten, worden de standpunten van alle fracties opgenomen.
                        Het ligt voor de hand</al><al>dat indien een (burger)raadslid dat deelneemt aan de vergadering het niet
                        eens is met het</al><al>fractiestandpunt, hier afzonderlijk melding van wordt gemaakt in het advies
                        aan de raad.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>BESLOTEN VERGADERINGEN</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Bij bepalingen die van overeenkomstige toepassing zijn kan onder meer
                        gedacht worden aan de</al><al>bepalingen omtrent het tijdig verzenden van stukken, het vergaderquorum en
                        voorstellen van orde.</al><al>De bepalingen van deze verordening zijn echter niet van toepassing, voor
                        zover de toepassing van</al><al>die bepalingen strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Zo
                        zullen er bijvoorbeeld</al><al>geen beeld- en geluidsregistraties voor openbaar gebruik gemaakt kunnen
                        worden. Ten aanzien van</al><al>de stukken die betrekking hebben op een besloten vergadering en het
                        behandelde zal een</al><al>raadscommissie moeten besluiten of geheimhouding als bedoeld in artikel 86
                        van de Gemeentewet</al><al>wordt opgelegd dan wel opgeheven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Verslag</titel></kop><al>Op grond van artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet is artikel 23 van
                        overeenkomstige</al><al>toepassing. Het vierde lid van artikel 23 van de Gemeentewet schrijft voor
                        dat van een besloten</al><al>vergadering een afzonderlijk verslag wordt opgemaakt, dat niet openbaar
                        wordt gemaakt tenzij de</al><al>raad en in casu dus een raadscommissie anders beslist. In aanvulling hierop
                        bepaalt het eerste lid</al><al>van deze bepaling dat het verslag van een besloten vergadering ter inzage
                        ligt bij de</al><al>(commissie)griffier. De raadscommissie beslist over het openbaar maken van
                        dit verslag.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>De raad kan de geheimhouding die een raadscommissie aan de raad oplegt,
                        opheffen. In deze</al><al>bepaling is een overlegverplichting opgenomen waardoor recht wordt gedaan
                        aan het principe van</al><al>hoor en wederhoor.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>TOEHOORDERS EN PERS</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><al>Artikel 26, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet regelen dat de
                        voorzitter van de raad</al><al>toehoorders die de orde verstoren, kan doen vertrekken en bij volharding in
                        hun gedrag de</al><al>toezegging kan ontzeggen. Voor raadscommissies ontbreekt een dergelijke
                        bepaling in de</al><al>Gemeentewet, het derde lid voorziet hierin.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Aangezien de vergaderingen van een raadscommissie in principe openbaar zijn,
                        kunnen radio- en tvstations</al><al>geluid- en beeldregistraties maken. Dit is uiteraard niet het geval als het
                        een besloten</al><al>vergadering betreft.</al></divisie><divisie><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>en 28 Uitleg verordening en artikel 33. Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></divisie></nota-toelichting><nota-toelichting><al>Raadsbesluit</al><al>De raad van de gemeente Capelle aan den IJssel;</al><al>Gelezen het voorstel van de voorzitter en de griffier;</al><al>Gelet op artikel 2, lid 1 van de Verordening Raadscommissies Capelle aan den
                    IJssel 2015;</al><al>b e s l u i t :</al><lijst><li nr="1."><al>Er zijn drie raadscommissies met de volgende namen: a. Bestuur,
                            Veiligheid en Middelen;</al><lijst><li nr="b."><al>Dienstverlening en Economie; c. Stadsontwikkeling en -
                                    Beheer.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voor de bij punt a genoemde raadscommissies wordt de volgende verdeling
                            van onderwerpen</al></li></lijst><al>gemaakt:</al><al><vet>Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen (BVM)</vet>:</al><lijst><li nr="1."><al>Bestuur- en beleidscoördinatie;</al></li><li nr="2."><al>Openbare Orde en Veiligheid</al></li><li nr="3."><al>Brandweer en Rampenbestrijding</al></li><li nr="4."><al>Handhaving en Vergunningen (APV, bijzondere wetten)</al></li><li nr="5."><al>Publiekszaken</al></li><li nr="6."><al>Externe betrekkingen en stadspromotie</al></li><li nr="7."><al>Regionale samenwerking</al></li><li nr="8."><al>Facilitaire Zaken</al></li><li nr="9."><al>Communicatie en burgerparticipatie</al></li><li nr="10."><al>Automatisering en Digitaal burgerschap</al></li><li nr="11."><al>Wijkzaken</al></li><li nr="12."><al>Personeel en organisatie</al></li><li nr="13."><al>Juridische Zaken</al></li><li nr="14."><al>Financiën</al></li><li nr="15."><al>Grondzaken en vastgoed</al></li></lijst><al><vet>Commissie Dienstverlening en Economie (DE)</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Volksgezondheid</al></li><li nr="2."><al>Jeugd</al></li><li nr="3."><al>Ouderen</al></li><li nr="4."><al>Gehandicapten</al></li><li nr="5."><al>WMO</al></li><li nr="6."><al>Vrijwilligerswerk</al></li><li nr="7."><al>Werk en Inkomen</al></li><li nr="8."><al>Sociale Werkvoorziening</al></li><li nr="9."><al>Onderwijs- en Onderwijshuisvesting</al></li><li nr="10."><al>Volwasseneneducatie</al></li><li nr="11."><al>Minderheden, inburgering en emancipatie</al></li><li nr="12."><al>Welzijnsbeleid en –organisatie</al></li><li nr="13."><al>Kunst en Cultuur</al></li><li nr="14."><al>Sport en Recreatie</al></li><li nr="15."><al>Accommodatiebeheer</al></li><li nr="16."><al>Economie en Werkgelegenheid</al></li><li nr="17."><al>Winkelcentra</al></li></lijst><al><vet>Commissie Stadsontwikkeling en Beheer (SOB)</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Ruimtelijke Ontwikkeling</al></li><li nr="2."><al>Stedelijke Ontwikkeling</al></li><li nr="3."><al>Wonen en Volkshuisvesting</al></li><li nr="4."><al>Handhaving en Vergunningen (Wabo)</al></li><li nr="5."><al>Verkeer</al></li><li nr="6."><al>Openbaar Vervoer</al></li><li nr="7."><al>Beheer Buitenruimte</al></li><li nr="8."><al>Reiniging en Riolering</al></li><li nr="9."><al>Milieu en Duurzaamheid</al></li><li nr="10."><al>Stadscentrum</al></li></lijst><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2014,</al><al>De voorzitter, De griffier,</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>