<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR350785_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten (reinigingsheffingen) 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Baarn</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Baarn</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-82593.html">Gemeenteblad, nr. 82593, 29 december 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=229">Gemeentewet, artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003245&amp;artikel=15.33">Wet Milieubeheer, artikel 15.33</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>14RV000059</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De "Verordening reinigingsheffingen 2014" van 18 december 2013, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2015, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al><al>De datum van de heffing op grond van de "Verordening reinigingsheffingen 2015" is 1 januari 2015.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten (reinigingsheffingen) 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Voorstelnummer</al><al>: 14RV000059</al><al>Onderwerp</al><al>: Vaststellen belastingverordeningen 2015</al><al/><al>De raad van de gemeente Baarn </al><al/><al>- gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 11 november
                        2014;</al><al/><al>- gehoord het Debat in de raad d.d. 10 december 2014; - gelet op artikel
                        229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en</al><al> artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;</al><al/><al>Besluit: </al><al/><al/><al>vast te stellen de: <onderstreept>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE
                            INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING EN REINIGINGSRECHTEN
                            (REINIGINGSHEFFINGEN) 2015 </onderstreept></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr></kop><structuurtekst><al><onderstreept>ALGEMENE BEPALINGEN</onderstreept></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al><onderstreept>Inleidende bepaling</onderstreept></al><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een afvalstoffenheffing;</al></li><li nr="b."><al>reinigingsrechten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al><onderstreept>Begripsomschrijvingen</onderstreept></al><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>“gebruik maken” als bedoeld in hoofdstuk II van deze
                                    verordening: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 van de
                                    Wet milieubeheer;</al></li><li nr="b."><al>grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van
                                    autowrakken, afkomstig van bedrijven of instellingen, welke door
                                    aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden
                                    ingezameld.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr></kop><structuurtekst><al><onderstreept>AFVALSTOFFENHEFFING</onderstreept></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al><onderstreept>Aard van de heffing en belastbaar feit</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Onder de naam “afvalstoffenheffing” wordt een directe belasting
                                    geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet
                                    milieubeheer.</al></li><li nr="2."><al>De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de
                                    daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke
                                    grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een
                                    perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en
                                    10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen
                                    van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al><onderstreept>Belastingplicht</onderstreept></al><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de
                            omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                            recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien
                            waarvan ingevolge artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een
                            verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                            geldt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al><onderstreept>Maatstaf van heffing en tarieven</onderstreept></al><al>1.De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven,
                            opgenomen in</al><al>hoofdstuk 1 van de bij deze verordening opgenomen tarieventabel.</al><al>2.Voor een berekening van de belasting wordt een gedeelte van een in de
                            tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al><onderstreept>Belastingjaar</onderstreept></al><al>Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het
                            belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al><onderstreept>Wijze van heffing</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De belasting bedoeld in de onderdelen 1.2. en 1.3. van de
                                    tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag.</al></li><li nr="2."><al>De belasting bedoeld in de onderdelen 1.4. en 1.5. van de
                                    tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan
                                    wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al><onderstreept>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De belasting bedoeld in de onderdelen 1.2. en 1.3. van de
                                    tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het
                                    belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de
                                    belastingplicht.</al></li><li nr="2."><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
                                    aanvangt, is de belasting bedoeld in de onderdelen 1.2. en 1.3.
                                    van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten
                                    van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar,
                                    na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                    overblijven.</al></li><li nr="3."><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
                                    eindigt, bestaat voor de belasting bedoeld in de onderdelen 1.2.
                                    en 1.3. van de tarieventabel aanspraak op ontheffing voor zoveel
                                    twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting
                                    als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog
                                    volle kalendermaanden overblijven.</al></li><li nr="4."><al>Het tweede en het derde lid zijn bij een gelijkblijvende
                                    maatstaf niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen
                                    de gemeente verhuist en een ander perceel in gebruik neemt.</al></li><li nr="5."><al>De belasting genoemd in de onderdelen 1.4. en 1.5. van de
                                    tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de
                                    dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de
                                    bezittingen, werken of inrichtingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al><onderstreept>Termijnen van betaling</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De aanslagen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, moeten worden
                                    betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het
                                    aanslagbiljet.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde
                                    bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden
                                    afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht
                                    gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
                                    dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                                    termijnen telkens één maand later.</al></li><li nr="3."><al>De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld
                                    in artikel 7, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van
                                            de kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het
                                            uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van
                                            toezending daarvan, binnen 14 dagen na dagtekening van
                                            de kennisgeving. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in
                                    voorgaande leden gestelde termijn of de gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr></kop><structuurtekst><al><onderstreept>REINIGINGSRECHTEN</onderstreept></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al><onderstreept>Belastbaar feit</onderstreept></al><al>Onder de naam "reinigingsrechten" worden rechten geheven zowel voor het
                            genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als
                            voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in
                            beheer of in onderhoud zijn. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al><onderstreept>Belastingplicht</onderstreept></al><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al><onderstreept>Maatstaf van heffing en
                            belastingtarief</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven,
                                    opgenomen in hoofdstukken 2 en 3 van de bij deze verordening
                                    behorende tarieventabel.</al></li><li nr="2."><al>Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in
                                    de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                    aangemerkt.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><al><onderstreept>Wijze van heffing</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De rechten bedoeld in de onderdelen 2.4. en 2.5. van de
                                    tarieventabel worden geheven bij wege van aanslag met dien
                                    verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan
                                    worden opgelegd.</al></li><li nr="2."><al>De rechten bedoeld in onderdeel 2.9. en in hoofdstuk 3 van de
                                    tarieventabel worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel
                                    een gedagtekende schriftelijke kennisgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al><onderstreept>Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar
                                tijdsgelang</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De rechten bedoeld in de onderdelen 2.4. tot en met 2.8. van de
                                    tarieventabel zijn verschuldigd bij het begin van het
                                    belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de
                                    belastingplicht.</al></li><li nr="2."><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
                                    aanvangt, zijn de rechten bedoeld in de onderdelen 2.4. tot en
                                    met 2.8. van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde
                                    gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in
                                    dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                                    kalendermaanden overblijven.</al></li><li nr="3."><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
                                    eindigt, bestaat voor de rechten bedoeld in de onderdelen 2.4.
                                    tot en met 2.8. van de tarieventabel aanspraak op ontheffing
                                    voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                                    verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de
                                    belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></li><li nr="4."><al>Het tweede en het derde lid zijn bij een gelijkblijvende
                                    maatstaf niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen
                                    de gemeente verhuist en een ander perceel in gebruik neemt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr></kop><al><onderstreept>Ontstaan van de belastingschuld van de overige
                                rechten</onderstreept></al><al>De rechten bedoeld in onderdeel 2.9. en in hoofdstuk 3 van de
                            tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of
                            bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of
                            inrichtingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><al><onderstreept>Termijnen van betaling</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De aanslagen bedoeld in artikel 14, eerste lid, moeten worden
                                    betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het
                                    aanslagbiljet.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde
                                    bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden
                                    afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht
                                    gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
                                    dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                                    termijnen telkens één maand later.</al></li><li nr="3."><al>De in onderdeel 2.9. en in hoofdstuk 3 bedoelde rechten moeten
                                    worden betaald ingeval de kennisgeving zoals bedoeld in artikel
                                    14, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van
                                            de kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het
                                            uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van
                                            toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening
                                            van de kennisgeving. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in
                                    voorgaande leden gestelde termijn of de gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr></kop><structuurtekst><al><onderstreept>AANVULLENDE BEPALINGEN</onderstreept></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr></kop><al><onderstreept>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</onderstreept></al><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            reinigingsheffingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr></kop><al><onderstreept>Overgangsrecht</onderstreept></al><al>De “Verordening reinigingsheffingen 2014” van 18 december 2013, wordt
                            ingetrokken met ingang van de in artikel 20, tweede lid, van deze
                            verordening genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande
                            dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die
                            datum hebben voorgedaan. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr></kop><al><onderstreept>Inwerkingtreding</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015, of zo dit
                                    later is, met ingang van de eerste dag na die van de
                                    bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><al><onderstreept>Citeertitel</onderstreept></al><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening reinigingsheffingen
                            2015”.</al><al/><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</al><al>van de raad van de gemeente Baarn, gehouden</al><al>op 17 december 2014.</al><al>de griffier, de voorzitter,</al><al/><al><vet><onderstreept>T</onderstreept></vet><vet><onderstreept>arieventabel</onderstreept></vet><vet><onderstreept>,
                                </onderstreept></vet><vet><onderstreept>behorende bij de
                                    “Verordening reinigingsheffingen
                                    </onderstreept></vet><vet><onderstreept>201</onderstreept></vet><vet><onderstreept>5</onderstreept></vet><vet><onderstreept>”</onderstreept></vet></al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Maatstaven en tarieven van de afvalstoffenheffing</titel></kop><structuurtekst><al><vet> (huishoudelijk afval)</vet></al><al><vet>Inleidende bepaling</vet></al><lijst><li nr="1.1."><al>Als maatstaf van de volgens dit hoofdstuk geheven belas- ting
                                    geldt, ongeacht de aard van het soort afval dat in enig met de
                                    door de gemeente in bruikleen verstrekt inzamel- middel kan of
                                    mag worden ingezameld, behoudens wat overigens in dit hoofdstuk
                                    is bepaald.</al><al/><al><vet> Het periodiek inzamelen van huishoudelijk
                                        afval</vet><vet>bij</vet><vet> percelen
                                        met eigen inzamelmiddelen</vet></al></li><li nr="1.2."><al>De belasting bedraagt per perceel, per belastingjaar:</al></li><li nr="1.2.1."><al>indien de volume-inhoud niet meer dan 280 liter bedraagt €
                                    216,84</al></li><li nr="1.2.2."><al>indien de volume-inhoud meer dan 280 liter bedraagt €
                                    216,84</al></li></lijst><al>te vermeerderen voor elke: </al><lijst><li nr="1.2.2.1."><al>120 liter volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 54,24</al></li><li nr="1.2.2.2."><al>140 liter volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 63,12</al></li><li nr="1.2.2.3."><al>240 liter volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 108,48</al></li></lijst><al>De in dit onderdeel bedoelde belasting is niet verschuldigd voor extra
                            volume-inhoud die bestemd is voor de inzameling van papierafval. </al><al/><al><vet>Het periodiek inzamelen van h</vet><vet>uishoudelijk afval
                                bij</vet><vet> percelen </vet><vet>zonder eigen
                                inzamelmiddelen</vet></al><lijst><li nr="1.3."><al>In afwijking van het vorige onderdeel bepaalde, bedraagt de
                                    belasting in de gevallen waarbij overeenkomstig het bepaalde in
                                    artikel 10, derde lid, van de “Afvalstoffenverordening Baarn
                                    2010” het groente-, fruit- en tuinafval niet afzonderlijk wordt
                                    ingezameld, dan wel gebruik dient te worden gemaakt van door de
                                    gemeente aangewezen collectieve inzamelmiddelen, on- geacht de
                                    aard van de inzamelvoorziening dan wel de fre- quentie van de
                                    inzameling, per perceel, per belastingjaar € 216,84</al><al/><al><vet>Het </vet><vet>op aanvraag </vet><vet>inzamelen
                                        van</vet><vet> grof huishoudelijk
                                        </vet><vet>afval</vet><vet> of van verbouwings- of
                                        tuinafval</vet></al></li><li nr="1.4."><al>Onverminderd het bepaalde in onderdeel 1.1. bedraagt de
                                    belasting voor het op aanvraag inzamelen van grof huishou-
                                    delijk afval of van verbouwings- of tuinafval, per
                                    aanvraag:</al></li><li nr="1.4.1."><al>tot en met 1 kubieke meter € 80,30</al></li><li nr="1.4.2."><al>meer dan 1 kubieke meter € 80,30 te vermeerderen met € 44,60
                                    voor elke volgende kubieke meter, of een gedeelte daarvan, boven
                                    de 1 m².</al><al/></li></lijst><al><vet>H</vet><vet>et op </vet><vet>aanvraag </vet><vet>omwisselen
                                </vet><vet>van ter beschikking
                                </vet><vet>gestelde</vet><vet>inzame</vet><vet>l</vet><vet>middelen</vet></al><al>1.5.Onverminderd het bepaalde in onderdeel 1.1. bedraagt de belasting
                            voor het op aanvraag omwisselen van één of meerdere containers, per keer
                            € 19,30</al><al>De in dit onderdeel bedoelde belasting is niet verschuldigd indien de
                            aanvraag plaatsheeft binnen één maand na de vestiging van de
                            belastingplichtige in een door hem nieuw feitelijk in gebruik genomen
                            perceel. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Maatstaven en tarieven van de reinigingsrechten
                            (bedrijfsafval)</titel></kop><structuurtekst><al><vet> Inleidende bepaling</vet><vet>en</vet></al><lijst><li nr="2.1."><al>Als maatstaf van de volgens dit hoofdstuk geheven rechten geldt,
                                    ongeacht de aard van het soort afval dat in enig met de door de
                                    gemeente in bruikleen verstrekt inzamel- middel kan of mag
                                    worden ingezameld, behoudens wat overigens in dit hoofdstuk is
                                    bepaald.</al></li><li nr="2.2."><al>De in de onderdelen 2.4. en 2.5. genoemde rechten zijn niet van
                                    toepassing indien voor verschillende soorten be- drijfsafval die
                                    bij één perceel worden ingezameld afzonder- lijke
                                    ophaalfrequenties van toepassing zijn, in welk geval de rechten
                                    volgens de onderdelen 2.6. tot en met 2.8. worden geheven.</al></li><li nr="2.3."><al>De rechten in dit hoofdstuk zijn exclusief omzetbelasting.</al><al/><al><vet> Tweewekelijks ophalen van </vet><vet>periodiek
                                        </vet><vet>bedrijfsafval</vet></al></li><li nr="2.4."><al>De rechten bedragen voor het éénmaal per twee weken ledigen van
                                    containers, per perceel, per belastingjaar:</al></li><li nr="2.4.1."><al>indien de volume-inhoud niet meer dan 280 liter bedraagt €
                                    216,84</al></li><li nr="2.4.2."><al>indien de volume-inhoud meer dan 280 liter bedraagt €
                                    216,84</al></li></lijst><al>te vermeerderen voor elke: </al><lijst><li nr="2.4.2.1."><al>120 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 54,24</al></li><li nr="2.4.2.2."><al>140 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 63,12</al></li><li nr="2.4.2.3."><al>240 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan,</al><al> boven de hoeveelheid van 280 liter € 108,48 </al><al/></li></lijst><al><vet>Wekelijks ophalen van periodiek bedrijfsafval</vet></al><lijst><li nr="2.5."><al>De rechten bedragen voor het éénmaal per week ledigen van
                                    containers. per perceel, per belastingjaar:</al></li><li nr="2.5.1."><al>indien de volume-inhoud niet meer dan 280 liter bedraagt €
                                    433,68</al></li><li nr="2.5.2."><al>indien de volume-inhoud meer dan 280 liter bedraagt €
                                    433,68</al></li></lijst><al>te vermeerderen voor elke: </al><lijst><li nr="2.5.2.1."><al>120 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 108,48</al></li><li nr="2.5.2.2."><al>140 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 126,24</al></li><li nr="2.5.2.3."><al>240 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan,</al><al> boven de hoeveelheid van 280 liter € 216,72</al><al/><al><vet>Het ophalen van bedrijfsafval </vet><vet>bij één perceel,
                                        </vet><vet>waarbij sprake is van</vet><vet>
                                        afzonderlijke
                                        </vet><vet>ophaalfr</vet><vet>e</vet><vet>quenties</vet></al></li><li nr="2.6."><al>In afwijking van de onderdelen 2.4. en 2.5. bedraagt het recht
                                    voor ledigen van containers waarbij verschillende
                                    ophaalfrequenties van toepassing zijn, per perceel, per be-
                                    lastingjaar:</al></li><li nr="2.6.1."><al>indien de volume-inhoud die wekelijks wordt ingezameld, niet
                                    meer dan 280 liter bedraagt € 433,68</al></li><li nr="2.6.2."><al>indien de volume-inhoud die wekelijks wordt ingezameld, meer dan
                                    280 liter bedraagt € 433,68 te vermeerderen voor elke:</al></li><li nr="2.6.2.1."><al>120 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 108,48</al></li><li nr="2.6.2.2."><al>140 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid van 280 liter € 126,24</al></li><li nr="2.6.2.3."><al>240 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan,</al><al> boven de hoeveelheid van 280 liter € 216,72</al></li><li nr="2.7."><al>Het recht als bedoeld in onderdeel 2.6. wordt verhoogd met het
                                    tarief zoals genoemd in onderdeel 2.8. van deze tarieventabel,
                                    voor de volume-inhoud die niet met dezelfde ophaalfrequentie
                                    wordt ingezameld als de volume-inhoud waarvoor het recht volgens
                                    onderdeel 2.6. van toepassing is.</al></li><li nr="2.8."><al>Het tarief als bedoeld in onderdeel 2.7. bedraagt voor
                                    elke:</al></li><li nr="2.8.1."><al>120 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid waarvoor het recht volgens onderdeel 2.6. van
                                    toepassing is € 54,24</al></li><li nr="2.8.2."><al>140 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan, boven de
                                    hoeveelheid waarvoor het recht volgens onderdeel 2.6. van
                                    toepassing is € 63,12</al></li><li nr="2.8.3."><al>240 liter extra volume-inhoud, of een gedeelte daarvan,</al><al> boven de hoeveelheid waarvoor het recht volgens onderdeel 2.6.
                                    van toepassing is € 108,48</al><al/></li></lijst><al><vet>H</vet><vet>et op</vet><vet> aanvraag</vet><vet> omwisselen
                                </vet><vet>van</vet><vet>ter</vet><vet>beschikking
                                </vet><vet>gestelde
                                inzame</vet><vet>l</vet><vet>middelen</vet></al><al>2.9.Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.1. bedragen de rechten voor
                            het op aanvraag omwisselen van één of meer- dere containers, per keer €
                            19,30</al><al>De in dit onderdeel bedoelde rechten zijn niet verschuldigd indien de
                            aanvraag plaatsheeft binnen één maand na de vestiging van de
                            belastingplichtige in een door hem in gebruik genomen perceel. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Maatstaven en tarieven voor de inzameling van fecale stoffen</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Fecaliën- en zinkputten</vet></al><al>3.1.De rechten bedragen voor het ledigen van fecaliën- en </al><al>zinkputten, alsmede voor het weghalen van de aldus</al><al>verzamelde afvalstoffen:</al><lijst><li nr="3.1.1."><al>voor elke 3 m³ geledigde inhoud, of een gedeelte daarvan €
                                    140,35</al></li><li nr="3.1.2."><al>indien een put meer dan 18 m³ afvalstoffen bevat, bedragen</al><al> het recht € 140,35 te vermeerderen met € 89,50 voor elke
                                    geledigde inhoud van 3 m³, boven de hoeveelheid van 18 m³. </al><al/></li></lijst><al><vet>Rioolschepputjes</vet></al><al>3.2.De rechten bedragen voor het éénmaal per maand </al><al>ledigen van rioolschepputjes en het weghalen van de </al><al>aldus verzamelde afvalstoffen, per belastingjaar, voor: </al><lijst><li nr="3.2.1."><al>het eerste putje € 91,10</al></li><li nr="3.2.2."><al>elk volgend putje op hetzelfde perceel of terrein € 43,95</al></li><li nr="3.3."><al>Indien de in het vorige onderdeel genoemde dienstverle- ning in
                                    de loop van het belastingjaar wordt beëindigd, be- staat geen
                                    aanspraak op ontheffing van de voor dat jaar betaalde
                                    rechten.</al><al/><al><vet>Vetputten</vet></al></li><li nr="3.4."><al>De rechten bedragen voor het ledigen van vetputten</al></li></lijst><al>en het weghalen van de aldus verzamelde afvalstoffen,</al><al>per dienstverlening € 154,65</al><al/><al>Behoort bij raadsbesluit van 17 december 2014, nummer 14RV000059, </al><al>de griffier, de voorzitter, </al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>