<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR350159_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reinigingsheffingen 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-12-2014/18</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reinigingsheffingen 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>De raad van de gemeente Oost Gelre;</vet></al><al>gezien het voorstel van het college van de gemeente Oost Gelre van 4
                        november 2014;</al><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de
                        Gemeentewet;</al><al>gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;</al><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>Vast te stellen de</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en
                        reinigingsrechten 2015</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Algemene
                            bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een afvalstoffenheffing;</al></li><li nr="b."><al>reinigingsrechten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>“gebruik maken” in hoofdstuk II Afvalstoffenheffing: gebruik maken in de zin
                        van artikel 15.33 Wet milieubeheer.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Afvalstoffenheffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam “afvalstoffenheffing” wordt een directe belasting geheven
                            als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij
                            behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter
                            zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens
                            de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot
                            het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk
                            gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen
                            10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het
                            inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker
                            aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet
                                    krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht
                                    feitelijk gebruik maakt van het perceel;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan:
                                    degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in
                        hoofdstuk 1 en 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel wordt bij wege
                            van aanslag geheven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel wordt geheven
                            door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke
                            kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door
                            toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de
                            belastingschuldige bekendgemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting, het vastrecht is verschuldigd bij het begin van het
                            belastingjaar, of zo dit later, bij de aanvang van de
                            belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is
                            de belasting, het vastrecht, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten
                            van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de
                            aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                            overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing van het vastrecht, voor zoveel twaalfde
                            gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat
                            jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                            overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                            perceel in feitelijk gebruik neemt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Daarnaast ontstaat de belastingplicht per aanbieding/lediging van een
                            container.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel is verschuldigd
                            bij de aanvang van de dienstverlening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                            tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de
                            op één aanslagbiljet verenigde aanslagen of als het aanslagbiljet maar
                            één aanslag bevat, het bedrag daarvan minder dan € 1.500,00 bedraagt en
                            zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische
                            betalingsincasso kunnen worden kunnen worden afgeschreven, dat de
                            aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen waarvan de
                            eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die
                            welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de
                            volgende termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in
                            artikel 7, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>Mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de
                                    kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>Schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van
                                    de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen
                                    veertien dagen na dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste en
                            tweede lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de afvalstoffenheffing wordt kwijtschelding verleend
                        tot een maximum van € 190,80 per belastingplichtige. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Reinigingsrechten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam “reinigingsrechten” worden rechten van non-profit-instellingen
                        geheven zowel voor het genot van door het gemeentebestuur verstrekte
                        diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde
                        gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of
                        in onderhoud zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve
                        van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen,
                        werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in
                        hoofdstuk 2 en 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven
                            bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel wordt geheven
                            door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke
                            kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door
                            toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de
                            belastingschuldige bekendgemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten, het vastrecht bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel
                            zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar, of zo dit later
                            is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt,
                            zijn de rechten, het vastrecht verschuldigd voor zoveel twaalfde
                            gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar,
                            na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                            overblijven. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing van het vastrecht voor zoveel twaalfde
                            gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar,
                            na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                            overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Daarnaast ontstaat de belastingplicht per aanbieding/lediging van een
                            container.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel is verschuldigd
                            bij de aanvang van de dienstverlening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslagen moeten worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de
                            op één aanslagbiljet verenigde aanslagen of als het aanslagbiljet maar
                            één aanslag bevat, het bedrag daarvan minder dan € 1.500,00 bedraagt en
                            zo lang de verschuldigde bedragen door middel van automatische
                            betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
                            worden betaald in acht gelijke termijnen waarvan de eerste termijn
                            vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de
                            dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in
                            artikel 7, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>Mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de
                                    kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>Schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van
                                    de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen
                                    veertien dagen na dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de reinigingsrechten wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Aanvullende
                            bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de reinigingsheffingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De “Verordening reinigingsheffingen 2014” van 17 december 2013 wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 21, tweede lid, genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening reinigingsheffingen
                        2015.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van 16 december 2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Raadsgriffier</ondertekening><ondertekening>J.Vinke</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Voorzitter</ondertekening><ondertekening>A.H. Bronsvoort</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><al><vet><onderstreept>TARIEVENTABEL BEHORENDE BIJ DE VERORDENING
                                REINIGINGSHEFFINGEN 2015</onderstreept></vet></al><al><vet><onderstreept>Hoofdstuk
                            I</onderstreept></vet><vet>Afvalstoffenheffing</vet></al><al><onderstreept>Woningen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>1 Het vastrecht voor 2015 is vastgesteld op <vet>€ 111,00</vet> per
                                huishouden.</al></li><li nr="1."><al>2 De belasting als bedoeld in lid 1 wordt vermeerderd met het aantal
                                ledigingen. Een lediging bedraagt:</al></li></lijst><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al> per 240 liter restafvalcontainer</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 5,70</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> per 140 liter restafvalcontainer</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 3,50</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> per lediging in een ondergrondse container</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 1,14</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet><onderstreept>Hoofdstuk II</onderstreept></vet><vet>
                            Reinigingsrechten</vet></al><lijst><li nr="2."><al>1 Het vastrecht voor 2015 is vastgesteld op <vet>€ 111,00 </vet>per
                                perceel.</al></li><li nr="2."><al>2 De belasting als bedoeld in lid 1 wordt vermeerderd met het aantal
                                ledigingen. Een lediging bedraagt:</al></li></lijst><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al> per 240 liter restafvalcontainer</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 5,70</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> per 140 liter restafvalcontainer</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 3,50</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> per lediging in een ondergrondse container</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>€ 1,14</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet><onderstreept>Hoofdstuk III</onderstreept></vet><vet> Overige
                            tarieven</vet></al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="10*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="78*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="12*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>3.1</al></entry><entry colname="col2"><al>Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk I en II van de
                                            tarieventabel bedraagt de belasting voor </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.1.1</al></entry><entry colname="col2"><al>het omwisselen of afleveren van extra containers per
                                            container</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 45,80</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.1.2</al></entry><entry colname="col2"><al>het terughalen van een uitgezette container</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 14,90</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.2</al></entry><entry colname="col2"><al>Indien de container wordt vervangen of opgehaald, omdat
                                            de oude container kapot of vermist is door plaatsing aan
                                            de openbare weg buiten de ledigingsdag wordt het in
                                            4.1.1 of 4.1.2 genoemde bedrag verhoogd met</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 45,80</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.3</al></entry><entry colname="col2"><al>Het uitgeven van een nieuw pasje voor de ondergrondse
                                            containers na verlies, diefstal of beschadiging van het
                                            oude pasje bedraagt:</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 20,10</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Behorende bij het raadsbesluit van 16 december 2014,</al><al>de griffier,</al><al>J.Vinke</al></bijlage></regeling></body></cvdr>