<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR350045_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening precariobelasting 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening precariobelasting 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-12-2014/18</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening precariobelasting 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Oost Gelre;</al><al>gezien het voorstel van het college van de gemeente Oost Gelre van 4
                        november 2014;</al><al>gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;</al><al>BESLUIT:</al><al>Vast te stellen de Verordening Precariobelasting 2015</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur, of een
                                gedeelte daarvan;</al></li><li nr="b."><al>week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen;</al></li><li nr="c."><al>maand: een kalendermaand;</al></li><li nr="d."><al>jaar: een kalenderjaar</al></li><li nr="e."><al>vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een
                                gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een
                                persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare
                                dienst bestemde gemeentegrond mag hebben.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake
                        van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst
                        bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening en de daarbij
                        behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De precariobelasting wordt geheven van degene die het voorwerp of de
                            voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp
                            of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentegrond aanwezig zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, indien de gemeente een
                            vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de
                            voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens
                            rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij
                            blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven
                            voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van:</al><lijst><li nr="a."><al>voorwerpen, indien de gemeente ter zake van het gebruik van de voor
                                de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de
                                voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van artikel 229,
                                eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een
                                privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen;</al></li><li nr="b."><al>voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom,
                                bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in
                                gebruik zijn bij een derde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De precariobelasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven
                        opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met
                        inachtneming van het overigens in deze verordening bepaalde.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Berekening van de precariobelasting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een
                            in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte
                            daarvan als een volle eenheid aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de
                            precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale
                            projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op
                            het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp
                            geplaatste denkbeeldige rechthoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het
                            voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst
                            bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de
                            precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning,
                            tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode
                            heeft voorgedaan. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij
                            het vijfde lid van overeenkomstige toepassing is.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende
                            tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de
                            voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van
                            de precariobelasting:</al><lijst><li nr="a."><al>indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een weektarief,
                                    maar geen dagtarief is opgenomen, een gedeelte van een week
                                    gelijkgesteld met een week;</al></li><li nr="b."><al>indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een
                                    maandtarief, maar geen dag- of weektarief is opgenomen, een
                                    gedeelte van een maand gelijkgesteld met een maand.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtarief, weektarief
                            of maandtarief is opgenomen en het belastingtijdvak een langere periode
                            dan een dag, onderscheidenlijk een week of een maand omvat, gelden deze
                            tarieven per dag, onderscheidenlijk week of maand van het
                            belastingtijdvak.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het
                            hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de
                            openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de
                            periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij
                            een kalenderjaaroverschrijdende geldigheidsduur van de vergunning het
                            belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het
                            belastingtijdvak de aaneengesloten periode gedurende welke het
                            belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De precariobelasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid wordt de voor een dag verschuldigde
                            precariobelasting geheven door middel van een mondelinge kennisgeving,
                            dan wel gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde
                            bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door
                            toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de
                            belastingschuldige bekendgemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de gevallen bedoeld in artikel 7, eerste lid, is de precariobelasting
                            verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later
                            is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt
                            is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor
                            zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde
                            belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht,
                            nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven
                            precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak
                            verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van
                            de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslag moet worden betaald binnen een maand na de dagtekening van
                            het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet
                            de precariobelasting worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in
                            artikel 8, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de
                                    kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van
                                    de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending ervan, binnen 14
                                    dagen na de dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De verordening precariobelasting 2014 van 25 februari 2014 wordt ingetrokken
                        met ingang van de in artikel 14, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien
                        verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich
                        voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></li></lijst><al><vet>Citeertitel</vet></al><al>Deze verordening wordt aangehaald als Verordening precariobelasting
                        2015.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van 16 december 2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de raadsgriffier,</ondertekening><ondertekening>J. Vink</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>A.H. Bronsvoort</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al/><al><vet>Tarieventabel behorende bij de Verordening precariobelasting
                        2015</vet></al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="9*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="77*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="13*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Omschrijving voorwerp</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1</al></entry><entry colname="col2"><al>Terrassen </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.1</al></entry><entry colname="col2"><al>Het tarief bedraagt voor voorwerpen onder, op of boven
                                            een terras per m² per jaar:</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 12,35</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>Standplaatsen</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.1</al></entry><entry colname="col2"><al>Het tarief bedraagt voor het innemen van een standplaats
                                            op gemeentegrond per dagdeel (4 uren) in Lichtenvoorde
                                            en Groenlo</al><al>Met een maximum van € 366,50 per jaar voor één wekelijks
                                            dagdeel</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9,15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.2</al></entry><entry colname="col2"><al>Het tarief bedraagt voor het innemen van een standplaats
                                            op gemeentegrond per dagdeel (4 uren) in Lievelde,
                                            Harreveld, Mariënvelde, Vragender, Zieuwent en
                                            Zwolle</al><al>Met een maximum van € 227,75 per jaar voor één wekelijks
                                            dagdeel</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5,70</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Behorend bij raadsbesluit van 16 december 2014,</al><al>de griffier,</al><al>J.Vinke</al></bijlage></regeling></body></cvdr>