<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR349662_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Oost Gelre</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oost Gelre</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.officiëlebekendmakingen.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-11-14</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-12-2014/12</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Oost Gelre</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                        commissieleden</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Oost Gelre;</al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        27 oktober 2014; gelet op de artikelen 95, 96, eerste en tweede
                        lid en 97 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23,
                        eerste lid, 27a, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders, en
                        de artikelen 4, 7a, vierde lid, 13, tweede lid, 14, eerste lid, [ en
                        <cursief>15,</cursief>] van het Rechtspositiebesluit raads- en
                        commissieleden;</al><al>gezien de circulaire van 27 juni 2014;</al><al>besluit vast te stellen de ‘verordening rechtspositie wethouders, raads-
                        en commissieleden’.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83
                                    of 84 van de Gemeentewet;</al></li><li nr="-"><al>commissielid: lid van een commissie, bedoeld in artikel 1,
                                    onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en
                                    commissieleden.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Voorzieningen voor raads- en commissieleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergoeding voor de werkzaamheden voor raadsleden</titel></kop><al>Van de vergoeding, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het
                            Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, wordt 20% uitgekeerd op
                            basis van het aantal bijgewoonde raadsvergaderingen afgezet tegen het
                            aantal gehouden vergaderingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de
                                vergaderingen van een commissie en haar subcommissies toegekend die
                                gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse
                                vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads-
                                en commissieleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een
                                commissie</al><lijst><li nr="a."><al>als raadslid of wethouder;</al></li><li nr="b."><al>uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een
                                        ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een
                                        functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege
                                        wordt gesubsidieerd;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op degene die
                                op grond van ‘verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                                commissieleden’ als commissielid een vaste vergoeding voor de
                                werkzaamheden als bedoeld inartikel 96, tweede lid van de
                                Gemeentewet ontvangt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid ontvangen de leden
                                van de bezwaarschiftencommissie gezien hun deskundigheid een
                                vergoeding. De voorzitter ontvangt € 300,- per vergadering en de
                                leden ontvangen € 200,- per vergadering.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid ontvangen de leden
                                van de monumentencommissie gezien hun deskundigheid een vergoeding
                                van € 83,- per vergadering.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als er voor andere commissies een vergoeding moet worden
                                vastgesteld, wordt de vergoeding bedoeld in artikel 96, tweede lid
                                van de Gemeentewet aangehouden (standaardbedrag).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Reis- en verblijfkosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan raadsleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis-
                                en verblijfkosten in verband met reizen buiten het grondgebied van
                                de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het
                                gemeentebestuur vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is:</al><lijst><li nr="a."><al>voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het
                                        overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling
                                        rechtspositie wethouders bepaalde;</al></li><li nr="b."><al>voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig
                                        in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling
                                        rechtspositie wethouders bepaalde. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag
                                vergoed.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die
                                zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als
                                rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die
                                grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze
                                gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze
                                verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Buitenlandse excursie of reis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad kan een delegatie uit de gemeenteraad of een
                                raadscommissie toestemming verlenen voor een excursie of reis naar
                                het buitenland als deze door of vanwege de gemeente wordt
                                georganiseerd. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden
                                verbinden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor
                                rekening van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Scholing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raads- of commissieleden die aan scholing als bedoeld in artikel 13,
                                eerste lid van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden
                                willen deelnemen, die niet door of namens de gemeente wordt
                                aangeboden of verzorgd, dienen daartoe vooraf een gemotiveerde
                                aanvraag in bij de griffier. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bedoeld in het eerste lid gaat vergezeld van
                                inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Kosten van scholing die wordt georganiseerd door de
                                beroepsvereniging van raadsleden of door de Vereniging van
                                Nederlandse Gemeenten komt altijd voor vergoeding door de gemeente
                                in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in het
                                eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gemeenteraad kan bij aparte verordening nadere regels stellen met
                                betrekking tot de maximale vergoeding.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening
                                worden ingediend komen niet voor vergoeding in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In voorkomende gevallen beslist de vergadering van
                                fractievoorzitters van alle in de raad vertegenwoordigde politieke
                                groeperingen (presidium).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Computer en internetverbinding (N.v.t.)</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Communicatiemiddelen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er wordt een mobile device ter beschikking gesteld in combinatie met
                                een data abonnement voor het gebruik van Notubox (i.v.m.
                                digitalisering vergaderstukken).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt een bruikleenovereenkomst vast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het raads- of commissielid ondertekent voor de bruikleen een
                                bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als
                            eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel
                            f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in
                            artikel 13a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Voorziening voor raadsleden met een functionele beperking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan aan een lid van de raad, met een naar het oordeel van
                                het presidium structurele functionele beperking, op aanvraag, aan
                                het raadswerk gerelateerde voorzieningen toekennen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder voorzieningen als bedoeld in het eerste lid worden uitsluitend
                                verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>Vervoersvoorzieningen die er toe strekken dat het raadslid,
                                        bedoeld in het eerste lid, raads- en commissie- en
                                        fractievergaderingen kan bijwonen;</al></li><li nr="b."><al>Intermediaire activiteiten ten behoeve van een raadslid van
                                        een visuele, auditieve of motorische handicap;</al></li><li nr="c."><al>Noodzakelijke persoonlijke ondersteuning bij het verrichten
                                        van het raadswerk, indien die ondersteuning een compensatie
                                        vormt voor zijn beperkingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Dit artikel is niet van toepassing op voorzieningen die op grond van
                                wettelijke regelingen kunnen worden toegekend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Voorzieningen voor wethouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Reiskosten woon-werkverkeer (N.v.t.)</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Zakelijke reiskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wethouders hebben recht op een vergoeding voor reis- en
                                verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt
                                overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van de Regeling
                                rechtspositie wethouders met uitzondering van km binnen de
                                gemeentegrens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen vergoed
                                als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze
                                verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Dienstauto </titel></kop><al>(N.v.t.)</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als de wethouders in het gemeentelijk belang een reis buiten
                                Nederland maken worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                reis- en verblijfkosten vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet
                                zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming
                                van het college vereist. De gemeenteraad kan aan deze toestemming
                                voorwaarden verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Scholing</titel></kop><al>-Het college kan voor de duur van de collegeperiode een scholingsplan
                            maken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Computer en internetverbinding </titel></kop><al>(N.v.t.)</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Communicatiemiddelen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er wordt een telefoon en een mobile device ter beschikking gesteld
                                in combinatie met een data abonnement voor het gebruik van Notubox
                                (i.v.m. digitalisering vergaderstukken).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt een bruikleenovereenkomst vast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het raads- of commissielid ondertekent voor de bruikleen een
                                bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Reis- en pensionkosten en verhuiskosten bij benoeming</titel></kop><al>De wethouders die bij benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente
                            beschikken hebben ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding
                            van:</al><lijst><li nr="a."><al>reis- en pensionkosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 1
                                    van de Regeling rechtspositie wethouders, en</al></li><li nr="b."><al>verhuiskosten in verband met de benoeming als wethouder
                                    overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 van de Regeling
                                    rechtspositie wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als
                            eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel
                            f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in
                            artikel 13a van het Rechtspositiebesluit wethouders. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>De procedure van declaratie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Betaling vaste vergoedingen</titel></kop><al>De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden, de bezoldiging voor
                            wethouders op grond van het Rechtspositiebesluit wethouders, de
                            onkostenvergoedingen en declaraties geschiedt maandelijks of in
                            maandelijkse termijnen als er sprake is van een vergoeding op jaarbasis
                            tenzij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, het
                            Rechtspositiebesluit wethouders of de Regeling rechtspositie wethouders
                            anders bepalen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Rechtstreekse facturering bij de gemeente</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raads- en commissieleden en wethouders dragen ten behoeven van het
                                vergoeden van kosten zorgen voor rechtstreekse toezending van de
                                factuur aan de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verantwoording van de vergoeding door het raadslid, het commissielid
                                respectievelijk de wethouder vindt plaats door een door het college
                                vastgesteld formulier volledig in te vullen en te ondertekenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Facturen komen alleen voor vergoeding in aanmerking als voldaan
                                wordt aan de bepalingen in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het formulier wordt ter goedkeuring ingediend bij de griffier,
                                respectievelijk de gemeentesecretaris, of een daartoe aangewezen
                                ambtenaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn
                                betaald en de vergoeding van reiskosten met de eigen auto vindt
                                plaats door gebruikmaking van een door het college vastgesteld
                                formulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het formulier wordt binnen drie maanden na de betaling cq de datum
                                van de gemaakte rit volledig ingevuld en ondertekend door het raads-
                                of het commissielid respectievelijk de wethouder en ter goedkeuring
                                ingediend bij de griffier, respectievelijk de gemeentesecretaris, of
                                een daartoe aangewezen ambtenaar, onder bijvoeging van de
                                bewijsstukken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Gebruik creditcard </titel></kop><al>(N.v.t.)</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Brutering vergoedingen</titel></kop><al>Als de gemeente toepassing geeft aan artikel 39c van de Wet op de
                            Loonbelasting 1964 zijn de artikelen 8 en 16 niet van toepassing en
                            worden artikel 16 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden
                            en artikel 29b van het Rechtspositiebesluit wethouders toegepast.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De regeling ‘voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden 2006’
                            wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie
                            wethouders, raads- en commissieleden. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en
                        wethouders op 7 oktober 2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De secretaris, </ondertekening><ondertekening>Mr J.J. Dijkman </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mr. A.H. Bronsvoort</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>en vastgesteld in de raadsvergadering van 16 december 2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>raadsgriffier,</ondertekening><ondertekening>J. Vinke</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>voorzitter,</ondertekening><ondertekening>A.H. Bronsvoort</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>