<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR349228_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Archiefverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Midden-Delfland</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-02-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Midden-Delfland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-83822.html">Gemeenteblad, 2014, 83822</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Archiefverordening van Midden-Delfland 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefwet 1995, art. 30, 32</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-02-08</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014-13-05g</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Regeling vervangt Archiefverordening Midden-Delfland 2005</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Archiefverordening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Midden-Delfland</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 november 2014, nr
                        2014-13-05 g;</al><al>gelet op artikelen 30, eerste lid en 32, tweede lid van de Archiefwet 1995
                        </al><al><vet>Besluit vast te stellen de navolgende:</vet></al><al>Verordening betreffende de zorg van burgemeester en wethouders voor de
                        archiefbescheiden van de gemeentelijke organen, het aanwijzen en het beheer
                        van de archiefbewaarplaats en het toezicht op het beheer van de
                        archiefbescheiden, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de
                        archiefbewaarplaats (Archiefverordening).</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt verstaan
                        onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>de wet:</cursief> de Archiefwet 1995;</al></li><li nr="b."><al><cursief>gemeentelijke organen: </cursief>de overheidsorganen,
                                bedoeld in artikel 1, onder b 1°, van de wet, voor zover behorende
                                tot de gemeente; </al></li><li nr="c."><al><cursief>de archiefbewaarplaats: </cursief>de overeenkomstig artikel
                                31 van de wet door burgemeester en wethouders aangewezen
                                archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="d."><al><cursief>de archivaris: </cursief>de overeenkomstig artikel 32 van
                                de wet benoemde gemeentearchivaris;</al></li><li nr="e."><al><cursief>beheerder:</cursief> degene die ingevolge artikel 3 is
                                belast met het beheer van de archiefbescheiden van de gemeentelijke
                                organen die niet zijn overgebracht naar een
                                archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="f."><al><cursief>beheereenheid:</cursief> een door burgemeester en
                                wethouders als zodanig aan te wijzen organisatie-onderdeel,
                                zelfstandig belast met de documentaire informatievoorziening;</al></li><li nr="g."><al><cursief>informatiesysteem:</cursief> systeem van documentatie,
                                procedures, apparatuur en programmatuur, met behulp waarvan
                                archiefbescheiden kunnen worden vervaardigd, bewerkt, verzonden,
                                ontvangen, bewaard, geordend en geraadpleegd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II.</nr><titel>De zorg van burgemeester en wethouders voor de archiefbescheiden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het inrichten en in stand houden
                        van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 31 van de wet, alsmede
                        voor voldoende en doelmatige archiefruimten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het aanwijzen van de
                        beheerder(s). </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de aanstelling van voldoende,
                        deskundig personeel voor de werkzaamheden verbonden aan het beheer van alle
                        gemeentelijke archiefbescheiden en documentaire verzamelingen, ongeacht hun
                        vorm.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat de vervaardiging
                                en de bewaring van de archiefbescheiden geschieden op zodanige
                                wijze, dat het behoud van deze bescheiden voldoende is gewaarborgd.
                            </al></li><li nr="2."><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de
                                vervaardiging van bescheiden bestemd voor een overheidsorgaan of
                                andere belanghebbende, van welke bescheiden redelijkerwijze kan
                                worden aangenomen dat zij voor dezen als archiefbescheiden voor
                                blijvende bewaring in aanmerking komen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat jaarlijks op de
                        gemeentebegroting voldoende middelen worden geraamd ter bestrijding van de
                        kosten die aan de zorg voor de archiefbescheiden zijn verbonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders stellen voor het beheer van de archiefbescheiden
                        van de gemeentelijke organen en voor het beheer van de archiefbewaarplaats
                        voorschriften vast. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders doen jaarlijks aan de raad verslag omtrent
                        hetgeen zij hebben verricht ter uitvoering van artikel 30 van de wet. Zij
                        leggen daarbij over de verslagen die door de archivaris aan hen zijn
                        uitgebracht in verband met het beheer van de archiefbewaarplaats en het
                        toezicht op het beheer van de archiefbescheiden die niet zijn overgebracht
                        naar de archiefbewaarplaats.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III.</nr><titel>Toezicht van de archivaris op het beheer van de archiefbescheiden welke niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>De archivaris is belast met het toezicht op het bij of krachtens de wet
                        bepaalde ten aanzien van het beheer van de archiefbescheiden die niet zijn
                        overgebracht naar een archiefbewaarplaats. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>De archivaris is bevoegd, ter uitoefening van het hem bij artikel 32, tweede
                        lid, van de wet opgedragen toezicht, zich onder handhaving van zijn
                        verantwoordelijkheid te doen vervangen door een of meer ambtenaren die in
                        het bezit zijn van een diploma archivistiek als bedoeld in artikel 22 van de
                        wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De beheerder verstrekt aan de archivaris of aan degene die namens
                                hem met het toezicht is belast, alle bescheiden en inlichtingen die
                                voor een goede vervulling van zijn taak noodzakelijk zijn en
                                verleent de nodige medewerking om inzicht te verschaffen in de
                                ordening en toegankelijkheid van de archiefbescheiden alsmede in de
                                opzet en werking van hulpmiddelen en systemen waarin
                                archiefbescheiden zijn opgenomen. </al></li><li nr="2."><al>De archivaris en degenen die hem in de uitoefening van het toezicht
                                vervangen of bijstaan, hebben met inachtneming van de voorschriften
                                ten aanzien van de beveiliging van geheimen, toegang tot de
                                archiefbescheiden en de ruimten waarin deze zich bevinden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al>De archivaris doet van zijn bevindingen bij de uitoefening van het toezicht
                        mededeling aan de beheerder alsmede, indien hij hiertoe aanleiding vindt,
                        aan burgemeester en wethouders. De archivaris geeft daarbij aan welke
                        voorzieningen naar zijn oordeel in het belang van een goed beheer moeten
                        worden getroffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al>De beheerder doet aan de archivaris tijdig mededeling van het voornemen om
                        aan burgemeester en wethouders een voorstel te doen tot:</al><lijst><li nr="a."><al>opheffing, samenvoeging of splitsing van een beheereenheid of
                                overdracht van één of meer taken aan een andere beheereenheid,
                                overheidsorgaan of rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>bouw, verbouwing, inrichting, of verandering van inrichting en
                                ingebruikneming van ruimten als archiefbewaarplaats respectievelijk
                                archiefruimte;</al></li><li nr="c."><al>verandering van de plaats van bewaring van niet naar de
                                archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden;</al></li><li nr="d."><al>ontwerp, vervanging, aanschaf of invoering van een
                                informatiesysteem;</al></li><li nr="e."><al>voorbereiding, invoering en wijziging van ordeningssystemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><al>De archivaris doet eenmaal per jaar verslag aan burgemeester en wethouders
                        betreffende de uitoefening van het toezicht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al>De Archiefverordening gemeente Midden-Delfland 2005 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerstvolgende dag na datum van
                        publicatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Archiefverordening van Midden-Delfland
                        2014.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 december 2014.</ondertekening><ondertekening>Arjan de Vos</ondertekening><ondertekening>griffier</ondertekening><ondertekening>Arnoud Rodenburg </ondertekening><ondertekening>voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><titel>Memorie van toelichting</titel></kop><al>Deze model Archiefverordening sluit aan bij de Archiefwet 1995 en het
                        Archiefbesluit 1995, en dient door de gemeenteraad te worden vastgesteld op
                        grond van de in de aanhef genoemde artikelen in de Archiefwet 1995.</al><al>Zij bestaat in hoofdzaak uit twee gedeelten, namelijk de regeling voor de
                        zorg, die het college van burgemeester en wethouders draagt voor de
                        archieven van de gemeentelijke organen en het toezicht op het bij of
                        krachtens de wet bepaalde ten aanzien van het beheer van de
                        archiefbescheiden, die niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. </al><al>Deze verordening is, evenals wet en besluit, niet alleen van toepassing op
                        klassieke, papieren archiefbescheiden, maar ook op moderne, digitale
                        informatiedragers.</al><al>Hoofdstuk II bevat een uitwerking van het begrip “zorg”, dat in de
                        Archiefwet 1995 niet wordt gedefinieerd. Wat voldoende en doelmatige
                        archiefruimten zijn (artikel 2), is geregeld in het Archiefbesluit 1995
                        respectievelijk in de Archiefregeling.</al><al>Hoofdstuk III is een uitwerking van het toezicht bedoeld in artikel 32,
                        tweede lid van de wet en is aangepast aan de op 1 oktober 2012 in werking
                        getreden Wet revitalisering generiek toezicht en de per die datum gewijzigde
                        Archiefwet. </al><divisie><kop><label>Artikelsgewijze toelichting </label></kop><al><vet>Artikel 1</vet></al><al>Begripsbepalingen zijn alleen uit de wet overgenomen als daaraan in deze
                        verordening een meer specifieke betekenis moest worden toegekend. </al><al>De in art. 1d bedoelde archivaris kan ook een streekarchivaris of
                        directeur-archivaris van een Regionaal Historisch Centrum zijn.</al><al/><al><vet>Artikel 2</vet></al><al>De Archiefregeling stelt op grond van artikel 13, vierde lid van het
                        Archiefbesluit 1995 vast, aan welke bouwkundige en inrichtingseisen de
                        archiefbewaarplaats en de archiefruimten moeten voldoen. </al><al/><al><vet>Artikel 3</vet></al><al>Het aanwijzen van de beheerder is opgenomen in de op grond van artikel 7 te
                        stellen voorschriften: het Besluit Informatiebeheer. </al><al/><al><vet>Artikel 5</vet></al><al>De Archiefregeling stelt op grond van artikel 11 tweede lid van het
                        Archiefbesluit 1995 nadere regels omtrent de kwaliteit van en de procedures
                        rond het materiële behoud van de daarvoor in aanmerking komende
                        archiefbescheiden. Artikel 11 van het Archiefbesluit 1995 kent de in dit
                        artikel bedoelde verplichting slechts ten behoeve van de interne stukken.
                        Uit overwegingen van behoorlijk bestuur en ter besparing van
                        conserveringskosten voor de overheid als geheel achten wij dit onjuist.
                        Daarom is in het tweede lid bepaald, dat ook de te verzenden stukken aan de
                        genoemde Regeling dienen te voldoen. De gemeente heeft als ontvanger van
                        door andere overheden opgemaakte stukken daarvan zelf ook profijt.</al><al/><al><vet>Artikel 7</vet></al><al>De bedoelde voorschriften zijn opgenomen in het Besluit Informatiebeheer. </al><al/><al><vet>Artikel 8</vet><vet> en artikel 14</vet></al><al> De gemeenteraad verneemt op deze manier jaarlijks wat er op het gebied van
                        de archiefzorg, het archiefbeheer en het toezicht daarop heeft
                        plaatsgevonden. Een jaarlijkse verslaglegging past bij het vernieuwde
                        interbestuurlijk toezicht.</al><al/><al><vet>Artikel 11</vet></al><al>De ontwikkelingen op het gebied van de moderne informatietechnologie hebben
                        in de wet geleid tot een gewijzigde definitie van de term
                        “archiefbescheiden”. De wetgever heeft – binnen de formele betekenis van het
                        begrip archiefbescheiden – bedoeld onder deze term alle op enigerlei wijze
                        vastgelegde informatie te begrijpen inclusief die welke slechts via
                        informatietechnologie opgevraagd kan worden.</al><al>Ondanks de ruimere betekenis van “archiefbescheiden” kan de materie veelal
                        met de traditionele bepalingen worden geregeld, zij het dat sommige
                        begrippen een andere, ruimere inhoud hebben gekregen. Dat heeft onder andere
                        gevolgen voor een term als “beheer”. Zo zal het voor het toezicht op het
                        beheer van machine leesbare gegevensbestanden niet meer voldoende zijn dat
                        toegang tot de ruimte is verzekerd. De formulering betreffende de
                        noodzakelijke medewerking is ontleend aan de artikelen 52 van de Algemene
                        wet inzake rijksbelastingen en 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht. </al><al/><al><vet>Artikel 13</vet></al><al>Slechts die aspecten van de uitoefening van het archiefbeheer zijn hier
                        vermeld, die bij constatering achteraf tot onevenredig hoge kosten zouden
                        kunnen leiden, of die ernstige schade voor het behoud dan wel de
                        openbaarheid van de archiefbescheiden en de rechtszekerheid van de burger
                        tot gevolg zouden hebben. </al><al/><al><vet>Artikel 1</vet><vet>4</vet></al><al>De verslaglegging door de archivaris is de basis voor de verantwoording van
                        burgemeester en wethouders aan de raad zoals bedoeld in artikel 8.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>