<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR349000_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Rozendaal 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rozendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-09-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rozendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2014-26</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art 95, 96, lid 1 en 2, 97 en 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Rechtspositiebesluit wethouders, 22, lid 1, 23, lid 1 en 27a, lid 5</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, art 4, 7a, lid 4, 13, lid 2 en 14, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-07-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Gewijzigde regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>wp14-47</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Rozendaal 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label/></kop><structuurtekst><al>De raad van de gemeente Rozendaal;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 december 2014, nr. wp14-47;Gelet op de artikelen 95,96, lid 1 en 2, 97 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, lid 1, 23, lid 1 en27a, lid 5 van het Rechtspositiebesluit wethouders en de artikelen 4, 7a, lid 4, 13, lid 2 en 14, lid 1 vanhet Rechtspositiebesluit raads - en commissieleden;</al><al/><al><vet>BESLUIT</vet></al><al/><al>vast te stellen de navolgende: <vet>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden </vet><vet>gemeente Rozendaal</vet><vet> 2014</vet></al><al/><al/><al><vet>HoofdstukIAlgemene Bepalingen</vet></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>ln deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>commissie: de vaste commissie van advies van de gemeente Rozendaal</al></li><li nr="-"><al>commissielid: lid van de commissie, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Voorzieningen voor raads- en commissieleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergoeding voor de werkzaamheden voor raadsleden</titel></kop><al>Aan een lid van de raad wordt een vergoeding voor de werkzaamheden en een onkostenvergoeding toegekend als bedoeld in artikel 2 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen</titel></kop><al>Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een</al><al>commissie toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde</al><al>bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Reis- en verblijfkosten</titel></kop><al>1.Aan raadsleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis- en verblijfkosten in</al><al>verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing</al><al>van het gemeentebestuur vergoed.</al><lijst><li nr="2."><al>De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is:</al><lijst><li nr="a."><al>voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel</al></li></lijst></li></lijst><al> c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde;</al><al>b.voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel a</al><al> en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde.</al><al>3.De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden</al><al>overeenkomstig de bepalingen in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Buitenlandse excursie of reis</titel></kop><al>1.De gemeenteraad kan een delegatie uit de gemeenteraad of een raadscommissie toestemming</al><al>verlenen voor een excursie of reis naar het buitenland als deze door of vanwege de gemeente</al><al>wordt georganiseerd. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden verbinden.</al><al>2.De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor rekening van de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Scholing</titel></kop><al>1.Raads- of commissieleden die aan scholing als bedoeld in artikel 13, eerste lid van het</al><al>Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden willen deelnemen, die niet door of namens de</al><al>gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag</al><al>in bij de griffier.</al><al>2.De aanvraag bedoeld in het eerste lid gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een</al><al>kostenspecificatie.</al><al>3.Kosten van scholing die wordt georganiseerd door de beroepsvereniging van raadsleden of</al><al>door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten komt altijd voor vergoeding door de</al><al>gemeente in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid.</al><al>4.De gemeenteraad kan bij aparte verordening nadere regels stellen met betrekking tot de</al><al>maximale vergoeding.</al><al>5.Aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening worden ingediend</al><al>komen niet voor vergoeding in aanmerking.</al><al>6.In voorkomende gevallen beslist het presidium.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Computer en internetverbinding</titel></kop><al>Raads- of commissieleden aan wie op verzoek een computer, bijbehorende apparatuur en software in</al><al>bruikleen ter beschikking wordt gesteld, ondertekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de</al><al>gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in</al><al>artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in</al><al>artikel 13a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Voorzieningen voor wethouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Zakelijke reiskosten</titel></kop><al>1.Wethouders hebben recht op een vergoeding voor reis- en verblijÍkosten voor reizen gemaakt</al><al>voor de uitoefening van het ambt overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van de Regeling</al><al>rechtspositie wethouders.</al><al>2.De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen vergoed als deze gedeclareerd</al><al>worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Buitenlandse dienstreis</titel></kop><al>1.Als de wethouders in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maken worden de in</al><al>redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten vergoed.</al><al>2.Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een</al><al>Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist. De gemeenteraad kan aan</al><al>deze toestemming voorwaarden verbinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Computer en internetverbinding</titel></kop><al>De wethouder aan wie op verzoek een computer, bijbehorende apparafuur en software in bruikleen</al><al>ter beschikking wordt gesteld, tekent hiervoor een bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Communicatieapparatuur</titel></kop><al>De wethouder aan wie communicatieapparatuur in bruikleen ter beschikking wordt gesteld tekent</al><al>hiervoor een bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in</al><al>artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in</al><al>artikel 28a van het Rechtspositiebesluit wethouders.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>De procedure van declaratie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Betaling vaste vergoedingen</titel></kop><al>De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden, de bezoldiging voor wethouders op grond van</al><al>het Rechtspositiebesluit wethouders, de onkostenvergoedingen en declaraties geschiedt maandelijks</al><al>of in maandelijkse termijnen als er sprake is van een vergoeding op jaarbasis tenzij het</al><al>Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, het Rechtspositiebesluit wethouders of de Regeling</al><al>rechtspositie wethouders anders bepalen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Rechtstreekse facturering bij de gemeente</titel></kop><al>1.Raads- en commissieleden en wethouders dragen ten behoeven van het vergoeden van kosten</al><al>zorg voor rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente.</al><al>2.Verantwoording van de vergoeding door het raadslid, het commissielid respectievelijk de</al><al>wethouder vindt plaats door een door het college vastgesteld formulier volledig in te vullen</al><al>en te ondertekenen.</al><al>3.Facturen komen alleen voor vergoeding in aanmerking als voldaan wordt aan de bepalingen</al><al>in deze verordening.</al><al>4.Het formulier wordt ter goedkeuring ingediend bij de griffier, respectievelijk de</al><al>gemeentesecretaris, of een daartoe aangewezen ambtenaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><al>1.De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn betaald en de vergoeding van</al><al>reiskosten met de eigen auto vindt plaats door gebruikmaking van een door het college</al><al>vastgesteld formulier.</al><al>2.Het formulier wordt binnen twee maanden na de betaling cq de datum van de gemaakte rit</al><al> ingevuld en ondertekend door het raads- of het commissielid respectievelijk de</al><al>wethouder en ter goedkeuring ingediend bij de griffier, respectievelijk de gemeentesecretaris,</al><al>of een daartoe aangewezen ambtenaar, onder bijvoeging van de bewijsstukken.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Brutering vergoedingen</titel></kop><al>AIs de gemeente toepassing geeft aan artikel 39c van de Wet op de Loonbelasting 1964 zijn de</al><al>artikelen 8 en 13 niet van toepassing en worden artikel 16 van het Rechtspositiebesluit raads- en</al><al>commissieleden en artikel 29b van het Rechtspositiebesluit wethouders toegepast.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden d.d. 22 september 2009 wordt</al><al>ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 juli 2014.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie wethouders, raads- en</al><al>commissieleden.</al><al>Aldus besloten in de openbare vergadering van</al><al>de gemeenteraad van Rozendaal d.d. 16 december 2014</al><al>de griffier de voorzitter</al><al>K.M. Schaap drs. J.H. K1ein Molekamp</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>