<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR348822_1</dcterms:identifier><dcterms:title>De raad van de gemeente Bladel;</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bladel</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-11-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bladel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-64568.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26dpr%3dAlle%26spd%3d20141222%26epd%3d20141222%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dBladel%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=5&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad, 19-11-2014, nr. 64568</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening welzijn gemeente Bladel 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=149">Gemeentewet, art. 149.</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005537&amp;artikel=4:21">Algemene wet bestuursrecht, titel 4.2.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-11-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-07-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R2014.061a</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt de Algemene subsidieverordening welzijn 2008</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>De raad van de gemeente Bladel;</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>gelezen het voorstel R2014.061 van burgemeester en wethouders van 9
                        september 2014;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>gelet op artikel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht,</al><al>besluit:</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>Algemene subsidieverordening welzijn gemeente Bladel 2014</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                        onder:</al><lijst><li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente Bladel;</al></li><li nr="b."><al>de raad: de gemeenteraad van de gemeente Bladel;</al></li><li nr="c."><al>subsidie: de aanspraak op financiële middelen, verstrekt met het oog
                                op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling
                                voor aan de gemeente geleverde diensten of goederen;</al></li><li nr="d."><al>begroting: de raming van inkomsten en uitgaven voor een jaar;</al></li><li nr="e."><al>subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten
                                hoogste beschikbaar is voor het verstrekken van subsidies krachtens
                                deze verordening;</al></li><li nr="f."><al>activiteitenprogramma: het door aanvrager opgestelde programma,
                                waarin de in het betrokken jaar uit te voeren activiteiten wordt
                                vermeld met de doelstelling, de te hanteren methoden en de benodigde
                                personele, materiële en organisatorische middelen;</al></li><li nr="g."><al>jaarverslag: het door de instelling vastgesteld inhoudelijk en
                                financieel verslag over een jaar;</al></li><li nr="h."><al>beleidskader: het Beleidskader Welzijn, Maatschappelijke
                                Ondersteuning en Zorg, zijnde het door de raad vast te stellen plan
                                als bedoeld in artikel 3, eerste lid van de Wet maatschappelijke
                                ondersteuning;</al></li><li nr="i."><al>jaarprogramma: het jaarlijks door het college vast te stellen
                                overzicht van voor subsidie in aanmerking te komen
                                activiteiten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door
                            het college op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, educatie,
                            recreatie, emancipatie, sport, cultuur en kunst, jeugd, ouderen en
                            mensen met een beperking, met uitzondering van subsidies waarvoor bij
                            afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen, en
                            subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid van de Algemene wet
                            bestuursrecht (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig
                            is).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is
                            kan het college bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van
                            toepassing is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Beleidsregels</titel></kop><al>Het college kan nadere beleidsregels vastleggen welke activiteiten in
                        aanmerking kunnen komen voor subsidie. Voor zover van toepassing, wordt
                        hierin tevens bepaald welke doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen,
                        hoe de subsidie wordt berekend en hoe de subsidiebedragen worden uitbetaald.
                    </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Vaststelling beleidskader, subsidieplafond en jaarprogramma</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt het beleidskader vast, in beginsel voor een periode van
                            vier jaar. Vaststelling vindt plaats, uiterlijk in de vergadering waarin
                            de begroting van de gemeente wordt vastgesteld voor het eerste jaar
                            waarvoor het beleidskader zal gelden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad stelt het subsidieplafond jaarlijks vast, uiterlijk in de
                            vergadering waarin de begroting van de gemeente wordt vastgesteld. De
                            raad kan meerdere subsidieplafonds vaststellen, waarmee een koppeling
                            gelegd wordt tussen een bepaald bedrag en een bepaald beleidsterrein of
                            cluster van activiteiten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt, rekening houdend met het beleidskader, het
                            subsidieplafond, en de vastgestelde begroting van de gemeente, het
                            jaarprogramma vast, uiterlijk vier weken na vaststelling van de
                            begroting van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor subsidieverlening wordt schriftelijk ingediend bij het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag legt de aanvrager een activiteitenprogramma over.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij een eerdere aanvraag voor dezelfde activiteiten een subsidie
                            hoger dan 500 euro is verstrekt, of indien een subsidie wordt
                            aangevraagd als bedoeld in artikel 6, tweede lid, dient de aanvrager
                            naast een activiteitenprogramma ook een begroting te overleggen. Deze
                            begroting bevat een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of
                            vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van
                            de stand van zaken daarvan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een rechtspersoon die voor de eerste maal een subsidie aanvraagt die per
                            kalenderjaar wordt verstrekt, voegt een exemplaar van de
                            oprichtingsakte, de statuten, alsmede van het jaarverslag, de
                            jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar toe aan de
                            aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In de beleidsregels kan van de voorgaande leden worden afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat andere gegevens moeten worden overlegd die
                            voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn, dan die genoemd zijn in
                            het tweede tot en met vijfde lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, wordt
                            ingediend uiterlijk 1 mei voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de
                            aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere aanvragen om subsidie worden ingediend tot acht weken voordat de
                            aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor de
                            subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de beleidsregels kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een instelling die het voornemen heeft om gedurende meerdere jaren
                            dezelfde of in hoofdzaak dezelfde activiteiten uit te voeren, kan
                            volstaan met één subsidieaanvraag voor de gehele looptijd van de
                            subsidieovereenkomst van het beleidskader. De aanvraag moet in dat geval
                            worden ingediend voor 1 mei voorafgaande aan het eerste jaar van de
                            periode waarvoor subsidie wordt aangevraagd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in
                            artikel 6, eerste lid, uiterlijk 31 december voorafgaande aan het jaar
                            waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in
                            artikel 6, tweede lid, binnen acht weken nadat de volledige aanvraag is
                            ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de beleidsregels kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Weigerings- en intrekkingsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene wet
                            bestuursrecht weigert het college de subsidie in ieder geval als de
                            Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het
                            Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de
                            interne markt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het vorige lid kan het college de subsidie verder in ieder
                            geval weigeren:</al><lijst><li nr="a."><al>als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende
                                    mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze
                                    onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar
                                    ingezetenen;</al></li><li nr="b."><al>in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van
                                    de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                    bestuur;</al></li><li nr="c."><al>als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor
                                    subsidie in aanmerking te komen;</al></li><li nr="d."><al>als de subsidieverstrekking in strijd is met een wettelijk
                                    voorschrift;</al></li><li nr="e."><al>als al een gemeentelijke subsidie voor de activiteiten is
                                    ontvangen;</al></li><li nr="f."><al>als de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende
                                    gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van
                                    derden kan of heeft kunnen beschikken om de kosten van de
                                    activiteiten te dekken;</al></li><li nr="g."><al>als de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd niet
                                    passen binnen de gemeentelijke beleidsdoelstellingen en het
                                    actuele beleidskader.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan een subsidie in ieder geval intrekken in het geval en
                            onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering
                            integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Bij de verleningsbeschikking wordt vermeld op welke wijze de
                        subsidie-ontvanger de besteding van de subsidie dient te verantwoorden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Algemene verplichtingen van subsidie-ontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de
                            subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat
                            niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal
                            worden voldaan, meldt de subsidie-ontvanger dat onverwijld aan het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidie-ontvanger informeert het college onverwijld schriftelijk
                            over:</al><lijst><li nr="a."><al>beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging
                                    van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot
                                    ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                    verhouding met derden;</al></li><li nr="c."><al>ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de
                                    subsidie verbonden verplichtingen niet of niet geheel zullen
                                    kunnen worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de
                                    gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of
                                    bestuurders en het doel van de rechtspersoon.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen worden
                            verbonden met betrekking tot het beheer en gebruik van hetgeen met de
                            subsidie tot stand is gebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij subsidies hoger dan 50.000 euro verleend voor activiteiten die meer
                            dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot
                            het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan
                            verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De
                            verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar
                            verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel><vet>Verantwoording subsidies tot 5.000 euro</vet></titel></kop><al>Subsidies tot 5.000 euro worden door het college direct vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel><vet>Verantwoording subsidies vanaf 5.000 tot 50.000
                            euro</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de subsidieverlening 5.000 euro bedraagt of hoger, maar
                                minder dan 50.000 euro, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot
                                subsidievaststelling in bij het college:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, eerste lid,
                                        uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het
                                        kalenderjaar;</al></li><li nr="b."><al>bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, tweede lid,
                                        uiterlijk dertien weken na het verricht zijn van de
                                        activiteiten.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De aanvraag tot subsidievaststelling bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten
                                        waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden
                                        uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                        jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een
                                        toelichting daarop.</al></li><li nr="d."><al>Het college kan verlangen dat ook andere, of minder dan, de
                                        in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de
                                        subsidievaststelling van belang zijn, worden overgelegd. Dit
                                        staat vermeld in de beschikking als bedoeld in artikel
                                        9.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip,
                                bedoeld in het eerste lid, is ingediend, kan het college de
                                subsidie-ontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de
                                aanvraag niet binnen deze termijn ingediend dan kunnen zij overgaan
                                tot ambtshalve vaststelling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel><vet>Verantwoording subsidies vanaf 50.000 euro</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de subsidieverlening 50.000 euro bedraagt of hoger, dient de
                                subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling in bij het
                                college:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, eerste lid,
                                        uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het
                                        kalenderjaar, waarvoor de subsidie is verleend;</al></li><li nr="b."><al>bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, tweede lid,
                                        uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de
                                        activiteiten.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De aanvraag tot subsidievaststelling bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten
                                        waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden
                                        uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                        jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een
                                        toelichting daarop;</al></li><li nr="d."><al>een accountantsverklaring.</al></li><li nr="e."><al>Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in
                                        dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de
                                        subsidievaststelling van belang zijn, worden overgelegd. Dit
                                        staat vermeld in de beschikking als bedoeld in artikel
                                        9.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip,
                                bedoeld in het eerste lid, is ingediend, kan het college de
                                subsidie-ontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de
                                aanvraag niet binnen deze termijn ingediend dan kunnen zij overgaan
                                tot ambtshalve vaststelling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel><vet>Vaststelling subsidies vanaf 5.000 euro</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, stelt het
                                college vóór 1 juli van het jaar volgend op het jaar waarop de
                                subsidieverlening betrekking heeft de subsidie definitief vast.</al></li><li nr="2."><al>Bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, tweede lid, stelt het
                                college binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag tot
                                subsidievaststelling de subsidie definitief vast.</al></li><li nr="3."><al>Indien uit de aard van de subsidie, dan wel de verantwoording
                                daarvan, volgt dat voor de beslissing op de vaststelling van de
                                subsidie een langere termijn nodig is dan de in het eerste lid
                                genoemde termijn, dan bericht het college de subsidieontvanger
                                daarvan zo spoedig mogelijk na ontvangst van de aanvraag tot
                                subsidievaststelling.</al></li><li nr="4."><al>Indien blijkt dat de verleende subsidie niet, of niet volledig,
                                overeenkomstig haar bestemming is gebruikt, of geheel of
                                gedeeltelijk aan de reserve is toegevoegd, kan het college besluiten
                                tot vaststelling op een ander bedrag dan het bedrag dat vermeld is
                                in de beschikking tot subsidieverlening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel><vet>Hardheidsclausule</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan deze verordening in individuele gevallen buiten
                                toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van
                                die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou
                                hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken
                                bepalingen te dienen doelen.</al></li><li nr="2."><al>Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en
                                hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel><vet>Slotbepalingen</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Algemene subsidieverordening welzijn 2008’ wordt
                                ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>Op aanvragen die zijn ingediend voor de datum van vaststelling van
                                deze verordening zijn de bepalingen van de ‘Algemene
                                subsidieverordening welzijn 2008’ van toepassing. </al></li><li nr="3."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening
                                gemeente Bladel 2014.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 6 november 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, </ondertekening><ondertekening>L.A.J. Dirks</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. A.H.J.M. Swachten</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>