<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR348524_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening cliëntenparticipatie Participatiewet, IOAW, IOAZ Bloemendaal 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-12-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zoek.Officielebekendmakingen.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening cliëntenparticipatie Participatiewet, IOAW, IOAZ Bloemendaal 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 147, eerste lid, Gemeentewet, artikel 47 van de Participatiewet en artikel 42 IOAW en IOAZ</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014063026</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening cliëntenparticipatie Participatiewet, IOAW, IOAZ Bloemendaal
            2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Bloemendaal;</al><al>gelezen het voorstel van het college van 7 oktober 2014;</al><al>gelet op artikel 147, eerste lid, Gemeentewet, artikel 47 van de
                        Participatiewet en artikel 42 IOAW en IOAZ;</al><al>gezien het advies van de Commissie Samenleving van 12 november 2014;</al><al>overwegende dat het noodzakelijk is de wijze waarop personen betrokken
                        worden bij de uitvoering van de wet bij verordening te regelen;</al><al>besluit</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>Verordening cliëntenparticipatie Participatiewet, IOAW, IOAZ
                            Bloemendaal 2015</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Deze verordening verstaat onder:</al><al>a. cliënten: personen die een uitkering ontvangen op grond van de wet
                            dan wel op grond van het minimabeleid van de gemeenten;</al><al>b. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                            Bloemendaal;</al><al>c. IASZ: Intergemeentelijke afdeling sociale zaken;</al><al>d. gemeenten: de gemeenten Bloemendaal, Haarlemmerliede en Spaarnwoude
                            en Bloemendaal;</al><al>e. gemeenteraden: de gemeenteraden van Bloemendaal, Haarlemmerliede en
                            Spaarnwoude en Bloemendaal;</al><al>f. gemeenschappelijke regeling: de Gemeenschappelijke regeling
                            Samenwerking Sociale Zaken;</al><al>g. vertegenwoordigers: vertegenwoordigers van belangenorganisaties van
                            cliënten;</al><al>h. wet: de Participatiewet of de Wet Inkomensvoorziening Oudere en
                            gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of de Wet
                            inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
                            zelfstandigen (IOAZ).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alle begrippen uit de wet, die ook in deze verordening voorkomen en niet
                            in het eerste lid van dit artikel genoemd zijn, hebben dezelfde
                            betekenis als bepaald in de wet.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Cliëntenraad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt de cliëntenraad voor de cliëntenparticipatie binnen de
                            gemeenten van de IASZ in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De cliëntenraad heeft tot doel de communicatie te bevorderen tussen de
                            IASZ en haar cliënten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De cliëntenraad heeft tot taak het college gevraagd en ongevraagd te
                            adviseren over de dienstverlening en de beleidsterreinen die direct
                            verband houden met of verwant zijn aan de wet.</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De cliëntenraad adviseert niet over individuele zaken of klachten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Benoeming en ontslag leden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college (her)benoemt de leden van de cliëntenraad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De zittingsduur van de leden is behoudens tussentijds aftreden in
                            beginsel maximaal 4 jaar, met een mogelijkheid van herbenoeming voor
                            maximaal 4 jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het lidmaatschap van de cliëntenraad wordt in principe beëindigd na
                            afloop van decliëntrelatie, maar kan met maximaal een jaar worden
                            voortgezet zolang nog niet in vervanging is voorzien.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het lidmaatschap eindigt met onmiddellijke ingang op het moment dat het
                            lid daar zelf schriftelijk om verzoekt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De benoeming ter voorziening in een tussentijdse vacature geschiedt bij
                            voorkeur binnen 2 maanden na het ontstaan van de vacature.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Leden van het cliëntenraad kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam
                            zijn onder verantwoordelijkheid van bestuursorganen van de gemeenten. Op
                            het moment dat een lid onderdeel gaat uitmaken van of begint met het
                            verrichten van werkzaamheden onder verantwoordelijkheid van een
                            bestuursorgaan van de gemeenten eindigt zijn lidmaatschap van de
                            cliëntenraad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De cliëntenraad vormt zoveel mogelijk een afspiegeling van het
                            cliëntenbestand van de gemeenten en bestaat uit minimaal 4 leden en
                            maximaal 12 leden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de cliëntenraad zijn qua leeftijd en diversiteit zoveel
                            mogelijk een afspiegeling van de samenleving binnen het IASZ-gebied. Het
                            college streeft ernaar ook jongeren of hun vertegenwoordigers zitting te
                            laten nemen in de cliëntenraad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De cliëntenraad benoemt uit zijn midden een voorzitter, een secretaris
                            en een penningmeester.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Om te kunnen voldoen aan het in artikel 3, eerste lid gestelde wordt de
                            cliëntenraad door de IASZ tijdig van tevoren geïnformeerd en/of om
                            advies gevraagd.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid mag zowel mondeling als schriftelijk bij de voorzitter van de
                            cliëntenraad voorstellen indienen.</al><al/></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De cliëntenraad vergadert in beginsel 6 keer per jaar.</al><al/></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vergaderingen van de cliëntenraad worden in het openbaar
                            gehouden.</al><al/></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien over personen wordt beraadslaagd of over zaken waaromtrent een
                            meerderheid van de aanwezig leden van de cliëntenraad dat wenst, wordt
                            een besloten vergadering gehouden. In dat geval zijn de
                            geheimhoudingsregels van de Gemeentewet van toepassing.</al><al/></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De voorzitter draagt er zorg voor dat de oproepingen, spoedeisende zaken
                            uitgezonderd, ten minste 10 dagen voor de te houden vergaderingen worden
                            verzonden. Indien er sprake is van een spoedeisende zaak zal de
                            voorzitter de leden inhoudelijk de argumenten betreffende het
                            spoedeisende karakter mededelen.</al><al/></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De oproeping vermeldt plaats, datum en uur van de vergadering alsmede de
                            agenda.</al><al/></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Tijdens de vergadering wordt geen besluit genomen als daarvoor niet ten
                            minste de helft van het aantal zitting hebbende leden is opgekomen.</al><al/></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Op verzoek van de voorzitter dan wel ten minste 1/3 deel van de leden
                            kunnen leden van de colleges van de gemeenten, de gemeenteraadsleden van
                            de gemeenten, functionarissen in dienst van de gemeenten en of andere
                            deskundigen worden uitgenodigd voor het bijwonen van een vergadering of
                            delen daarvan, hetzij bij de behandeling van bepaalde onderwerpen.</al><al/></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Een besluitenlijst van de vergadering wordt binnen 2 weken na de
                            vergadering verspreid. De notulen worden gelijktijdig met de oproepingen
                            10 dagen voor de te houden vergadering samen met de agenda toegestuurd.
                            In de vergadering worden deze vastgesteld.</al><al/></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al> De cliëntenraad brengt over de werkzaamheden jaarlijks een verslag uit
                            binnen 4 maanden na het einde van het kalenderjaar waar het verslag
                            betrekking op heeft. Dit verslag wordt ter kennis gebracht aan de
                            colleges, de gemeenteraden en raadscommissies van de gemeenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Faciliteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verschaft de cliëntenraad de fysieke faciliteiten die nodig
                            zijn voor de uitoefening van haar taak. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De cliëntenraad kan wanneer er middelen nodig zijn voor
                            deskundigheidsbevordering een verzoek doen bij het college. Het college
                            zal beoordelen of dit verzoek redelijk is. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de cliëntenraad ontvangen een onkostenvergoeding per
                            bijgewoonde vergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De hoogte van de onkostenvergoeding bedraagt € 28,- en wordt jaarlijks
                            geïndexeerd met het prijsindexcijfer voor de gezinsconsumptie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Intrekken oude verordening</titel></kop><al>De Verordening cliëntenparticipatie WWB Bloemendaal 2012, zoals vastgesteld
                        door de raad op 26 januari 2012, wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking per 1 januari 2015. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening cliëntenparticipatie
                        Participatiewet, IOAW, IOAZ Bloemendaal 2015 .</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad der gemeente Bloemendaal,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 27 november 2014.</ondertekening><ondertekening> , voorzitter</ondertekening><ondertekening> , griffier</ondertekening><ondertekening>Gepubliceerd: </ondertekening><ondertekening>Datum inwerkingtreding : 1 januari 2015 </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><tussenkop>Toelichting op de Verordening cliëntenparticipatie Participatiewet, IOAW,
                    IOAZ Bloemendaal 2015</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>De wettelijke basis voor de verordening is te vinden in de Gemeentewet, de
                    Participatiewet, IOAW, IOAZ.</al><al>Het betreft hier de volgende artikelen:</al><tussenkop>Gemeentewet, artikel 150:</tussenkop><al>De raad stelt een verordening vast waarin regels worden gesteld met betrekking
                    tot de wijze waarop ingezetenen en belanghebbende bij de voorbereiding van
                    gemeentelijke beleid worden betrokken.</al><al>Dit biedt een algemene basis voor cliëntenparticipatie bij gemeenten.</al><tussenkop>Participatiewet, artikel 47:</tussenkop><al>De raad stelt bij verordening regels over de wijze waarop de personen, bedoeld
                    in artikel 7, eerste lid, </al><al>of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij de uitvoering van deze wet,
                    waarbij in ieder geval wordt geregeld de wijze waarop deze personen of hun
                    vertegenwoordigers:</al><lijst><li nr="a."><al>vroegtijdig in staat worden gesteld gevraagd en ongevraagd advies uit te
                            brengen bij de besluitvorming over verordeningen en
                            beleidsvoorstellen;</al></li><li nr="b."><al>worden voorzien van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen
                            vervullen;</al></li><li nr="c."><al>deel kunnen nemen aan periodiek overleg;</al></li><li nr="d."><al>onderwerpen voor de agenda van dit overleg kunnen aanmelden;</al></li><li nr="e."><al>worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg
                            benodigde informatie.</al></li></lijst><tussenkop>IOAW en IOAZ, artikel 42:</tussenkop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de realisatie en vormgeving van
                    cliëntenparticipatie bij de uitvoering van de wet, met inachtneming van artikel
                    150 van de Gemeentewet.</al><tussenkop>Artikelsgewijs</tussenkop><tussenkop>Artikel 2 Cliëntenraad</tussenkop><al>In het eerste lid wordt aangegeven dat de cliëntenraad voor de gemeenten van de
                    IASZ voortkomt uit </al><al>de wens om de cliëntenparticipatie voor alle gemeenten goed geregeld te hebben. </al><al>In het tweede lid volgt de doelstelling: Met één cliëntenraad voor alle
                    gemeenten kan ervoor gezorgd worden dat de communicatie tussen de IASZ en de
                    cliënten verbeterd wordt. </al><al>Voor de IASZ betekent dat het vergroten van het inzicht in de beleving en
                    ervaring van haar cliënten over de dienstverlening van de IASZ en de kwaliteit
                    van zijn producten; </al><al>voor de cliëntenraad betekent dat reageren op en adviseren over de
                    dienstverlening enproducten van de IASZ.</al><al/><tussenkop>Artikel 3 Taak</tussenkop><al>De advisering strekt zich uit tot de dienstverlening, de beleidsterreinen die
                    direct verband houden met de Participatiewet, Ioaw en Ioaz en die daaraan
                    verwant zijn voor zover zij althans de cliënten direct aangaan (zoals het
                    minimabeleid). Het is niet de bedoeling dat de leden zich gaan bezighouden met
                    bijvoorbeeld interne, organisatorische zaken. Beleidsterreinen buiten de
                    Participatiewet om, maar die wel de positie van de cliënt kunnen beïnvloeden
                    (bijvoorbeeld de Wmo) vallen buiten de reikwijdte van de gevraagde
                    advisering.</al><al>Het is verder niet de bedoeling dat de cliëntenraad adviseert over individuele
                    zaken en klachten. Wel kunnen meerdere klachten over hetzelfde onderwerp leiden
                    tot een opmerking ter verbetering van de dienstverlening.</al><al/><tussenkop>Artikel 4 Benoeming en ontslag leden</tussenkop><al>Omwille van de werkbaarheid zal het college van de gemeente Bloemendaal
                    optredend namens alle gemeenten, de leden van de cliëntenraad benoemen. Het
                    streven is om voor alle gemeenten een vertegenwoordiger in de cliëntenraad te
                    benoemen. Omdat getracht wordt om voor alle gemeenten hetzelfde beleid te
                    voeren, zullen de beleidsstukken waarover geadviseerd wordt voor alle gemeenten
                    gelden. Hieraan doe niet af dat de diverse gemeenteraden vervolgens wel de
                    mogelijkheid hebben om af te wijken.</al><al>De zittingsduur van de leden wordt in principe in tijd beperkt om een zekere
                    doorstroming binnen de cliëntenraad te bewerkstelligen. Wel is er een
                    mogelijkheid tot herbenoeming.</al><al>Het lidmaatschap wordt in principe beëindigd na afloop van de cliëntrelatie en
                    bij (tussentijds) schriftelijk opzeggen. </al><al/><tussenkop>Artikel 5 Samenstelling</tussenkop><al>De omvang en samenstelling van de cliëntenraad zal vooral bepaald worden door
                    het aantal kandidaten dat zich aanmeldt. Gelet op de wens om een gelijke
                    verhouding van vertegenwoordigers en cliënten te hebben bestaat een cliëntenraad
                    uit minimaal 4 leden en maximaal 12 leden.</al><al/><tussenkop>Artikel 6 Werkwijze</tussenkop><al>De gemeenten zijn er geen voorstander van dat de cliëntenraad pas participeert
                    nadat het beleid is uitgewerkt en het college besloten heeft. Dan zou de
                    participerende cliënt uitsluitend via het spreekrecht bij de raadscommissie nog
                    invloed kunnen uitoefenen. De gemeenten kiezen ervoor dat de cliëntenraad tijdig
                    in het beleidsproces wordt betrokken, voordat de colleges van de gemeenten zich
                    hierover hebben uitgesproken. De vergaderingen van de cliëntenraad kunnen dan
                    ook een informerend karakter hebben voor wat betreft beleidsvoornemens of
                    wijzigingen, zodat in dat stadium al meegedacht kan worden. </al><al>Het ambtelijke stuk zal daarna eerst wordt besproken met het hoofd van de IASZ,
                    alvorens hierover een officieel advies te vragen aan de cliëntenraad. De
                    advisering kan overigens ook ongevraagd geschieden.</al><al>Dit artikel beschrijft ook de frequentie van het aantal vergaderingen van de
                    cliëntenraad. Als er geen bespreekpunten zijn zal de frequentie minder zijn. Als
                    vanwege de voortgang van beleidsstukken frequenter overleg noodzakelijk is moet
                    dit mogelijk zijn.</al><al>De wijze van het uitschrijven van de vergadering is bij de voorzitter van de
                    cliëntenraad neergelegd die vanuit zijn verantwoordelijkheid deze taak op zich
                    neemt.</al><al>Vanuit de IASZ zal altijd een ambtelijk vertegenwoordiger uit de staf bij de
                    vergaderingen zijn, m.u.v. de besloten bijeenkomsten.</al><al/><tussenkop>Artikel 7 Faciliteiten</tussenkop><al>De cliëntenraad kan niet functioneren als deze niet beschikt over
                    vergaderfaciliteiten. Die worden dan ook aangeboden. Tevens zal hij in de
                    gelegenheid gesteld moeten worden om gebruik te maken van de repro-faciliteiten. </al><al>De leden van de cliëntenraad ontvangen ook een onkostenvergoeding per
                    bijgewoonde vergadering van € 28,-. Deze vergoeding wordt jaarlijks
                    geïndexeerd.</al><al>Het toekennen van een onkostenvergoeding heeft behalve een materiële ook een
                    symbolische waarde: er wordt duidelijk gemaakt dat cliëntenparticipatie serieus
                    wordt genomen. Daarbij moeten deze vergoedingen gekwalificeerd worden als
                    onkostenvergoeding. Onkostenvergoedingen vormen namelijk geen inkomsten die in
                    mindering gebracht dienen te worden op de uitkering. Aantoonbare meerkosten
                    komen binnen redelijke grenzen ook voor vergoeding in aanmerking, zoals de
                    telefoonkosten verbonden aan het telefoonnummer van de cliëntenraad.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>