<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR348275_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Commissieverordening na derde wijziging geconsolideerd</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Utrechtse Heuvelrug</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Utrechtse Heuvelrug</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentenieuws, 24-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Commissieverordening na derde wijziging geconsolideerd</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 82</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Commissieverordening na derde wijziging geconsolideerd</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Behoort bij raadsvoorstel 2010-003, Titel: Vaststelling Reglement van Orde
                        voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad en
                        Verordening op de raadscommissies</al><al>en bij raadsvoorstel 2011-147, Titel: Voorkomen doublure spreekrecht bij
                        commissie en raad</al><al>en bij raadsvoorstel 2012-350, Titel: Tweede wijzigingsverordening op de
                        verordening op de raadscommissies 2010</al><al>De raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug;</al><al>Gelet op artikel 82 Gemeentewet;</al><al><vet><onderstreept>HEEFT BESLOTEN</onderstreept></vet></al><al>Vast te stellen de volgende verordening op de raadscommissies: </al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel><vet>Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen</vet></titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>lid: lid of plaatsvervangend lid van een raadscommissie;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="d."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie;</al></li><li nr="e."><al>fractie: de leden van de raad die door het centraal stembureau
                                    op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, zoals
                                    omschreven in artikel 6 Reglement van Orde voor de vergaderingen
                                    en andere werkzaamheden van de gemeenteraad en de op grond van
                                    artikel lid 4 aangewezen niet-raadsleden;</al></li><li nr="f."><al>zenden: het, via mail of post, doen toekomen van stukken of het
                                    doen toekomen van een link die het inzien van stukken via de
                                    gemeentelijke website mogelijk maakt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2: Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikel 2 Instelling raadscommissies</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt de volgende raadscommissies in:</al><lijst><li nr="a."><al>Bestuur en Middelen;</al></li><li nr="b."><al>Samenleving;</al></li><li nr="c."><al>Ruimte.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De raadscommissie Bestuur en Middelen adviseert en overlegt over
                                    onder meer de</al></li></lijst><al>volgende onderwerpen: </al><al>algemene zaken, bestuurlijke informatievoorziening, regionale
                            samenwerking, openbare orde en veiligheid, financiën,
                            communicatiebeleid, gemeentelijke dienstverlening en economische
                            zaken.</al><al>3.De raadscommissie Samenleving adviseert en overlegt over onder meer de
                            volgende onderwerpen:</al><al>burgerzaken, voorzieningenniveau, sociale zaken, samenlevingszaken,
                            welzijn, onderwijs en sport</al><al>4.De raadscommissie Ruimte adviseert en overlegt over onder meer de
                            volgende onderwerpen:</al><al>ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, natuur en milieu, verkeer en
                            vervoer, beheer openbare ruimte, bouwen en wonen en overige
                            grondgebiedzaken.</al><lijst><li nr="5."><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                    onderwerp besproken in de raadscommissie die het onderwerp het
                                    meest aangaat. In bijzondere gevallen kan de gemeenteraad
                                    besluiten dat een gezamenlijke vergadering van de
                                    raadscommissies wordt belegd.</al></li><li nr="6."><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                    belegd, wijst de agendacommissie, zoals genoemd in artikel 4
                                    reglement van Orde voor de raad, de voorzitter aan.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 3 Taken </vet></al><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken: </al><lijst><li nr="a."><al>het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of
                                    onderwerp dat betrekking heeft op de in artikel 2, tweede, derde
                                    en vierde lid, bedoelde onderwerpen;</al></li><li nr="b."><al>het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;
                                </al></li><li nr="c."><al>het voeren van overleg met het college of de burgemeester over
                                    in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte
                                    inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de in
                                    artikel 2, tweede lid, derde en vierde lid, genoemde
                                            <vet><cursief>/ </cursief></vet>bedoelde
                                    onderwerpen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 4 Samenstelling </vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissies Bestuur en Middelen en Samenleving bestaan
                                    uit ten minste één en maximaal twee leden per fractie en de
                                    raadscommissie Ruimte bestaat uit ten minste één en maximaal
                                    drie leden per fractie. Per agendapunt voert slechts één lid
                                    namens een fractie het woord.</al></li><li nr="2."><al>Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen
                                    10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige
                                    toepassing op een lid van een raadscommissie. Niet-raadsleden
                                    leggen in handen van de voorzitter van de raad de eed of
                                    verklaring en belofte af, conform artikel 14 van de Gemeentewet.
                                </al></li><li nr="3."><al>De in het tweede lid genoemde leden worden op voordracht van de
                                    fractie door de raad als commmissielid benoemd en
                                    ontslagen.</al></li><li nr="4."><al>Iedere fractie kan in totaal maximaal drie niet-raadsleden als
                                    commissieleden voordragen. De fracties met één zetel in de raad
                                    kunnen maximaal vier niet-raadsleden voordragen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 5 Voorzitter</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit
                                    zijn midden benoemd.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al></li></lijst></li></lijst><al><vet>Artikel 6 Zittingsduur en vacatures</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en zijn
                                    plaatsvervanger eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                    zittingsperiode van de raad.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.</al></li><li nr="3."><al>Een lid, de voorzitter en zijn plaatsvervanger kunnen te allen
                                    tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling
                                    aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke
                                    mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></li><li nr="4."><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist
                                    de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met
                                    inachtneming van artikel 4 en 5.</al></li><li nr="5."><al>Indien een fractie niet langer vertegenwoordigd is in de raad,
                                    vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die
                                    fractie is benoemd, van rechtswege.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 7 Commissiegriffier</vet></al><al>In iedere vergadering is een commissiegriffier aanwezig die de
                            raadscommissie ondersteunt. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3: Aanwezigheid college</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikel 8Burgemeester en wethouders</vet></al><al>Het college is aanwezig voor het geven van een toelichting op zijn
                            voorstellen of notities en voor het beantwoorden van vragen. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4: Vergaderingen</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen</vet></al><al><vet>Artikel 9 Vergaderfrequentie</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt voor de commissies een vergaderschema vast. De
                                    vergaderingen van de raadscommissies vangen aan om 19.30 uur ,
                                    eindigen om 23.00 uur en vinden plaats in de raadzaal van het
                                    Cultuurhuis. Als de agenda niet om 23.00 uur is afgerond,
                                    bepaalt de commissie op voorstel van de voorzitter de dag en het
                                    tijdstip waarop de vergadering wordt voortgezet.</al></li><li nr="2."><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                    nodig oordeelt of indien tenminste</al></li></lijst><al> twee fracties schriftelijk met opgaaf van redenen daarom
                            verzoeken.</al><al>3.De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of aanvangsuur
                            bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover
                            overleg met de commissiegriffier.</al><al><vet>Artikel 10 Oproep</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadsvoorstellen en andere stukken worden zo spoedig
                                    mogelijk, maar uiterlijk tien dagen voor een vergadering, op de
                                    website van de gemeente geplaatst.</al></li><li nr="2."><al>Na vaststelling van de agenda’s door de gemeenteraad, op
                                    voordracht van de agendacommisie, zendt de voorzitter de leden
                                    een oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de
                                    plaats van de vergadering.</al></li><li nr="3."><al>De agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van
                                    de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet
                                    bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de oproep aan de
                                    leden gezonden.</al></li><li nr="4."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                    artikel 11, eerste lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                    voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk
                                    48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden
                                    gezonden</al></li></lijst><al><vet>Artikel 11 De agenda</vet></al><lijst><li nr="1."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    de oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
                                    vergadering een aanvullende agenda opstellen.</al></li><li nr="2."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                    vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                    raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan
                                    de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende
                                    voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college
                                    of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De
                                    raadscommissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of
                                    voorstel opnieuw geagendeerd wordt.</al></li><li nr="4."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.</al></li></lijst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="50*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Artikel 12 &amp; 13 oude tekst</al></entry><entry colname="col2"><al>Artikel 12 &amp; 13 voorgestelde nieuwe tekst </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 12 Publicatie van stukken </al><al>1.Stukken als bedoeld in artikel 10 worden
                                                gelijktijdig met het verzenden van de oproep voor
                                                een ieder op het gemeentehuis en in openbare
                                                gebouwen in de dorpen ter inzage gelegd en op de
                                                website van de gemeente gepubliceerd. De voorzitter
                                                maakt van de terinzagelegging melding in de openbare
                                                kennisgeving bedoeld in artikel 13. Indien na het
                                                verzenden van de oproep stukken ter inzage worden
                                                gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden
                                                van de raad en zo mogelijk in een openbare
                                                kennisgeving.</al><al>2.Indien omtrent stukken op grond van artikel 25,
                                                eerste of tweede lid, van de Gemeentewet
                                                geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in
                                                afwijking van het eerste lid, in beheer van de
                                                griffier en verleent de griffier de leden van de
                                                raad en commissies inzage.</al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Artikel 12 Publicatie van stukken </vet></al><al>1.Stukken als bedoeld in artikel 10 worden op de
                                                website van de gemeente gepubliceerd. </al><al>2.Bij deze publicatie wordt vermeld:</al><al>a.de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al><al>b.de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                                kan inzien;</al><al>c.de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 16.</al><al>3.Indien na het verzenden van de oproep stukken
                                                worden gepubliceerd, wordt hiervan mededeling gedaan
                                                aan de leden van de raad en zo mogelijk in een
                                                openbare kennisgeving.</al><al>4.Indien omtrent stukken op grond van artikel 25,
                                                eerste of tweede lid, van de Gemeentewet
                                                geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in
                                                afwijking van het eerste lid, in beheer van de
                                                griffier en verleent de griffier de leden van de
                                                raad en commissies inzage.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 13 Openbare kennisgeving</vet></al><al>1.De vergadering wordt door aankondiging in één of
                                                meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen of in het
                                                gemeentelijk informatieblad of op de voor
                                                afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en
                                                door plaatsing op de website van de gemeente ter
                                                openbare kennis gebracht.</al><al>2.De openbare kennisgeving vermeldt:</al><al>a.de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al><al>b.de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                                kan inzien;</al><al>c.de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 16.</al></entry><entry colname="col2"><al>Artikel 13</al><al>(vervallen)</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Paragraaf 2 Orde der vergadering</vet></al><al><vet>Artikel 14 Presentielijst</vet></al><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid onmiddellijk de
                            presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door
                            de voorzitter en de commissiegriffier door ondertekening
                            vastgesteld.</al><al><vet>Artikel 15 Opening vergadering; quorum</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                    indien meer dan de helft van het aantal fracties aanwezig
                                    is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                    vereiste aantal fracties aanwezig is, bepaalt de voorzitter
                                    onder verwijzing naar dit artikel, dag en uur van de volgende
                                    vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na
                                    het bezorgen van de oproep is gelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid
                                    niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere
                                    aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien
                                    blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal
                                    fracties aanwezig is.</al></li></lijst><al>Artikel 16 Spreekrecht voor niet-leden, niet zijnde wethouders</al><lijst><li nr="1."><al>Na de opening van de vergadering kunnen niet-leden, niet zijnde
                                    wethouders gezamenlijk gedurende circa dertig minuten het woord
                                    voeren over niet-geagendeerde onderwerpen die behoren tot het
                                    werkterrein van de commissie.</al></li><li nr="2."><al>Voorafgaand aan het betreffende agendapunt kunnen niet-leden,
                                    niet zijnde wethouders, gedurende maximaal vijf minuten per
                                    persoon het woord voeren over het betreffende
                                    agendapunt<sup>5</sup>. </al></li><li nr="3."><al>Het woord kan niet gevoerd worden:</al><lijst><li nr="a."><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                            bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                            opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                            van personen;</al></li><li nr="c."><al>indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                            bestuursrecht kan of kon worden ingediend;</al></li><li nr="d."><al>over raadsvoorstellen, waarover de raad of een commissie
                                            van de raad een hoorzitting heeft gehouden – of in een
                                            andere vorm gelegenheid heeft gegeven tot spreken –
                                            minder dan twee maanden voorafgaand aan de
                                            vergadering.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit voor
                                    de vergadering aan de commissiegriffier. Hij vermeldt daarbij
                                    zijn naam, adres en het onderwerp waarover hij het woord wil
                                    voeren.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                    voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                    belang is van de orde van de vergadering.</al></li><li nr="6."><al>Elke spreker krijgt circa vijf minuten het woord. De voorzitter
                                    verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer
                                    dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan afwijken van de lengte
                                    van de spreektijd.</al></li><li nr="7."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                    verleend. </al></li><li nr="8."><al>De raadsleden kunnen aansluitend vragen stellen aan de
                                    inspreker.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 17 Beeldvorming </vet></al><lijst><li nr="1."><al>Indien de gemeenteraad, eventueel op voorstel van de
                                    agendacommissie, het voor de beeldvorming van belang acht,
                                    kunnen inwoners, (vertegenwoordigers van) maatschappelijke
                                    organisaties, bedrijven etc. worden uitgenodigd om deel te nemen
                                    aan de beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>De sprekers nemen hiertoe plaats aan de vergadertafel en spreken
                                    vanaf hun zitplaats.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan voorstellen doen over de orde van de
                                    vergadering in afwijking van artikel 21.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 18Overzicht van uitkomsten</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het ontwerp-overzicht van uitkomsten wordt aan de leden van de
                                    commissie toegezonden, uiterlijk een week na de vergadering. Het
                                    wordt gelijktijdig toegezonden aan de overige personen die het
                                    woord gevoerd hebben en aan de leden van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Tijdens de vergadering worden, zo mogelijk, het overzicht van
                                    uitkomsten van de vorige vergadering vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders,
                                    hebben het recht een voorstel tot wijziging van het overzicht
                                    van uitkomsten aan de raadscommissie te doen, indien het
                                    overzicht van uitkomsten onjuistheden bevatten of niet duidelijk
                                    weergeven hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel tot
                                    verandering dient tenminste 48 uur voor de betreffende
                                    vergadering bij de commissiegriffier te worden ingediend.</al></li><li nr="4."><al>Het overzicht van uitkomsten moet bevatten:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                            commissiegriffier, de burgemeester en de wethouders, de
                                            secretaris en de ter vergadering aanwezige leden, allen
                                            voorzover aanwezig, alsmede van de overige personen die
                                            het woord gevoerd hebben, afzonderlijk wordt vermeld
                                            welke fracties afwezig waren;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="c."><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder
                                            vermelding van de fracties die mededeling hebben gedaan
                                            van hun goed- of afkeuring, en met aantekening van de
                                            fracties die zich niet uitgelaten hebben;</al></li><li nr="d."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                            hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van
                                            het bepaalde in artikel 26 door de raadscommissie is
                                            toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het overzicht van uitkomsten wordt opgesteld onder de zorg van
                                    de commissiegriffier.</al></li><li nr="6."><al>Het vastgestelde overzicht van uitkomsten wordt door de
                                    voorzitter en de commissiegriffier ondertekend.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 19 Plaats van spreken </vet></al><lijst><li nr="1."><al>De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf hun
                                    plaats of van de spreekplaats en richten zich tot de
                                    voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                    leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere
                                    plaats spreken.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 20 Volgorde sprekers</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Alle sprekers voeren het woord na het aan de voorzitter gevraagd
                                    en van hem verkregen te hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer het woord
                                    wordt gevraagd over de orde van de vergadering.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 21 Aantal spreektermijnen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                    beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp
                                    of voorstel het woord heeft gevoerd, worden niet meegerekend het
                                    spreken over een voorstel van orde en het plegen van
                                    interrupties.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 22 Spreektijd</vet></al><al>De voorzitter of een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                            leden.</al><al><vet>Artikel 23 Voorstellen van orde</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                    mondeling een voorstel van orde doen,</al><al> dat kort kan worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                    terstond.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 24 Handhaving orde; schorsing</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
                                    tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen
                                            van deze verordening te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat
                                            de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
                                            afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                    uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde
                                    onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan
                                    wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter
                                    tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg
                                    geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin
                                    zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                    ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                    heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                    sluiten.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat
                                    door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het
                                    verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het
                                    voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat
                                    het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter
                                    hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid
                                    bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de
                                    vergadering worden ontzegd.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 25 Beraadslaging</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid
                                    beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                    voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van een woordvoerder of de voorzitter kan de
                                    raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem te
                                    bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden de
                                    gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                    beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                    verstreken is.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 26 Deelname aan de beraadslaging door anderen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of
                                    een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van
                                    het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                    genomen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 27 Advies</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                    voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                    raadscommissie anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of
                                    er een advies aan de raad wordt uitgebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                    beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud
                                    van het advies.</al></li><li nr="4."><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties en
                                    buitengewone leden opgenomen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 28 Rondvraag</vet></al><al>Als laatste agendapunt voor de sluiting is er een rondvraag.</al><al><vet>Artikel 29 Besluiten</vet></al><al>De commissie besluit bij meerderheid van stemmen, waarbij iedere
                            aanwezige fractie één stem heeft. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5: Besloten vergadering</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikel 30 Algemeen</vet></al><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al><al><vet>Artikel 31 Notulen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De notulen van een besloten vergadering worden per post naar de
                                    commissieleden verzonden.</al></li><li nr="2."><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden.</al></li><li nr="3."><al>De vastgestelde notulen worden door de voorzitter en de
                                    commissiegriffier ondertekend.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 32 Geheimhouding</vet></al><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al><al><vet>Artikel 33 Opheffing geheimhouding</vet></al><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                            indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom
                            verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg
                            gevoerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6: Toehoorders en pers</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikel 34 Toehoorders en pers</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de
                                    orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken.
                                    Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering
                                    verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering ontzeggen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 35 Geluid- en beeldregistraties</vet></al><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al><al><vet>Artikel 36 Verbod gebruik mobiele telefoons</vet></al><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen uitsluitend toegestaan zolang
                            dit geen inbreuk maakt op de orde van de vergadering.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 7: Slotbepalingen</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikel 37 Uitleg verordening</vet></al><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al><al><vet>Artikel 38 Inwerkingtreding</vet></al><al>Deze verordening treedt in werking op de dag waarop deze is
                            bekendgemaakt, onder gelijktijdige intrekking van de Verordening op de
                            raadscommissies 2006. </al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 8 april 2010,</ondertekening><ondertekening>Gewijzigd in de openbare vergadering van 28 april 2011,</ondertekening><ondertekening>Gewijzigd in de openbare vergadering van 2 juli 2012 (m.i.v. 1 augustus
                        2012)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>