<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR347649_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidieverlening voor de BI-zone voor het koopcentrum van Hillegom over de jaren 2015-2020</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-09-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.officielebekendmakingen.nl, 02-08-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening BI-zone Koopcentrum Hillegom 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Experimentenwet bedrijveninvesteringszones, art. 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Experimentenwet bedrijveninvesteringszones, art. 7</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de bedrijveninvesteringszones</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 156</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-07-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-08-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2016-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>wijziging art. 13, lid 4</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-06713</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-56774</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en
            op de subsidieverlening voor de BI-zone voor het koopcentrum van
            Hillegom over de jaren 2015-2020</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad der Gemeente Hillegom;</al><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nr. 4342; </al><al>gelet op; </al><al>artikel 1, lid 1, en artikel 7, lid 4, van de Wet op de
                        bedrijveninvesteringszones; </al><al>en artikel 156, lid 2, van de Gemeentewet; </al><al>en gelet op de tussen de gemeente Hillegom en het Koopcentrum Hillegom
                        gesloten Uitvoeringsovereenkomst Gemeente Hillegom – Vereniging
                        Koopcentrum Hillegom 2015 -2020,</al><al>besluit:</al><al>vast te stellen de: </al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en
                        op de subsidieverlening voor de BI-zone voor het koopcentrum van
                        Hillegom over de jaren 2015-2020</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="1."><al>BI-zone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de
                                    gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. De BI-zone is
                                    het gebied van het centrum gekenmerkt door de straten: Deltahof,
                                    Haven, Henri Dunantplein, Hofstraat, Hofzicht, Hoofdstraat,
                                    Houttuin, Jonkheer Mockkade, Kerkplein, Krochtstraat,
                                    Mariastraat, Meerdorpstraat, Meerstraat, Molenstraat, Passage,
                                    Raadhuisstraat, Van den Endelaan, Van Meerbeekstraat,
                                    Venniperhof. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze
                                    verordening behorende en daarvan deeluitmakende kaart.</al></li><li nr="2."><al>De wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones;</al></li><li nr="3."><al>Het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                    Hillegom;</al></li><li nr="4."><al>Uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Hillegom en
                                    Vereniging Koopcentrum Hillegom gesloten Uitvoeringsovereenkomst
                                    voor de periode 2015 -2020.</al></li><li nr="5."><al>Het KCH: de vereniging Koopcentrum Hillegom.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzing vereniging</titel></kop><al>Het KCH wordt aangewezen als vereniging als bedoeld in artikel 7 van de
                            wet.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Belastingbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aard van de belasting</titel></kop><al>Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt een directe belasting geheven ter
                            bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de
                            openbare ruimte en op het internet, die zijn gericht op het bevorderen
                            van de leefbaarheid, de veiligheid, de ruimtelijke kwaliteit, de
                            economische ontwikkeling van de BI-zone.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt gedurende een periode van 5 jaren jaarlijks
                                geheven ter zake van binnen de BI-zone gelegen onroerende zaken die
                                niet in hoofdzaak tot woning dienen. Een concreet overzicht van de
                                objecten ter zake waarvan de BIZ-bijdrage geheven zal worden, is
                                opgenomen in de “Belastingobjecten voor de BIZ-bijdrage”.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De belasting wordt geheven van degenen die bij het begin van het
                                kalenderjaar in de BI-zone gelegen onroerende zaken al dan niet
                                krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht,
                                gebruiken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de toepassing van het tweede lid wordt: </al><lijst><li nr="a."><al>gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak
                                        in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene
                                        die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel
                                        in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als
                                        zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is
                                        gegeven; </al></li><li nr="b."><al>het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor
                                        volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die
                                        onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de
                                        onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de
                                        belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak
                                        ter beschikking is gesteld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een onroerende zaak bij het begin van het kalenderjaar niet
                                in gebruik is, wordt de BIZ-bijdrage geheven van degene die van die
                                zaak het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft.
                                Voor de toepassing van de vorige volzin wordt als genothebbende
                                krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij
                                het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie
                                kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen
                                genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingobject</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient,
                                wordt aangemerkt als de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III
                                van de Wet waardering onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot
                                woning dient en die niet is genoemd in artikel 220d, eerste lid, van
                                de Gemeentewet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een onroerende zaak dient niet in hoofdzaak tot woning, indien de
                                waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering
                                onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak niet in
                                hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak
                                die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan
                                woondoeleinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van Hoofdstuk IV
                                van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject
                                vastgestelde waarde voor het kalenderjaar 2014.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf wordt buiten aanmerking
                                gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in
                                hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan
                                woondoeleinden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is
                                vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering
                                onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject
                                bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of
                                krachtens de artikelen 17,18 en 20, tweede lid, van de Wet
                                waardering onroerende zaken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>Naast de wettelijke vrijstellingen van artikel 220d, eerste lid, van de
                            Gemeentewet worden de volgende objecten vrijgesteld: </al><lijst><li nr="a."><al>Onroerende zaken voor zover die bestemd zijn voor de publieke
                                    dienst van de gemeente, met uitzondering van delen van zodanige
                                    onroerende zaken die bestemd zijn voor het op commerciële basis
                                    exploiteren van onderwijs.</al></li><li nr="b."><al>Straatmeubilair waaronder begrepen alle gebouwde eigendommen –
                                    niet zijnde gebouwen – welke zijn geplaatst ten gerieve of in
                                    het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter
                                    verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten,
                                    verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen,
                                    banken, abri’s, hekken en palen; </al></li><li nr="c."><al>plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in
                                    beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens
                                    eigendom, bezit of beperkt recht; </al></li><li nr="d."><al>begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van
                                    delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; </al></li><li nr="e."><al>Onroerende zaken voor zover die bestemd voor de publieke dienst
                                    van de zorg, met uitzondering van delen van zodanige onroerende
                                    zaken die bestemd zijn voor het op commerciële basis exploiteren
                                    van zorg; </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt 0,098479% van de
                                heffingsmaatstaf. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor belastingbedragen tot maximaal 10,00 euro vindt geen
                                invordering plaats. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt
                                het totaal van de op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde
                                bedragen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De BIZ-bijdrage wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald binnen twee maanden na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt dat, in geval het totaalbedrag
                                op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet
                                één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan 100,00 euro en
                                minder dan 5000,00 euro en zolang de verschuldigde bedragen door
                                middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven,
                                moeten de aanslagen worden betaald in negen gelijke termijnen. De
                                eerste termijn vervalt op de laatste dag van de tweede maand na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                                telkens één maand later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college</titel></kop><al>Het college kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de
                            invordering van de BIZ-bijdrage, zoals overeengekomen in de
                            Uitvoeringsovereenkomst Gemeente Hillegom – Vereniging Koopcentrum
                            Hillegom 2015 -2020.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Subsidiebepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Indien en voor zover in deze verordening daarvan niet is afgeweken, is
                            de AlgemeneSubsidieverordening van de gemeente Hillegom van
                            toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Subsidievaststelling en wijze van betalen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie wordt verstrekt aan het KCH voor de uitvoering van de
                                activiteiten die zijn opgenomen in de Uitvoeringsovereenkomst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks te
                                ontvangen BIZ-bijdragen, verminderd met de daarmee samenhangende
                                heffings- en perceptiekosten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de uitvoeringsovereenkomst worden nadere regels gesteld over de
                                wijze van verrekening van de meer- en minderopbrengsten van de
                                geheven BIZ-bijdragen ten opzichte van de betaalde
                                voorschotten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De subsidie wordt in beginsel betaald in de vorm van voorschotten,
                                bestaande uit vier gelijke delen van de verwachte netto opbrengst.
                                De termijnen worden betaald op 1 februari, 1 mei, 1 augustus en 1
                                november van elk jaar waarin de BIZ-bijdrage wordt geheven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Melding van relevante wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het KCH stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de
                                hoogte van meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële
                                situatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het KCH stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de
                                hoogte van een wijziging van de statuten, dan wel van verandering of
                                beëindiging van activiteiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Delegatie van de bevoegdheid tot intrekken of wijzigen
                                subsidievaststelling</titel></kop><al>Het college is bevoegd tot het intrekken of ten nadele van de ontvanger
                            wijzigen van de subsidievaststelling bedoeld in artikel 4:49 van de
                            Algemene wet bestuursrecht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding en intrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking nadat van voldoende steun, als
                                bedoeld in artikel 4 van de wet, is gebleken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Verordening BI-zone Koopcentrum Hillegom 2012 van 17 november
                                2011 wordt met ingang van 1 januari 2015 ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening BI-zone Koopcentrum
                            Hillegom 2015 ”.</al><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 11 december
                        2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>drs. P.M. Hulspas-Jordaan</ondertekening><ondertekening>griffier</ondertekening><ondertekening> A. van Erk</ondertekening><ondertekening> voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>kaart</nr><titel/></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Hillegom/i257720.pdf">Kaart BI-zone</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>