<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR347352_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening jeugdhulp gemeente Kapelle 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-12-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Scheldepost, 24 december 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening jeugdhulp gemeente Kapelle 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Jeugdwet, artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, lid 4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014/78</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening jeugdhulp gemeente Kapelle 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad der gemeente Kapelle;</al><al/><al>overwegende;</al><al/><al>dat de Jeugdwet de verantwoordelijkheid voor het organiseren van goede en
                        toegankelijke jeugdhulp bij de gemeente heeft belegd, waarbij het
                        uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid voor het gezond en veilig
                        opgroeien van jeugdigen allereerst bij de ouders en de jeugdige zelf ligt;
                        en dat het noodzakelijk is om regels vast te stellen over de door het
                        college te verlenen individuele voorzieningen en overige voorzieningen;</al><al/><al>met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning en de wijze van
                        beoordeling van, en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening,
                        over de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een individuele
                        voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen, de wijze waarop de
                        hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld, voor de
                        bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening
                        of een persoonsgebonden budget alsmede misbruik en oneigenlijk gebruik van
                        de wet, en regels ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs
                        voor de levering van jeugdhulp of de uitvoering van een
                        kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering en de eisen die worden
                        gesteld aan de kwaliteit daarvan;</al><al/><al>dat het voorts wenselijk is te bepalen onder welke voorwaarden degene aan
                        wie een persoonsgebonden budget wordt verstrekt, de jeugdhulp kan betrekken
                        van een persoon die behoort tot diens sociale netwerk;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 oktober 2014,
                        nummer 2014/78;</al><al/><al>gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, vierde lid, van de
                        Jeugdwet;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de navolgende:</al><al><vet>VERORDENING JEUGDHULP GEMEENTE KAPELLE 2015</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                        onder:</al><lijst><li nr="-"><al>andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de
                                Jeugdwet, op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke
                                ondersteuning of werk en inkomen;</al></li><li nr="-"><al>hulpvraag: behoefte van een jeugdige of zijn ouders aan jeugdhulp in
                                verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en
                                stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de
                                wet;</al></li><li nr="-"><al>individuele voorziening: de al dan niet via een
                                verleningsbeschikking toegankelijke op de jeugdige of zijn ouders
                                toegesneden jeugdhulpvoorziening die door het college in natura of
                                bij Pgb wordt verstrekt;</al></li><li nr="-"><al>overige voorziening: overige voorzieningen als bedoeld in artikel
                                2.9, onder a, van de wet, waarvoor geen verleningsbeschikking van
                                het college vereist is;</al></li><li nr="-"><al>Pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 8.1.1 van de
                                wet, zijnde een door het college verstrekt budget aan een jeugdige
                                of zijn ouders, dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de
                                individuele voorziening behoort van derden te betrekken;</al></li><li nr="-"><al>wet: Jeugdwet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vormen van jeugdhulp</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De volgende vormen van overige voorzieningen zijn beschikbaar:</al><al>Basishulp:</al><lijst><li nr="I."><al>Voorzieningen gericht op preventie van opvoed- en
                                opgroeiproblemen;</al></li><li nr="II."><al>Gebiedsgerichte team voor hulpverlening bij opvoed- en
                                opgroeiproblemen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De volgende vormen van individuele voorzieningen zijn
                                        beschikbaar:</al><al>Specialistische jeugdhulp, zijnde:</al><lijst><li nr="I."><al>Hulp voor jeugdigen met (ernstige) opvoed- en opgroeiproblemen die
                                niet preventief of door sociaal team geboden kan worden</al></li><li nr="II."><al>Hulp voor jeugdigen met psychische klachten of stoornissen
                                (voorkomen, behandelen en genezen)</al></li><li nr="III."><al>Hulp voor jeugdigen met een verstandelijke beperking</al></li><li nr="IV."><al>Begeleiding en persoonlijke verzorging jeugdigen</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt bij nadere regeling vast welke overige en
                                        individuele voorzieningen op basis van het eerste en tweede
                                    </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of
                            jeugdarts</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na een verwijzing
                            door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts naar een
                            jeugdhulpaanbieder, als en voor zover genoemde jeugdhulpaanbieder van
                            oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de jeugdige of zijn ouders hierom verzoeken, legt het college de te
                            verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in
                            een beschikking als bedoeld in artikel.5 van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Toegang jeugdhulp via de gemeente</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jeugdigen en ouders met een hulpvraag kunnen het college verzoeken om
                            toeleiding naar een overige voorziening of toekenning van een door het
                            college bij besluit te verlenen individuele voorziening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt bij nadere regeling regels vast met betrekking tot de
                            voorwaarden voor toekenning en de wijze van beoordeling van, en de
                            afwegingsfactoren bij een individuele voorziening. Het college geeft
                            daarbij aan op welke wijze hij jeugdigen en ouders informeert over de
                            mogelijkheid en het belang om in bepaalde gevallen een beroep op
                            jeugdhulp te doen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Inhoud beschikking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de beschikking tot verstrekking van een individuele voorziening wordt
                            in ieder geval aangegeven of de voorziening in natura of als Pgb wordt
                            verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het verstrekken van een voorziening in natura wordt in de
                            beschikking in ieder geval vastgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>welke de te verstrekken voorziening is en wat het beoogde
                                    resultaat daarvan is;</al></li><li nr="b."><al>wat de ingangsdatum en duur van de verstrekking is;</al></li><li nr="c."><al>hoe de voorziening wordt verstrekt, en indien van
                                    toepassing;</al></li><li nr="d."><al>welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het verstrekken van een voorziening in de vorm van een Pgb wordt in
                            de beschikking in ieder geval vastgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>voor welk resultaat het Pgb kan worden aangewend;</al></li><li nr="b."><al>welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het Pgb;</al></li><li nr="c."><al>wat de hoogte van het Pgb is en hoe hiertoe is gekomen;</al></li><li nr="d."><al>wat de duur is van de verstrekking waarvoor het Pgb is
                                    bedoeld;</al></li><li nr="e."><al>de wijze van verantwoording van de besteding van het Pgb.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij het verstrekken van een individuele voorziening worden in de
                            beschikking tevens de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken
                            vastgelegd.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als sprake is van een te betalen ouderbijdrage worden de jeugdige of
                            zijn ouders daarover in de beschikking geïnformeerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Regels voor pgb</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van
                            de wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bepaalt bij nadere regeling op welke wijze de hoogte van een
                            pgb wordt vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden de
                            persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, de jeugdhulp kan betrekken van
                            een persoon die behoort tot het sociale netwerk.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college verstrekt geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft
                            op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de
                            aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte
                            voorziening noodzakelijk was.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of
                            terugvordering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd artikel 8.1.2 van de wet doen een jeugdige of zijn ouders
                            op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling
                            van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk
                            moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een
                            besluit aangaande een individuele voorziening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd artikel 8.1.4 van de wet kan het college een besluit over
                            een individuele voorziening herzien dan wel intrekken als het college
                            vaststelt dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens
                                    hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige
                                    gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid;</al></li><li nr="b."><al>de jeugdige of zijn ouders niet langer op de individuele
                                    voorziening of op het Pgb zijn aangewezen;</al></li><li nr="c."><al>de individuele voorziening of het Pgb niet meer toereikend is te
                                    achten;</al></li><li nr="d."><al>de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden van
                                    de individuele voorziening of het Pgb;</al></li><li nr="e."><al>de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het Pgb
                                    niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is
                                    bestemd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het college een besluit op grond van het tweede lid, onder a,
                            heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige
                            gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van degene
                            die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft geheel
                            of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten
                            individuele voorziening of het ten onrechte genoten Pgb.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een besluit tot verlening van een Pgb kan worden ingetrokken als blijkt
                            dat het Pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de
                            bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft
                            plaatsgevonden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde
                            zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van Pgb’s.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders
                            kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering</titel></kop><al>Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij
                        de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren
                        jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of
                        jeugdreclassering, rekening met:</al><lijst><li nr="a."><al>de aard en omvang van de te verrichten taken;</al></li><li nr="b."><al>de voor de sector toepasselijke CAO-schalen in relatie tot de
                                zwaarte van de functie;</al></li><li nr="c."><al>een redelijke toeslag voor overheadkosten;</al></li><li nr="d."><al>een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het
                                personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en werkoverleg
                                en</al></li><li nr="e."><al>kosten voor bijscholing van het personeel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vertrouwenspersoon</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college zorgt ervoor dat jeugdigen, ouders en pleegouders een beroep
                            kunnen doen op een onafhankelijke vertrouwenspersoon.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college wijst jeugdigen en ouders erop dat zij zich desgewenst
                            kunnen laten bijstaan door een onafhankelijke vertrouwenspersoon.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Klachtregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college hanteert de vastgestelde gemeentelijke klachtenregeling voor
                            de afhandeling van klachten..</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanbieders stellen een regeling vast ter behandeling van klachten van
                            cliënten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college ziet toe op de naleving van de klachtregelingen van
                            aanbieders door periodieke overleggen met de aanbieders, en een
                            jaarlijks cliëntervaringsonderzoek.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Inspraak en medezeggenschap</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding
                            van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel
                            150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze
                            waarop inspraak wordt verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen
                            vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende
                            jeugdhulp te doen en advies uit te brengen bij de besluitvorming over
                            verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp en voorziet
                            hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek
                            overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden en dat
                            zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg
                            benodigde informatie en ondersteuning.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede en
                            derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen alleen ten gunste van de jeugdige of
                        zijn ouders afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing
                        van deze verordening leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid wordt minimaal eenmaal per vier
                        jaar geëvalueerd. Het college zendt hiertoe tijdig aan de gemeenteraad een
                        verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening in de
                        praktijk.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening jeugdhulp
                                gemeente Kapelle 2015.</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van de gemeente Kapelle </ondertekening><ondertekening>van 25 november 2014.</ondertekening><ondertekening>De griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mevrouw J.J.M.M. Chamalaun mr. A.B. Stapelkamp</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>