<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR347268_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Appingedam</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-06-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Appingedam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Eemslander, 22-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening afvalstoffenheffing 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003245&amp;artikel=15.33">Artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Vervanging Verordening afvalstoffenheffing 2014</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2015
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad der gemeente Appingedam;</al>
          <al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders </al>
          <al>d.d. 11 november 2014;</al>
          <al>gelet op artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer;</al>
          <al>
            <vet>
              <onderstreept>B E S L U I T</onderstreept>
            </vet>
            <vet> :</vet>
          </al>
          <al>vast te stellen de volgende verordening:</al>
          <al>
            <vet>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing
                            20</vet>
            <vet>1</vet>
            <vet>5</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven
                            als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening wordt naar
                            afzonderlijke grondslagen geheven terzake van het feitelijke gebruik van
                            een perceel ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en artikel 10.22
                            van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van
                            huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Belastingplicht</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk
                            gebruikmaakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21
                            en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het
                            inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker
                            aangemerkt:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeelt al dan niet krachtens
                            eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht feitelijk gebruik
                            maakt van het perceel;</al></li>
              <li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan:
                            degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar € 200,00</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De belasting als bedoeld in 1 wordt:</al>
            <al>2.1 indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de
                            belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht,
                            wordt gebruikt door één persoonvermeerderd met€ 53,32;</al>
            <al>2.2 indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, dien de
                            belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de elastingplicht, wordt
                            gebruikt door twee of meerpersonen vermeerderd met€ 78,64.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Belastingjaar</titel>
          </kop>
          <al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Wijze van heffing</titel>
          </kop>
          <al>De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo
                            dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is
                            de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat
                            jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na aanvang van de
                            belastingplicht, nogvolle kalendermaanden overblijven.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde
                            van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                            perceel feitelijk in gebruik neemt.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Termijnen van betaling/automatische incasso</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De aanslagen moeten worden betaald in drie gelijke termijnenwaarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Ingeval het totaalbedrag van het aanslagbiljet waarop de aanslagen staan
                            vermeld € 4.000 of meer bedraagt, moet dit bedrag, in afwijking van het
                            bepaalde in het eerste lid, worden betaald op de laatste dag van de
                            maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                            vermeld.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>De belastingschuldige kan machtiging tot automatische incasso verlenen
                            indien het totale bedrag van het gecombineerde aanslagbiljet
                            gemeentelijke belastingen minder dan € 4.000bedraagt. Het minimum
                            termijnbedrag bedraagt € 10.</al>
            <al>Ingeval een machtiging tot automatische incasso is verleend, wordt het
                            aantal termijnen bepaald door het totale bedrag van het gecombineerde
                            aanslagbiljet gemeentelijke belastingen te delen door het minimum
                            termijnbedrag, met dien verstande dat het aantal termijnen niet meer dan
                            tien bedraagt. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand
                            volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                            vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>De in het derde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt
                            geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn
                            betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de
                            belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen één maand na
                            afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan gelden de betaaltermijnen als
                            bedoeld in het eerste lid.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de afvalstoffenheffing.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De Verordening afvalstoffenheffing 2014 van 19 december 2013, wordt
                            ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang
                            van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                            belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van bekendmaking.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening
                            afvalstoffenheffing 2015.</al>
          </lid>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus besloten in de openbare </ondertekening>
        <ondertekening>vergadering d.d. 18 december 2014.</ondertekening>
        <ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening>
        <ondertekening> , voorzitter. , griffier.</ondertekening>
        <ondertekening> (H.K. Pot) (E.P. Faber-van Brug)</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>