<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR346442_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Uitvoeringsregels evenementen, horeca en terrassen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bladel</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-12-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bladel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Kempenaer, 19 november 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Uitvoeringsregels evenementen, horeca en terrassen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemeen Plaatselijke Verordening</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0002458">Drank- en Horecawet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-10-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-11-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-07-11</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>14it.01293</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Uitvoeringsregels evenementen, horeca en terassen gemeente
            Bladel</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel/></kop><structuurtekst><al><vet>0. Voorwoord</vet></al><al/><al>In deze “Uitvoeringsregels evenementen, horeca en terrassen gemeente
                            Bladel” zijn de uitvoeringsregels geformuleerd op basis van het door de
                            gemeenteraad vastgestelde beleid dat de gemeente Bladel de komende jaren
                            op deze terreinen wil voeren<extref doc="https://cvdr.overheid.nl/cvdr/Algemeen/Xopus/xopus/xopus.html#_ftn1">[1]</extref>. De beleidsnota is op 20 juni 2013 door de
                            gemeenteraad vastgesteld, waarbij nadrukkelijk aansluiting is gezocht
                            bij bestaande lokale plannen waarin één of meerdere van de volgende
                            aandachtvelden centraal staan:</al><lijst><li nr="1."><al>leefbaarheid voor bewoners; </al></li><li nr="2."><al>recreatieve en toeristische mogelijkheden;</al></li><li nr="3."><al>het bieden van kaders aan horeca en</al></li><li nr="4."><al>openbare orde en veiligheid. </al></li></lijst><al><extref doc="https://cvdr.overheid.nl/cvdr/Algemeen/Xopus/xopus/xopus.html#_ftnref1">[1]</extref> Wanneer de termen horeca en horecabeleid worden
                            gebruikt, worden hiermee tevens de bijbehorende terrassen bedoeld.
                            Bepalingen die specifiek of geen betrekking hebben op terrassen worden
                            expliciet genoemd. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>1</nr><titel>Evenementen</titel></kop><artikel><kop><titel>1 Uitgangspunten</titel></kop><lid><lidnr/><al/><al>De gemeente Bladel hanteert de volgende uitgangspunten:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>Evenementen worden waar mogelijk toegelaten onder voorwaarde
                                        dat er geen onacceptabele risico’s ontstaan voor de openbare
                                        orde en veiligheid (inclusief overlast), het milieu/natuur
                                        en de volksgezondheid/zedelijkheid (artikel 1.8 APV);</al></li><li nr="-"><al>De gemeente zal zich ten aanzien van evenementen
                                        ondersteunend en faciliterend opstellen;</al></li><li nr="-"><al>Indien nodig wordt tijdens de procedure van
                                        vergunningverlening overleg gepleegd met de
                                        organisatie/bewoners over het voorkomen of beperken van
                                        overlast;</al></li><li nr="-"><al>De procedure voor vergunningverlening zal zoveel mogelijk
                                        ingekort worden, maar mag geen afbreuk doen aan de
                                        uitgangspunten van de Algemene wet bestuursrecht (hierna
                                        Awb);</al></li><li nr="-"><al>De gemeente betrekt in haar overwegingen nadrukkelijk
                                        dierenwelzijn en volksgezondheid; </al></li><li nr="-"><al>De rol en de eigen verantwoordelijkheid van de organisator
                                        in het kader van openbare orde, veiligheid en verkeer worden
                                        benadrukt. De organisator van het evenement is primair
                                        verantwoordelijk voor de veiligheid. Beveiliging van een
                                        evenement dient in eerste instantie te geschieden door de
                                        organisator.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><titel>2 Wat zijn evenementen?</titel></kop><al>In de APV (artikel 2.24) wordt een evenement omschreven als "elke voor
                            publiek toegankelijke verrichting van vermaak, ...". Dit is (uiteraard)
                            een zeer algemeen geformuleerde definitie. Evenementen kunnen naar aard
                            en omvang sterk van elkaar verschillen. Dit betekent dat de risico’s
                            t.a.v. de openbare orde, veiligheid en het ontstaan van overlast die een
                            evenement met zich meebrengt vooraf duidelijk in beeld moeten worden
                            gebracht. Met het oog op de openbare orde en veiligheid kunnen
                            evenementen aan de hand van de regionale risicoscan de Veiligheidsregio
                            Brabant Zuid Oost (VRBZO) als volgt worden geclassificeerd.</al><al/><al><cursief>Categorie 0 (melding)</cursief></al><al>Voor een evenement dat voldoet aan het bepaalde in artikel 2.25, lid 2
                            APV kan worden volstaan met een melding. Het betreft hier kleinschalige
                            evenementen met maximaal 100 bezoekers die om uiterlijk 01.00 uur
                            eindigen en plaatsvinden op een locatie waarbij het afsluiten van
                            grotere wegen niet noodzakelijk is. Het risico op overlast of verstoring
                            van de openbare orde is nauwelijks aanwezig. </al><al/><al><cursief>Categorie A (regulier)</cursief></al><al>Indien niet voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 2.25, lid 2 APV is
                            een evenementenvergunning verplicht. Een evenement wordt aangemerkt als
                            een categorie A - evenement indien uit de risico-analyse blijkt dat het
                            (zeer) onwaarschijnlijk is dat het evenement leidt tot risico’s voor de
                            openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu
                            en maatregelen of voorzieningen vergt van het daartoe bevoegd gezag om
                            die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te
                            beperken.</al><al/><al><cursief>Categorie B (aandacht)</cursief></al><al>Een evenement waarbij het mogelijk is dat het leidt tot risico’s voor de
                            openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu
                            en maatregelen of voorzieningen vergt van het daartoe bevoegd gezag om
                            die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. De
                            aanvraag wordt, indien van toepassing, voorzien van een advies van
                            politie, de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (hierna
                            GHOR) en brandweer.</al><al/><al><cursief>Categorie C (risicovol)</cursief></al><al>Een evenement wordt aangemerkt als een categorie C - evenement indien
                            uit de risico-analyse blijkt dat het evenement (zeer) waarschijnlijk
                            leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de
                            volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergt van
                            het daartoe bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of schadelijk
                            gevolgen te beperken. Enkel zeer streng maatwerk. De aanvraag wordt
                            voorzien van een advies van politie, de GHOR, brandweer en van de
                            Veiligheidsregio </al><al/><al>Volledigheidshalve dient hier te worden opgemerkt dat, indien uit de
                            beoordeling van een aanvraag blijkt dat het evenement een gevaar vormt
                            voor de openbare orde, veiligheid, volksgezondheid (inclusief
                            zedelijkheid) en dierenwelzijn, dat niet door het opnemen van
                            voorwaarden kan worden weggenomen, geen evenementenvergunning wordt
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><titel>3 Vergunningaanvraag</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Bij een aanvraag van een evenementenvergunning dient men
                                        gebruik te maken van het standaard
                                    aanvraagformulier.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De beslistermijn van een categorie 0-evenement bedraagt 4
                                        weken, van een categorie A-evenement 8 weken, van een
                                        categorie B-evenement 12 weken en van een C-evenement 16
                                        weken.</vet></al></li></lijst><al/><al><cursief>De aanvraagtermijn</cursief></al><al>De gemeente moet voldoende tijd hebben om een vergunningaanvraag
                            zorgvuldig te kunnen afhandelen. Wat een geschikte termijn is, is in het
                            algemeen niet te stellen daar dit afhankelijk is van onder anderen de
                            aard en omvang van het evenement en de locatie waarop het betreffende
                            evenement plaatsvindt. </al><al/><al>Aan de hand van de risicoscan wordt bepaald in welke categorie een
                            evenement valt. Bij afhandeling van aanvragen worden de volgende
                            termijnen gehanteerd:</al><lijst><li nr="-"><al>Categorie 0 ‑ evenement: op grond van artikel 2.25, lid 2 onder
                                    i moet de organisator tenminste 4 weken voorafgaand aan het
                                    evenement een melding indienen;</al></li><li nr="-"><al>Categorie A ‑ evenementen: hiervoor geldt de beslistermijn zoals
                                    opgenomen in artikel 1.2 APV t.w. 8 weken na de dag waarop de
                                    aanvraag ontvangen is met een verdagingmogelijkheid van ten
                                    hoogste 8 weken. Om tijdig een vergunning te ontvangen is het
                                    dan ook noodzakelijk minimaal 16 weken van te voren uw verzoek
                                    in te dienen;</al></li><li nr="-"><al>Categorie B- en C ‑ evenementen: gezien de complexiteit van de
                                    aanvraag en de mogelijke risico’s voor de openbare orde en
                                    veiligheid dienen aanvragen minimaal 16 weken voorafgaand aan
                                    het evenement ingediend te worden.</al></li></lijst><al/><al><cursief>De vereiste gegevens en bescheiden</cursief></al><al>In artikel 4:2 van de Awb is bepaald dat een vergunningaanvraag
                            ondertekend moet zijn en tenminste moet bevatten:</al><lijst><li nr="-"><al>naam en adres van de aanvrager;</al></li><li nr="-"><al>de dagtekening;</al></li><li nr="-"><al>een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd.</al></li></lijst><al/><al>In het tweede lid van dit artikel is bepaald dat het bestuursorgaan kan
                            bepalen welke gegevens verder vereist zijn voor een verantwoorde
                            beslissing op de aanvraag. Zo zijn voor de beoordeling van de aanvraag
                            voor een evenement de volgende zaken vereist: </al><lijst><li nr="1."><al>Omschrijving van de locatie;</al></li><li nr="2."><al>Datum en tijdstip waarop het evenement plaatsvindt;</al></li><li nr="3."><al>Aard activiteiten;</al></li><li nr="4."><al>Verwacht aantal bezoekers;</al></li><li nr="5."><al>De te treffen veiligheidsmaatregelen;</al></li><li nr="6."><al>Overzicht‑ en inrichtingstekeningen van evenemententerrein en
                                    bouwwerken (indien van toepassing);</al></li><li nr="7."><al>Gegevens van de personen die optreden als verkeersregelaar
                                    (indien van toepassing);</al></li><li nr="8."><al>Gegevens van de personen onder wiens leiding alcohol wordt
                                    verstrekt (indien van toepassing);</al></li><li nr="9."><al>Informatie in verband met maatregelen ten aanzien van
                                    dierenwelzijn (indien van toepassing);</al></li><li nr="10."><al>Calamiteitenplan (bij categorie B‑ en C ‑ evenementen).</al></li></lijst><al/><al>Een en ander is uitgewerkt in een standaard aanvraagformulier op basis
                            van advies van de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. Het aanvragen van
                            een vergunning voor een evenement moet via dit formulier gebeuren. De
                            gemeente is op grond van voornoemd artikel bevoegd meer gegevens en
                            bescheiden op te vragen, indien dat voor een juiste beoordeling van de
                            aanvragen nodig wordt geacht. </al><al>Categorie B‑ en C ‑ evenementen worden altijd geëvalueerd in een gesprek
                            tussen de organisator en gemeente (eventueel in aanwezigheid van één of
                            meer hulpdiensten).</al></artikel><artikel><kop><nr>4</nr><titel>Begin- en eindtijden</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Een evenement moet uiterlijk om 01.00 eindigen.</vet></al></li></lijst><al/><al>Met het vaststellen van begin‑ en eindtijden wordt beoogd dat de
                            overlast/hinder voor de omgeving zoveel mogelijk wordt beperkt. </al><al>Uitgangspunt is dat een evenement uiterlijk om 01.00 uur moet eindigen.
                            In de vergunningverlening kan het college opteren voor een geleidelijke
                            afbouw. </al></artikel><artikel><kop><nr>5</nr><titel>Locatie</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Voorafgaand aan een evenement wordt de geschiktheid van de
                                        locatie getoetst op o.a. de aanwezigheid van woningen in de
                                        directe omgeving, de (infrastructurele) bereikbaarheid en de
                                        omvang van de locatie in relatie tot het
                                    evenement.</vet></al></li></lijst><al/><al>Of een evenement op een bepaalde locatie kan plaatsvinden hangt (mede)
                            af van de aard en omvang van een evenement. Uiteindelijk moet het
                            evenement gezien worden binnen de mogelijkheden die de locatie biedt.
                            Deze mogelijkheden worden onder meer bepaald door:</al><lijst><li nr="1."><al>de aanwezigheid van woningen in de directe omgeving;</al></li><li nr="2."><al>de (infrastructurele) bereikbaarheid (wegen, parkeergelegenheid,
                                    openbaar vervoer e.d.);</al></li><li nr="3."><al>de aanwezigheid van nutsvoorzieningen;</al></li><li nr="4."><al>de omvang van de locatie.</al></li></lijst><al/><al>Kleinschalige buurt‑ of straatgebonden evenementen kunnen op vele
                            locaties worden gehouden daar zij doorgaans geen bijzondere
                            voorzieningen vragen en zelden leiden tot overlast. Buurt overstijgende
                            evenementen worden bij voorkeur gehouden op (meer) centraal gelegen
                            locaties zoals de Markt en het Burg. Van Houdtplein in Bladel, de Markt
                            en het veld aan Dalweg-Molenstraat in Hapert, het Valensplein in
                            Hoogeloon, het Carolus Simplexplein in Netersel en het plein aan de
                            Zandstraat-Kerkstraat te Casteren. </al><al/><al>In het belang van het voorkomen van (onevenredige) overlast speelt ook
                            het aantal evenementen dat op een locatie plaats heeft een rol. Indien
                            op een locatie met grote regelmaat evenementen worden gehouden die op
                            zichzelf geen grote overlast of hinder veroorzaken, kan dit cumulatief
                            toch leiden tot overlast. Om dit te voorkomen kan door het college een
                            maximum worden gesteld aan het aantal evenementen op een locatie. </al></artikel><artikel><kop><label>6</label><titel>Regulering van het aantal evenementen</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Binnen de te stellen voorwaarden bestaat de mogelijkheid om
                                        binnen de kernen evenementen te organiseren. Hiervoor wordt
                                        geen limiet gesteld.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Grootschalige evenementen die niet typisch
                                        gemeente-gebonden zijn, worden doorverwezen naar een
                                        regionaal evenemententerrein, tenzij hiervoor een geschikte
                                        locatie voorhanden is en het evenement een uitstraling voor
                                        de gemeente kan betekenen. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Evenementen waarbij zeer grote bezoekersaantallen een
                                        potentiële bedreiging vormen voor de openbare orde en
                                        veiligheid zoveel mogelijk beperken. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Er mogen geen evenementen (of voorbereidende werkzaamheden)
                                        plaatsvinden op de marktterreinen te Hapert en Bladel op
                                        respectievelijk dinsdagochtend en woensdag. </vet></al></li></lijst><al/><al><cursief>Evenementen op wijkniveau</cursief></al><al>Voor evenementen op wijkniveau wordt het niet nodig gevonden om hiervoor
                            regels op te stellen over te hanteren aantallen. </al><al/><al><cursief>Evenementen op kernniveau</cursief></al><al>In lijn met het door de gemeenteraad vastgestelde beleid wordt de
                            organisatie van evenementen binnen onze kernen gestimuleerd. Het is dan
                            ook niet gewenst om dit te limiteren. Wel zal bij de beoordeling van een
                            te organiseren evenement rekening worden gehouden met de aard en omvang
                            van een dergelijk evenement. In de kern Bladel wordt het Burg. Van
                            Houdtplein ook als een geschikte locatie aangemerkt voor het organiseren
                            van ter plaatse passende kleinschaligere evenementen. </al><al/><al><cursief>Evenementen gemeenteniveau overstijgend </cursief></al><al>Voorbeelden van het gemeenteniveau overstijgende evenementen zijn de
                            Kempenoptocht, Lichtstoet, Neter­pop, Totaalfestival, Boerenmert en
                            diverse grote wielerwedstrijden. De verwachting is dat de aanwas van
                            dergelijke evenementen door hun grootschalig karakter doorgaans minimaal
                            is. Aanvragen van niet lokale (commerciële) organisatoren voor niet
                            specifiek op de gemeente Bladel gerichte evenementen worden met
                            terughoudendheid behandeld, daar wij van oordeel zijn dat hieraan grote
                            risico’s zijn verbonden ten aanzien van de openbare veiligheid.</al><al/><al><cursief>Evenementen op marktpleinen</cursief></al><al>Op dinsdagochtend en woensdag zijn de marktpleinen in respectievelijk
                            Hapert en Bladel (deels)niet beschikbaar voor het houden van evenementen
                            of het treffen van voorbereidingen daarvan, omdat op die tijdstippen een
                            markt wordt gehouden. Uitzondering hierop zijn de plaatselijke
                            kermissen, de jaarlijkse zomerfeesten en een bijzonder evenement. Voor
                            dit laatste geldt dat de organisator dit afstemt en regelt met de
                            Marktcommissie. </al></artikel><artikel><kop><label>7</label><titel>Verkeersmaatregelen</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Voor het afsluiten of gebruiken van wegen anders dan
                                        overeenkomstig hun bestemming is toestemming van de
                                        wegbeheerder vereist.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Indien noodzakelijk kunnen tijdelijke verkeersmaatregelen
                                        worden overwogen.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De organisator moet zorgen voor een goede bewegwijzering
                                        voor het verkeer.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De organisatie moet zelf de bewegwijzering
                                        aanbrengen.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De gemeente stelt afzettingsmateriaal en verkeersborden ter
                                        beschikking.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De organisator dient het parkeren voor auto’s en fietsen te
                                        regelen via duidelijke bewegwijzering.</vet></al></li></lijst><al/><al><cursief>Afsluiten wegen</cursief></al><al>Indien daartoe aanleiding bestaat (met name afhankelijk van het aantal
                            te verwachten bezoekers en de locatie van het evenement) kan overwogen
                            worden tot het nemen van tijdelijke verkeersmaatregelen in de vorm van
                            bijvoorbeeld het afsluiten van de openbare weg, het instellen van een
                            parkeerverbod en het instellen van omleidingsroutes. Hiervoor is altijd
                            toestemming nodig van de wegbeheerder. </al><al/><al>De organisator dient in overleg met de gemeente en politie zelf te
                            zorgen voor de afzetting. Hij draagt uiteindelijk de verantwoording voor
                            een veilige en vlotte aan‑ en afvoer van bezoekers en hulpdiensten. In
                            overleg met de politie en gemeente moet tevens worden bekeken welke
                            concrete maatregelen moeten worden genomen om parkeer‑ en
                            verkeersproblemen te voorkomen en de bereikbaarheid en
                            verkeersveiligheid te garanderen. </al><al/><al>De organisator dient bij de aanvraag duidelijk aan te geven welke wegen
                            volgens hem afgesloten moeten worden. Daarnaast moet hij:</al><lijst><li nr="-"><al>aanwonenden en andere direct betrokkenen minimaal 1 week vóór
                                    aanvang van het evenement informeren over de duur en aard van
                                    het evenement en de mogelijke overlast die de aanwonenden kunnen
                                    ondervinden. Tevens moet de organisatie één persoon aanwijzen
                                    die tijdens het evenement bereikbaar is voor aanwonenden;</al></li><li nr="-"><al>aangepaste routes en parkeergelegenheden via diverse lokale
                                    media bekendmaken;</al></li><li nr="-"><al>het parkeren reguleren alsmede de benodigde borden te plaatsen.
                                    De gemeente stelt, indien voorradig en tijdig aangevraagd,
                                    afzettings-materiaal ter beschikking. </al></li></lijst><al/><al><cursief>Plaatsen van borden </cursief></al><al>Straten en wegen mogen worden afgesloten met dranghekken en het
                            verkeersbord model C1 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en
                            verkeerstekens 1990 (gesloten in beide richting voor alle verkeer
                            behalve voetgangers). Dit betekent dat de organisator ook geen
                            voertuigen mag doorlaten.</al><al/><al>De organisator is verantwoordelijk voor een juiste plaatsing van de
                            afsluiting en het toezicht op de naleving van de geldende regels. Een
                            vrije doorgang van voertuigen van hulpverleningsinstanties (ambulance,
                            politie en brandweer) mag op geen enkele wijze worden belemmerd. Dit
                            betekent dat te allen tijde een vrije doorgang bestaat van 3,50 meter
                            breed en 4,20 meter hoog.</al><al/><al>Alle toegangswegen dienen, met uitzondering van de hekken, worden
                            vrijgehouden van obstakels. Direct na afloop van het evenement moet de
                            weg weer worden opengesteld voor alle verkeer. De organisator moet de
                            afsluiting tijdig aan omwonenden bekend maken. </al><al/><al><cursief>Verkeersregelaars</cursief></al><al>Indien door een evenement de veiligheid op de openbare weg in het geding
                            is moeten verkeersregelende maatregelen worden getroffen. In overleg met
                            politie wordt bepaald op welke manier dit moet en of er
                            verkeersregelaars moeten worden ingezet. Indien verkeersregelaars worden
                            ingezet moeten deze als zodanig zijn opgeleid en aangesteld</al><al/><al><cursief>Parkeergelegenheid auto’s en fietsen </cursief></al><al>De organisatie dient te voorzien in en toezicht te houden op voldoende
                            parkeergelegenheid voor auto’s, fietsen en de bereikbaarheid van
                            hulpdiensten. Daarnaast moeten de volgende zaken worden nageleefd:</al><lijst><li nr="-"><al>Zorgdragen door de organisatie voor verwijzingsborden naar
                                    parkeerterreinen;</al></li><li nr="-"><al>Bekendmaking routes en parkeergelegenheid via de diverse
                                    media.</al></li></lijst><al/><al>In de vergunning kan worden opgenomen dat de organisator voor
                            aanvullende parkeercapaciteit, voor een bepaald aantal plaatsen, moet
                            zorgen. </al><al/><al><cursief>Openbaar vervoer</cursief></al><al>Het openbaar vervoer moet zoveel mogelijk volgens de normale
                            dienstregeling doorgang hebben. Indien dit niet mogelijk is
                            (bijvoorbeeld bij een carnavalsoptocht) informeert de gemeente het
                            openbaar vervoerbedrijf hierover tijdig. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>8</label><titel>Afsluiten tijdens kermissen</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Tijdens de kermis van Bladel worden de Sniederslaan (vanaf
                                        de Victor de Bucklaan), Marktstraat (tussen de Markt en
                                        Schutsboom) en de Markt (tussen de Europalaan en Van
                                        Dissellaan inclusief het marktplein) afgesloten voor
                                        doorgaand verkeer vanaf 18.00 uur (winkelsluiting). Deze
                                        afsluiting moet voor 07.00 uur de volgende ochtend of zoveel
                                        vroeger als mogelijk opgeheven worden. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De horeca exploitanten moeten zorgdragen voor de (opheffing
                                        van de) afsluiting.</vet></al></li></lijst><al/><al>Steeds vaker hebben horecabedrijven tijdens kermissen allerlei
                            buiten-activiteiten in de vorm van (live)muziek of tijdelijk uitgebreide
                            terrassen en/of tenten en overkappingen. Het geheel van kermis‑ en
                            horeca‑activiteiten kan het noodzakelijk maken dat er een groter gebied
                            af moet worden gesloten voor doorgaand verkeer. Uiteindelijk verwachten
                            bezoekers van de kermis en/of horeca geen verkeer op het
                            evenemententerrein. </al><al/><al>Anderzijds mag de afsluiting van wegen de bereikbaarheid voor
                            hulpdiensten niet nadelig beïnvloeden. Dit betekent dat voor aanvang van
                            de kermis‑ en horeca‑activiteiten voor iedereen duidelijk moet zijn waar
                            attracties, tenten, terrassen e.d. mogen worden opgesteld. </al><al/><al>De afsluitingen tijdens de kermissen van Hoogeloon, Casteren, Netersel
                            en Hapert vloeien voort uit de opstelling van kermisattracties op de
                            rijbaan. Het is vanzelfsprekend dat deze wegen gedurende de hele kermis
                            afgesloten zijn. Het is niet wenselijk en noodzakelijk ook buiten het
                            kermisterrein (evenemententerrein) straten af te sluiten daar dit de
                            bereikbaarheid en verkeersdoorstroming onnodig belemmerd. </al><al/><al>De kermis van Bladel staat daarentegen opgesteld op de Markt. Hierdoor
                            blijven de Sniederslaan, Marktstraat en een deel van de Markt in
                            principe vrij doorrijdbaar. Gezien het feit dat deze wegen het
                            kermis/eve­nemententerrein doorsnijden is het in het belang van de
                            verkeersveiligheid wenselijk dat deze wegen toch worden afgesloten.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>9</label><titel>Standplaatsen tijdens evenementen</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Standplaatsen horen bij het evenement en vallen derhalve
                                        onder de verantwoording van de organisator.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Aan derden wordt geen vergunning verleend voor het innemen
                                        van een standplaats in de (directe) nabijheid van het
                                        evenement.</vet></al></li></lijst><al/><al>Vaak worden tijdens evenementen standplaatsen in gebruik gegeven voor
                            verkoop van kleine drink‑ en etenswaren of voor verkoop van goederen. De
                            standplaatsvergunning op grond van artikel 5.17 APV wordt opgenomen in
                            de evenementenvergunning. De standplaatsen horen bij het evenement en
                            vallen derhalve onder de verantwoording van de organisator van het
                            evenement. Zij moeten dus voldoen aan alle relevante voorwaarden die
                            gesteld zijn in de vergunning. De organisator dient de standplaatshouder
                            vooraf te informeren over de in de evenementenvergunning opgenomen
                            voorwaarden en voorschriften.</al><al>In het belang van (brand)veiligheid moet op een plattegrond worden
                            aangegeven waar standplaatsen worden ingenomen met bakwagens, barbecues
                            of andere vormen van voedselbereiding middels verwarming. </al><al/><al>De gemeente verstrekt aan derden buiten de organisator om geen
                            vergunning voor het innemen van een standplaats tijdens het evenement op
                            de plaats of in de nabijheid van het evenement.</al></artikel><artikel><kop><nr>10</nr><titel><vet>(Brand)veiligheid </vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het gebruik van bedrijfshallen en verenigingsgebouwen voor
                                        evenementen wordt tot een minimum beperkt. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het plaatsen van tenten ten behoeve van buurtfeesten en
                                        evenementen is toegestaan. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Indien noodzakelijk voert de vergunningverlener vooraf
                                        overleg met de brandweer ten behoeve van de brandveiligheid.
                                    </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het op‑ en afbouwen van tenten moet zo kort mogelijk,
                                        voorafgaand aan het evenement gebeuren. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het afbreken van tenten en het in de oorspronkelijke staat
                                        terugbrengen van de omgeving moet zo snel mogelijk na het
                                        evenement/activiteit gebeuren.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Een tijdelijke gebruiksvergunning wordt, indien nodig,
                                        geïntegreerd in de evenementenvergunning.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Organisatoren worden erop gewezen om aandacht te besteden
                                        aan de toegankelijkheid van evenementen voor minder validen.
                                    </vet></al></li></lijst><al/><al>Bij sommige evenementen wordt gebruik gemaakt van tenten, overkappingen
                            en andere tijdelijke bouwsels of bouwwerken die normaliter een andere
                            functie hebben (bijvoorbeeld een magazijn, fabriekshal, sporthal).
                            Indien nodig wordt bepaald of er ten aanzien van de brandveiligheid
                            extra voorschriften moeten worden opgenomen in de vergunning. </al><al/><al>Het gebruik van bedrijfshallen, schuren, sporthallen en dergelijke is
                            enkel toegestaan indien de brandweer van oordeel is dat het pand middels
                            het treffen van voorzieningen brandveilig te gebruiken is. Deze
                            voorzieningen (doorgaans gebaseerd op de voorschriften opgenomen in
                            bijlage 3 en 4 van de bouwverordening) worden opgenomen in de
                            evenementenvergunning en hebben onder andere betrekking op de locatie
                            van de objecten (in relatie tot bouwwerken in de directe omgeving),
                            brandblusmiddelen, de bereikbaarheid van het evenemententerrein door
                            voertuigen van de hulpverleningsdiensten, het maximale aantal bezoekers
                            en de ontvluchting. </al><al/><al>Dit geldt ook voor tenten waarin meer dan 50 personen aanwezig kunnen
                            zijn. De brandweer kan o.a. voorwaarden stellen ten aanzien van de
                            brandwerendheid (en gedrag bij brand) van het tentzeil, het aantal
                            (nood)uitgangen, de aanwezigheid van kleine blusmiddelen,
                            noodverlichting en het aantal bezoekers dat mag worden toegelaten. </al><al/><al>Van elk bouwwerk en/of tent waarin het evenement plaatsvindt, moet een
                            plattegrondtekening op een schaal niet kleiner dan 1:100 worden
                            ingediend, waarop het volgende wordt vermeld:</al><lijst><li nr="-"><al>de schaal;</al></li><li nr="-"><al>de inrichting van het bouwwerk of tent;</al></li><li nr="-"><al>opstelling zitplaatsen;</al></li><li nr="-"><al>toegang hulpdiensten;</al></li><li nr="-"><al>looppaden;</al></li><li nr="-"><al>vluchtwegen;</al></li><li nr="-"><al>nooduitgangen;</al></li><li nr="-"><al>vluchtwegaanduiding;</al></li><li nr="-"><al>noodverlichting;</al></li><li nr="-"><al>blusmiddelen;</al></li><li nr="-"><al>brandkranen.</al></li></lijst><al/><al>Voor grote bouwwerken moeten geldige constructie– en
                            brandveiligheid-certificaten aanwezig zijn. </al><al>Indien op het evenemententerrein brandgevaarlijke activiteiten, zoals
                            onder meer bakken, barbecue, kampvuren of stoken in vuurkorven,
                            plaatsvinden moet op een indelingstekening aangegeven worden waar dit
                            gebeurt. Voor deze activiteiten zijn (brand)veiligheidseisen van
                            toepassing. </al><al/><al>Naast het feit dat aan alle veiligheidseisen moet worden voldaan, wil de
                            gemeente ten aanzien van de toegankelijkheid van evenementen voor
                            gehandicapten een actieve rol spelen. Aan organisatoren van evenementen
                            wordt aan de voorkant aandacht gevraagd voor de mogelijkheden om de
                            toegankelijkheid van evenementen te verbeteren. Dit gebeurt aan de hand
                            van een speciaal voor dit doel vervaardigde checklist. Zowel bij de
                            intake als bij de evaluatie van een evenement zal de toegankelijkheid
                            aan de orde worden gesteld. </al></artikel><artikel><kop><nr>11</nr><titel><vet>Geluid en muziek in de openlucht </vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het maken van muziek in open lucht is slechts met
                                        ontheffing van burgemeester en wethouders toegestaan tot
                                        uiterlijk 01.00 uur (met uitzondering van kermissen en
                                        overige collectieve festiviteiten als bedoeld in art. 4.2.
                                        van de APV)</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het geluidsniveau van de ten gehore gebrachte muziek in de
                                        open lucht mag niet meer bedragen dan 80 dB(A) op de gevel
                                        van woningen.</vet></al></li></lijst><al/><al>Tijdens evenementen ontstaat in meer of mindere mate geluidshinder voor
                            de omgeving. Dit is onvermijdelijk en tot op zekere hoogte aanvaardbaar
                            daar wij ons op het standpunt stellen dat festiviteiten bij het
                            dorpsleven horen en dat op een beperkt aantal dagen per jaar dit tot een
                            zekere mate van overlast mag leiden. Wel moet deze overlast binnen de
                            perken gehouden worden. Dit kan worden bereikt door middel van het
                            opnemen van voorwaarden in de vergunning. Onder het begrip openlucht
                            worden overigens ook tenten en andere bouwsels verstaan, die niet of
                            nauwelijks het geluid absorberen.</al><al/><al>Het stellen van een maximale geluidsnorm met het oog op het voorkomen
                            van onevenredige overlast voor omwonenden is echter niet eenvoudig. Op
                            grond van milieuwetgeving mag het geluidsniveau op een woninggevel
                            tussen 23.00 en 07.00 maximaal 60 dB(A) (piekniveau) bedragen. Een
                            grotere belasting leidt vrijwel altijd tot overlast. Bij
                            (muziek)evenementen zijn deze maxima echter niet haalbaar. Het
                            achtergrondniveau van het bij het evenement aanwezige publiek is al zo
                            hoog dat minimaal 80 dB(A) muziekgeluid nodig is om boven het
                            geluidsniveau van het publiek uit te komen. </al><al/><al>Gezien het incidentele karakter van een evenement en de maximale
                            eindtijd voor muziek in de openlucht van 01.00 uur is het redelijk als
                            maximale gevelbelasting 80 dB(A) te hanteren. Dit is overschrijding van
                            het piekniveau met 15 resp. 20 dB(A) voor het dagdeel van 19.00 ‑ 23.00
                            resp. 23.00 ‑ 07.00 uur. </al><al/><al>Gedurende het evenement dient de organisator alles in het werk te
                            stellen om de geluidsoverlast tot een minimum te beperken. </al><al>Het geluidsniveau dient te allen tijde op aanwijzing van gemeente- of
                            politieambtenaren direct te worden bijgesteld op een door hen te bepalen
                            niveau. </al></artikel><artikel><kop><nr>12</nr><titel><vet>Muziek door horeca tijdens kermissen</vet></titel></kop><al><vet>Beleid</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het in het kader van horeca-activiteiten maken van muziek
                                        in de open lucht tijdens kermissen is slechts met ontheffing
                                        van burgemeester en wethouders toegestaan tot uiterlijk
                                        01.00 uur (zaterdag) en 00.00 uur (zondag, maandag en
                                        dinsdag).</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Een tijdelijke uitbreiding van de horecagelegenheid (in de
                                        sfeer van uitbreiding exploitatie) middels plaatsing van een
                                        tent of overkapping, is uitsluitend met vergunning
                                        toegestaan tijdens de kermis en carnaval. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het geluidsniveau van de ten gehore gebrachte muziek in de
                                        openlucht, mag niet meer bedragen dan of 80 dB(A) op de
                                        gevel van woningen.</vet></al></li></lijst><al/><al>Horecabedrijven zoeken de laatste jaren meer aansluiting bij de kermis
                            als openluchtevenement door middel van het organiseren van
                            buitenactiviteiten, dit gebeurt door middel van tenten, overkappingen,
                            uitgebreide terrassen met tapeilanden en muziek. Het samenvloeien van de
                            kermis- en horeca-activiteiten verhoogt de kwaliteit van beide
                            evenementen en voorziet in een behoefte die bij het publiek
                            bestaat.</al><al/><al>Anderzijds moet er gewezen worden op het risico dat de
                            horeca-activiteiten (m.n. versterkte of live-muziek in de openlucht)
                            leiden tot onevenredige overlast voor omwonenden.</al><al/><al>Daar kermissen zijn aangewezen als collectieve festiviteiten (artikel
                            4.2 APV) gelden de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit niet. Daar
                            ongelimiteerd geluid uiteraard niet wenselijk is, kunnen ter bescherming
                            van de woonomgeving door het college geluidsnormen worden
                            vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>13</label><titel><vet>Muziek door horeca algemeen</vet></titel></kop><al>Op een terras mag, met uitzondering van kermis en carnaval, geen muziek
                            ten gehore worden gebracht. Uiteindelijk kan muziek/geluid snel leiden
                            tot overlast met name in de avond en nacht (na 21.00 uur). Het is
                            derhalve niet wenselijk de mogelijkheden tot het ’s avonds en ‘s nachts
                            in de openlucht ten gehore brengen van muziek door horecabedrijven te
                            verruimen.</al><al/><al>Daar muziek in de openlucht in de middag en vroege avond doorgaans als
                            minder overlastgevend wordt ervaren, kunnen horecabedrijven vijfmaal per
                            jaar ontheffing aanvragen voor het maken van muziek op het terras. Het
                            geluidsniveau van de ten gehore gebrachte muziek mag niet meer bedragen
                            dan 80 dB(A) op de gevel van woningen.</al></artikel><artikel><kop><label>14</label><titel><vet>Afval</vet></titel></kop><al>Na afloop van de activiteiten moet het evenementterrein, alsmede de
                            straal van 50 meter daaromheen, worden ontdaan van alle afval afkomstig
                            van het evenement. Voor het inzamelen van afval kan gebruik worden
                            gemaakt van afvalcontainers die bij de gemeente kunnen worden geleend.
                            Het afval moet door de organisator worden afgevoerd.</al><al/><al>Indien gebruik wordt gemaakt van mobiele sanitaire voorzieningen moeten
                            deze, in overleg met de afdeling Ontwikkeling, aangesloten worden op het
                            riool dan wel beschikken over een (chemische) opvang. Het vrij laten
                            uitlopen of lozen van vervuild water op open water is ten strengste
                            verboden. </al></artikel><artikel><kop><nr>15</nr><titel><vet>Volksgezondheid</vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Indien uit een aanvraag blijkt dat er mogelijk risico’s
                                        bestaan ten aanzien van de volksgezondheid of (sociale)
                                        hygiëne, wordt de aanvraag ter advisering voorgelegd aan de
                                        GHOR (Geneeskundige Hulporganisatie in de Regio).</vet></al></li></lijst><al/><al>Een evenement kan risico’s voor de volksgezondheid en/of hygiëne met
                            zich meebrengen. Deze risico’s kunnen onder andere ontstaan uit:</al><lijst><li nr="-"><al>het gebruik van (drink)water uit tanks, putten en pompen;</al></li><li nr="-"><al>het gebruik van tijdelijke sanitaire voorzieningen; </al></li><li nr="-"><al>het gebruik van alcohol en/of drugs;</al></li><li nr="-"><al>de aanwezigheid van veel mensen op een kleine ruimte;</al></li><li nr="-"><al>bijzondere weersomstandigheden (bijv. hitte);</al></li><li nr="-"><al>bijzondere activiteiten (bijv. sporten, tatoeëren/piercen).
                                </al></li></lijst><al/><al>Indien uit een aanvraag blijkt dat er mogelijk risico’s bestaan ten
                            aanzien van de volksgezondheid of (sociale) hygiëne, wordt de aanvraag
                            ter advisering voorgelegd aan de GHOR. Hierbij zal gebruik worden
                            gemaakt van de door de GHOR opgestelde checklist. Het advies van de GHOR
                            wordt als voorwaarde opgenomen in de evenementenvergunning. De
                            organisator van het evenement dient het advies van de GHOR derhalve op
                            te volgen.</al><al/><al>Bij kleinschalige(re) evenementen waarvoor geen advies van de GHOR
                            vereist is, worden de algemene richtlijnen gehanteerd zoals deze door de
                            GHOR zijn opgesteld.</al></artikel><artikel><kop><nr>16</nr><titel><vet>Kamperen tijdens evenementen</vet></titel></kop><al>Kamperen buiten een reguliere camping is niet toegestaan daar dit
                            zogenaamde wild-kamperen vaak overlast en vervuiling met zich mee
                            brengt. Het college kan echter ontheffing verlenen van dit verbod
                            (art.4:18 APV). Op grond van deze ontheffing is het mogelijk om te
                            overnachten op bijv. een evenemententerrein. </al><al/><al>Aan deze ontheffing worden voorwaarden verbonden ten aanzien van:</al><lijst><li nr="-"><al>de aanwezigheid van sanitaire voorzieningen (de GHOR hanteert
                                    hiervoor richtlijnen);</al></li><li nr="-"><al>voorzieningen ter voorkoming van milieuverontreiniging (bijv.
                                    afvalverwijdering en waterlozingen); </al></li><li nr="-"><al>brandveiligheid (bijv. de afstand tussen kampeermiddelen, het
                                    maximale aantal personen dat in één tent overnacht en het stoken
                                    van open vuren);</al></li><li nr="-"><al>het voorkomen van overlast (bijv. muziek en het gebruik van
                                    alcohol).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><nr>17</nr><titel><vet>Verstrekken van alcoholhoudende dranken </vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het verstrekken van zwak alcoholische dranken buiten een
                                        horeca‑inrichting is alleen toegestaan in speciale en
                                        bijzondere gevallen van tijdelijke aard. Hierbij moet
                                        gebruik gemaakt worden van kunststofbekers in plaats van
                                        glas.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Drankverstrekking met ontheffing is toegestaan tot 01.00
                                        uur.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Bij ontheffingen ten behoeve van evenementen die
                                        hoofdzakelijk door jongeren worden bezocht, wordt de
                                        Handreiking alcoholmaatregelen voor evenementenorganisatoren
                                        standaard als bijlage toegevoegd.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>In de aanvraag moet worden aangegeven welke maatregelen de
                                        organisator neemt ter voorkoming van excessief drankgebruik
                                        en drankgebruik door jongeren onder de 18 jaar.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Indien een evenement hoofdzakelijk of in belangrijke mate
                                        bezocht wordt en gericht is op jongeren onder de 18 jaar,
                                        wordt geen ontheffing ten behoeve van het schenken van
                                        alcohol verleend. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Bij overtreding van de ontheffingvoorschriften kunnen aan
                                        ontheffingen van toekomstige edities van een evenement
                                        aanvullende voorwaarden worden verbonden of wordt geen
                                        ontheffing meer verleend. Bij overtreding van de
                                        ontheffingsvoorschriften wordt hiertegen bestuursrechtelijk
                                        opgetreden conform paragraaf 3.2.2, onder b van het
                                        Horecastappenplan.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het plaatsen van buitenbars/tapeilanden op terrassen bij
                                        horeca-inrichtingen is enkel toegestaan tijdens de kermis in
                                        het betreffende kerkdorp en evenementen, waarvoor vergunning
                                        is verleend.</vet></al></li></lijst><al/><al>Indien tijdens een evenement alcohol wordt verstrekt, moet hiervoor op
                            grond van artikel 35 van de Drank- en Horecawet ontheffing worden
                            verleend. Aan deze ontheffing kunnen voorwaarden worden verbonden (art.
                            35, lid 2 DHW).</al><al/><al>In verband met het terugdringen van het (excessieve) drankgebruik door
                            jongeren is in het kader van het SRE-project “Laat je niet flessen” een
                            handreiking voor evenementenorganisatoren ontwikkeld. Deze handreiking
                            zal standaard als bijlage bij een ontheffing ex. artikel 35 Drank- en
                            Horecawet worden gevoegd, indien de ontheffing wordt verleend ten
                            behoeve van een evenement dat hoofdzakelijk wordt bezocht door jongeren.
                            In vooroverleg en evaluatiegesprekken wordt dit onderwerp expliciet ter
                            sprake gebracht. Ingeval een evenement hoofdzakelijk is gericht (of
                            wordt bezocht) door personen jonger dan 18 jaar, wordt geen ontheffing
                            verleend.</al><al/><al>In de aanvraag dient de organisator aan te geven welke maatregelen hij
                            treft ter voorkoming van excessief drankgebruik en drankgebruik door
                            jongeren onder de 18 (bijv. gebruik van polsbandjes, non-alcoholische
                            ruimtes op het evenemententerrein, instructie barpersoneel e.d.). </al><al/><al>Met het van kracht worden van de nieuwe Drank- en Horecawet komt het
                            toezicht en handhaving van delen van de Drank‑ en Horecawet bij de
                            gemeente te liggen. De wijze waarop de gemeente uitvoering geeft aan
                            deze taak is neergelegd in het Horecastappenplan. (op 16 juli 2007
                            inwerking getreden)</al><al>Indien wordt geconstateerd dat voorschriften verbonden aan een
                            ontheffing worden overtreden, wordt proces‑verbaal opgemaakt tegen de
                            organisator. Op grond hiervan kan de gemeente de volgende stappen
                            ondernemen.</al><al/><al>Indien tijdens een evenement ontheffingsvoorschriften worden overtreden,
                            wordt gehandeld conform paragraaf 3.2.2, onder b van het
                            Horecastappenplan. Deze paragraaf bepaalt dat bij een:</al><lijst><li nr="-"><al>1ste overtreding de leidinggevende (in dit geval de
                                    vergunninghouder) een schriftelijke waarschuwing ontvangt;</al></li><li nr="-"><al>2de overtreding een dwangsom kan worden opgelegd; </al></li><li nr="-"><al>3de overtreding de vergunning kan worden ingetrokken en de
                                    dwangsom verbeurd wordt. Tevens kan besloten worden in het
                                    vervolg geen evenementenvergunning te verlenen ten behoeve van
                                    het evenement.</al></li></lijst><al/><al>De genoemde wijze van optreden kan toegepast worden bij een
                            stelselmatige overtreding, waarbij handelend optreden wordt bekeken
                            vanuit proportionaliteit ten opzichte van het festival (aantal
                            overtreders ten opzichte van het totaal aantal bezoekers).</al><al/><al>Drankverstrekking tijdens evenementen is met een ontheffing van de
                            burgemeester toegestaan tot uiterlijk 01.00 uur. Op grote(re)
                            evenemententerreinen dient het aantal tapinstallaties beperkt te blijven
                            en een zogenaamde “chill”-ruimte te worden ingericht (een rustige plek
                            waar enkel non‑alcoholische dranken worden verstrekt). </al><al/><al>Het plaatsen van buitenbars en tapeilanden op een ‑bij een horecabedrijf
                            behorend‑ terras is enkel toegestaan tijdens de kermis.</al></artikel><artikel><kop><label>18</label><titel>Dierenwelzijn</titel></kop><al><vet>Beleid</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Indien het aannemelijk is dat tijdens een evenement
                                        activiteiten plaatsvinden die op grond van de GWWD verboden
                                        zijn, zal voor dit evenement geen vergunning worden
                                        verleend.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Evenementen waarbij het dierenwelzijn in het geding is of
                                        in het geding kan zijn, worden actief geweerd binnen de
                                        gemeente Bladel.</vet></al><al/></li></lijst><al>De Gezondheids‑ en welzijnswet voor dieren (GWWD) stelt algemene regels
                            in het belang van de bescherming van de gezondheid en het welzijn van
                            dieren. Ten aanzien van evenementen betekent dit dat het verboden
                            is:</al><lijst><li nr="-"><al>dieren als prijs of beloning uit te reiken;</al></li><li nr="-"><al>dierengevechten te houden;</al></li><li nr="-"><al>snelheids‑ of krachtwedstrijden te houden met dieren.</al></li></lijst><al>Het te koop aanbieden van dieren zoals op jaarmarkten en braderieën
                            voorkomt, is op grond van de GWWD niet verboden. Ook
                            behendigheidswedstrijden/demonstraties (b.v. hondensport, paarden met
                            aanspanningen, traditionele vormen van landbewerking) zijn
                            toegestaan.</al><al/><al>Indien het aannemelijk is dat tijdens een evenement activiteiten
                            plaatsvinden die verboden zijn op grond van de GWWD, zal voor dit
                            evenement geen vergunning worden verleend daar een vergunning niet kan
                            strekken tot het overtreden van een wettelijk voorschrift. Indien de
                            vrees bestaat dat tijdens een evenement strafbare feiten worden
                            gepleegd, kan de burgemeester een evenementenvergunning weigeren in het
                            belang van de openbare orde.</al><al/><al>Evenementen waarbij het dierenwelzijn in het geding is of in het geding
                            kan zijn, worden op grond van de GWWD actief geweerd binnen de gemeente
                            Bladel. Deze wet biedt ook de mogelijkheid om bij Koninklijk Besluit
                            regels te verbinden aan het tentoonstellen van dieren. Het Rijk heeft
                            van deze mogelijkheid echter nog geen gebruik gemaakt. Wel is het vanaf
                            1 januari 2013 verboden om wilde dieren in circussen te laten optreden.
                        </al></artikel><artikel><kop><nr>19</nr><titel>Circussen</titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Voor de locatie aan de Dalweg te Hapert worden per jaar
                                        maximaal 2 speelvergunningen verleend (april/mei en
                                        augustus/september).</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Een speelvergunning wordt verleend voor een periode van
                                        maximaal 7 dagen.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Een circus moet voor aanvang van de voorstellingen een
                                        waarborgsom voldoen in verband met het herstel van mogelijk
                                        ontstane schade aan het speelterrein.</vet></al></li></lijst><al/><al>Een circus is een evenement zoals bedoeld in artikel 2.24 APV. Wanneer
                            de voorstellingen voor iedereen toegankelijk zijn, is voor het verzorgen
                            van circusvoorstellingen een evenementenvergunning (een zogenaamde
                            speelvergunning) vereist. </al><al/><al>De gemeente beschikt over één locatie waar een circus van beperkte
                            omvang opgesteld kan worden. Deze locatie aan de Dalweg te Hapert is +/-
                            80 x 80 meter groot. Mede als gevolg van deze afmetingen hebben in de
                            voorbije jaren verschillende circussen in de zomermaanden voorstellingen
                            gegeven op vakantiepark Landal Het Vennenbos en op de grotere campings.
                            Uiteraard dient een circus hiervoor toestemming te krijgen van
                            exploitant van de recreatieve inrichting. </al><al/><al>Het terrein aan de Dalweg wordt gebruikt voor diverse evenementen en
                            activiteiten met name in de periode van mei tot en met augustus. Om het
                            terrein optimaal voor deze evenementen beschikbaar te houden, is het
                            aantal speelvergunningen voor deze locatie beperkt tot twee: één
                            speelperiode in de maanden april/mei en in de maanden september/oktober. </al><al/><al>Een speelvergunning wordt verleend voor een periode van maximaal 7
                            dagen. Deze periode is inclusief de op‑ en afbouw van het circus. </al><al/><al>In de aanvraag om een speelvergunning moet opgave worden gedaan van de
                            afmetingen van de tent, het “circus bouwboek” (informatie ten aanzien
                            van de veiligheid van het circus), het aantal voertuigen (inclusief
                            woonwagens), de voorgenomen speeldata en het aantal en soort dieren.
                            Daar circussen gebruik maken van (veel) zware voertuigen en grote/zware
                            materialen is de kans op beschadiging van het speelterrein reëel. In
                            verband hiermee dient een circus enkele dagen voor aanvang van de
                            voorstellingen een waarborgsom te voldoen. Deze waarborgsom wordt
                            teruggegeven indien na schouwing van het speelterrein geen
                            beschadigingen worden vastgesteld. </al><al/><al>Aanvragen voor een nieuw jaar moeten vóór 1 november voorafgaand aan het
                            betreffende jaar worden ingediend. In november/december wordt daar een
                            besluit genomen over de gevraagde speelvergunningen. Indien een circus
                            geen gebruik maakt van de aan haar verleende speelvergunning komt deze
                            vergunning te vervallen. Het is dus niet mogelijk om tussentijds een
                            speelvergunning te verlenen of een vervangend circus van deze vergunning
                            gebruik te laten maken</al></artikel><artikel><kop><nr>20</nr><titel><vet>Bijzondere evenementen </vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Met uitzondering van de onder 2 en 4 genoemde evenementen
                                        wordt geen vergunning verleend aan gemotoriseerde
                                        evenementen.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Met het aantal jaarlijks terugkerende grootschalige
                                        jaarmarkten/rommelmarkten wordt terughoudend omgegaan.
                                    </vet></al></li></lijst><al/><al><cursief>Gemotoriseerde evenementen</cursief></al><al>We onderscheiden vier vormen van gemotoriseerde evenementen:</al><lijst><li nr="1."><al>wedstrijden op de weg (bijv. autorally, autoraces);</al></li><li nr="2."><al>wedstrijden op particuliere terreinen (bijv.
                                    autocrosswedstrijden, trekkertrekwedstrijden);</al></li><li nr="3."><al>stuntshows voor auto’s en motoren;</al></li><li nr="4."><al>toertochten (bijv. oriëntatierit met oldtimers waarbij de ter
                                    plaatse geldende verkeersregels dienen te worden
                                    opgevolgd).</al></li></lijst><al/><al>Evenementen waarbij gemotoriseerde voertuigen worden gebruikt moeten
                            worden beperkt. Het risico op (verkeers)onveiligheid voor deelnemers en
                            publiek, verstoring van flora en fauna en geluidsoverlast zijn bij deze
                            evenementen van dien aard dat geen medewerking wordt verleend aan de
                            onder 1 en 3 genoemde evenementen. </al><al/><al><cursief>Vechtsportgala’s</cursief></al><al>Een vechtsportgala wordt aangemerkt als een evenement indien het wordt
                            georganiseerd anders dan in een regulier clubgebouw van een
                            vechtsportvereniging. Onder een regulier clubgebouw wordt verstaan de
                            accommodatie waarin een vechtsportvereniging normaliter traint,
                            wedstrijden houdt en haar “thuis” heeft. </al><al/><al>Vechtsportgala’s brengen bijzondere risico’s met zich mee ten aanzien
                            van de openbare orde en veiligheid. Op grond hiervan merken wij
                            vechtsportgala’s aan als categorie C ‑ evenementen waarbij altijd advies
                            zal worden ingewonnen bij de regionale politie en/of het Openbaar
                            Ministerie. Indien besloten wordt dat een vergunning kan worden
                            verleend, worden hieraan in elk geval de volgende voorwaarden
                            verbonden:</al><lijst><li nr="-"><al>de aanwezigheid van voldoende gecertificeerde beveiligers;</al></li><li nr="-"><al>verplichte fouillering bij de ingang;</al></li><li nr="-"><al>vooraf overleg tussen de organisator en de politie;</al></li><li nr="-"><al>aanleveren van deelnemerslijsten.</al></li></lijst><al/><al>Op grond van artikel 4, onder f van het Besluit Wet Bibob is het tevens
                            mogelijk om bij (evenement)vergun­ningplichtige vechtsportgala’s een
                            Bibob-toets uit te voeren. </al><al/><al><cursief>Jaarmarkten/rommelmarkten</cursief></al><al>In elke kern wordt een jaarlijks terugkerend groot opgezette
                            jaarmarkt/rommelmarkt georganiseerd waarvoor grootschalige maatregelen
                            (in belang van openbare orde, voorkomen of beperken van overlast</al><al>(parkeren/geluid) en de verkeersveiligheid) moeten worden getroffen. Het
                            betreft: Koninginnemarkt en Boerenmert te Hapert, Loonse Lentemert te
                            Hoogeloon, Kermismarkt te Casteren, de Zomermarkt en Toeristische dagen
                            te Bladel en de Brigidamarkt te Netersel.</al><al>Met het uitbreiden van soortgelijke evenementen moet zorgvuldig worden
                            omgegaan om scheefgroei te voorkomen. Het houden van teveel van
                            dergelijke (grootschalige)evenementen kan ten koste gaan van andere
                            (mogelijke) evenementen.</al><al>Teneinde een te grote belasting voor de betreffende kernen te voorkomen
                            dient met een uitbreiding van grootschalige jaarmarkten/rommelmarkten
                            terughou-dend en evenwichtig te worden omgegaan. Voor nieuwe
                            activiteiten op dit ter-rein moet aangetoond worden dat binnen die kern
                            hiervoor draagvlak bestaat. </al></artikel><artikel><kop><label>21</label><titel>Communicatie</titel></kop><al><cursief>Gemeentelijke website</cursief></al><al>Op de gemeentelijke website kunnen (potentiële) organisatoren van
                            evenementen het volgende vinden:</al><lijst><li nr="-"><al>aanvraagformulieren;</al></li><li nr="-"><al>beleid inzake evenementen, horeca en terrassen;</al></li><li nr="-"><al>uitvoeringsregels. </al></li></lijst><al><cursief>Bewonersbrief</cursief></al><al>De organisator van het evenement informeert de bewoners en bedrijven,
                            die mogelijk hinder van het evenement ondervinden, tijdig via een
                            bewonersbrief. In een bewonersbrief staat in ieder geval informatie over
                            de aard en duur van het evenement, de te nemen tijdelijke
                            (verkeers)maatregelen, de manier waarop de organisator probeert de
                            overlast te beperken en de contactgegevens van de organisator waar men
                            met klachten terecht kan. De bewoners worden minimaal één week
                            voorafgaand aan het evenement geïnformeerd.</al><al><cursief>Reclame </cursief></al><al>Ter promotie van evenementen is het toegestaan tijdelijke reclameborden
                            te plaatsen aan de openbare weg. De aan te brengen reclames dienen te
                            voldoen aan het geldende reclamebeleid van de gemeente Bladel.</al></artikel><artikel><kop><nr>22</nr><titel><vet>Beveiliging,openbare orde en veiligheid</vet></titel></kop><al>Het bewaken van de orde en veiligheid op en rond het evenemententerrein
                            is in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de organisatie zelf.
                            De politie is in beginsel terughoudend in haar optreden tijdens
                            evenementen. Dit betekent dat de organisator zelf een inschatting moet
                            maken van de risico’s en omvang van het evenement en hierop de
                            begeleiding moet afstemmen. </al><al/><al>Bij grootschalige evenementen met risico’s op het gebied van alcohol‑ en
                            drugsgebruik, rivaliserend groepsgedrag, intensieve interactie met
                            omgeving of overcrowding kan het inzetten van een beveiligingsbedrijf
                            noodzakelijk zijn. In samenspraak met politie en gemeente wordt het
                            aantal in te zetten beveiligers bepaald.</al><al>Bij grootschalige evenementen kan in het kader van handhaving van de
                            openbare orde (extra) politie-inzet nodig zijn. Omdat deze extra
                            politie‑inzet moet worden ingepland, is het van belang dat de aanvraag
                            voor een evenementenvergunning tijdig bij de gemeente wordt ingediend.
                            Grote evenementen worden altijd opgenomen in de regionale
                            evenementenkalender van de politie. </al><al/><al>Voor risicovolle evenementen dient een calamiteitenplan te worden
                            opgesteld. Uit dit plan moet blijken dat de organisatie voldoende
                            maatregelen heeft genomen om risico’s op het gebied van openbare orde en
                            veiligheid, milieu en volksgezondheid te voorkomen. In het
                            calamiteitenplan legt men vast hoe men zich voorbereidt op calamiteiten
                            en hoe met calamiteiten om te gaan. In het plan beschrijft men wie welke
                            taken en bevoegdheden heeft bij calamiteiten en hoe afstemming met
                            regelgeving en andere organisaties plaatsvindt. </al></artikel><artikel><kop><nr>23</nr><titel><vet>Controle en handhaving</vet></titel></kop><al><vet>Beleid:</vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>De rol en de eigen verantwoordelijkheid van de organisator
                                        wordt benadrukt.</vet></al></li></lijst><al/><al>Het sluitstuk van evenementenbeleid is handhaving. Dit gebeurt op basis
                            van het “Vernieuwend toezicht‑ en handhavingsbeleid”. Om overlast tegen
                            te gaan is vooral handhaving van eindtijden, geluidsnormen en openbare
                            orde en veiligheid van belang. Het opstellen van dit evenementenbeleid
                            draagt bij aan een groter draagvlak en dus tot betere naleving en
                            handhaafbaarheid van de voorschriften die voortvloeien uit het in deze
                            nota geformuleerd beleid. </al><al/><al>Ook de voorbereidende fase is van invloed op de controle en handhaving
                            van een evenement. De vergunningverlener moet vooraf duidelijkheid
                            scheppen in regels en voorschriften zodat deze goed nageleefd kunnen
                            worden. De organisator moet goed op de hoogte zijn van zijn eigen rol en
                            verantwoordelijkheid.</al><al>Politie, brandweer en bevoegde opsporingsambtenaren controleren en
                            handhaven de voorschriften van de vergunningen en ontheffingen.</al><al/><al>Indien sprake is van het niet naleven van de gestelde voorwaarden kunnen
                            striktere voorwaarden of beperkingen worden gesteld in de toekomstig aan
                            te vragen evenementenvergunning. Ingeval zich ernstige overtredingen
                            voordoen en/of een organisator vaker gestelde voorwaarden niet nakomt,
                            kan worden besloten geen evenementenvergunning meer te verlenen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>2</nr><titel><vet>HORECA EN TERRASSEN </vet></titel></kop><artikel><kop><nr>1</nr><titel>Terrassen</titel></kop><al>Een terras is een in de openlucht gelegen lokaliteit (art. 2.27, lid 2
                            APV). Het terras maakt dus onderdeel uit van het horecabedrijf en dient
                            derhalve te worden vermeld op de Drank‑ en Horecawetvergunning. Hierbij
                            maakt het geen verschil of het terras wordt opgesteld op eigen terrein
                            of op de openbare weg. </al><al/><al>Ingeval een terras wordt opgesteld op de openbare weg is het
                            noodzakelijk dat hieraan in het belang van de bruikbaarheid van de weg,
                            het voorkomen van overlast en het uiterlijk aanzien van de gemeente
                            voorwaarden worden verbonden. Deze voorwaarden kunnen niet verbonden
                            worden aan:</al><lijst><li nr="-"><al>een (separate) terrasvergunning, daar de gemeente Bladel deze
                                    niet kent;</al></li><li nr="-"><al>een vergunning voor het plaatsen van voorwerpen op of aan weg
                                    daar artikel 2.10 APV niet van toepassing op terrassen (art.
                                    2.10, lid 2 onder g APV); </al></li><li nr="-"><al>een exploitatievergunning, daar van deze vergunningplicht
                                    ambtshalve vrijstelling wordt verleend tenzij er sprake is van
                                    een bijzondere omstandigheid (art. 2.28, lid 6 APV).</al></li></lijst><al/><al>Een vergunningplicht voor terrassen is niet noodzakelijk. Er wordt
                            volstaan met een aantal algemeen geldende voorschriften om het doelmatig
                            beheer en gebruik van de openbare weg te waarborgen en tevens
                            onevenredige overlast voor de omgeving te voorkomen. Enkel daar waar een
                            terras in strijd is met het geldende bestemmingsplan en/of de
                            woonomgeving op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door het
                            terras, blijft een horeca‑exploitatievergunning vereist. In deze
                            gevallen kunnen aan de vergunning (aanvullende) voorschriften worden
                            verbonden.</al><al/><al>In het belang van het doelmatig gebruik, beheer en onderhoud van de
                            openbare weg en het voorkomen van onevenredige overlast voor de
                            (woon)omgeving, worden aan het opstellen en gebruik van een terras de
                            volgende voorschriften verbonden: </al><lijst><li nr="-"><al>het voetgangersgedeelte van de openbare weg mag gebruikt worden
                                    voor het plaatsen van een terras, mits de vrije (doorgang)ruimte
                                    minimaal 1,50 meter is en de vrije ruimte boven het terras
                                    minimaal 2,20 meter bedraagt; deze maat kan anders zijn voor
                                    gebieden waar uit de bestrating van de openbare ruimte duidelijk
                                    blijkt welke gronden als terras/uitstalruimte mogen worden
                                    gebruikt;</al></li><li nr="-"><al>het terras moet worden opgesteld op de locatie zoals opgenomen
                                    in de gebruiksovereenkomst; </al></li><li nr="-"><al>een terras mag worden opgesteld over de breedte van de voor‑
                                    en/of zijgevel van de inrichting;</al></li><li nr="-"><al>voor (nood)uitgangen mag geen terrasmeubilair worden
                                    opgesteld;</al></li><li nr="-"><al>hulpverleningsdiensten en voetgangers dienen ongehinderde
                                    doorgang te hebben;</al></li><li nr="-"><al>brandkranen moeten voor hulpdiensten te allen tijde vrij
                                    bereikbaar zijn;</al></li><li nr="-"><al>het terras mag geopend zijn op de dagen en uren dat de
                                    inrichting waartoe het behoort geopend mag zijn;</al></li><li nr="-"><al>op het terras en/of openbare ruimte mag geen tijdelijk of
                                    permanent tappunt worden ingericht. Bij bijzondere gelegenheden
                                    kan de burgemeester hiervan ontheffing verlenen;</al></li><li nr="-"><al>op het terras mag geen muziek ten gehore worden gebracht. Bij
                                    bijzondere gelegenheden kan hiervan ontheffing worden
                                    verleend;</al></li><li nr="-"><al>het terras en de naaste omgeving daarvan moeten vrij gehouden
                                    worden van afval en andere ongerechtigheden afkomstig van het
                                    gebruik van het terras;</al></li><li nr="-"><al>de exploitant van het terras is verplicht de redelijkerwijze
                                    mogelijke maatregelen te treffen teneinde te voorkomen dat
                                    derden tengevolge van het gebruik van het terras schade lijden
                                    of ontoelaatbare hinder/overlast ondervinden;</al></li><li nr="-"><al>bij overtreding van deze algemene regels en/of andere aan het
                                    terras verbonden voorwaarden, kan de toestemming tot het
                                    plaatsen van een terras worden ingetrokken;</al></li><li nr="-"><al>aan het gebruik van de openbare weg voor het opstellen van een
                                    terras zijn kosten verbonden;</al></li><li nr="-"><al>op de in gebruik te nemen gronden mogen geen bouwwerken worden
                                    opgericht, die aard‑ en nagelvast aan de grond zijn
                                    verbonden;</al></li><li nr="-"><al>voor het oprichten van overige bouwwerken op gemeentegrond dient
                                    de gemeente expliciet toestemming te verlenen;</al></li><li nr="-"><al>voor het gebruik van gemeentegrond wordt met gebruiker van de
                                    grond ten behoeve van een terras een gebruiksovereenkomst
                                    gesloten.</al><al/></li></lijst><al>In paragraaf 4.1 (terras zonder vergunning) en 4.2 (overtreding
                            voorschriften terrasvergunning) van het Horecastappenplan (hoofdstuk 4)
                            is opgenomen hoe bestuursrechtelijk wordt opgetreden tegen
                            overtredingen.</al><al/><al>Aan het gebruik van de openbare weg ten behoeve van het opstellen van
                            een terras zijn kosten verbonden. Dit wordt geregeld in een
                            (gebruiks)overeenkomst. In de gebruiksovereenkomst is aangegeven onder
                            welke voorwaarden de openbare gronden mogen worden gebruikt als terras
                            voor het aanpalende horecabedrijf. Per bedrijf wordt bepaald welke
                            gronden en hoeveel m2 als terrasruimte mag worden aangewend. De in het
                            verleden gehanteerde vergoedingen die in rekening werden gebracht voor
                            het gebruik van openbare gronden voor het gebruik van terrassen zijn
                            niet meer marktconform. Op basis van een advies van een onafhankelijke
                            taxateur zijn hiervoor nieuwe vergoedingstarieven geadviseerd, die per
                            kern verschillen. Het voornemen is om via de weg van de geleidelijkheid
                            het gebruikstarief binnen een termijn van 3 jaren op te waarderen tot
                            het geadviseerde tarief. In bijlage 2 zijn de voorgestane
                            gebruiksvergoedingen per m2 in beeld gebracht. </al><al>Als bijlage 1 is de aangepaste standaard gebruiksovereenkomst
                            toegevoegd. </al></artikel><artikel><kop><nr>2</nr><titel>Sluitingsuur</titel></kop><al><vet>Beleid: </vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>De burgemeester kan per jaar 6 keer ontheffing verlenen van
                                        het sluitingsuur.</vet></al></li></lijst><al/><al>Een horecabedrijf mag overeenkomstig het bepaalde in de APV geopend
                            zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>op zondag, maandag, dinsdag, woensdag en donderdag avond tot
                                    01.00 uur;</al></li><li nr="b."><al>op vrijdag en zaterdag avond tot 02.00 uur;</al></li><li nr="c."><al>op 1<sup>ste</sup> Paasdag, 1<sup>ste</sup> Pinksterdag en
                                    1<sup>ste</sup> Kerstdag tot 02.00 uur;</al></li><li nr="d."><al>op zaterdag-, zondag- en maandagavond van carnaval tot 03.00 uur
                                    en op dinsdagavond tot 01.00 uur;</al></li><li nr="e."><al>op kermiszaterdag, ‑zondag en ‑maandagavond tot 03.00 uur en op
                                    dinsdagavond tot 01.00 uur (geldt enkel voor de kern waar de
                                    kermis plaatsvindt);</al></li><li nr="f."><al>in de nacht van oud‑ op Nieuwjaar geldt geen sluitingsuur.</al></li></lijst><al>In de zogenaamde Koningsnacht, op Koningsdag en de dag voor Hemelvaart
                            gelden geen afwijkende sluitingsuren. </al><al/><al>De burgemeester kan ontheffing verlenen van het sluitingsuur. Op grond
                            van deze verruiming mag een horecabedrijf één uur langer geopend zijn
                            dan normaal. Alle horecabedrijven komen in aanmerking voor incidentele
                            verruiming van het sluitingsuur. Een verzoek om ontheffing wordt
                            getoetst aan: </al><lijst><li nr="-"><al>het maximum van 6 ontheffingen per jaar (een Kempenbrede
                                    beleidslijn) en</al></li><li nr="-"><al>de overlast die de woonomgeving reeds van het horecabedrijf
                                    ondervindt. Op grond van dit laatste criterium kan een
                                    ontheffing worden geweigerd indien bij de gemeente (veel)
                                    overlastklachten bekend zijn. Voor paracommerciële inrichtingen
                                    gelden dezelfde voorwaarden als voor de reguliere horeca.</al></li></lijst><al/><al>Indien een horecabedrijf langer geopend mag zijn op grond van een
                            collectieve verruiming van het sluitingsuur (zie het onder d en e
                            genoemde), kan dit bedrijf niet gelijktijdig gebruik maken van een
                            incidentele ontheffing. </al><al/><al>Op de laatste zaterdag van maart wordt de klok om 2.00 uur verzet naar
                            3.00 uur. In deze nacht is het niet mogelijk een incidentele verruiming
                            aan te vragen.</al><al/><al>Indien een feestelijke gelegenheid wordt aangemerkt als een collectieve
                            festiviteit, gelden de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit niet.
                            De volgende festiviteiten worden aangemerkt als een collectieve
                            festiviteit:</al><lijst><li nr="-"><al>carnaval;</al></li><li nr="-"><al>kermis (per kern);</al></li><li nr="-"><al>viering jaarwisseling;</al></li><li nr="-"><al>Totaalfestival Bladel .</al></li></lijst><al> Ter bescherming van het woon‑ en leefklimaat en de openbare orde kan
                            het college besluiten wel geluidsnormen vast te stellen tijdens een
                            collectieve festiviteit.</al><al/><al>In hoofdstuk 11 van het Horecastappenplan is aangegeven hoe
                            bestuursrechtelijk wordt opgetreden tegen overtreding van het
                            sluitingsuur.</al></artikel><artikel><kop><nr>3</nr><titel>Buitenactiviteiten</titel></kop><al><vet>Beleid: </vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het plaatsen van tenten/overkappingen en tap(wagens) op
                                        terrassen en het ten gehore brengen van muziek in de
                                        openlucht is enkel toegestaan met een daartoe strekkende
                                        vergunning.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Op een terras mag, met uitzondering van kermis en carnaval,
                                        geen muziek ten gehore worden gebracht. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Horecabedrijven kunnen zesmaal per jaar ontheffing krijgen
                                        voor het maken van muziek op het terras. </vet></al></li><li nr="-"><al><vet>Het geluidsniveau van de ten gehore gebrachte muziek mag
                                        niet meer bedragen dan 90 dB(A) op 10 meter van de bron of
                                        80 dB(A) op de gevel van woningen. </vet></al></li></lijst><al/><al>Het plaatsen van tenten/overkappingen en tap(wagens) op terrassen en het
                            ten gehore brengen van muziek in de openlucht is enkel toegestaan met
                            een daartoe strekkende vergunning. Hier wordt terughoudend mee omgegaan,
                            aangezien:</al><lijst><li nr="-"><al>deze activiteiten het risico op het ontstaan van onevenredige
                                    overlast voor omwonenden met zich meebrengt. In het belang van
                                    het voorkomen van (onevenredige) overlast speelt naast het
                                    geluidsniveau ook het aantal evenementen dat op een locatie
                                    plaatsvindt een rol. Indien op een locatie met grote regelmaat
                                    evenementen worden gehouden die op zichzelf geen grote overlast
                                    of hinder veroorzaken, kan dit cumulatief toch leiden tot
                                    overlast;</al></li><li nr="-"><al>het vanuit het oogpunt van de openbare orde en veiligheid niet
                                    wenselijk is dat zich grote groepen mensen bevinden in de
                                    openbare ruimte. Ingeval van verstoringen is het voor de politie
                                    moeilijk de bron te lokaliseren en isoleren;</al></li><li nr="-"><al>een normale exploitatie de norm moet zijn. </al></li></lijst><al/><al>Op grond van deze overwegingen is het enkel toegestaan om tijdens
                            collectieve festiviteiten (art 4.2 APV), buitenactiviteiten te
                            organiseren. </al><al>Op een terras mag, met uitzondering van kermis en carnaval, geen muziek
                            ten gehore worden gebracht. Uiteindelijk kan muziek/geluid snel leiden
                            tot overlast m.n. in de avond en nacht (na 21.00 uur). Van dit verbod
                            kan ontheffing worden verleend, mits het college van oordeel is dat de
                            ontheffing niet leidt tot een verstoring van de openbare orde. Het is
                            echter niet wenselijk om voor horecabedrijven de mogelijkheden om ’s
                            avonds en ‘s nachts in de openlucht muziek ten gehore te brengen te
                            verruimen.</al><al/><al>Daar muziek in de openlucht in de middag en vroege avond (21.00 uur)
                            doorgaans als minder overlastgevend wordt ervaren, kunnen
                            horecabedrijven zesmaal per jaar ontheffing krijgen voor het maken van
                            muziek op het terras. Het geluidsniveau van de ten gehore gebrachte
                            muziek mag niet meer bedragen dan 90 dB(A) op 10 meter van de bron of 80
                            dB(A) op de gevel van woningen.</al></artikel><artikel><kop><nr>4</nr><titel>Speelautomaten</titel></kop><al><vet>Beleid: </vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>Het aantal behendigheidsspelautomaten wordt gemaximeerd tot
                                        twee.</vet></al></li></lijst><al/><al>Enkel in een hoogdrempelige inrichting mogen kansspelautomaten worden
                            opgesteld. Op grond van artikel 2.40, lid 2 APV mogen in een
                            hoogdrempelige inrichting maximaal twee kansspelautomaten worden
                            opgesteld. Een inrichting wordt op basis van de Wet op de kansspelen als
                            hoogdrempelig aangemerkt indien:</al><lijst><li nr="-"><al>het café en/of het restaurantbezoek op zichzelf staat en er geen
                                    andere activiteiten plaatsvinden, waaraan een zelfstandige
                                    betekenis kan worden toegekend en</al></li><li nr="-"><al>de activiteiten in belangrijke mate gericht zijn op personen van
                                    18 jaar en ouder.</al></li></lijst><al/><al>Indien niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, is sprake van een
                            laagdrempelige inrichting. In deze inrichtingen mogen geen
                            kansspelautomaten worden geplaatst.</al><al/><al>Met de wijziging van de Wet op de kansspelen van 1 juli 2010 vallen
                            behendigheidsspelautomaten (flipperkast, fotoplay e.d.) niet meer onder
                            de werking van de wet. Voor het plaatsen van deze speelautomaten is
                            derhalve geen vergunning meer nodig. </al><al/><al>De gemeente heeft de bevoegdheid een maximum te verbinden aan het aantal
                            behendigheidsspelautomaten dat mag worden opgesteld. In de APV Bladel
                            2011 is geen maximum verbonden aan laagdrempelige automaten. Na
                            vast-stelling van deze uitvoeringsregels zal de APV op dit punt worden
                            aangepast. Het aantal behendigheidsspelautomaten zal worden gemaximeerd
                            tot twee. Bij het bepalen van het maximale aantal
                            behendigheidsspelautomaten dat mag worden geplaatst, is aansluiting
                            gezocht bij het aantal kansspelautomaten dat op grond van artikel 2.40,
                            lid 2 APV mag worden opgesteld en het aantal behendigheidsspelautomaten
                            dat mocht worden geplaatst vóór de wetwijziging van 1 juli 2010.</al><al>Een groter aantal speelautomaten kan het karakter van een horecabedrijf
                            zodanig veranderen/aantasten dat sprake wordt van een speelgelegenheid
                            (speelautomatenhal of gamehouse). Op grond van de
                            Speelautomatenhal-verordening van de gemeente Bladel kan voor slechts
                            één speelgelegenheid vergunning worden verleend. Daar deze vergunning
                            reeds is verleend, is de vestiging van een tweede speelgelegenheid niet
                            toegestaan.</al><al/><al>Voor het plaatsen van kansspelautomaten moet een aanwezigheidsvergunning
                            aangevraagd worden. Deze vergunning wordt verleend voor een periode van
                            4 jaar. De hieraan verbonden kosten zijn de maximaal genoemde bedragen
                            in het Speelautomatenbesluit 2000.</al><al/><al>Een aanwezigheidvergunning is persoonsgebonden. Dit betekent dat de
                            vergunning komt te vervallen bij de overname van een horecabedrijf door
                            een andere exploitant. De nieuwe exploitant dient derhalve een nieuwe
                            vergunning aan te vragen. Indien een vergunning tussentijds komt te
                            vervallen, vindt geen restitutie van op grond van het
                            Speelautomatenbesluit 2000 betaalde vergoedingen plaats. </al></artikel><artikel><kop><nr>5</nr><titel><vet>Paracommercie</vet></titel></kop><al>Per 1 januari 2013 is de nieuwe Drank‑ en Horecawet (hierna: DHW) van
                            kracht. </al><al>Vanaf deze datum is de gemeente Bladel verantwoordelijk voor het
                            toezicht en handhaving op horecagelegenheden en paracommerciële
                            instellingen. De wijziging van de Drank‑ en Horecawet legt gemeenten de
                            plicht op om in een verordening de schenktijden van de paracommerciële
                            inrichtingen te reguleren. Daarnaast bevat de Drank‑ en Horecawet onder
                            meer de verplichting bij gemeentelijke verordening regels te stellen
                            waaraan paracommerciële rechtspersonen zich te houden hebben bij de
                            verstrekking van alcoholhoudende drank. Hieromtrent heeft de gemeente
                            Bladel 2 artikelen opgenomen die voorvloeien uit het “Algemeen
                            beleidskader gemeenschapshuizen 2011”. De regeling zoals deze van kracht
                            is, is hieronder integraal opgenomen. </al><al/><al><vet>Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoel in de Drank
                                -en Horecawet. </vet></al><al><vet>Artikel 2:34a schenktijden paracommerciële rechtspersonen
                            </vet></al><lijst><li nr="a."><al>Paracommerciële rechtspersonen verstrekken uitsluitend
                                    alcoholhoudende drank tot 3 uur na beëindiging van activiteiten
                                    die passen binnen de statutaire doelomschrijving van de
                                    desbetreffende paracommerciële rechtspersoon met een eindtijd
                                    van 01:00 uur door de week en 02:00 uur in het weekend. </al></li><li nr="b."><al>De sluitingstijden van paracommerciële rechtspersonen zijn
                                    gelijk aan de sluitingstijden van de horeca. </al></li><li nr="c."><al>De burgemeester kan ontheffing verlenen van het bepaalde in lid
                                    a en b. </al></li></lijst><al><vet>Artikel 2:34b bijeenkomsten bij paracommerciële rechtspersonen
                            </vet></al><lijst><li nr="a."><al>Paracommerciële rechtspersonen mogen geen gebruiksmogelijkheden
                                    bieden aan activiteiten van commerciële of persoonlijke aard,
                                    tenzij dit met instemming van de plaatselijke horeca geschiedt
                                    en/of via de lokale horeca geen passend alternatief onderkomen
                                    voorhanden is. </al></li><li nr="b."><al>Om oneerlijke (gesubsidieerde) concurrentie met de plaatselijke
                                    horeca te voorkomen worden door de paracommerciële
                                    rechtspersonen consumptieprijzen gehanteerd die gelijk zijn aan
                                    het niveau van de plaatselijke horeca. </al></li><li nr="c."><al>Handelen in strijd met het bepaalde onder a of b kan leiden tot
                                    een sanctie in de vorm van een correctie op de hoogte van de
                                    verleende subsidiebijdrage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><nr>6</nr><titel><vet>Horeca in het buitengebied</vet></titel></kop><al><vet>Beleid: </vet></al><lijst><li nr="-"><al><vet>De sluitingstijden van horeca in het buitengebied zijn
                                        gelijk aan die van paracommerciële rechtspersonen en de
                                        horeca.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De toegang tot de horeca‑activiteit bij ondersteunende
                                        horeca bij (recreatieve) nevenactiviteiten is uitsluitend
                                        via het erf of via de toegang tot de
                                    nevenactiviteit.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De horecaruimten bij een recreatieve bestemming en
                                        ondersteunende horeca bij nevenactiviteiten worden niet ter
                                        beschikking gesteld aan derden voor feesten en
                                        partijen.</vet></al></li><li nr="-"><al><vet>De toegang tot de horeca‑activiteit is uitsluitend via het
                                        erf of via de toegang tot de nevenactiviteit.</vet></al></li></lijst><al/><al>Duidelijk moet zijn waar wel of geen alcohol geschonken mag worden in
                            het buitengebied. De uitgangspunten zijn vastgesteld in de
                            Plattelandsnota 2013.</al><al><cursief>Horeca als zelfstandige bestemming </cursief></al><al>Bedrijven die horeca als functie hebben zijn als zodanig bestemd in het
                            bestemmingsplan. Deze bedrijven zijn gericht op het aantrekken van
                            bezoekers van buiten en zijn dus extern gericht. Deze horeca kan zowel
                            groot als klein zijn. Schenken van alcohol is alleen mogelijk mits
                            voldaan wordt aan alle wet‑ en regelgeving (waaronder Drank- en
                            Horecawet). </al><al>In het buitengebied komen geen nieuwe solitaire horecabestemmingen.
                            Nieuwe horeca moet direct verbonden zijn met een recreatieve activiteit.
                            Dit uitgangspunt geldt niet voor de bestaande solitaire horeca in het
                            buitengebied. </al><al><cursief>Voorbeelden: restaurant, café. </cursief></al><al>Voor deze activiteiten gelden dezelfde regels en voorschriften als voor
                            de (reguliere) horeca die niet gelegen is in het buitengebied.</al><al><cursief>Horeca als zelfstandige activiteit bij een recreatiebestemming
                            </cursief></al><al>Op veel recreatieve locaties is horeca aanwezig, welke onlosmakelijk
                            verbonden is met de aanwezige recreatie. De horeca‑activiteiten zijn
                            gericht op zowel de interne (eigen) bezoekers/gasten als ook op externe
                            doelgroepen. Dit impliceert dat bij de bestemming ‘recreatie’
                            zelfstandige horeca is toegestaan. </al><al>In het buitengebied van de gemeente Bladel is zelfstandige horeca
                            mogelijk bij bedrijven met een recreatieve bestemming, inclusief het
                            schenken van alcohol. Bij het schenken van alcohol moet worden voldaan
                            aan alle wet‑ en regelgeving (waaronder Drank- en Horecawet). </al><al><cursief>Voorbeelden: hotel, camping, groepsaccommodatie</cursief></al><al>Voor deze activiteiten gelden dezelfde regels en voorschriften als voor
                            de (reguliere) horeca die niet gelegen is in het buitengebied. Ook is
                            het niet mogelijk de horecaruimte te verhuren of het ter beschikking te
                            stellen van horecaruimten aan derden voor feesten en partijen;</al><al/><al><cursief>Ondersteunende horeca bij (recreatieve) nevenactiviteiten
                            </cursief></al><al>Het gaat hierbij om horeca die wordt aangeboden als ondersteuning van de
                            nevenfunctie bij een andere dan Horeca of Recreatie bestemde
                            hoofdfunctie. Er moet wel een directe relatie bestaan tussen de
                            nevenfunctie en de behoefte aan horecagerelateerde activiteiten. Het
                            gaat hier bijvoorbeeld om het verzorgen van consumpties bij een
                            rondleiding, bij boerengolf, bij een workshop etc. Kortom het gaat om
                            intern gerichte horeca. </al><al/><al>Schenken van alcohol wordt onder voorwaarden toegestaan bij
                            ondersteunende horeca bij nevenactiviteiten: </al><lijst><li nr="-"><al>voldoen aan alle wet- en regelgeving, waaronder de Drank- en
                                    Horecawet en Algemene Plaatselijke Verordening;</al></li><li nr="-"><al>de sluitingstijden zijn gelijk aan die van paracommerciële
                                    rechtspersonen en de horeca;</al></li><li nr="-"><al>de nevenactiviteit is niet openbaar toegankelijk. Het op eigen
                                    terrein realiseren van een terras is mogelijk, maar dus niet te
                                    gebruiken door derden als zelfstandige horeca;</al></li><li nr="-"><al>er vindt geen verhuur plaats of het ter beschikking stellen van
                                    horecaruimten aan derden voor feesten en partijen;</al></li><li nr="-"><al>de toegang tot de horeca-activiteit is uitsluitend via het erf/
                                    of via de toegang tot de nevenactiviteit. Er is dus geen aparte
                                    openbaar toegankelijke ingang.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><nr>7</nr><titel><vet>Wet Bibob</vet></titel></kop><al>De Wet Bevordering Integriteitbeoordeling door het Openbaar Bestuur (Wet
                            Bibob) geeft gemeenten de mogelijkheid een vergunning te weigeren indien
                            sprake is van een (groot) risico dat de vergunning wordt gebruikt om uit
                            criminele activiteiten verkregen gelden wit te wassen. Op grond van
                            (regionaal) Bibob-beleid, fase 1 voert de gemeente Bladel standaard een
                            Bibob-toets uit bij aanvragen om een:</al><lijst><li nr="-"><al>Drank- en Horecawetvergunning (art. 3 DHW);</al></li><li nr="-"><al>Horeca-exploitatievergunning (art. 2.28 APV);</al></li><li nr="-"><al>vergunning t.b.v. de exploitatie van een coffee-shop;</al></li><li nr="-"><al>vergunning t.b.v. de exploitatie van een seksinrichting (art.
                                    3.4 APV);</al></li><li nr="-"><al>vergunning t.b.v. de exploitatie van een speelgelegenheid (art.
                                    2.39 APV of Speelautomatenhalverordening).</al></li></lijst><al/><al>De Bibob-toets wordt niet uitgevoerd indien de aanvraag betrekking heeft
                            op:</al><lijst><li nr="-"><al>een Drank‑ en Horecawetvergunning ten behoeve van een
                                    paracommerciële inrichting (art. 4 DHW);</al></li><li nr="-"><al>een wijziging van een bestaande Drank‑ en Horecawetvergunning
                                    (bijv. het opnemen van een nieuwe leidinggevende).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><nr>8</nr><titel><vet>Controle en handhaving</vet></titel></kop><al>Het sluitstuk van dit beleid is handhaving. Dit gebeurt op basis van het
                            “Vernieuwend toezicht‑ en handhavingsbeleid”. Om overlast tegen te gaan
                            is vooral handhaving van sluitingstijden, geluidsnormen en openbare orde
                            en veiligheid van belang. Op basis van het Horecastappenplan, dat
                            aangepast wordt naar aanleiding van deze uitvoeringsregels, zal het
                            toezicht en de handhaving plaatsvinden. Dit wordt in nauwe samenwerking
                            met de politie gedaan. Hierbij wordt de handhaving rondom de gewijzigde
                            leeftijdsgrens voor het schenken van alcohol houdende dranken betrokken. </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><al><vet>Bijlage 1 :</vet></al><al/><al><vet>REGELING GEBRUIKSVERGOEDINGEN TERRASSEN OP GEMEENTEGRONDEN 2015</vet></al><al/><al>De huidige uniforme gebruiksvergoeding bedraagt € 102,15 voor terrassen onder de
                    50 m2 en € 2,97 voor elke m2 die het terras groter is dan deze 50 m2. </al><al>De nieuwe gebruiksvergoedingen zijn vastgesteld op basis van een onafhankelijk
                    taxatierapport van Roijmans Makelaardij van 10 mei 2011.</al><al/><al>Op basis hiervan vindt een aanpassing van de gebruiksvergoedingen plaats, die
                    fasegewijs met ingang van 1 januari 2015 over 3 jaren wordt opgehoogd tot het
                    geadviseerde marktconforme tarief. (volgens onderstaand schema) </al><al>2015 - 2016 (33,30%)</al><al>2016 - 2017 (66,60%)</al><al>2017 - 2018 (100%)</al><al/><al>Het nieuwe tarief is gedifferentieerd per gebied:</al><al>- Tarief gebied A Markt en Sniederslaaan Bladel ) € 13,00 per m2 per jaar</al><al>- Tarief gebied B (Overig Bladel en Hapert ) € 10,00 per m2 per jaar</al><al>- Tarief gebied C (Hoogeloon, Casteren en Netersel) € 7,00 per m2 per jaar</al><al/><al>Met als uitgangspunt het huidig te hanteren tarief wordt, met ingang van 1
                    januari 2015 in 3 jaar het tarief met een opwaardering van 33,30% per jaar
                    gekomen tot de geadviseerde nieuwe tarieven per gebied. De exacte berekeningen
                    worden op basis van bovenvermelde uitgangspunt kenbaar gemaakt in de nieuwe te
                    sluiten overeenkomsten. Op 1 januari 2017 zal dan het geadviseerde nieuwe tarief
                    worden gehanteerd </al><al/></bijlage><bijlage><al><vet>Bijlage 2 Standaard gebruiksovereenkomst terrassen</vet></al><al/><al>De huidige overeenkomst tot ingebruikneming terras</al><al/><al>De ondergetekenden:</al><al/><lijst><li nr="A."><al>de gemeente, ten dezen vertegenwoordigd door (naam), (functie),
                            ingevolge artikel 171 van de Gemeentewet, verder te noemen “de
                            gemeente”; </al></li></lijst><al>en </al><lijst><li nr="B."><al>(naam horecabedrijf), vertegenwoordigt door (naam), gevestigd aan
                            (adres), verder te noemen “de ingebruiknemer”;</al></li></lijst><al/><al>Verklaren als volgt te zijn overeengekomen:</al><al/><al>Artikel 1</al><al>1.De gemeente geeft vanaf (datum) aan ingebruiknemer in gebruik een perceel
                    grond, kadastraal bekend (…), plaatselijk bekend (adres), groot ongeveer (…) m2,
                    zoals nader aangegeven op bijgevoegde situatieschets.</al><al>2.De ingebruiknemer verklaart de grond, zoals in bijgaande situatietekening is
                    aangegeven, in ontvangst te hebben genomen in de staat waarin deze zich heden
                    bevindt.</al><al/><al>Artikel 2</al><al>1. De door de ingebruiknemer te betalen vergoeding bedraagt € … per jaar</al><al>2. De ingebruiknemer is verplicht de vastgestelde jaarvergoeding, ingaande 1
                    januari van elk jaar, voor 1 maart te voldoen.</al><al/><al>Artikel 3</al><al>De ingebruiknemer verbindt zich:</al><lijst><li nr="a."><al>de in gebruik te nemen grond, behoudens het bepaalde in de punt e.,
                            onbebouwd te laten en deze uitsluitend te gebruiken als terras. De ter
                            zake geldende bepalingen van de Algemene Plaatselijke Verordening zijn
                            van toepassing;</al></li><li nr="b."><al>de in gebruik te nemen grond op een deugdelijke wijze te
                            onderhouden;</al></li><li nr="c."><al>aan de gemeente toestemming te verlenen ten behoeve van nutsbedrijven,
                            alsmede voor zichzelf, te allen tijde over het onderhavige perceel te
                            kunnen beschikken voor het leggen en onderhouden van kabels en
                            leidingen, het wederopgraven en vervangen hiervan of het verrichten van
                            herstel- of verbeteringswerkzaamheden zonder dat hiervoor van
                            gemeentewege enigerlei schadevergoeding zal worden verstrekt;</al></li><li nr="d."><al>Op de in gebruik te nemen gronden geen bouwwerken op te richten, die
                            aard - en nagelvast aan de grond zijn verbonden;</al></li><li nr="e."><al>voor het oprichten van overige bouwwerken op gemeentegrond dient de
                            gemeente expliciet toestemming te verlenen.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 4</al><lijst><li nr="1."><al>De opzegging van deze overeenkomst kan te allen tijde door beide
                            partijen schriftelijk geschieden met inachtneming wederzijds van een
                            maand.</al></li><li nr="2."><al>Bij beëindiging van het gebruik kan de ingebruiknemer geen recht doen
                            gelden op een schadevergoeding voor eventueel gemaakte kosten.</al></li><li nr="3."><al>De gemeente kan, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, te
                            allen tijde de in gebruik gegeven grond terugvorderen indien:</al></li></lijst><lijst><li nr=""><al> a. de ingebruiknemer het onderhoud verwaarloost, de grond misbruikt of
                            voor een ander doel gebruikt dan waarvoor deze is bestemd;</al></li><li nr=""><al>b. de ingebruiknemer op enigerlei andere wijze handelt in strijd met de
                            bepalingen van deze overeenkomst.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 5</al><al>De ingebruiknemer is aansprakelijk voor claims voortvloeiende uit het gebruik
                    van de gemeentegrond ten behoeve van het terras behorende bij het horecapand. </al><al/><al>Aldus overeengekomen, in tweevoud opgemaakt en ondertekend te Bladel d.d.</al><al/><al>De Gemeente Bladel, </al><al/><al/><al> De ingebruiknemer,</al></bijlage><bijlage><al><vet>INHOUDSOPGAVE</vet></al><al/><al>0. Voorwoord </al><al/><al><vet>DEEL 1: EVENEMENTEN</vet></al><al/><al>1. Uitgangspunten </al><al>2. Wat zijn evenementen? </al><al>3. Vergunningaanvraag</al><al>4. Begin‑ en eindtijden </al><al>5. Locatie</al><al>6. Regulering aantal evenementen</al><al>7. Verkeersmaatregelen </al><al>8. Afsluitingen tijdens kermissen </al><al>9. Standplaatsen tijdens evenementen </al><al>10. (Brand)veiligheid </al><al>11. Geluid en muziek in de openlucht </al><al>12. Muziek door horeca tijdens kermissen </al><al>13. Muziek door horeca algemeen</al><al>14. Afval</al><al>15. Volksgezondheid</al><al>16. Kamperen</al><al>17. Verstrekken van alcoholhoudende dranken </al><al>18. Dierenwelzijn </al><al>19. Circussen</al><al>20. Bijzondere evenementen </al><al>21. Communicatie</al><al>22. Beveiliging </al><al>23. Controle en handhaving </al><al/><al><vet>DEEL 2: HORECA EN TERRASSEN</vet></al><al/><al>1. Terrassen</al><al>2. Sluitingsuur</al><al>3. Buitenactiviteiten</al><al>4. Speelautomaten</al><al>5. Paracommercie</al><al>6. Horeca in buitengebied</al><al>7. Wet Bibob</al><al>8. Controle en Handhaving </al><al/><al>Bijlage 1 Nieuwe tarieven gebruiksvergoedingen terrassen op openbare grond </al><al/><al>Bijlage 2 Standaard gebruiksovereenkomst terrassen</al></bijlage></regeling></body></cvdr>