<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR346243_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Overzicht Subsidieregelingen Welzijn en Educatie Capelle aan den IJssel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Capelle aan den IJssel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Capelle aan den IJssel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-75591.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3dsubsidieregeling%2bwelzijn%2ben%2beducatie%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAlle%26spd%3d20160330%26epd%3d20160330%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dCapelle%2baan%2bden%2bIJssel%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=1&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad, Jaargang 2014 Nr. 75591</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regelingen</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>609083</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Betreft een overzicht van Capelse subsidieregelingen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Overzicht Subsidieregelingen Welzijn en Educatie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college heeft in zijn vergadering van 9 december 2014 besloten de
                        volgende subsidieregelingen vast te stellen</al><lijst><li nr="-"><al>de subsidieregeling Onderwijsachterstanden </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Armoedebeleid </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling BSN </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Buurtwerk </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Integratiebeleid </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Lokaal Jeugdbeleid </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Maatschappelijke dienstverlening </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Milieueducatie </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Speeltuin/speeluitleen/speel-o-theek </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Vakantieactiviteiten </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Stimulering Vrijwilligerswerk </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Cultuur </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Evenementen </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Sport en sportieve recreatie </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Jeugdsport </al></li><li nr="-"><al>de subsidieregeling Prestatiesport </al></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Speeltuin, Speeluitleen, Speel-o-theek</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Speeltuin, Speeluitleen en
                            Speel-o-theek Capelle aan den IJssel 2015.</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die
                                gericht zijn op: </al><lijst><li nr="a."><al>Speeltuin </al><al>i.Het beheren en in stand houden van een algemeen
                                        toegankelijke speeltuin in de wijk Schollevaar.</al></li><li nr="b."><al>Speel-o-theek </al><al>i.Het uitlenen van pedagogisch verantwoord speelgoed aan
                                        aangesloten leden, alsmede het verstrekken van informatie en
                                        advies ten aanzien van het verantwoord gebruik van het
                                        speelgoed.</al></li><li nr="c."><al>Speeluitleen </al><lijst><li nr="i."><al>Het gedurende het hele jaar uitlenen van
                                                buitenspeelgoed aan kinderen die wonen in een van de
                                                flatgebouwen gelegen aan de Beemsterhoek, Purmerhoek
                                                en Schermerhoek te Capelle aan den IJssel, dan wel
                                                kinderen van wie de ouders en/of verzorgers dan wel
                                                een van de ouders en/of verzorgers in één van de
                                                genoemde flatgebouwen woonachtig is.</al></li><li nr="ii."><al>Het gedurende de zomervakantieperiode uitlenen van
                                                buitenspeelgoed aan kinderen uit de wijk Oostgaarde.
                                            </al></li><li nr="iii."><al>Het organiseren van buitenspeel- of andere
                                                activiteiten in de vakantieperioden voor kinderen
                                                uit de wijk Oostgaarde.</al></li><li nr="iv."><al>Het op locatie voor gebruik beschikbaar stellen van
                                                computers met internetaansluiting voor de bewoners
                                                uit een van de flatgebouwen gelegen aan de
                                                Beemsterhoek, Purmerhoek en Schermerhoek te Capelle
                                                aan den IJssel.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                product 12-05; Jeugd- en jongerenbeleid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de ASV,
                                ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft tot
                                uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen
                                met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste lid
                                worden niet in behandeling genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt
                                verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste aanvraagdatum, te
                                weten 1 april, is verstreken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met ten
                                hoogste acht weken verdagen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen per
                                product. De in product 12-05 opgenomen middelen gelden voor deze
                                subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van
                                de Awb.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die per
                                kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een vergelijking
                                van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in aanmerking zouden
                                komen als hierdoor het subsidieplafond niet zou worden overschreden.
                                De subsidieaanvragen die voor de voorgeschreven aanvraagdatum zijn
                                ontvangen en die voldoen aan de eisen van artikel 6 van de ASV,
                                worden eerst getoetst aan de overige artikelen van de ASV. Als de
                                beoordeling op grond van de ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag
                                af te wijzen, wordt de aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling.
                                Indien het totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest bijdragen
                                aan het realiseren van het gemeentelijk beleid worden in volgorde
                                van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd tot het niveau van
                                het subsidieplafond.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen om
                                subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van de
                                aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt meer
                                dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking
                                van de aanvragen vastgesteld door middel van loting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidieontvangers dienen een beleid te voeren, gericht op het
                                waarborgen van een veilige omgeving voor kinderen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere
                                dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Speeltuin, Speeluitleen en Speel-o-theek. </al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            12-05; jeugd- en jongerenbeleid. </al><al>Deze doelstelling is:</al><al>“Het scheppen van zodanige voorwaarden, dat de zelfstandigheid, eigen
                            kracht en verantwoordelijkheid van jongeren wordt versterkt en dat hun
                            maatschappelijke participatie en sociale binding aan de Capelse
                            samenleving wordt bevorderd”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9).
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Speeltuin, Speeluitleen en Speel-o-theek vastgelegd aan
                            welke partijen een subsidie kan worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. </al><al> Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze procedure zouden
                            kunnen worden toegewezen het bedrag van het subsidieplafond
                            overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen plaats. Daarbij
                            wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest zullen
                            bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd worden.
                            De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin de
                            activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. </al><al>Gezien deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het
                            voor aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de
                            uiterste aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. </al><al>In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als
                            ontvangstdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat er op gericht is om een veilige
                            omgeving voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen
                            van een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met
                            kinderen werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Brede School Netwerken</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Brede School Netwerken
                            Capelle aan den IJssel 2015.</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Brede School Netwerken: partijen die onder regie van de gemeente
                                Capelle aan den IJssel betrokken zijn bij het vormgeven van een
                                buitenschools educatief programma op het gebied van onder andere
                                sport, kunst en cultuur, techniek, vrije tijd en media.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Netwerkpartners: elke partij die op vrijwillige basis deelneemt aan
                                het Brede School Netwerk. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor naschoolse,
                                kortlopende educatieve activiteiten die ten doel hebben de
                                ontwikkeling te bevorderen van sociaal-emotionele vaardigheden,
                                talenten en het zelfreflecterend vermogen van Capelse jongeren van 4
                                tot en met 18 jaar. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van de
                                gemeentelijke Kadernotitie Brede School Netwerken 2010-2015. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>1.Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 7, tweede
                            lid, van de ASV, ingediend op twee verschillende momenten:</al><lijst><li nr="a."><al>Subsidieaanvragen voor activiteiten in de periode van 1
                                    september tot en met 31 december worden uiterlijk 15 juli van
                                    hetzelfde kalenderjaar ingediend.</al></li><li nr="b."><al>Subsidieaanvragen voor activiteiten in de periode van 1 januari
                                    tot en met 30 juni worden uiterlijk 15 november van het
                                    voorafgaande kalenderjaar ingediend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het college
                            op een aanvraag om een subsidie binnen zes weken nadat de uiterste
                            aanvraagdatum genoemd in artikel 7 is verstreken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen per
                                product. De in product 12-15 opgenomen middelen gelden voor deze
                                subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van
                                de Awb.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een subsidie wordt verleend voor zover het subsidieplafond niet
                                wordt overschreden. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt plaats op basis van de
                                uitkomsten van een netwerkvergadering waarin door de netwerkpartners
                                wordt bepaald welke educatieve activiteiten genoemd in artikel 3 de
                                netwerkpartners willen afnemen en welke activiteiten derhalve voor
                                subsidiering in aanmerking komen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Subsidieontvangers dienen een beleid te voeren, gericht op het
                                waarborgen van een veilige omgeving voor kinderen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere
                                dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="3."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="4."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Brede School Netwerken.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>De onder lid 1 sub b bedoelde netwerkpartners bestaan onder andere uit
                            scholen, buurthuizen en potentiële subsidieontvangers.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. In het geval
                            van deze subsidieregeling is dit beleid verwoord in de Kadernotitie
                            Brede School Netwerken 2010-2015. In onderstaande passage uit deze nota
                            wordt de doelstelling van de Brede School Netwerken als volgt
                            verwoord:</al><al>“In het verlengde van de Jeugdagenda stellen wij voor om Brede School
                            Netwerken in de komende jaren in te zetten als een middel om het
                            opgroeien van kinderen en jongeren van 4 tot en met 18 jaar in Capelle
                            tot zelfstandige burgers te stimuleren. Bij ‘zelfstandigheid’ en
                            ‘burgerschap’ horen begrippen als zelfredzaamheid, sociale competentie,
                            participatie, (zelf)reflectie, conflictbeheersing, opkomen voor jezelf,
                            binding met anderen, talentontwikkeling en omgaan met verschillen”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 10).
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Brede School Netwerken vastgelegd aan welke partijen
                            een subsidie kan worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt plaats op basis van de in lid
                            3 beschreven netwerkvergadering. Tijdens deze vergadering bespreken de
                            netwerkpartners aan welke activiteiten behoefte is. </al><al>Deze uitkomsten van de vergadering worden vastgelegd in een lijst met
                            daarop alle gekozen activiteiten van potentiële subsidieontvangers. De
                            potentiële subsidieontvangers die volgens deze lijst voor een subsidie
                            in aanmerking komen moeten vervolgens een aanvraag indienen die voldoet
                            aan de eisen van de ASV en deze subsidieregeling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Sport en Sportieve Recreatie</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Sport en sportieve recreatie
                            Capelle aan den IJssel 2015. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Schoolsportevenement: sportactiviteit ten behoeve van leerlingen uit het
                            basis- en/of speciaal onderwijs waarbij leerlingen kennismaken met één
                            of meer individuele en/of teamsporten, georganiseerd door de
                            onderwijsinstelling al dan niet in samenwerking met een of meer
                            sportverenigingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op
                                stedelijk, bovenwijks, niveau die gericht zijn op: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Het kennis laten maken van leerlingen van het basisonderwijs met
                                diverse takken van sport door middel van het organiseren van
                                schoolsportevenementen.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Het bieden van gelegenheid om in georganiseerd verband deel te nemen
                                aan zwemactiviteiten.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Het in staat stellen van gehandicapten, hartpatiënten
                                ex-hartpatiënten om onder deskundige begeleiding aan
                                sportactiviteiten deel te nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstellingen van de
                                gemeentelijke beleidsnota Visie op Sport.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de ASV,
                                ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft tot
                                uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen
                                met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste lid
                                worden niet in behandeling genomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt
                                verstrekt, binnen 8 weken nadat de uiterste aanvraagdatum, te weten
                                1 april, is verstreken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met ten
                                hoogste acht weken verdagen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen per
                                product. De in product 14-01 opgenomen middelen gelden voor deze
                                subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van
                                de Awb.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die per
                                kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een vergelijking
                                van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in aanmerking zouden
                                komen als hierdoor het subsidieplafond niet zou worden overschreden.
                                De subsidieaanvragen die voor de voorgeschreven aanvraagdatum zijn
                                ontvangen en die voldoen aan de eisen van artikel 6 van de ASV,
                                worden eerst getoetst aan de overige artikelen van de ASV. Als de
                                beoordeling op grond van de ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag
                                af te wijzen, wordt de aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling.
                                Indien het totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest bijdragen
                                aan het realiseren van het gemeentelijk beleid, worden in volgorde
                                van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd tot het niveau van
                                het subsidieplafond.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen om
                                subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van de
                                aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag
                                betrekking heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt
                                bereikt meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                loting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen van
                                een veilige omgeving voor kinderen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere
                                dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Sport en Sportieve Recreatie.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. In het geval
                            van deze subsidieregeling is dit beleid verwoord in de beleidsnota Visie
                            op Sport van de gemeente Capelle aan den IJssel. In deze nota staat de
                            volgende visie:</al><al>“Elke Capellenaar moet de kans krijgen om te voldoen aan de minimale
                            norm van een half uur per dag matig intensief bewegen. Capellenaren
                            worden zoveel mogelijk gestimuleerd om te bewegen en te sporten, al dan
                            niet in georganiseerd verband. Sport en bewegen moeten een geïntegreerd
                            onderdeel van de samenleving zijn waarbij dwarsverbanden worden gelegd
                            met andere beleidsvelden zoals jeugd-, gezondheid- en ouderenbeleid.
                            Hierdoor komen zowel de gezondheidsaspecten als de sociale aspecten van
                            sporten en bewegen het beste tot hun recht. Sport is dan zowel een doel
                            als een middel. De gemeente is hierbij in eerste plaats ondersteunend:
                            het initiatief ligt zoveel mogelijk bij de sportverenigingen en de
                            andere maatschappelijke spelers”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 10).
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Sport en Sportieve Recreatie vastgelegd aan welke
                            partijen een subsidie kan worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarin de
                            gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet
                            compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om zijn
                            aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag
                            is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Armoedebeleid</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de SubsidieregelingArmoedebeleid Capelle
                            aan den IJssel 2015. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Doelgroep van het armoedebeleid: Capellenaren met een inkomen tot 110%
                            van het wettelijk sociaal minimum en/of Capellenaren met problematische
                            schulden en/of Capelse jongeren met een grote kans op
                            schuldenproblematiek.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op
                                    stedelijk, bovenwijks, niveau die bijdragen aan:</al></li><li nr="a."><al>De bestrijding en/of preventie van armoede en daarmee aan het
                                    ondersteunen van de </al><al> doelgroep van het armoedebeleid.</al></li><li nr="b."><al>De bevordering van de participatie aan de samenleving door de
                                    doelgroep van het </al><al> Armoedebeleid.</al></li><li nr="c."><al>Het vergroten van de zelfredzaamheid en de eigen kracht van de
                                    doelgroep van het armoedebeleid.</al></li><li nr="2."><al>De activiteiten dienen te voldoen aan de volgende criteria:</al></li><li nr="a."><al>De activiteiten zijn niet gericht op het maken van winst.</al></li><li nr="b."><al>De activiteiten dienen geen commercieel doel en de
                                    subsidieontvanger kan dit aantonen.</al></li><li nr="c."><al>De activiteiten zijn gratis of tegen een lage vergoeding
                                    beschikbaar voor de doelgroep.</al></li><li nr="3."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij het gemeentelijke
                                    Beleidsactieplan aanpak armoede 2013-2016 en/of het Beleidsplan
                                    Schuldhulpverlening 2012-2015.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Subsidie wordt verstrekt aan een bij notariële akte opgerichte
                            rechtspersoon, een natuurlijke persoon of een groep van natuurlijke
                            personen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 6 van de ASV legt de aanvrager die
                            een natuurlijke persoon of de vertegenwoordiger is van een groep van
                            natuurlijke personen, bij de aanvraag een kopie van een geldig
                            identiteitsbewijs, inclusief burgerservicenummer van de aanvrager over.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de ASV,
                                ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft tot
                                uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen
                                met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste lid
                                worden niet in behandeling genomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>5.In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het college
                            op een aanvraag om een </al><al>subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, binnen acht weken nadat
                            de uiterste aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al><al>6.Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met ten
                            hoogste acht weken verdagen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen per
                                product. De in product 12-02 opgenomen middelen gelden voor deze
                                subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van
                                de Awb.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die per
                                kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een vergelijking
                                van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in aanmerking zouden
                                komen als hierdoor het subsidieplafond niet zou worden overschreden.
                                De subsidieaanvragen die voor de voorgeschreven aanvraagdatum zijn
                                ontvangen en die voldoen aan de eisen van artikel 6 van de ASV en
                                van artikel 7 van deze subsidieregeling, worden eerst getoetst aan
                                de overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het totaalbedrag
                                van de aanvragen die na deze toetsing voor toewijzing in aanmerking
                                komen het subsidieplafond overschrijdt, worden deze aanvragen met
                                elkaar vergeleken. De aanvragen die op basis van de uitkomsten van
                                deze vergelijking het meest bijdragen aan het realiseren van het
                                gemeentelijk beleid, worden in volgorde van de uitkomsten van de
                                vergelijking gehonoreerd tot het niveau van het
                                subsidieplafond.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen om
                                subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van de
                                aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag
                                betrekking heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt
                                bereikt meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                loting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen van
                                een veilige omgeving voor kinderen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Natuurlijke personen of leden van een groep van natuurlijke personen
                                die activiteiten ontplooien met en/of voor kinderen dienen te
                                beschikken over een Verklaring omtrent het gedrag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere
                                dan in de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Armoedebeleid</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. Voor de
                            Subsidieregeling Armoede is dit beleid geformuleerd in het gemeentelijke
                            Beleidsactieplan aanpak armoede 2013-2016 respectievelijk het
                            Beleidsplan Schuldhulpverlening 2012-2015. In het Beleidsactieplan
                            aanpak armoede staat onderstaande missie:</al><al>“Het armoedebeleid (inclusief schuldhulpverlening) wil enerzijds
                            voorkomen dat mensen in een armoedesituatie terechtkomen en richt zich
                            anderzijds op het bestrijden van armoedesituaties, waarbij de nadruk
                            ligt op (het bevorderen van) de eigen kracht, de zelfredzaamheid en
                            participatie van Capellenaren op economisch en sociaal gebied”. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 11).
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Armoede vastgelegd aan welke partijen een subsidie kan
                            worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><al>De reden dat een ID-bewijs, inclusief burgerservicenummer, overlegd moet
                            worden is dat de gemeente zeker wil zijn van de identiteit van de
                            natuurlijke persoon die het geld ontvangt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarin de
                            gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet
                            compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om zijn
                            aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag
                            is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan voor organisaties gedacht worden aan
                            het vragen van een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers
                            die met kinderen werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de
                            toolkit en het stappenplan zoals omschreven op de website
                            www.inveiligehanden.nl.</al><al>Natuurlijke personen die een subsidie ontvangen voor activiteiten met
                            en/of voor kinderen dienen allen verplicht te beschikken over VOG. De
                            aanwezigheid van een VOG kan door middel van een steekproef door de
                            gemeente worden gecontroleerd. Het ontbreken van een VOG kan leiden tot
                            intrekking of terugvordering van de subsidie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Cultuur</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Cultuur Capelle aan den
                            IJssel 2015.</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><lijst><li nr="5."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op
                                    stedelijk (bovenwijks) niveau die gericht zijn op: </al><lijst><li nr="a."><al>Beeldende kunst</al><lijst><li nr="i."><al>het toegankelijk maken of tentoonstellen van
                                                  beeldende kunst en/of; </al></li><li nr="ii."><al>het ondersteunen en stimuleren van beeldende
                                                  kunstenaars. </al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Podiumkunsten</al><lijst><li nr="i."><al>het verlevendigen van het stadshart door middel
                                                  van het aanbieden van podiumkunsten en het
                                                  organiseren van activiteiten in of rondom het
                                                  theater.</al></li><li nr="ii."><al>het programmeren, uitvoeren, instuderen of
                                                  faciliteren van podiumkunsten in Capelle aan den
                                                  IJssel</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Muziekeducatie</al><lijst><li nr="i."><al>kennismaking van Capelse jongeren tot en met 18
                                                  jaar met muziek door middel van methodisch
                                                  onderwijs, kennismakingscursussen, binnenschoolse
                                                  muziekeducatie en/of samenspel en/of;</al></li><li nr="ii."><al>actieve of passieve participatie van alle
                                                  Capellenaren op het gebied van muziek.</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>Bibliotheek, erfgoed, media</al><lijst><li nr="i."><al>Het bijdragen aan de persoonlijke ontwikkeling
                                                  en kennis van Capellenaren en/of;</al></li><li nr="ii."><al>het verzamelen en toegankelijk maken van
                                                  informatie; vorming van een voor de Capelse
                                                  bevolking relevante collectie en/of;</al></li><li nr="iii."><al>bijdragen aan het historisch bewustzijn over
                                                  Capelle.</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>Nieuwe culturele initiatieven</al><al>i.Het realiseren en/of uitvoeren van een nieuw
                                            initiatief dat past binnen de kaders van de missie,
                                            visie en/of doelstellingen van de gemeentelijke
                                            Cultuurnota en door middel van een niet-structurele
                                            bijdrage gerealiseerd en/of uitgevoerd kan worden.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>De activiteiten dienen:</al><lijst><li nr="a."><al>aan te sluiten bij de missie en visie en/of
                                            doelstellingen van de gemeentelijke Cultuurnota en</al></li><li nr="b."><al>kunst en cultuur toegankelijk te maken voor alle
                                            Capellenaren en/of</al></li><li nr="c."><al>een bijdrage te leveren aan de persoonlijke
                                            ontwikkeling, dialoog, ontmoeting en/of onderling begrip
                                            van en tussen Capellenaren door middel van kunst- en
                                            cultuur en/of</al></li><li nr="d."><al>gericht te zijn op cultuureducatie van kinderen en
                                            jongeren tot en met 18 jaar.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de ASV,
                                ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft tot
                                uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen
                                met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste lid
                                worden niet in behandeling genomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>7.</lidnr><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt
                                verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste aanvraagdatum, te
                                weten 1 april, is verstreken.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met ten
                                hoogste acht weken verdagen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>13.Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                            vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen per
                            product. De in de producten 13-01, 13-02, 13-03 en </al><al>13-04 opgenomen middelen gelden voor deze subsidieregeling als
                            subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van de Awb.</al><lijst><li nr="14."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van het gemeentelijk beleid, worden
                                    in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd
                                    tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="15."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de
                                    aanvraag betrekking heeft. Indien op de dag dat het
                                    subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag wordt
                                    ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen
                                    vastgesteld door middel van loting.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen van
                                een veilige omgeving voor kinderen. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere
                                dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="5."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="6."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Cultuur.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. In het geval
                            van deze subsidieregeling is dit beleid verwoord in de Cultuurnota van
                            de gemeente Capelle aan den IJssel. In deze nota staan onderstaande
                            missie en visie: </al><al>-Missie </al><al>Wij voelen ons medeverantwoordelijk voor het behoud en de ontwikkeling
                            van cultuur als kracht van de samenleving. Wij vinden het daarom
                            belangrijk om iedereen op een laagdrempelige manier toegang te bieden
                            tot het veelzijdige kunst- en cultuuraanbod en het culturele leven in de
                            gemeente.</al><al>-Visie</al><al>Wij willen met ons kunst- en cultuurbeleid stimuleren, faciliteren en de
                            participatie bevorderen. Wij willen meer kansen scheppen voor eigen
                            ontwikkeling, dialoog en ontmoeting en willen het onderlinge begrip
                            vergroten, ook tussen mensen met een verschillende etnische en culturele
                            achtergrond.</al><al>De niet-structurele subsidie (als bedoeld in artikel 2, lid 1 sub e)
                            voor nieuwe culturele initiatieven komt uit het aanjaagbudget voor
                            culturele initiatieven. Deze subsidie kan niet structureel worden
                            aangevraagd of toegekend. Voor het initiatief waarvoor de subsidie wordt
                            aangevraagd, zal dan ook niet structureel aanspraak kunnen worden
                            gemaakt op het aanjaagbudget.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Prestatieafspraken</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9).
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Cultuur vastgelegd aan welke partijen een subsidie kan
                            worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Kosten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarin de
                            gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet
                            compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om zijn
                            aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag
                            is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aanvraag vaststelling subsidie</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Prestatiesport</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Prestatiesport Capelle aan
                            den IJssel 2015. </al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Prestatiesport: sportbeoefening waarbij een sportvereniging met een
                                standaard seniorenteam uitkomt op het hoogste of op het één na
                                hoogste niveau in de landelijke competitie, die niet beroepsmatig
                                van aard is.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>NOC*NSF: Nederlandse sportorganisatie die ten doel heeft (top)sport
                                in Nederland te bevorderen en haar leden, zijnde sportverenigingen,
                                te ondersteunen.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Sportbond: Overkoepelende bond ter bevordering van een bepaalde tak
                                van sport.</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>Sportvereniging: Een binnen- of buitensportvereniging die
                                geografisch en statutair gevestigd is in Capelle aan den IJssel,
                                rechtstreeks dan wel via de (overkoepelende) bond aangesloten is bij
                                NOC*NSF en binnen- of buitensportactiviteiten ontwikkelt voor de
                                inwoners van Capelle aan den IJssel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Activiteiten</titel></kop><al>Subsidie voor prestatiesport wordt verstrekt ter tegemoetkoming in de
                            hogere kosten, zoals bondsafdrachten en vervoerskosten, die gepaard gaan
                            met het beoefenen van prestatiesport. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een sportvereniging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De sportvereniging:</al><lijst><li nr="a."><al>mag geen winstoogmerk hebben;</al></li><li nr="b."><al>dient uitsluitend of vrijwel uitsluitend met vrijwilligers
                                        te werken en;</al></li><li nr="c."><al>dient een openbaar karakter te hebben, dat wil zeggen voor
                                        alle Capellenaren toegankelijk te zijn of activiteiten te
                                        organiseren die voor alle Capellenaren toegankelijk
                                        zijn.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Hoogte van de subsidie</titel></kop><al>De hoogte van de subsidie is afhankelijk van de klasse van de landelijke
                            competitie waarin wordt uitgekomen:</al><lijst><li nr="1."><al>De subsidie bedraagt maximaal € 2.500,- voor teams die uitkomen
                                    in de hoogste klasse van de landelijke competitie.</al></li><li nr="2."><al>De subsidie bedraagt maximaal € 1.500,- voor teams die uitkomen
                                    in de op één na hoogste klasse van de landelijke
                                    competitie.</al></li><li nr="3."><al>Sportverenigingen die in een sportseizoen prestatiesport
                                    beoefenen ontvangen subsidie voor dat seizoen.</al></li><li nr="4."><al>Sportverenigingen kunnen maximaal één keer per kalenderjaar,
                                    derhalve hetzij in het zomerseizoen, hetzij in het winterseizoen
                                    in aanmerking komen voor een subsidie op basis van deze
                                    subsidieregeling. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><al>Bij een aanvraag om subsidie hoeft de aanvrager, in afwijking van
                            artikel 6, tweede lid, van de ASV, alleen de volgende gegevens over te
                            leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een volledig ingevuld aanvraagformulier;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de competitie-indeling van de betreffende
                                    sportbond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><al>Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 7, tweede
                            lid, van de ASV, ingediend voor </al><al>1 september van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking
                            heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het college
                            op een volledige aanvraag om een subsidie voor 1 oktober van het
                            kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Subsidieplafond &amp; Wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>16.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad als bijlage van bij de
                                programmabegroting een subsidieoverzicht vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>17.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde bedragen gelden als subsidieplafond in
                                de zin van artikel 4:22 van de Awb.</al></lid><lid><lidnr>18.</lidnr><al>Een subsidie wordt verleend voor zover het subsidieplafond niet
                                wordt overschreden. </al></lid><lid><lidnr>19.</lidnr><al>Met inachtneming van artikel 6 van deze subsidieregeling vindt de
                                verdeling van het subsidieplafond plaats op basis van de volgorde
                                van binnenkomst van de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV
                                en deze subsidieregeling. Indien op de dag dat het subsidieplafond
                                wordt bereikt meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de
                                onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel
                                van loting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>De sportvereniging is vrij om het bedrag naar eigen inzicht te besteden
                            aan de activiteiten genoemd in artikel 3 en hoeft hierover geen
                            verantwoording af te leggen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog andere dan
                            de in deze subsidieregeling vermelde verplichtingen worden
                            opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregelingtreedt in werking op 1 januari
                                    2015.</al></li><li nr="2."><al>Beleidsregels subsidie prestatiesport worden ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Deze subsidieregelingwordt aangehaald als:
                                    Subsidieregeling Prestatiesport.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Toelichting</titel></kop><structuurtekst><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. De meeste artikelen spreken voor zichzelf, Ten aanzien van
                            artikel 4 wordt opgemerkt, dat het college op grond van artikel 3 van de
                            ASV, voor zover van toepassing in een subsidieregeling tevens bepaalt
                            welke doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen. In artikel 3 wordt
                            voor de Subsidieregeling Prestatiesport vastgelegd aan welke partijen
                            een subsidie kan worden verstrekt. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Buurtwerk</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Buurtwerk Capelle aan den
                            IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><lijst><li nr="4."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor de volgende wijk-
                                    en/of buurtgerichte activiteiten:</al><lijst><li nr="e."><al>Sociaal-culturele activiteiten.</al></li><li nr="f."><al>Activiteiten met een ontmoetingskarakter.</al></li><li nr="g."><al>Activiteiten die de leefbaarheid van de wijk en de buurt
                                            bevorderen.</al></li><li nr="h."><al>Activiteiten die sociale- en maatschappelijke
                                            participatie bevorderen, met name van </al><al> die inwoners en/of groepen inwoners die hierin
                                            achterblijven.</al></li><li nr="i."><al>Activiteiten in het kader van het wijk- en
                                            buurtbeheer.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De activiteiten dienen:</al><lijst><li nr="a."><al>Aan te sluiten bij de doelstelling van product 12-10;
                                            Buurtwerk en te passen in de
                                            wijkuitvoeringsplannen.</al></li><li nr="b."><al>In elk geval toegankelijk te zijn voor de bewoners van
                                            de betreffende wijk. </al></li><li nr="c."><al>Een effectieve aanvulling te zijn op het reeds bestaande
                                            aanbod.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Het activiteitenaanbod moet tot stand komen in overleg met wijk-
                                    en buurtbewoners en aansluiten bij de behoeften van de wijk- en
                                    buurtbewoners.</al></li><li nr="7."><al>De inspanning van de aanvrager dient er aantoonbaar op gericht
                                    te zijn dat de gesubsidieerde activiteiten op termijn zonder of
                                    met minder subsidie voortgezet kunnen worden. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><al>1.Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon, met uitzondering van :</al><lijst><li nr="a."><al>Een rechtspersoon met een politieke, levensbeschouwelijke of
                                    beroepsgerichte doelstelling, waarvan de activiteiten zich
                                    beperken tot gelijkdenkenden. </al></li><li nr="b."><al>Een rechtspersoon met een commerciële doelstelling.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn </tussenkop><lijst><li nr="9."><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                    verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de
                                    ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                    gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft
                                    tot uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te
                                    beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd.</al></li><li nr="10."><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste
                                    lid worden niet in behandeling genomen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="9."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al></li><li nr="10."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><lijst><li nr="20."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in product 12-10 opgenomen middelen gelden voor
                                    deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel
                                    4:22 van de Awb. </al></li><li nr="21."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Bij de beoordeling
                                    wordt gekeken naar een evenwichtige verdeling van activiteiten
                                    over de wijken, waarbij rekening wordt gehouden met de
                                    bevolkingssamenstelling van de buurten. Indien het totaalbedrag
                                    van de aanvragen die na deze toetsing voor toewijzing in
                                    aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt, worden deze
                                    aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op basis van
                                    de uitkomsten van deze vergelijking het meest bijdragen aan het
                                    realiseren van het gemeentelijk beleid worden in volgorde van de
                                    uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd tot het niveau van
                                    het subsidieplafond.</al></li><li nr="22."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt
                                    meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                    rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                    loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="9."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="10."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="7."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="8."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Buurtwerk.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            12-10; Buurtwerk. Deze doelstelling is:</al><al>“Het bieden van de mogelijkheid aan bewoners van buurten en wijken om in
                            georganiseerd verband deel te nemen aan sociaal-culturele activiteiten
                            (in de brede zin des woord) welke aansluiten op de behoefte van deze
                            bewoners”.</al><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9). </al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Buurtwerk vastgelegd aan welke partijen een subsidie
                            kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen </al><al>die voor toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond
                            hierdoor niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt
                            onderzocht of de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn,
                            alsmede of zij voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden
                            gesteld. In dit kader wordt ook afgewogen of er een reden is om de
                            aanvraag af te wijzen op grond van een van de afwijzingsgronden van
                            artikel 9 van de ASV. Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze
                            subsidieregeling. Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag
                            activiteiten betreft die op grond van de subsidieregeling in principe
                            kunnen worden gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep
                            van de subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na
                            deze procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. </al><al> Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest zullen
                            bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd worden.
                            De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin de
                            activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. </al><al>Gezien deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het
                            voor aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de
                            uiterste aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. </al><al>In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als
                            ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Onderwijsachterstanden</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><tussenkop>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling
                            Onderwijsachterstanden Capelle aan den IJssel 2015. </tussenkop><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>Gewicht volgens de landelijke gewichtenregeling: gewicht conform
                                    het Besluit bekostiging WPO.</al></li><li nr="b."><al>Schakelklassen: een schakelklas is een klas voor autochtone en
                                    allochtone basisschoolleerlingen die een zodanige
                                    taalachterstand hebben dat zij niet met succes kunnen deelnemen
                                    aan het reguliere onderwijs.</al></li><li nr="c."><al>Specifieke uitkeringen gemeentelijk
                                    onderwijsachterstandenbeleid: uitkeringen conform het Besluit
                                    specifieke uitkeringen gemeentelijk
                                    onderwijsachterstandenbeleid.</al></li><li nr="d."><al>VVE: voor- en vroegschoolse educatie, te weten een erkend
                                    educatief programma om de ontwikkeling van kinderen met een
                                    (kans op een) onderwijsachterstand in de leeftijd van 0 tot 4
                                    jaar zodanig te stimuleren dat hun kansen op een goede
                                    schoolloopbaan en maatschappelijke carrière worden vergroot.
                                </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>1.Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor: </al><al>a.Het, in combinatie met of naast een reguliere groep, organiseren van
                            schakelklassen waarin </al><al>kinderen gedurende maximaal 1 schooljaar dusdanig worden bijgeschoold
                            dat zij na dit </al><al>schooljaar het gewone onderwijscurriculum kunnen volgen. </al><lijst><li nr=""><lijst><li nr="b."><al>Het organiseren van activiteiten op het gebied van
                                            VVE.</al></li><li nr="c."><al>Activiteiten die de taalontwikkeling van kinderen
                                            bevorderen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                    product 11-01; Lokaal onderwijsbeleid.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvangers </tussenkop><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvangers </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie voor schakelklassen wordt uitsluitend verstrekt aan de
                                    besturen van scholen in de gemeente Capelle aan den IJssel die
                                    een meer dan gemiddeld aantal leerlingen hebben met een gewicht
                                    volgens de landelijke gewichtenregeling.</al></li><li nr="2."><al>Subsidie voor VVE wordt uitsluitend verstrekt aan een bij
                                    notariële akte opgerichte rechtspersoon die een activiteit
                                    aanbiedt overeenkomstig het bepaalde in artikel 3 sub b.</al></li><li nr="3."><al>Subsidie bedoeld voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 3
                                    sub c wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                                    gevestigde rechtspersoon.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>In afwijking van artikel 7, eerste lid, van de ASV moet een aanvraag om
                            een subsidie worden ingediend voor 1 november van het jaar voorafgaand
                            aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                            heeft. </al><tussenkop>Artikel 8. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="11."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 november, is verstreken.</al></li><li nr="12."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><lijst><li nr="23."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in product 11-01 opgenomen middelen voor de
                                    Specifieke uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid
                                    gelden voor deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin
                                    van artikel 4:22 van de Awb.</al></li><li nr="24."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van de doelstelling van de
                                    Specifieke uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid
                                    worden in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking
                                    gehonoreerd tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="25."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 november van het jaar
                                    voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de
                                    aanvraag betrekking heeft. Indien op de dag dat het
                                    subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag wordt
                                    ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen
                                    vastgesteld door middel van loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="11."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="12."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in de ASV dient een aanvraag tot vaststelling
                            van de subsidie te voldoen aan de verantwoordingseisen die door het
                            ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap worden gesteld aan de
                            verantwoording van de Specifieke uitkeringen gemeentelijk
                            onderwijsachterstandenbeleid.</al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="9."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="10."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Onderwijsachterstanden.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>De activiteiten bedoeld onder artikel 3, lid 1 worden gesubsidieerd van
                            uit de Rijksmiddelen die de gemeente ontvangt met de Specifieke
                            uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid.</al><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            11-01; Lokaal onderwijsbeleid. </al><al>Deze doelstelling is:</al><al>“Het voorkomen en bestrijden van educatieve achterstanden en
                            sociaal-emotionele problemen bij jonge kinderen en leerlingen op Capelse
                            scholen voor primair en voortgezet onderwijs en het bevorderen dat
                            zoveel mogelijk leerlingen een startkwalificatie halen”.</al><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen en de wijze van verantwoording (zie
                            ook artikel 10 en 11). </al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvangers </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Onderwijsachterstanden vastgelegd aan welke partijen
                            een subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. </al><al> Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of de aanvragen op tijd zijn
                            ingediend en compleet zijn, alsmede of zij voldoen aan de overige eisen
                            die in de ASV worden gesteld. In dit kader wordt ook afgewogen of er een
                            reden is om de aanvraag af te wijzen op grond van een van de
                            afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV. Vervolgens worden de
                            aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling. Daarbij wordt onder meer
                            beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft die op grond van de
                            subsidieregeling in principe kunnen worden gesubsidieerd en of de
                            aanvrager behoort tot de doelgroep van de subsidieregeling. Als het
                            totaalbedrag van de aanvragen die na deze procedure zouden kunnen worden
                            toegewezen het bedrag </al><al>van het subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de
                            aanvragen plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten
                            het meest zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie
                            nagestreefd worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de
                            mate waarin de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de
                            beleidsdoelen. In deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige
                            bedrag tot het niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in
                            aanmerking. Gezien deze systematiek van verdeling van het
                            subsidieplafond is het voor aanvragers van belang om ervoor te </al><al>zorgen dat het college op de uiterste aanvraagdatum beschikt over een
                            complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarin de
                            gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet
                            compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om zijn
                            aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag
                            is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><al>De subsidieontvanger moet voldoen aan de voorwaarden van de Specifieke
                            uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid. Deze voorwaarden
                            worden door de gemeente in de beschikking opgenomen.</al><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>De verantwoordingseisen, voor zover die zijn opgegeven door het
                            ministerie OCW, zijn opgenomen in de subsidiebeschikking. Het kan
                            gedurende het kalenderjaar voorkomen dat er aanvullende eisen worden
                            gesteld aan de wijze van verantwoording. Dit gebeurt wanneer het
                            ministerie OCW aanvullende informatie nodig heeft van de gemeente. </al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Jeugdagenda &amp; Lokaal Jeugdbeleid</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>Gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>Overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Jeugdagenda &amp; Lokaal
                            Jeugdbeleid Capelle aan den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><lijst><li nr="7."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die
                                    aansluiten op de speerpunten van het vigerende jeugdbeleid en
                                    waarvoor geen beroep kan worden gedaan op een andere
                                    subsidieregeling.</al></li><li nr="8."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                    product 12-05; jeugd- en jongerenbeleid.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn </tussenkop><lijst><li nr="11."><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                    verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de
                                    ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                    gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft
                                    tot uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te
                                    beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd.</al></li><li nr="12."><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste
                                    lid worden niet in behandeling genomen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="13."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al></li><li nr="14."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in product 12-05 opgenomen middelen gelden voor
                                    deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel
                                    4:22 van de Awb.</al></li><li nr="2."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van het gemeentelijk beleid, worden
                                    in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd
                                    tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="3."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt
                                    meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                    rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                    loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="13."><al>Subsidieontvangers dienen een beleid te voeren, gericht op het
                                    waarborgen van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="14."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="11."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="12."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Jeugdagenda &amp; Lokaal Jeugdbeleid.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>G.Kruijt J.F. Koen </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. Het
                            vigerende jeugdbeleid is beschreven in de Jeugdagenda. Zoals is verwoord
                            bij product 12-05 van de gemeentelijke begroting is de doelstelling van
                            dit beleid als volgt: </al><al>“Het scheppen van zodanige voorwaarden, dat de zelfstandigheid, eigen
                            kracht en verantwoordelijkheid van jongeren wordt versterkt en dat hun
                            maatschappelijke participatie en sociale binding aan de Capelse
                            samenleving wordt bevorderd”.</al><al>Zoals in artikel 2 lid 1 is bepaald, geldt deze regeling niet voor
                            activiteiten waarvoor een beroep gedaan kan worden op een andere
                            subsidieregeling. De achtergrond hiervan is dat onder het product
                            “Jeugdbeleid” nog twee andere subsidieregelingen bestaan (de
                            subsidieregeling Vakantieactiviteiten en de subsidieregeling Speeltuin,
                            Speeluitleen en Speel-o-theek). Voor subsidieaanvragen die aansluiten
                            bij de activiteiten genoemd in een van deze twee subsidieregelingen, kan
                            geen aanspraak worden gemaakt op de Subsidieregeling Jeugdagenda &amp;
                            Lokaal Jeugdbeleid.</al><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al> In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. Hierbij kan worden gedacht aan het maken van
                            afspraken over te bereiken aantallen, maar ook aan afspraken over de
                            samenwerking met andere partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9). </al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Jeugdagenda &amp; Lokaal Jeugdbeleid vastgelegd aan
                            welke partijen een subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval
                            geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als ontvangstdatum. </al><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat er op gericht is om een veilige
                            omgeving voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen
                            van een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met
                            kinderen werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Jeugdsport</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Jeugdsport Capelle aan den
                            IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><lijst><li nr="e."><al>Jeugdleden: Leden van een sportvereniging die op 1 januari van
                                    het desbetreffende subsidiejaar jonger zijn dan 18 jaar.</al></li><li nr="f."><al>NOC*NSF: Nederlandse sportorganisatie die ten doel heeft
                                    (top)sport in Nederland te bevorderen en haar leden, zijnde
                                    sportverenigingen, te ondersteunen.</al></li><li nr="g."><al>Sportvereniging: Een binnen- of buitensportvereniging die
                                    geografisch en statutair gevestigd is in Capelle aan den IJssel,
                                    rechtstreeks dan wel via de (overkoepelende) bond aangesloten is
                                    bij NOC*NSF en sportactiviteiten ontwikkelt voor de inwoners van
                                    Capelle aan den IJssel. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>Subsidie voor jeugdsport wordt verstrekt voor de financiële
                            ondersteuning van sportverenigingen bij het voeren van een actief
                            jeugdbeleid en het aanbieden van sportactiviteiten voor jeugd en
                            jongeren teneinde hun maatschappelijke betrokkenheid te stimuleren.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><lijst><li nr="2."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt aan een
                                    sportvereniging met jeugdleden. </al></li><li nr="3."><al>De sportvereniging:</al><lijst><li nr="a."><al>mag geen winstoogmerk hebben;</al></li><li nr="b."><al>dient uitsluitend of vrijwel uitsluitend met
                                            vrijwilligers te werken;</al></li><li nr="c."><al>dient een openbaar karakter te hebben, dat wil zeggen
                                            voor alle Capellenaren toegankelijk te zijn of
                                            activiteiten te organiseren die voor alle Capellenaren
                                            toegankelijk zijn.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop>Artikel 5. Hoogte van de subsidie </tussenkop><al>De subsidie bedraagt € 5,- per jeugdlid van de betreffende
                            sportvereniging. </al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag </tussenkop><al>Bij een aanvraag om subsidie hoeft de aanvrager, in afwijking van
                            artikel 6, tweede lid, van de ASV, alleen de volgende gegevens over te
                            leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een volledig ingevuld aanvraagformulier;</al></li><li nr="b."><al>een genummerde ledenlijst met daarop de namen en geboortedata
                                    van de jeugdleden.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 7, tweede
                            lid, van de ASV, ingediend voor 1 mei van het kalenderjaar waarop de
                            aanvraag betrekking heeft.</al><tussenkop>Artikel 8. Verantwoording </tussenkop><al>De sportvereniging is vrij om het bedrag naar eigen inzicht te besteden
                            aan de activiteiten genoemd in artikel 3 en hoeft hierover geen
                            verantwoording af te leggen.</al><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling.</tussenkop><lijst><li nr="26."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad als bijlage van bij de
                                    programmabegroting een subsidieoverzicht vastgesteld.</al></li><li nr="27."><al>De in het eerste lid bedoelde bedragen gelden als
                                    subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van de Awb.</al></li><li nr="28."><al>Een subsidie wordt verleend voor zover het subsidieplafond niet
                                    wordt overschreden. </al></li><li nr="29."><al>Met inachtneming van artikel 6 van deze subsidieregeling vindt
                                    de verdeling van het subsidieplafond plaats op basis van de
                                    volgorde van binnenkomst van de aanvragen die voldoen aan de
                                    eisen van de ASV en deze subsidieregeling. Indien op de dag dat
                                    het subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag wordt
                                    ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen
                                    vastgesteld door middel van loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Subsidieontvangers dienen een beleid te voeren, gericht op het
                                    waarborgen van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="2."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>De Beleidsregels Jeugdsportsubsidie worden ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Jeugdsport.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Jeugdsport vastgelegd aan welke partijen een subsidie
                            kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Hoogte van de subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Verantwoording </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9 Subsidieplafond en wijze van verdeling.</tussenkop><al>Het subsidieplafond wordt verdeeld op basis van de volgorde van
                            binnenkomst van de aanvragen, waarbij de aanvragen kunnen worden
                            ingediend voor 1 mei van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking
                            heeft. Als een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager in de
                            gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt
                            de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen</tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Maatschappelijke Dienstverlening</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Maatschappelijke
                            Dienstverlening Capelle aan den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>Veteranen: alle (ex)-militairen met de Nederlandse nationaliteit
                                    die het Koninkrijk dienden in oorlogsomstandigheden of daarmee
                                    overeenkomende situaties, zoals vredesmissies in internationaal
                                    verband.</al></li><li nr="b."><al>Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><lijst><li nr="9."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten -
                                    anders dan bedoeld in de Wmo 2015 - op stedelijk, bovenwijks,
                                    niveau, die gericht zijn op: </al><lijst><li nr="a."><al>Belangenbehartiging en maatschappelijke participatie van
                                            ouderen en gehandicapten</al><lijst><li nr="i."><al>Het helpen van verstandelijk gehandicapte
                                                  jongeren bij hun integratie in de samenleving en
                                                  het ontlasten van hun ouders of verzorgers in de
                                                  zorgtaak en/of;</al></li><li nr="ii."><al>Het behartigen van de belangen van gehandicapten
                                                  en/of;</al></li><li nr="iii."><al>Het vervullen van een informatie- en
                                                  verwijsfunctie voor ouderen en/of gehandicapten,
                                                  onder andere in de vorm van
                                                  voorlichtingsbijeenkomsten en/of;</al></li><li nr="iv."><al>Het in staat stellen van inwoners van 50 jaar en
                                                  ouder om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven
                                                  wonen en deel te nemen aan het maatschappelijk
                                                  leven en/of; </al></li><li nr="v."><al>Het coördineren van telefooncirkels ten behoeve
                                                  van zelfstandig wonende inwoners van 50 jaar en
                                                  ouder.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al> Afasiepatiënten </al><al>i.Het bevorderen van het zelfstandig functioneren en
                                            deelnemen aan het maatschappelijk verkeer van mensen met
                                            niet aangeboren hersenletsel en het ontlasten van hun
                                            mantelzorgers. </al></li><li nr="c."><al>Veteranen</al><lijst><li nr="i."><al>Het bevorderen van de sociale cohesie en
                                                  onderlinge hulpvaardigheid tussen veteranen.</al></li><li nr="ii."><al>Het bevorderen van de bekendheid van het
                                                  fenomeen veteraan.</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>EHBO</al><lijst><li nr="i."><al>Het opleiden voor het eenheidsdiploma EHBO.</al></li><li nr="ii."><al>Het bieden van EHBO-ondersteuning bij
                                                  activiteiten/evenementen in Capelle aan den
                                                  IJssel.</al></li><li nr="iii."><al> Het aanbieden van EHBO-lessen op het
                                                  basisonderwijs voor Jeugdgetuigschrift A.</al></li><li nr="iv."><al>Het inzetten van EHBO gediplomeerde
                                                  hulpverleners bij rampen.</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>Slachtofferhulp</al><lijst><li nr="i."><al>Het bieden van hulp aan personen of groepen van
                                                  personen, die als gevolg van een ingrijpende
                                                  gebeurtenis zoals een misdrijf, verkeersongeval of
                                                  calamiteit direct of indirect, in materiële of
                                                  immateriële zin, schade hebben ondervonden.</al></li><li nr="ii."><al>Het verwijzen van slachtoffers naar andere
                                                  deskundigen dan de subsidieontvanger.</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="10."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                    product 12-01; maatschappelijke dienstverlening.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon, met uitzondering van zorg- en
                            opvangorganisaties die Wmo-gelden ontvangen.</al><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn </tussenkop><lijst><li nr="13."><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                    verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de
                                    ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                    gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft
                                    tot uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te
                                    beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd.</al></li><li nr="14."><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste
                                    lid worden niet in behandeling genomen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="15."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al></li><li nr="16."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><lijst><li nr="30."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in product 12-01 opgenomen middelen gelden voor
                                    deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel
                                    4:22 van de Awb.</al></li><li nr="31."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van het gemeentelijk beleid worden
                                    in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd
                                    tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="32."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt
                                    meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                    rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                    loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="15."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="16."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een </al><al>subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast een inhoudelijk verslag
                            ook een financiële </al><al>verantwoording te bevatten.</al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="13."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="14."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Maatschappelijke Dienstverlening.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>Met de activiteiten beschreven in dit artikel worden andere activiteiten
                            bedoeld dan hetgeen is vastgelegd in de Wmo 2015. Activiteiten vallend
                            onder die wet, worden door de gemeente ingekocht en niet
                            gesubsidieerd.</al><al>De activiteiten behorende bij artikel 3 sub b (afasiepatiënten), bestaan
                            uit welzijnsactiviteiten. </al><al>Hierbij kan gedacht worden aan het organiseren van creatieve
                            activiteiten en bijeenkomsten voor lotgenotencontact en ondersteuning
                            van mantelzorgers.</al><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            12-01; maatschappelijke dienstverlening. Deze doelstellingen zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>Het verlenen van zowel kort- als langdurige diensten aan
                                    individuen, samenlevingsverbanden en/of groepen om deze in staat
                                    te stellen zo goed mogelijk te functioneren in de
                                    samenleving.</al></li><li nr="-"><al>Het in stand houden en/of bevorderen van een zo zelfstandig
                                    mogelijke leefwijze van ouderen en gehandicapten. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. </al><al>Hierbij kan worden gedacht aan het maken van afspraken over te bereiken
                            aantallen, maar ook aan afspraken over de samenwerking met andere
                            partijen en cofinanciering (zie ook artikel 10). </al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Maatschappelijke Dienstverlening vastgelegd aan welke
                            partijen een subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval
                            geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als ontvangstdatum. </al><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Vakantieactiviteiten</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Vakantieactiviteiten Capelle
                            aan den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor vakantieactiviteiten die
                            gedurende één of meer schoolvakanties in Capelle aan den IJssel worden
                            aangeboden aan jeugd en jongeren.</al><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken</tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                                    opgerichte rechtspersoon.</al></li><li nr="2."><al>Het organiseren van vakantieactiviteiten dient te passen in de
                                    doelstelling van de subsidieontvanger.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><al>1.Bij een aanvraag om een subsidie legt de aanvrager, in afwijking van
                            artikel 6, tweede lid, van de ASV alleen de volgende gegevens over:</al><lijst><li nr="a."><al>een volledig ingevuld aanvraagformulier;</al></li><li nr="b."><al>een begroting van de geplande activiteiten.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><lijst><li nr="15."><al>Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 7,
                                    tweede lid, van de ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de
                                    aanvraag betrekking heeft tot uiterlijk tien weken voordat de
                                    aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor
                                    de subsidie wordt aangevraagd.</al></li><li nr="16."><al>Aanvragen ingediend eerder of later dan genoemde termijn in het
                                    eerste lid worden niet in behandeling genomen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling.</tussenkop><lijst><li nr="33."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad als bijlage van bij de
                                    programmabegroting een subsidieoverzicht vastgesteld.</al></li><li nr="34."><al>De in het eerste lid bedoelde bedragen gelden voor deze
                                    subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22
                                    van de Awb.</al></li><li nr="35."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt plaats op basis van
                                    de volgorde van binnenkomst van de aanvragen die voldoen aan de
                                    eisen van de ASV en deze subsidieregeling, te rekenen vanaf 1
                                    oktober van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop
                                    de aanvraag betrekking heeft. Indien op de dag dat het
                                    subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag wordt
                                    ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen
                                    vastgesteld door middel van loting.</al></li><li nr="36."><al>Een subsidie wordt verleend voor zover het subsidieplafond niet
                                    wordt overschreden. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="3."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="4."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregelingtreedt in werking op 1 januari
                                    2015.</al></li><li nr="2."><al>De Beleidsregels voor de verlening van doelsubsidies op het
                                    beleidsterrein vakantieactiviteiten 2007 wordt ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Vakantieactiviteiten.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken</tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd. </al><al>Hierbij kan worden gedacht aan het maken van afspraken over te bereiken
                            aantallen, maar ook aan afspraken over de samenwerking met andere
                            partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9). </al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Vakantieactiviteiten aan welke partijen een subsidie
                            kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>Het subsidieplafond wordt verdeeld op basis van de volgorde van
                            binnenkomst van de aanvragen, waarbij de aanvragen kunnen worden
                            ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                            begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als
                            een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid
                            gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval geldt de datum
                            waarop de aanvraag is gecompleteerd als ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen</tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Integratiebeleid</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Integratiebeleid Capelle aan
                            den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>Inburgeraar: Nieuwkomers en oudkomers die op basis van de
                                    daarvoor geldende landelijke regelgeving moeten inburgeren.</al></li><li nr="b."><al>Nieuwkomer: Persoon tussen de 16 en 65 jaar die geen Nederlands
                                    paspoort heeft en na 1 januari 2007 in Nederland is komen wonen
                                    óf op 31 december 2006 nieuwkomer was volgens de oude Wet
                                    inburgering nieuwkomers.</al></li><li nr="c."><al>Oudkomer: Persoon tussen 16 en 65 jaar die geen Nederlands
                                    paspoort heeft maar voor 1 januari 2007 in Nederland woonde,
                                    minder dan 8 jaar in Nederland woonde toen hij of zij
                                    leerplichtig was en geen diploma’s heeft die kunnen laten zien
                                    dat hij of zij de Nederlandse taal en Nederland goed kent.</al></li><li nr="d."><al>Statushouder: Verblijfsgerechtigde vreemdeling die ingevolge de
                                    Vreemdelingenwet als vluchteling is toegelaten dan wel beschikt
                                    over een op grond van een asielaanvraag verleende vergunning of
                                    over een voorwaardelijke vergunning tot verblijf, zowel
                                    nieuwkomers als oudkomers.</al></li><li nr="e."><al>Vluchteling: Iemand die in zijn thuisland gegronde vrees heeft
                                    voor vervolging. Redenen voor vervolging kunnen zijn: ras,
                                    godsdienst, nationaliteit, politieke overtuiging of seksuele
                                    voorkeur. Een vluchteling kan in eigen land geen bescherming
                                    krijgen tegen deze vervolging.</al></li><li nr="f."><al>Zelforganisatie: Een organisatie opgezet vanuit een allochtone
                                    bevolkingsgroep, die zich inzet voor de specifieke belangen van
                                    haar achterban en wordt gedragen door personen uit de eigen
                                    doelgroep die op vrijwillige basis actief zijn.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>11.Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op
                            stedelijk, bovenwijks, niveau die gericht zijn op: </al><lijst><li nr="a."><al>Vluchtelingen, statushouders, inburgeraars en/of potentiële
                                    inburgeraars</al><lijst><li nr="i."><al>Het wekelijks verzorgen van een spreekuur voor
                                            vluchtelingen, statushouders en (potentiële)
                                            inburgeraars en, </al></li><li nr="ii."><al>Het zorgvuldig informeren van vluchtelingen,
                                            statushouders, inburgeraars en/of potentiële
                                            inburgeraars en zo nodig doorverwijzen naar
                                            voorzieningen op buurt- en stedelijk niveau met name op
                                            sociaal en maatschappelijk gebied.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Discriminatiepreventie en -bestrijding</al><al>i.Het bieden van klachtbehandeling op het gebied van
                                    discriminatie en gelijke </al></li></lijst><al>behandeling en, </al><lijst><li nr="ii."><al>Het registeren van klachten en meldingen op het gebied van
                                    discriminatie en gelijke behandeling en,</al></li><li nr="iii."><al>Het organiseren van thema- en voorlichtingsbijeenkomsten in het
                                    kader van </al></li></lijst><al>preventie en bestrijding van discriminatie en ongelijke behandeling
                            en,</al><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><al>iv.Het bevorderen van homotolerantie.</al></li><li nr="c."><al>Zelforganisaties</al><al>i.Het vergroten van de zelfredzaamheid, emancipatie en
                                            participatie van de achterban.</al></li><li nr="d."><al>Inzet van buurtmoeders</al><lijst><li nr="i."><al>Afleggen van gerichte huisbezoeken in de door
                                                  het college aangewezen aandachtsbuurten.</al></li><li nr="ii."><al>Gerichte toeleiding en begeleiding, in de zin
                                                  van op weg helpen, van ouders met kinderen in een
                                                  achterstandssituatie, naar voorzieningen op buurt-
                                                  en stedelijk niveau, buurtactiviteiten,
                                                  vrijwilligerswerk, scholing- en/of
                                                  arbeidsvoorziening en
                                                  informatiebijeenkomsten.</al></li><li nr="iii."><al>Het bevorderen van de deelname van kinderen met
                                                  een onderwijsachterstand aan voor- en
                                                  vroegschoolse educatie en het bevorderen van de
                                                  deelname van ouders met een taalachterstand aan
                                                  taalbevorderende activiteiten;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>Taalcoaching</al><al>i.Het vergroten van de kennis van de Nederlandse taal
                                            door middel van deelname aan conversatielessen.</al></li><li nr="f."><al>Het Multicultureel Centrum</al><al>i.Het exploiteren van een multicultureel centrum ten
                                            behoeve van de integratieactiviteiten van
                                            (zelf)organisaties in Capelle aan den IJssel</al></li><li nr="g."><al>De ontmoetingsruimte aan de Capelseweg 39 d te Capelle
                                            aan den IJssel:</al><al>i.Het exploiteren van een ruimte ten behoeve van
                                            activiteiten gericht op de zelfredzaamheid, emancipatie
                                            en participatie van Caribische Nederlanders. </al></li></lijst></li><li nr="12."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                    product 12-03; integratiebeleid.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon. De uit te voeren activiteiten dienen te passen
                            in de doelstelling van de subsidieontvanger. </al><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al><tussenkop>Artikel 7. Hoogte van de subsidie </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Ten aanzien van subsidie voor zelforganisaties is per activiteit
                                    een bedrag van maximaal € 750,- beschikbaar. </al></li><li nr="2."><al>Een zelforganisatie kan in een kalenderjaar voor maximaal 4
                                    activiteiten subsidie aanvragen. Een van deze activiteiten moet
                                    worden uitgevoerd in samenwerking met een andere zelforganisatie
                                    of maatschappelijke instelling.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Aanvraagtermijn </tussenkop><lijst><li nr="17."><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                    verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de
                                    ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                    gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft
                                    tot uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te
                                    beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd.</al></li><li nr="18."><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste
                                    lid worden niet in behandeling genomen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="17."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al></li><li nr="18."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Aanvullende weigeringsgrond </tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 9 van de ASV kan het college de
                            door een zelforganisatie gevraagde subsidie weigeren, als de organisatie
                            zich alleen richt op de identiteit van de achterban en/of hoofdzakelijk
                            een aanbod heeft op het veld van eigen cultuur, ontmoeting en
                            gezelligheid voor de eigen achterban.</al><tussenkop>Artikel 11. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><lijst><li nr="37."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in de product 12-03 opgenomen middelen gelden
                                    voor deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van
                                    artikel 4:22 van de Awb. </al></li><li nr="38."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van het gemeentelijk beleid, worden
                                    in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd
                                    tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="39."><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 7 vindt de
                                    verdeling van het subsidieplafond voor andere aanvragen om
                                    subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van de
                                    aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt
                                    meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                    rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                    loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 12. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="17."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="18."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 13. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al><tussenkop>Artikel 14. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="15."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="16."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Integratiebeleid.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            12-03; integratiebeleid. </al><al>Deze doelstellingen zijn:</al><lijst><li nr="1."><al>Het scheppen van voorwaarden voor de bevordering van integratie
                                    en participatie van diverse doelgroepen in onze samenleving.
                                </al></li><li nr="2."><al>Het vergroten van de zelfredzaamheid, emancipatie en
                                    participatie van diverse doelgroepen waaronder lesbische
                                    vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen en transgenders
                                    (LHBT).</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Prestatieafspraken </tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd.</al><al>Hierbij kan worden gedacht aan het maken van afspraken over te bereiken
                            aantallen, maar ook aan afspraken over de samenwerking met andere
                            partijen en cofinanciering (zie ook artikel 12). </al><tussenkop>Artikel 5. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Integratiebeleid vastgelegd aan welke partijen een
                            subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Hoogte van de subsidie </tussenkop><al>Artikel 7 lid 2 betekent dat als een zelforganisatie in een jaar slechts
                            één activiteit organiseert deze in samenwerking met een andere
                            zelforganisatie of een maatschappelijke instelling uitgevoerd moet
                            worden.</al><tussenkop>Artikel 8 Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 10. Aanvullende weigeringsgrond</tussenkop><al>Indien de activiteiten puur gericht zijn op het vergroten van de eigen
                            identiteit van de achterban en niet gericht zijn op het vergoten van
                            zelfredzaamheid, emancipatie en participatie van de achterban, wordt
                            geen subsidie verstrekt. Ook activiteiten die enkel gericht zijn op
                            ontmoeting en gezelligheid binnen de eigen cultuur komen niet voor
                            subsidie in aanmerking.</al><tussenkop>Artikel 11. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest
                            zullen bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd
                            worden. De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin
                            de activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval
                            geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als ontvangstdatum. </al><tussenkop>Artikel12. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 13. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 14. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Evenementen</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Evenementen Capelle aan den
                            IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>Evenement: Een gebeurtenis zonder religieus of politiek
                                    karakter, met een begin- en einddatum, die maximaal één keer per
                                    jaar plaatsvindt op één of meerdere locaties in Capelle aan den
                                    IJssel, verplaatsbaar is en waarbij bezoekers specifiek voor de
                                    activiteit komen.</al></li><li nr="b."><al>Gemeente: de gemeente Capelle aan den IJssel; </al></li><li nr="c."><al>Groot evenement: een evenement met bovenstedelijke uitstraling
                                    en een verwacht aantal bezoekers van 1250 of meer; </al></li><li nr="d."><al>Klein evenement: een evenement van lokaal niveau met een
                                    verwacht aantal bezoekers van 150 of meer;</al></li><li nr="e."><al>Middelgroot evenement: een evenement van lokaal niveau met een
                                    verwacht aantal bezoekers van 750 of meer.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor het organiseren van een
                            evenement. Het evenement dient te voldoen aan de volgende criteria:</al><lijst><li nr="a."><al>het evenement is niet gericht op het maken van winst;</al></li><li nr="b."><al>het evenement dient geen commercieel doel en de
                                    subsidieontvanger kan dit aantonen;</al></li><li nr="c."><al>het evenement is gratis of tegen een lage vergoeding
                                    toegankelijk;</al></li><li nr="d."><al>het evenement heeft meerdere financieringsbronnen;</al></li><li nr="e."><al>het gaat om een evenement op stedelijk, bovenwijks, niveau;</al></li><li nr="f."><al>het evenement is aanvullend wat betreft sectoren, grootte,
                                    spreiding in data en locaties ten opzichte van het totaal van
                                    evenementen dat wordt georganiseerd in de gemeente;</al></li><li nr="g."><al>het evenement heeft een artistiek, sportief of cultureel
                                    doel;</al></li><li nr="h."><al>het evenement heeft een aantrekkingskracht voor de bevolking van
                                    Capelle aan den IJssel en zo mogelijk voor de regio;</al></li><li nr="i."><al>het evenement levert een bijdrage aan het imago van de gemeente
                                    en de economie en de sociale samenhang in de gemeente.</al></li><li nr="j."><al>Het evenement sluit aan bij de doelstellingen en uitgangspunten
                                    van de gemeente zoals verwoord in de ‘Notitie Subsidiering
                                    Evenementen 2013-2016’.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                                    opgerichte rechtspersoon. </al></li><li nr="2."><al>De subsidieontvanger dient te beschikken over aantoonbare kennis
                                    en vaardigheden op het gebied van het organiseren van
                                    evenementen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 3.</al><tussenkop>Artikel 6. Hoogte van de subsidie </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het subsidiebedrag is gerelateerd aan het bereik van het
                                    evenement en het aantal bezoekers: </al><lijst><li nr="a."><al>een evenementensubsidie bedraagt maximaal € 3.000,- voor
                                            een klein evenement; </al></li><li nr="b."><al>een evenementensubsidie bedraagt maximaal € 15.000,-
                                            voor een middelgroot evenement; </al></li><li nr="c."><al>een evenementensubsidie bedraagt maximaal € 25.000,-
                                            voor een groot evenement; </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het maximale subsidiebedrag per categorie is: voor kleine
                                    evenementen € 3.200,-, voor middelgrote evenementen € 29.100,-
                                    en voor grote evenementen € 92.505,-.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Aanvraag </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd het verder in artikel 6, eerste en tweede lid, van
                                    de ASV bepaalde, legt de aanvrager bij de aanvraag om een
                                    subsidie in afwijking van artikel 6, tweede lid, sub a en b van
                                    de ASV, de volgende gegevens over:</al></li><li nr="a."><al>een omschrijving van het evenement waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd inclusief de beoogde publieksdoelgroep, de locatie
                                    en de duur van het evenement; </al></li><li nr="b."><al>het doel van het evenement in relatie tot de doelstellingen van
                                    de gemeente zoals geformuleerd in de 'Notitie Subsidiering
                                    Evenementen 2013-2016'; </al></li><li nr="c."><al>het aangeboden evenement in meetbare termen, zoals het te
                                    verwachten bezoekersaantal en het aantal deelnemers.</al></li><li nr="2."><al>Bij een aanvraag om een subsidie door een rechtspersoon die voor
                                    de eerste maal subsidie aanvraagt, dient de aanvrager, in
                                    afwijking van artikel 6, derde lid, van de ASV, alleen een
                                    afschrift van de statuten van de rechtspersoon te
                                    overleggen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 8. Aanvraagtermijn</tussenkop><lijst><li nr="19."><al>Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 7,
                                    tweede lid, van de ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar waarop de
                                    aanvraag betrekking heeft tot uiterlijk tien weken voorafgaand
                                    aan het evenement.</al></li><li nr="20."><al>Aanvragen ingediend eerder of later dan genoemde termijn in het
                                    eerste lid worden niet in behandeling genomen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad als bijlage van bij de
                                    programmabegroting een subsidieoverzicht vastgesteld. </al></li><li nr="2."><al>De in het eerste lid bedoelde bedragen gelden als
                                    subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van de Awb.</al></li><li nr="3."><al>Een subsidie wordt verleend voor zover het subsidieplafond van
                                    het totale budget en van het budget per categorie niet wordt
                                    overschreden. </al></li><li nr="4."><al>Met inachtneming van artikel 6 van deze subsidieregeling vindt
                                    de verdeling van het subsidieplafond plaats op basis van de
                                    volgorde van binnenkomst van de aanvragen die voldoen aan de
                                    eisen van de ASV en deze subsidieregeling, te rekenen vanaf 1
                                    oktober van het jaar voorafgaand aan het gemeentelijke
                                    begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. Indien op de
                                    dag dat het subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag
                                    wordt ontvangen, wordt de onderlinge rangschikking van de
                                    aanvragen vastgesteld door middel van loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="19."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="20."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in de ASV dient de aanvrager uiterlijk acht
                            weken na afloop van de activiteit een inhoudelijk en financieel verslag
                            van de activiteit in te leveren, waarin tenminste is opgenomen het
                            aantal bezoekers, de bereikte doelen en de financiële verantwoording. </al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregelingtreedt in werking op 1 januari
                                    2015.</al></li><li nr="2."><al>De Beleidsregels voor subsidieverlening aan evenementen in
                                    Capelle aan den IJssel 2013 worden ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Deze subsidieregelingwordt aangehaald als:
                                    Subsidieregeling Evenementen.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Met de onder a gebruikte term “verplaatsbaar” wordt bedoeld dat een
                            evenement, indien nodig, naar een andere locatie zou kunnen
                            uitwijken.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Activiteiten </tussenkop><al>Activiteiten moeten aansluiten bij het gemeentelijk beleid. In het geval
                            van deze subsidieregeling is dit beleid verwoord in de 'Notitie
                            Subsidiering Evenementen 2013-2016'. </al><al>Met het onder f genoemde “sectoren” wordt bedoeld dat het evenement
                            inhoudelijk aanvullend is op het overige aanbod van evenementen in
                            Capelle aan den IJssel.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger</tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Evenementen vastgelegd aan welke partijen een subsidie
                            kan worden verstrekt. </al><al>Een subsidieontvanger kan desgewenst in een jaar subsidie aanvragen voor
                            meer dan één te organiseren evenement. </al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Hoogte van de subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraag </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9. Subsidieplafond en wijze van verdeling</tussenkop><al>Het subsidieplafond wordt verdeeld op basis van de volgorde van
                            binnenkomst van de aanvragen, waarbij de aanvragen kunnen worden
                            ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het gemeentelijke
                            begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit zal plaatsvinden. Als
                            een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid
                            gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. </al><al>In dat geval geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als
                            ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 10. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 11. Aanvraag vaststelling subsidie</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 12. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Stimulering Vrijwilligerswerk</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Stimulering
                            Vrijwilligerswerk Capelle aan den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>a.Vrijwilligersorganisatie: een rechtspersoon, die activiteiten uitvoert
                            in de gemeente </al><al>Capelle aan den IJssel en voor het uitoefenen van al zijn activiteiten
                            geheel of in grote mate afhankelijk is van vrijwilligers. </al><al>b.Vrijwilliger: een persoon aangesloten bij een onder a. bedoelde
                            organisatie, die belangeloos en onbetaald structureel activiteiten
                            verricht die ten goede komen aan de Capelse inwoners en/of de Capelse
                            samenleving.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor het in artikel 3
                            bedoelde doel.</al><tussenkop>Artikel 3. Doel </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt ten behoeve van het
                                    stimuleren van vrijwilligerswerk door vrijwilligersorganisaties
                                    binnen de gemeente.</al></li><li nr="2."><al>De subsidie dient ten goede te komen aan de vrijwilligers die
                                    zijn aangesloten bij de vrijwilligersorganisatie die de subsidie
                                    ontvangt. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>2.Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon die vrijwilligersorganisatie is, met
                            uitzondering van: </al><lijst><li nr="a."><al>Een vrijwilligersorganisatie met een politieke,
                                    levensbeschouwelijke of beroepsgerichte doelstelling, waarvan de
                                    activiteiten zich beperken tot gelijkdenkenden. </al></li><li nr="b."><al>Een vrijwilligersorganisatie met een commerciële doelstelling.
                                </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 5. Hoogte van de subsidie </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De hoogte van de subsidie bedraagt € 46,- per vrijwilliger. Dit
                                    bedrag wordt niet jaarlijks geïndexeerd.</al></li><li nr="2."><al>Voor een organisatie met een recreatief of op ontspanning
                                    gericht doel wordt de subsidie verstrekt voor maximaal 10% van
                                    het aantal personen dat bij de organisatie is aangesloten. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><al>3.Bij een aanvraag om een subsidie legt de aanvrager, in afwijking van
                            artikel 6, tweede lid, van de ASV, de volgende gegevens over:</al><lijst><li nr="a."><al>Een lijst van namen, adressen, handtekeningen, gewerkte uren en
                                    een korte </al><al> functieomschrijving van de vrijwilligers waarvoor een subsidie
                                    wordt gevraagd. </al></li><li nr="b."><al>Indien de aanvraag een organisatie met een recreatief of op
                                    ontspanning gericht doel betreft: </al></li></lijst><al>een opgave van het aantal personen dat bij de organisatie is
                            aangesloten.</al><al>c.Een beschrijving van de manier waarop de subsidie zal worden
                            aangewend.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>In afwijking van artikel 7 van de ASV moet een aanvraag om een subsidie
                            worden ingediend voor </al><al>1 oktober van het jaar voorafgaand aan het gemeentelijke begrotingsjaar
                            waarop de aanvraag </al><al>betrekking heeft.</al><tussenkop>Artikel 8. Verantwoording </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Als de subsidie is verstrekt voor maximaal 49 vrijwilligers is
                                    de organisatie vrij om de subsidie aan te wenden op de manier
                                    die bij de aanvraag is vermeld en hoeft zij hierover geen
                                    verantwoording af te leggen.</al></li><li nr="2."><al>Als de subsidie is verstrekt voor 50 of meer vrijwilligers,
                                    dient de organisatie de manier waarop de subsidie is aangewend
                                    te verantwoorden in de jaarstukken of in een ander schriftelijk
                                    document en deze verantwoording aan het college ter hand te
                                    stellen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen</tussenkop><lijst><li nr="21."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="22."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Deze subsidieregelingtreedt in werking op 1 januari
                                    2015.</al></li><li nr="2."><al>De Stimuleringsmaatregel Vrijwilligerswerk 2010 wordt
                                    ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Deze subsidieregelingwordt aangehaald als:
                                    Subsidieregeling Stimulering Vrijwilligerswerk.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV.</al><al>Ter informatie wordt opgemerkt dat de gemeente een collectief
                            verzekeringspakket heeft afgesloten ten behoeve van alle vrijwilligers
                            die in enig organisatorisch verband onverplicht en onbetaald
                            werkzaamheden verrichten ten behoeve van anderen en/of de samenleving en
                            waarbij een maatschappelijk belang wordt gediend. Het collectief
                            verzekeringspakket bestaat uit: </al><lijst><li nr="-"><al>een ongevallen- en persoonlijke eigendommenverzekering voor
                                    vrijwilligers;</al></li><li nr="-"><al>een aansprakelijkheidsverzekering voor vrijwilligers;</al></li><li nr="-"><al>een rechtsbijstandsverzekering voor vrijwilligers;</al></li><li nr="-"><al>een aansprakelijkheidsverzekering voor rechtspersonen;</al></li><li nr="-"><al>een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering voor bestuurders
                                    rechtspersonen;</al></li><li nr="-"><al>een verkeersaansprakelijkheidsverzekering voor
                                    rechtspersonen.</al></li></lijst><al>Het gaat hierbij om een secundaire verzekering. Dit betekent dat deze
                            verzekering alleen van kracht is, voor zover de schade niet is gedekt
                            door een andere verzekering al dan niet van oudere datum. Een
                            vrijwilligersorganisatie kan gebruikmaken van deze collectieve
                            verzekering voor de bij haar aangesloten vrijwilliger(s).Het is niet
                            nodig vrijwilligers aan te melden voor de verzekering. Ook hoeft geen
                            urenregistratie te worden bijgehouden. Niet verzekerd zijn: </al><lijst><li nr="-"><al>de vrijwillige politie en de vrijwillige brandweer, vanwege
                                    speciaal voor hen getroffen rechtspositieregelingen; </al></li><li nr="-"><al>vrijwilligers die actief zijn voor een Vereniging van Eigenaren
                                    of een huurdersvereniging, omdat deze organisaties het eigen
                                    belang tot doel hebben en niet een maatschappelijk belang; </al></li><li nr="-"><al>vrijwilligers die zich op individuele basis inzetten, zonder dat
                                    sprake is van enig organisatorisch verband.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Uit artikel 1 sub a blijkt dat organisaties waarbij vrijwilligers
                            ingezet worden als aanvulling op de dienstverlening niet voor subsidie
                            op grond van deze subsidieregeling in aanmerking komen. Vrijwilligers
                            zijn bij deze organisaties onderdeel van de bedrijfsvoering. Zij
                            ontlasten het personeel. </al><al>De betreffende organisaties dienen de kosten voor de vrijwilligers mee
                            te nemen in hun totale lasten.</al><al>Vrijwilligers zoals bedoeld in artikel 1 sub b kunnen mensen zijn die
                            zich één week per jaar zeven dagen inzetten, maar het kunnen ook mensen
                            zijn die eenmaal per maand iets doen voor een organisatie. Vrijwilligers
                            moeten wel bekend zijn en geregistreerd staan als vrijwilliger binnen de
                            organisatie waar zij hun werkzaamheden verrichten. De werkzaamheden
                            welke de vrijwilliger uitvoert kunnen van zeer uiteenlopende aard zijn,
                            bijvoorbeeld mensen verzorgen, een bestuursfunctie vervullen, chauffeur
                            zijn of de plantsoenen bijhouden.</al><tussenkop>Artikel 2. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 3. Doel </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Stimulering Vrijwilligerswerk vastgelegd aan welke
                            partijen een subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Hoogte van de subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraag</tussenkop><al>De aanvrager moet bij de aanvraag beschrijven hoe het subsidiebedrag
                            besteed zal worden. Het is aan de vrijwilligersorganisatie om te bepalen
                            voor welke activiteit zij de subsidie willen gebruiken, mits zij ten
                            goede komt aan alle vrijwilligers binnen de organisatie. Wanneer alle
                            vrijwilligers liever een onkostenvergoeding ontvangen dan bijvoorbeeld
                            een jaarlijks cadeau is dit geoorloofd. Vrijwilligers van de betreffende
                            organisatie dienen op de hoogte te zijn van deze subsidie en waar het
                            geld voor gebruikt wordt. De subsidie mag niet ten goede komen aan
                            slechts enkele vrijwilligers of besteed worden aan onkosten die niet
                            direct de vrijwilligers aangaan.</al><tussenkop>Artikel 7. Aanvraagtermijn</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Verantwoording </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat er op gericht is om een veilige
                            omgeving voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen
                            van een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met
                            kinderen werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 10. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidieregeling Milieueducatie</titel></kop><structuurtekst><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Capelle aan
                            den IJssel;</al><al>gelet op de Algemene subsidieverordening Capelle aan den IJssel 2015
                            (ASV);</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling vaststelt welke activiteiten in aanmerking
                                    kunnen komen voor subsidie; </al></li><li nr="-"><al>het college op basis van artikel 3 van de ASV bij
                                    subsidieregeling tevens kan bepalen welke doelgroepen in
                                    aanmerking komen voor subsidie;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op het verstrekken van subsidies van toepassing is, voor
                                    zover daarvan niet bij subsidieregeling wordt afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>de ASV op onderdelen bij subsidieregeling kan worden
                                    aangevuld.</al></li></lijst><al>Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Milieueducatie Capelle aan
                            den IJssel 2015.</al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Het bepaalde in deze subsidieregeling is alleen van toepassing op de
                            verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 2
                            bedoelde activiteiten.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>1.Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op
                            stedelijk, bovenwijks, niveau die </al><al>gericht zijn op:</al><al>a.Het verantwoord beheren, in stand houden en openstellen van een
                            terrein met opstallen als </al><al>kinderboerderij aan de ’s-Gravenweg te Capelle aan den IJssel.</al><al>b.Het onderhouden en openstellen van een heemtuin aan de ’s-Gravenweg te </al><al>Capelle aan den IJssel.</al><lijst><li nr="c."><al>Het organiseren van activiteiten op het gebied van
                                    milieueducatie.</al></li><li nr="2."><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van
                                    product 12-31; Milieueducatie.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al>Met subsidieontvangers worden in de subsidiebeschikking afzonderlijke
                            afspraken gemaakt over de specifiek te verrichten activiteiten en de in
                            dat kader te leveren exacte prestaties.</al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een bij notariële akte
                            opgerichte rechtspersoon.</al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken
                            kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit
                            als bedoeld in artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn </tussenkop><lijst><li nr="21."><al>Een aanvraag om een subsidie die niet per kalenderjaar wordt
                                    verstrekt wordt, in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de
                                    ASV, ingediend vanaf 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het
                                    gemeentelijke begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking heeft
                                    tot uiterlijk tien weken voordat de aanvrager voornemens is te
                                    beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd.</al></li><li nr="22."><al>Aanvragen ingediend voor of na de termijn genoemd in het eerste
                                    lid worden niet in behandeling genomen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><lijst><li nr="19."><al>In afwijking van artikel 8, eerste lid van de ASV, beslist het
                                    college op een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar
                                    wordt verstrekt, binnen acht weken nadat de uiterste
                                    aanvraagdatum, te weten 1 april, is verstreken.</al></li><li nr="20."><al>Het college kan de termijn genoemd in het eerste lid eenmaal met
                                    ten hoogste acht weken verdagen. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel8. Subsidieplafond en wijze van verdeling</tussenkop><lijst><li nr="40."><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad de programmabegroting
                                    vastgesteld met daarin een verdeling van de beschikbare middelen
                                    per product. De in product 12-31 opgenomen middelen gelden voor
                                    deze subsidieregeling als subsidieplafond in de zin van artikel
                                    4:22 van de Awb.</al></li><li nr="41."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor subsidies die
                                    per kalenderjaar worden verstrekt plaats op basis van een
                                    vergelijking van de subsidieaanvragen die voor toewijzing in
                                    aanmerking zouden komen als hierdoor het subsidieplafond niet
                                    zou worden overschreden. De subsidieaanvragen die voor de
                                    voorgeschreven aanvraagdatum zijn ontvangen en die voldoen aan
                                    de eisen van artikel 6 van de ASV, worden eerst getoetst aan de
                                    overige artikelen van de ASV. Als de beoordeling op grond van de
                                    ASV geen aanleiding geeft om de aanvraag af te wijzen, wordt de
                                    aanvraag getoetst aan deze subsidieregeling. Indien het
                                    totaalbedrag van de aanvragen die na deze toetsing voor
                                    toewijzing in aanmerking komen het subsidieplafond overschrijdt,
                                    worden deze aanvragen met elkaar vergeleken. De aanvragen die op
                                    basis van de uitkomsten van deze vergelijking het meest
                                    bijdragen aan het realiseren van het gemeentelijk beleid worden
                                    in volgorde van de uitkomsten van de vergelijking gehonoreerd
                                    tot het niveau van het subsidieplafond.</al></li><li nr="42."><al>De verdeling van het subsidieplafond vindt voor andere aanvragen
                                    om subsidie plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van
                                    de aanvragen die voldoen aan de eisen van de ASV en deze
                                    subsidieregeling, te rekenen vanaf 1 oktober van het jaar
                                    voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt
                                    meer dan één aanvraag wordt ontvangen, wordt de onderlinge
                                    rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van
                                    loting.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><lijst><li nr="5."><al>Subsidieontvangers die activiteiten ontplooien met en/of voor
                                    kinderen dienen een beleid te voeren, gericht op het waarborgen
                                    van een veilige omgeving voor kinderen. </al></li><li nr="6."><al>Bij de subsidieverlening kunnen aan de subsidieontvanger nog
                                    andere dan de in het vorige lid vermelde verplichtingen worden
                                    opgelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 15 van de ASV dient een aanvraag
                            tot vaststelling van een subsidie vanaf € 5.000,- tot € 50.000,- naast
                            een inhoudelijk verslag ook een financiële verantwoording te
                            bevatten.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><lijst><li nr="17."><al>Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="18."><al>Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling
                                    Milieueducatie.</al></li></lijst><al>Capelle aan den IJssel, 9 december 2014.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>de secretaris, de burgemeester,</al><al>drs. A.R. Ruijmgaart RA MGA, loco. J.F. Koen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze regeling bevat op onderdelen specifieke aanvullingen of wijzigingen
                            op de ASV. </al><tussenkop>Artikel 1. Toepassingsbereik</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 2. Activiteiten </tussenkop><al>De activiteiten dienen aan te sluiten bij de doelstelling van product
                            12-31; milieueducatie. </al><al>Deze doelstelling is:</al><al>“Het leveren van een bijdrage aan gerichte recreatieve voorzieningen
                            (kinderboerderij) voor de Capelse jeugd en het doen organiseren van
                            activiteiten met een milieueducatief karakter”.</al><tussenkop>Artikel 3. Prestatieafspraken </tussenkop><al>In de subsidiebeschikking kunnen de te verrichten activiteiten nader
                            worden gespecificeerd.</al><al>Hierbij kan worden gedacht aan het maken van afspraken over te bereiken
                            aantallen, maar ook aan afspraken over de samenwerking met andere
                            partijen en cofinanciering (zie ook artikel 9). </al><tussenkop>Artikel 4. Subsidieontvanger </tussenkop><al>Op grond van artikel 3 van de ASV bepaalt het college voor zover van
                            toepassing in een subsidieregeling tevens welke doelgroepen voor
                            subsidie in aanmerking komen. In dit artikel wordt voor de
                            Subsidieregeling Milieueducatie vastgelegd aan welke partijen een
                            subsidie kan worden verstrekt. </al><tussenkop>Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 6. Aanvraagtermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 7. Beslistermijn </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 8. Subsidieplafond en wijze van verdeling </tussenkop><al>De raad stelt met het vaststellen van een subsidieplafond een maximum
                            aan het bedrag dat voor bepaalde subsidies uitgegeven mag worden. Als
                            het totaal van de aanvragen die voor toewijzing in aanmerking komen het
                            subsidieplafond overschrijdt, moet dit bedrag worden verdeeld. Deze
                            verdeling vindt voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt
                            plaats op basis van een vergelijking van de aanvragen die voor
                            toewijzing in aanmerking zouden komen als het subsidieplafond hierdoor
                            niet zou worden overschreden. Dit betekent dat eerst wordt onderzocht of
                            de aanvragen op tijd zijn ingediend en compleet zijn, alsmede of zij
                            voldoen aan de overige eisen die in de ASV worden gesteld. In dit kader
                            wordt ook afgewogen of er een reden is om de aanvraag af te wijzen op
                            grond van een van de afwijzingsgronden van artikel 9 van de ASV.
                            Vervolgens worden de aanvragen getoetst aan deze subsidieregeling.
                            Daarbij wordt onder meer beoordeeld of de aanvraag activiteiten betreft
                            die op grond van de subsidieregeling in principe kunnen worden
                            gesubsidieerd en of de aanvrager behoort tot de doelgroep van de
                            subsidieregeling. Als het totaalbedrag van de aanvragen die na deze
                            procedure zouden kunnen worden toegewezen het bedrag van het
                            subsidieplafond overschrijdt, vindt een vergelijking van de aanvragen
                            plaats. </al><al>Daarbij wordt bezien welke te subsidiëren activiteiten het meest zullen
                            bijdragen aan de beleidsdoelen die met de subsidie nagestreefd worden.
                            De volgorde van de aanvragen wordt bepaald door de mate waarin de
                            activiteiten relevant zijn voor het bereiken van de beleidsdoelen. In
                            deze volgorde komen de aanvragen voor het volledige bedrag tot het
                            niveau van het subsidieplafond voor toewijzing in aanmerking. Gezien
                            deze systematiek van verdeling van het subsidieplafond is het voor
                            aanvragers van belang om ervoor te zorgen dat het college op de uiterste
                            aanvraagdatum beschikt over een complete aanvraag. </al><al>Voor de andere aanvragen om subsidie wordt het subsidieplafond verdeeld
                            op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen, waarbij de
                            aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 oktober van het jaar
                            voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de gesubsidieerde activiteit
                            zal plaatsvinden. Als een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager
                            in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag aan te vullen. In dat geval
                            geldt de datum waarop de aanvraag is gecompleteerd als
                            ontvangstdatum.</al><tussenkop>Artikel 9. Verplichtingen </tussenkop><al>Een belangrijk aspect van het creëren van een veilige omgeving voor
                            kinderen is het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij
                            de invulling van het beleid, dat erop gericht is om een veilige omgeving
                            voor kinderen te waarborgen, kan gedacht worden aan het vragen van een
                            Verklaring omtrent het gedrag (VOG) van medewerkers die met kinderen
                            werken. Tevens kan gebruik worden gemaakt van de toolkit en het
                            stappenplan zoals omschreven op de website www.inveiligehanden.nl.</al><tussenkop>Artikel 10. Aanvraag vaststelling subsidie </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><tussenkop>Artikel 11. Slotbepalingen </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zichzelf.</al><al>Aldus besloten in de openbare vergadering van het college, gehouden op 9
                            december 2014</al><al>De (loco) secretaris, De burgemeester, </al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>