<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR34530_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Organisatieverordening gemeente Bloemendaal 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad Kennemerland-Zuid, 19 maart 2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Organisatieverordening gemeente Bloemendaal 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIII/HoofdstukX/Artikel160/">Gemeentewet, art. 160</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-03-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-03-10</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2009005995</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Organisatieverordening gemeente Bloemendaal 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal</al><al>gelet op het gestelde in artikel 160 van de Gemeentewet;</al><al>gehoord de Bijzondere Ondernemingsraad;</al><al>overwegende, dat als gevolg van de fusie met de gemeente Bennebroek een
                        nieuwe organisatieverordening voor de gemeente Bloemendaal nodig is;</al><al>besluit:</al><al>tot vaststelling van de navolgende</al><al>Organisatieverordening gemeente Bloemendaal 2009.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:</al><al>a.<cursief>gemeenteraad:</cursief></al><al>de raad van de gemeente Bloemendaal;</al><al>b.<cursief>college:</cursief></al><al>burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal;</al><al>c.<cursief>burgemeester:</cursief></al><al>burgemeester van de gemeente Bloemendaal;</al><al>d.<cursief>de algemeen directeur:</cursief></al><al>de algemeen directeur tevens de gemeentesecretaris van Bloemendaal</al><al>e.<cursief>de directie</cursief></al><al>collegiaal directieteam dat bestaat uit de algemeen directeur en de
                            adjunct directeur. De directie staat onder leiding van de algemeen
                            directeur.</al><al>f.<cursief>bestuursdienst:</cursief></al><al>het ambtelijk apparaat van de gemeente met uitzondering van de
                            griffie;</al><al>g.<cursief>organisatorische eenheid:</cursief></al><al>iedere eenheid binnen de bestuursdienst, die het college als zodanig
                            aangewezen heeft;</al><al>h.<cursief>zelfsturend team:</cursief></al><al>een groep van professionele taakvolwassen medewerkers uit een afdeling
                            van de bestuursdienst, die functioneel met elkaar samenhangende
                            producten leveren en als zodanig geen organisatorische eenheid
                            zijn;</al><al>i.<cursief>bestuursopdracht:</cursief></al><al>de opdracht van het college of de burgemeester tot het leveren van
                            producten binnen een vooraf vastgesteld bestuurlijk kader van
                            uitgangspunten en voorwaarden;</al><al>j.<cursief>middelenbeheer:</cursief></al><al>het rechtmatig, doelmatig en doeltreffend aanwenden van de beschikbare
                            middelen - personeel, organisatie, automatisering informatie en
                            financiën - voor het uitvoeren van de door de raad vastgestelde kaders
                            voor het gemeentelijk beleid;</al><al>k.<cursief>afdelingsplan:</cursief></al><al>een omschrijving van de doelstellingen en activiteiten van een afdeling
                            voor een periode van een kalenderjaar en de daarvoor in te zetten
                            middelen resulterend in te leveren producten; </al><al>l.<cursief>projectplan:</cursief></al><al>een omschrijving van de doelstellingen en activiteiten en de daarvoor in
                            te zetten middelen voor het leveren van producten, die projectmatig tot
                            stand moeten komen;</al><al>m.<cursief>werkplan:</cursief></al><al>een individuele omschrijving van de te bereiken werkresultaten, de te
                            ontwikkelen competenties en de loopbaanontwikkeling ontwikkeling voor
                            een periode van een kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitgangspunten voor de bedrijfsvoering van de
                                bestuurdienst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De uitgangspunten voor de bedrijfsvoering van de bestuursdienst
                                zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>collegiaal bestuur;</al></li><li nr="b."><al>integraal beleid;</al></li><li nr="c."><al>bestuur op hoofdlijnen;</al></li><li nr="d."><al>integratie van de beleidsvoorbereiding en
                                        beleidsuitvoering;</al></li><li nr="e."><al>integrale verantwoordelijkheid voor de te leveren
                                        prestaties;</al></li><li nr="f."><al>een doelmatige en doeltreffende verdeling van taken en
                                        bevoegdheden van de bestuursdienst.</al></li><li nr="g."><al>twee leidinggevende niveaus; de directie (directeur en
                                        adjunct directeur) en de afdelingsmanager. Onder de
                                        afdelingsmanager komen geen leidinggevende functies voor.
                                    </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze uitgangspunten hebben tot doel de rechtmatigheid, doelmatigheid
                                en doeltreffendheid van de bedrijfsvoering van de bestuursdienst te
                                waarborgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Organisatorische eenheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuursdienst bestaat uit de volgende organisatorische
                                eenheden:</al><lijst><li nr="a."><al>de directie; </al></li><li nr="b."><al>afdelingen.</al></li><li nr="c."><al>het bedrijfsbureau</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directie bestaat uit een algemeen directeur en een adjunct
                                directeur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De in het eerste lid onder sub b genoemde afdelingen zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>Gemeentewerken;</al></li><li nr="b."><al>Bouwen en wonen; </al></li><li nr="c."><al>Publiekszaken;</al></li><li nr="d."><al>Financiën en facilitaire zaken;</al></li><li nr="e."><al>Gemeentebelastingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De plaats van de organisatorische eenheden in de bestuursdienst is
                                aangegeven in het als bijlage I van dit besluit opgenomen
                                organogram.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college bepaalt op basis van een advies van de directie de
                                organisatiestructuur van de bestuursdienst. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De directie bepaalt op basis van een advies van de afdelingsmanager
                                de structuur van de afdelingen door het samenstellen van teams.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Directie</titel></kop><al>De directie heeft onder leiding van de algemeen directeur de volgende
                            hoofdtaken:</al><lijst><li nr="a."><al>het ontwikkelen van de strategische koers en agenda;</al></li><li nr="b."><al>het ontwikkelen van concernkaders; </al></li><li nr="c."><al>het coördineren en bewaken van de “gemeentebrede”
                                    beleidsontwikkeling, beleidsuitvoering en effectiviteit</al></li><li nr="d."><al>het bevorderen en monitoren van het functioneren gemeentelijke
                                    organisatie</al></li><li nr="e."><al>het als opdrachtgever/projectleider leidinggeven aan
                                    “gemeentebrede” en middelgrote projecten</al></li><li nr="f."><al>het organisatieontwikkelingsproces.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Afdelingen</titel></kop><al> De afdelingen leveren de producten zoals beschreven in het voor hen
                            vastgestelde afdelingsplan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Bedrijfsbureau</titel></kop><al>Het bedrijfsbureau heeft tot taak de directie te ondersteunen bij de
                            invulling van de concernfuncties:</al><lijst><li nr="a."><al>organisatieontwikkeling;</al></li><li nr="b."><al>inhoudelijk-strategische ontwikkeling;</al></li><li nr="c."><al>concerncontrolling (rechtmatigheid, doelmatigheid en
                                    doeltreffendheid van producten);</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Algemeen directeur</titel></kop><al> Onder verantwoordelijkheid van het college berust bij de algemeen
                            directeur de zorg voor: </al><lijst><li nr="a."><al>het bevorderen en bewaken van de samenwerking tussen het
                                    gemeentebestuur en de bestuursdienst; </al></li><li nr="b."><al>het functioneren van de directie;</al></li><li nr="c."><al>het initiëren en adviseren van het college over de strategische
                                    koers en agenda van het gemeentelijk beleid;</al></li><li nr="d."><al>de algemene leiding over de bestuursdienst;</al></li><li nr="e."><al>het organisatieontwikkelingsproces;</al></li><li nr="f."><al>als ambtelijk opdrachtgever een of mee projecten en/of
                                    programma’s over gemeentebrede </al><al> aangelegenheden (aandachtsgebieden);</al></li><li nr="g."><al>het voorbereiden van vergaderingen van het college;</al></li><li nr="h."><al>het vastleggen van de besluitvorming in vergaderingen van het
                                    college;</al></li><li nr="i."><al>het vertalen van deze besluitvorming naar de betrokken functies
                                    of afdelingen in de bestuursdienst;</al></li><li nr="j."><al>het toezien op de tijdige uitvoering van deze besluiten en voor
                                    zover nodig overleggen met de betrokken functies in de
                                    bestuursdienst;</al></li><li nr="k."><al>het overleg met de griffier over de afstemming van werkzaamheden
                                    van de bestuursdienst met die van de griffie; </al></li><li nr="l."><al>de interne en externe communicatie alsmede de samenwerking in de
                                    organisatie;</al></li><li nr="m."><al>het voeren van overleg als bestuurder in de zin van de Wet op de
                                    ondernemingsraden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Adjunct directeur</titel></kop><al>Onder verantwoordelijkheid van de algemeen directeur draagt de
                            adjunct directeur zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>de bedrijfsvoering, het risicomanagement en de kwaliteitsborging
                                    binnen de organisatie;</al></li><li nr="b."><al>alle ondersteunende c.q. facilitaire processen binnen de
                                    organisatie evenals voor de middelenfuncties (financiën,
                                    personeel en I&amp;A);</al></li><li nr="c."><al>het organisatieontwikkelingsproces;</al></li><li nr="d."><al>het ontwikkelen en implementeren van een systeem van planning en
                                    control</al></li><li nr="e."><al>als ambtelijk opdrachtgever een of mee projecten en/of
                                    programma’s over</al><al> gemeentebrede aangelegenheden (aandachtsgebieden);</al></li><li nr="f."><al>leiding over het bedrijfsbureau</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De directie</titel></kop><al> De algemeen directeur en adjunct directeur vormen samen het
                            directieteam / de directie</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Afdelingsmanager</titel></kop><al>Onder verantwoordelijkheid van de directie draagt de afdelingsmanager
                            zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het nemen van beslissingen over de afdelingsproducten, de
                                    primaire werkprocessen binnen de afdeling en de toegewezen
                                    middelen;</al></li><li nr="b."><al>het voorbereiden, ontwikkelen, uitvoeren en evalueren van het
                                    beleid van de afdeling;</al></li><li nr="c."><al>de bedrijfsvoering van zijn afdeling binnen de door de directie
                                    vastgestelde kaders;</al></li><li nr="d."><al>de personele en organisatorische aangelegenheden van zijn
                                    afdeling binnen de door de directie vastgestelde kaders;</al></li><li nr="e."><al>de kwaliteit en kwantiteit van de door zijn afdeling te leveren
                                    producten;</al></li><li nr="f."><al>de coördinatie van de activiteiten van zijn afdeling door middel
                                    van werkoverleg; </al></li><li nr="g."><al>de afstemming van deze activiteiten met andere afdelingen; </al></li><li nr="h."><al>het projectmatig werken voor zover zijn afdeling het leveren van
                                    producten niet doelmatig en doeltreffend binnen de structuur van
                                    de bestuursdienst kan leveren; </al></li><li nr="i."><al>het leveren van de ramingen voor de door zijn afdeling te
                                    leveren producten en het maken van een afdelingsplan;</al></li><li nr="j."><al>de organisatie ontwikkeling van de afdeling binnen de door de
                                    directie aangegeven kaders;</al></li><li nr="k."><al>het leveren van bijdragen aan de organisatie ontwikkeling van de
                                    bestuursdienst als geheel;</al></li><li nr="l."><al>de verdere ontwikkeling van de zelfsturende teams binnen zijn
                                    afdeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Medewerker</titel></kop><al>De medewerker draagt onder verantwoordelijkheid van het afdelingsmanager
                            zorg voor de uitvoering van de aan hem toegewezen producten zoals
                            beschreven in het voor hem vastgestelde werkplan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Programmamanager</titel></kop><al> De programmamanager draagt zorg voor:</al><al>a.de voorbereiding en realisatie van een inhoudelijk complex en
                            integraal programma of een aantal sterk met elkaar verweven technisch of
                            bestuurlijk en politiek gevoelige projecten, van strategisch belang voor
                            de gemeentelijke organisatie;</al><al>b het ontwikkelen van strategische doelen vanuit politieke
                            uitgangspunten en daarbinnen ontwikkeling van inhoudelijk complex
                            beleid;</al><al>c het evalueren van het gevoerde project- en programmamanagement en het
                            signaleren van landelijke, politieke, bestuurlijke, economische en
                            maatschappelijke ontwikkelingen en analyseren op consequenties voor de
                            (project)organisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Projectleider</titel></kop><al>Het afdelingsmanager of de medewerker, die is aangewezen tot
                            projectleider, draagt zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het ontwerpen van een door zijn opdrachtgever vast te stellen
                                    projectplan;</al></li><li nr="b."><al>het uitvoeren van het door zijn opdrachtgever vastgestelde
                                    projectplan; </al></li><li nr="c."><al>de kwaliteit en kwantiteit van de op grond van het projectplan
                                    te leveren producten;</al></li><li nr="d."><al>de coördinatie van de activiteiten van zijn project door middel
                                    van werkoverleg;</al></li><li nr="e."><al>de afstemming van deze activiteiten met andere afdelingen en
                                    projecten;</al></li><li nr="f."><al>het opleveren van het project bij de opdrachtgever door middel
                                    van een eindrapportage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Managementteam</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De algemeen directeur, de adjunct directeur en de afdelingsmanagers
                            vormen het managementteam.</al></li><li nr="2."><al>De algemeen directeur is voorzitter van het managementteam.</al></li><li nr="3."><al>De algemeen directeur stelt de vergaderdata en de agenda van het
                                    managementteam vast.</al></li><li nr="4."><al>De algemeen directeur kan andere medewerkers aanwijzen voor
                                    deelname aan een bijeenkomst van het managementteam als de
                                    agenda daartoe aanleiding geeft.</al></li><li nr="5."><al>Het managementteam heeft tot doel het functioneren van de
                                    bestuursdienst te bevorderen door:</al><lijst><li nr="a."><al>uitwisseling van informatie over gemeenschappelijke
                                            zaken;</al></li><li nr="b."><al>coördinatie van planning, prioriteitsstelling en
                                            voortgang van de beleidsvoorbereiding, beleidsuitvoering
                                            en verantwoording;</al></li><li nr="c."><al>coördinatie van activiteiten tussen afdelingen en
                                            projecten onderling en in relatie tot het college en de
                                            burgemeester;</al></li><li nr="d."><al>tijdige signalering van relevante ontwikkelingen;</al></li><li nr="e."><al>het inwinnen van advies omtrent beleid en uitvoering van
                                            taken op het terrein van personeelsbeleid,
                                            informatiseringbeleid, organisatie, financiën,
                                            huisvesting en automatisering;</al></li><li nr="f."><al>afstemming operationele vraagstukken;</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>De algemeen directeur neemt gehoord de meningsvorming binnen het
                                    managementteam de benodigde besluiten ten aanzien van de in het
                                    vorige lid genoemde onderwerpen.</al></li><li nr="7."><al>De individuele directieleden hebben tweewekelijks werkoverleg
                                    met de afdelingsmanagers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verstrekken van inlichtingen aan collegeleden en de
                                directie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het college en de directie kunnen met inachtneming van
                                ieders verantwoordelijkheid, aan medewerkers van de bestuursdienst
                                inlichtingen vragen, die voor een goede vervulling van hun taak
                                noodzakelijk zijn en met hen overleg voeren. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid van het college en een lid van de directie stellen de
                                afdelingsmanager, de programmamanager of de projectleider op wiens
                                afdeling respectievelijk project zijn verzoek om inlichtingen
                                betrekking heeft daarvan in kennis.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Primaire en aanvullende advisering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Iedere afdeling adviseert primair over beslissingen, die betrekking
                                hebben op producten zoals beschreven in het voor hen vastgestelde
                                afdelingsplan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De primair adviserende afdeling verzoekt om aanvullend advies van
                                andere afdelingen voor zover de betreffende beslissing producten
                                raakt, die zijn beschreven in voor die afdelingen vastgestelde
                                afdelingsplannen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De afdelingsmanagers van de primair en aanvullende adviserende
                                afdelingen ontvangen als het verzoek om aanvullend advies een
                                inhoudelijk karakter heeft en geen verzoek om informatie betreft
                                ieder een kopie daarvan. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het uitbrengen van aanvullend advies heeft plaats aan de primair
                                adviserende afdeling, die het aanvullend advies opneemt in het
                                primaire advies. De afdelingsmanagers van de primair en aanvullend
                                adviserende afdelingen ontvangen als het aanvullend advies een
                                inhoudelijk karakter heeft en geen verstrekking van informatie
                                betreft ieder een kopie daarvan. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De afdelingen, die aanvullend advies uitbrengen, treden in overleg
                                met de primair adviserende afdeling om in goed overleg tot een
                                eenduidig primair advies te komen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Voor het geval het in het vorige lid genoemde overleg niet tot
                                overeenstemming leidt legt de primair adviserende afdeling de
                                advisering voor aan de algemeen directeur.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het verzoeken om en het verstrekken van aanvullend advies hebben
                                plaats door middel van de geautomatiseerde systemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Projectmatig werken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een project is gericht op het realiseren van een concreet resultaat
                                binnen een bepaald tijdsbestek met inbreng van verschillende
                                disciplines en of belangen in een projectteam. Een project eindigt
                                als het resultaat bereikt is. Projectmatig werken heeft plaats op
                                basis van een vooraf vastgesteld projectplan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij ieder project zijn drie rollen te onderscheiden te weten de
                                opdrachtgever, de projectleider en de projectmedewerkers. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De opdrachtgever stelt de projectplannen vast. Verder beslist de
                                opdrachtgever tussentijds over de voortgang van het project en over
                                tussenresultaten. De opdrachtgever is betrokken en zorgt ervoor dat
                                de projectleider het werk kan laten uitvoeren. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De projectleideris verantwoordelijk voor het realiseren
                                van het resultaat van het project. Daarvoor stelt de projectleider
                                projectplannen, bewaakt hij tussentijds de voortgang en rapporteert
                                daarover aan de opdrachtgever. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De projectmedewerkers voeren de projectwerkzaamheden uit en stellen
                                hun inhoudelijke deskundigheid ten behoeve van het project
                                beschikbaar. Zij worden voor de tijd dat zij werkzaam zijn voor het
                                project operationeel aangestuurd door de projectleider. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De afdelingsmanager van de projectmedewerkers stelt capaciteit
                                beschikbaar en blijft daarbij hiërarchisch en functioneel
                                verantwoordelijk voor de medewerkers. De afdelingsmanager heeft geen
                                oparationele bevoegdheden in de richting van zijn medewerker die aan
                                een project werkt. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Op basis van de omvang van een project kunnen drie soorten projecten
                                worden onderscheiden: </al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>projecten binnen een afdeling;</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>middelgrote projecten tussen enkele afdelingen;</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>majeure strategische projecten.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Bij projecten binnen een afdeling gaat het om zaken die binnen één
                                afdeling kunnen worden opgepakt (of waarbij één afdeling inhoudelijk
                                dominant is) maar geen reguliere activiteiten of going concern zijn.
                                De betreffende afdelingsmanager heeft daarbij de rol van
                                opdrachtgever.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Middelgrote projecten zijn projecten die niet binnen de reguliere
                                activiteiten van één afdeling vallen of waarbij één afdeling een
                                dominante inhoudelijke rol vervult. Het zijn activiteiten met als
                                kenmerk dat ze resultaatgericht zijn, (enigszins) uniek zijn, bij de
                                uitvoering van de activiteit meerdere disciplines of belangen
                                betrokken zijn, de uitvoering van de activiteit kostbaar,
                                ingewikkeld of risicovol is en/of politiek (enigszins) gevoelig is.
                                Bij middelgrote projecten wordt daarbij de directie als
                                opdrachtgever aangewezen. </al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Majeure strategische (beleidsmatige en/of organisatorische)
                                projecten zijn activiteiten die van strategisch belang zijn voor de
                                gemeente, waarbij sprake is van veel (externe) partijen en belangen,
                                een dynamisch krachtenveld, politiek/maatschappelijk actueel,
                                risicovol en/of omstreden. De keuze van een majeur project wordt van
                                geval tot geval bepaald door de directie, in samenspraak met het
                                College van B&amp;W. </al><al> De directie is opdrachtgever voor strategische projecten.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>De directie kan voor bepaalde activiteiten een projectleider
                                aanwijzen. Voor de middelgrote c.q. strategische projecten, waarbij
                                de directie optreedt als opdrachtgever, wordt een projectmanager
                                aangewezen als projectleider.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>Het college stelt regels en beleidsregels vast voor de wijze, waarop
                                activiteiten projectmatig uitgevoerd worden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Bestuursopdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De algemeen directeur draagt zorg voor uitvoering van
                                bestuursopdrachten van het college. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De algemeen directeur wijst de uitvoering van de bestuursopdracht
                                toe aan een afdeling en bepaalt daarbij of deze opdracht
                                projectmatig of binnen de structuur van de afdeling plaatsheeft.
                            </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De algemeen directeur kan voor zover de uitvoering van de
                                bestuursopdracht op grond van het vorige lid projectmatig
                                plaatsheeft het projectplan ter goedkeuring voorleggen aan het
                                college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Planning- en controlcyclus</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeentelijke begrotingscyclus omvat de volgende stukken:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de kadernota:</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de programmabegroting inclusief het beleidsplan en het
                                investeringsplan;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de productbegroting, afdelingsplannen en projectplannen;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de tussentijds uit te brengen rapportages met de stand van zaken
                                over de uitvoering van de lopende begrotingen en projecten;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>de jaarrekening en het jaarverslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het hoofd financiën en facilitaire zaken draagt binnen de daarvoor
                                door de directe vastgestelde kaders zorg voor de voorbereiding en
                                uitvoering van voor de werkzaamheden voor de planning- en
                                controlcyclus door middel van voor ieder boekjaar vast te stellen
                                planningen en instructies. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De afdelingsmanagers, programmamanagers en projectleiders dragen
                                overeenkomstig het in het vorige lid genoemde planningen en
                                instructies zorg voor het leveren van de benodigde informatie en
                                stukken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De in het derde lid bedoelde levering van informatie en stukken
                                heeft uitsluitend plaats door middel van de bij de instructies
                                vastgestelde geautomatiseerde systemen en bijbehorende
                                standaarddocumenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Vervanging algemeen directeur, de adjunct directeur en
                                afdelingsmanagers.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directie stelt een regeling vast voor de vervanging van de
                                algemeen directeur, de adjunct directeur en afdelingsmanagers.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde regeling voorziet in vervanging
                                van:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de algemeen directeur en de adjunct directeur onderling; </al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de algemeen directeur bij gelijktijdige afwezigheid van de algemeen
                                directeur en de adjunct directeur;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de afdelingsmanagers onderling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Uitvoering middelenbeleid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De afdelingsmanagers dragen zorg voor de uitvoering van het
                                middelenbeleid binnen de door de directie vastgestelde kaders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bedrijfsbureau en de teams Personeel en Organisatie,
                                Automatisering en Financiën dragen bij de uitvoering van het
                                middelenbeleid zorg voor:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>advisering over de uitvoering van het middelenbeleid aan
                                portefeuillehouders, directie en afdelingsmanagers;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>het uitvoeren van beheerstaken;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>het leveren van managementrapportages;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>het tijdig signaleren van ontwikkelingen en stagnaties in de
                                bedrijfsvoering;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>het leveren van bijdragen aan beleidsevaluaties en
                                beleidsontwikkeling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Overige bepaling</titel></kop><al>Waar deze verordening in specifieke situaties niet voorziet, gelden de
                            gedragscode en de principes vastgelegd in het document “van orde naar
                            dynamiek” als richtsnoer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al><vet>Lid 1</vet></al><al>Deze regeling kan worden aangehaald als “organisatieverordening gemeente
                            Bloemendaal 2009”.</al><al><vet>Lid 2</vet></al><al>Deze regeling treedt onder gelijktijdige intrekking van het
                            “Organisatiebesluit bestuursdienst Bloemendaal 2006” en de
                            “Organisatieverordening gemeente Bennebroek 1998”met ingang van 1
                            januari 2009 in werking. </al><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van 10 maart
                        2009.</ondertekening><ondertekening>de gemeentesecretaris de burgemeester</ondertekening><ondertekening>mr. A.Ph. van der Wees drs. M.J. van Ravesteijn-Kramer</ondertekening><ondertekening>Gepubliceerd in het Weekblad Kennemerland-Zuid d.d. 19 maart 2009.</ondertekening><ondertekening>In werking (met terugwerkende kracht): 1 januari 2009.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>