<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR345157_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING OP DE RAADSCOMMISSIES 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">De Bilt</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-11-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">De Bilt</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Biltbuis 10-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 82 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-11-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-03-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>rv</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Met inwerkingtreding van deze regeling komt de Verordening op raadscommissies 2013 te vervallen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE RAADSCOMMISSIES 2014 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 1. Begripsbepalingen</al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a.lid: lid van een raadscommissie;</al><al>b.voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens</al><al>vervanger;</al><al>c.commissiesecretaris: secretaris van een raadscommissie die tevens</al><al>medewerker van de </al><al> griffie is;</al><al>d.griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al><al>e.vergadering: vergadering van een raadscommissie.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 2. Instelling, taken en
                            samenstelling</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 2. Instelling raadscommissies</al><al>1.De raad stelt de raadscommissies in.</al><al>2.De raad besluit na elke gemeenteraadsverkiezingen welke
                            beleidsterreinen in een raadscommissie besproken worden.</al><al>3.Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                            onderwerp in de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij de
                            agendacommissie anders bepaalt.</al><al>4.Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt belegd,
                            vervult de voorzitter van de raadscommissie die het onderwerp het meest
                            aangaat, de taken van de voorzitter.</al><al><vet>Artikel 3. Taken</vet></al><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken:</al><al>a.zich informeren over de geagendeerde voorstellen zodat het voorstel
                            helder is;</al><al>b.zich uitspreken over een voorstel en het innemen van standpunten is
                            optioneel. Moties of amendementen kunnen worden aangekondigd maar dat
                            hoeft niet. c. het voeren van overleg met het college of de burgemeester
                            over in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte
                            mondeling of schriftelijke inlichtingen en informatie en het gevoerde
                            bestuur ten aanzien van de in artikel 2, tweede lid, genoemde
                            onderwerpen.</al><al>Artikel 4. Samenstelling</al><al>1.De leden van de raad zijn gedurende hun raadslidmaatschap lid van
                            de</al><al>raadscommissies.</al><al>2.Elke fractie, die bij aanvang van de zitting van de raad is gevormd op
                            grond van artikel 9, eerste lid van het reglement van orde voor de
                            vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, kan de raad
                            voorstellen ten hoogste twee personen, die geen lid van de raad zijn, te
                            benoemen tot lid van de raadscommissies. De artikelen 10, 11, 12, 13 en
                            15 van de Gemeentewet zijn op deze personen van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.De overeenkomstig het tweede lid tot lid van de raadscommissies
                            benoemde personen kunnen door de raad, op voordracht van de fractie die
                            hun benoeming heeft voorgesteld, worden ontslagen. Zij treden af op het
                            ogenblik van het aftreden van de raad.</al><al>4.Van elke fractie mogen per onderwerp niet meer dan twee leden
                            tegelijkertijd aan de vergadertafel plaats nemen, waarvan er maar één
                            bij dat onderwerp het woord mag voeren.</al><al>Artikel 5. Voorzitter</al><al>1.De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn
                            midden</al><al>benoemd.</al><al>2.De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al><al>3.De voorzitter is belast met:</al><al>a.het leiden van de vergadering;</al><al>b.het handhaven van de orde;</al><al>c.het doen naleven van deze verordening;</al><al>d.hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al><al>4.De voorzitter en zijn plaatsvervanger kunnen te allen tijde ontslag
                            nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag
                            gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als
                            hun opvolger is benoemd.</al><al>5.De raad kan de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter
                            ontslaan.</al><al>Artikel 6. Griffier en commissiesecretaris </al><al>1.De griffier voorziet in ondersteuning van iedere raadscommissie door
                            een</al><al>medewerker van de griffie.</al><al>2.De commissiesecretaris is in iedere vergadering aanwezig.</al><al>3.De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 3. Aanwezigheid college, burgemeester en
                                secretaris</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 7. Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris De
                            voorzitter kan de burgemeester, één of meer wethouders en de secretaris
                            uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen
                            deel te nemen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 4. Vergaderingen</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Paragraaf 1. Tijdstip van vergaderen en voorbereiding</al><al>Artikel 8. Vergaderfrequentie</al><al>1.In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie plaats op
                            de</al><al>tweede donderdag van de maand.</al><al>2.De vergaderingen van de raadscommissies vinden vanaf 20:00 tot 23:00
                            uur</al><al>in het gemeentehuis plaats, tenzij de agendacommissie anders
                            bepaald.</al><al>3.Een raadscommissie vergadert voorts indien de agendacommissie het
                            nodig oordeelt of indien ten minste twee fracties schriftelijk met
                            opgaaf van redenen daarom verzoeken.</al><al>Artikel 9. Oproep en agenda</al><al>1.De voorzitter roept schriftelijk bij voorkeur veertien dagen maar ten
                            minste zeven dagen voor een vergadering de leden op onder vermelding van
                            dag, tijdstip en plaats van de vergadering.</al><al>2.De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering
                            van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde
                            stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden
                            digitaal beschikbaar gesteld.</al><al>3.In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de
                            schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
                            vergadering een aanvullende agenda opstellen. Deze wordt met de daarbij
                            behorende stukken aan de leden beschikbaar gesteld.</al><al>4.Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast.
                            Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de
                            vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen,
                            onderwerpen van de agenda afvoeren of de volgorde van behandeling
                            wijzigen.</al><al>Artikel 10. Ter inzage leggen van stukken</al><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 86 eerste of tweede lid, van
                            de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken onder
                            berusting van de griffier en verleent de griffier de leden inzage.</al><al>Paragraaf 2. Orde der vergadering</al><al>Artikel 11. Presentielijst</al><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid de presentielijst.
                            De presentielijst is in alfabetische volgorde. Aan het einde van elke
                            vergadering wordt die lijst door de voorzitter en de commissiesecretaris
                            door ondertekening vastgesteld.</al><al>Artikel 12. Spreekrecht burgers</al><al>1.Burgers hebben spreekrecht. Zij kunnen gezamenlijk gedurende
                            maximaal</al><al>dertig minuten, tenzij de commissie daartoe anders beslist, het woord
                            voeren in de commissievergadering over geagendeerde onderwerpen.</al><al>2.Het woord kan niet gevoerd worden over:</al><al>a.een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep</al><al>openstaat of heeft opengestaan;</al><al>b.benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;</al><al>c.een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene</al><al>wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al><al>3.Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit zo spoedig
                            mogelijk maar in ieder geval vijf minuten voor de aanvang van de
                            vergadering aan de commissiesecretaris. Hij vermeldt daarbij zijn naam,
                            adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil
                            voeren.</al><al>4.De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                            voorzitter kan</al><al>van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de
                            vergadering.</al><al>5.De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                            verleend.</al><al>De voorzitter kan de deelnemers aan de commissievergadering toestaan aan </al><al>insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen
                            discussie </al><al>plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.</al><al>6.De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de behandeling van de
                            inbreng van de burger.</al><al>7.Over onderwerpen die niet op de agenda van de commissies staan, kan
                            voorafgaand aan de commissievergaderingen tijdens het informeel contact
                            gesproken worden.</al><al>Artikel 13. Besluitenlijst</al><al>1.De commissiesecretaris draagt zorg voor de besluitenlijst van de
                            vergadering.</al><al>2.Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen
                            niet</al><al>verzet, wordt de besluitenlijst van de vergadering, zo spoedig mogelijk
                            na de vergadering, openbaar gemaakt door plaatsing op de gemeentelijke
                            website.</al><al>4.De besluitenlijst bevat:</al><al>a.de namen van de voorzitter, de commissiesecretaris, de ter vergadering
                            aanwezige leden, de wethouders en overige personen die het woord gevoerd
                            hebben;</al><al>b.een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;</al><al>c.het advies van de commissie aan de raad m.b.t. een onderwerp of
                            voorstel</al><al>d.de toezeggingen</al><al>e.een overzicht van insprekers met, indien beschikbaar, als bijlage
                            hun</al><al>inspreektekst.</al><al>5.De besluitenlijst wordt door de voorzitter en de
                            commissiesecretaris</al><al>ondertekend.</al><al><vet>Artikel 14. Geluids- en beeldopname</vet></al><al>1.De vergaderingen van de commissie worden digitaal in beeld en
                            geluid</al><al>vastgelegd.</al><al>2.De beeld- en geluidopnames van een commissievergadering zijn digitaal
                            via</al><al>de gemeentelijke website toegankelijk.</al><al>3.Het in het eerste en tweede lid vermelde is niet van toepassing op
                            besloten</al><al>vergaderingen als bedoeld in de artikelen 22 van dit reglement.</al><al>4.Ingeval van technische calamiteiten dient de commissiesecretaris zorg
                            te</al><al>dragen voor een schriftelijk verslag.</al><al>Artikel 15. Aantal spreektermijnen</al><al>1.De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                            hoogste</al><al>twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist.</al><al>2.Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al><al>3.Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord voeren
                            over</al><al>hetzelfde onderwerp of voorstel.</al><al>4.Bij de bepaling hoeveel maal een lid over hetzelfde onderwerp of
                            voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken
                            over een voorstel van orde.</al><al>Artikel 16. Spreektijd</al><al>1.Er is voor een vergadering van een raadscommissie geen
                            spreektijdenregeling.</al><al>2.De voorzitter kan, in overleg met de agendacommissie, van de artikel
                            16, lid 1</al><al>afwijken.</al><al>Artikel 17. Voorstellen van orde</al><al>1.De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling
                            een</al><al>voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht.</al><al>2.Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                            betreffen.</al><al>3.Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie terstond.</al><al>Artikel 18. Handhaving orde; schorsing</al><al>1.Een spreker wordt in zijn betoog niet gestoord, tenzij:</al><al>a.de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze</al><al>verordening te herinneren;</al><al>b.een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
                            spreker</al><al>zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden.</al><al>2.Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen
                            uitlaat, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere
                            spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde
                            verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                            betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                            gedurende de vergadering waarin zulks plaats heeft over het aanhangige
                            onderwerp het woord ontzeggen.</al><al>3.De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een
                            door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde
                            opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.</al><al>4.De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat door
                            zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere
                            verblijf in de vergadering te ontzeggen.</al><al>5.Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan
                            verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter
                            hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien
                            voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden
                            ontzegd.</al><al>Artikel 19. Beraadslaging</al><al>1.De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid
                            beslissen over</al><al>één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te
                            beraadslagen.</al><al>2.Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                            beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen
                            teneinde het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling
                            nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de
                            schorsingsperiode verstreken is.</al><al>Artikel 20. Deelname aan de beraadslaging door anderen</al><al>1.De raadscommissie kan bepalen dat anderen dan de in de
                            vergadering</al><al>aanwezige leden, de wethouders, de burgemeester, de secretaris en de
                            voorzitter deelnemen aan de beraadslaging.</al><al>2.Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of één der
                            leden genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van het
                            betreffende onderwerp of voorstel aanvang wordt genomen.</al><al><vet>Artikel 21. Advies </vet></al><al>1. Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                            voldoende is behandeld, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                            raadscommissie anders beslist.</al><al>2.Nadat de beraadslaging is gesloten vatde voorzitter de
                            discussie en eventuele standpunten samen en vraagt of leden moties en
                            amendementen willen aankondigen.</al><al>3.Nadat de beraadslaging is gesloten concludeert de voorzitter of een
                            voorstel hamerstuk, bespreekstuk of niet behandelrijp is en of er
                            stemverklaringen worden afgegeven.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5. Besloten vergadering</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 22. Algemeen</al><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al><al>Artikel 23. Verslag</al><al>1.Het verslag van een besloten vergadering wordt niet verspreid, maar
                            ligt uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier.</al><al>2.Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter
                            vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de
                            raadscommissie een beslissing over het al dan niet openbaar maken van
                            dit verslag. Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de
                            commissiesecretaris ondertekend.</al><al>Artikel 24. Geheimhouding</al><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen. Artikel 22
                            van deze verordening is van overeenkomstige toepassing.</al><al>Artikel 25. Opheffing geheimhouding</al><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                            indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom
                            verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg
                            gevoerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 6. Toehoorders en pers</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 26. Toehoorders en pers</al><al>1.De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend op
                            de</al><al>voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.</al><al>2.Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                            wijze</al><al>verstoren van de orde is verboden.</al><al>3.De voorzitter is bevoegd toehoorders die op enigerlei wijze de orde
                            van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die bij
                            herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten hoogste
                            drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen.</al><al>Artikel 27. Geluid- en beeldregistraties</al><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. </al><al>Artikel 28. Verbod gebruik mobiele telefoons</al><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, van mobiele telefoons, andere
                            communicatiemiddelen of andere technische middelen, zonder toestemming
                            van de voorzitter, verboden voor zover dat gebruik inbreuk kan maken op
                            de orde van de vergadering.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel><cursief>Hoofdstuk 7. Slotbepalingen</cursief></titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 29. Uitleg verordening</al><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al><al>Artikel 30. Inwerkingtreding</al><al>1.Deze Verordening treedt in werking op 28 november 2014.</al><al>2.De Verordening op raadscommissies 2013 vastgesteld bij raadsbesluit
                            van 31 oktober 2013 wordt ingetrokken.</al><al>3.Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening op de
                            raadscommissies 2014’.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>