<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR344793_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Organisatiereglement gemeente Stadskanaal 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stadskanaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-04-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stadskanaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, nr. 73079, 10-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Organisatiereglement gemeente Stadskanaal 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">Gemeentewet, art. 160 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=103">Gemeentewet, art. 103 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-04-11</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BW 2-12-2014, nr. 02</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Organisatiereglement gemeente Stadskanaal 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal, gelet op <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">artikel 160, lid 1 onder c</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=103">artikel 103, lid 2 van de Gemeentewet</extref> :</al><al>besluiten:</al><al>vast te stellen het navolgende "Organisatiereglement gemeente Stadskanaal
                        2014";</al><al>(reglement betreffende de ambtelijke organisatie van de gemeente met
                        uitzondering van de griffie met inbegrip van de instructie voor de
                        secretaris/algemeen directeur).</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijving</titel></kop><al>In dit besluit wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college:</al></li><li nr=""><al>college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                    Stadskanaal.</al></li><li nr="b."><al>secretaris/algemeen directeur:</al></li><li nr=""><al>de medewerker/functionaris zoals bepaald in art. 100
                                    Gemeentewet.</al></li><li nr="c."><al>loco-secretaris:</al></li><li nr=""><al>het lid van het managementteam als zodanig benoemd door het
                                    college.</al></li><li nr="d."><al>afdeling:</al></li><li nr=""><al>iedere organisatie-eenheid binnen de ambtelijke organisatie die
                                    op grond van dit besluit een eigen verantwoordingsplicht aan de
                                    secretaris/algemeen directeur heeft. Dit is inclusief Theater
                                    Geert Teis.</al></li><li nr="e."><al>manager:</al></li><li nr=""><al>de medewerker, als zodanig door burgemeester en wethouders
                                    aangesteld, die de leiding heeft over een afdeling.</al></li><li nr="f."><al>directeur Theater Geert Teis:</al></li><li nr=""><al>de medewerker, als zodanig door burgemeester en wethouders
                                    aangesteld, die de leiding heeft over het Theater Geert
                                    Teis.</al></li><li nr="g."><al>concern controller:</al></li><li nr=""><al>de medewerker, als zodanig door burgemeester en wethouders
                                    aangesteld, die optreedt als concern controller.</al></li><li nr="h."><al>managementteam:</al></li><li nr=""><al>een platform van overleg en afstemming tussen managers van
                                    afdelingen, de concern controller en secretaris/algemeen
                                    directeur onder voorzitterschap van de secretaris/algemeen
                                    directeur</al></li><li nr="i."><al>team:</al></li><li nr=""><al>een niet zelfstandig onderdeel van de ambtelijke organisatie dat
                                    belast is met een door de manager afgegrensd takenpakket en dat
                                    rechtstreeks onder een manager valt, maar waarvan de dagelijkse
                                    planning en verdeling van de werkzaamheden aan één van de
                                    medewerkers van het team (coördinerend medewerker) kan worden
                                    opgedragen.</al></li><li nr="j."><al>teamleider:</al></li><li nr=""><al>de medewerker, als zodanig door burgemeester en wethouders
                                    aangesteld, die de leiding heeft over een team binnen een
                                    afdeling.</al></li><li nr="k."><al>coördinerende medewerkers:</al></li><li nr=""><al>één van de medewerkers van het team, die belast is met de
                                    dagelijkse planning van de werkzaamheden en het geven van
                                    aanwijzingen rondom de inhoudelijke werkverdeling en de wijze
                                    van uitvoering. Ook wel aangeduid als hulpstructuur.</al></li><li nr="l."><al>WOR-bestuurder:</al></li><li nr=""><al>de secretaris/algemeen directeur die in de zin van de Wet op de
                                    ondernemingsraden (art. 1 lid 1 onder e) de ondernemer
                                    vertegenwoordigt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2 De taaktoewijzing</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2 Inrichting van de ambtelijke organisatie</titel></kop><al>De ambtelijke organisatie bestaat uit de volgende afdelingen:</al><lijst><li nr="a."><al>Dienstverlening (DVL);</al></li><li nr="b."><al>Maatschappelijke zaken (MZ);</al></li><li nr="c."><al>Ruimtelijke Ontwikkeling en Beheer (ROB);</al></li><li nr="d."><al>Middelen (M);</al></li><li nr="e."><al>Theater Geert Teis (TGT).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Inrichting van de afdelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Binnen een afdeling kunnen door de secretaris/algemeen
                                    directeur, op advies van de managers, teams als genoemd in
                                    artikel 1 onder i worden aangewezen.</al></li><li nr="2."><al>De manager stelt aan de secretaris/algemeen directeur voor welke
                                    werkzaamheden binnen een team aan een coördinerende medewerker
                                    wordt opgedragen. De secretaris/algemeen directeur wijst de
                                    coördinerende medewerker(s) aan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Taakverdeling tussen de afdelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt op voorstel van de secretaris/algemeen
                                    directeur een nadere taakafbakening tussen de afdelingen
                                    vast.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van de secretaris/algemeen directeur kan het college
                                    onderdelen van het takenpakket van een afdeling aan een andere
                                    afdeling toewijzen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3 De secretaris/algemeen directeur</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 5 Verhouding tot het college</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De secretaris/algemeen directeur draagt zorg, met inachtneming
                                    van de richtlijnen van het college en onverminderd de
                                    verantwoordelijkheden van de burgemeester, voor een goede
                                    voorbereiding van de vergaderingen van het college van
                                    burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris/algemeen directeur adviseert het college als
                                    eerste adviseur bij het nemen van besluiten.</al></li><li nr="3."><al>Hij draagt zorg voor de vastlegging en uitvoering van besluiten
                                    van het college met inachtneming van eventueel door het college
                                    vast te stellen richtlijnen.</al></li><li nr="4."><al>De secretaris/algemeen directeur draagt zorg voor een doelmatige
                                    ondersteuning van de leden van het college.</al></li><li nr="5."><al>Hij draagt er, op verzoek of uit eigen beweging, zorg voor dat
                                    de leden van het college over alle informatie beschikken
                                    waarover zij de beschikking moeten hebben om hun functie goed
                                    uit te kunnen oefenen. Hij neemt eventuele richtlijnen van het
                                    college in acht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Verhouding tot burgemeester</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De secretaris/algemeen directeur staat de burgemeester in diens
                                    hoedanigheid van bestuurlijk coördinator ter zijde.</al></li><li nr="2."><al>Hij bevordert samen met de burgemeester een goede afstemming
                                    tussen de bestuursorganen enerzijds en het ambtelijke apparaat
                                    anderzijds.</al></li><li nr="3."><al>Voorts ondersteunt hij de burgemeester bij de bevordering van
                                    een goede samenwerking en functioneren van het college.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Verhouding tot de ambtelijke organisatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onder verantwoordelijkheid van het college is de secretaris het
                                    hoofd van de ambtelijke organisatie, met uitzondering van de
                                    griffie. Tevens is hij als algemeen directeur
                                    eindverantwoordelijk voor het functioneren van de ambtelijke
                                    organisatie en de advisering aan het college en de raad.</al></li><li nr="2."><al>Onverminderd de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het
                                    managementteam en met inachtneming van de bevoegdheden van de
                                    managers heeft de secretaris de eindverantwoordelijkheid voor: </al><lijst><li nr="a)"><al>de kwaliteit van de ambtelijke advisering en
                                            ondersteuning van de bestuursorganen;</al></li><li nr="b)"><al>het tijdig voorzien van de bestuursorganen van de nodige
                                            ambtelijke adviezen en ondersteuning;</al></li><li nr="c)"><al>een planning van activiteiten en de uitvoering daarvan
                                            met inachtneming van het ter zake vastgestelde
                                            beleid;</al></li><li nr="d)"><al>de samenhang alsmede een gecoördineerd en geïntegreerd
                                            handelen van de onderscheiden onderdelen;</al></li><li nr="e)"><al>de kwaliteit van het management en de organisatie van
                                            het ambtelijk apparaat;</al></li><li nr="f)"><al>het op doelmatige wijze ter zijde staan van de
                                            bestuursorganen door het ambtelijk apparaat.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De secretaris/algemeen directeur heeft het recht bij alle aan
                                    het college ondergeschikte medewerkers, zowel individueel als
                                    per organisatorische eenheid, inlichtingen in te winnen die voor
                                    een goede vervulling van zijn taak nodig zijn.</al></li><li nr="4."><al>De secretaris/algemeen directeur bevordert een goede afstemming
                                    van de te behandelen zaken tussen het college en de
                                    portefeuillehouders enerzijds en de managers anderzijds, alsmede
                                    tussen de afdelingen onderling. Hij onderhoudt daartoe de nodige
                                    contacten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Vervanging secretaris</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vervanging van de secretaris/algemeen directeur geschiedt
                                    door de loco-secretaris.</al></li><li nr="2."><al>Het college benoemt op voordracht van de secretaris/algemeen
                                    directeur de loco-secretarissen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4 De manager</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 9 manager</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De manager heeft de leiding over de onder hem ressorterende
                                    afdeling.</al></li><li nr="2."><al>De manager is verantwoordelijk voor een goede coördinatie binnen
                                    de afdeling, zowel in de voorbereidende zin door het
                                    opstellen/bijstellen van een afdelingsplan als voor de
                                    uitvoering van de in het afdelingsplan opgenomen werkzaamheden
                                    en andere voorkomende taken. Daarnaast is de manager
                                    verantwoordelijk voor de inhoudelijke advisering via de
                                    secretaris aan het college. De manager heeft een actieve
                                    informatieplicht aan de secretaris en is verantwoordelijk voor
                                    het opstellen van de afdelingsrapportages, waarin onder meer
                                    gerapporteerd wordt over de voortgang van de voornemens uit het
                                    afdelingsplan.</al></li><li nr="3."><al>De manager heeft binnen de afdeling de zorg voor een goede
                                    taakverdeling tussen de medewerkers. Basis voor deze
                                    taakverdeling is het functieprofiel. De secretaris/algemeen
                                    directeur is verantwoordelijk voor het aanleveren van het
                                    functieprofiel en het college stelt deze vast.</al></li><li nr="4."><al>Binnen de organisatievisie zoals bedoeld in artikel 18 van dit
                                    reglement en de daarvoor vastgestelde kaders en met inachtneming
                                    van de geldende regels is de manager onder meer verantwoordelijk
                                    voor: </al><lijst><li nr="a."><al>integraal management;</al></li><li nr="b."><al>tijdig, goed afgewogen en integrale advisering en
                                            informatieverstrekking;</al></li><li nr="c."><al>tijdige en integrale uitvoering door zijn afdeling;</al></li><li nr="d."><al>coaching van de individuele medewerkers.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Advisering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De medewerker is verantwoordelijk voor deskundige advisering
                                    waarbij de juridische, organisatorische, personele en financiële
                                    consequenties van de advisering in beeld gebracht worden.</al></li><li nr="2."><al>De manager is binnen de afdeling eindverantwoordelijk voor de
                                    advisering.</al></li><li nr="3."><al>Bij een groot verschil van inzicht over de in lid 1 genoemde
                                    consequenties tussen medewerker en de manager wordt gezocht naar
                                    overeenstemming. Indien er geen overeenstemming gevonden is,
                                    beslist de manager. Op verzoek van de medewerker kan de
                                    advisering plaatsvinden door de manager.</al></li><li nr="4."><al>De manager draagt zorg voor een zodanige advisering dat
                                    deskundige inbreng integraal is verzekerd en dat elk advies (zo
                                    mogelijk met alternatieven) volledig wordt voorgelegd aan het
                                    college en de raad.</al></li><li nr="5."><al>Indien een zaak het taakgebied van één of meer afdelingen raakt
                                    of er coördinatiebehoeften, of mogelijkheden bestaan, vindt
                                    overleg plaats met de andere afdeling(en). Dit overleg moet bij
                                    voorkeur resulteren in een eensluidend advies. Als dit absoluut
                                    niet mogelijk is, legt de manager van de primair
                                    verantwoordelijke afdeling de zaak ter besluitvorming voor aan
                                    de secretaris/algemeen directeur.</al></li><li nr="6."><al>De manager beoordeelt of de door de afdeling uitgebrachte
                                    adviezen passen in het door het college en de raad vastgelegde
                                    kader van doelstellingen en plannen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Vervanging</titel></kop><al>Managers regelen de onderlinge vervanging in samenspraak met de
                            secretaris/algemeen directeur.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5 De concern controller</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 12 Concern controller</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De concern controller adviseert de secretaris/algemeen directeur
                                    en bestuur over kaders, procedures en richtlijnen om een
                                    inzichtelijk beheer en een optimale bedrijfsvoering te borgen.
                                    De kaders en richtlijnen zijn gericht op een rechtmatige,
                                    doelmatige en doeltreffende bedrijfsvoering.</al></li><li nr="2."><al>De concerncontroller bewaakt de adequate scheiding van taken,
                                    functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, zodat aan de
                                    eisen van interne controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid
                                    van de verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is
                                    gewaarborgd.</al></li><li nr="3."><al>De concern controller is verantwoordelijk voor de ontwikkeling
                                    en invoering en het beheer van een instrumentarium voor
                                    beleidsplanning en beleidsbeheersing en ondersteunt aldus de
                                    gemeentelijke organisatie op het gebied van doelrealisatie en
                                    doelmatigheid, waarbij kwaliteit wordt gewaarborgd en de kosten
                                    worden beheerst.</al></li><li nr="4."><al>De concern controller is verantwoordelijk voor de
                                    onderzoeksfunctie in de brede zin van het woord. Hier gaat het
                                    concreet om de artikel 213a onderzoeken uit de gemeentewet,
                                    interne controle en overige interne onderzoeken. Dus die
                                    onderzoeken die een beeld geven van de realisatie van de
                                    beleidsdoelstellingen door de organisatie. Daarnaast heeft hij
                                    een toetsende en monitorende rol in het kader van de naleving
                                    van de kaders die gesteld zijn</al></li><li nr="5."><al>De concern controller kan zich in zaken die zijn
                                    verantwoordelijkheid betreffen rechtstreeks tot Burgemeester en
                                    Wethouders wenden. Hij doet dit niet voordat hij de
                                    secretaris/algemeen directeur hiervan in kennis heeft
                                    gesteld.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6 Overlegvormen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 13 Algemeen</titel></kop><al>Ter bevordering van de samenhang van de organisatie is het management
                            verantwoordelijk voor het adequaat organiseren van verschillende
                            overlegvormen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Managementteamoverleg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ter bewaking van de eenheid in de uitoefening van de aan het
                                    ambtelijk apparaat opgedragen taken voeren de
                                    secretaris/algemeen directeur, de concern controller en managers
                                    regelmatig gezamenlijk overleg. Dit overleg wordt aangeduid met
                                    de benaming ‘managementteamoverleg’.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris/algemeen directeur is voorzitter van het
                                    managementteamoverleg.</al></li><li nr="3."><al>De vergaderingen van het managementoverleg vinden in de regel
                                    wekelijks plaats.</al></li><li nr="De"><al>secretaris/algemeen directeur stelt de agenda samen. Op verzoek
                                    van een manager kunnen agendapunten worden ingebracht.</al></li><li nr="4."><al>Het managementteamoverleg informeert en stemt af over: </al><lijst><li nr="a."><al>besluitvorming van het college;</al></li><li nr="b."><al>de eenheid in de uitoefening van de aan de ambtelijke
                                            organisatie opgedragen taken;</al></li><li nr="c."><al>het mede bewaken van het klimaat, de werksfeer en de
                                            cultuur van de organisatie;</al></li><li nr="d."><al>personeels-, informatie-, inkoop-, organisatie-,
                                            financieel-, automatisering-, communicatie- en
                                            huisvestingsbeleid;</al></li><li nr="e."><al>de coördinatie van activiteiten tussen afdelingen
                                            onderling en in relatie tot het bestuur;</al></li><li nr="f."><al>planning, prioriteitenstelling en voortgang van
                                            werkzaamheden, die voor beleid en uitvoering van belang
                                            zijn;</al></li><li nr="g."><al>de zorg voor integraal, klantgericht en projectmatig
                                            werken;</al></li><li nr="h."><al>overige zaken, die voor meer afdelingen van belang
                                            zijn.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Portefeuilleoverleg</titel></kop><al>Het portefeuilleoverleg is het periodieke overleg tussen
                            portefeuillehouder, manager en medewerkers van de betreffende afdeling
                            dat tot doel heeft de zorg voor een goede bestuurlijke en ambtelijke
                            afstemming betreffende de beleidsvoorbereiding en
                            beleidsuitvoering.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Afdelingsoverleg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De manager is verantwoordelijk voor het voeren van periodiek
                                    overleg met de medewerkers. Het overleg kan op niveau van
                                    afdeling en team.</al></li><li nr="2."><al>Het afdelingsoverleg heeft ten doel: </al><lijst><li nr=""><al>de onderlinge coördinatie te bevorderen en de eenheid in
                                            advisering te bewaken;</al></li><li nr=""><al>doorkoppeling van het besprokene in het managementoverleg en besluiten
                                            van het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr=""><al>planning en coördinatie van de werkzaamheden van de
                                            afdeling;</al></li><li nr=""><al>het bespreken en aanpakken van nieuwe zaken;</al></li><li nr=""><al>het bespreken van personeelsbeleid;</al></li><li nr=""><al>overige zaken.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 7 Algemeen en dagelijks beheer</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 17 Algemeen beheer</titel></kop><al>Het algemeen beheer van de organisatie berust bij het college.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Organisatievisie</titel></kop><al>De organisatievisie van de ambtelijke organisatie kent de volgende
                            uitgangspunten:</al><lijst><li nr="a."><al>Kwaliteit</al></li><li nr="b."><al>Klantgericht werken</al></li><li nr="c."><al>Integraal werken</al></li><li nr="d."><al>Strategisch denken</al></li><li nr="e."><al>Efficiënt en effectieve uitvoering van taken</al></li><li nr="f."><al>Openheid, betrokkenheid en creativiteit</al></li><li nr="g."><al>Lerende organisatie</al></li><li nr="h."><al>Het voeren van regie</al></li><li nr="i."><al>Sturen op resultaat en middelen</al></li><li nr="j."><al>Verantwoordelijkheden en bevoegdheden zo laag mogelijk in de
                                    organisatie</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19 Administratieve Organisatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De werkwijze, procedures en procesuitvoering worden vastgelegd
                                    in de Administratieve Organisatie.</al></li><li nr="2."><al>De Administratieve Organisatie is ingericht op
                                    procesniveau.</al></li><li nr="3."><al>De Administratieve Organisatie is beperkt tot het digitaal
                                    vastleggen van processen waarbij sprake is van een
                                    afbreukrisico. Het gaat daarbij onder meer om juridische
                                    risico’s met betrekking tot de rechtmatigheid, financiële
                                    risico’s, risico’s met betrekking tot de dienstverlening of
                                    risico’s door de complexiteit van processen.</al></li><li nr="4."><al>De concern controller is vanuit zijn onderzoeksfunctie
                                    verantwoordelijk voor het instrumentarium. Voor de beschrijving
                                    en ontwikkeling van de Administratieve Organisatie maakt hij
                                    gebruik van de afdeling Middelen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 8 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 20 Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit besluit wordt aangehaald als “Organisatiereglement gemeente
                                    Stadskanaal 2014”</al></li><li nr="2."><al>Dit besluit treedt de dag na bekendmaking in werking.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van 2 december 2014,</ondertekening><ondertekening>de heer G.J.M.T. van der Zanden mevrouw B.A.H. Galama</ondertekening><ondertekening>secretaris burgemeester</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>Bijlagen</vet></al><al><vet>Bijlage 1: Visie op de organisatie</vet></al><al>De visie op de organisatie van de gemeente Stadskanaal is als volgt
                    geformuleerd:</al><lijst><li nr="a."><al>De organisatie van de gemeente Stadskanaal onderscheidt zich in haar
                            interne en externe dienstverlening door kwaliteit, integraliteit en
                            strategisch vermogen.</al></li><li nr="b."><al>De organisatie van de gemeente Stadskanaal kenmerkt zich door een
                            efficiënte en effectieve uitvoering van de gemeentelijke kerntaken en
                            andere taken die politiek bestuurlijk belangrijk worden geacht.</al></li><li nr="c."><al>De organisatie van de gemeente Stadskanaal kenmerkt zich door een
                            cultuur van openheid, betrokkenheid en creativiteit.</al></li><li nr="d."><al>De organisatie van de gemeente Stadskanaal kenmerkt zich door een
                            adequaat toepassen van instrumenten van Human Resource Management (HRM)
                            om zodoende ruimte te geven aan de ontwikkeling van medewerkers die er
                            trots op zijn voor Stadskanaal te werken.</al></li></lijst><al>Hieronder volgt de uitwerking:</al><al><vet>Ad a. Dienstverlening</vet></al><al>Voor de dienstverlening door de overheid is de gemeente het eerste
                    aanspreekpunt. Daarom ziet de gemeente Stadskanaal dienstverlening als onze
                    bestaansreden, als één van de belangrijkste speerpunten binnen de
                    bedrijfsvoering, en niet als iets dat medewerkers er even bij of naast
                    doen.</al><al>Daarom is de gemeentelijke organisatie optimaal bereikbaar en toegankelijk. De
                    dienstverlening wordt optimaal geïntegreerd in alle kanalen (balie, internet,
                    mail, telefoon, post). In haar klantgerichte dienstverlening aan inwoners,
                    bedrijven en instellingen onderscheidt de gemeente Stadskanaal zich door drie
                    kernkwaliteiten. We zijn betrouwbaar, transparant en efficiënt.</al><al>De gemeentelijke organisatie kenmerkt zich door een optimale (digitale)
                    informatievoorziening, zowel aan het bestuur als aan de burgers. In gedrag,
                    houding en cultuur van management en medewerkers staat samenwerking,
                    klantgerichtheid, resultaatgerichtheid, kostenbewustheid en heldere communicatie
                    centraal.</al><al><vet>Ad b. Efficiënte en effectieve uitvoering</vet></al><al>Binnen de organisatie van de gemeente Stadskanaal worden de taken op efficiënte
                    en effectieve wijze uitgevoerd. Administratieve processen, bevoegdheden en
                    verantwoordelijkheden zijn duidelijk omschreven. Medewerkers handelen hiernaar.
                    De Planning &amp; Control cyclus werkt optimaal. Budgetoverschrijdingen worden
                    tijdig gesignaleerd en hierop wordt adequaat gereageerd. Het bestuur wordt
                    tijdig op de hoogte gesteld van, dan wel betrokken bij (nieuwe) ontwikkelingen
                    en relevante lopende zaken. Een ter zake doende maandrapportage zorgt ervoor dat
                    met minimale inspanning maximaal kan worden gestuurd binnen bestuurlijke kaders.
                    Er is een duidelijke en directe sturing vanuit het management.</al><al>De duidelijke bevoegdhedenstructuur leidt tot een organisatie waarin medewerkers
                    zich, gesteund door hun leidinggevende, vrij voelen om hun werk op een flexibele
                    wijze uit te voeren. Werkzaamheden worden op adequate wijze via de staf of lijn
                    uitgezet dan wel door middel van projectmanagement. Medewerkers van de gemeente
                    Stadskanaal vertalen efficiency en effectiviteit in hun houding en gedrag.
                    Afhankelijk van de situatie kiezen zij voor een regisserende of faciliterende
                    rol.</al><al><vet>Ad c. Cultuur</vet></al><al>De cultuur van de organisatie is gebaseerd op openheid, betrokkenheid en
                    creativiteit. Openheid in de zin dat helder en direct met de inwoners, het
                    bestuur en met elkaar wordt gecommuniceerd. Medewerkers weten van elkaar waar
                    zij staan en waar de ander mee bezig is. In de organisatie spreken zij met
                    elkaar en niet over elkaar. Medewerkers spreken elkaar aan op ongewenst gedrag.
                    De grondhouding van communicatie is assertief en constructief. Betrokkenheid is
                    er bij de gemeenschap van inwoners, bedrijven en instellingen, met het bestuur,
                    met de organisatie en de collega’s. Het belang van de klant staat voorop in het
                    denken en handelen. Stadskanaal zit bij de medewerkers ‘in het bloed’.</al><al>Flexibiliteit is een kernbegrip. Bijspringen indien noodzakelijk en inspringen
                    op mogelijkheden. Daarnaast openbaart creativiteit zich vooral in pionierschap.
                    De gemeente Stadskanaal en haar medewerkers geloven in eigen kracht en stellen
                    deze in dienst van de burgers en het bestuur. Zij handelen daarbij vanuit een
                    sfeer waarin alles mogelijk is en ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd.
                    Verantwoordelijkheden en bevoegdheden liggen zo laag mogelijk in de organisatie.
                    Pionierschap is herkenbaar en wordt ook gehonoreerd in de zin dat initiatieven
                    vanuit de organisatie welwillend worden beoordeeld. De gemeente Stadskanaal
                    neemt haar verantwoordelijkheid voor de regio en is er trots op om op een aantal
                    terreinen een voortrekkersrol te vervullen.</al><al><vet>Ad d. HRM</vet></al><al>Het management en de medewerkers gaan uit van kansen en niet van bedreigingen.
                    Het benutten van talenten, het bevorderen van doorstroming en mobiliteit,
                    ontwikkeling en ontplooiing van de medewerkers staan hoog op de agenda. Het
                    aanwezige HRM-instrumentarium wordt tegen het licht gehouden en, daar waar nodig
                    en gewenst, gemoderniseerd en integraal in de organisatie toegepast. Binnen de
                    gesprekscyclus heeft iedere medewerker jaarlijks een functioneringsgesprek.
                    Daarbij zijn er mogelijkheden voor opleiding en training.</al><al>In de platte organisatie die wij voor ogen hebben, vragen wij de medewerkers
                    zelf verantwoordelijkheid te nemen. Verantwoordelijkheid nemen betekent echter
                    ook verantwoording afleggen zonder dat dit leidt tot een harde afrekencultuur.
                    Goed en modern werkgeverschap tegenover realistisch vermogen.</al><al><vet>Bijlage 2: Organogram Gemeente Stadskanaal per 2 december 2014</vet></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="http://www.regels-stadskanaal.nl/files/Organisatiereglement%20Bijlage%202%20organogram.rtf">Organogram Gemeente Stadskanaal per 2 december 2014 (versie geldig sinds:
                        30-11-2014; RTF-bestand; grootte: 138.07 kB)</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>