<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR344279_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van lig-, kade- en terreingeld 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Doetinchem</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Doetinchem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-125548.html">Gemeenteblad, 2015, 125548</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening lig-, kade- en terreingeld 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=229">Gemeentewet, art. 229, lid 1, aanhef en onderdeel a en b</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR386110_1">Verordening op de heffing en de invordering van lig-, kade- en terreingeld 2016</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van lig-, kade- en terreingeld
            2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Doetinchem; </al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 10
                        december 2014;</al><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en de onderdelen a en b, van de
                        Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van lig-, kade- en
                            terreingeld 2015</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Belastbaar feit liggeld</titel></kop><al>Onder de naam ‘liggeld’ wordt een recht geheven voor het gebruik met
                        vaartuigen van gemeentelijk vaarwater of van gemeentelijke kaden, oevers,
                        aanlegsteigers of meerpalen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Belastingplicht liggeld</titel></kop><al>Belastingplichtig is degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen
                        gebruikmaakt of degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de
                        dienst wordt verricht. Daaronder te verstaan de schipper, de reder, de
                        eigenaar van het schip, degene aan wie het schip in gebruik is gegeven, of
                        degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Maatstaf liggeld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als grondslag voor de heffing gelden de gegevens, vermeld in de bij het
                            vaartuig behorende meetbrief, waarbij onder maximumverplaatsing wordt
                            aangenomen het aantal kubieke meters water dat wordt verplaatst bij de
                            ingevolge genoemde meetbrief grootst toegelaten diepgang.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij gemis van een meetbrief of bij weigering om de meetbrief te tonen,
                            wordt de waterver-plaatsing door de met de inning belaste ambtenaar
                            geschat en is de belasting naar die schatting verschuldigd, tenzij de
                            belastingplichtige verkiest dat het vaartuig op zijn kosten door een
                            deskundige, door burgemeester en wethouders aan te wijzen, wordt gemeten
                            volgens de regels, daarvoor van rijkswege vastgesteld of nader vast te
                            stellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer de belasting naar schatting is geheven en binnen twee maanden na
                            de betaling daarvan een meetbrief wordt aangeboden, wordt, tenzij de
                            schatting het gevolg was van weigering om het stuk te vertonen, het te
                            veel berekende teruggegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Belastingtarief liggeld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het liggeld wordt telkenmale geheven voor het aanleggen van een vaartuig
                            overeenkomstig artikel 1. Zolang een vaartuig aangelegd blijft, wordt
                            het geacht bij de aanvang van elk nieuw tijdvak van veertien dagen sinds
                            het tijdstip van aanleggen, opnieuw te hebben aangelegd, tenzij gesloten
                            water of ijsgang vertrek belet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het liggeld bedraagt per kubieke meter waterverplaatsing, per veertien
                            dagen € 0,13</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het liggeld kan ook bij wijze van abonnement worden voldaan. De
                            abonnementen zijn geldig voor het ten tijde van de afgifte nog niet
                            verlopen gedeelte van een kalenderjaar. Het deswege verschuldigde recht
                            bedraagt per kubieke meter waterverplaatsing voor een abonnement,
                            geldig:</al><lijst><li nr="a."><al>voor gebruik eenmaal per week € 0,77</al></li><li nr="b."><al>voor gebruik tweemaal per week € 1,09</al></li><li nr="c."><al>voor gebruik meer dan tweemaal per week € 1,09</al><al>vermeerderd met zoveel maal € 0,25 als het aantal malen per week
                                    boven het getal twee bedraagt, dat het abonnement kan worden
                                    gebruikt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de berekening van het bij wijze van abonnement verschuldigde
                            liggeld wordt als waterverplaatsing aangenomen de gemiddelde
                            waterverplaatsing van de bij de geabonneerde in gebruik zijnde
                            vaartuigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5. Vrijstelling liggeld</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de berekening van het liggeld blijft buiten aanmerking het
                                tijdvak vanaf 12 uur 's middags op de dag, onmiddellijk voorafgaande
                                aan een zondag, tot 8 uur 's ochtends op de dag onmiddellijk
                                volgende op die zondag. Met de zondag worden te dezen gelijkgesteld
                                de nieuwjaarsdag, de christelijke tweede paas- en pinksterdag, de
                                beide kerstdagen en de Hemelvaartsdag.</al></li><li nr="2."><al>Geen liggeld wordt geheven voor bootjes die bij het vaartuig behoren
                                en niet zelf geladen zijn alsmede voor politievaartuigen en de
                                daarbij behorende roeiboten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Belastbaar feit kadegeld</titel></kop><al>Onder de naam ‘kadegeld’ wordt een recht geheven voor het gebruik van de
                        openbare loswal als tijdelijke opslagplaats. Onder 'openbare loswal' wordt
                        verstaan alle gemeentegrond langs de Oude IJssel, voor zover die niet aan
                        derden in gebruik is gegeven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Belastingplicht kadegeld</titel></kop><al>Belastingplichtig is degene aan wie de voor het gebruik van de grond
                        vereiste toestemming is verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Belastingtarief kadegeld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het kadegeld bedraagt voor elke aangevraagde en toegestane
                            m<sup>2</sup>:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het eerst ingegane tijdvak van twee etmalen, gerekend vanaf
                                    het uur van ingang van de voor het gebruik van de grond vereiste
                                    toestemming € 0,13</al></li><li nr="b."><al>voor elk volgend ingegaan tijdvak van drie etmalen € 0,13 met
                                    dien verstande dat de onder a en b bedoelde rechten tezamen ten
                                    minste bedragen € 1,60</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het kadegeld kan ook bij wijze van abonnement worden voldaan. De
                            abonnementen zijn geldig voor het ten tijde van de afgifte nog niet
                            verlopen gedeelte van een kalenderjaar. Het deswege verschuldigde recht
                            bedraagt, per 50 m<sup>2</sup> grondoppervlakte of een gedeelte daarvan,
                            waarvoor een abonnement geldig is € 85,55</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vrijstelling kadegeld</titel></kop><al>Het bij artikel 5, eerste lid, omtrent de heffing van liggeld bepaalde, is
                        mede op de heffing van kadegeld van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Belastbaar feit terreingeld</titel></kop><al>Onder de naam ‘terreingeld’ wordt een recht geheven voor het al dan niet
                        tijdelijk uitsluitend gebruik van openbare gemeentegrond, voor zover zodanig
                        gebruik niet aan een andere gemeentelijke heffing is onderworpen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Belastingplicht terreingeld</titel></kop><al>Belastingplichtig is degene aan wie de voor het gebruik van de grond
                        vereiste toestemming is verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Belastingtarief terreingeld (tijdelijk gebruik)</titel></kop><al>Het terreingeld bedraagt voor elke aangevraagde en toegestane m<sup>2</sup>
                        voor uitsluitend tijdelijk gebruik van gemeentegrond:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het eerste ingegane tijdvak van twee etmalen, gerekend vanaf
                                het uur van ingang van de voor het gebruik van de grond vereiste
                                toestemming € 0,18</al></li><li nr="b."><al>voor elk volgend ingegaan tijdvak van drie etmalen € 0,18 met dien
                                verstande dat de onder a en b bedoelde rechten tezamen minstens €
                                1,60 bedragen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Belastingtarief terreingeld (blijvend gebruik)</titel></kop><al>Het terreingeld bedraagt voor elke aangevraagde en toegestane m<sup>2</sup>
                        voor uitsluitend blijvend gebruik van gemeentegrond voor het plaatsen van
                        definitieve voorwerpen, voor zover deze voorwerpen zich bevinden op of op
                        minder dan 1.50 meter boven uitsluitend voor voetgangers bestemde openbare
                        gemeentegrond, per m<sup>2</sup> per jaar, € 49,02</al><al>Bij de berekening van het aantal m<sup>2</sup> worden gedeelten van
                        m<sup>2</sup> naar boven afgerond.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Vrijstelling terreingeld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bij artikel 5, eerst lid, omtrent de heffing van liggeld bepaalde is
                            mede op de heffing van terreingeld van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Geen terreingeld wordt geheven voor het gebruik van openbare
                            gemeentegrond wanneer sprake is van godsdienstige, levensbeschouwelijke
                            of politieke activiteiten, dan wel van activiteiten ter behartiging van
                            een liefdadig doel of van sociaal-culturele activiteiten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Geen terreingeld wordt geheven voor het uitsluitend blijvend gebruik van
                            openbare gemeente-grond voor het plaatsen van definitieve voorwerpen,
                            voor zover deze voorwerpen zich bevinden op of op minder dan 1.50 meter
                            boven uitsluitend voor voetgangers bestemde openbare gemeentegrond en
                            voor zover het gaat om voorwerpen die worden aangebracht om gebouwen
                            toegankelijk te laten zijn voor invaliden en invalide
                            rolstoelgebruikers. Dit voor zover het gaat om per 1 januari 1997
                            bestaande gebouwen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Overige bepalingen lig- of kadegeld</titel></kop><al>Degene die het lig- of kadegeld bij wijze van abonnement wenst te voldoen,
                        wendt zich tot de betrokken ambtenaar ter verkrijging van een
                        abonnementskaart. Zodanige kaart wordt niet afgegeven dan na betaling van
                        het deswege verschuldigde lig- of kadegeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Overige bepalingen kade- of terreingeld</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Degene die enig aan de heffing van kade- of terreingeld als bedoeld
                                in artikel 12 onderworpen gebruik wenst te maken van gemeentegrond,
                                wendt zich tot de betrokken gemeenteambtenaar, ter verkrijging van
                                de vereiste schriftelijke toestemming.</al></li><li nr="2."><al>Degene die enig aan de heffing van terreingeld als bedoeld in
                                artikel 13 onderworpen gebruik wenst te maken van gemeentegrond,
                                wendt zich tot burgemeester en wethouders ter verkrijging van de
                                vereiste schriftelijke toestemming.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Verbodsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden gebruik te maken van enig kunstwerk of van gemeentegrond
                            voordat de daarvoor ingevolge deze verordening verschuldigde rechten
                            over het betrokken tijdvak aan de met de ontvangst van die rechten
                            belaste ambtenaar zijn voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op het aan de
                            heffing van liggeld onderworpen gebruik van enig kunstwerk over het
                            eerste tijdvak van drie etmalen vanaf het tijdstip van aankomst van het
                            vaartuig. Het te dier zake verschuldigde recht wordt door de
                            belastingschuldige aan de met de ontvangst van het liggeld belaste
                            ambtenaar betaald voor het einde van gemeld tijdvak en voor het vertrek
                            van het vaartuig.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bedoelde ambtenaar is bevoegd vroegere betaling te vorderen door
                            aanbieding van een kwitantie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De belastingschuldige is bevoegd de rechten over meer dan een aan de
                            heffing onderworpen tijdvak gelijktijdig bij vooruitbetaling te voldoen.
                            In dat geval worden de te veel betaalde rechten na het eindigen van het
                            aan de heffing onderworpen gebruik tegen kwitantie terugbetaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>Voor elke ontvangst van lig-, kade- of terreingeld wordt een kwitantie
                        afgegeven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van lig-, kade- of terreingeld wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Tonen toestemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De abonnementskaart, bedoeld in artikel 15, de toestemming, bedoeld in
                            artikel 16, en de kwitantie, bedoeld in artikel 18, moeten op eerste
                            vordering worden getoond aan elke met het houden van toezicht op de
                            betrokken kunstwerken of gronden of met de ontvangst van de in deze
                            verordening bedoelde rechten belaste ambtenaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij niet-voldoening aan een vordering overeenkomstig het eerste lid tot
                            het tonen van een schriftelijke toestemming, van een abonnementskaart of
                            van een kwitantie, wordt geacht onderscheidenlijk geen toestemming
                            verleend, geen abonnement verstrekt of geen recht betaald te zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van lig-, kade- en
                        terreingeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De verordening lig-, kade- en terreingeld 2014 van 19 december 2013,
                                wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 23, tweede lid,
                                genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij
                                van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die
                                datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de
                                in artikel 23, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing,
                                blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in
                                de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor
                                zover de heffing van de rechten hiervoor in de periode plaatsvindt.
                            </al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van
                                de bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als <vet>Verordening lig-, kade- en
                            terreingeld 2015</vet>.</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering</ondertekening><ondertekening>van 18 december 2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>