<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR34287_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Exploitatie-verordening gemeente Eindhoven 1996</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eindhoven</dcterms:creator><dcterms:modified>1996-11-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eindhoven</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 1996, nr. 63</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Explotatie-verordening gemeente Eindhoven 1996</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0020449&amp;artikel=6.23">Wet ruimtelijke ordening, art. 6.23</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>1996-09-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1996-11-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1515G</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Exploitatie-verordening gemeente Eindhoven 1996</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Burgemeester en wethouders van Eindhoven maken bekend, dat de raad van deze
                        gemeente in zijn vergadering van 2 september 1996 de verordening houdende de
                        voorwaarden waaronder de gemeente medewerking zal verlenen aan het in
                        exploitatie brengen van grond heeft vastgesteld. Deze verordening luidt als
                        volgt</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Algemene begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden: het door
                                    of met medewerking van de gemeente treffen van voorzieningen van
                                    openbaar nut, waardoor de in het exploitatiegebied gelegen
                                    onroerende zaken gebaat worden;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>exploitatiegebied: een als zodanig door de gemeenteraad
                                    aangewezen gebied, dat in de naaste toekomst deels) voor
                                    bebouwing in aanmerking komt en dat gebaat is door de aanleg van
                                    voorzieningen van openbaar nut;</al></li></lijst><lijst><li nr="c."><al> exploitant:de genothebbende krachtens eigendom, bezit of
                                    beperkt recht van een in het exploitatiegebied gelegen
                                    onroerende zaak welke door het treffen van voorzieningen van
                                    openbaar nut gebaat is;</al></li><li nr="d."><al> exploitatie-overeenkomst: de overeenkomst, onder welke naam dan
                                    ook gesloten, waarin de gemeente met een exploitant de
                                    voorwaarden overeenkomt waaronder de gemeente voorzieningen van
                                    openbaar nut zal treffen of daaraan mede,werking zal
                                    verlenen;</al></li></lijst><lijst><li nr="e."><al>(aangevuld) bekostigingsbesluit: een besluit van de gemeenteraad
                                    waarin niet alleen overeenkomstig artikel 222 van de Gemeentewet
                                    wordt besloten in welke mate de aan de voorzieningen verbonden
                                    lasten zullen kunnen worden verhaald op een daarbij aangeduid
                                    gebied maar waarin ook een omschrijving van de voorzieningen van
                                    openbaar nut en een begroting van kosten en opbrengsten is
                                    opgenomen;</al></li><li nr="f."><al> voorzieningen van openbaar nut, waardoor de in het
                                    exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat worden, onder
                                    meer :</al></li></lijst><lijst><li nr=""><al>1. riolering met inbegrip van bijbehorende werken;</al></li><li nr=""><al>2. wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en
                                    rijwielpaden, straatmeubilair, waterpartijen, watergangen,
                                    bruggen, tunnels en ander rechtstreeks met de aanleg en
                                    inrichting van deze voorzieningen en kunstwerken verband
                                    houdende werken;</al></li><li nr=""><al>3. plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder begrepen
                                    de aanleg en inrichting van openbare speelplaatsen en
                                    speelweiden, alsmede de sierende elementen welke rechtstreeks
                                    voortvloeien uit een juiste uitvoering van een verzorgd
                                    bestemmingsplan; </al></li><li nr=""><al>4. openbare verlichting en brandkranen met de nodige
                                    aansluitingen;</al></li><li nr=""><al>5. waterhuishoudkundige voorzieningen, met inbegrip van
                                    drainagevoorzieningen;</al></li></lijst><lijst><li nr="g."><al>afstand van gronden aan de gemeente: eigendomsoverdracht van
                                    gronden aan de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Kosten van explotatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>de inbrengwaarde van alle binnen het exploitatiegebied gelegen
                                gronden, zijnde: </al><lijst><li nr="a."><al>de waarde van de grond;</al></li><li nr="b."><al>de waarde van de opstallen die voor de verwezenlijking van
                                        de bestemming niet gehandhaafd kunnen worden;</al></li><li nr="c."><al>de kosten van het vrijmaken van de gronden van
                                        opstallen;</al></li><li nr="d."><al>de kosten van vrijmaken van de grond van zich in de grond
                                        bevindende resten, zoals funderingen, leidingen en kabels,
                                        en van persoonlijke rechten en lasten, eigendom, bezit of
                                        beperkt recht, zakelijke lasten, alsmede de kosten van
                                        schadevergoedingen;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>de kosten van aanleg binnen een exploitatiegebied door de gemeente
                                van de onder artikel 1, onder f. omschreven voorzieningen van
                                openbaar nut:</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al/><lijst><li nr="a."><al>de kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut
                                        buiten het exploitatiegebied voorzover de binnen het
                                        exploitatiegebied liggende onroerende zaken door deze
                                        voorzieningen direct dan wel indirect gebaat zijn;</al></li><li nr="b."><al>onder de in lid a vermelde kosten moet mede worden verstaan
                                        de storting van een jaarlijkse bijdrage door de gemeente in
                                        een Regiofonds ten behoeve van concrete bovengemeentelijke
                                        voorzieningen, zolang de gemeente tot deze verplichte
                                        storting gehouden is;</al></li><li nr="c."><al>het bepaalde in lid b treedt eerst in werking, zodra de
                                        raden van alle andere gemeenten, welke toegetreden zijn tot
                                        het Financieringsschap Strategische Projecten Stads regio
                                        Eindhoven e.o<cursief>. </cursief>de indeze
                                        gemeenten gewijzigd hebben en op deze wijzigingen de
                                        goedkeuring door Gedeputeerde Staten is gevolgd;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>de kosten van:</al><lijst><li nr="a."><al>het dempen van sloten en het verrichten van grondwerken ten
                                        behoeve van voorzieningen van openbaar nut met inbegrip van
                                        het egaliseren, ophogen en afgraven:</al></li><li nr="b."><al>het verrichten van bodemonderzoek en -sanering, voorzover
                                        het de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut betreft
                                        en voorzover verhaal bij derden van de daarmee verband-
                                        houdende kosten niet in de rede ligt;</al></li><li nr="c."><al>in verband met de milieuwetgeving of milieutechnisch
                                        noodzakelijke maatregelen en voorzieningen ter uitvoering
                                        van een bestemmingsplan:</al></li><li nr="d."><al>de verwerving van de ondergrond van voorzieningen van
                                        openbaar nut buiten het exploitatiegebied:</al></li><li nr="e."><al>het slopen van opstallen op de ondergrond van voorzieningen
                                        van openbaar nut buiten het exploitatiegebied:</al></li><li nr="f."><al>alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het
                                        verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van
                                        gronden, in ieder geval;</al></li></lijst><lijst><li nr=""><al>1. de kosten van planontwikkeling, planvoorbereiding en
                                        planbeheer en plantoezicht. Onder deze kosten wordt ten
                                        minste verstaan: de kosten verband houdende met het
                                        opstellen van structuurplannen en bestemmingsplannen, het
                                        opstellen van planmatige uitwerkingen of wijzigingen, het
                                        vervaardigen van besluiten tot het verlenen van vrijstelling
                                        van een bestemmingsplan alsmede van overige planologische
                                        maatregelen voorzover deze nodig zijn voor het in
                                        exploitatie brengen van gronden binnen het
                                        exploitatiegebied;</al></li><li nr=""><al>2. de kosten verband houdende met onderzoeken, voorbereiding
                                        en toezicht ten behoeve van de voorzieningen van openbaar
                                        nut voorzover deze verband houden met het in exploitatie
                                        brengen van gronden binnen het exploitatiegebied;</al></li><li nr=""><al>3. de kosten van het gemeentelijk apparaat, voorzover die
                                        rechtstreeks aan het in exploitatie brengen van gronden
                                        kunnen worden toegerekend;</al></li><li nr=""><al>4. de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten,
                                        verminderd met rente-opbrengsten;</al></li><li nr=""><al>5. de kosten van tijdelijk beheer van de ondergrond van
                                        openbare voorzieningen van openbaar nut, zijnde de kosten
                                        die ten gevolge van een noodzakelijk actief
                                        verwervingsbeleid worden gemaakt en niet dan wel niet geheel
                                        door middel van tijdelijke verhuur worden gedekt;</al></li><li nr=""><al>6. overige kosten die in beginsel ten laste van de
                                        grondexploitatie behoren te worden gebracht.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>In explotatie brengen op initiatief van de gemeente</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vaststelling (aangevuld) bekostiging.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat op initiatief van de gemeente met het treffen van
                                voorzieningen van openbaar nut in een exploitatiegebied wordt
                                aangevangen, stelt de gemeenteraad een (aangevuld)
                                bekostigingsbesluit voor dat exploitatiegebied vast dat bekend wordt
                                gemaakt op de wijze zoals bedoeld in artikel 139 van de
                                Gemeentewet</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het (aangevuld) bekostigingsbesluit bevat in ieder geval de
                                volgende onderdelen:</al><al>a. aanduiding van het exploitatiegebied en aanwijzing van de daarin
                                gelegen onroerende zaken die gebaat zijn door de aanleg van
                                voorzieningen van openbaar nut;</al><al>b. aanduiding van de mate waarin de kosten, verband houdende met het
                                verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden,
                                genothebbenden van de inhet vorige lid bedoelde onroerende
                                zaken worden verhaald;</al><al>c. omschrijving van de van gemeentewege <cursief>uit </cursief>te
                                voeren voorzieningen van openbaar nut en daarmee verband houdende
                                werkzaamheden;</al><al>d. een aankondiging, dat betrokken exploitanten binnen een genoemde
                                termijn een aanbod voor een exploitatie-overeenkomst zullen kunnen
                                ontvangen;</al><al>e. de bepaling dat, ingeval met een exploitant niet tot een
                                overeenstemming kan worden gekomen over een
                                exploitatie-overeenkomst, kostenverhaal zal kunnen plaatsvinden door
                                middel van een heffing van baatbelasting;</al><al>f. een begroting van de ten laste van de onroerende zaken in het
                                exploitatiegebied komende kosten, verband houdende met het verlenen
                                van medewerking aan het in exploitatie brengen van grond, en van de
                                ten gunste van het in exploitatie nemen van gronden komende</al><al>opbrengsten. De opbrengsten bestaan uit:</al><al>1. subsidies;</al><al>2. verkoop van gronden;</al><al>3. bijdragen in de kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar
                                nut, hetzij via overeenkomst hetzij via baatbelasting;</al><al>4. overige bijdragen.</al><al>Van deze begroting maakt eveneens deel uit de wijze van
                                toerekening</al><al>van de totale kosten en opbrengsten aan de onroerende zaken in het
                                exploitatiegebied, zoveel mogelijk naar de mate van het profijt dat
                                de</al><al>onroerende zaken hebben van het samenhangend geheel van
                                voorzieningen van openbaar nut.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het (aangevulde) bekostigingsbesluit kan worden bepaald, dat de
                                begroting als bedoeld in het </al><al>tweedelid onder f later door de gemeenteraad wordt vastgesteld; de
                                gemeenteraad kan de begroting periodiek herzien; de begroting wordt
                                bekend gemaakt op de wijze als bedoeld in artikel 139 van de
                                Gemeentewet </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de berekening van de in het tweede lid onder f bedoelde kosten
                                wordt er van uitgegaan dat het exploitatiegebied in zijn geheel door
                                de gemeente in exploitatie zal worden gebracht.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Wijze van toerekening naar matee van profijt</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toerekening van het profijt wordt als rekeneenheid gebruikt
                                het</al><al>gemiddelde bedrag van de ten nutte van het exploitatiegebied
                                gemaakte of te maken kosten per m2 grondoppervlakte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder de grondoppervlakte wordt verstaan de kadastrale oppervlakte
                                van de onroerende zaken, waar mogelijk ingedeeld naar de in
                                    eenbestemming<vet>s</vet>plan opgenomen geprojecteerde
                                kavels (bouw)grond, vermenigvuldigd met factoren voor ligging en
                                bestemming en objectieve gebruiksmogelijkheid, waarin het profijt
                                van de van gemeentewege getroffen voorzieningen van openbaar nut tot
                                uitdrukking komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ingeval de toerekening op basis van m2 grondoppervlakte geen
                                geschikte grondslag blijkt te zijn, geschiedt de toerekening op
                                basis van een nader door burgemeester en wethouders te bepalen
                                grondslag welke voorziet in de aanwezige verschillen in
                                profijt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vaststelling exploitatiebijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De exploitant betaalt als bijdrage in de kosten, verband houdende
                                met het verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van
                                gronden, het bedrag dat volgens de in de begroting als bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid onder f uitgewerkte wijze aan zijn onroerende
                                zaak wordt toegerekend, vermeerderd met de kosten op de afstand van
                                de gronden bestemd voor de aanleg en/of aanpassing van voorzieningen
                                van openbaar nut vallende en de kosten van kadastrale uitmeting, en
                                verminderd met de inbrengwaarde van de bij de exploitant in eigendom
                                zijnde en voor exploitatie bedoelde gronden en vande gronden welke
                                zijn bestemd voor het treffen van voorzieningen van openbaar nut en
                                door exploitant aan de gemeente worden afgestaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De waarde van de in het eerste lid bedoelde grond, die door de
                                exploitant is ingebracht, wordt door de gemeente en de exploitant
                                gezamenlijk door middel van taxatie vastgesteld. Indien hierover
                                geen overeenstemming kan worden bereikt, wordt deze waarde
                                vastgesteld door een commissie van drie deskundigen, van wie één aan
                                te wij zen door de gemeente, één door de exploitant en een derde
                                door de beide reeds aangewezen deskundigen of, indienzij het
                                daarover niet eens kunnen worden, door de terzake bevoegde
                                kantonrechter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de exploitant zelf conform artikel 6, derde lid, onder e
                                voorzieningen van openbaar nut aanlegt, bestaat de
                                exploitatiebijdrage uit de bijdrage, zoals deze op grond van het
                                eerste lid van dit artikel wordt bepaald, verminderd met de kosten
                                van de door exploitant uit te voeren werkzaamheden, voorzover deze
                                kosten corresponderen met de begroting van kosten zoals bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid onder f.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inhoud exploitatie-overeenkomst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verhaal van kosten verband houdende met het verlenen van
                                medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden vindt plaats
                                met inachtneming van de voorgaande artikelen. Van de
                                exploitatie-overeenkomst wordt een akte opgemaakt. Indien de
                                exploitatie-overeenkomst mede een grondtransactie betreft, is dit
                                een notariële akte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen tot het aangaan van een
                                exploitatieovereenkomst op initiatief van de gemeente slechts nadat
                                een (aangevuld bekostigingsbesluit is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De exploitatie-overeenkomst bevat in ieder geval bepalingen
                                over:</al><al>a.de aard, omvang en kwaliteit van de door de gemeente of exploitant
                                aan te leggen voorzieningen van openbaar nut;</al><al>b.het tijdvak waarbinnen deze voorzieningen worden uitgevoerd;</al><al>c.de ten laste van de exploitant komende bijdrage als bedoeld in
                                artikel5, eerste lid;</al><al>d.in voorkomende gevallen de afstand van gronden aan de gemeente,
                                voorzover die gronden zijn bestemd voor de aanleg of aanpassing van
                                voorzieningen van openbaar nut, en in deze gevallen het verrichten
                                van onderzoek naar bodemverontreiniging op kosten van
                                exploitant;</al><al>e.in gevallen waarbij burgemeester en wethouders besluiten de gehele
                                of gedeeltelijke uitvoering van de door de gemeente aan te leggen
                                voorzieningen van openbaar nut aan de exploitant op te dragen: deze
                                opdracht en de waarborging van een tijdige en kwalitatief goede
                                uitvoering;</al><al>f. een betalingsregeling;</al><al>g.in voorkomende gevallen een taakverdeling;</al><al>h.in voorkomende gevallen een regeling voor gewijzigde
                                omstandigheden, wanprestatie, aansprakelijkheid en
                                faillissement.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>In exploitatie brengen op verzoek van exploitant</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Indiening aanvraag voor medewerking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een belanghebbende kan bij burgemeester en wethouders een aanvraag
                                indienen voor medewerking aan het in exploitatie brengen van
                                gronden</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen slechts medewerking aan het op
                                aanvraag van exploitant in bouwexploitatie brengen van gronden
                                krachtens een exploitatie- overeenkomst als bedoeld in artikel 6 met
                                dien verstande, dat het tweede lid van dat artikel in dat geval niet
                                van toepassing is</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de aanvraag dient in ieder geval te worden gevoegd:</al><al>a. een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te brengen
                                onroerende zaken;</al><al>b. gegevens, waaruit blijkt dat de belanghebbende genothebbende
                                krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van de in exploitatie te
                                brengen onroerende zaken isof kan worden;</al><al>c. gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen
                                (bouw)werkzaamheden</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Ingeval door burgemeester en wethouders een aanvraag voor een
                                bouwvergunning, eventueel in combinatie met een aanvraag voor
                                vrijstelling, wordt ontvangen, waarbij in geval van verlening van de
                                vrijstelling en/of bouwvergunningvan gemeentewege voorzieningen van
                                openbaar nut moeten worden getroffen, wordt hiervan zo spoedig
                                mogelijk, doch in ieder geval voor de beslissing op de aanvraag,
                                mededeling gedaan aan de aanvrager. Daarbij zal een zo nauwkeurig
                                mogelijke raming van de voor rekening van de exploitant worden
                                verstrekt. Tevens zal daarbij aan de aanvrager de gelegenheid worden
                                gegeven tot het indienen van een aanvraag voor medewerking komende
                                kosten, verband houdende met het in exploitatie brengen van
                                gronden</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders reageren op de aanvraag om medewerking,
                                hetzij met een weigering hetzij met de aanbieding van een
                                concept-overeenkomst,binnen zes maanden na de dag waarop het verzoek
                                is ontvangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Aanhouding aanvraag</titel></kop><al>De reactie op een aanvraag kan worden aangehouden:</al><al>a. ingeval de procedure tot goedkeuring van een van toepassing zijnd
                            bestemmingsplan of een herziening daarvan nog niet isafgerond,
                            tot vier weken na het onherroepelijk worden van (het betreffende deel
                            van) het bestemmingsplan of de herziening daarvan;</al><al>b. ingeval voorzienbaar isdat de in artikel 9 genoemde
                            belemmeringen binnen afzienbare tijd zullen kunnen worden weggenomen,
                            tot vierweken nadat deze belemmeringen zijn weggenomen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9 Weigeringsgronden voor een exploitatie-overeenkomst</nr></kop><al>De medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden behoeft niet
                            te worden verleend indien:</al><al>a. de in exploitatie te brengen grond niet is gelegen in een gebied
                            waarvoor een bestemmingsplan geldt;</al><al>b. de door de exploitant aangegeven (bouw)werkzaamheden of de daartoe
                            benodigde voorzieningen van openbaar nut zouden leiden tot strijd met
                            het bestemmingsplan of de Woningwet;</al><al>c. het treffen van de voorzieningen, hoewel overeenkomstig een
                            bestemmingsplan, anderszins zou leiden tot strijd met belangen van een
                            doeltreffende uitbreiding van bebouwing of herinrichting;</al><al>d. het in exploitatie brengen van grond anderszins zou leiden tot ten
                            laste van de gemeente blijvende kosten van voorzieningen van openbaar
                            nut of tot bezwaren ten aanzien van het doeltreffend voorzien in
                            watervoorziening, openbare verlichting, riolering en andere
                            voorzieningen van openbaar nut;</al><al>e. exploitant geen afstand wil doen van gronden ten behoeve van aanleg
                            van voorzieningen van openbaar nut;</al><al>f. exploitant de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut niet wil
                            onderzoeken op de aanwezigheid van bodemverontreiniging dan wel de bodem
                            niet wil saneren wanneer dat noodzakelijk is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Relatie baatbelasting</titel></kop><al>In een gebied waarvoor een (aangevuld) bekostigingsbesluit is genomen
                            zal, indien de exploitant een exploitatie-overeenkomst aangaat, in de
                            overeenkomst worden bepaald dat met betrekking tot de uitvoering van de
                            in deze overeenkomst genoemde voorzieningen van openbaar nut geen
                            aanvullend kostenverhaal op basis van baatbelasting ten laste van de
                            desbetreffende onroerende zaak zal plaatsvinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Uitzonderingsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De artikelen 2, eerste lid, 3, 5 en 6, eerste en tweede lid, van
                                deze verordening zijn niet van toepassing voor voorzieningen van
                                openbaar nut van ondergeschikt belang, zoals een uitweg op de
                                openbare weg of een aansluiting op het openbare riool. In dergelijke
                                gevallen besluiten burgemeester en wethouders onder welke
                                voorwaarden deze voorzieningen van openbaar nut door of met
                                medewerking van de gemeente zullen worden aangelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 2, eerste lid en artikel 5, eerste en tweede
                                lid van deze verordening kan buiten toepassing blijven ten aanzien
                                van:</al><al>a. een exploitatiegebied dat in de naaste toekomst niet of
                                nietgeheel voor bebouwing in aanmerking komt;</al><al>b. de in het exploitatiegebied gelegen gronden die inde
                                naaste toekomst niet voor bebouwing inaanmerking
                                komen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>Ten aanzien van exploitatiegebieden waarvoor geldt dat voor het moment
                            van inwerkingtreding van deze verordening een bekostigingsbesluit is
                            genomen, of de voorzieningen van openbaar nut reeds in uitvoering zijn,
                            vinden de bepalingen van deze verordening voor dat exploitatiegebied,
                            voorzover nodig, op een aan die situatie aangepaste wijze toepassing. In
                            ieder geval stelt de gemeenteraad een begroting van kosten en
                            opbrengsten als bedoeld in artikel 3, tweede lid onder f vast, en wordt
                            deze begroting bekendgemaakt op de wij ze als bedoeld in artikel 139 van
                            de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van bekendmaking op de wijze als bedoeld in artikel 139 van de
                                Gemeentewet. Deverordening wordt bekend gemaakt nadat Gedeputeerde
                                Staten de verordeninghebben goedgekeurd</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op hetzelfde tijdstip vervalt de Grondexploitatie-verordening 1971.
                                zoals vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van Eindhoven d.d.
                                30 maart 1971.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al/><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Exploitatie-verordening
                            gemeente Eindhoven 1996”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Deze verordening is goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van
                        Noord-Brabantbijbesluit van 17 oktober 1996, nr.
                        166.451.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Eindhoven, 14 november 1996.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Burgemeester en wethouders van Eindhoven,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>R. Welschen, burgemeester.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>C. Tetteroo, secretaris.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Uitgegeven, 14 november 1996.</ondertekening><ondertekening>Mij bekend,</ondertekening><ondertekening>de gemeentesecretaris van Eindhoven,</ondertekening><ondertekening>C. Tetteroo.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>1515G</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>