<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR34049_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Ligplaatsenverordening woonschepen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zwolle</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-03-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zwolle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">de Peperbus, 5 oktober 2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Ligplaatsenverordening woonschepen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-09-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-02-14</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>gb 1-2005.142</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>volkshuisvesting</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Waar moet je aan voldoen als je in een woonboot wil wonen?</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-11750</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-11751</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      LIGPLAATSENVERORDENING WOONSCHEPEN
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 1 Begripsbepalingen</label>
          </kop>
          <al>In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder:</al>
          <lijst>
            <li nr="1"><al>woonschip: elk vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt
                                    gebezigd als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting
                                    uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is tot, dag- of
                                    nachtverblijf van een of meer personen;</al></li>
            <li nr="2"><al>ligplaats: een gedeelte van openbaar water in de gemeente
                                    Zwolle, bestemd of geschikt om door een woonschip met
                                    bijbehorende voorzieningen te worden ingenomen;</al></li>
            <li nr="3"><al>bijbehorende voorzieningen: zaken zonder welke het gebruik van
                                    het schip als woning niet goed mogelijk is, zoals een bijboot,
                                    steiger en een loopplank;</al></li>
            <li nr="4"><al>ligplaatsenkaart: kaart, waarop de plaatsen zijn aangegeven waar
                                    woonschepen ligplaats mogen hebben. Bij de ligplaatsenkaart
                                    horen voorschriften met de eisen waaraan een woonschip bij het
                                    innemen van een ligplaats moet voldoen. Bij het vastleggen van
                                    ligplaatsen in een bestemmingsplan is het bestemmingsplan
                                    leidend voor de plaats waar woonschepen mogen liggen maar
                                    blijven overigens de voorschriften van de ligplaatsenkaart
                                    bindend.</al></li>
            <li nr="5"><al>gebruiksoppervlakte: de gebruiksoppervlakte als bedoeld in het
                                    Bouwbesluit.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 2 Verboden ligplaatsen</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Het is verboden met een woonschip een ligplaats in te nemen of
                                    te hebben dan wel een ligplaats voor een woonschip beschikbaar
                                    te stellen buiten de op grond van artikel 3, lid 1, aangewezen
                                    plaatsen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 3 Aangewezen ligplaatsen</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De gemeenteraad wijst plaatsen aan, waar woonschepen een
                                    ligplaats mogen hebben.</al></li>
            <li nr="2."><al>Deze plaatsen zijn aangegeven op de ligplaatsenkaart, die als
                                    bijlage bij deze verordening is opgenomen.</al></li>
            <li nr="3."><al>De gemeenteraad stelt voorschriften vast met de eisen waaraan
                                    woonschepen bij het innemen van een ligplaats moeten
                                    voldoen.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="4."><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het
                                    wijzigen van de ligplaatsenkaart om deze in overeenstemming te
                                    brengen met een nieuw, onherroepelijk geworden,
                                    bestemmingsplan.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 4 Ligplaatsvergunning</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Op de op grond van artikel 3, lid 1, aangewezen plaatsen mag een
                                    woonschip een ligplaats innemen en hebben, mits de eigenaar van
                                    het woonschip beschikt over een voor het betreffende woonschip
                                    afgegeven vergunning van het college van burgemeester en
                                    wethouders.</al></li>
            <li nr="2."><al>Het college van burgemeester en wethouders beslist over een
                                    aanvraag van een ligplaatsvergunning binnen acht weken na de
                                    dag, waarop de aanvraag in behandeling is genomen.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="3."><al>Een ligplaatsvergunning op grond van lid 1 wordt afgewezen
                                    als:</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr=""><lijst>
                <li nr="a."><al>voor de ligplaats al een vergunning is verleend;</al></li>
                <li nr="b."><al>de aanvrager niet een natuurlijk persoon is;</al></li>
                <li nr="c."><al>de aanvrager reeds een vergunning voor een andere
                                            ligplaats binnen de gemeente heeft;</al></li>
                <li nr="d."><al>het woonschip niet voldoet aan de eisen die op grond van
                                            de ligplaatsenkaart, de voorschriften als bedoeld in
                                            artikel 3, lid 3, of het bestemmingsplan aan het
                                            woonschip worden gesteld;</al></li>
                <li nr="e."><al>het woonschip door de slechte staat van onderhoud
                                            afbreuk doet aan het aanzien van de gemeente;</al></li>
                <li nr="f."><al>het woonschip belemmeringen kan veroorzaken aan het
                                            verkeer te water;</al></li>
                <li nr="g."><al>het woonschip niet voldoet aan eisen van veiligheid,
                                            milieuhygiëne en gezondheid waaronder de aanwezigheid
                                            van voorzieningen die aansluiting op het
                                            rioleringstelsel mogelijk maken;</al></li>
                <li nr="h."><al>het niet aannemelijk is dat de aanvrager binnen 12 weken
                                            na het indienen van de aanvraag met het in de aanvraag
                                            genoemde woonschip de plaats, waarvoor de
                                            ligplaatsvergunning is aangevraagd, kan innemen;</al></li>
                <li nr="i."><al>het woonschip door een dusdanig aantal personen bewoond
                                            wordt of zal worden, dat per persoon een
                                            gebruiksoppervlakte van minder dan 12 m2 resteert;</al></li>
                <li nr="j."><al>de aanvraag niet in overeenstemming is met de door
                                            burgemeester en wethouders vastgestelde regels op het
                                            gebied van bijbehorende voorzieningen.</al></li>
              </lijst></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="4."><al>Het college van burgemeester en wethouders kan afwijken van het
                                    in lid 3 onder b, c, h, j en, indien het de maatvoering van een
                                    reeds eerder bewoond woonschip betreft, van het in lid 3 onder d
                                    bepaalde indien:</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr=""><lijst>
                <li nr="a."><al>dat in het belang van de volkshuisvesting is, of</al></li>
                <li nr="b."><al>strikte toepassing van het bepaalde leidt tot
                                            onbillijkheid van overwegende aard.</al></li>
              </lijst></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="5."><al>De ligplaatsvergunning wordt gesteld op naam van de eigenaar van
                                    het woonschip en vermeldt de plaatsaanduiding van de
                                    desbetreffende ligplaats, de bijbehorende voorzieningen en de
                                    kenmerken van het woonschip, waaronder de naam en de maten.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="6."><al>Burgemeester en wethouders kunnen een ligplaatsvergunning voor
                                    bepaalde termijn verlenen.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="7."><al>Aan een ligplaatsvergunning kunnen uitsluitend voorschriften
                                    worden verbonden die betrekking hebben op: </al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr=""><lijst>
                <li nr="a."><al>veiligheid, milieuhygiëne en volksgezondheid;</al></li>
                <li nr="b."><al>het aanzien van de gemeente;</al></li>
                <li nr="c."><al>het gebruik van de walkant;</al></li>
                <li nr="d."><al>de maximale diepgang van het schip;</al></li>
                <li nr="e."><al>de bij het woonschip toegestane voorzieningen.</al></li>
              </lijst></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="8."><al>Bij verkoop van een woonschip ontvangt de nieuwe eigenaar op
                                    aanvraag een ligplaatsvergunning, mits wordt voldaan aan de
                                    bepalingen in deze verordening.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 5 Wijziging ligplaatsvergunning</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Als wijziging van de ligplaatsvergunning noodzakelijk is, dient
                                    de vergunninghouder vooraf bij het college van burgemeester en
                                    wethouders een aanvraag tot wijziging van de ligplaatsvergunning
                                    in.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="2."><al>Op een aanvraag voor wijziging van een ligplaatsvergunning zijn
                                    de bepalingen in artikel 4, de leden 2 tot en met 7 met
                                    uitzondering van lid 3, sub a, van toepassing.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 6 Intrekken ligplaatsvergunning</label>
          </kop>
          <al/>
          <al>Burgemeester en wethouders kunnen een ligplaatsvergunning intrekken
                            als:</al>
          <lijst>
            <li nr="1"><al>de ligplaatsvergunning ten gevolge van een onjuiste opgave of
                                    informatie is verleend;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="2."><al>de werkelijke situatie niet meer overeenstemt met de gegevens in
                                    de ligplaatsvergunning;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="3."><al>niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze verordening
                                    gegeven voorschriften;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="4."><al>het woonschip na een verbouwing niet voldoet aan de
                                    maatvoeringseisen, die onderdeel uitmaken van de voorschriften
                                    als bedoeld in art. 3, lid3;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="5."><al>het woonschip door een dusdanig aantal personen bewoond wordt,
                                    dat per persoon een gebruiksoppervlakte van minder dan 12 m2
                                    resteert;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="6."><al>het woonschip gedurende een periode van minimaal 1 jaar niet
                                    bewoond is;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="7."><al>het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft afbreuk doet
                                    aan het aanzien van de gemeente;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="8."><al>het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft niet voldoet
                                    aan eisen van veiligheid, milieuhygiëne of gezondheid;</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="9."><al>het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft zonder
                                    melding aan het college van burgemeester en wethouders gedurende
                                    een periode langer dan 12 aaneengesloten weken buiten de
                                    gemeente verblijft, of</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="10."><al>de in de vergunning opgenomen voorschriften niet zijn
                                    nagekomen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 7 Nakomen aanwijzingen</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen de vergunninghouder
                                    aanwijzingen geven met betrekking tot het innemen, veranderen of
                                    gebruik van een ligplaats in het belang van de openbare orde,
                                    volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het aanzien van
                                    de gemeente.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="2."><al>De vergunninghouder is verplicht alle door of vanwege
                                    burgemeester en wethouders gegeven aanwijzingen met betrekking
                                    tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats op te
                                    volgen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 8 Toezicht op de naleving</label>
          </kop>
          <al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de bij besluit van het college van burgemeester
                            en wethouders aan te wijzen personen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 9 Strafbepaling</label>
          </kop>
          <al>Overtreding van artikel 2, artikel 4, lid 1, artikel 7, lid 2, en van de
                            voorschriften als bedoeld in artikel 3, lid 3, wordt gestraft met
                            hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede
                            categorie.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 10 Binnentreding</label>
          </kop>
          <al>Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving van het in deze
                            verordening bepaalde of met de opsporing van een overtreding van de bij
                            of krachtens deze verordening gegeven voorschriften die strekken tot
                            handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het
                            leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd om zonder toestemming
                            van de bewoner een woonschip binnen te treden.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 11 Overgangsbepaling</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De ligplaatsvergunningen, die zijn afgegeven op grond van de
                                    Algemene Plaatselijke Verordening zoals die luidde tot
                                    inwerkingtreding van deze verordening, worden geacht verstrekt
                                    te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.</al></li>
            <li nr="2."><al>Aanvragen om een vergunning op grond van artikel 4, lid 1, die
                                    zijn ingediend voor de inwerkingtreding van deze verordening,
                                    worden afgehandeld op grond van deze verordening.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel</label>
          </kop>
          <al>Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 2005 en kan worden
                            aangehaald als Ligplaatsenverordening woonschepen.</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <label>Toelichting ligplaatsverordening</label>
        </kop>
        <al>
          <vet>Doel van de verordening</vet>
        </al>
        <al>De gemeente Zwolle heeft veel, openbaar, water in eigendom en beheer.
                            Dit water heeft ook aantrekkingskracht als het gaat om het innemen van
                            een ligplaats. Om verschillende redenen is het niet gewenst dat overal
                            op openbaar water ligplaatsen worden ingenomen door woonschepen. Een
                            algeheel verbod is ook niet gewenst, en op grond van de Huisvestingswet
                            overigens ook niet toegestaan. Deze verordening heeft als eerste doel te
                            regelen waar en onder welke voorwaarden ligplaatsen kunnen worden
                            ingenomen.</al>
        <al>Voor gebouwen geldt een uitgebreid stelsel van regels die er op toezien
                            dat gebouwen voldoen aan minimale eisen op het gebied van veiligheid,
                            milieuhygiëne en volksgezondheid. Daarnaast geldt voor bouw en verbouw
                            van gebouwen ter bewaking van het aanzien van de gemeente een
                            welstandstoets. Voor bouw en verbouw van woonschepen geldt de
                            bouwregelgeving niet. Het tweede doel van deze verordening is regels te
                            stellen in het belang van veiligheid, milieuhygiëne, volksgezondheid en
                            het aanzien van de gemeente.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Werkingssfeer</vet>
        </al>
        <al>Deze verordening geldt voor woonschepen. De verordening beperkt dit
                            begrip niet tot woonschepen waarop uitsluitend dag- en/of nachtverblijf
                            wordt gehouden. Ook schepen die in hoofdzaak daartoe worden gebruikt
                            (derhalve ook voor andere doeleinden worden gebruikt) vallen onder de
                            definitie. </al>
        <al>De verordening strekt zich uit tot het openbaar water binnen de gemeente
                            Zwolle. Dat betekent echter niet dat de gemeente overal ligplaatsen kan
                            aanwijzen. Met name voor Zwarte Water en Vecht geldt, dat op grond van
                            Binnenvaartpolitiereglement en Wet beheer rijkswaterstaatswerken
                            Rijkswaterstaat respectievelijk Waterschap Groot Salland het bevoegd
                            gezag zijn. Een besluit om in deze wateren ligplaatsen te creëren kan
                            dan ook alleen genomen worden wanneer deze andere overheden daarvoor een
                            vergunning c.q. ontheffing hebben verleend. Omgekeerd kan het niet zo
                            zijn, dat een woonschip alleen met toestemming van Rijkswaterstaat of
                            waterschap een ligplaats kan innemen in deze wateren. Aanvullend op deze
                            toestemming moet de gemeente de betreffende plaats ook acceptabel achten
                            als ligplaats en opgenomen hebben op de ligplaatsenkaart. </al>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 1</label>
          </kop>
          <al>Onder artikel 1, lid 3 is de in lid 2 gebruikte term 'bijbehorende
                            voorzieningen' gedefinieerd.</al>
          <al>Bij het wonen op het water horen ook voorzieningen, zonder welke het
                            wonen daar niet goed mogelijk zou zijn (zoals een loopplank of een
                            bijboot). Een bijboot is een klein vaartuig dat behoort bij het
                            woonschip en bestemd en geschikt is voor het onderhoud, de voortstuwing
                            of het kunnen bereiken van het woonschip. Zo' n bijboot is voor veel
                            bewoners noodzakelijk. De gewenste voorzieningen kunnen bij het
                            aanvragen van een ligplaatsvergunning op het aanvraagformulier worden
                            vermeld. Die gewenste voorzieningen worden getoetst aan de door
                            burgemeester en wethouders gestelde regels (zie artikel 4, lid 3, onder
                            j) en aan de door de raad op grond van artikel 3, lid 3, vastgestelde
                            voorschriften. De toegestane voorzieningen worden opgenomen in de
                            ligplaatsvergunning. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 2</label>
          </kop>
          <al>Uitgangspunt is dat het slechts is toegestaan om binnen de gemeente met
                            een woonschip een ligplaats in te nemen, te hebben of beschikbaar te
                            stellen op de daartoe aangewezen plaatsen. Bij het aanwijzen als
                            ligplaatsen gaat het om een afweging van diverse belangen (zoals
                            planologische en nautische). Daarnaast is andere wetgeving (zoals de Wet
                            milieubeheer, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of het
                            Binnenvaartpolitiereglement) relevant bij het al dan niet aanwijzen van
                            ligplaatsen. In sommige gevallen (Zwarte Water en Vecht) zal dus eerst
                            toestemming van Rijkswaterstaat of Waterschap Groot Salland verkregen
                            moeten worden, voordat een ligplaats kan worden aangewezen.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 3</label>
          </kop>
          <al>De acceptabele ligplaatsen worden aangewezen door de gemeenteraad en
                            aangegeven op een kaart die onderdeel vormt van de verordening (de
                            ligplaatsenkaart). Bij de ligplaatsenkaart hoort een stelsel van
                            voorschriften zoals dat ook bij een bestemmingsplan het geval is. Deze
                            voorschriften worden door de gemeenteraad vastgesteld (lid 3).</al>
          <al>Zodra de verordening met ligplaatsenkaart is vastgesteld, is het
                            vervolgens noodzakelijk om de kaart bij wijziging van bestemmingsplannen
                            actueel te houden. De situatie dat een aanvraag om ligplaatsvergunning
                            past in het nieuwe bestemmingsplan, terwijl die aanvraag op grond van de
                            (inmiddels verouderde) ligplaatsenkaart moet worden geweigerd (of
                            omgekeerd), moet immers worden voorkomen. In lid 4 is daarom aan
                            burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om de ligplaatsenkaart
                            te actualiseren ingeval er een nieuw bestemmingsplan is opgesteld of een
                            bestemmingsplan is herzien. Deze delegatie is logisch omdat dit
                            actualiseren van de ligplaatsenkaart als een uitvoeringshandeling kan
                            worden beschouwd. De kaart wordt immers in overeenstemming gebracht met
                            een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan. </al>
          <al>Zodra ligplaatsen zijn opgenomen in een bestemmingsplan is het
                            bestemmingsplan leidend voor de plek waar woonschepen mogen liggen, maar
                            blijven de voorschriften als bedoeld in het derde lid van toepassing.
                        </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 4</label>
          </kop>
          <al>De eigenaar van het woonschip moet beschikken over een
                            ligplaatsvergunning. Lid 2 maakt het mogelijk dat het besluit goed wordt
                            voorbereid. Deze termijn vangt aan op het moment waarop de aanvraag
                            compleet is. Dit is het geval als bij de aanvraag voldoende gegevens
                            zijn gevoegd voor een goede beoordeling van de aanvraag (zie artikel 4:5
                            Awb). Dit artikellid kan worden beschouwd als een invulling van artikel
                            4:13, lid 1, van de Awb.</al>
          <al>Lid 3 omvat de weigeringsgronden voor de ligplaatsvergunning. </al>
          <al>Op grond van lid 3, onder e, is het mogelijk om een vergunningaanvraag
                            af te wijzen indien het uiterlijk van een woonschip door achterstallig
                            onderhoud afbreuk doet aan het aanzien van de gemeente. Daarmee wordt
                            voorkomen dat een slecht onderhouden woonschip jarenlang het aanzien van
                            de omgeving negatief kan beïnvloeden. Door het versneld (vóórdat een
                            vergunningaanvraag wordt gedaan) uitvoeren van het benodigde onderhoud
                            kan de eigenaar een vergunningweigering natuurlijk voorkomen. </al>
          <al>Het bepaalde in het derde lid, onder i, sluit aan bij de bepaling over
                            overbevolking in de Bouwverordening 2004 (paragraaf 7.1).</al>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan afwijken van het bepaalde
                            in artikel 4, lid 3 onder b, c, h, j en, indien het de maatvoering van
                            een reeds eerder bewoond woonschip betreft, d. Het college kan afwijken
                            in het belang van de volkshuisvesting, maar ook wanneer strikte
                            toepassing van deze bepalingen leidt tot onbillijkheid van overwegende
                            aard. Daarvan kan bijvoorbeeld sprake zijn indien een aanvrager van een
                            ligplaatsvergunning ná verhuizing naar een nieuw woonschip elders in de
                            gemeente een tweede woonschip heeft, dat nog verkocht moet worden. Ook
                            de omstandigheid dat een vergunning wordt verstrekt voor een woonschip,
                            dat nog gebouwd moet worden maar niet binnen 12 weken afgebouwd is, kan
                            zo’n omstandigheid zijn. Bij aankoop van een woonschip, dat reeds
                            bewoond is geweest (een tweedehands woonschip), kan sprake zijn van
                            overschrijding van de maximale maten. Indien die overschrijding van
                            beperkte (orde van grootte van 5 tot 10 cm) aard is kan het college bij
                            de verlening van de ligplaatsvergunning afwijken van de maximale
                            maatvoering, mits de omgeving dat toelaat. Overigens moet dan wel zijn
                            voldaan aan de overige voorschriften.</al>
          <al>Een vergunning wordt in de regel voor onbepaalde termijn verstrekt. Er
                            kunnen zich echter omstandigheden voordoen dat dit niet mogelijk of
                            gewenst is. In die gevallen heeft het college de mogelijkheid aan de
                            vergunning een termijn te koppelen. Die mogelijkheid is opgenomen in het
                            6e lid.</al>
          <al>In het 7e lid is opgenomen dat in de vergunning voorwaarden kunnen
                            worden opgenomen. Bij voorwaarden op het gebied van veiligheid,
                            gezondheid en milieuhygiëne kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de
                            verplichting tot het hebben van deugdelijke elektriciteitsinrichting, de
                            drinkwaterinstallatie en de vuilwaterafvoer (voorzieningen voor
                            aansluiting op de riolering). Bij nieuw af te geven vergunningen zal de
                            aanvraag in ieder geval worden getoetst op de aanwezigheid van zodanige
                            voorzieningen op het woonschip, dat aansluiting op het rioleringsnet
                            mogelijk is (3e lid, onder g).</al>
          <al>Bij verkoop van het woonschip ontvangt de nieuwe eigenaar in principe
                            een ligplaatsvergunning voor het betreffende woonschip. Wel moet voldaan
                            zijn aan de voorschriften in de verordening. De afwijzingsgronden zoals
                            die in lid 3 zijn genoemd, gelden hier in principe ook. Het kan echter
                            zijn dat een woonschip bij invoering van deze verordening niet voldeed
                            aan de maatvoeringeisen van de ligplaatsenkaart. De oude eigenaar van
                            het woonschip had een geldige ligplaatsvergunning voor dit schip, omdat
                            op grond van artikel 11, lid 1 (overgangsbepalingen) een reeds afgegeven
                            vergunning geacht wordt verstrekt te zijn overeenkomstig de bepalingen
                            uit deze verordening. Het is dan bij verkoop van dit schip niet billijk
                            om te eisen dat het woonschip alsnog gaat voldoen aan eisen van deze
                            verordening waar het bij invoering van deze verordening al niet aan
                            voldeed. Mits de afwijking van de eisen na invoering van de verordening
                            niet groter is geworden, kan aan de nieuwe eigenaar in zo’n geval toch
                            een vergunning worden verleend. Dit ‘overgangsrecht’ geldt overigens
                            alleen voor zover het de maatvoering van het schip betreft. Aan de
                            overige voorwaarden van de verordening moet wel voldaan zijn.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 5</label>
          </kop>
          <al>Als een wijziging van de ligplaatsvergunning nodig is (bijvoorbeeld
                            omdat aan het schip veranderingen zullen worden aangebracht), moet de
                            vergunninghouder een nieuwe ligplaatsvergunning aanvragen (lid 1). Een
                            dergelijke wijziging kan worden beschouwd als een nieuwe aanvraag.
                            Vandaar dat dezelfde procedureregels gelden, met uitzondering van de
                            bepaling dat de vergunning wordt geweigerd als voor die ligplaats al
                            vergunning is verleend. De bestaande vergunning geldt immers nog.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 6</label>
          </kop>
          <al>Het sluitstuk van handhaving van de bepalingen uit de verordening is
                            intrekking van de verstrekte ligplaatsvergunning. Voordat het zover is,
                            is al een weg afgelegd. Deze weg is afhankelijk van de geconstateerde
                            overtreding. </al>
          <al>De termijn van 1 jaar, zoals genoemd in het zesde lid, sluit aan bij
                            hetgeen bij woningen als maximaal redelijk termijn van leegstand wordt
                            gezien.</al>
          <al>De in het zevende lid opgenomen bepaling is bedoeld om te kunnen
                            optreden tegen excessen. Gedacht wordt bijvoorbeeld aan een ernstig
                            verwaarloosd woonschip. </al>
          <al>Bij de in het achtste lid genoemde omstandigheden kan, zonder volledig
                            te zijn, gedacht worden aan een ondeugdelijke gas- en
                            elektriciteitsinstallatie, de wijze waarop houtkachels zijn geplaatst
                            (inclusief ventilatie). Maar ook als het schip zodanig slecht is
                            onderhouden of schade heeft opgelopen, dat het risico van zinken
                            aanwezig is, kan worden ingegrepen.</al>
          <al>Een besluit tot intrekking van een ligplaatsvergunning wordt genomen met
                            inachtneming van de eisen die de Algemene Wet Bestuursrecht daaraan
                            stelt (het uiten van het voornemen om de vergunning in te trekken, het
                            bieden van de mogelijkheid aan de vergunninghouder om een zienswijze in
                            te dienen, het afwegen van de belangen, het al dan niet intrekken van de
                            vergunning).</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 9</label>
          </kop>
          <al>Het innemen van een ligplaats buiten de aangewezen ligplaatsen, het
                            innemen en hebben van een ligplaats zonder ligplaatsvergunning, het niet
                            nakomen van aanwijzingen en het niet voldoen aan de voorschriften als
                            bedoeld in artikel 3, lid 3, is een overtreding. Artikel 154, lid 1, van
                            de Gemeentewet laat aan de gemeentelijke wetgever de keuzemogelijkheid
                            om op overtreding van verordeningen een geldboete te stellen van de
                            tweede of de eerste categorie. In artikel 23 van het Wetboek van
                            Strafrecht zijn de geldboetecategorieën opgenomen. De op te leggen boete
                            voor strafbare feiten in de eerste categorie is maximaal € 225,00; voor
                            de tweede categorie maximaal € 2.250,00. Het is de gemeente niet
                            toegestaan om een hogere geldboete op te nemen dan in genoemde
                            categorieën. Gelet op de wens om enige preventieve werking te bereiken,
                            is de keuze voor de geldboete van de tweede categorie voor de hand
                            liggend.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 10</label>
          </kop>
          <al>Onder omstandigheden kan het noodzakelijk zijn om zonder toestemming van
                            de bewoner een woonschip binnen te treden. Artikel 149a gemeentewet
                            bepaalt dat dit alleen toegestaan is indien het gaat om handhaving van
                            de openbare orde of veiligheid, of bescherming van leven en gezondheid
                            van personen. De in deze verordening opgenomen bevoegdheid tot
                            binnentreden laat onverlet dat een machtiging op grond van de ‘Algemene
                            wet op het binnentreden’ vereist is om van deze bevoegdheid gebruik te
                            kunnen maken. Die machtiging wordt in beginsel door de burgemeester
                            afgegeven.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel 11</label>
          </kop>
          <al>Deze verordening is niet alleen op toekomstige situaties van toepassing,
                            maar ook op reeds bestaande rechtsverhoudingen. Daarom zijn
                            overgangsbepalingen opgenomen.</al>
          <al>Ligplaatsvergunningen die zijn afgegeven op grond van de oude
                            verordening, worden geacht vergunningen op grond van deze nieuwe</al>
          <al> verordening te zijn (lid 1). Lopende aanvragen worden afgehandeld op
                            grond van de nieuwe verordening (lid 2).</al>
          <al/>
        </divisie>
      </nota-toelichting>
      <bijlage>
        <kop>
          <label>Artikel</label>
          <nr/>
          <titel/>
        </kop>
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Zwolle/i131079.pdf">Bijlage 1: Voorschriften ligplaatsenkaart</extref>
        </al>
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Zwolle/i131080.pdf">Bijlage 2: Ligplaatsenkaart</extref>
        </al>
      </bijlage>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>