<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR339276_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Delegatieverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2014-44 (17-10-2014)</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Delegatieverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 156 Gemeentewet, afd. 10.1.2 Awb</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-10-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-10-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-12-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging van artikel(s): art. 1b3-7 nieuw</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>10878/Raad 9-10-14</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>N.v.t.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Versie incl. 5e wijziging bevestigd; art. 1b4 in werking gelijk met wet over nadeelcompensatie</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Delegatieverordening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Inclusief 5<sup>e</sup> wijziging</al><al>De Raad van de gemeente Uden;</al><al>overwegende dat door een reeks van wetswijzigingen, de verhoudingen tussen
                        de Raad en het College van burgemeester en wethouders zijn
                        gedualiseerd;</al><al>dat daardoor het raadsbesluit inzake de bevoegdheidsverdeling tussen de Raad
                        en het College van burgemeester en wethouders actualisatie behoeft;</al><al>gelet op artikel 156 Gemeentewet en afdeling 10.1.2 van de Algemene wet
                        bestuursrecht;</al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de </al><al><vet>Delegatieverordening (incl. 5e
                        wijziging)</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Delegatie</titel></kop><al>De Raad draagt de volgende bevoegdheden aan het College van burgemeester en
                        wethouders over:</al><lijst><li nr="a."><al>het beslissen op aan de Raad gerichte verzoeken om informatie op
                                grond van de Wet openbaarheid van bestuur;</al></li><li nr="b."><lijst><li nr="1."><al>het nemen van beslissingen zoals genoemd in paragraaf 4.1.3, met
                                het opschrift Beslistermijn en dwangsom bij niet tijdig beslissen,
                                van de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="2."><al>het besluiten tot toepassing van afdeling 3.4 (uniforme
                                        openbare voorbereidingsprocedure) van de Algemene wet
                                        bestuursrecht, met dien verstande dat de bevoegdheid niet
                                        geldt in de gevallen waarin de Raad zich zijn beslissing
                                        dienaangaande uitdrukkelijk voorbehoudt;</al></li><li nr="3."><al>het inregelen van de elektronische verzending van berichten
                                        overeenkomstig de afdeling 2.3 (Verkeer langs elektronische
                                        weg) van de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="4."><al>het nemen van beslissingen zoals genoemd in titel 4.5
                                        (Nadeelcompensatie) van de Algemene wet bestuursrecht [Deze
                                        bepaling treedt in werking op het tijdstip waarop genoemde
                                        titel 4.5 uit de Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding
                                        bij onrechtmatige besluiten, bekendgemaakt in het Staatsblad
                                        2013, 50, in werking treedt];</al></li><li nr="5."><al>het reageren op een verzoek tot schadevergoeding
                                        overeenkomstig artikel 8:90 van de Algemene wet
                                        bestuursrecht;</al></li><li nr="6."><al>het nemen van beslissingen zoals bedoeld in de artikelen
                                        7:1a en 7:10 van de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="7."><al>het voeren van overleg zoals bedoeld in artikel 10:30 en
                                        10:41 van de Awb waarbij de raad als bestuursorgaan is
                                        betrokken.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>het in de gelegenheid stellen van de aanvrager van een beschikking
                                en van belanghebbenden die de beschikking niet hebben aangevraagd om
                                hun zienswijze naar voren te brengen in de gevallen bedoeld in
                                artikel 4:7 en 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="d."><al>het vaststellen van de grenzen van de bebouwde kom of kommen als
                                bedoeld in artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;</al></li><li nr="e."><al>het aanwijzen van locaties voor de voltrekking van een huwelijk of
                                de registratie van een partnerschap;</al></li><li nr="f."><al>het nemen van een besluit tot het al dan niet vaststellen van een
                                bij een omgevingsvergunning behorend exploitatieplan als bedoeld in
                                de artikelen 6.12 leden 1 en 2 van de Wet ruimtelijke ordening, voor
                                zover het geen gebiedsontwikkeling betreft, waarbij onder
                                gebiedsontwikkeling moet worden verstaan een nieuwe ruimtelijke
                                ontwikkeling inhoudende een meervoudige functiewijziging en/of een
                                uitleggebied en/of herstructurering van een bestaande wijk en/of een
                                enkelvoudige functiewijziging waarvoor de Raad geen actueel
                                beleidskader heeft vastgesteld en/of het toevoegen of verdwijnen van
                                een belangrijke openbare voorziening; </al></li><li nr="g."><al>het nemen van een besluit tot het al dan niet vaststellen van een
                                bij een omgevingsvergunning behorend exploitatieplan als bedoeld in
                                de artikelen 6.12 leden 1 en 2 van de Wet ruimtelijke ordening, voor
                                zover de Raad hiervoor in een eerder stadium een (nog voldoende
                                actueel) ruimtelijk kader - in de vorm van een stedenbouwkundige
                                visie, masterplan, structuurvisie, gebiedsvisie, nota van
                                randvoorwaarden en uitgangspunten of soortgelijk document - heeft
                                vastgesteld waarmee het initiatief of project in overeenstemming
                                is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Intrekking</titel></kop><al>Het raadsbesluit inzake de bevoegdheidsverdeling tussen de Raad en het
                        College van burgemeester en wethouders, zoals vastgesteld op 16 maart 1995
                        en laatstelijk gewijzigd 13 december 2001, wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de vijfde dag na die van
                        bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Delegatieverordening.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van 21 december 2006.</ondertekening><ondertekening>De Raad voornoemd</ondertekening><ondertekening>de griffier de burgemeester</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>