<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR338577_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Boxmeer 2014 (inclusief 1e wijziging)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Boxmeer</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-04-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Boxmeer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.boxmeer.nl/gemeenteblad">Website gemeente Boxmeer, 19 april 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 16 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-04-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-04-27</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-03-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Reglement van orde inclusief 1e wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RIS 2016-152</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Dit betreft de 1e wijziging van het reglement. Vaststellingsbesluit nummer 10g.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-14172</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Boxmeer 2014 (inclusief 1e wijziging)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                            gemeenteraad van Boxmeer 2014</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    ontwerpverordening of ontwerpbeslissing;</al></li><li nr="-"><al>griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;</al></li><li nr="-"><al>initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een
                                    verordening of ander voorstel;</al></li><li nr="-"><al>motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt
                                    uitgesproken;</al></li><li nr="-"><al>subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    aanhangig amendement;</al></li><li nr="-"><al>voorzitter: voorzitter van de raad of diens
                                    plaatsvervanger;</al></li><li nr="-"><al>vergaderapp: de applicatie op een tablet die toegang geeft tot
                                    de agenda en vergaderstukken voor vergaderingen van de
                                    gemeenteraad en de raadscommissie.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Het Presidium</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter, de eerste
                                plaatsvervangend voorzitter van de raad en de fractievoorzitters. De
                                fractievoorzitter van een eenmansfractie die na 3 juli 2014 in de
                                gemeenteraad wordt gevormd kan eerst van het Presidium deel uitmaken
                                zodra de raad daartoe expliciet besluit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij
                                afwezigheid in het presidium vervangt. De tweede plaatsvervangend
                                voorzitter van de raad vervangt in voorkomende geval de eerste
                                plaatsvervangend voorzitter van de raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn
                                vergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het presidium fungeert als dagelijks bestuur van de raad en doet
                                aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren
                                van de raad en de raadscommissies voor zover het niet betreft de
                                taken van de agendacommissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>De Agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een Agendacommissie die bestaat uit drie leden van de raad.
                                Deze kiezen onderling hun voorzitter en worden bijgestaan door de
                                griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Agendacommissie heeft in ieder geval de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden en in overleg met de voorzitter vaststellen
                                        van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen;</al></li><li nr="b."><al>het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor
                                        commissie-vergaderingen;</al></li><li nr="c."><al>de korte en lange termijnplanning van de raad en de
                                        agendering van onderwerpen die beeldvormend of
                                        oordeelsvormend ter voorbereiding aan de raadscommissie
                                        worden voorgelegd;</al></li><li nr="d."><al>het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de
                                        raadscommissie;</al></li><li nr="e."><al>het in overleg met de voorzitter vaststellen van
                                        raadsvergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid,
                                        van de Gemeentewet en het volgende
                                        lid<cursief>.</cursief></al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In aanvulling op de commissievergaderingen als bedoeld in het tweede
                                lid, onder d, vergadert een raadscommissie voorts als haar
                                voorzitter het nodig acht of als ten minste twee fracties
                                schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>De griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen en vergaderingen van
                                het Presidium en kan aanwezig zijn in
                                raadscommissievergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een
                                door de raad aangewezen plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen
                                in raadsvergaderingen deelnemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad onderzoekt het
                                presidium, uitgezonderd de burgemeester, de geloofsbrieven, de
                                daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden
                                en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de
                                nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt
                                van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau
                                gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de
                                raadsverkiezingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden
                                op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld
                                in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of
                                verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter
                                in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor
                                de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de
                                voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Benoeming wethouders</titel></kop><al>Bij de benoeming van een wethouder onderzoekt het presidium,
                            uitgezonderd de burgemeester, of benoeming van de kandidaat voldoet aan
                            de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde
                            lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet en brengt vervolgens advies
                            uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Fracties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde
                                kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van
                                de zitting als één fractie beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de
                                fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen
                                aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste
                                raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de
                                raad zal voeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo
                                spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige
                                fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie
                                zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig
                                mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3
                                van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende
                                raadsvergadering na naamswijziging.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Raadsvergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1.</nr><titel>Voorbereiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Oproep en voorlopige agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt zo mogelijk ten minste zeven dagen voor een
                                    raadsvergadering de raadsleden een oproep en de voorlopige
                                    agenda met de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de
                                    in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde
                                    stukken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uitnodiging voor de vergadering geschiedt digitaal. De
                                    griffier draagt zorg voor de digitale toezending via mail en/of
                                    via de vergaderapp.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 9, eerste lid,
                                    wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken
                                    zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 24 uur voor aanvang van de
                                    raadsvergadering aan de leden gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Aanvullende agenda; vaststellen agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    een schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda
                                    opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar
                                    gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25,
                                    eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is
                                    opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid
                                    onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden
                                    op verzoek inzage. Deze kunnen ter beoordeling van de griffier
                                    ook op het voor raadsleden en burgerraadsleden besloten gedeelte
                                    van het raadsinformatiesysteem beschikbaar worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de
                                    raad definitief vastgesteld. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op
                                    een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                    verzenden van oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als
                                    na het verzenden van de oproep stukken ter inzage worden gelegd,
                                    wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo
                                    mogelijk door middel van openbare kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Stukken die digitaal beschikbaar zijn worden op de website
                                    (raadsinformatiesysteem) van de gemeente geplaatst en zo
                                    mogelijk ook via de vergaderapp beschikbaar gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste en tweede lid onder
                                    berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op
                                    verzoek inzage. Deze kunnen ter beoordeling van de griffier ook
                                    op het voor raadsleden en burgerraadsleden besloten gedeelte van
                                    het raadsinformatiesysteem beschikbaar worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al>Raadsvergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door
                                aankondiging op de gemeentelijke website en/of op de agenda in het
                                raadsinformatiesysteem en zo mogelijk ook door plaatsing in de
                                gemeenterubriek van een lokaal verschijnend weekblad. </al><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.</nr><titel>Ter vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten
                                    van raadsvergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de
                                    presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt
                                    die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                    vastgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming en algemene
                                    beschouwingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen
                                    deelt de voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de
                                    hoofdelijke stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting een
                                    volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het daar
                                    genoemde lid begint de hoofdelijke stemming.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de behandeling van de begroting wordt bij loting bepaald in
                                    welke volgorde de fracties het woord kunnen voeren bij hun
                                    algemene beschouwingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Spreekrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Na de opening van de vergadering kunnen derden bij het
                                    agendapunt “Spreekrecht” het woord voeren over op de agenda
                                    vermelde onderwerpen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan daarbij niet gevoerd worden:</al><lijst><li nr="a."><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                            bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                            opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                            van personen;</al></li><li nr="c."><al>indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                            bestuursrecht kan of kon worden ingediend;</al></li><li nr="d."><al>onderwerpen die deel uitmaken van de lijst van ingekomen
                                            stukken. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde personen die van het spreekrecht
                                    gebruik willen maken, melden dit tenminste 48 uur vóór aanvang
                                    van de vergadering bij de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn
                                    naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het
                                    woord wil voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt in welke volgorde insprekers het woord
                                    voeren. Het presidium kan voorstellen van deze volgorde af te
                                    wijken, indien dit in het belang is van de orde van de
                                    vergadering.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                    voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
                                    er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in
                                    bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de
                                    spreektijd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                    verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel
                                    voor de behandeling van de inbreng van de burger.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan éénmaal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een
                                    amendement, een subamendement, een motie of een
                                    initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de
                                    beraadslaging over het door dat raadslid ingediende.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde
                                    onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                    meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><al>Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig
                                moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de
                                beraadslaging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><al>Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een
                                voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist
                                hier terstond over.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.</nr><titel>Stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag
                                toelichten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een
                                    onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad
                                    anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                    plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te
                                    nemen beslissing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Stemming; procedure hoofdelijke stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is
                                    dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel
                                    zonder stemming is aangenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in
                                    de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het
                                    verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                    tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet
                                    niet aan de stemming te hebben deelgenomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt,
                                    doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij
                                    naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het
                                    daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de
                                    oproeping op alfabetische volgorde.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig
                                    raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de
                                    Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem
                                    uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige
                                    toevoeging.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                    kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid
                                    heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later,
                                    dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming
                                    bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit
                                    brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee.
                                    Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen
                                    besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Volgorde stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt
                                    eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het
                                    voorstel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt
                                    eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het
                                    voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het
                                    subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop
                                    dat betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig
                                    voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en
                                    tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of
                                    subamendement gestemd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij stemming over personen voor voordrachten of het opstellen
                                    van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter twee
                                    raadsleden tot stembureau. Deze worden bijgestaan door de
                                    griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau
                                    verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij overeenkomstig
                                    artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren
                                    te nemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                    benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                    voorstel van de voorzitter of het stembureau beslissen dat
                                    bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist
                                    de raad op voorstel van het stembureau.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4.</nr><titel>Verslaglegging; ingekomen stukken</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Verslag en besluitenlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van
                                    raadsvergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een verslag bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de raadsleden, de voorzitter, de griffier,
                                            de wethouders, allen voor zover aanwezig, alsmede van de
                                            overige personen die het woord gevoerd hebben;</al></li><li nr="b."><al>een aantekening van welke raadsleden afwezig waren;</al></li><li nr="c."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="d."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                            vermelding van de namen van de sprekers;</al></li><li nr="e."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                            vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                            raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening
                                            van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig
                                            de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij
                                            het uitbrengen van hun stem hebben vergist;</al></li><li nr="f."><al>een overzicht van de gemaakte afspraken en gedane
                                            toezeggingen;</al></li><li nr="g."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                            initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                            amendementen en subamendementen;</al></li><li nr="h."><al>bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de
                                            hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van
                                            het bepaalde in artikel 14 door de raad is toegestaan
                                            deel te nemen aan de beraadslagingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een conceptverslag wordt aan de raadsleden verzonden dan wel op
                                    het raadsinformatiesysteem beschikbaar gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en
                                    griffier.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich
                                    daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig
                                    mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de
                                    gemeente gebruikelijke wijze.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als verslagen en besluitenlijsten elektronisch beschikbaar zijn,
                                    worden ze op de website van de gemeente geplaatst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de raad ingekomen stukken worden op het
                                    raadsinformatiesysteem geplaatst en ter inzage gelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad stelt op voorstel van de agendacommissie de wijze van
                                    afdoening van de ingekomen stukken vast.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5.</nr><titel>Besloten raadsvergaderingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Toepassing reglement op besloten vergaderingen</titel></kop><al>Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige
                                toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter
                                van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Verslag besloten vergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten
                                    raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar voor de
                                    raadsleden ter inzage gelegd bij de griffier. Deze kunnen ter
                                    beoordeling van de griffier ook op het voor raadsleden en
                                    burgerraadsleden besloten gedeelte van het
                                    raadsinformatiesysteem beschikbaar worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk
                                    ter vaststelling aangeboden. Daarbij besluit de raad over het al
                                    dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag en de
                                    besluitenlijst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de
                                    voorzitter en de griffier ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55,
                                tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet
                                voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan
                                dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een
                                besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                                gevoerd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6.</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare
                                    raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde
                                    plaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het blijk geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op
                                    andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties, communicatiemiddelen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Van openbare vergaderingen wordt in principe een
                                    beeldregistratie gemaakt die rechtstreeks via de gemeentelijke
                                    website door het publiek kan worden gevolgd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of
                                    beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de
                                    voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan in de vergaderzaal, met inbegrip van de
                                    publieke tribune, tijdens de vergadering het gebruik van mobiele
                                    telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen
                                    maken op de orde van de vergadering verbieden of aan nadere
                                    voorwaarden onderwerpen. </al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Bevoegdheden, instrumenten raadsleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30.</nr><titel>Amendementen en subamendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten
                                van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben
                                in bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk, tenzij de voorzitter
                                oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er wordt alleen beraadslaagd over amendementen en subamendementen
                                die ingediend zijn door raadsleden die de presentielijst getekend
                                hebben.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is
                                mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is
                                afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31.</nr><titel>Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de
                                beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen
                                zijn behandeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de
                                besluitvorming daarover door de raad is afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32.</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de
                                voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze voorstellen worden op de agenda van de eerstvolgende
                                raadsvergadering geplaatst, tenzij de oproep hiervoor reeds
                                verzonden is. In dat geval wordt het voorstel op de agenda van de
                                daaropvolgende raadsvergadering geplaatst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33.</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de
                                voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden
                                ingetrokken zonder toestemming van de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden
                                gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34.</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie
                                schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval
                                de te stellen vragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als het verzoek ten minste 48 uur voor aanvang van een
                                raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de
                                voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de
                                eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens
                                de daaropvolgende raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige
                                raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal,
                                tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35.</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
                                vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. De vragen worden
                                schriftelijk beantwoord.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vragen worden via de griffier bij de voorzitter van de raad
                                ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig
                                mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en het college
                                worden gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, maar
                                in ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn
                                binnengekomen. Indien beantwoording niet binnen deze termijn kan
                                plaatsvinden, stelt het college de vragensteller hiervan gemotiveerd
                                in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen
                                beantwoording zal plaatsvinden. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De antwoorden van het college worden door de griffier aan de leden
                                van de raad toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De vragen en antwoorden worden door de agendacommissie op de lijst
                                van ingekomen stukken voor de volgende raadsvergadering
                                geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De vragensteller kan in die eerstvolgende raadsvergadering bij de
                                behandeling van het agendapunt ingekomen stukken nadere inlichtingen
                                vragen omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
                                antwoord, tenzij de raad anders beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36.</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de
                                artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet
                                schriftelijk in bij de griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter
                                kennis van de overige raadsleden en het college of de
                                burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad
                                verschaft, in ieder geval binnen tien dagen nadat het verzoek is
                                ingediend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37.</nr><titel>Vragenuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Na opening van de raadsvergadering is er om 19.30 uur een vragenuur,
                                tenzij er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In
                                bijzondere gevallen kan het presidium bepalen dat het vragenuur op
                                een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk
                                tijdstip het vragenuur eindigt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen,
                                meldt dit onder aanduiding van het onderwerp uiterlijk de dag
                                voorafgaand aan de vergadering om 12.00 uur bij de griffier. Deze
                                stelt de voorzitter en het college daarvan in kennis. De voorzitter
                                kan na overleg met het presidium weigeren een onderwerp tijdens het
                                vragenuur aan de orde te stellen, indien hij het onderwerp niet
                                voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de
                                raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de
                                vragensteller, voor het college, voor de burgemeester en voor de
                                overige leden van de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één
                                of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een
                                toelichting daarop te geven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de
                                vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te
                                stellen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het woord
                                verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of
                                de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Tijdens het vragenuur kunnen geen moties worden ingediend en worden
                                geen interrupties toegelaten.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de
                            toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39.</nr><titel>Intrekken oude reglement</titel></kop><al>Het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van
                            de raad, vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 29 april 2010 wordt
                            ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt, na publicatie, in werking op 25 september
                                    2014 en werkt terug tot 3 juli 2014. </al></li><li nr="2."><al>Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde
                                    2014.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Boxmeer/i271502.pdf">Raadsbesluit 1e wijziging Rvo en Verordening raadscommissie Boxmeer 2014.pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>