<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR337959_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Drank- en horecaverordening gemeente Ridderkerk 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-07-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-41595.html">Officielebekendmakingen.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Drank- en horecaverordening gemeente Ridderkerk 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Drank- en Horecawet, art. 4 en 25a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-07-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-07-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2026-06-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Gemeentestukken: 2014 - 34849</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>openbare orde en veiligheid</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De Drank- en Horecaverordening Ridderkerk 2003, vastgesteld bij raadsbesluit van 2 juni 2003 wordt ingetrokken met ingang van de in het eerste lid genoemde datum.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Drank- en horecaverordening gemeente Ridderkerk 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Ridderkerk;</al><al/><al>gelezen het voorstel van de burgemeester van 29 april 2014 nummer
                        34127;</al><al/><al>gelet op de artikelen 147 van de gemeentewet, artikel 4 en artikel 25a van
                        de Drank- en Horecawet;</al><al/><al><vet>b</vet><vet>e</vet><vet>s</vet><vet>l</vet><vet>u</vet><vet>i</vet><vet>t</vet><vet>:</vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening </al><al/><al><vet>Drank- en horecaverordening gemeente Ridderkerk 2014</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>De wet: Drank- en Horecawet;</al></li><li nr="b."><al>Paracommerciële inrichting: een inrichting waarin een
                                    paracommerciële rechtspersoon in eigen beheer het horecabedrijf
                                    exploiteert;</al></li><li nr="c."><al>Bijeenkomsten van persoonlijke aard: bijeenkomsten met een
                                    veelal feestelijk karakter, waarbij alcoholhoudende drank wordt
                                    genuttigd, die geen direct verband houden met de doelstelling
                                    van de paracommerciële rechtspersonen, zoals bruiloften,
                                    feesten, partijen, recepties, jubilea, bedrijfsfeesten,
                                    koffietafels, condoleancebijeenkomsten en dergelijke.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt onder de overige begrippen
                            in deze verordening verstaan hetgeen de wet daaronder verstaat.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Voorschriften aan vergunningen om het horecabedrijf uit te
                            oefenen</titel></kop><al>De burgemeester kan aan een vergunning voor een horecabedrijf voorschriften
                        verbinden. Deze voorschriften kunnen alleen worden gesteld:</al><lijst><li nr="a."><al>ter bescherming van de volksgezondheid, of</al></li><li nr="b."><al>in het belang van de openbare orde, of </al></li><li nr="c."><al>ter bevordering van de naleving van artikel 20 van de Wet. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Verbod verstrekken sterke drank</titel></kop><al>Het is verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke drank te
                        verstrekken in een inrichting: </al><lijst><li nr="1."><al>die deel uitmaakt van een gebouw dat of waarvan een onderdeel in
                                hoofdzaak in gebruik is bij één of meer sportorganisaties of
                                -instellingen;</al></li><li nr="2."><al>die deel uitmaakt van een gebouw dat uitsluitend of in hoofdzaak
                                wordt gebruikt voor het geven van onderwijs;</al></li><li nr="3."><al>die deel uitmaakt van een gebouw dat of waarvan een onderdeel
                                uitsluitend of in hoofdzaak gebruikt wordt door personen jonger dan
                                18 jaar;</al></li><li nr="4."><al> waarin uitsluitend of in hoofdzaak geringe eetwaren zoals belegde
                                broodjes, patates-frites en/of andere snacks en ijs worden
                                verkocht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Schenktijden voor paracommerciële inrichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een paracommercieel rechtspersoon kan alcoholhoudende drank uitsluitend
                            verstrekken dagelijks van 12:00 uur tot 1:00 uur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in lid 1 vermelde
                            tijdstip 1:00 uur tot uiterlijk 2:00 uur op de zaterdag- en de
                            zondagmorgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten van
                            derden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Paracommerciële rechtspersonen kunnen alcoholhoudende drank verstrekken
                            tijdens ten hoogste 6 bijeenkomsten van persoonlijke aard en/of
                            bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks
                            bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn,
                            per jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een paracommercieel rechtspersoon doet uiterlijk twee weken voor een
                            bijeenkomst als bedoeld in het eerste lid hiervan schriftelijke melding
                            aan de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het is verboden om de mogelijkheid tot het houden (waaronder inbegrepen
                            de verhuur van het pand en inventaris) van bijeenkomsten als bedoeld
                            onder het eerste lid, openlijk aan te prijzen of onder aandacht te
                            brengen met bijvoorbeeld posters, brochures, publicaties in kranten of
                            tijdschriften, internet of via social media kenbaar te maken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening vervallen voor
                            paracommerciële inrichtingen: </al><lijst><li nr="a)"><al>de voorschriften en beperkingen die tot dat tijdstip zijn
                                    gesteld; </al></li><li nr="b)"><al>de ontheffingen die tot dat tijdstip door het college van
                                    burgemeester en wethouders en de burgemeester zijn verleend;
                                </al></li><li nr="c)"><al>de tot dat tijdstip gehanteerde schenk- of taptijden. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na
                                bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>De Drank- en Horecaverordening Ridderkerk 2003, vastgesteld bij
                                raadsbesluit van 2 juni 2003 wordt ingetrokken met ingang van de in
                                het eerste lid genoemde datum.</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Drank- en Horecaverordening
                                Gemeente Ridderkerk 2014”.</al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 juli 2014. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter, </ondertekening><ondertekening>mr. J.G. van Straalen mw. A. Attema</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><divisie><kop><label>Artikelgewijze toelichting bij de verordening:</label></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1:</nr><titel>Begripsbepalingen:</titel></kop><al><cursief>Eerste lid</cursief></al><al>Door de begripsbepaling ‘de wet’ kan in deze verordening op eenvoudige wijze
                        verwezen worden naar de Drank- en Horecawet.</al><al>Het begrip ‘paracommerciële inrichting’ staat voor alle kantines e.d. die
                        door paracommerciële rechtspersonen in eigen beheer worden geëxploiteerd.
                        Paracommerciële rechtspersonen richten zich per definitie primair op
                        activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele,
                        levensbeschouwelijke of godsdienstige aard. De exploitatie in eigen beheer
                        van de kantine is een nevenactiviteit.</al><al>Het begrip ‘bijeenkomsten van persoonlijke aard’ is omschreven als een
                        bijeenkomst met een veelal feestelijk karakter waarbij alcoholhoudende drank
                        wordt genuttigd. De bijeenkomsten hebben geen direct verband met de
                        doelstellingen van de paracommerciële rechtspersoon. </al><al><cursief>Tweede lid</cursief></al><al>Voor de niet in het eerste lid genoemde begrippen die in deze verordening
                        worden gebruikt wordt verwezen naar de begripsbepalingen opgenomen in
                        artikel 1 van de Drank- en Horecawet.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2:</nr><titel>Voorschriften aan vergunningen om het horecabedrijf uit te
                            oefenen</titel></kop><al>De burgemeester is bevoegd voorschriften te verbinden aan vergunningen om
                        het horecabedrijf uit te oefenen. Bepaald wordt wel dat de voorschriften die
                        de burgemeester stelt zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>ter bescherming van de volksgezondheid, en/of</al></li><li nr="-"><al>in het belang van de openbare orde, en/of</al></li><li nr="-"><al>ter bevordering van de naleving van artikel 20 van de Drank- en
                                Horecawet (waarin onder meer leeftijdsgrenzen worden gesteld voor de
                                verstrekking van alcoholhoudende dranken).</al></li></lijst><al/><al><cursief>Achtergrond</cursief></al><al>Artikel 25a van de Drank- en Horecawet biedt de gemeente de mogelijkheid in
                        eenverordening op te nemen dat de burgemeester, volgens bij die verordening
                        te stellen regels,vooraf - dat wil zeggen bij de afgifte van de vergunning -
                        voorschriften aan een vergunningkan verbinden of de vergunning kan beperken
                        tot het verstrekken van zwakalcoholhoudende drank. Dit kan worden bepaald
                        voor horecavergunningen en voor slijterijvergunningen. Deze gemeentelijke
                        bevoegdheid was voorheen opgenomen in artikel 23 van de Drank- en Horecawet,
                        zij het dat toen aan het College van Burgemeester en Wethouders dat mandaat
                        gegeven kon worden.</al><al/><al>In deze verordening wordt de burgemeester voor wat betreft de
                        horecabedrijven uitsluitend de bevoegdheid gegeven de alcoholverstrekking
                        aan voorschriften te verbinden. De burgemeester krijgt niet de bevoegdheid
                        de verstrekking te beperken tot zwakalcoholhoudende drank. Dit omdat in deze
                        verordening de gemeenteraad al in artikel 3 inrichtingen aanwijst waar geen
                        sterke drank mag worden verstrekt. Zoals hiervoor al vermeld, beperkt de
                        gemeenteraad verder de bevoegdheid van de burgemeester door te bepalen dat
                        hij slechts voorschriften kan verbinden vanwege drie specifiek genoemde
                        redenen (bescherming volksgezondheid, openbare orde belang, naleving
                        leeftijdsbepalingen).</al><al>Voorbeelden van voorschriften die de burgemeester kan verbinden aan de
                        vergunning vooreen horecabedrijf zijn:</al><al/><al>-Ter bescherming van de volksgezondheid:</al><al>Een gevarieerde drankenkaart verplicht stellen. Dit houdt in dat er, naast
                        alcoholhoudende dranken, voldoende betaalbare niet-alcoholhoudende
                        alternatieven moeten worden aangeboden (fris, water, thee, koffie).</al><al/><al>-In het belang van de openbare orde:</al><al>Eisen stellen ten aanzien van het maximaal aantal bezoekers. Voor de
                        veiligheid kan het aantal bezoekers dat tegelijkertijd in de inrichting
                        aanwezig mag zijn, worden gemaximeerd. Het aantal bezoekers maximeren is
                        bovendien ter bescherming van de volksgezondheid. Uit onderzoek blijkt dat
                        hoe meer mensen er in een zaak zijn en hoe minder men even kan zitten, er
                        meer wordt gedronken.</al><al/><al>-Ter bevordering van de naleving van artikel 20 van de Drank- en
                        Horecawet:</al><al>Verlangen dat polsbandjes-systemen worden toegepast. Eisen stellen aan het
                        aantal entrees en het aantal portiers. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3:</nr><titel>Verbod verstrekken van sterke drank door inrichtingen</titel></kop><al>Dit artikel (op basis van artikel 25a van de wet) verbiedt het schenken van
                        sterke drank door bepaalde inrichtingen van bijzondere aard. Dit artikel
                        heeft niet als doel het tegengaan van oneerlijke mededinging, maar het
                        tegengaan van onverantwoorde verstrekking van alcohol, vooral aan jongeren.
                        Omdat het schenken van sterke drank zover afwijkt van de doelstellingen van
                        de in dit artikel genoemde inrichtingen, wordt een ontheffingsmogelijkheid
                        niet in de verordening opgenomen waarmee tevens het doel van alcoholmatiging
                        beter wordt bereikt. Het artikel heeft betrekking op de inrichtingen die in
                        het artikel worden genoemd. Dit zijn dus niet alleen paracommerciële
                        inrichtingen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4:</nr><titel>Schenktijden paracommerciële rechtspersonen:</titel></kop><al>Een paracommerciële rechtspersoon is een rechtspersoon - geen NV of BV
                        zijnde - die zich</al><al>naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele,
                        educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard, richt op de
                        exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf. Hieronder vallen onder
                        meer: sportkantines, dorps- en buurthuizen, kerkelijke centra, etc.</al><al>In de artikelen 4 en 5 uit de verordening wordt uitvoering gegeven aan
                        artikel 4 van de Drank- en Horecawet waarin aan de gemeente wordt opgelegd
                        in een verordening regels vast te stellen voor paracommerciële inrichtingen.
                        De regels hebben als doel het voorkomen van oneerlijke mededinging en gelden
                        bij het verstrekken van alcoholhoudende drank.</al><al>De volgende onderwerpen moeten volgens de wet in elk geval geregeld
                        worden:</al><lijst><li nr="a."><al>de schenktijden voor alcoholhoudende drank;</al></li><li nr="b."><al>het schenken van alcoholhoudende drank tijdens bijeenkomsten van
                                persoonlijke aard, zoals bruiloften en partijen;</al></li><li nr="c."><al>het schenken van alcoholhoudende dranken tijdens bijeenkomsten
                                gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de
                                activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn.</al></li></lijst><al/><al>Artikel 4 uit de verordening is gebaseerd op artikel 4 (derde lid onder a)
                        van de Drank- en Horecawet. Dit artikel regelt de toegestane schenktijden
                        voor alcoholhoudende drank in paracommerciële inrichtingen. In deze
                        verordening is ervoor gekozen om de schenktijden te koppelen aan vaste
                        tijden (van 12:00 uur tot 1:00 uur). Op deze wijze wordt voldaan aan de
                        verschillende gewenste schenktijden volgend uit de aard van diverse
                        paracommerciële inrichtingen. In de praktijk zal de alcoholverstrekking
                        voornamelijk plaatsvinden tijdens verenigingsgebonden activiteiten. Buiten
                        de tijden van de verenigingsgebonden activiteiten, zal de
                        alcoholverstrekking marginaal zijn. Hier ligt een bijzondere
                        verantwoordelijkheid voor de inrichtingen. Wanneer mocht blijken (o.a. door
                        toezicht en handhaving) dat er alcoholverstrekking plaatsvindt die niet
                        aansluit op wat gebruikelijk is voor paracommerciële inrichtingen, kan dat
                        leiden tot aanpassing van de toegestane schenktijden in de verordening. </al><al/><al>In artikel 4 lid 2 is de mogelijkheid voor de burgemeester opgenomen om
                        ontheffing te verlenen van de in artikel 4 lid 1 vermelde eindtijd van 1:00
                        uur. Dit kan op de zaterdag- en zondagmorgen tot uiterlijk 2:00 uur. Dit
                        sluit aan op de sluitingstijden zoals die voor alle horeca zijn opgenomen in
                        de Algemene Plaatselijke Verordening. Met het verlenen van ontheffingen
                        wordt terughoudend omgegaan. De ontheffing is bedoeld voor paracommerciële
                        instellingen van bijzondere aard die activiteiten organiseren die een
                        schenktijd tot 2:00 uur rechtvaardigen. Hierbij valt te denken aan
                        paracommerciële inrichtingen die zich (grotendeels) richten op het
                        organiseren van culturele evenementen en levende muziek (bv. poppodia).</al><al/><al>In artikel 4 lid 4 van de wet is opgenomen dat de burgemeester een verzoek
                        om ontheffing van de toegestane schenktijden en kan honoreren voor een
                        aaneengesloten periode van maximaal 12 dagen bij bijzondere gelegenheden van
                        zeer tijdelijke aard. Zie hiervoor de toelichting bij artikel 5. </al><al/><al><cursief>Achtergrond</cursief></al><al>De wijziging van de Drank- en Horecawet legt de gemeente de plicht op om in
                        een verordening de schenktijden van de paracommerciële inrichtingen te
                        reguleren. Door invoering van deze maatregel vervalt de in november 2000 in
                        de Drank- en Horecawet opgenomen eis dat paracommerciële rechtspersonen in
                        een bestuursreglement (huisreglement) schenktijden opnemen.</al><al>Met het reguleren van de schenktijden van de paracommerciële horeca kan
                        wordenbewerkstelligd dat het verstrekken van alcoholhoudende drank een
                        nevenactiviteit van devereniging blijft naast de primaire activiteiten van
                        recreatieve, sportieve, sociaal culturele,educatieve, levensbeschouwelijke
                        of godsdienstige aard. Deze maatregel past binnen het uitgangspunt van de
                        wijziging van de Drank- en Horecawet om de verantwoordelijkheid voor het
                        lokale alcoholbeleid, en dus ook de schenktijden van paracommerciële
                        inrichtingen, meer een zaak van de gemeenteraad te laten worden dan tot op
                        heden het geval was. Het waren tot nu toe in de praktijk toch veelal de
                        paracommerciële rechtspersonen zelf die hun schenktijden bepaalden (en
                        vastlegden in het bestuursreglement). Het bestuursreglement blijft overigens
                        wel verplicht. In het reglement dient in elk geval vastgelegd te worden
                        welke normen het bestuur stelt aan de voorlichtingsinstructie die de
                        barvrijwilligers krijgen. Ook moet in het bestuursreglement opgenomen worden
                        hoe wordt toegezien op de naleving van het reglement.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5:</nr><titel>Privé bijeenkomsten en bijeenkomsten derden </titel></kop><al>Dit artikel heeft betrekking op het verbod tot alcoholverstrekking door
                        paracommerciële rechtspersonen tijdens bijeenkomsten die niet direct
                        verbonden zijn aan de verenigingsactiviteiten van de paracommerciële
                        rechtspersoon zelf, zoals bruiloften en partijen. Een definitie van dit
                        soort</al><al>bijeenkomsten is gegeven in artikel 1 lid 1 onder c van deze
                        verordening.</al><al/><al><cursief>Achtergrond</cursief></al><al>Artikel 4 van de Drank- en Horecawet bevat onder meer de verplichting, ter
                        voorkoming vanoneerlijke mededinging bij gemeentelijke verordening, regels
                        te stellen waaraan paracommerciële rechtspersonen zich te houden hebben bij
                        de verstrekking van alcoholhoudende drank. Deze regels moeten onder meer
                        betrekking hebben op in de inrichting te houden bijeenkomsten van
                        persoonlijke aard (artikel 4, derde lid onder b, van de wet) en op in de
                        inrichting te houden bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of
                        niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn
                        betrokken (artikel 4, derde lid onder c, van de wet). Met dit artikel in
                        deze verordening wordt aan de verplichting om dit bij gemeentelijke
                        verordening te regelen voldaan.</al><al/><al>In deze verordening is er voor gekozen om alcoholverstrekking door
                        paracommerciële rechtspersonen tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard
                        en/of bijeenkomsten van derden, maximaal zes keer per jaar toe te staan. Dit
                        is opgenomen omdat paracommerciële rechtspersonen een steeds meer relevante
                        rol vervullen in het ter beschikking stellen van ruimten voor bijeenkomsten
                        die niet direct met de verenigingsactiviteiten zijn verbonden maar wel van
                        maatschappelijk belang zijn. Een algeheel verbod voor het schenken van
                        alcohol zou deze ontwikkeling, te veel inperken. Hoewel er dus de nodige
                        flexibiliteit wordt geboden, is het niet de bedoeling dat de mogelijkheid
                        tot het houden van dergelijke bijeenkomsten in de media (vanuit commercieel
                        oogpunt) openlijk worden aangeprezen. Op grond van artikel 5 lid 3 in de
                        verordening, is dit verboden. </al><al/><al>De Drank- en Horecawet biedt in artikel 4 geen ruimte om bijeenkomsten van
                        persoonlijke aard of van derden geheel te verbieden. In deze verordening
                        wordt uitsluitend de alcoholverstrekking tijdens dit soort bijeenkomsten
                        gereguleerd. Bij bijeenkomsten waarbij de paracommerciële rechtspersonen
                        geen alcohol verstrekken, speelt het concurrentievoordeel dat ontstaat als
                        gevolg van de lichtere eisen die de wet aan deze rechtspersonen stelt, een
                        veel mindere rol. Vanzelfsprekend zal de paracommerciële rechtspersoon bij
                        het houden van dergelijke bijeenkomsten wel aan de overige regelgeving,
                        zoals het bestemmingsplan, moeten voldoen.</al><al/><al>In artikel 4 lid 4 van de wet is de mogelijkheid opgenomen voor de
                        burgemeester om met het oog op bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke
                        aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen,
                        ontheffing te verlenen van de in artikel 4 (schenktijden) en 5
                        (bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten derden) gestelde
                        verboden en beperkingen. Aan deze ontheffing kunnen voorschriften en
                        beperkingen worden verbonden. Het gaat hier om bijzondere gebeurtenissen
                        zoals carnavalsvieringen, viering kampioenschappen, toernooien e.d. Omdat
                        dit een bevoegdheid is van de burgemeester die in de wet specifiek wordt
                        vermeld, is de ontheffingsmogelijkheid niet opgenomen in de verordening.
                    </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>Wanneer de verordening in werking treedt, vervallen de voorschriften en
                        beperkingen die tot dat tijdstip zijn gesteld, de ontheffingen die voor dat
                        tijdstip zijn verleend en de schenktijden die voor dat tijdstip van
                        toepassing waren. </al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>