<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR33636_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit informatiebeheer Arnhem 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Arnhem</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Arnhem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Arnhemse Koerier 7 juli 2010.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Besluit informatiebeheer Arnhem 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefverordening Arnhem 2010</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-03-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-07-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-04-08</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling.</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2010.0.024.547</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Besluit informatiebeheer Arnhem 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1:</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In dit besluit wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Archiefwet 1995;</al></li><li nr="b."><al>het besluit: het Archiefbesluit 1995;</al></li><li nr="c."><al>de regeling: de Regeling geordende en toegankelijke staat
                                        archiefbescheiden;</al></li><li nr="d."><al>archiefverordening: de in artikelen 30, eerste lid en
                                        artikel 32, tweede lid van de wet bedoelde verordening;</al></li><li nr="e."><al>archiefbescheiden: de in de wet in artikel 1, onder c,
                                        bedoelde archiefbescheiden, voor zover deze niet zijn
                                        overgebracht naar de archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="f."><al>beheer van archiefbescheiden: geheel van normen, plannen,
                                        procedures en activiteiten gericht op de archiefvorming, de
                                        archiefbewerking, het beheer van de archiefdepots en de
                                        daarin berustende archiefbescheiden en het beschikbaar
                                        stellen daarvan;</al></li><li nr="g."><al>informatiebestand: groep vastgelegde gegevens of documenten
                                        bijeengebracht met een bepaald doel en in onderlinge
                                        samenhang te raadplegen;</al></li><li nr="h."><al>informatiesysteem: geheel van bestanden, procedures,
                                        apparaten en daarbij benodigde hulpmiddelen, ingericht door
                                        een persoon, groep personen of organisatie ten behoeve van
                                        de uitvoering van zijn of haar taken;</al></li><li nr="i."><al>informatiebeheer: geheel van normen, plannen, procedures en
                                        activiteiten gericht op de archiefvorming, de
                                        archiefbewerking, het beheer van de archiefdepots en de
                                        daarin berustende archiefbescheiden en het beschikbaar
                                        stellen daarvan;</al></li><li nr="j."><al>dienst: een gemeentelijke dienst, zoals bedoeld in het
                                        Organisatiebesluit Arnhem 2005, en de griffie.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2:</nr><titel>Verantwoordelijkheid</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier zijn belast met het geheel
                            van de informatievoorziening voor de onder hem ressorterende taken
                            alsmede met het beheer van de archiefbescheiden van de dienst, voor
                            zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>De directeuren van de diensten en de griffier maken nadere afspraken
                            omtrent de informatievoorziening binnen de gehele gemeentelijke
                            organisatie, welke in concernbrede kaders worden vastgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier kunnen de uitvoering van de
                            bepalingen van het onderhavig besluit mandateren aan een of meer in het
                            bijzonder met informatiebeheer belaste ambtenaren van de gemeente
                            Arnhem.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3:</nr><titel>Archiefvorming en -ordening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat de
                            vervaardiging van archiefbescheiden op zodanige wijze en met zodanige
                            materialen geschiedt dat hun houdbaarheid tenminste in overeenstemming
                            is met de bij of krachtens de wet gestelde eisen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat bij
                            het wijzigen, verwijderen of vernietigen van archiefbescheiden, of
                            onderdelen daarvan, de bij of krachtens de wet gegeven regels
                            betreffende selectie en vernietiging worden toegepast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat van
                            archiefbescheiden waarvan een exemplaar wordt verzonden, een ander
                            exemplaar wordt bewaard als archiefkopie</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen - voor zover van
                            toepassing - zorg voor de opstelling van procedures voor verkeer van
                            archiefbescheiden en de behandeling van ingekomen, uitgaande en interne
                            archiefbescheiden, rekening houdend met de bij of krachtens de wet
                            gestelde eisen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat
                                uit ieder archiefbescheid, dan wel uit daarbij behorende informatie,
                                blijkt wanneer het is ontvangen of opgemaakt, wie de afzender of
                                vervaardiger is, op welke taak het betrekking heeft en wie de
                                behandelaar is, wat de status en het ontwikkelingsstadium ervan is,
                                en wanneer en aan wie een exemplaar ervan is verzonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van archiefbescheiden dienen kenmerken zodanig te worden
                                vastgelegd dat ze met behulp daarvan op eenvoudige wijze kunnen
                                worden teruggevonden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het bepaalde in het vorige lid heeft enkel betrekking op
                                archiefbescheiden die benodigd zijn in het kader van de uitvoering
                                van een aan een dienst opgedragen taak en de verantwoording
                                daarover, of die in verband met enig wettelijk voorschrift worden
                                opgemaakt, ontvangen of bewaard, dan wel verband houden met de
                                communicatie met de burger.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen zorg voor het
                            opstellen van procedures, waarmee de registratie van archiefbescheiden
                            en hun afdoeningstermijnen worden bewaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat de
                            onder zijn beheer staande archiefbescheiden in goede, geordende en
                            toegankelijke staat worden gebracht en dat de ordening van de
                            archiefbescheiden geschiedt volgens een doelmatige en doeltreffende
                            systematiek, overeenkomstig een documentair structuurplan als bedoeld in
                            artikel 3 van de regeling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur van een dienst en de griffier zien erop toe, dat van
                                informatiebestanden overeenkomstig artikel 3 van de regeling een
                                structuurplan wordt aangelegd en bijgehouden, waarin de
                                informatiebestanden worden beschreven en in verband kunnen worden
                                gebracht met de verschillende werkprocessen en taken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van de regeling worden van op termijn vernietigbare
                                digitale archiefbescheiden op zijn minst de volgende gegevens
                                vastgelegd: een beschrijving van het bestand, van het
                                overheidsorgaan dat het heeft opgemaakt en ontvangen, het
                                betreffende werkproces, begin- en einddatum en indien van toepassing
                                de relatie met voor blijvende bewaring in aanmerking komende
                                bestanden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van vernietigbare digitale archiefbescheiden worden alle in artikel
                                9 van de regeling opgesomde gegevens geregistreerd indien de
                                toepassingsprogrammatuur, het platform of de besturingsprogrammatuur
                                wordt vervangen voordat de bewaartermijn verstrijkt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De onderdelen van de dienst stellen het hoofd van de afdeling
                                documentaire informatievoorziening onverwijld in kennis van het
                                ontvangen of opmaken van een digitaal archiefbescheid of
                                informatiebestand dat uitsluitend op digitale wijze raadpleegbaar
                                is. Tenminste eenmaal per jaar verricht de afdeling documentaire
                                informatievoorziening een inventarisatie binnen de organisatie
                                betreffende archiefbescheiden en informatiebestanden die uitsluitend
                                op digitale wijze raadpleegbaar zijn. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De afdeling documentaire informatievoorziening doet zodra nodig
                                opgave van de noodzaak tot conversie of migratie van
                                archiefbescheiden en informatiebestanden bedoeld in het eerste
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Verantwoordelijk voor tijdige en daadwerkelijke uitvoering van de in
                                het vijfde lid bedoelde conversie en migratie zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>de dienst waar de betreffende digitale archiefbescheiden of
                                        informatiebestanden zijn opgemaakt of ontvangen;</al></li><li nr="b."><al>de dienst waaraan bij een reorganisatie of opheffing rechten
                                        of functies zijn overgegaan, voor de daarbij aan hen
                                        overdragen digitale archiefbescheiden of
                                        informatiebestanden;</al></li><li nr="c."><al>de sector ICT, indien er volgens beide voorgaande punten
                                        geen verantwoordelijk onderdeel is. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De sector ICT verleent technische ondersteuning bij de in het vijfde
                                lid bedoelde conversie en migratie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al>Uit het in het vorige artikel beschreven structuurplan blijkt te allen
                            tijde, waar de informatiebestanden en hun onderdelen zich bevinden of
                            wanneer onderscheidenlijk aan wie ze zijn overgebracht, overgedragen,
                            vernietigd of vervreemd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4:</nr><titel>Beheer van archiefbescheiden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat de
                            onder zijn beheer staande archiefbescheiden in goede, geordende en
                            toegankelijke staat worden bewaard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen er zorg voor dat ten
                            aanzien van de archiefruimten die onder zijn beheer staan, wordt voldaan
                            aan de bij of krachtens de wet gestelde eisen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr></kop><al>Plannen betreffende bouw, verbouwing, inrichting, verandering of
                            ingebruikneming van ruimten, bestemd voor het bewaren van
                            archiefbescheiden behoeven de goedkeuring van burgemeester en
                            wethouders, de archivaris gehoord.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen zorg voor de nodige
                            informatiebeveiliging, welke mede omvat de nodige procedurele en
                            technische voorzieningen voor het tegengaan van wijziging, verwijdering,
                            kopiëring of vernietiging van archiefbescheiden die daarvoor gezien hun
                            aard en status niet in aanmerking komen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadpleging van archiefbescheiden is toegestaan aan alle medewerkers
                                van de gemeente Arnhem. De directeur van een dienst en de griffier
                                kunnen evenwel archiefbescheiden aanwijzen ten aanzien waarvan geldt
                                dat zij slechts kunnen worden geraadpleegd door medewerkers die
                                ambtelijk zijn belast met de behandeling van de desbetreffende
                                aangelegenheid, en door andere medewerkers na verkregen toestemming
                                van de directeur van de betreffende dienst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur van een dienst en de griffier laten bijhouden welke
                                archiefbescheiden uit de onder zijn beheer staande fysieke archieven
                                worden uitgeleend en laat controle uitoefenen op de tijdige
                                terugbezorging ervan. Uitlening van archiefbescheiden uit fysieke
                                archieven is toegestaan aan alle medewerkers van de gemeente Arnhem.
                                De directeur van een dienst en de griffier kunnen evenwel
                                archiefbescheiden aanwijzen ten aanzien waarvan geldt dat zij
                                slechts kunnen worden uitgeleend aan medewerkers die ambtelijk zijn
                                belast met de behandeling van de desbetreffende aangelegenheid, en
                                aan andere medewerkers na verkregen toestemming van de directeur van
                                de betreffende dienst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr></kop><al>Het is verboden archiefbescheiden uit informatiebestanden te
                            verwijderen, tenzij ingevolge bij of krachtens de wet gegeven regels.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur van een dienst en de griffier dragen zorg voor de
                                geheimhouding van daarvoor op grond van de Wet openbaarheid van
                                bestuur in aanmerking komende archiefbescheiden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Raadpleging en uitlening van archiefbescheiden die aan enige
                                bijzondere vorm van geheimhouding zijn onderworpen, is - behoudens
                                toestemming van burgemeester en wethouders - slechts toegestaan aan
                                functionarissen van een dienst die ambtelijk zijn belast met de
                                behandeling van de desbetreffende aangelegenheid. Aan deze
                                toestemming kunnen burgemeester en wethouders voorwaarden
                                verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><al>Ten aanzien van besluiten tot vervanging van archiefbescheiden door
                            reproducties als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het besluit,
                            wordt vooraf advies van de archivaris ingewonnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr></kop><al>Ten aanzien van besluiten tot vervreemding van archiefbescheiden, als
                            bedoeld in artikel 7 van het besluit, wordt vooraf het advies van de
                            archivaris ingewonnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr></kop><al>Overdracht van archiefbescheiden aan een andere dienst, waarbij het
                            bepaalde in artikel 26 niet van toepassing is, behoeft de instemming van
                            de hoofden van alle betrokken diensten, de archivaris gehoord.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur van een dienst en de griffier zorgen voor het in een zo
                                vroeg mogelijk stadium selecteren van archiefbescheiden voor
                                bewaring en vernietiging, overeenkomstig de daarvoor bij of
                                krachtens de wet gegeven voorschriften.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval van selectie voor vernietiging worden de archiefbescheiden
                                voorzien van een kenmerk, dat de bewaartermijn aangeeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van deze bewaartermijn wordt tevens aantekening gehouden in het in
                                artikel 11 bedoelde documentair structuurplan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr></kop><al>De directeur van een dienst en de griffier stellen alvorens tot
                            vernietiging van archiefbescheiden over te gaan voor zijn dienst een
                            lijst op van vernietigbare archiefbescheiden, met inachtneming van de
                            geldende selectielijst. De lijst vernietigbare archiefbescheiden behoeft
                            de goedkeuring van de archivaris, welke goedkeuring geldt als een
                            machtiging tot vernietiging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr></kop><al>Bij overbrenging van archiefbescheiden als bedoeld in artikel 12 van de
                            wet wordt, in het geval het in een informatiesysteem opgenomen
                            archiefbescheiden betreft, het informatiesysteem, voor zover onmisbaar
                            voor raadpleging, overgebracht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5:</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr></kop><al>Het Besluit informatiebeheer Arnhem 2004 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr></kop><al>Dit besluit treedt, na bekendmaking, in werking met ingang van de datum
                            van inwerkingtreding van de Archiefverordening Arnhem 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr></kop><al>Dit besluit wordt aangehaald als “Besluit informatiebeheer Arnhem
                            2010”.</al><al><cursief>Collegebesluit 23 maart 2010, doc.nr
                            2010.0./024.547</cursief></al><al><cursief>Afgekondigd Arnhemse Koerier: 7 juli 2010.</cursief></al><al><cursief>Inwerkingtreding: 8 juli 2010. </cursief></al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>