<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR336170_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Rioolaansluitingsverordening gemeente Ermelo 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ermelo</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-08-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ermelo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ermelo's weekblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Rioolaansluitingsverordening gemeente Ermelo 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 149 gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-07-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-08-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-12-14</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Riool</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Rioolaansluitingsverordening gemeente Ermelo 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr. 13052308</al><al>Casenr. 2013-11707</al><al><vet>Rioolaansluitingverordening</vet><vet> gemeente Ermelo</vet><vet>
                        2014</vet></al><al>Naam : mevrouw ing. S.M.L. van Beek</al><al>Afdeling : Realisatie en Beheer</al><al>Datum : 19 mei 2014</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="A."><al>Aansluitleiding: de particuliere afvoerleiding, het aansluitpunt
                                    en de perceelaansluiting tezamen.</al></li><li nr="B."><al>Aansluitpunt: 1. De ontstoppingsvoorziening, gelegen op of
                                    binnen één meter van de kadastrale eigendomsgrens, al dan niet op het terrein van de particulier;</al><al>2.bij afwezigheid van de ontstoppingsvoorziening bij een vrij vervalstelsel het punt waar de aansluitleiding de kadastrale
                            eigendomsgrens snijdt;</al><al>3.bij afwezigheid van de ontstoppingsvoorziening bij een mechanisch stelsel het punt, gelegen op 0,5 meter van een gemeentelijke
                            voorziening.</al></li><li nr="C."><al>Aansluitvergunning: het besluit van burgemeester en wethouders
                                    waarbij toestemming is afgegeven om een perceel aan te kunnen sluiten op het openbaar </al><al> riool. </al></li><li nr="D."><al>Afvalwater: huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan,
                                bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander
                            afvalwater.</al></li><li nr="E."><al>Bedrijfsafvalwater: al het water afkomstig van een bedrijfsperceel,
                            waarvan de houder zich –met het oog op de verwijdering daarvan- ontdoet, voornemens is
                            zich te ontdoen of zich moet ontdoen. </al></li><li nr="F."><al>Beheerder: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Ermelo.</al></li><li nr="G."><al>Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen,
                                    metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect
                            met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of
                            op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.</al></li><li nr="H."><al>Bronneringswater: grondwater, onttrokken ten behoeve van een
                                    tijdelijke verlaging van de grondwaterstand.</al></li><li nr="I."><al>Drainagewater: grondwater, ingezameld door een ingegraven
                                    doorlatend buizensysteem.</al></li><li nr="J."><al>Drainagestelsel: gemeentelijk leidingstelsel, bestemd voor de
                                    afvoer van overtollig grondwater.</al></li><li nr="K."><al>Drukriolering: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater
                                    waarbij het transport plaatsvindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte
                                    druk.</al></li><li nr="L."><al>Gemeente: gemeente Ermelo.</al></li><li nr="M."><al>Gemengd stelsel: het openbaar riool voor de afvoer van
                                    afvalwater.</al></li><li nr="N."><al>Gescheiden stelsel: het openbaar riool met een buizenstelsel
                                    voor de afvoer van hemelwater dat tevens dienst kan doen als leiding voor de afvoer van
                            drainagewater en bronneringswater, een buizenstelsel voor de afvoer van
                            afvalwater en/of een buizenstelsel voor de afvoer van drainagewater en
                            bronneringswater. </al></li><li nr="O."><al>Hemelwater: regenwater en andere neerslag afvloeiend via al dan
                                    niet verharde oppervlakken, daken en andere verhardingen.</al></li><li nr="P."><al>Huishoudelijk afvalwater: al het water afkomstig van een
                                    perceel, waarvan de houder zich –met het oog op de verwijdering daarvan- ontdoet, voornemens is zich te
                            ontdoen of zich moet ontdoen. </al></li><li nr="Q."><al>Omgevingsvergunning: een vergunning krachtens artikel 2.1van de
                                    Wet algemene bepalingen</al></li><li nr="R."><al>Openbaar hemelwaterriool: het openbaar riool met een
                                    buizenstelsel voor de afvoer van hemelwater, drainagewater en bronneringswater.</al></li><li nr="S."><al>Infiltratiestelsel: gemeentelijk leidingstelsel, bestemd voor de
                                    infiltratie van hemelwater.</al></li><li nr="T."><al>Mechanische riolering: drukriolering en vacuümriolering.</al></li><li nr="U."><al>Openbaar riool: het gedeelte van de riolering dat bij de
                                    gemeente in eigendom en beheer is voor de inzameling en transport van afvalwater, met inbegrip
                            van de daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen, vacuümleidingen en
                            werken en installaties van overeenkomstige aard. </al></li><li nr="V."><al>Onjuist gebruik: 1. Het via de perceelaansluitleiding lozen van
                            stoffen die, vanwege hun aard en samenstelling, verstoppingen in het aansluitriool of openbaar riool veroorzaken;</al><al>2.het via de perceelaansluitleiding lozen van stoffen die, door hun 
                            aard en concentratie, de constructie van het aansluitriool of openbaar riool aantasten;</al><al>3.lozen van afvalwater of deelstromen daarvan, waaronder begrepen 
                            hemelwater, bronneringswater en drainagewater, op een niet daarvoor bedoeld stelsel.</al></li><li nr="W."><al>Ontstoppingsvoorziening: voorziening in aansluitleiding voor
                                    inspectie en onderhoud van de</al></li><li nr="X."><al>Particuliere afvoerleiding: de binnen de kadastrale
                                    eigendomsgrenzen van het aan te sluiten perceel gelegen binnen- of buiten- of terreinrioolleidingen tot aan het
                            aansluitpunt. De particuliere afvoerleiding wordt ook wel particulier
                            riool genoemd.</al></li><li nr="Y."><al>Perceelaansluitleiding: gedeelte van het riool dat de
                                    particuliere afvoerleiding vanaf het aansluitpunt verbindt met het overige deel van het openbaar
                                    riool.</al></li><li nr="Z."><al>Rechthebbende: </al><lijst><li nr="1."><al>De eigenaar, de vereniging van eigenaren of
                                    beperkt zakelijk gerechtigde van het perceel ten behoeve waarvan de aansluiting dan 
                                    wel aansluitingen op het openbaar riool worden gerealiseerd en in stand gehouden, of;</al></li><li nr="2."><al>de rechtsverkrijgende onder algemene of bijzondere titel van
                                    de onder 1. bedoelde personen.</al><lijst><li nr="AA."><al>RWZI: rioolwaterzuiveringsinstallatie.</al></li><li nr="BB."><al>Toezichthouder: een natuurlijk persoon, die bij of
                                            krachtens een wettelijk voorschrift is belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij
                            of krachtens een wettelijk voorschrift.</al></li><li nr="CC."><al>Vacuümriolering: het openbaar riool, voor de afvoer van afvalwater,
                            waarbij het transport plaatsvindt door middel van een vacuümsysteem.</al></li><li nr="DD."><al>Vrijverval riool: het openbaar riool waarbij afvalwater door middel
                            van de zwaartekracht wordt getransporteerd.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>De aansluitvergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergunningplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder een daartoe verleende aansluitvergunning een
                                aansluiting van een particuliere afvoerleiding ten behoeve van de
                                afvoer van afvalwater op het openbaar riool tot stand te brengen of
                                te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunning geldt voor de rechthebbende en is
                                perceelsgebonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen een aansluitvergunning alleen
                                voor het tot stand brengen en in stand houden van een aansluiting
                                tussen de particuliere afvoerleiding en de perceelaansluitleiding: </al><lijst><li nr="a."><al>Voor de afvoer van afvalwater naar een daarvoor bedoeld
                                        leidingenstelsel.</al></li><li nr="b."><al>Voor de afvoer van hemelwater en/of drainagewater naar het
                                        daarvoor bedoelde leidingstelsel, als ter plaatse een
                                        gescheiden stelsel, dan wel een drainagestelsel of
                                        infiltratiestelsel aanwezig is en redelijkerwijs niet kan
                                        worden gevergd dat het afvloeiend hemelwater dan wel
                                        drainagewater op of in de bodem van het eigen perceel of in
                                        het oppervlaktewater wordt gebracht.</al></li><li nr="c."><al>Voor het tijdelijk afvoeren van grondwater, zijnde
                                        bronneringswater, als er geen oppervlaktewater in de nabije
                                        omgeving aanwezig is en daarop het betreffende water kan
                                        worden geloosd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als de rechthebbende voor de aansluiting van meer dan één
                                particuliere afvoerleiding op het openbaar riool een
                                aansluitvergunning aanvraagt, wordt voor deze aanvragen tezamen één
                                vergunning verleend, waarin alle aansluitingen afzonderlijk worden
                                vermeld. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met
                                betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>Het tot stand brengen van de aansluiting.</al></li><li nr="b."><al>Het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de
                                        aansluitleiding.</al></li><li nr="c."><al>Sloopwerkzaamheden op het perceel van de rechthebbende.</al></li><li nr="d."><al>De periode waarvoor de vergunning kan worden verleend als de
                                        aansluiting is bedoeld voor de afvoer van bronneringswater
                                        en dit een tijdelijke aansluiting betreft.</al></li><li nr="e."><al>De mechanische voorziening in de vorm van een pomp wanneer
                                        het bouwwerk niet onder vrij verval kan aansluiten op het
                                        openbaar riool.</al></li><li nr="f."><al>De maximale hoeveelheid te lozen afvalwater per
                                        tijdseenheid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als de rechthebbende binnen één jaar na verlening van de
                                aansluitvergunning geen verzoek zoals bedoeld in artikel 8 heeft
                                gedaan om de aansluiting of wijziging van de aansluiting waarop die
                                aansluiting betrekking heeft, uit te voeren, komt de
                                aansluitvergunning van rechtswege te vervallen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vergunningaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag van een aansluitvergunning wordt schriftelijk of
                                elektronisch met behulp van een daartoe bestemd formulier, bij
                                burgemeester en wethouders ingediend door de rechthebbende van het
                                aan te sluiten perceel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag van een aansluitvergunning moeten de volgende
                                gegevens door de rechthebbende worden verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>De naam en het adres van de rechthebbende.</al></li><li nr="b."><al>De dagtekening.</al></li><li nr="c."><al>De ligging van het aan te sluiten perceel: 1. aan de hand
                                        van straat en huisnummer of, als nog geen huisnummer is
                                        toegekend, aan de hand van het kadastrale nummer van het
                                        betreffende perceel; 2. aangegeven op een situatieschets van
                                        1:1000 of grotere schaal.</al></li><li nr="d."><al>Wanneer het een lozing van afvalwater betreft, of er
                                        daarnaast ook hemelwater zal worden afgevoerd. Als de
                                        rechthebbende afvloeiend hemelwater wil afvoeren middels een
                                        gemengd of gescheiden stelsel, dan moet hij aannemelijk
                                        maken dat het redelijkerwijs van hem niet gevergd kan worden
                                        het afvloeiend hemelwater op of in de bodem van het eigen
                                        perceel of in het oppervlaktewater te brengen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvraag van een aansluitvergunning wordt slechts in behandeling
                                genomen nadat bij de aanvraag alle in het tweede lid vermelde
                                gegevens zijn verstrekt. Bij het ontbreken van gegevens wordt de
                                rechthebbende daarover geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld
                                deze gegevens binnen vier weken na kennisgeving daarvan alsnog aan
                                te vullen. Indien na 4 weken geen reactie is vernomen wordt geacht
                                dat de aanvraag tot het aansluiten op de riolering is komen te
                                vervallen. De gemeente is er aan gehouden dat schriftelijk te
                                bevestigen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Wanneer de rechthebbende niet binnen 4 weken schriftelijk akkoord is
                                gegaan met de betaling van de kosten van de aanleg van de
                                perceelaansluitleiding als bedoeld in artikel 9, wordt de aanvraag
                                niet in behandeling genomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Weigering aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aansluitvergunning kan slechts worden geweigerd indien een
                                aansluiting van de particuliere afvoerleiding op het openbaar riool
                                of wijziging van die aansluiting bezwaarlijk is, omdat het de
                                doelmatige inzameling en afvoer van afvalwater met behulp van het
                                openbaar riool of de behandeling van afvalwater wordt belemmerd.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aansluiting van de afvoerleiding op het openbaar riool of
                                wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk
                                indien:</al><lijst><li nr="a."><al>De gemeente voor het perceel waarvoor de aansluitvergunning
                                        wordt aangevraagd, van Gedeputeerde Staten een ontheffing
                                        heeft gekregen op grond van artikel 10:33, derde lid van de
                                        Wet milieubeheer.</al></li><li nr="b."><al>De gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater betreft,
                                        waarvoor een omgevingsvergunning, een vergunning op grond
                                        van de Waterwet is vereist, maar niet is verleend of niet
                                        toereikend is gelet op de lozingssituatie, of dat niet aan
                                        de geldende algemene regels is voldaan.</al></li><li nr="c."><al>De gevraagde aansluiting een lozing afvloeiend hemelwater
                                        betreft en van de rechthebbende redelijkerwijs kan worden
                                        gevergd dat dit hemelwater op of in de bodem of in het
                                        oppervlaktewater wordt gebracht.</al></li><li nr="d."><al>Een omgevingsvergunning voor het aan te sluiten perceel is
                                        geweigerd voor zover het de activiteit bouwen of het in
                                        werking hebben van een inrichting betreft.</al></li><li nr="e."><al> Een aansluitleiding dient voor de aansluiting van meer dan
                                        één woning.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aansluiting van de bedrijfsafvoerleiding op het mechanisch riool
                                of wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk
                                indien:</al><lijst><li nr="·"><al>De gevraagde aansluiting een lozing voor bedrijfsafvalwater
                                        betreft.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een weigering van een aansluitvergunning is met redenen omkleed,
                                waarbij burgemeester en wethouders de nadere eisen aangeven waaraan
                                het particulier riool moet voldoen om voor vergunningverlening in
                                aanmerking te komen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Verlening aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen 3 weken op
                                de aanvraag om een aansluitvergunning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ongeacht het in artikel 6, lid 1 bepaalde, kan het bevoegd gezag de
                                in het eerste lid bedoelde termijn eenmaal met ten hoogste 6 weken
                                verlengen. Het maakt haar besluit daarvoor bekend binnen de
                                eerstbedoelde termijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na ontvangst toetst de behandelend ambtenaar of de gemeente in dat
                                gebied riolering heeft aangelegd en of de capaciteit van de
                                riolering voldoende is om een aansluiting te realiseren. Dit kan
                                leiden tot een afwijzing van de aanvraag of tot het stellen van
                                extra eisen aan de rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De keuze van de aan te wenden materialen, pompen etc. zijn ter
                                beoordeling van het team werkvoorbereiding en realisatie van de
                                Afdeling Realisatie en Beheer.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Aanhoudingsgrond en van rechtswege verleende
                                aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van het eerste en tweede lid van artikel 5 wordt door
                                burgemeester en wethouders de beslissing omtrent een aanvraag van
                                een aansluitvergunning aangehouden als er geen reden is de
                                vergunning te weigeren terwijl voor het aan te sluiten perceel nog
                                een aanvraag moet worden gedaan of in behandeling is voor een
                                omgevingsvergunning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rechthebbende wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk van de
                                aanhouding op de hoogte gesteld. Gedurende de aanhouding worden de
                                termijnen als bedoeld in lid 1 en 2 van artikel 5 opgeschort.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na verlening van de omgevingsvergunning, beslissen burgemeester en
                                wethouders zo spoedig mogelijk op de aanvraag, maar in elk geval
                                binnen de termijn als bedoeld in lid 1 van artikel 5.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het eerste lid niet van toepassing is en het bevoegd gezag
                                niet binnen de bij of krachtens het 3 weken onderscheidenlijk de
                                verlenging van 6 weken termijn op de aanvraag heeft beslist, is de
                                aansluitvergunning van rechtswege verleend overeenkomstig de
                                aanvraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de bepalingen van afdeling II
                            afwijken voor zover de toepassing, gelet op het belang dat deze regeling
                            beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende
                            aard.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>De aansluiting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Procedure en in acht te nemen termijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraagprocedure na vergunningverlening omvat het volgende
                                traject:</al><lijst><li nr="a."><al>Verzoek tot aansluiting.</al></li><li nr="b."><al>Kosten van de aansluiting.</al></li><li nr="c."><al>Uitvoering van de aansluiting.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De volgende termijnen worden hierbij door de gemeente in acht
                                genomen:</al><lijst><li nr="a."><al>Verzoek tot aansluiting 4 weken.</al></li><li nr="b."><al>Door de aanvrager retour zenden van de voor akkoord
                                        getekende brief en betaling binnen 4 weken.</al></li><li nr="c."><al>Realisatie van de perceelaansluiting binnen 6 weken na
                                        betaling. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kosten van de aansluiting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechthebbende betaalt de werkelijke kosten van de aanleg van de
                                perceelaansluitleiding zoals deze geoffreerd is door de aannemer en
                                de eventuele kosten van de noodzakelijke aanpassingen van het
                                openbaar gebied.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Na ontvangst van het verzoek tot aansluiting verzorgt de behandeld
                                ambtenaar een offerte aanvraag bij de aannemer die door de gemeente
                                is geselecteerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na ontvangst van de offerte van de aannemer toetst de behandeld
                                ambtenaar marginaal of de offerte marktconform is.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De behandelend ambtenaar stelt na ontvangst van de offerte van de
                                aannemer, maar uiterlijk 6 weken na het verzoek tot aansluiting een
                                brief op namens het college en vermeld hierin ten minste de kosten
                                van de aanleg, de voorwaarden waaronder het wordt aangesloten, het
                                ontstoppingsbeleid van de gemeente en een redelijke termijn van de
                                te verwachten uitvoeringstermijn.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De gemeente kan in ieder geval niet worden gehouden tot een
                                feitelijke aanleg van de perceelaansluiting, voordat de
                                rechthebbende schriftelijk akkoord heeft gegeven middels de
                                duplicaatbrief en de verschuldigde kosten inclusief de
                                omzetbelasting zijn bijgeschreven op de gemeentelijke rekening.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De gemeente acht een redelijke termijn van 4 weken voor het
                                bijschrijven van de betaling op de rekening van de gemeente en het
                                retourneren van de duplicaatbrief.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De periode zoals omschreven in lid 5 schort de termijn van het
                                verzoek tot aansluiting op tot het moment dat de rechthebbende heeft
                                voldaan aan zijn verplichtingen van lid 5. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien de gemeente na 6 weken geen reactie heeft ontvangen of de
                                rechthebbende niet heeft voldaan aan de verplichtingen zoals
                                omschreven in lid 5, gaat de gemeente er vanuit dat de rechthebbende
                                zijn verzoek tot aansluiting heeft ingetrokken. De gemeente is eraan
                                gehouden het van rechtswege ingetrokken beschouwde verzoek per brief
                                te bevestigen.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>In het geval dat de betaling alsnog is binnengekomen na de termijn
                                zoals genoemd in lid 6, zal deze als onverschuldigd worden
                                aangemerkt en uiterlijk binnen 4 weken worden teruggestort aan de
                                rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>De kosten voor de aanleg van de perceelaansluitleiding, zoals
                                bedoeld in het eerste lid, kunnen niet meer in rekening worden
                                gebracht als deze al op een andere wijze op de rechthebbende zijn of
                                worden verhaald. </al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>Onderhoud, ontstopping, reparatie of vervanging van de
                                perceelaansluitleiding is voor rekening van de gemeente. Als
                                onderhouds- dan wel herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd
                                door onjuist gebruik van het aansluitriool, komen de kosten voor
                                rekening van de rechthebbende of veroorzaker.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>Bij wijziging door de gemeente van de hoogteligging van het
                                aansluitpunt moet de rechthebbende ervoor zorgen dat de particuliere
                                afvoerleiding hierop kan worden aangesloten op een zodanige wijze
                                dat de afvoer vanuit het perceel ongehinderd kan plaatsvinden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Uitvoering aanleg of wijziging perceelaansluiting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De uitvoering van de aanleg of wijziging van de
                                perceelaansluitleiding vindt niet plaats anders door of vanwege de
                                gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Nadat de gemeente de perceelaansluiting inclusief de
                                ontstoppingsvoorziening heeft aangelegd, voert de rechthebbende zelf
                                de aansluiting van de particuliere afvoerleiding uit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende onttrekt het aansluitpunt, na melding bij de
                                gemeente dat de aansluiting is uitgevoerd, gedurende 3 werkdagen
                                niet aan het zicht. Na controle door de gemeente dekt de
                                rechthebbende de aansluitleiding af. De gemeente meldt de
                                rechthebbende wanneer de opname heeft plaatsgevonden. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de rechthebbende overgaat tot een clandestiene aansluiting
                                zal de gemeente een boete opleggen gelijk aan de offerte inclusief
                                de omzetbelasting.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de geleverde kwaliteit van de clandestiene aansluiting minder
                                is dan de gemeente zou eisen wordt de clandestiene aansluiting op
                                kosten van de rechthebbende verwijderd. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Voor de realisatie van de perceelaansluiting wordt door de gemeente
                                een maximale termijn in acht genomen van 6 weken.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>In het geval dat er een pompgemaal geplaatst moet worden, omdat de
                                gemeente daar alleen een persleiding heeft liggen, stelt de
                                rechthebbende een deel van zijn perceel ter beschikking voor het
                                plaatsen van het pompgemaal en het tracé van de persleiding. Dit
                                wordt vastgelegd middels een zakelijk recht. De kosten hiervan zijn
                                voor rekening van de rechthebbende. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het deel van het perceel, zoals bedoeld in lid 7, dient vrij
                                toegankelijk te zijn vanaf de openbare weg en bij het plaatsen en
                                installeren van het pompgemaal vrij te zijn van obstakels die
                                normale uitvoering in de weg kunnen staan.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De gemeente of een gemachtigde van de gemeente, heeft te allen tijde
                                toegang tot het perceel om werkzaamheden aan de riolering te
                                verrichten.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Indien er een pompgemaal geplaatst wordt, is de afnameverplichting
                                van de gemeente maximaal 1,44 l/s (5,2 m³/uur).</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>Indien voor een aansluiting meer capaciteit is vereist dan in lid 10
                                van dit artikel is omschreven kan daarvoor een aanvraag worden
                                ingediend bij de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>Het is ter beoordeling aan de gemeente of de onder lid 11 genoemde
                                aanvraag of de capaciteit van haar leidingstelsel en/of de gemeente
                                opgelegde afnameverplichting door het waterschap overschreden wordt,
                                dit mogelijk maakt. Indien dat zou moeten leiden tot het vergroten
                                van het gemeentelijke leidingensysteem zijn hiervoor de kosten voor
                                de aanvrager. </al></lid><lid><lidnr>13.</lidnr><al>Indien er een aansluitverplichting rust op een perceel wegens een
                                opgelegde wettelijke verplichting en daarmee de capaciteit van het
                                gemeentelijke leidingensysteem vergroot dient te worden, zijn de
                                kosten daarvan voor rekening van die rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>14.</lidnr><al>Deze verordening maakt het mogelijk voor de gemeente om voor de
                                bepalingen in lid 11 en lid 13, om alvorens over te gaan tot een
                                capaciteitsvergroting van haar leidingensysteem, regels te stellen
                                en/of op te leggen aan de rechthebbende ter regulering van het
                                afvalwateraanbod.</al></lid><lid><lidnr>15.</lidnr><al>Indien de gemeente op tijd een elektra aansluiting voor het te
                                plaatsen pompgemaal heeft aangevraagd bij de netbeheerder, maar de
                                netbeheerder niet binnen de gestelde uitvoeringstermijn de
                                aansluiting kan realiseren, zal de gemeente het pompgemaal plaatsen,
                                de termijn van oplevering zoals gesteld in lid 6 zal hierbij
                                opschorten tot het moment van realiseren van de aansluiting door de
                                netbeheerder.</al></lid><lid><lidnr>16.</lidnr><al>Indien het wenselijk is dat een elektra aansluiting gerealiseerd
                                wordt anders dan via de netbeheerder, vindt er overleg plaats over
                                de betaling van de werkelijke kosten van het elektraverbruik
                                daarvan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aansluithoogte perceelaansluitleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente biedt een perceelaansluitleiding aan op de erfgrens van
                                het perceel waarop de rechthebbende kan aansluiten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hiervoor biedt de gemeente een perceelaansluitleiding aan die ten
                                minste een diameter heeft van 125 mm en vervaardigd is van PVC.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het grondlichaam boven de buis van de standaard
                                perceelaansluitleiding ligt op een aansluitdiepte van 0,80-1,00 m
                                beneden het maaiveld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien er door de gemeente perceelaansluitleidingen zijn
                                gerealiseerd in het verleden, bij aanleg van de riolering, dient op
                                een dergelijke perceelaansluitleiding te worden aangesloten.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien het de perceelaansluitleiding te hoog ligt voor de te
                                realiseren aansluiting waarop de rechthebbende kan aansluiten is de
                                gemeente er niet aan gehouden het aansluitpunt te moeten
                                verlagen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Beheer en calamiteiten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Beheer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het beheer, daaronder begrepen het onderhoud, de renovatie dan wel
                                de vervanging van de perceelaansluitleiding, inclusief
                                ontstoppingsvoorziening, wordt uitgevoerd door of namens de gemeente
                                en voor rekening van de gemeente, tenzij het aannemelijk is dat de
                                betreffende werkzaamheden moeten worden uitgevoerd ten gevolge van
                                een onjuist gebruik van de particuliere afvoerleiding, in welk geval
                                de kosten voor rekening van de rechthebbende of veroorzaker
                                komen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder renovatie word tevens begrepen het aanpassen van de
                                perceelaansluitleiding ten gevolge van een wijziging van het
                                openbaar riool.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor het beheer van de particuliere afvoerleiding,
                                exclusief ontstoppingsvoorziening, komen voor rekening van de
                                rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij wijziging door de gemeente van de hoogteligging van het
                                aansluitpunt moet de rechthebbende ervoor zorgen dat de particuliere
                                afvoerleiding hierop aangesloten kan worden op een zodanige wijze
                                dat de afvoer vanuit het perceel ongehinderd kan plaatsvinden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Calamiteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een verstopping of een andere storing in de aansluitleiding
                                stelt de rechthebbende door middel van de ontstoppingsvoorziening
                                vast in welk gedeelte van de aansluitleiding de verstopping zich
                                bevindt; de particuliere afvoerleiding of de
                                perceelaansluitleiding.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de verstopping zich op gemeenteterrein bevindt, is de
                                rechthebbende verplicht de gemeente in te schakelen teneinde de
                                verstopping te verhelpen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bevindt de verstopping zich in de particuliere afvoerleiding dan
                                moet de rechthebbende of gebruiker zelf de verstopping of storing
                                verhelpen, tenzij de oorzaak van de verstopping aantoonbaar
                                afkomstig is van het openbaar riool.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien in gevallen als in het tweede lid wordt verzuimd de gemeente
                                in te schakelen, is de gemeente niet verplicht de daartoe gemaakte
                                kosten te vergoeden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de rechthebbende niet op de hoogte is van de precieze locatie
                                van de ontstoppingsvoorziening, moet contact worden opgenomen met de
                                gemeente.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een verstopping op gemeentegrond, zoals bedoeld in lid 2, het
                                gevolg is van aantoonbaar onjuist gebruik door de rechthebbende,
                                dienen de kosten van het verhelpen van de verstopping door de
                                rechthebbende te worden betaald.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Woningen of bedrijven aangesloten op mechanische riolering lozen
                                veelal op een kleine pompput (rioolgemaaltje). In het geval van een
                                vermeende verstopping aan het gemeentelijke riool waarbij de rode
                                lamp op de rioleringskast brandt, dient deze storing zo spoedig
                                mogelijk te worden doorgegeven aan de meldlijn van de gemeente.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Verwijdering aansluiting en sloop</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Zorgplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij sloop of andere daarmee samenhangende werkzaamheden op een op
                                het openbaar riool aangesloten perceel, moeten door de rechthebbende
                                zodanige voorzieningen aan de particuliere afvoerleiding worden
                                getroffen dat iedere belemmering van het openbare riool wordt
                                voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de rechthebbende bij sloopwerkzaamheden niet voldoet aan de in
                                het eerste lid omschreven zorgplicht, heeft de gemeente de
                                bevoegdheid de aansluiting op het openbaar riool af te sluiten en de
                                hieraan verbonden kosten te verhalen op de rechthebbende.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Beëindiging gebruik</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt beëindigd
                                is de rechthebbende verplicht de gemeente hiervan binnen 4 weken in
                                kennis te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt beëindigd,
                                wordt de op de aansluitleiding betrekking hebbende
                                aansluitvergunning ingetrokken, waarna de particuliere
                                afvoerleiding(en) door de rechthebbende wordt verwijderd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende onttrekt de locatie van de verwijderde particuliere
                                afvoerleiding(en) gedurende 3 werkdagen niet aan het zicht. Na
                                controle door de gemeente dekt de rechthebbende de locatie af.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op aansluitingen die op het moment van de inwerkingtreding van deze
                                verordening krachtens de tot dan geldende wetgeving en voorschriften
                                tot stand zijn gebracht, zijn de bepalingen van afdeling IV, V en VI
                                rechtstreeks van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij strijd van deze verordening met bepalingen in bestaande
                                vergunningen, prevaleert het bepaalde in deze vergunningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van de bepalingen bij of krachtens deze
                            verordening gesteld zijn belast, de bij besluit van het college aan te
                            wijzen personen of groep van personen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de achtste dag volgend op die van
                            haar bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Rioolaansluitingverordening
                            gemeente Ermelo 2014.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 juli 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>1.1Inleiding</al><al>Inzameling en transport van afvalwater zijn taken van de gemeente op grond van
                    artikel 10:33 van de Wet milieubeheer. Voor het uitvoeren van deze taak heeft de
                    gemeente rioolstelsels aangelegd en zorgt de gemeente voor het beheer van deze
                    stelsels. Een Rioolaansluitingverordening regelt de verhouding tussen de burger
                    en de gemeente inzake de aansluiting op het openbaar rioolstelsel en het
                    afkoppelen van hemelwater. In een Rioolaansluitingverordening worden voorwaarden
                    gesteld aan de wijze waarop een aansluiting op het openbaar riool kan worden
                    verkregen. Daarnaast wordt geregeld wie verantwoordelijk is voor het beheer van
                    de perceelaansluiting. Dit strekt tot voordeel van alle betrokken partijen,
                    omdat er dan duidelijkheid bestaat over de verwachtingen die burgers en de
                    gemeente van elkaar mogen hebben. </al><al>De gemeente is bevoegd tot het vaststellen van een Rioolaansluitingverordening
                    op grond van de algemene verordende bevoegdheid van artikel 149 van de
                    Gemeentewet.</al><al>1.2Gemeentelijke rioolaansluitingverordening</al><al>Uitgangspunt van de Rioolaansluitingverordening is dat voor een nieuwe
                    aansluiting of een wijziging van de bestaande aansluiting, een
                    aansluitvergunning is vereist.</al><al>In de aansluitvergunning worden voorwaarden gesteld waaronder de rechthebbende
                    een aansluiting kan verkrijgen en mag gebruiken. Hierbij moet rekening worden
                    gehouden met de in het Bouwbesluit genoemde bouwtechnische eisen. Op basis van
                    de Rioolaansluitingverordening kunnen in de aansluitvergunning voorwaarden
                    worden opgenomen over onderhoud, renovatie en vervanging van de aansluitleiding
                    en beëindiging van het gebruik van de aansluiting. Daarbij kunnen er andere
                    voorwaarden worden gesteld in het geval er een gescheiden rioolstelsel aanwezig
                    is. </al><al>In het systeem van de verordening is een keuze gemaakt voor een verdeling van
                    het beheer van de aansluitleiding, waarmee problemen als gevolg van de verdeling
                    van het eigendom van een aansluitleiding worden voorkomen. Dit betekent dat de
                    gemeente en de rechthebbende elk verantwoordelijk zijn voor het gebruik en het
                    onderhoud van een deel van de aansluitleiding. Werkzaamheden aan de particuliere
                    afvoerleiding vallen onder de verantwoordelijkheid van de rechthebbende op het
                    aangesloten perceel.</al><al>Het deel van de aansluitleiding vanaf het aansluitpunt naar het openbaar
                    rioolstelsel wordt in de verordening de perceelaansluitleiding genoemd en staat
                    onder beheersverantwoordelijkheid van de gemeente. Deze ligt meestal in openbare
                    grond. </al><al>Als nu bijvoorbeeld een verstopping is ontstaan in de particuliere
                    afvoerleiding, dan moet de rechthebbende op grond van de
                    rioolaansluitingverordening zelf en voor eigen rekening zorg dragen voor het
                    verhelpen van het probleem. Is er een verstopping ontstaan in de
                    perceelaansluitleiding, bijvoorbeeld door ingroeiende boomwortels of door een
                    verzakking, dan draagt de gemeente zorg voor de reparatie. Ook de kosten van
                    onderhoud, renovatie en vervanging van de perceelaansluitleiding zijn voor de
                    gemeente. </al><al>De aanleg van de perceelaansluitleiding geschiedt door de gemeente of door een
                    namens de gemeente in te schakelen aannemer. De rechthebbende betaalt de kosten
                    op basis van een offertevoorstel. De gemeente kan in ieder geval niet tot
                    feitelijke aanleg van de perceelaansluitleiding overgaan, voordat de
                    rechthebbende schriftelijk akkoord heeft gegeven voor de kosten van de aanleg
                    van de perceelaansluitleiding en deze kosten ook heeft betaald. De kosten worden
                    aangemerkt als genotsretributies in de zin van artikel 229 van de Gemeentewet.
                    Dit betekent dat niet meer in rekening mag worden gebracht dan de daadwerkelijke
                    kosten die gemoeid zijn met het aanleggen van een perceelaansluitleiding. </al><al> De verlening van de aansluitvergunning kan door de gemeente worden geweigerd
                    als aansluiting van een particuliere afvoerleiding op het openbaar riool of
                    wijziging van die aansluiting vanwege technische, juridische of
                    milieuhygiënische redenen bezwaarlijk is. In de verordening is geen uitputtende
                    regeling opgenomen met betrekking tot de weigeringgronden van de aanvraag.</al><al>De Rioolaansluitingverordening van de gemeente Ermelo bestaat uit 19 artikelen,
                    die zijn ondergebracht in 6 afdelingen. Afdeling II regelt de
                    aansluitvergunning: een omschrijving van de vergunningplicht, de aanvraag, de
                    verlening en tot slot de gronden tot weigering. Tevens is er een
                    aanhoudingsplicht geregeld. In afdeling III komt het tot stand brengen van de
                    aansluiting aan de orde. Hierin worden het verzoek tot aanleg of wijziging, de
                    kosten en de uitvoering geregeld. Het onderhoud komt in afdeling IV aan de orde,
                    de verwijdering en de sloop van de aansluiting in afdeling V. De laatste
                    afdeling VI, betreft de overgangs- en slotbepalingen.</al><al>1.3Artikelsgewijze toelichting</al><al>1.3Artikel 1 Begripsbepalingen</al><al>1.3In artikel 1 worden de begripsbepalingen gegeven. De begrippenlijst is
                    uitgebreid om te voorkomen dat onnodige discussie kan ontstaan over de betekenis
                    van bepaalde begrippen. Voor de uitleg van de bepalingen in de verordening en de
                    voorschriften in een aansluitvergunning, gelden de definities van artikel 1. De
                    aansluitleiding is de benaming voor de gehele leiding vanaf de binnenriolering
                    tot en met de aansluiting op het openbaar riool. Het openbaar riool is het deel
                    van de riolering wat in eigendom en beheer van de gemeente is ten behoeve van de
                    inzameling en transport van afvalwater. Onder dit begrip vallen eveneens
                    rioolgemalen, persleidingen, vacuümleidingen, werken en installaties van
                    overeenkomstige aard in beheer bij de gemeente. De aansluitleiding wordt volgens
                    de definities onderverdeeld in de particuliere afvoerleiding, het aansluitpunt
                    en de perceelaansluitleiding en maakt geen onderdeel uit van het openbaar riool.
                    Omdat het aansluitpunt de scheidingslijn vormt tussen de
                    beheersverantwoordelijkheid van de gemeente en de beheersverantwoordelijkheid
                    van de perceeleigenaar is het belangrijk dat een duidelijk definitie wordt
                    gegeven van het aansluitpunt. In de gemeente Ermelo wordt voor nieuwe situaties
                    als aansluitpunt aangemerkt:</al><lijst><li nr="-"><al>De ontstoppingsvoorziening, gelegen op of nabij de kadastrale
                            eigendomsgrens op het terrein van de particulier.</al></li><li nr="-"><al>Bij afwezigheid van de ontstoppingsvoorziening bij een vrij
                            vervalstelsel het punt waar de aansluitleiding de kadastrale
                            eigendomsgrens snijdt.</al></li><li nr="-"><al>Bij afwezigheid van de ontstoppingsvoorziening bij een mechanisch
                            stelsel het punt, gelegen op 0,5 meter van een gemeentelijke
                            voorziening. Bij dit laatste kan gedacht worden aan een (pomp)put.</al></li></lijst><al>1.3 De rechthebbende is degene die een aansluitvergunning kan aanvragen. De
                    rechthebbende is de perceelseigenaar. Tevens worden als rechthebbende
                    aangemerkt:</al><lijst><li nr="-"><al>De zakelijk gerechtigde van een aan te sluiten perceel.</al></li><li nr="-"><al>De rechtsopvolgers van deze eigenaren of zakelijk gerechtigden, zodat de
                            vergunning geldig blijft in geval het perceel bijvoorbeeld wordt
                            verkocht.</al></li><li nr="-"><al>Vereniging van eigenaren.</al></li><li nr="-"><al>De rechthebbende die zijn eigendom verhuurt. Hij moet er voor zorgen dat
                            de huurder de voorschriften van de aansluitvergunning naleeft. Dit geldt
                            ook als de verhuurder een woningbouwvereniging is. De
                            woningbouwvereniging is als rechthebbende (vergunninghouder) het
                            aanspreekpunt in relatie tot de gemeente. </al></li></lijst><al>1.3Het centrale begrip afvalwater omvat het huishoudelijk afvalwater of een
                    mengsel daarvan, bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander
                    afvalwater. </al><al>1.3Artikel 2 Vergunningplicht</al><al>1.3In artikel 2 wordt bepaald dat aansluiting van een particuliere afvoerleiding
                    op de openbare riolering, of wijziging van een dergelijke aansluiting, verboden
                    is zonder aansluitvergunning. De aansluitvergunning geldt ook voor het in stand
                    houden van een aansluiting. In de aansluitvergunning kan een aantal
                    voorschriften worden opgenomen over de particuliere afvoerleiding zoals die
                    aanwezig moet zijn op het moment dat de aansluiting tot stand wordt gebracht.
                    Daarnaast kunnen de voor de rechthebbende geldende regels uit de verordening met
                    betrekking tot het onderhoud, de renovatie, vervanging en sloop, in de
                    aansluitvergunning worden vermeld. </al><al>1.3In lid 3 wordt aangegeven, dat burgemeester en wethouders alleen
                    aansluitvergunningen verlenen voor aansluitingen die overeenstemmen met het
                    openbaar riool ter plaatse. Dit betekent dat er bijvoorbeeld geen
                    aansluitvergunning kan worden verkregen voor de gemengde afvoer van hemelwater
                    en het overige afvalwater als ter plaatse een gescheiden stelsel ligt. Ook kan
                    bijvoorbeeld geen vergunning worden verleend voor een hemelwateraansluiting op
                    drukriolering. Met deze bepaling in lid 3 is een duidelijke basis gelegd voor
                    handhavend optreden. De gemeente kan bij de handhaving van de
                    rioolaansluitingverordening niet overgaan tot het afsluiten van een
                    aansluitleiding als dit tot gevolg heeft dat de rechthebbende niet meer in staat
                    is zijn afvalwater van het perceel af te voeren. De gemeente zou dan in strijd
                    handelen met haar zorgplicht van artikel 10.33 van de Wet milieubeheer. In
                    plaats van op deze wijze bestuursdwang toepassen, zou in deze gevallen het
                    opleggen van een dwangsom uitkomst kunnen bieden. Daarnaast hanteert de gemeente
                    bij mechanische riolering een maximale afvoer van 1,44 liter per seconde, wat
                    als voorschrift in de vergunning mag worden opgenomen.</al><al>1.3In lid 3 wordt tevens bepaald dat de aansluitvergunning wordt verleend ten
                    behoeve van de afvoer van hemelwater naar het daarvoor bedoelde
                    leidingenstelsel, als ter plaatse een gescheiden stelsel aanwezig is en
                    redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat het afvloeiend hemelwater op of in de
                    bodem of in het oppervlaktewater wordt gebracht. Dit past binnen de watertrits
                    vasthouden – bergen – afvoeren. Wij houden de volgende voorkeursvolgorde
                    aan:</al><lijst><li nr="1."><al>Bergen op eigen terrein.</al></li><li nr="2."><al>Direct lozen op aanwezig of aangrenzend oppervlaktewater.</al></li><li nr="3."><al>Lozen in het hemelwaterstelsel.</al></li><li nr="4."><al>Lozen in het gemengd stelsel.</al></li></lijst><al>1.3In beginsel wordt optie 1 gevolgd. Alleen indien dat niet mogelijk is, kunnen
                    in volgorde de overige aangegeven opties worden gevolgd. </al><al>1.3Als de aansluitvergunning is verleend kan de rechthebbende een verzoek doen
                    aan burgemeester en wethouders om de perceelaansluitleiding aan te leggen zodat
                    de rechthebbende hierop kan aansluiten. Om te voorkomen dat de gemeente
                    aansluitvergunningen verleend voor percelen waar uiteindelijk geen aansluiting
                    tot stand wordt gebracht, kunnen burgemeester en wethouders als een jaar na de
                    vergunningverlening nog geen verzoek is gedaan tot aansluiting, de vergunning
                    van rechtswege laten vervallen. </al><al>1.3Artikel 3 Vergunningaanvraag</al><al>1.3Artikel 3 bepaalt dat de aansluitvergunning moet worden aangevraagd door de
                    rechthebbende. Om dit te vereenvoudigen, moet de aanvraag worden gedaan met een
                    daartoe bestemd formulier. </al><al>1.3In het tweede lid is vastgelegd waaraan de aanvraag moet voldoen. Het is
                    mogelijk dat de gevraagde gegevens, die nodig zijn om een aansluiting goed tot
                    stand te brengen, reeds zijn vastgelegd in een omgevingsvergunning. Hieronder
                    moet ook de voormalige bouwvergunning of een milieuvergunning gelezen worden. In
                    deze gevallen kan de aanvrager volstaan met een kopie van deze gegevens. Op
                    grond van lid 3 krijgt de aanvrager, na daarover geïnformeerd te zijn, nog vier
                    weken de tijd om de gegevens aan te vullen als de overlegde gegevens incompleet
                    zijn.</al><al>1.3Artikel 4 Weigering aansluitvergunning</al><al>1.3In artikel 4 is vastgelegd op welke gronden de vergunning geweigerd kan
                    worden. In lid 1 is aangegeven, dat het moet gaan om redenen die de doelmatige
                    inzameling en afvoer van het riool belemmeren. Dit kunnen bijvoorbeeld
                    juridische of milieuhygiënische weigeringgronden zijn. Naast de gronden die in
                    deze verordening genoemd zijn, gelden ook de algemene regels ten aanzien van
                    lozingen in het Activiteitenbesluit (voor inrichtingen), het Besluit lozen
                    afvalwater huishoudens en het Besluit lozen buiten inrichtingen. Wanneer
                    bijvoorbeeld de lozing van afvalwater de doelmatige werking van het openbaar
                    riool en/of de RWZI belemmert, kan geen vergunning worden verleend. </al><al>1.3In lid 2 worden voorbeelden genoemd van mogelijke weigeringgronden voor
                    aansluiting op de openbare riolering. De in lid 2 genoemde weigeringgronden zijn
                    niet uitputtend bedoeld en moeten worden gezien als ondersteuning van de
                    motivatie om een vergunning te weigeren. Bij een weigering wordt altijd
                    aangegeven aan welke eisen moet worden voldaan om alsnog voor de
                    aansluitvergunning in aanmerking te komen. Per 22 december 2009 is de Waterwet
                    in werking getreden. Deze wet voorziet in een hemelwaterzorgplicht en een
                    zorgplicht voor grondwater, naast de al langer bestaande zorgplicht voor
                    afvalwater in de Wet milieubeheer. De hemel- en grondwaterzorgplicht zijn
                    opgenomen in artikel 3.5 en 3.6 van de Waterwet. De afvalwaterzorgplicht en de
                    hemelwaterzorgplicht zijn van belang in deze verordening. De
                    afvalwaterzorgplicht houdt in het kort in dat de gemeente de zorgplicht heeft om
                    afvalwater in te zamelen en te transporteren naar een zuiveringtechnisch werk
                    van afvalwater .</al><al>1.3De hemelwaterzorgplicht houdt in dat de gemeenteraad of het college van
                    burgemeester en wethouders zorg dragen voor een doelmatige inzameling en
                    verwerking van het afvloeiend hemelwater, voor zover van diegene die zich
                    daarvan ontdoet, voornemens is te ontdoen of zich moet ontdoen, redelijkerwijs
                    niet kan worden gevergd het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het
                    oppervlaktewater te brengen. De rioolaansluitingverordening sluit hier op
                    aan.</al><al>1.3Artikel 5 en 6 Verlening, aanhouding en van rechtswege verleende
                    aansluitvergunning</al><al>1.3Burgemeester en wethouders moeten binnen 3 weken beslissen op de aanvraag.
                    Deze termijn moet voldoende zijn om een aanvraag voor een aansluitvergunning te
                    behandelen. Als binnen deze termijn geen beslissing op de aanvraag is genomen
                    zonder opgaaf van redenen zoals het ontbreken van gegevens om de aanvraag te
                    behandelen of het aanhouden van de aanvraag, geldt het vierde lid van artikel 6.
                    In dat geval is de aansluitvergunning van rechtswege verleend conform de
                    aanvraag. In het geval dat de rechthebbende voor het betreffende perceel ook nog
                    een aanvraag voor een omgevingsvergunning (bouwen en/of milieu) heeft lopen,
                    wordt de aanvraag voor de aansluitvergunning aangehouden totdat deze vergunning
                    is verleend. Een weigering van de omgevingsvergunning vormt een directe
                    weigeringgrond voor de aansluitvergunning. </al><al>1.3Artikel 7 Hardheidsclausule</al><al>1.3Om te voorkomen dat toepassing van de bepalingen omtrent het verlenen van de
                    aansluitvergunning in een concreet geval zou leiden tot een beslissing in strijd
                    met de redelijkheid en billijkheid, is een hardheidsclausule opgenomen om in
                    incidentele gevallen van het bepaalde in afdeling II van deze verordening af te
                    wijken. Er dienen zodanige omstandigheden aanwezig te zijn dat toepassing van de
                    bepalingen betreffende het verlenen van de aansluitvergunning tot pertinente
                    onbillijkheden leiden.</al><al>1.3Artikel 8 Procedure en in acht te nemen termijnen</al><al>1.3In artikel 8 is vastgelegd hoe de rechthebbende na het verkrijgen van de
                    aansluitvergunning een verzoek kan doen tot aansluiting op het openbaar riool.
                    Na het retour zenden van de voor akkoord getekende brief en de betaling door de
                    rechthebbende, dient de gemeente binnen 6 weken een afspraak te maken om de
                    werkzaamheden uit te voeren. </al><al>1.3 Artikel 9 Kosten van de aansluiting</al><al>1.3Het bedrag dat de rechthebbende voor de (aanleg van de) aansluiting dient te
                    betalen, moet worden aangemerkt als een recht dat wordt geheven ter zake van het
                    genot van, door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten (artikel 229,
                    eerste lid, sub b. van de Gemeentewet). Dit betekent dat het in rekening
                    gebrachte bedrag niet hoger mag zijn dan de kosten die de gemeente in
                    werkelijkheid moet maken. De rechthebbende betaalt de werkelijke kosten van de
                    perceelaansluitleiding. De gemeente kan in ieder geval niet worden gehouden tot
                    feitelijke aanleg van de perceelaansluitleiding over te gaan, voordat de
                    rechthebbende zich schriftelijk akkoord heeft verklaard met de kosten van de
                    aanleg van de perceelaansluitleiding en de betaling is bijgeschreven op de
                    rekening van de gemeente. Wanneer de kosten al op een andere manier verhaald
                    zijn of worden, bijvoorbeeld in het kader van de grondexploitatie, dan worden
                    deze niet in rekening gebracht.</al><al>1.3Artikel 10 Uitvoering aanleg of wijziging perceelaansluiting</al><al>1.3In artikel 10 wordt bepaald dat de aanleg van de perceelaansluitleiding
                    geschiedt door of vanwege de gemeente. Nadat de gemeente de
                    perceelaansluitleiding heeft laten aanleggen, sluit de rechthebbende zijn
                    particuliere afvoerleiding aan op de perceelaansluitleiding. Daarna moet het
                    aansluitpunt nog 3 werkdagen in het zicht blijven, zodat de gemeente kan
                    controleren of de aansluiting deugdelijk tot stand is gebracht. Op basis van
                    artikel 6.18, lid 5 Bouwbesluit 2012 kan de gemeente aanwijzingen geven over de
                    wijze waarop de particuliere afvoerleiding de gevel van het bouwwerk dan wel de
                    grens van het terrein moet kruisen en of er voorzieningen moeten worden
                    aangebracht om het terugvloeien van afvalwater of hemelwater te voorkomen
                    wanneer de leiding te laag is gelegen of niet onder vrijverval kan afstromen en
                    bij gevolg het water moet worden verpompt. Tevens kan de gemeente aanwijzingen
                    geven die betrekking hebben op de kwaliteit en de dimensionering van de
                    particuliere afvoerleiding en de in deze leiding op te nemen voorzieningen voor
                    be- en ontluchting. In een omgevingsvergunning kan de gemeente in de
                    voorschriften daar invulling aan geven.</al><al>1.3Artikel 11 Aansluithoogte perceelaansluitleiding </al><al>1.3Artikel 11 bepaalt aan welke voorwaarden de gemeente moet voldoen met
                    betrekking tot de aansluiting van de rechthebbende op het openbaar riool.</al><al>1.3Artikel 12 Beheer</al><al>1.3Artikel 12 geeft nadere regels over het onderhoud, de renovatie en vervanging
                    van de perceelaansluitleiding. In het eerste lid is aangegeven dat onjuist
                    gebruik van de particuliere afvoerleiding niet is toegestaan. De gemeente
                    verricht op haar eigen kosten de onderhouds- en herstelwerkzaamheden aan de
                    perceelaansluiting, tenzij het aannemelijk is dat de betreffende onderhouds- of
                    herstelwerkzaamheden moet worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist gebruik
                    van de particuliere afvoerleiding door de rechthebbende of gebruiker. In dat
                    geval komen de kosten voor rekening van de rechthebbende. Tevens moet de
                    rechthebbende zorgen dat de door hem gebruikte aansluiting vrij blijft van
                    aanslag, slib en dergelijke, waardoor op den duur de leiding verstopt kan raken.
                    De rechthebbende is zelf verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de
                    particuliere afvoerleiding, tenzij aantoonbaar is dat de noodzaak tot onderhoud
                    is veroorzaakt door terugstroming van afvalwater uit het openbaar riool. Wanneer
                    de gemeente de hoogteligging van het aansluitpunt wijzigt moet de rechthebbende
                    ervoor zorgen dat de particuliere afvoerleiding hierop kan worden aangesloten.
                    Dit moet op een zodanige wijze dat de afvoer vanuit het perceel ongehinderd kan
                    plaatsvinden. De kosten die hieraan zijn verbonden blijven voor rekening van de
                    rechthebbende, tenzij het aansluitpunt hoger komt te liggen dan de hoogte ten
                    tijde van de aansluiting. Bij een wijziging van de kadastrale grens dient de
                    ontstoppingsvoorziening op kosten van de rechthebbende verplaatst te worden. </al><al>1.3Artikel 13 Calamiteiten</al><al>1.3In artikel 13 is een calamiteitenregeling opgenomen. Bij verstoppingen laat
                    de rechthebbende onderzoek doen naar de oorzaak van de verstopping. Als de
                    verstopping zich in het openbaar gebied bevindt, moet de gemeente worden
                    ingeschakeld. De gemeente draagt vervolgens zorg voor het verhelpen van de
                    verstopping. Indien men niet de gemeente inschakelt, maar de werkzaamheden
                    volledig laat verrichten door een eigen ingeschakeld bedrijf, vergoedt de
                    gemeente deze kosten niet. </al><al>1.3 Als de verstopping zich in het particuliere deel van de aansluitleiding
                    voordoet, dan behoort dit tot de zorg van de rechthebbende. Wanneer de
                    rechthebbende niet op de hoogte is van de locatie van de
                    ontstoppingsvoorziening, kan contact gezocht worden met de gemeente. De gemeente
                    beschikt over kaartmateriaal waarop de ontstoppingsvoorzieningen zijn
                    aangegeven. </al><al>1.3Artikel 14 Zorgplicht</al><al>1.3In artikel 14 zijn bepalingen opgenomen over de zorg die betracht moet worden
                    bij werkzaamheden, bijvoorbeeld sloopwerkzaamheden, die schade kunnen
                    veroorzaken aan het openbaar riool. Hierbij kan gedacht worden aan verzanding
                    van het riool. In het belang van het openbaar riool heeft de gemeente de
                    bevoegdheid om de aansluiting op het openbaar riool op kosten van de
                    rechthebbende af te sluiten als de rechthebbende zelf geen voorzieningen treft
                    om schade aan het openbaar riool te voorkomen. </al><al>1.3Artikel 15 Beëindiging gebruik</al><al>1.3In dit artikel is vastgelegd dat bij definitieve beëindiging van het gebruik
                    van een aansluitleiding, de aansluitvergunning wordt ingetrokken en de leiding
                    wordt verwijderd. Per geval zal bekeken worden of de gehele aansluiting moet
                    worden verwijderd of dat slechts de particuliere afvoerleiding zal moeten worden
                    verwijderd, waarbij de perceelaansluitleiding wel behouden blijft. In het licht
                    van de plicht van de gemeente om te zorgen voor de doelmatige inzameling en het
                    doelmatig transport van afvalwater kan het gewenst zijn dat de
                    perceelaansluitleiding behouden blijft. Zeker als het gaat om beëindiging van
                    het gebruik vanwege sloop en herbouw van de bestaande bebouwing zou het beter
                    kunnen zijn om te bepalen dat slechts de particuliere afvoerleiding moet worden
                    verwijderd.</al><al>1.3Artikel 16 Overgangsrecht</al><al>1.3Omdat met het van kracht worden van de rioolaansluitingverordening juridisch
                    een nieuwe situatie ontstaat, zijn in artikel 16 een aantal overgangsbepalingen
                    opgenomen. Aanvragen tot aansluiting of wijziging van een aansluiting die na de
                    inwerkingtreding van de nieuwe verordening nog in behandeling worden genomen,
                    worden behandeld volgens de regeling in de verordening. Middels lid 1 van
                    artikel 16 worden op alle reeds bestaande aansluitingen de bepalingen met
                    betrekking tot het beheer en onderhoud en de zorgplicht bij verwijdering en
                    sloop van toepassing verklaard. Uiteraard mag deze toepassing geen strijd
                    opleveren met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Bij wijziging van
                    een bestaande aansluiting bestaat de plicht om daarvoor een aansluitvergunning
                    te verkrijgen. Omdat het denkbaar is dat voor het tot stand brengen van
                    aansluitingen op het openbaar riool in het verleden met perceeleigenaren
                    vergunningen zijn afgegeven waarin afspraken zijn gemaakt die strijd opleveren
                    met de aansluitverordening, is in lid 2 vastgelegd dat in dergelijke situaties
                    de bepalingen van de vergunning prevaleren. Het zou immers in strijd zijn met
                    het rechtszekerheidsbeginsel als deze afspraken zomaar opzij worden gezet. </al><al>1.3Artikel 17 Toezichthouders</al><al>1.3Een persoon die is aangewezen als toezichthouder beschikt in beginsel over
                    alle in afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) opgenomen
                    bevoegdheden. Op grond van artikel 5:14 van de Awb kunnen deze bevoegdheden bij
                    verordening of bij besluit van het college worden beperkt. In dit verband is
                    tevens artikel 5:16a van de Awb van belang. Hierin staat beschreven dat een
                    toezichthouder bevoegd is van personen inzage te vorderen van een
                    identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.
                    Het college wijst in de regel een gemeentelijke afdeling of dienst aan waarvan
                    de ambtenaren zijn belast met het toezicht op de naleving van de verordening.
                    Voorts kan het college ambtenaren aanwijzen van andere afdelingen of
                    diensten.</al><al>1.3Artikel 18 Inwerkingtreding</al><al>1.3De inwerkingtreding van de verordening is in beginsel 8 dagen na de
                    bekendmaking.</al><al>1.3Artikel 19 Citeertitel</al><al>1.3Deze verordening krijgt als titel: Rioolaansluitingverordening gemeente
                    Ermelo 2014.</al></nota-toelichting><bijlage><al><vet>Inhoudsopgave</vet></al><al>Afdeling I Begripsomschrijvingen 3</al><al>Artikel 1 Begripsbepalingen 3</al><al>Afdeling II De aansluitvergunning 4</al><al>Artikel 2 Vergunningplicht 4</al><al>Artikel 3 Vergunningaanvraag 5</al><al>Artikel 4 Weigering aansluitvergunning 5</al><al>Artikel 5 Verlening aansluitvergunning 6</al><al>Artikel 6 Aanhoudingsgrond en van rechtswege verleende
                    aansluitvergunning 6</al><al>Artikel 7 Hardheidsclausule 6</al><al>Afdeling III De aansluiting 7</al><al>Artikel 8 Procedure en in acht te nemen termijnen 7</al><al>Artikel 9 Kosten van de aansluiting 7</al><al>Artikel 10 Uitvoering aanleg of wijziging perceelaansluiting 7</al><al>Artikel 11 Aansluithoogte uitlegger 8</al><al>Afdeling IV Beheer en calamiteiten 9</al><al>Artikel 12 Beheer 9</al><al>Artikel 13 Calamiteiten 9</al><al>Afdeling V Verwijdering aansluiting en sloop 9</al><al>Artikel 14 Zorgplicht 9</al><al>Artikel 15 Beëindiging gebruik 9</al><al>Afdeling VI Overgangs- en slotbepalingen 10</al><al>Artikel 16 Overgangsrecht 10</al><al>Artikel 17 Toezichthouders 10</al><al>Artikel 18 Inwerkingtreding 10</al><al>Artikel 19 Citeertitel 10</al><al>Toelichting 11</al><al>1.1 Inleiding 11</al><al>1.2 Gemeentelijke rioolaansluitingverordening 11</al><al>1.3 Artikelsgewijze toelichting 12</al><al>Artikel 1 Begripsbepalingen 12</al><al>Artikel 2 Vergunningplicht 13</al><al>Artikel 3 Vergunningaanvraag 13</al><al>Artikel 4 Weigering aansluitvergunning 14</al><al>Artikel 5/6 Verlening, aanhouding en van rechtswege verleende
                    aansluitvergunning 14</al><al>Artikel 7 Hardheidsclausule 14</al><al>Artikel 8 Procedure en in acht te nemen termijnen 14</al><al>Artikel 9 Kosten van de aansluiting 15</al><al>Artikel 10 Uitvoering aanleg of wijziging perceelaansluiting 15</al><al>Artikel 11 Aansluithoogte uitlegger 15</al><al>Artikel 12 Beheer 15</al><al>Artikel 13 Calamiteiten 15</al><al>Artikel 14 Zorgplicht 16</al><al>Artikel 15 Beëindiging gebruik 16</al><al>Artikel 16 Overgangsrecht 16</al><al>Artikel 17 Toezichthouders 16</al><al>Artikel 18 Inwerkingtreding 16</al><al>Artikel 19 Citeertitel 16</al></bijlage></regeling></body></cvdr>