<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR333371_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit Wmo Voorst 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Voorst</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Voorst</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.voorst.nl/actueel/bekendmakingen/gemeenteblad/">Gemeenteblad 518</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Besluit Wmo Voorst 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.voorst.nl/actueel/bekendmakingen/gemeenteblad/">gelet op het bepaalde in artikel 156 Gemeentewet, artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en artikel 17, lid 2, artikel 20, lid 3 en artikel 27 van de Verordening Wmo Voorst 2014</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-07-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-03-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Besluit Wmo Voorst 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>overwegende dat de gemeenteraad op 10 maart 2014 de Verordening Wmo 2014
                        heeft vastgesteld;</al><al>dat die verordening zodanig afwijkt van de vorige dat het geldende Besluit
                        maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorst niet meer aansluit bij de
                        nieuwe verordening;</al><al>dat het daarom nodig is het geldende Besluit maatschappelijke ondersteuning
                        gemeente Voorst te vervangen door een op de Verordening Wmo 2014 passend
                        Besluit;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 156 Gemeentewet, artikel 4:81 Algemene wet
                        bestuursrecht en artikel 17, lid 2, artikel 20, lid 3 en artikel 27 van de
                        Verordening Wmo Voorst 2014, </al><al/><al>besluiten:</al><al/><al>vast te stellen het Besluit Wmo Voorst 2014</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>De begripsomschrijvingen uit de Verordening Wmo Voorst 2014 zijn van
                            toepassing op dit besluit.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>BEOORDELING VAN DE TE BEREIKEN RESULTATEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De afweging maken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Verplichting tot meewerken</al><lijst><li nr="a."><al>Een aanvrager is verplicht aan het college of de door
                                            het college aangewezen adviesinstantie(s) al die
                                            gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die
                                            noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de
                                            aanvraag.</al></li><li nr="b."><al>Veroorzaakt belanghebbende onnodige kosten tijdens het
                                            onderzoek dan kunnen die kosten op hem verhaald worden.
                                        </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Medisch advies</al><lijst><li nr="a."><al>Om een zorgvuldig besluit te kunnen realiseren, kan via
                                            de belanghebbende, als de vereiste duidelijkheid niet
                                            langs andere wegen tot stand is gekomen, een medisch
                                            advies ingewonnen worden.</al></li><li nr="b."><al>Belanghebbende is verplicht mee te werken aan het
                                            onderzoek en verstrekt de adviesinstantie de gegevens
                                            die gevraagd worden.</al></li><li nr="c."><al>Bij de advisering maakt de adviseur gebruik van de
                                            systematiek zoals neergelegd in de International
                                            Classification of Functions, Disabilities and
                                            Impairments, de zogenaamde ICF classificatie. </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Aanvullende criteria bij beoordeling aanvraag</al><lijst><li nr="a."><al>Nagaan of de noodzaak een voorziening te treffen van
                                            blijvende aard is, of dat die moet gelden voor een
                                            tijdelijke situatie, bijvoorbeeld in het kader van een
                                            therapie.</al></li><li nr="b."><al>De toe te wijzen voorziening dient te passen binnen de
                                            term ‘goedkoopst compenserend', d.w.z. primair adequaat
                                            en daarnaast het goedkoopst zijn.</al></li><li nr="c."><al>De situatie van de belanghebbende is het uitgangspunt
                                            voor de beoordeling.</al></li><li nr="d."><al>In situaties met een algemeen gebruikelijke voorziening
                                            waarin een aanpassing eerder nodig is dan voorzien,
                                            bestaat daartoe de mogelijkheid.</al></li><li nr="e."><al>Problemen die ontstaan door de aard van gebruikte
                                            materialen en die ook voor een niet belanghebbende
                                            zouden gelden, leiden niet tot een voorziening.</al></li><li nr="f."><al>De belanghebbende die bewust een situatie heeft
                                            bewerkstelligd, waarin hij een voorziening nodig heeft,
                                            komt in beginsel niet in aanmerking voor de aangevraagde
                                            voorziening.</al></li><li nr="g."><al>Recht op een schadevergoeding impliceert in beginsel dat
                                            een gelijktijdig ingediende aanvraag om een voorziening
                                            wordt afgewezen.</al></li><li nr="h."><al>Een voorziening wordt niet afgestemd op de luxe waarin
                                            een belanghebbende woont, maar op een situatie
                                            ‘uitrustingsniveau sociale woningbouw’.</al></li><li nr="i."><al>Meerkosten ten opzichte van een gangbare situatie of
                                            compensatie van een situatie waarin een voorziening door
                                            eigen schuld verloren is gegaan, leiden niet tot een
                                            voorziening. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Motivering beslissing via beschikking</al><lijst><li nr="a."><al>Bij een positief besluit blijkt uit de beschikking op
                                            welke wijze de ondervonden beperking gecompenseerd wordt
                                            en hoe de compenserende maatregel bijdraagt aan het
                                            behoudt en de bevordering van de zelfredzaamheid en de
                                            normale participatie aan het maatschappelijk verkeer van
                                            belanghebbende.</al></li><li nr="b."><al>Bij een negatief besluit blijkt uit de beschikking
                                            waarom compensatie niet noodzakelijk of ongewenst is.
                                            Deze situaties doen zich voor als door toewijzing
                                            afhankelijkheid van zorg en voorzieningen ontstaat
                                            terwijl er nog behandelmogelijkheden zijn.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>DE TE BEREIKEN RESULTATEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Een schoon en leefbaar huis</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>HV als voorziening </al><al>Om te bereiken dat belanghebbende in staat is te wonen in een
                                    schoon en leefbaar huis, kan HV worden geïndiceerd. De omvang
                                    van HV wordt uitgedrukt in uren en is mogelijk in de vorm van
                                    een:</al><lijst><li nr="a."><al>verstrekking in natura,</al></li><li nr="b."><al>pgb. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Normtijden </al><al>Aan de hand van de landelijke normtijden, zoals opgenomen in de
                                    bijlage bij dit besluit, worden de toe te wijzen uren
                                    vastgesteld. </al></li><li nr="3."><al>Beschikking</al><lijst><li nr="a."><al>De toe te kennen HV wordt opgenomen in een
                                            beschikking.</al></li><li nr="b."><al>Bij HV in natura worden de dienstverleningsopdracht en
                                            de rapportage van de klantmanager in kopie toegezonden
                                            aan de instelling die de HV gaat verzorgen.</al></li><li nr="c."><al>De benodigde gegevens voor de berekening van de eigen
                                            bijdrage worden toegezonden aan het CAK. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>HV voor onbepaalde tijd</al><lijst><li nr="a."><al>Constateert een klantmanager bij een huisbezoek dat de
                                            situatie van een aanvrager niet meer kan en zal
                                            veranderen, dan komt aanvrager in aanmerking voor
                                            toekenning van HV voor onbepaalde tijd.</al></li><li nr="b."><al>In de beschikking tot toekenning van HV wordt opgenomen
                                            dat belanghebbende verplicht is elke wijziging in de
                                            eigen situatie, die te maken heeft met de toegekende HV,
                                            te melden. </al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Mantelzorger kan onvoldoende voorzien</al><al>Kan de mantelzorger onvoldoende voorzien in de HV, dan kan voor
                                    belanghebbende (gedeeltelijke) HV worden geïndiceerd met als
                                    doel dat de mantelzorger beter in staat is te voorzien in de HV.
                                </al></li><li nr="6."><al>Gebruikelijke zorg en leeftijd huisgenoten</al><al>In de volgende situaties wordt geen HV geïndiceerd:</al><lijst><li nr="a."><al>ongeacht studie of werk een eigen kamer bijhouden, de
                                            tafel dekken en helpen bij de afwas bij gezinsleden
                                            tussen 12 en 18 jaren, ook al zijn die gezinsleden daar
                                            niet aan gewend;</al></li><li nr="b."><al>een eenpersoons huishouden voeren bij uitwoning op
                                            kamers wegens studie vanaf 18 jaren;</al></li><li nr="c."><al>een zelfstandig huishouden voeren vanaf 23 jaren en
                                            daartoen in staat zijn.</al><al>In uitzonderlijke situaties is een tijdelijke
                                            voorziening voor taakaansturing en taken aanleren
                                            mogelijk. Bij een (zeer) hoge leeftijd kan deze
                                            verplichting achterwege worden gelaten.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Gebruikelijke zorg en niet-gezinsleden </al><al>Huisgenoten die in het huis van de belanghebbende wonen, geen
                                    familie zijn en een huurovereenkomst hebben, worden niet
                                    betrokken bij de afweging of er sprake is van gebruikelijke
                                    zorg. </al></li><li nr="8."><al>Gebruikelijke zorg en werk </al><al>Bij werkenden, uitgezonderd beroepsgroepen als zeevarenden,
                                    vrachtwagenchauffeurs en daarmee vergelijkbare beroepsgroepen
                                    waarvoor uit hoofde van hun beroep geldt dat zij langdurig van
                                    huis (moeten) zijn, wordt geen rekening gehouden met zeer drukke
                                    werkzaamheden bij uitstelbare zorg. </al></li><li nr="9."><al>Voorliggende voorzieningen</al><lijst><li nr="a."><al>Als aanwezige voorliggende voorzieningen, c.q.
                                            weigeringsgrond bij een verzoek om HV, worden
                                            aangemerkt:</al><al> - kinderopvang (crèche, kinderdagverblijf,
                                            peuterspeelzaal, overblijfmogelijkheden op school en
                                            voor- of naschoolse opvang),</al><al>- oppascentrales, </al><al>- maaltijddiensten, </al><al>- honden uitlaatservice, </al><al>- boodschappendiensten.</al></li><li nr="b."><al>Bij de beoordeling is het niet relevant: </al><al>- of aanvrager al dan niet gebruik wil maken van één of
                                            meer van de genoemde voorzieningen, </al><al> - welke kosten aan de voorliggende voorziening zijn
                                            verbonden. </al></li></lijst></li><li nr="10."><al>De maximale bedragen per uur voor een persoonsgebonden budget
                                    voor huishoudelijke verzorging zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>Voor hulp door een zorgaanbieder en een daartoe opgeleid
                                            persoon (ZZP’er): het gemiddelde van het met de
                                            gecontracteerde zorgaanbieders overeengekomen tarief
                                            voor HV1 (€ 20,72).</al></li><li nr="b."><al>Voor hulp door een niet daartoe opgeleid persoon: 75%
                                            van het bedrag genoemd onder a (€ 15,58).</al></li><li nr="c."><al>Voor hulp door een zorgaanbieder en een daartoe opgeleid
                                            persoon (ZZP’er): het gemiddelde van het met de
                                            gecontracteerde zorgaanbieders overeengekomen tarief per
                                            uur voor HV2 (€ 23,31).</al></li><li nr="d."><al>Voor hulp door een niet daartoe opgeleid persoon: 75%
                                            van het bedrag genoemd onder c (€ 17,48).</al></li></lijst></li><li nr="11."><al>Verantwoording pgb Het pgb voor HV kan steekproefsgewijs worden
                                    gecontroleerd op een doelgericht en doelmatig gebruik. Bij een
                                    controle worden de volgende documenten opgevraagd:
                                    betalingsbewijzen en/of de salarisadministratie inclusief een
                                    arbeidsovereenkomst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Wonen in een geschikt huis</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Woonvoorzieningen </al><al>Om te bereiken dat de belanghebbende normaal gebruik kan maken
                                    van zijn woning, kunnen woonvoorzieningen worden geïndiceerd in
                                    de vorm van een</al><lijst><li nr="a."><al>verstrekking in natura,</al></li><li nr="b."><al>pgb en</al></li><li nr="c."><al>financiële tegemoetkoming.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Wegingsfactoren </al><al>Of aanvrager in aanmerking komt voor een woonvoorziening hangt
                                    af van de ondervonden beperkingen en belemmeringen en van de
                                    bouwkundige situatie van de woning.</al></li><li nr="3."><al>Losse woonvoorzieningen</al><lijst><li nr="a."><al>Waar mogelijk wordt uit het oogpunt van herbruikbaarheid
                                            gekozen voor verstrekking van losse
                                            woonvoorzieningen.</al></li><li nr="b."><al>Ook in situaties waarin mensen wachten op opname in een
                                            zorginstelling of wanneer zij terminaal zijn, wordt bij
                                            voorkeur gewerkt met losse woonvoorzieningen.</al></li><li nr="c."><al>De losse woonvoorziening is bedoeld als oplossing voor
                                            een elementaire woonfunctie; de oplossing kan eventueel
                                            ook worden geboden via een bouwkundige voorziening.</al></li><li nr="d."><al>De losse woonvoorziening dient een goedkoop en
                                            compenserend alternatief te zijn voor een vaste
                                            woonvoorziening.</al></li><li nr="e."><al>Voorbeelden van losse woonvoorzieningen zijn tilliften,
                                            badliften, douche-/toiletstoelen, douchestretchers of
                                            badtransferplanken.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Specifieke situaties bij wonen in een geschikt huis</al><lijst><li nr="a."><al>Uitgesloten van een voorziening zijn woonsituaties die
                                            niet gericht zijn op een permanent zelfstandig
                                            hoofdverblijf. Ook in woonsituaties waarbij het bewoonde
                                            gebouw standaard geacht wordt te zijn voorzien van de
                                            beoogde voorziening is een voorziening niet
                                            mogelijk.</al></li><li nr="b."><al>Naast het gestelde onder a wordt primair beoordeeld of
                                            sprake is van een algemene dan wel van een specifieke
                                            situatie.</al></li><li nr="c."><al>Beide ouderlijke woningen gelden als hoofdverblijf in de
                                            situatie waarin gehandicapte kinderen van gescheiden
                                            ouders door beide ouders in co-ouderschap worden
                                            opgevoed. Aanvullend geldt de eis dat zij feitelijk de
                                            helft van de tijd bij de ene en de andere helft van de
                                            tijd bij de andere ouder wonen.</al></li><li nr="d."><al>De gemeente beslist over de voorziening voor de ouder
                                            waarvan de woning in de gemeente staat. Dit kunnen dus
                                            ook beide ouders zijn.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Sociale factoren</al><al>Sociale omstandigheden worden in het indicatieonderzoek zoveel
                                    mogelijk geobjectiveerd. De volgende factoren worden daarbij mee
                                    gewogen.</al><lijst><li nr="a."><al>In de buurt van de huidige woning is een geschiktere of
                                            goedkoper aan te passen woning beschikbaar.</al></li><li nr="b."><al>Er zijn winkels en een werkplek in de directe
                                            woonomgeving van de nieuwe woning aanwezig.</al></li><li nr="c."><al>Er is sprake van een bedrijf, c.q.
                                            kantoor-aan-huis-situatie.</al></li></lijst><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Woonvoorzieningen in natura/pgb</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Woonvoorzieningen in natura Woonvoorzieningen met een
                                    aanschafprijs onder € 200,00, waaronder wandbeugel(s) en een
                                    eenvoudige toilet-/douchestoel, worden niet verstrekt. De
                                    voorzieningen die wel worden verstrekt, kunnen ook via een pgb
                                    worden aangeschaft. De hoogte van dit pgb is maximaal de
                                    tegenwaarde van de goedkoopst compenserende voorziening die de
                                    gemeente dient te betalen bij de eigen leverancier.</al></li><li nr="2."><al>Verantwoording pgb Het pgb voor bedoelde voorzieningen wordt
                                    verantwoord door een rekening en betalingsbewijs in te leveren
                                    bij het college. </al></li><li nr="3."><al>Eigen bijdrage</al><lijst><li nr="a."><al>Voor de bedoelde voorzieningen wordt voor
                                            belanghebbenden vanaf achttien jaren een eigen bijdrage
                                            in rekening gebracht.</al></li><li nr="b."><al>De maximale eigen bijdrage is gebaseerd op de
                                            aanschafprijs plus de onderhoudskosten.</al></li><li nr="c."><al>De eigen bijdrage wordt geïnd in periodes van vier weken
                                            over een afschrijvingsperiode op basis van de daarvoor
                                            bestaande “lijst eigen bijdragen” die als bijlage bij
                                            dit Besluit is gevoegd.</al></li><li nr="d."><al>Bij een herverstrekking wordt de eigen bijdrage geïnd
                                            over de resterende afschrijvingsperiode. </al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Woonvoorzieningen in de vorm van een financiële
                                tegemoetkoming</titel></kop><al>Woonvoorzieningen in de vorm van een financiële tegemoetkoming kunnen
                            zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening, c.q. de
                                    woningaanpassing,</al></li><li nr="b."><al>een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening.
                                </al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Een bouwkundige of woontechnische voorziening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Woningaanpassingen Woningaanpassingen kunnen zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>drempels verwijderen,</al></li><li nr="b."><al>een aanbouw realiseren,</al></li><li nr="c."><al>een opklapbare douchezit plaatsen,</al></li><li nr="d."><al>een berging / badkamer aanpassen, </al></li><li nr="e."><al>een deur verbreden, </al></li><li nr="f."><al>een woning bezoekbaar maken, </al></li><li nr="g."><al>een pad- en/of terrasverharding en </al></li><li nr="h."><al>extra bouw- en grondkosten. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Normaal gebruik en woningaanpassing</al><lijst><li nr="a."><al>Het normale gebruik van de woning omvat de elementaire
                                            woonfuncties wonen, slapen en douchen. Deze activiteiten
                                            gelden als activiteiten die de gemiddelde Nederlander in
                                            elk geval in zijn woning doet. Hieronder vallen ook
                                            lichaamsreiniging, toiletgang, voedsel bereiden en
                                            consumeren en zich horizontaal en verticaal verplaatsen
                                            in de woning. Voor kinderen komt daar veilig kunnen
                                            spelen in de woonruimten bij. </al></li><li nr="b."><al>Een woningaanpassing dient te passen binnen het normale
                                            gebruik van de woning.</al></li><li nr="c."><al>Een dialyseruimte, een therapeutisch bad en
                                            voorzieningen met een therapeutisch doel vallen buiten
                                            het normaal gebruik.</al></li><li nr="d."><al>Problemen van incidentele aard, noodvoorzieningen,
                                            hobbyruimtes en studeerkamers hebben geen elementaire
                                            woonfunctie en vallen daarom niet onder normaal
                                            gebruik.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Te accepteren kosten </al><al>De hoogte van de financiële tegemoetkoming is maximaal gelijk
                                    aan de door het college per situatie geaccepteerde kosten van de
                                    woningaanpassing. Om de te accepteren kosten te kunnen bepalen,
                                    kan een offerte opgevraagd worden.</al></li><li nr="4."><al>Hoogte financiële tegemoetkoming </al><al>De kosten die bij woningaanpassing mee genomen kunnen worden,
                                    zijn de volgende.</al><lijst><li nr="a."><al>De aanneemsom (hierin begrepen de loon- en
                                            materiaalkosten) voor het treffen van de
                                            voorziening.</al></li><li nr="b."><al>De risicoverrekening van loon- en materiaalkosten, met
                                            inachtneming van de Risicoregeling woning- en
                                            utiliteitsbouw 1991.</al></li><li nr="c."><al>Het architectenhonorarium wordt zo laag mogelijk
                                            vastgesteld en bedraagt maximaal 10% van de aanneemsom,
                                            met dien verstande dat het honorarium niet hoger is dan
                                            het maximale honorarium als bepaald in SR 1988 van de
                                            BNA. Alleen in die gevallen dat het noodzakelijk is dat
                                            een architect voor de woningaanpassing moet worden
                                            ingeschakeld worden deze kosten subsidiabel geacht. Het
                                            betreft dan veelal de ingrijpender
                                            woningaanpassingen.</al></li><li nr="d."><al>De kosten voor het toezicht op de uitvoering, indien dit
                                            noodzakelijk is, tot een maximum van 2% van de
                                            aanneemsom.</al></li><li nr="e."><al>De leges voor zover deze betrekking hebben op de te
                                            treffen voorziening.</al></li><li nr="f."><al>De verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare
                                            omzetbelasting.</al></li><li nr="g."><al>Renteverlies in verband met de noodzakelijke
                                            betaling(en) aan derden, tot de datum van gereedmelding,
                                            voor zover dit verband houdt met de bouw dan wel de te
                                            treffen voorzieningen.</al></li><li nr="h."><al>De prijs van bouwrijpe grond, indien noodzakelijk, als
                                            niet binnen de oorspronkelijke kavel kan worden gebouwd.
                                        </al></li><li nr="i."><al>De door het college (schriftelijk) goedgekeurde
                                            kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de
                                            kosten redelijkerwijs niet voorzien konden worden.</al></li><li nr="j."><al>De kosten in verband met noodzakelijk technisch
                                            onderzoek en adviezen met betrekking tot de te
                                            verrichten aanpassing.</al></li><li nr="k."><al>De kosten van (her)aansluiting op de openbare
                                            nutsvoorziening.</al></li><li nr="l."><al>De administratiekosten worden zo laag mogelijk
                                            vastgesteld en bedragen maximaal 10% van de hiervoor
                                            genoemde kosten die de eigenaar en/of verhuurder maakt
                                            voor een woonvoorziening en voor zover de kosten onder a
                                            tot en met k meer dan € 1.000,00 bedragen. Maximaal
                                            wordt € 350,00 voor administratiekosten vergoed.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Voorwaarden voor uitbetaling van de financiële
                                    tegemoetkoming</al><lijst><li nr="a."><al>Om te bereiken dat de woningaanpassing wordt uitgevoerd
                                            conform het programma van eisen, worden de gestelde
                                            eisen in de beschikking opgenomen.</al></li><li nr="b."><al>De eisen die gesteld worden, zijn de volgende: </al><lijst><li nr="1."><al>De eigenaar of huurder verstrekt toegang tot de
                                                  woonruimte waar de woningaanpassing wordt
                                                  aangebracht aan de door het college aangewezen
                                                  personen.</al></li><li nr="2."><al>De eigenaar of bewoner biedt inzicht in
                                                  bescheiden en tekeningen die betrekking hebben op
                                                  de woningaanpassing aan door het college
                                                  aangewezen personen.</al></li><li nr="3."><al>De eigenaar of huurder biedt de gelegenheid tot
                                                  controle op de woningaanpassing aan de door het
                                                  college aangewezen personen.</al></li><li nr="4."><al>Direct nadat de werkzaamheden zijn voltooid en
                                                  uiterlijk binnen twaalf maanden na de toekenning
                                                  van de financiële tegemoetkoming (of pgb) meldt de
                                                  woningeigenaar dat de bedoelde werkzaamheden
                                                  gereed zijn.</al></li><li nr="5."><al>De eigenaar of huurder voegt bij de
                                                  gereedmelding een verklaring dat de aanpassing
                                                  conform het programma van eisen is
                                                  uitgevoerd.</al></li><li nr="6."><al>De eigenaar of huurder voegt alle rekeningen en
                                                  betalingsbewijzen van de werkzaamheden bij de
                                                  gereedmelding.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>De gereedmelding is het verzoek om de definitieve
                                            vaststelling en uitbetaling van de tegemoetkoming (het
                                            pgb).</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Opstalverzekering </al><al>Voor een vergrote woning wordt geen hogere opstalverzekering
                                    vergoed.</al></li><li nr="7."><al>Losse woonunit </al><al>Een belanghebbende komt niet in aanmerking voor een aanbouw aan
                                    of een aanzienlijke verbouwing van een woning als een losse
                                    woonunit de goedkoopst compenserende oplossing is.</al></li><li nr="8."><al>Primaat losse woonunit</al><lijst><li nr="a."><al>Is de kans op hergebruik van een tegen veel geld aan te
                                            passen woning niet of in zeer geringe mate reëel, dan
                                            wordt, nadat is gebleken dat verhuizen geen optie is,
                                            eerst bezien of een losse unit ingezet kan worden.</al></li><li nr="b."><al>Bij de afwegingen voor de losse unit wordt tevens
                                            beoordeeld of de unit binnen de geldende juridische en
                                            planologische voorwaarden past. </al></li><li nr="c."><al>Als programma van eisen voor de losse unit kan het
                                            programma voor een aanbouw worden gebruikt. De
                                            verwijderkosten, c.q. de kosten om de woning terug te
                                            brengen in de oude staat, worden beschikbaar gesteld via
                                            de beschikking waarbij de losse unit wordt
                                            gefaciliteerd. </al></li></lijst></li><li nr="9."><al>Terugbetaling bij verkoop meerwaarde woonvoorziening</al><lijst><li nr="a."><al>De eigenaar-bewoner is bij verkoop van de woning binnen
                                            de afschrijvingstermijn van een ontvangen voorziening
                                            verplicht de verkoop bij het college te melden. Het
                                            college gaat bij een melding na of er een
                                            terugbetalingsverplichting is.</al></li><li nr="b."><al>De erven van de eigenaar-bewoner als bedoeld onder a
                                            treden in de plaats van de eigenaar-bewoner.</al></li><li nr="c."><al>Er is een verplichting tot terugbetaling als de
                                            meerwaarde door de voorziening groter is dan €
                                            20.000,00.</al></li><li nr="d."><al>De terugbetaling wordt bepaald door de formule: </al><al>90% van de meerwaarde bij verkoop na 1 jaar. </al><al>80% van de meerwaarde bij verkoop na 2 jaren. </al><al>70% van de meerwaarde bij verkoop na 3 jaren. </al><al>60% van de meerwaarde bij verkoop na 4 jaren. </al><al>50% van de meerwaarde bij verkoop na 5 jaren. </al><al>40% van de meerwaarde bij verkoop na 6 jaren. </al><al>30% van de meerwaarde bij verkoop na 7 jaren. </al><al>20% van de meerwaarde bij verkoop na 8 jaren. </al><al>10% van de meerwaarde bij verkoop na 9 jaren. </al></li></lijst></li><li nr="10."><al>Maxima</al><lijst><li nr="a."><al>Voor een verhard pad tussen de openbare weg en de
                                            hoofdingang van de woning of tusseneen tweede ingang en
                                            een berging en/of tuinpoort als voorziening geldt dat de
                                            kosten tot maximaal 20 m² aanleg of uitbreiding onder de
                                            voorziening kunnen worden gebracht.</al></li><li nr="b."><al>Voor een verhard terras geldt dat de kosten tot maximaal
                                            6 m² aanleg of uitbreiding onder de voorziening kunnen
                                            worden gebracht.</al></li><li nr="c."><al>Voor een woning bezoekbaar maken, geldt een maximum
                                            bijdragen van € 6.000,00. </al></li></lijst></li><li nr="11."><al>Maxima bij uitbreiding woning </al><al>Bij een aanbouw aan de woning of uitbreiding van ruimten in de
                                    woning wordt voor maximaal onderstaand aantal m² een financiële
                                    tegemoetkoming verleend, tenzij er een medische noodzaak is voor
                                    een ander maximum en dit door een onafhankelijk adviserend arts
                                    is vastgesteld.</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><thead><row><entry><al>Soort vertrek</al></entry><entry><al>Max <cursief>m² aanbouw</cursief></al></entry><entry><al>Max <cursief>m² uitbreiding</cursief></al></entry></row></thead><tbody><row><entry><al>Woonkamer</al></entry><entry><al>30</al></entry><entry><al>6</al></entry></row><row><entry><al>Keuken</al></entry><entry><al>10</al></entry><entry><al>4</al></entry></row><row><entry><al>Eénpersoonsslaapkamer</al></entry><entry><al>10</al></entry><entry><al>4</al></entry></row><row><entry><al>Tweepersoonsslaapkamer</al></entry><entry><al>18</al></entry><entry><al>4</al></entry></row><row><entry><al>Toiletruimte</al></entry><entry><al>2</al></entry><entry><al>1</al></entry></row><row><entry><al>Wastafel in badkamer</al></entry><entry><al>2</al></entry><entry><al>1</al></entry></row><row><entry><al>Doucheruimte in badkamer</al></entry><entry><al>3</al></entry><entry><al>2</al></entry></row><row><entry><al>Entree/hal/gang</al></entry><entry><al>5</al></entry><entry><al>2</al></entry></row><row><entry><al>Berging</al></entry><entry><al>6</al></entry><entry><al>4</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></li><li nr="12."><al>Samenhang financiële tegemoetkoming en pgb </al><al>Voor alle woningaanpassingen uit dit artikel wordt geen pgb
                                    verstrekt.</al></li><li nr="13."><al>Eigen aandeel </al><al>Voor een woningaanpassing uit dit artikel wordt bij
                                    belanghebbenden vanaf achttien jaren een eigen aandeel in
                                    rekening gebracht. Dit eigen aandeel wordt gedurende maximaal
                                    drie jaren in periodes van vier weken in rekening gebracht tot
                                    een maximum van 75% van de financiële tegemoetkoming.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Een niet bouwkundige of niet woontechnische voorziening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzieningen </al><al>Onder de niet bouwkundige of woontechnische voorzieningen
                                    behoren onder andere </al><lijst><li nr="a."><al>de inrichting van een uitraasruimte,</al></li><li nr="b."><al>onderhoud, keuring en reparatie van een woning,</al></li><li nr="c."><al>tijdelijke huisvesting, </al></li><li nr="d."><al>een verhuis- en herinrichtingvergoeding en </al></li><li nr="e."><al>een woningsanering. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De uitraasruimte</al><lijst><li nr="a."><al>De belanghebbende met een aantoonbare beperking op grond
                                            van ziekte of gebrek, uit mondend in een gedragsstoornis
                                            die leidt tot ernstig ontremd gedrag, kan in aanmerking
                                            komen voor een financiële tegemoetkoming in de kosten
                                            van een uitraasruimte. Die mogelijkheid is er alleen als
                                            vaststaat dat de belanghebbende door de afzondering in
                                            de uitraasruimte tot rust kan komen.</al></li><li nr="b."><al>Voor de realisatie van een uitraasruimte wordt bij
                                            belanghebbenden vanaf achttien jaren een eigen aandeel
                                            in rekening gebracht dat is gebaseerd op de feitelijke
                                            realisatiekosten.</al></li><li nr="c."><al>Voor een uitraasruimte die is bedoeld om overlast voor
                                            huisgenoten te beperken wordt een maatwerkoplossing
                                            gerealiseerd. Hiervoor is een financiële tegemoetkoming
                                            mogelijk.</al></li><li nr="d."><al>Voor de inrichting van de uitraasruimte wordt advies
                                            gevraagd van een onafhankelijk psychiater, psycholoog of
                                            orthopedagoog. </al></li><li nr="e."><al>De uitraasruimte is in beginsel beperkt van omvang en
                                            wordt afgestemd op de mate waarin sprake is van ernstig
                                            ontremd gedrag. </al></li><li nr="f."><al>De ruimte wordt zodanig ingericht dat belanghebbende tot
                                            rust kan komen, geen prikkels opdoet en er veilig is
                                            voor zichzelf. </al></li><li nr="g."><al>De ruimte bevat voorzieningen voor toezicht. Technische
                                            apparatuur om toezicht te kunnen uitoefenen valt niet
                                            onder de voorziening.</al></li><li nr="h."><al>In samenhang met de inrichting van de uitraasruimte kan
                                            een andere ruimte, bijvoorbeeld de slaapkamer van de
                                            belanghebbende, ook aangepast worden.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Onderhoud, keuring en reparatie van een woning </al><al>De belanghebbende die een voorziening vraagt in het kader van
                                    kosten van onderhoud, keuring en reparatie kan daarvoor in
                                    aanmerking komen indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de woonvoorziening haar grondslag heeft in een
                                            wettelijke voorziening,</al></li><li nr="b."><al>de belanghebbende de woonruimte als hoofdverblijf heeft
                                            en</al></li><li nr="c."><al>de voorziening in natura kan worden verstrekt, tenzij de
                                            kosten van de voorziening deel uit maken van de
                                            verstrekking van een woonvoorziening als
                                            persoonsgebonden budget. In dat geval wordt een passend
                                            bedrag vastgesteld op basis van ervaringsbedragen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Tijdelijke huisvesting</al><lijst><li nr="a."><al>De belanghebbende die een voorziening vraagt in de niet
                                            vermijdbare dubbele woonlasten 1. bij tijdelijke
                                            huisvesting in een zelfstandige woonruimte of 2. bij de
                                            noodzaak de bestaande woning langer te moeten aanhouden,
                                            krijgt de feitelijke lasten tot aan de maximum huurgrens
                                            ingevolge de Wet op de huurtoeslag voor een periode van
                                            maximaal zes maanden vergoed.</al></li><li nr="b."><al>De belanghebbende die een voorziening vraagt in de niet
                                            vermijdbare dubbele woonlasten bij tijdelijke
                                            huisvesting in een niet zelfstandige woonruimte, krijgt
                                            de helft van de feitelijke lasten tot aan de maximum
                                            huurgrens ingevolge de Wet op de huurtoeslag voor een
                                            periode van zes maanden vergoed. </al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Verhuis- en herinrichtingvergoeding </al><al>De belanghebbende die verhuist van een niet adequate woning naar
                                    een adequate woning kan in aanmerking komen voor een financiële
                                    tegemoetkoming tot een maximum van € 2.500,00. </al></li><li nr="6."><al>Primaat van de verhuizing bij wonen in een geschikt huis</al><lijst><li nr="a."><al>Als vast staat dat een woningaanpassing noodzakelijk is,
                                            wordt eerst beoordeeld of een snellere en/of financieel
                                            gunstigere verhuizing naar een al aangepaste woning, of
                                            naar een goedkoper en gemakkelijker aan te passen woning
                                            een oplossing biedt (de goedkoopst adequate
                                            oplossing).</al></li><li nr="b."><al>Het primaat van de verhuizing vervalt, als blijkt
                                            dat</al><lijst><li nr="1."><al>de woonlasten (eigen of huurwoning), </al></li><li nr="2."><al>het tijdbestek waarbinnen een oplossing nodig
                                                  is, </al></li><li nr="3."><al>de snelheid waarmee een aanpassing mogelijk
                                                  is,</al></li><li nr="4."><al>de balans tussen negatieve aspecten voor de
                                                  belanghebbende en (financiële) voordelen voor de
                                                  gemeente, leiden, c.q. leidt tot een negatieve
                                                  uitkomst voor de belanghebbende.</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="7."><al>Verhuizen of aanpassen </al><al>De volgende kosten worden afgewogen bij de bepaling van de
                                    voorziening.</al><lijst><li nr="a."><al>De huidige en voorzienbare toekomstige aanpassingskosten
                                            van de bewoonde woonruimte.</al></li><li nr="b."><al>De financiële tegemoetkoming in de verhuis- en
                                            herinrichtingskosten.</al></li><li nr="c."><al>De eventuele aanpassingskosten van de nieuwe
                                            woning.</al></li><li nr="d."><al>De kosten van het eventueel vrijmaken van de
                                            woning.</al></li><li nr="e."><al>De eventuele financiële tegemoetkoming voor huurderving.
                                        </al></li></lijst></li><li nr="8."><al>Verhuizen en de geschiktheid van een huis</al><lijst><li nr="a."><al>Bij een verhuizing met keuzemogelijkheden dient de
                                            verhuizende belanghebbende te kiezen voor het meest
                                            geschikte huis, tenzij de gemeente na overleg vooraf een
                                            andere woning acceptabel heeft verklaard. </al></li><li nr="b."><al>Bij een verhuizing van een geschikt naar een minder
                                            geschikt huis wordt een woningaanpassing alleen vergoed
                                            als belanghebbende werk heeft aanvaard op zodanige
                                            afstand dat verhuizen noodzakelijk is. Een vergelijkbare
                                            reden kan ook tot vergoeding leiden.</al></li><li nr="c."><al>Bij een echtscheiding die impliceert dat de aangepaste
                                            woning niet langer bewoond kan worden, wordt verwacht
                                            dat belanghebbende vooraf contact opneemt met de
                                            gemeente. In dat geval volgt overleg en onderzoekt de
                                            gemeente wat de goedkoopst compenserende oplossing
                                            is.</al></li></lijst></li><li nr="9."><al>Verhuizen bij voorzienbare veranderingen</al><lijst><li nr="a."><al>Als voorspelbare veranderingen worden aangemerkt de
                                            verhuizing 1. bij gezinsuitbreiding naar een grotere
                                            woning, 2. van de jong volwassene die zelfstandig wil
                                            wonen en 3. bij wonen in een woning die binnen een
                                            periode van vijf jaren afgebroken of onbewoonbaar zal
                                            worden verklaard.</al></li><li nr="b."><al>De eigen verantwoordelijkheid van belanghebbende staat
                                            voorop als een voorspelbare verhuizing zich aandient. De
                                            essentie is dat de belanghebbende voorziet dat de eigen
                                            situatie op termijn zodanig wijzigt dat minimaal een
                                            woningaanpassing of verhuizing nodig is.</al></li><li nr="c."><al>De belanghebbende die te lang wacht met de keuze voor
                                            een andere woning, komt niet voor een voorziening in
                                            aanmerking tenzij er redenen zijn toch een uitzondering
                                            te maken.</al></li></lijst></li><li nr="10."><al>Financiële tegemoetkoming bij verhuizing</al><lijst><li nr="a."><al>Een financiële tegemoetkoming voor verhuis- en
                                            inrichtingskosten wordt verstrekt zodra de bewoner
                                            belemmeringen ondervindt bij het normale gebruik van de
                                            woning en die belemmeringen via een verhuizing op
                                            verzoek van het college op de goedkoopst compenserende
                                            wijze kunnen worden opgelost.</al></li><li nr="b."><al>Voor een vergoeding moet sprake zijn van één of meer van
                                            de volgende opties.</al><lijst><li nr="1."><al>De aanvrager gaat vanwege problemen met het
                                                  normale gebruik van de woning verhuizen naar een
                                                  adequate woning.</al></li><li nr="2."><al>De aanvrager vraagt een woonvoorziening aan in
                                                  de vorm van een woningaanpassing, en na onderzoek
                                                  blijkt verhuizen de goedkoopst compenserende
                                                  oplossing te zijn voor het woonprobleem. Ook
                                                  mogelijk is dat de betreffende woning niet kan
                                                  worden aangepast.</al></li><li nr="3."><al>De aangepaste woning dient te worden vrijgemaakt
                                                  voor een persoon die in een niet aangepaste woning
                                                  woont.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Is een verhuizing, gelet op leeftijd, gezins- en
                                            woonsituatie algemeen gebruikelijk dan wordt geen
                                            financiële tegemoetkoming toegekend.</al></li><li nr="d."><al>Een financiële tegemoetkoming voor verhuis- en
                                            herinrichtingskosten wordt niet toegekend gekend als
                                            belanghebbende is verhuisd voordat op de aanvraag is
                                            beschikt. Indien achteraf, n uiterlijk binnen drie
                                            maanden na de verhuizing, alsnog kan worden vastgesteld
                                            dat er in de verlaten woning problemen bij het normale
                                            gebruik van de woning werden ondervonden, kan alsnog een
                                            financiële tegemoetkoming worden toegekend. </al></li></lijst></li><li nr="11."><al>Woningsanering</al><lijst><li nr="a."><al>Voor een woningsanering wordt een tegemoetkoming
                                            verleend gelijk aan de normbedragen in de Nibud
                                            richtlijnen. Een verstrekking is alleen mogelijk indien
                                            de te vervangen vloerbedekking en/of gordijnen nog niet
                                            zijn afgeschreven. Is de afschrijvingstermijn onbekend,
                                            dan bepaalt het college de afschrijvingstermijn.</al></li><li nr="b."><al>Voor een woningsanering wordt bij belanghebbenden vanaf
                                            achttien jaren een eigen aandeel in rekening gebracht
                                            dat is gebaseerd op de feitelijke kosten.</al></li><li nr="c."><al>Het eigen aandeel wordt gedurende maximaal drie jaren in
                                            periodes van vier weken in rekening gebracht tot een
                                            maximum van 75% van de financiële tegemoetkoming.</al></li></lijst></li><li nr="12."><al>Carapatiënten</al><lijst><li nr="a."><al>Is door een huisarts en/of longarts de diagnose gesteld
                                            dat sprake is van een allergie, astma of chronische
                                            bronchitis (CARA), dan is toekenning van een financiële
                                            tegemoetkoming voor woningsanering mogelijk.</al></li><li nr="b."><al>De sanering bestaat in de regel uit nieuwe
                                            vloerbedekking in de slaapkamer, maar bij kinderen onder
                                            de vier jaren kan ook een nieuwe vloerbedekking in de
                                            woonkamer worden gelegd.</al></li><li nr="c."><al>De noodzaak voor een financiële vergoeding wordt mede
                                            bepaald in relatie tot het levenspatroon en leefregels.
                                            Relevant zijn bijvoorbeeld de woninginrichting,
                                            ventilatiemogelijkheden en het rookgedrag. Het college
                                            kan hierover advies vragen, eventueel met inschakeling
                                            van een gespecialiseerde Caraverpleegkundige.</al></li><li nr="d."><al>De belanghebbende dient zich na de aanschaf van nieuwe
                                            materialen aan het programma van eisen voor de
                                            woninginrichting te houden en dient zelf waar mogelijk
                                            maatregelen te treffen ter voorkoming van
                                            CARA-klachten.</al></li><li nr="e."><al>De tegemoetkoming wordt geweigerd</al><lijst><li nr="1."><al>als de aanvrager bij aanschaf van een artikel
                                                  redelijkerwijs had kunnen weten dat hij daarop
                                                  overgevoelig zou reageren of</al></li><li nr="2."><al>als de gevraagd voorziening niet tot verbetering
                                                  van de situatie van aanvrager leidt of </al></li><li nr="3."><al>als de te vervangen stoffering is afgeschreven,
                                                  dan wel ouder is dan twaalf jaren of</al></li><li nr="4."><al>bij een verhuizing omdat dan rekening kan worden
                                                  gehouden met de ondervonden klachten.</al></li><li nr="5."><al>De tegemoetkoming wordt normaal gesproken
                                                  verstrekt als de belanghebbende bij de aanschaf
                                                  van materialen vooraf niet had kunnen weten dat
                                                  CARA zou ontstaan, of dat die zou verergeren en
                                                  als vervanging medisch gezien op zeer korte
                                                  termijn noodzakelijk is.</al></li><li nr="6."><al>De tegemoetkoming wordt in hoogte afgestemd op
                                                  de afschrijvingstermijn van de stoffering: </al><al>100% als het artikel tot en met 2 jaren oud is, </al><al>75% als het artikel 3 tot en met 5 jaren oud is, </al><al>50% als het artikel 6 tot en met 8 jaren oud is, </al><al>25% als het artikel 9 tot en met 11 jaren oud
                                                  is.</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="13."><al>Eigen aandeel Voor een woningaanpassing uit dit artikel wordt
                                    bij belanghebbenden vanaf achttien jaren een eigen aandeel in
                                    rekening gebracht dat gedurende maximaal drie jaren in periodes
                                    van vier weken in rekening wordt gebracht tot een maximum van
                                    75% van de financiële tegemoetkoming. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Zich verplaatsen in en om de woning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rolstoel Om te bereiken dat belanghebbende in staat is in en
                                    om de woning zo normaal mogelijk te functioneren, kan een
                                    rolstoel als voorziening geïndiceerd worden.</al></li><li nr="2."><al>Medisch onderzoek Een rolstoel wordt geïndiceerd als die vrijwel
                                    dagelijks nodig is en daarvoor na medisch onderzoek een
                                    indicatie is afgegeven. Bij de indicatie worden de specificaties
                                    van de benodigde rolstoel vermeld.</al></li><li nr="3."><al>Periodiek onderzoek</al><lijst><li nr="a."><al>Om na te kunnen gaan of de verstrekte voorziening nog
                                            geschikt is voor belanghebbende, kan periodiek worden
                                            getoetst of de persoonlijke situatie van belanghebbende
                                            nog dezelfde is als bij de laatste indicatie.</al></li><li nr="b."><al>Afhankelijk van het onderzoeksresultaat volgt een
                                            indicatie voor een nieuwe voorziening of een
                                            herbevestiging van de bestaande indicatie. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Bewoners van een verzorgingshuis Bewoners van een
                                    verzorgingshuis komen voor een rolstoel in aanmerking als zij
                                    daarvoor op grond van de AWBZ niet in aanmerking komen.</al></li><li nr="5."><al>Het pgb Wordt een rolstoel als voorziening geïndiceerd, dan kan
                                    belanghebbende kiezen voor een pgb. De hoogte van een pgb is de
                                    tegenwaarde van de rolstoel plus instandhoudingkosten die als
                                    goedkoopst compenserend kan worden aangemerkt.</al></li><li nr="6."><al>Verantwoording pgb bij in lid 2 genoemde voorziening </al><al>Het pgb wordt verantwoord door een rekening en betalingsbewijs
                                    in te leveren bij het college.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Vormen van een vervoersvoorziening Om te bereiken dat de
                                    belanghebbende in staat is zich lokaal te verplaatsen met een
                                    vervoermiddel, kunnen vervoersvoorzieningen worden geïndiceerd
                                    in </al><lijst><li nr="a."><al>natura of </al></li><li nr="b."><al>een pgb.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Prioritering </al><lijst><li nr="a."><al>Bij een vervoersprobleem wordt eerst gekeken of een
                                            algemene voorziening een snelle, een- voudige en
                                            geschikte oplossing biedt voor het geconstateerde
                                            probleem.</al></li><li nr="b."><al>Biedt een algemene voorziening niet de geschikte
                                            oplossing, dan wordt beoordeeld of met collectief, c.q.
                                            openbaar vervoer, mits dit medisch gezien adequaat is,
                                            kan worden voorzien in het probleem.</al></li><li nr="c."><al>Bij de beoordeling van de geschiktheid van het openbaar
                                            vervoer worden de afstand tussen de woonruimte en de
                                            opstap- of uitstaphalte en de bestemming
                                            beoordeeld.</al></li><li nr="d."><al>Openbaar vervoer wordt tot een loopafstand van in
                                            beginsel 800 meter als bereikbaar aangemerkt. Heeft
                                            belanghebbende last van onbeheersbare incontinentie, van
                                            ernstige gedragsproblemen of spelen andere
                                            uitzonderlijke situaties, dan wordt collectief vervoer
                                            niet geschikt beschouwd.</al></li><li nr="e."><al>De belanghebbende die niet zelfstandig, al dan niet met
                                            hulpmiddelen en in een redelijk tempo 800 meter kan
                                            afleggen, of voor wie het onmogelijk is in het openbaar
                                            vervoer te komen, komt in aanmerking voor een
                                            vervoersvoorziening.</al></li><li nr="f."><al>De opheffing van een buslijn, waardoor een halte op
                                            grote(re) afstand komt te liggen, geeft als enkelvoudig
                                            feit geen grond een vervoersvoorziening te verstrekken.
                                            Beoordeeld wordt dan ondermeer of belanghebbende over de
                                            grotere afstand kan fietsen.</al></li><li nr="g."><al>Een vervoersvoorziening wordt toegekend voor vervoer op
                                            korte afstand of tot 100 meter, zeker als het gaat om
                                            sociaal vervoer, ook wel genoemd “vervoer in het kader
                                            van het leven van alledag in de directe woon- of
                                            leefomgeving".</al></li><li nr="h."><al>Een vervoersvoorziening kan ook bestaan uit een
                                            voorziening in natura of een pgb. </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Bijzondere doelen </al><al>Recreatieve verplaatsingen en daarmee vergelijkbare doelen die
                                    deel uitmaken van het levenspatroon van alledag geven een grond
                                    voor de toekenning van een voorziening.</al></li><li nr="4."><al>Uitgesloten doelen </al><al>Geen voorziening binnen de kaders van de Wmo wordt toegekend
                                    voor</al><lijst><li nr="a."><al>recreatie en ontspanning die niet tot het
                                            standaardlevenspatroon behoren;</al></li><li nr="b."><al>woon-werkverkeer, want het UWV kent daarvoor
                                            voorzieningen toe en ook de WSW biedt mogelijkheden;
                                        </al></li><li nr="c."><al>vrijwilligerswerk, want de Centrale Raad van Beroep gaat
                                            er van uit dat de organisatie, waarvoor het werk wordt
                                            verricht, betaalt;</al></li><li nr="d."><al>vervoer van en naar medische behandelaars, want de
                                            Regeling Zorgverzekering kent voorliggende
                                            voorzieningen. In de jurisprudentie komen spaarzame
                                            uitzonderingen voor bij een medische noodzaak en
                                            daardoor is een zorgvuldige afweging nodig; </al></li><li nr="e."><al>dagopvang of dagverzorging; ook hier spaarzame
                                            uitzonderingen als onder d;</al></li><li nr="f."><al>onderwijs, want er zijn voorliggende voorzieningen,
                                            zoals leerlingenvervoer op grond van de
                                            onderwijswetgeving en voorzieningen via het UWV, de
                                            voormalige Wet Rea-voorzieningen. </al></li></lijst></li><li nr="5."><al>AWBZ gerelateerde situaties</al><lijst><li nr="a."><al>Voor bewoners van AWBZ-instellingen geldt dat voor een
                                            aanzienlijk deel van hun bestemmingen in het kader van
                                            het leven van alle dag is voorzien.</al></li><li nr="b."><al>Begeleiding bij vervoer kan nodig zijn. Daarbij mag
                                            rekening worden gehouden met de agogische taak van het
                                            personeel. </al></li><li nr="c."><al>Bewoners van een AWBZ-instelling vallen voor regionaal
                                            vervoer en bij dreigende vereenzaming, c.q. sociaal
                                            isolement voor bovenregionaal tweewekelijks vervoer in
                                            principe onder dezelfde reguliere zorgplicht als andere
                                            inwoners van de gemeente. Beperkingen via maatwerk zijn
                                            mogelijk.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vervoersvoorzieningen in natura en pgb</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Vervoervoorzieningen in natura</al><lijst><li nr="a."><al>Vervoervoorzieningen in natura kunnen zijn een
                                            scootmobiel en/of een driewielfiets en/of een
                                            Regiotaxipas. Ook een autoaanpassing of een gesloten
                                            buitenwagen zijn mogelijk.</al></li><li nr="b."><al>Deze voorzieningen kunnen ook via pgb worden
                                            aangeschaft. De hoogte van een pgb is maximaal de
                                            tegenwaarde van de goedkoopst compenserende voorziening
                                            die de gemeente dient te betalen bij de eigen
                                            leverancier.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Periodiek onderzoek </al><al>Om na te kunnen gaan of de verstrekte voorziening nog geschikt
                                    is voor belanghebbende, kan periodiek worden getoetst of de
                                    persoonlijke situatie van belanghebbende nog dezelfde is als bij
                                    de laatste indicatie.</al></li><li nr="3."><al>Verantwoording pgb </al><al>Het pgb voor bedoelde voorzieningen wordt verantwoord door een
                                    rekening en betalingsbewijs in te leveren bij het college.</al></li><li nr="4."><al>Eigen bijdrage</al><lijst><li nr="a."><al>Voor de voorzieningen genoemd in de leden 1 en 2 wordt
                                            bij een leeftijd vanaf achttien jaren een eigen bijdrage
                                            in rekening gebracht.</al></li><li nr="b."><al>De maximale eigen bijdrage is gebaseerd op de actuele
                                            aanschafprijs plus de onderhoudskosten. De berekening
                                            van de eigen bijdrage wordt op verzoek van
                                            belanghebbende inzichtelijk gemaakt.</al></li><li nr="c."><al>De eigen bijdrage wordt geïnd in periodes van vier weken
                                            over een afschrijvingsperiode en is afhankelijk van de
                                            soort voorziening. </al></li><li nr="d."><al>Bij een herverstrekking wordt de eigen bijdrage geïnd
                                            over de nog resterende afschrijvingsperiode.</al></li><li nr="e."><al>De eigen bijdrage voor de Regiotaxipas bedraagt nul
                                            euro.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vervoersvoorzieningen in de vorm van een financiële
                                tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Autoaanpassing </al><al>Een financiële tegemoetkoming voor een autoaanpassing is
                                    mogelijk.</al></li><li nr="2."><al>Hoogte financiële tegemoetkoming </al><al>De hoogte van de financiële tegemoetkoming is maximaal gelijk
                                    aan de door het college geaccepteerde kosten van de
                                    autoaanpassing.</al></li><li nr="3."><al>Eigen aandeel </al><al>Voor een financiële tegemoetkoming in de kosten van de
                                    autoaanpassing wordt gedurende maximaal drie jaren in periodes
                                    van vier weken een eigen aandeel in rekening gebracht tot een
                                    maximum van 75% van de financiële tegemoetkoming.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>De mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te
                                nemen aan recreatieve-, sport-, maatschappelijke en
                                levensbeschouwelijke activiteiten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorziening Om te bereiken dat een belanghebbende in staat is
                                    om contacten te hebben met medemensen en om deel te nemen aan
                                    recreatieve, sport, maatschappelijke en levensbeschouwelijke
                                    activiteiten, kan een voorziening geïndiceerd worden.</al></li><li nr="2."><al>De sportvoorzieningen</al><lijst><li nr="a."><al>Een sportvoorziening kan toegekend worden als sprake is
                                            van zodanig aantoonbare beperkingen op grond van ziekte
                                            of gebrek dat sportbeoefening zonder deze voorziening
                                            onmogelijk is.</al></li><li nr="b."><al>Voordat een sportvoorziening wordt geïndiceerd is het
                                            wenselijk dat eerst ervaring wordt opgedaan in het
                                            gebruik er van via een sportvereniging waar plaats is
                                            voor gehandicaptensport.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De financiële tegemoetkoming De sportvoorziening wordt verstrekt
                                    als financiële tegemoetkoming en bedraagt maximaal € 3.500,00
                                    voor de aanschaf en het onderhoud van de voorziening voor de
                                    duur van vier jaren. </al></li><li nr="4."><al>Eigen aandeel Voor de sportvoorziening is voor een
                                    belanghebbende vanaf achttien jaren een eigen aandeel
                                    verschuldigd. Het eigen aandeel wordt in vier wekelijkse
                                    perioden in rekening gebracht gedurende maximaal vier jaren tot
                                    maximaal 50% van de toegekende financiële tegemoetkoming.</al></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>HET pgb</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Een pgb budget wordt niet toegekend als</al><lijst><li nr="a."><al>er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de aanvrager zonder
                                    deskundige hulp niet in staat is tot een verantwoorde besteding
                                    daarvan,</al></li><li nr="b."><al>uit onderzoek is gebleken dat de aanvrager een eerder pgb niet
                                    in overeenstemming met doel en/of bestemming heeft ingezet,
                                </al></li><li nr="c."><al>op grond van de progressiviteit van een ziektebeeld de
                                    aangevraagde voorziening zo snel weer door een aangepaste
                                    voorziening vervangen dient te worden dat deze verstrekking zich
                                    niet leent voor een pgb,</al></li><li nr="d."><al>de benodigde HV korter nodig is dan drie maanden.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Oneigenlijk gebruik</titel></kop><lijst><li nr="a."><al>Opzettelijk gebruik van het pgb in strijd met het doel waarvoor
                                    het is verstrekt, leidt tot gehele of gedeeltelijke
                                    terugvordering van budgetten over de periode waarin sprake was
                                    van oneigenlijk gebruik.</al></li><li nr="b."><al>De terugvordering geschiedt op basis van maatwerk en uitgaande
                                    van redelijkheid en billijkheid.</al></li><li nr="c."><al>Oneigenlijk gebruik van het pgb door onwetendheid, kan
                                    verschoonbaar worden verklaard.</al></li><li nr="d."><al>Herhaald oneigenlijk gebruik met een herhaald beroep op
                                    onwetendheid is in beginsel niet verschoonbaar.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum van publicatie en
                            werkt terug tot 1 januari 2013, behoudens in die gevallen waarin de
                            terugwerkende kracht negatief uitpakt voor de belanghebbende.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Beleidsregels</titel></kop><al>Alle geldende beleidsregels op de datum van vaststelling van dit besluit
                            vervallen met inachtneming van het bepaalde in artikel 16 met ingang van
                            de datum van inwerkingtreding van dit besluit.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit besluit wordt aangehaald als “Besluit Wmo Voorst 2014”.</al><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten op 1 juli 2014</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>Burgemeester en wethouders voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De secretaris,</ondertekening><ondertekening>E.J.M. van Leeuwen </ondertekening><ondertekening/><ondertekening> de burgemeester,</ondertekening><ondertekening> drs. J.T.H.M. Penninx </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>