<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR332659_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Koggenland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Koggenland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch Gemeenteblad, 09-07-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0005416/GELDIGHEIDSDATUM_26-06-2014">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0005416/GELDIGHEIDSDATUM_26-06-2014">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-07-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-07-10</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>D15.004827</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door het <extref doc="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/XHTMLoutput/Historie/Koggenland/371548/371548_1.html">REGLEMENT VAN ORDE VOOR DE VERGADERINGEN EN ANDERE WERKZAAMHEDEN VAN DE GEMEENTERAAD EN HET GESPREK EN HET DEBAT 2015</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="1."><al>lid: lid of buitengewoon lid van een raadscommissie; </al></li><li nr="2."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger; </al></li><li nr="3."><al>commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger; </al></li><li nr="4."><al>griffier: griffier van de raad of diens vervanger; </al></li><li nr="5."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling raadscommissies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt de volgende raadscommissies in: a. Commissie Burger en
                                Bestuur b. Commissie Grondgebied c. Commissie Middelen d. Presidium
                                e. Agenda commissie</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, kan het
                                onderwerp in een zogenaamd raadsberaad besproken worden. Hierin
                                hebben alle raadsleden en de onder artikel 4 lid 3 genoemde leden
                                zitting. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken: </al><lijst><li nr="1."><al>de raadscommissies Burger en Bestuur, Grondgebied en Middelen
                                    bereiden de besluitvorming door de raad voor en overleggen met
                                    het college over de onderwerpen op basis van de
                                    organisatie-indeling. </al></li><li nr="2."><al>het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;
                                </al></li><li nr="3."><al>voeren van overleg met het college of de burgemeester over in
                                    ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte
                                    inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de in
                                    artikel 2, tweede lid, derde of vierde lid, genoemde
                                    onderwerpen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een raadscommissie bestaat uit tenminste één en maximaal drie leden
                                per fractie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op
                                voordracht van de fracties. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De fractie kan één niet raadslid voordragen voor benoeming in (een
                                van) de commissies. De artikelen 10 tot en met 15 van de Gemeentewet
                                zijn van overeenkomstige toepassing op een lid van een
                                raadscommissie. Dit genoemde lid dient daarnaast tijdens de laatste
                                verkiezingen van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van
                                de fractie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn
                                midden benoemd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is belast met: a. het voorbereiden en leiden van de
                                vergadering; b. het handhaven van de orde; c. het doen naleven van
                                deze verordening; d. hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en hun
                                plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                zittingsperiode van de raad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een
                                raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4,
                                derde lid, gestelde eisen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan een lid en plaatsvervangend lid ontslaan op voorstel van
                                de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde
                                ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.
                                Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de
                                raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming
                                van artikel 4 en 5. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad,
                                vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die
                                fractie is benoemd, van rechtswege. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Griffier en commissiegriffier</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Griffier en commissiegriffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt ter ondersteuning van iedere raadscommissie het
                                sectorhoofd van het desbetreffende organisatie onderdeel als
                                commissiegriffier. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissiegriffier is in iedere vergadering aanwezig. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt hij vervangen door de
                                griffier of een van de als plaatsvervanger te benoemen
                                afdelingshoofden van het desbetreffende organisatie-onderdeel. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter kan de burgemeester, één of meer wethouders en de
                                secretaris uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan de
                                beraadslagingen deel te nemen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de burgemeester of een wethouder bij een vergadering aanwezig
                                wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij hiertoe
                                een verzoek aan de voorzitter. De voorzitter neemt zo spoedig
                                mogelijk een voorlopige beslissing op het verzoek. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen en voorbereiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissies vinden in de regel plaats op
                                    maandag volgens een jaarlijks door het presidium vast te stellen
                                    rooster op basis van een in beginsel vijf-wekelijkse cyclus,
                                    beginnen om 18.00 uur of om 20.00 uur, en worden gehouden in het
                                    gemeentehuis. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                    nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties schriftelijk
                                    met opgaaf van redenen daarom verzoeken. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere aanvangsuur
                                    bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert
                                    hierover overleg met de griffier. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Agendacommissie</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Agendacommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een agendacommissie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De agendacommissie bestaat uit het presidium en de voorzitters
                                    van de raadscommissies of hun plaatsvervangers. De griffier of
                                    zijn vervanger en de commissiegriffiers zijn in elke vergadering
                                    van de agendacommissie aanwezig. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De agendacommissie heeft tot taak de werkwijze van de raad en
                                    commissies te evalueren en overlegt hiertoe ten minste een maal
                                    per jaar . </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Oproep</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering
                                    de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag,
                                    het tijdstip en de plaats van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                    uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de
                                    Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                    schriftelijke oproep aan de leden verzonden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                    artikel 13, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                    voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk
                                    48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De agenda</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van
                                    een vergadering een aanvullende agenda opstellen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                    vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                    raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan
                                    de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende
                                    voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college
                                    of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De
                                    raadscommissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of
                                    voorstel opnieuw geagendeerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen
                                    op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van
                                    de schriftelijke oproepvoor een ieder op het gemeentehuis ter
                                    inzage gelegd.. Indien na het verzenden van de schriftelijke
                                    oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan
                                    mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een openbare
                                    kennisgeving. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten
                                    het gemeentehuis gebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de
                                    griffier en verleent de griffier een lid inzage. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep
                                    door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of
                                    huis-aan-huisbladen, in het gemeentelijk informatieblad of op de
                                    voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en in de
                                    regel door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar
                                    gemaakt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openbare kennisgeving vermeldt: a. de datum, aanvangstijd en
                                    plaats, alsmede de voorlopige agenda van de vergadering; b. de
                                    wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en de daarbij
                                    behorende stukken kan inzien; c. de mogelijkheid tot het
                                    uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld in artikel 17. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende
                                    concept-voorstellen en concept-besluiten, indien digitaal
                                    beschikbaar, op de website van de gemeente geplaatst. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid onmiddellijk de
                                presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst
                                door de voorzitter en de commissiegriffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Opening vergadering en quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende
                                        leden aanwezig is. </al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter
                                        onder verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de
                                        namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende
                                        vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig
                                        uur na het bezorgen van de schriftelijke oproep is gelegen.
                                    </al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste
                                        lid niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over
                                        andere aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten,
                                        indien blijkens de presentielijst meer dan de helft van het
                                        aantal zitting hebbende leden aanwezig is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17a</nr><titel>Spreekrecht burgers bij agendapunten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Vóór de behandeling van een agendapunt inventariseert de
                                    voorzitter of een van de aanwezigen op de publieke tribune het
                                    woord wil voeren over het onderwerp. De inspreker krijgt het
                                    woord vóórdat de leden van de commissie in eerste of in tweede
                                    termijn hebben gesproken. De inspreker maakt zich, voordat hij
                                    het woord neemt bekend bij de commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan niet worden gevoerd over de Rondvraag. Over de
                                    Ingekomen stukken en het verslag kan eenmaal, in eerste termijn,
                                    het woord worden gevoerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de inspreker bedoel in lid 1 van dit artikel is het bepaalde
                                    in de leden 2 en 4 en 5 van artikel 17b is van toepassing. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17b</nr><titel>Spreekrecht burgers bij niet-agendapunten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers
                                    gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren
                                    over onderwerpen die niet op de agenda staan. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan niet gevoerd worden over: a. een besluit van het
                                    gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep openstaat of heeft
                                    opengestaan; b. benoemingen, keuzen, voordrachten of
                                    aanbevelingen van personen; c. een gedraging waarover een klacht
                                    ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon
                                    worden ingediend. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                    uiterlijk om 11.00 uur op de vrijdag voorafgaand aan de
                                    vergadering aan de commissiegriffier. Hij vermeldt daarbij zijn
                                    naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het
                                    woord wil voeren. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                    voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                    belang is van de orde van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                    voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
                                    er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in
                                    bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de
                                    spreektijd. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                    verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de
                                    commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
                                    verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats
                                    tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering. De
                                    voorzitter of een lid doet een voorstel voor de behandeling van
                                    de inbreng van de burger. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het conceptverslag van de voorgaande vergadering wordt aan de
                                    leden toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep. Het
                                    conceptverslag wordt op hetzelfde moment aan de overige personen
                                    die het woord gevoerd hebben, toegezonden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het begin van de vergadering wordt, het verslag van de
                                    vorige vergadering vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders,
                                    hebben het recht, een voorstel tot wijziging van het verslag aan
                                    de raadscommissie te doen, indien het verslag onjuistheden bevat
                                    of niet duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is. Een
                                    voorstel tot verandering dient voor de aanvang van de
                                    vergadering schriftelijk bij de commissiegriffier te worden
                                    ingediend. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het verslag moet inhouden: a. de namen van de voorzitter, de
                                    griffier, de commissiegriffier, de burgemeester en de
                                    wethouders, de secretaris en de ter vergadering aanwezige leden,
                                    allen voorzover aanwezig, alsmede van de overige personen die
                                    het woord gevoerd hebben, afzonderlijk wordt vermeld; b. welke
                                    leden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de
                                    orde zijn geweest; d. een zakelijke samenvatting van het
                                    gesprokene met vermelding van de namen der aanwezigen die het
                                    woord voerden gericht op de verstrekte informatie, de conclusies
                                    uit de uitwisseling van argumenten en de openstaande vragen; d.
                                    bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van
                                    die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 24
                                    door de raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de
                                    beraadslagingen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de
                                    commissiegriffier. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de
                                    commissiegriffier ondertekend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp
                                    of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het
                                    spreken over een voorstel van orde. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                        mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                        toegelicht. </al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de
                                        vergadering betreffen. </al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                        terstond. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: a.
                                    de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze
                                    verordening te herinneren; b. een lid hem interrumpeert. De
                                    voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere
                                    interrupties zijn betoog zal afronden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                    uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde
                                    onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan
                                    wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter
                                    tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg
                                    geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin
                                    zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                    ontzeggen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                    heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                    sluiten. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat
                                    door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het
                                    verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan
                                    verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de
                                    voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan
                                    het lid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering worden ontzegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid
                                    beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                    voorstel afzonderlijk te beraadslagen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te
                                    schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te
                                    geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden
                                    hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of
                                    een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van
                                    het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Advies</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                    (technisch) voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging,
                                    tenzij de raadscommissie anders beslist. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, concludeert de voorzitter of
                                    het voorstel door kan voor behandeling door de raad.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verslag van een besloten vergadering wordt niet rondgedeeld,
                                    maar ligt uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier.
                                </al></li><li nr="2."><al>Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al
                                    dan niet openbaar maken van dit verslag. Het vastgestelde
                                    verslag wordt door de voorzitter en de commissiegriffier
                                    ondertekend. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al><vet>Artikel 28 Geheimhouding</vet></al><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                            indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom
                            verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg
                            gevoerd. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde
                                van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die
                                bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten
                                hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al><vet>Artikel 31 Geluid- en beeldregistraties </vet></al><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet
                            zover gaan dat zij de vrijheid van pers aantasten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het stand-by houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering zonder toestemming van de voorzitter niet
                            toegestaan. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Overleg op initiatief van de raad / Rondetafelgesprekken</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit hoofdstuk wordt, in afwijking van artikel 1, verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>gesprek: het ronde-tafelgesprek;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: de voorzitter van het gesprek of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>RTG-griffier: de griffier of een van de commissiegriffiers</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Doel van het rondetafelgesprek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Doel van het gesprek is het verzamelen van alle informatie over een
                                onderwerp, zodat de raad daarover een gewogen uitspraak kan doen of
                                besluit kan nemen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Daartoe is er ruimte voor inwoners, maatschappelijke organisaties en
                                bedrijven om hun meningen en ideeën te geven over op de agenda
                                vermelde onderwerpen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het gesprek is geen ruimte voor debat noch voor het verwoorden
                                van standpunten. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In het gesprek is geen gelegenheid om leden van het college politiek
                                ter verantwoording te roepen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het gesprek is openbaar. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het presidium stelt de agenda voor het gesprek vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het presidium bepaalt de datum, aanvangstijd en vergaderplaats van
                                het gesprek.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het presidium stelt de agenda inclusief de te behandelen stukken
                                zeven dagen vóór het gesprek beschikbaar. Voor de bekendmaking is
                                artikel 14 van toepassing. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het presidium draagt zorg voor de uitnodigingen voor het gesprek.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Deelnemers aan het gesprek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan het gesprek kunnen deelnemen de in de raad vertegenwoordigde
                                fracties , een vertegenwoordiging van het college, belanghebbende
                                burgers en deskundigen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Belanghebbenden kunnen zich tot aanvang van het gesprek bij de
                                voorzitter of de RTG-griffier melden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Iedere raadsfractie is vertegenwoordigd door één raadslid of een
                                daarvoor door de raad aangewezen lid als bedoeld in artikel vier lid
                                3. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan zich laten bijstaan door ambtelijk deskundigen.
                            </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De deelnemers aan het gesprek spreken vanaf een vooraf aangewezen
                                zitplaats. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>De procedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belanghebbenden en deskundigen hebben de gelegenheid in het gesprek
                                relevante informatie, ideeën en meningen naar voren te brengen.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college heeft de gelegenheid in het gesprek een beknopte
                                toelichting op aan de orde zijnde stukken te geven en te reageren op
                                de inbreng van andere deelnemers aan het gesprek. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raadsleden hebben de gelegenheid beknopt aan de andere deelnemers
                                een (nadere) toelichting te vragen op ingebrachte stukken of de in
                                het gesprek naar voren gebrachte zaken. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De agenda van de vergadering wordt in één uur afgehandeld. Niet
                                behandelde punten worden aangehouden tot een volgend gesprek. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raadsleden formuleren bij meerderheid een aanbeveling aan de raad
                                inzake de agendering, welke kan inhouden dat het onderwerp rijp is
                                voor behandeling in de raadsvergadering, het wordt aangehouden of
                                niet op de agenda van de raad wordt geplaatst. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt uit zijn midden en ontslaat de voorzitter en
                                plaatsvervangers. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is belast met het leiden van het gesprek, het
                                handhaven van de orde en het doen naleven van het reglement van
                                orde. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter nodigt belanghebbenden, deskundigen en het college uit
                                aan tafel. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter verleent het woord. Daarvoor hanteert hij zoveel
                                mogelijk de vooraf bepaalde volgorde van sprekers. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De voorzitter sluit het gesprek met het verwoorden van de conclusie,
                                zoals vastgesteld conform artikel 57, lid 5. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>De RTG-griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In ieder gesprek is een RTG-griffier aanwezig, die functioneert
                                onder de zorg van de griffier. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij verhindering of afwezigheid van de RTG-griffier draagt de
                                griffier zorg voor vervanging. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De RTG-griffier kan aan het gesprek deelnemen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De RTG-griffier draagt zorg voor een beknopt verslag van het
                                gesprek. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag bevat tenminste: </al><lijst><li nr=""><al>de namen van de voorzitter, de RTG-griffier en alle
                                        deelnemers aan het gesprek; </al></li><li nr=""><al>een vermelding van alle nieuwe informatie die naar voren is
                                        gebracht; </al></li><li nr=""><al>de nog openstaande vragen en de toezeggingen van het
                                        college; </al></li><li nr=""><al>de conclusie van het gesprek. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het verslag wordt zoveel mogelijk vastgesteld in de eerstvolgende
                                raadsvergadering. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>is van overeenkomstige toepassing.</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al> In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel
                            over de toepassing van de hoofdstukken 1 tot en met 6 van de
                            verordening, beslist de raadscommissie op voorstel van de voorzitter, en
                            voor zover het de toepassing van hoofdstuk 7 betreft, de voorzitter van
                            het Ronde Tafel Gesprek. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al> De werkwijze zoals neergelegd in de verordening wordt jaarlijks
                            geëvalueerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al> Deze verordening treedt in werking op 21 maart 2009 Op dat tijdstip
                            vervalt de Verordening op de raadscommissies 2007 van de gemeente
                            Koggenland, vastgesteld op 2 januari 2007. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>