<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR332494_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Wegsleepverordening gemeente Loon op Zand 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Wegsleepverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-04-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-05-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Wegsleepverordening gemeente Loon op Zand 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Besluit</vet></al><al>De raad van de gemeente Loon op Zand;</al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 14 februari
            2012, nummer 2012/22.</al><al>gelet op het advies van de commissie <vet>Bestuur en Middelen</vet>, d.d. 5 april
            2012;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de Wegsleepverordening Gemeente Loon op Zand 2012</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990 : het Reglement Verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al></li><li nr="b."><al>wet: : de Wegenverkeerswet 1994</al></li><li nr="c."><al>besluit: : het Besluit wegslepen van voertuigen</al></li><li nr="d."><al>voertuig: : wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, onder al RVV 1990</al></li><li nr="e."><al>motorrijtuig : wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder c van
                de wet</al></li><li nr="f."><al>het college : het college van burgemeester en wethouders</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzen van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden verwijderd,
              overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het vrijhouden van wegen en
              weggedeelten.</titel></kop><al>Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c van de wet
            worden alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen, voor zover ze behoren
            tot een van de in artikel 2 van het besluit bedoelde soorten van wegen en
            weggedeelten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als plaats van bewaring van voertuigen wordt aangewezen het terrein van “Autobedrijf
            A.P.J. Scheerders B.V.”, gevestigd aan de Vaartweg nr. 86 te Dongen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openingstijden van de in het eerste lid bedoelde bewaarplaats worden door het
            college vastgesteld, in nader overleg met onder artikel 3 lid 1 bedoeld autobedrijf.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Kosten overbrengen en bewaren van voertuigen.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De kosten van het overbrengen van een voertuig naar de bewaarplaats worden jaarlijks
            door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld. </al><al>De door in het artikel 3, eerste lid, genoemd bedrijf in rekening te brengen kosten
            aan overtreder van artikel 2, bedragen voor 2012:</al><lijst><li nr="a."><al>Voorrijkosten (loze rit) € 56,15 incl. BTW. Indien de toezichthouder de
                    wegsleepactie is gestart, het wegsleepbedrijf is opgeroepen maar de
                    bezitter/bestuurder van het voertuig zijn voertuig verplaatst voordat tot
                    daadwerkelijke overbrenging is overgegaan. Deze kosten komen ten laste van de
                    overtreder en dienen aan bewaarder, vermeld onder artikel 3, lid 1 voldaan te
                    worden;</al></li><li nr="b."><al>Overbrengkosten € 212,20 incl. BTW. Indien het voertuig door het
                    wegsleepbedrijf is overgebracht naar de bewaarplaats. deze kosten komen ten
                    laste van de overtreder en dienen aan bewaarder, vermeld onder artikel 3, lid 1
                    voldaan te worden;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De kosten van het bewaren en het overdragen van een voertuig, per etmaal
                    bedragen € 37,00 incl. BTW, deze kosten komen ten laste van de overtreder en
                    dienen aan bewaarder, vermeld onder artikel 3, eerste lid voldaan te worden;</al></li><li nr="3."><al>De kosten van het bewaren van een voertuig, per etmaal bedragen €10,95 incl.
                    BTW, deze kosten komen ten laste van de overtreder en dienen aan bewaarder, vermeld
                    onder artikel 3, lid 1 voldaan te worden;</al></li><li nr="4."><al>De tarieven worden jaarlijks aangepast op basis van de CBS
                    prijsindexering.</al></li><li nr="5."><al>Niet opgehaalde voertuigen, worden na 13 weken verkocht door de berger. Uit de
                    opbrengsten worden de kosten voor berging en bewaring betaald. Een eventueel
                    overschot dat na verkoop van het voertuig resteert komt ten goede aan de
                    eigenaar en indien deze niet te achterhalen is, aan de gemeente Loon op
                    Zand.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval van gebleken
              onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het ontbreken van een behoorlijk
              zichtbare kentekenplaat.</titel></kop><al>Wanneer gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 130, vierde lid,
            artikel 164, zevende lid , artikel 170, eerste lid sub a en b en artikel 174, eerste lid
            van de wet, zijn de artikelen 1,3 en 4 van deze verordening van overeenkomstige
            toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Toezicht en uitvoering</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening
            zijn de door het college aangewezen personen belast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Wegsleepverordening gemeente Loon op Zand
            2012”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van
            19 april 2012</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>voorzitter,</ondertekening><ondertekening>griffier,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Artikelsgewijze Toelichting</vet></al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990 : Het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al></li><li nr="b."><al>wet : de Wegenverkeerswet 1994;</al></li><li nr="c."><al>besluit : het Besluit wegslepen van voertuigen</al></li><li nr="d."><al>voertuig : wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, onder al, RVV 1990;</al></li><li nr="e."><al>motorrijtuig : wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder c van
                de wet:</al></li><li nr="f."><al>het college : het college van burgemeester en wethouders</al></li></lijst></divisie></nota-toelichting><bijlage><kop><titel>Bijlage bij toelichting van de wegsleepverordening</titel></kop><al>In deze bijdrage worden concrete gevallen aangegeven waarin er sprake kan zijn van een
          wegsleepwaardige overtreding van de wegenverkeerswetgeving.</al><tussenkop>A. Veiligheid op de weg en vrijheid van het verkeer</tussenkop><al>Als gevallen waarin verwijdering, overbrenging en inbewaringstelling van voertuigen in
          het eerste belang van de veiligheid op de weg en de vrijheid van het verkeer (zie artikel
          179, eerste lid, aanhef en onder a en b WVW 1994) noodzakelijk kunnen zijn, kunnen worden
          genoemd:</al><tussenkop>Plaats op de weg</tussenkop><al>a.een voertuig is tot stilstand gebracht op een trottoir, voetpad of fietspad, tenzij
          het een fiets, bromfiets of invalidenvoertuig betreft ( zie artikel 10 en artikel 5 tot en
          met 7 RVV1990)</al><tussenkop>Laten stilstaan</tussenkop><al>b.een voertuig is tot stilstand gebracht:</al><lijst><li nr="1."><al>op een kruispunt, rotonde of een overweg;</al></li><li nr="2."><al>op een fietsstrook of de rijbaan langs een fietsstrook;</al></li><li nr="3."><al>op een oversteekplaats of binnen een afstand van 5 meter daarvan;</al></li><li nr="4."><al>in een tunnel;</al></li><li nr="5."><al>bij een bord “bushalte”, ter hoogte van de geblokte markering of, indien die
              markering niet is aangebracht, op een afstand van minder dan 12 meter van het bord,
              tenzij het stilstaan dient voor het onmiddellijk in-en uitstappen van passagiers;</al></li><li nr="6."><al>op de rijbaan langs een busstrook;</al></li><li nr="7."><al>op een busbaan of een busstrook met uitzondering van een lijnbus;</al></li><li nr="8."><al>langs een gele doorgetrokken streep of in strijd met bord E2 van bijlage 1 RVV
              1990;</al></li><li nr="9."><al>op de rijbaan, inclusief de invoeg- en uitrijstrook, van een autosnelweg of autoweg,
              of – behoudens in noodgevallen – op de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm van
              zo’n weg. (zie artikel 23, artikel 43 tweede en derde lid en artikel 81 RVV 1990 en
              bord E2 van bijlage 1 bij het RVV 1990)</al></li></lijst><tussenkop>Parkeren</tussenkop><al>c.Een voertuig is geparkeerd:</al><lijst><li nr="1."><al>bij een kruispunt op een afstand van minder dan 5 meter daarvan;</al></li><li nr="2."><al>voor een inrit of een uitrit;</al></li><li nr="3."><al>buiten de bebouwde kom op de rijbaan van een voorrangsweg;</al></li><li nr="4."><al>langs een gele onderbroken streep of in strijd met bord E1 van bijlage 1 RVV
              1990;</al></li><li nr="5."><al>op een wijze waardoor er sprake is van dubbel parkeren;</al></li><li nr="6."><al>binnen een erf, waarbij – voor zover het een motorvoertuig betreft- geen gebruik is
              gemaakt van de parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangewezen.</al></li><li nr="7."><al>op een weg waarvoor een geslotenverklaring geldt;</al></li><li nr="8."><al>zonder dat de voorgeschreven voertuigverlichting in werking is gesteld; ( zie
              artikel 24, 25, 38 ev. En 46 RVV 1990 en bord E1 van bijlage 1 van het RVV 1990</al></li></lijst><tussenkop>Bevel of aanwijzing</tussenkop><al>d.een voertuig is tot stilstand gebracht in strijd met een bevel of een aanwijzing,
          gegeven </al><al>door een daartoe bevoegd en als zodanig herkenbare ambtenaar of ander persoon; (zie
          artikel 82 RVV 1990)</al><tussenkop>Gevaarlijk of hinderlijk gedrag</tussenkop><al>e.een voertuig is overigens zodanig tot stilstand gebracht op geparkeerd dat gevaar op
          de</al><al>weg wordt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt of kan worden
          gehinderd. (zie artikel 5 WVW 1994)</al><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>Hiervoor zijn diverse wegsleepwaardige overtredingen van de wegenverkeerswetgeving
          opgenomen, waarbij het motief ligt bij de verkeersveiligheid en de doorstroming van het
          verkeer. Zoals reeds in de algemene toelichting is aangegeven, zal van geval tot geval,
          beoordeeld moeten worden of de geconstateerde parkeerovertreding ook daadwerkelijk
          wegsleepwaardig is.</al><al>In onderdeel a gaat het om overtreding van artikel 190 RVV 1990. Bestuurders van
          voertuigen, met uitzondering van fietsen, bromfietsen en invalidenvoertuigen (zie artikel
          5 tot en met 7 RVV 1990) gebruiken de rijbaan. Zij mogen hun voertuig niet parkeren op een
          trottoir, voetpad of fietspad.</al><al>In onderdeel b gaat het om overtreding van het bepaalde in artikel 23, artikel 43,
          tweede lid en artikel 81 RVV 1990 en bord E2 van bijlage 1 bij het RVV 1990.</al><al>In onderdeel c is er sprake van overtreding van het bepaalde in artikel 24, artikel 25,
          artikel 38 e.v. en artikel 46 RVV 1990 en bord E1 van bijlage 1 bij het RVV 1990.</al><al>In onderdeel d wordt gedoeld op overtreding van artikel 82 RVV 1990</al><al>In onderdeel e gaat het om overtreding van het bepaalde in artikel 5 WVW 1994.</al><al>Op grond van deze bepaling is het verboden zich zodanig op te gedragen dat er gevaar op
          de weg wordt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt of kan worden
          gehinderd. De inhoud van deze bepaling is zo ruim dat omgewenst gedrag op de weg, i.c.
          ongewenst parkeren, dat niet reeds in onderdeel a tot en met d is geregeld, doorgaans
          onder deze bepaling kan worden gebracht.</al><tussenkop>B Vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen</tussenkop><al>Verwijdering, overbrengen en inbewaringstelling van voertuigen in het belang van het
          vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen (zie artikel 170, eerste lid, aanhef en
          onder c WVW 1994 en artikel Besluit wegslepen van voertuigen) kunnen noodzakelijk zijn in
          het geval dat een voertuig geparkeerd is:</al><lijst><li nr="a."><al>Op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E1 van bijlage 1 van het RVV
              1990 of door middel van een gele onderbroken streep als bedoeld in artikel 24, lid 1
              onder e RVV 1990 wordt aangegeven dat ter plaatse een parkeerverbod geldt;</al></li><li nr="b."><al>op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E2 van die bijlage of door</al></li></lijst><al>middel van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 23, lid 1 onder g RVV
          1990 wordt aangegeven dat er ter plaatse een verbod stil te staan geldt</al><lijst><li nr="c."><al>op een parkeerplaats nader aangeduid door bord E4 van die bijlage (al dan niet met
              onderbord ) voor zover:</al></li><li nr="-"><al>het voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep voertuigen;</al></li><li nr="-"><al>het voertuig op een andere dan de aangeven wijze is geparkeerd;</al></li><li nr="-"><al>het voertuig op andere dagen of uren dan aangegeven is geparkeerd;</al></li><li nr="d."><al>op een taxistandplaats, nader aangeduid door bord E5 van die bijlage, tenzij het
              parkeren</al><al> gebeurd met een taxi;</al></li><li nr="e."><al>op een invalidenparkeerplaats, nader aangeduid met bord E6 van die bijlage;</al></li><li nr="-"><al>tenzij het parkeren gebeurt met een invalidenvoertuig;</al></li><li nr="-"><al>tenzij gebruik wordt gemaakt van een geldig en duidelijk zichtbaar aangebrachte</al><al> invalidenparkeerkaart;</al></li><li nr="-"><al>die gereserveerd is voor ene bepaald voertuig, tenzij het parkeren gebeurt met
              dat</al><al> voertuig;</al></li><li nr="f."><al>op een laad- en losplaats, nader aangeduid door bord E7 van die bijlage (met
              uitzondering </al></li></lijst><al>van de aangegeven dagen of uren), tenzij de bestuurder van het voertuig bezig is met
          laden en lossen van goederen;</al><al>g.op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E8 van die bijlage voorzover het</al><al>voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep voertuigen;</al><al>h.op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E9 van die bijlage, met
          uitzondering</al><al>van plaatsen – tevens aangeduid met de tekst “ Gemeentelijke Verordening”- die door het
          college zijn aangewezen als parkeerplaatsen waar tegen betaling van parkeerbelasting,
          bedoeld als in artikel 1, onderdeel a van de Verordening parkeerplaatsen en vergunningen
          mag worden geparkeerd;</al><al>i.op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E9 van die bijlage en bestemd
          voor</al><al>vergunninghouders, tenzij het parkeren gebeurt met het voertuig waarvoor een
          parkeervergunning is afgegeven</al><lijst><li nr="j."><al>in een voetgangersgebied, nader aangeduid door bord G7 van die bijlage;</al></li><li nr="k."><al>in een gebied, nader aangeduid door bord C1 van die bijlage.</al></li></lijst><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>Hiervoor zijn diverse wegsleepwaardige overtredingen van de wegenverkeerswetgeving
          opgenomen, waarbij het motief niet zozeer ligt bij de verkeersveiligheid en de
          doorstroming van het verkeer, maar wel bij het vrijhouden van wegen en weggedeelten. In de
          oude wettelijke regeling werd een specifiek voorbeeld van een locatie genoemd waar
          voertuigen mochten worden weggesleept wanneer hier door onbevoegden werd geparkeerd,
          namelijk de invalidenparkeerplaats. In de praktijk bleken er aanzienlijk meer locaties
          denkbaar te zijn waar het wegslepen van voertuigen noodzakelijk werd geacht zonder dat er
          direct sprake was van verkeersonveiligheid of belemmering van de doorstroming van het
          verkeer. In artikel 2 van het Besluit wegslepen van voertuigen is concreet aangegeven op
          welke soorten wegen en weggedeelten voertuigen mogen worden weggesleept in het belang van
          het vrijhouden van wegen en weggedeelten. Deze soorten wegen en weggedeelten zijn eerder
          onder a tot en met k nader aangeduid.</al></bijlage><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>In deze bepaling is een aantal begrippen omschreven dat diverse malen in deze
          verordening terugkomt. De omschrijving van deze begrippen spreekt voor zich. Veelal wordt
          verwezen naar definities uit bestaande wetgeving.</al><tussenkop>Ad d. Voertuig</tussenkop><al>Het begrip “ voertuig”, zoals in artikel 1 onder al RVV 1990 is omschreven, is ruim.
          Hieronder vallen niet alleen motorvoertuigen, maar ook fietsen en bromfietsen,
          invalidenvoertuigen, trams en wagens.</al><al>Al deze voertuigen vallen derhalve onder de werking van deze wegsleepverordening. Ook in
          de APV zijn bepalingen opgenomen over de verwijdering van fietsen en bromfietsen van de
          openbare weg. Deze bepalingen zijn aanvullend op wat de wegenverkeerswetgeving beoogt te
          regelen. In artikel 2:51 en 2:52 van de APV 2011spelen namelijk andere belangen een rol,
          zoals de openbare orde en veiligheid, het uiterlijk aanzien en de openbare
          gezondheid.</al><tussenkop>Ad e. Motorrijtuig</tussenkop><al>Het begrip “motorrijtuig” is apart omschreven omdat artikel 5 van de wegsleepverordening
          alleen betrekking heeft op dit soort voertuigen.</al><tussenkop>Artikel 2 Aanwijzen van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden
          verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het vrijhouden van wegen
          en weggedeelten.</tussenkop><al>Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid onder c van de wet worden
          alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen voor zover ze behoren tot een van
          de in artikel 2 van het besluit bedoelde soorten van wegen en weggedeelten.</al><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>Zoals hiervoor in het algemene deel van de toelichting is gememoreerd, is de bevoegdheid
          tot het wegslepen van voertuigen in de weg zelf geregeld. Voor het wegslepen van
          voertuigen in het belang van de veiligheid op de weg of de vrijheid van het verkeer hoeven
          geen wegen en weggedeelten te worden aangewezen. Van deze bevoegdheid kan op alle wegen en
          weggedeelten binnen de gemeente gebruik worden gemaakt.</al><al>Voor het wegslepen van voertuigen in het belang van het vrijhouden van wegen en
          weggedeelten kunnen op grond van artikel 170, eerste lid, aanhef en onder c, en artikel
          173, tweede lid, aanhef en onder c WVW 1994 bij gemeentelijke verordening wegen en
          weggedeelten worden aangewezen. In artikel 2 van het Besluit wegslepen van voertuigen is
          nader aangegeven om welke soorten wegen en weggedeelten het kan gaan, zoals onder andere
          invalide parkeerplaatsen, taxistandplaatsen, laad- en loshavens, parkeerplaatsen voor
          vergunninghouders, voetgangersgebieden en dergelijke.</al><al>Het is aan de gemeenteraad om in deze wegsleepverordening de wegen en weggedeelten aan
          te wijzen waar het college van deze bevoegdheid gebruik kan maken. In de tekst van de
          verordening zijn alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen. Er kan niet tot
          slepen worden over gegaan voor het niet betalen op een betaalde parkeerplaats.</al><al>Voor de volledigheid wordt nog eens opgemerkt dat een parkeerovertreding, zoals in deze
          bepaling bedoeld, op zich niet zonder meer voldoende is om over te gaan tot het wegslepen
          en in bewaring stellen van een voertuig. Per geval zal tevens moeten worden beoordeeld of
          de specifieke parkeerovertreding het wegslepen en in bewaring stellen van het
          desbetreffende voertuig ook rechtvaardigt. Indien bijvoorbeeld een voertuig midden in de
          nacht op een laad- en loshaven wordt geparkeerd terwijl alle winkels en bedrijven dicht
          zijn, zal het normaal gesproken niet weggesleept mogen worden. Het voertuig zal doorgaans
          pas mogen worden weggesleept wanneer de winkels en bedrijven weer opengaan of enige tijd
          daarvoor.</al><al>Op grond van artikel 3 van het Besluit wegslepen van voertuigen dient over de in de
          gemeente gelegen wegen en weggedeelten die bij een ander dan de gemeente in beheer zijn,
          overleg met de desbetreffende beheerders plaats te vinden over de toepassing van de
          verordening. </al><tussenkop>Artikel 3 Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</tussenkop><tussenkop>Toelichting </tussenkop><al>De inhoud van de bepaling spreekt voor zich. Vanwege de redactie van artikel 173, tweede
          lid WVW 1994 moet(en) de plaats(en) van bewaring van voertuigen door de gemeenteraad
          worden aangewezen. Delegatie aan het college is niet mogelijk.</al><al>In onvoorziene omstandigheden is het denkbaar dat de burgemeester op grond van haar
          bijzondere bevoegdheden ter handhaving van de openbare orde tijdelijk ook andere terreinen
          aanwijst als plaats van bewaring en voertuigen. De openingstijden kunnen wel nader voor
          het college worden vastgesteld omdat ze niet expliciet genoemd zijn in artikel 173 WVW
          1994.</al><tussenkop>Artikel 4 Kosten overbrengen en bewaren van voertuigen.</tussenkop><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>In artikel 13 tot en met 15 van het Besluit wegslepen van voertuigen is geregeld welke
          soorten van kosten verbonden zijn aan het wegslepen en in bewaring stellen van voertuigen,
          in rekening kunnen worden gebracht. Het gaat hierbij niet alleen om personele en materiële
          kosten die direct verband houden met het wegslepen en in bewaring stellen van voertuigen,
          maar ook om kosten die verbonden zijn aan bekendmaking van beschikkingen, verkoop,
          eigendomsoverdracht om niet of vernietiging van voertuigen, inclusief de taxatie van deze
          voertuigen, renteverlies, W.A.-verzekering en dergelijke.</al><al>In de wegsleepverordening hoeven deze kostencomponenten niet allemaal inzichtelijk te
          worden gemaakt. Volstaan kan worden met een uitsplitsing van de kosten die verbonden zijn
          aan het wegslepen van voertuigen enerzijds en de bewaring van deze voertuigen
          anderzijds.</al><al>In het tweede lid van deze bepaling, waarin de kosten van bewaring van voertuigen worden
          geregeld, wordt het begrip etmaal gebruikt. Het etmaal, zoals hier bedoeld, begint op het
          moment van bewaring nemen van een voertuig en eindigt 24 uur later.</al><al>De tarieven worden jaarlijks aangepast op basis van CBS prijsindexering en opnieuw door
          het college vastgesteld.</al><al>In het eerste lid van artikel 5:30 Awb wordt bepaald dat het voertuig waarop
          bestuursdwang is toegepast en dat niet binnen dertien weken kan worden teruggegeven, mag
          worden verkocht, om niet (gratis) in eigendom worden overgedragen of vernietigd. In
          artikel 170, lid 2 WVW 1994 is in verband hiermee bepaald, dat de omstandigheid dat een
          voertuig niet is afgehaald, wordt gelijkgesteld met de omstandigheid dat het voertuig niet
          kan worden teruggegeven.</al><al>Zodra de kosten van de toepassing van bestuursdwang en de kosten die geraamd worden voor
          de verkoop, eigendomsoverdracht om niet of vernietiging, onevenredig hoog worden ten
          opzichte van de waarde van het voertuig, mag het al binnen dertien weken worden
          verkocht.</al><al>De bepaling uit het derde lid van artikel 5:30 Awb, dat verkoop, eigendomsoverdracht om
          niet of vernietiging niet binnen twee weken mag plaatsvinden, is ingevolge artikel 170 lid
          2 WVW 1994 niet van toepassing.</al><al>De eventuele overgebleven opbrengst van de verkoop na de toepassing van de
          bestuursdwang, kan nog maximaal 3 jaar worden opgevraagd. Daarna vervalt het eventuele
          batige saldo aan de gemeente.</al><tussenkop>Artikel 5 Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval van
          gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het ontbreken van een
          behoorlijk zichtbare kentekenplaat.</tussenkop><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>Naast de in artikel 170, eerste lid, WVW 1994, bedoelde gevallen zijn in deze wet nog
          twee gevallen genoemd, waarin het noodzakelijk kan zijn om een voertuig te laten wegslepen
          en in bewaring te stellen. Achtereenvolgens wordt hier gedoeld op:</al><al>-het niet afgeven van zijn rijbewijs, wanneer dit is ingevorderd, omdat iemand zijn
          motorrijtuig</al><al>heeft bestuurd terwijl hij onder invloed was van drogerende stoffen of alcohol en
          dergelijke (zie artikel 130 en 164 WVW 1994)</al><al>-de situatie dat een motorrijtuig niet beschikt over een behoorlijk zichtbare
          kentekenplaat terwijl </al><al>eigenaar of houder van dat motorrijtuig niet direct te achterhalen is. Hierbij kan
          bijvoorbeeld worden gedacht aan voertuigwrakken die geen kenteken meer hebben of aan
          situaties dat er sprake kan zijn van het knoeien met kentekens in geval van
          autodiefstal.</al><al>Wanneer in dit soort gevallen een voertuig moet worden weggesleept en in bewaring
          genomen, is er geen sprake van uitoefening van bestuursdwang. Artikel 170, eerste lid WVW
          1994, waarin de bestuursdwang bevoegheid is geregeld, is dan ook niet van toepassing
          verklaard in de genoemde gevallen. In feite gaat het om een vorm van inbeslagname van
          goederen die ook in het strafrecht voorkomt.</al><al>Wel heeft de wetgever voor deze gevallen diverse bepalingen uit hoofdstuk X
          Bestuursdwang van de WVW 1994 (artikel 170 ev.) van overeenkomstige toepassing verklaard.
          Het is raadzaam om ook in de wegsleepverordening de artikelen over de bewaarplaats(en) van
          voertuigen en openingstijden (artikel 3) en de kosten van overbrengen en bewaren van
          voertuigen (artikel 4) voor deze gevallen van overeenkomstige toepassing te
          verklaren.</al><tussenkop>Artikel 6 Toezicht en uitvoering</tussenkop><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>De basis voor deze bevoegdheid wordt gevonden in hoofdstuk 5 van de Algemene wet
          bestuursrecht. Dit betekent, dat het college indien daar behoefte aan bestaat,
          toezichthouders kan aanstellen. Ook de politie Midden- en West Brabant is bevoegd tot
          toezicht en uitvoering.</al><tussenkop>Artikel 7 Inwerkingtreding</tussenkop><tussenkop>Toelichting</tussenkop><al>Intrekking van een oude (reeds bestaande) wegsleepregeling is niet van toepassing omdat
          een oude wegsleepregeling ontbreekt.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>