<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR331452_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel bijstand voor duurzame goederen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ten Boer</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-07-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ten Boer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel bijstand voor duurzame goederen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-06-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Beleidsregel bijstand voor duurzame goederen
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>
            <vet>BELEIDSREGEL BIJSTAND VOOR DUURZAME GOEDEREN</vet>
            <vet> GEMEENTE TEN
                            BOER</vet>
          </al>
          <al>BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE TEN BOER,</al>
          <al>Gelet op artikel 35 Wet werk en bijstand en artikel 4:81 Algemene wet
                        bestuursrecht</al>
          <al>overwegende,</al>
          <lijst>
            <li nr="-"><al>dat de kosten van de aanschaf van duurzame gebruiksgoederen behoren
                                tot de incidentele algemene kosten van het bestaan, die uit het
                                periodieke inkomen moeten worden voldaan door daarvoor te reserveren
                                of een lening af te sluiten;</al></li>
            <li nr="-"><al>dat personen die langdurig van een inkomen op minimumniveau moeten
                                rondkomen, vaak moeite hebben met het reserveren of lenen voor de
                                kosten van de aanschaf of het vervangen van duurzame
                                gebruiksgoederen;</al></li>
            <li nr="-"><al>dat het college deze doelgroep de mogelijkheid wil bieden de meest
                                noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen aan te schaffen;</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>BESLUITEN:</al>
          <al>de “Beleidsregel bijstand voor duurzame goederen” vast te stellen.</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
          </kop>
          <al> Begripsomschrijving</al>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>In deze beleidsregel wordt verstaan onder:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente Ten Boer;</al></li>
                <li nr="b."><al>belanghebbende: een persoon als bedoeld in artikel 2; </al></li>
                <li nr="c."><al>WWB: Wet werk en bijstand;</al></li>
                <li nr="d."><al>wet: WWB;</al></li>
                <li nr="e."><al>referteperiode: ononderbroken periode van 36 maanden
                                        voorafgaand aan de aanvraagdatum;</al></li>
                <li nr="f."><al>inkomen: inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet,
                                        waarbij artikel 32, eerste lid, onderdeel b gelezen moet
                                        worden als de referteperiode;</al></li>
                <li nr="g."><al>bijstandsnorm: de op grond van paragraaf 3.2 en 3.3 van de
                                        wet van toepassing zijnde bijstandsnorm exclusief
                                        vakantietoeslag;</al></li>
                <li nr="h."><al>gezin: alleenstaande ouder met zijn minderjarige kinderen,
                                        gehuwden en gehuwden met hun minderjarige kinderen, die in
                                        dezelfde woning hun hoofdverblijf hebben;</al></li>
                <li nr="i."><al>zelfstandig huishouden: huishouden waarbij belanghebbende de
                                        woonlasten van door hemzelf bewoonde woonruimte betaalt,
                                        waarbij onder woonruimte niet wordt verstaan een instelling
                                        voor verpleging of verzorging;</al></li>
                <li nr="j."><al>computer met toebehoren: computer of laptop waarop een
                                        besturingssysteem, officepakket en antivirusprogramma is
                                        geïnstalleerd, met beeldscherm, toetsenbord en muis;</al></li>
                <li nr="k."><al>algemene beleidsregels: de Beleidsregels algemene en
                                        bijzondere bijstand, IOAW, IOAZ en Bbz 2004, vastgesteld op
                                        8 oktober 2013, met name hoofdstuk V Bijzondere bijstand
                                        (artikel 35 WWB);</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="2."><al>Voor zover niet anders is bepaald, worden begrippen in deze
                                beleidsregel gebruikt in dezelfde betekenis als in de wet.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
          </kop>
          <al> Doelgroep</al>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Deze beleidsregel geldt voor personen van 21 jaar en ouder die
                                gedurende de referteperiode een zelfstandig huishouden voeren en een
                                netto-inkomen exclusief vakantietoeslag hebben dat niet hoger is dan
                                110 procent van de bijstandsnorm exclusief vakantiegeld en geen in
                                aanmerking te nemen vermogen als bedoeld in artikel 34 van de wet
                                hebben.</al></li>
            <li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid mag de referteperiode met maximaal
                                twee maanden zijn onderbroken.</al></li>
            <li nr="3."><al>Personen die een inkomen hebben op grond van de Wet tegemoetkoming
                                onderwijsbijdrage en schoolkosten of de Wet studiefinanciering 2000
                                of die daarop aanspraak kunnen maken, worden uitgesloten van deze
                                beleidsregel.</al></li>
            <li nr="4."><al>Het algemene draagkrachtbeleid op grond van de algemene
                                beleidsregels is op deze beleidsregel niet van toepassing.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
          </kop>
          <al> Duurzame gebruiksgoederen</al>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Aan belanghebbende kan bijzondere bijstand worden verstrekt voor de
                                noodzakelijke aanschaf of vervanging van de volgende goederen:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>bed inclusief spiraal of lattenbodem;</al></li>
                <li nr="b."><al>matras;</al></li>
                <li nr="c."><al>bankstel;</al></li>
                <li nr="d."><al>eethoek;</al></li>
                <li nr="e."><al>fornuis;</al></li>
                <li nr="f."><al>magnetron;</al></li>
                <li nr="g."><al>stofzuiger;</al></li>
                <li nr="h."><al>televisie;</al></li>
                <li nr="i."><al>radio;</al></li>
                <li nr="j."><al>vloerbedekking;</al></li>
                <li nr="k."><al>gordijnen;</al></li>
                <li nr="l."><al>behang;</al></li>
                <li nr="m."><al>wasmachine;</al></li>
                <li nr="n."><al>centrifuge;</al></li>
                <li nr="o."><al>koelkast;</al></li>
                <li nr="p."><al>vrieskist;</al></li>
                <li nr="q."><al>fiets;</al></li>
                <li nr="r."><al>computer met toebehoren.</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="2."><al>De hoogte van de bijzondere bijstand wordt vastgesteld op de
                                daadwerkelijke noodzakelijke kosten met als maximum de prijs genoemd
                                in de prijzengids van het Nationaal Instituut voor
                                Budgetvoorlichting.</al></li>
            <li nr="3."><al>Indien belanghebbende de woning deelt met een of meer meerderjarige
                                personen die niet behoren tot het gezin, wordt de bijzondere
                                bijstand voor de kosten van woninginrichting en woningstoffering
                                beperkt tot zijn evenredige aandeel in de kosten, tenzij het goed
                                exclusief aan hem toebehoort.</al></li>
            <li nr="4."><al>Per alleenstaande of gezin bestaande uit ten hoogste vier personen,
                                kunnen per kalenderjaar maximaal twee goederen als bedoeld in het
                                eerste lid worden verstrekt.</al></li>
            <li nr="5."><al>Per gezin bestaande uit vijf tot en met zeven personen kunnen per
                                kalenderjaar maximaal drie goederen als bedoeld in het eerste lid
                                worden verstrekt.</al></li>
            <li nr="6."><al>Per gezin bestaande uit acht of meer personen kunnen per
                                kalenderjaar maximaal vier goederen als bedoeld in het eerste lid
                                worden verstrekt.</al></li>
            <li nr="7."><al>Een goed als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met p
                                kan eenmaal per acht jaren op grond van deze beleidsregels worden
                                vervangen.</al></li>
            <li nr="8."><al>Een goed als bedoeld in het eerst lid, onderdelen q en r kan eenmaal
                                per vijf jaren op grond van deze beleidsregels worden
                                vervangen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
          </kop>
          <al> Aanvraag</al>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De aanvraag moet worden ingediend binnen een half jaar na de datum
                                van de originele nota.</al></li>
            <li nr="2."><al>Belanghebbende dient van de kosten een nota te overleggen, vooraf
                                dan wel binnen vier weken na datum van de toekennende
                                beschikking.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
          </kop>
          <al> Algemene beleidsregels </al>
          <al/>
          <al>Indien belanghebbende niet voldoet aan de voorwaarden genoemd in deze
                        beleidsregel, wordt deaanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van
                        duurzame gebruiksgoederen op grond vanartikel 35 WWB afgehandeld met
                        inachtneming van de algemene beleidsregels. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
          </kop>
          <al> Inwerkingtreding </al>
          <al/>
          <al>Deze beleidsregel treedt in werking op 1 juli 2014.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
          </kop>
          <al> Citeertitel</al>
          <al/>
          <al>Deze beleidsregel kan worden aangehaald als: Beleidsregel bijstand voor
                        duurzame goederen.</al>
          <al/>
          <al>Gedaan te Ten Boer in de collegevergadering van 3 juni 2014 </al>
          <al>De burgemeester, De secretaris,</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>TOELICHTING OP DE BELEIDSREGEL DUURZAME GEBRUIKSGOEDEREN GEMEENTE TEN BOER</label>
          </kop>
          <al>Algemeen</al>
          <al>Met deze beleidsregel formaliseert het college het reeds jaren gevoerde,
                        informele, bijzondere bijstandsbeleid inzake duurzame gebruiksgoederen. </al>
          <al>Het staand beleid wordt voor een groot deel overgenomen met dit verschil dat
                        in plaats van een tegemoetkoming in de kosten, de daadwerkelijke kosten
                        worden vergoed. De reden hiervoor is dat de tegemoetkoming samenhing met het
                        categoriale karakter van de regeling en dat is inmiddels in strijd met de
                        wet. Wanneer het college besluit dat recht op bijzondere bijstand bestaat,
                        moeten de noodzakelijke kosten integraal worden vergoed.</al>
          <al>Artikelsgewijs</al>
          <al/>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
          </kop>
          <al> Begripsomschrijving</al>
          <al>Eerste lid</al>
          <al>In dit artikellid wordt een aantal begrippen nader beschreven.</al>
          <al/>
          <al>Onderdeel e</al>
          <al>De referteperiode is de periode voorafgaand aan de aanvraag, waarin
                        belanghebbende van een minimuminkomen moest rondkomen om in aanmerking te
                        komen voor een verstrekking op grond van deze beleidsregel. De duur van deze
                        periode is op 36 maanden ofwel drie jaar gesteld. </al>
          <al/>
          <al>Onderdeel f</al>
          <al>Gedurende de referteperiode wordt ten aanzien van niet-bijstandsgerechtigden
                        hetzelfde inkomensbegrip gehanteerd als geldt voor bijstandsgerechtigden:
                        dit betekent o.a. dat de langdurigheidstoeslag en premies op grond van de
                        Re-integratieverordening niet meetellen bij het vaststellen van de hoogte
                        van het inkomen en dat een deel van het pensioen wordt vrijgelaten.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
          </kop>
          <al> Doelgroep</al>
          <al/>
          <al>Eerste lid</al>
          <al>Tot de doelgroep behoren personen die 21 jaar of ouder zijn. Deze
                        leeftijdsgrens hangt samen met het feit dat een persoon pas vanaf 18 jarige
                        leeftijd recht heeft op bijstand. Vanwege de referteperiode kan hij nooit
                        eerder dan op 21 jarige leeftijd recht hebben op een verstrekking op grond
                        van deze beleidsregel.</al>
          <al/>
          <al>Van een minimuminkomen is sprake als belanghebbende een inkomen (exclusief
                        vakantietoeslag) heeft dat niet hoger is dan 110 procent van de op de
                        gezins- en leefsituatie van belanghebbende van toepassing zijnde
                        bijstandsnorm (exclusief vakantiegeld). Dit sluit aan bij de Verordening
                        participatie schoolgaande kinderen Wet werk en bijstand.</al>
          <al/>
          <al>Tweede lid</al>
          <al>Om te voorkomen dat belanghebbenden geen tijdelijk baantje aan durven nemen
                        omdat ze bang zijn hun recht op een verstrekking op grond van deze regeling
                        te verspelen, wordt toegestaan dat men gedurende de referteperiode maximaal
                        twee maanden een hoger inkomen geniet.</al>
          <al/>
          <al>Derde lid</al>
          <al>Aangezien van studenten wordt verwacht dat hun inkomenssituatie binnen
                        afzienbare tijd zal verbeteren, behoren zij niet tot de doelgroep van deze
                        regeling.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
          </kop>
          <al> Duurzame gebruiksgoederen</al>
          <al/>
          <al>Eerste lid</al>
          <al>Deze beleidsregels geven recht op aanschaf of vervanging van de naar het
                        oordeel van het college meest noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen zoals
                        vermeld in deze lijst.</al>
          <al/>
          <al>Tweede lid</al>
          <al>Alleen daadwerkelijke kosten tot een maximum van de prijzen die worden
                        genoemd in de zogenoemde Prijzengids Nibud worden vergoed.</al>
          <al/>
          <al>Derde lid</al>
          <al>Wanneer belanghebbende de woning deelt met een of meer anderen is het
                        redelijk om ervan uit te gaan dat ook de kosten van woninginrichting en
                        -stoffering kunnen worden gedeeld. Dit is alleen anders als belanghebbende
                        aantoont dat het aan te schaffen goed exclusief voor hem bestemd is.</al>
          <al>Vierde tot en met zesde lid</al>
          <al/>
          <al>Er bestaat een differentiatie in het aantal goederen dat per jaar mag worden
                        aangevraagd, gerelateerd aan de gezinsgrootte. Hoe groter het gezin, hoe
                        meer goederen mogen worden aangevraagd.</al>
          <al/>
          <al>Zevende en achtste lid</al>
          <al>Er wordt voor een herhaald beroep op deze beleidsregel rekening gehouden met
                        de gemiddelde levensduur van de goederen van acht jaren. Voor een computer
                        en een fiets geldt een kortere vervangingstermijn, met als reden dat met
                        name kinderen niet zolang met een fiets kunnen doen en een computer snel
                        verouderd is. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
          </kop>
          <al> Aanvraag</al>
          <al/>
          <al>Eerste lid</al>
          <al>Wanneer belanghebbende de kosten al heeft gemaakt, kan hij nog tot een half
                        jaar na de datum van de originele aankoopnota een aanvraag indienen. </al>
          <al/>
          <al>Tweede lid</al>
          <al>Belanghebbende dient een nota te overleggen. Omdat het lang niet altijd
                        mogelijk is de kosten van duurzame gebruiksgoederen voor te schieten, het
                        gaat vaak om aanzienlijke bedragen, kan ook worden volstaan met het indienen
                        van een nota binnen vier weken na datum beschikking. Uiteraard dient
                        belanghebbende wel bij het indienen van een aanvraag aan te tonen hoe hoog
                        de kosten zullen zijn, bijvoorbeeld door het overleggen van een pro forma
                        nota.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
          </kop>
          <al> Algemene beleidsregels</al>
          <al>Deze beleidsregel is niet bedoeld om het verstrekken van bijzondere bijstand
                        voor duurzame gebruiksgoederen in te perken. Indien een persoon niet aan de
                        voorwaarden van deze regeling voldoet, kan hij bijzondere bijstand aanvragen
                        op grond van de algemene beleidsregels. In dat geval is een onderzoek naar
                        de bijzondere omstandigheden nodig.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6 &amp; 7</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>Inwerkingtreding en citeertitel</al>
          <al>Deze artikelen spreken voor zich.</al>
          <al/>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>