<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR331274_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Handreiking voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand (WWB)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Meppel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-19</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Meppel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch gemeenteblad, 28-05-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Handreiking voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand (WWB)</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=35">Wet werk en bijstand, art. 35</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-05-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-05-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>230027</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze handreiking vervangt de Handreiking voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand 2013</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Handreiking voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand ( WWB)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>1</nr><titel>Algemeen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>De criteria waarbij bij bijzondere bijstand aan moet worden voldaan zijn
                            in de WWB omschreven. Deze zijn:</al><al/><al>- er moet sprake zijn van bijzondere omstandigheden in het bijzondere
                            geval;</al><al>- de algemene bijstand ( norm + toeslag) voorziet niet in de
                            kosten;</al><al>- geen beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening;</al><al>- de kosten moeten daadwerkelijk noodzakelijk zijn;</al><al>- de kosten moeten ook daadwerkelijk gemaakt zijn;</al><al>- de eigen middelen zijn ontoereikend.</al><al/><al>Een ander belangrijk aspect bij de beoordeling van een aanvraag is de
                                    <vet><onderstreept>eigen verantwoordelijkheid.
                                </onderstreept></vet></al><al>Algemene voorbeelden hiervan zijn:</al><al/><al>- waren de kosten te voorzien en had men er voor kunnen reserveren;</al><al> ( begrafeniskosten/ kosten crematie)</al><al>- is het gebruike­lijk dat men zich tegen bepaalde kosten
                            verzekert;</al><al> ( zorgkosten. brand/opstalverzekering, Wettelijke Aansprakelijkheid
                            (WA)</al><al>- gebruik wordt gemaakt van voorliggende voorzieningen.</al><al> ( o.a. zorgverzekering )</al><al/><al>Indien men door eigen toedoen op bijstand is aangewezen spreekt men van
                            een <vet><onderstreept>tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
                                </onderstreept></vet></al><al/><al>De bijzondere bijstand is niet beperkt tot de mensen die een uitkering
                            ontvangen. Tenzij anders dan in de WWB bepaald kan iedereen een beroep
                            doen op bijzondere bijstand.</al><al/><al>In ieder geval zijn uitgesloten aanvragers die:</al><al/><al> - niet in de gemeente Meppel wonen;</al><al>- jonger zijn dan 18;</al><al>- gedetineerd zijn;</al><al>- militaire of vervangende dienstplicht vervullen;</al><al>- wegens werkstaking of uitsluiting niet deelnemen aan arbeid;</al><al>- die langer dan de gebruikelijke vakantieduur in het buitenland
                            verblijven</al><al>- het gaat over het algemeen om periodieke bijzondere bijstand;</al><al>- in zijn algemeenheid bijstand voor betaling van schulden vragen.</al><al/><al>Bij de vergoeding van de kosten geldt dat de vergoeding gebaseerd is op
                            de <vet><onderstreept>adequate goedkoopste</onderstreept></vet>
                            oplossing. Met andere woorden, de maximale vergoeding is afgestemd op de
                            eenvoudigste voorziening waarmee de cliënt op verantwoorde wijze is
                            geholpen. </al><al/><al>Uit oogpunt van doelmatigheid en eenduidigheid worden richtbedragen
                            aangehouden. Hiermede wordt voorkomen dat bij afhandeling van elke
                            aanvraag er een prijsvergelijking moet plaatsvinden.</al><al>De daadwerkelijk gemaakte kosten worden vergoed indien ze lager zijn dan
                            het richtbedrag. Zijn de kosten hoger dan het richtbedrag dan komen deze
                            meerkosten voor rekening van aanvrager.</al><al>Als van de richtbedragen wordt afgeweken, dan zal hieraan een duidelijke
                            motivatie ten grondslag moeten liggen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.2</nr><titel>Vormen van bijstand</titel></kop><al>Tenzij anders bepaald geldt er voor bijzondere bijstand vooraf geen
                            terugbetalingsverplichting.</al><al>Terugbetaling is slechts dan mogelijk wanneer:</al><al>- ten onrechte (of tot) een te hoog bedrag aan bijstand is verleend </al><al> ( onjuiste inlichtingen);</al><al>- de bijstand is verstrekt in de vorm van een geldlening*;</al><al>- er sprake is van borgtocht*;</al><al>- de bijstand onverschuldigd betaald is en de belanghebbende dit
                            redelijkerwijs had kunnen begrijpen;</al><al>- naderhand belanghebbende nog in aanmerking komt voor een voorliggende
                            voorziening;</al><al>- naderhand met betrekking tot de periode waarover bijstand is verleend
                            alsnog over in aanmerking te nemen middelen kan beschikken;</al><al>- er sprake is van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid en
                            de bijstand is verstrekt in de vorm van een geldlening.</al><al/><al>* Geldlening en borgtocht:</al><al>Borgtocht is een overeenkomst waarbij de borg ( de gemeente) de
                            verplichtingen van de schuldenaar ( cliënt) overneemt, indien deze daar
                            zelf niet aan voldoet.</al><al/><al>Tot bijstand in de vorm van een geldlening wordt overgegaan als:</al><al>- redelijkerwijs kan worden aangenomen dat aanvrager op korte termijn
                            over voldoende middelen zal beschikken om in de betreffende periode in
                            de kosten te voorzien; ( bijvoorbeeld aandeel boedelscheiding)</al><al>de noodzaak tot bijstandsverlening een gevolg is van tekortschietend
                            besef van verantwoordelijkheid;</al><al>- de bijzondere bijstand betrekking heeft op de aanschaf van </al><al>duurzame gebruiksgoederen; </al><al>- de aanvraag betrekking heeft op een te betalen waarborgsom;</al><al>- het bijstand ter gedeeltelijke of volledige aflossing van een schuld
                            betreft.</al><al/><al>Van bijstandsverlening in de vorm van borgtocht kan sprake zijn
                            wanneer:</al><al>- een aanvraag om een saneringskrediet / noodzakelijke inrichtingskosten
                            door de kredietinstelling is afgewezen en borgtocht nodig is om de
                            krediettransactie toch te laten doorgaan.</al><al/><al>Zekerheidsstelling:</al><al>Het college is bevoegd aan de bijstandsverlening de voorwaarden van
                            zekerheidsstelling te verbinden.</al><al>Deze zekerheidsstelling beperkt zich niet tot een krediethypotheek, maar
                            het kan bij woonschepen of woonwagens ook gaan om een stil
                            pandrecht.</al><al>Zodra er sprake is van in aanmerking te nemen vermogen in de woning en
                            de verstrekte bijstand bedraagt naar verwachting meer dan € 5.000,00
                            wordt in ieder geval zekerheidsstelling overwogen. Indien tot
                            zekerheidsstelling wordt overgegaan komen de kosten ten laste van
                            aanvrager en worden ze in het leenbedrag opgenomen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3</nr><titel>Draagkracht</titel></kop><al> Inkomen en vermogen zijn bepalend voor het vaststellen van de behoefte
                            aan bijstand. Ligt het inkomen boven bijstandsniveau dan zal gekeken
                            moeten worden in hoeverre iemand zelf de kosten kan betalen. Hetzelfde
                            geldt als het vermogen en het vermogen in de woning meer bedraagt dan de
                            vermogensgrenzen genoemd in artikel 34 WWB.</al><al>a. draagkracht in het inkomen ( <vet>artikel 31, 32 en 33
                            WWB)</vet></al><al>Wat is inkomen?</al><al>Relevante informatie hieromtrent is terug te vinden in de artikelen
                            31</al><al>( middelen), artikel 32 (inkomen), artikel 33 (bijzonder inkomen) Voor
                            bijzondere bijstandsverlening wordt bij deze artikelen aangesloten. </al><al>Aandachtspunten zijn: </al><al>- het gaat om netto inkomen ( het inkomen dat resteert na inhouding van
                            belastingenverplichte inhoudingen zoals premie zorgverzekering en premie
                            werknemersverzekeringen);</al><al>- heffingskortingen;</al><al>- gratificaties en 13<sup>e</sup> maand;</al><al>- premies gericht op arbeidsinschakeling, kostenvergoedingen en een
                            inkomstenvrijlating worden niet tot het inkomen gerekend;</al><al>- inkomsten uit onderverhuur en kostgangers worden niet tot het </al><al> inkomen gerekend, maar worden verdisconteerd in de bijstandsnorm </al><al> ( een lagere toeslag of een verlaging van de bijstandsnorm </al><al> gehuwden). </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3.1</nr><titel>Draagkrachtruimte en draagkracht in het inkomen</titel></kop><al>Om vast te kunnen stellen of het inkomen van aanvrager al dan niet
                            toereikend is om zelf de bijzondere kosten te kunnen betalen, wordt de
                            situatie van aanvrager vergeleken, ten opzichte van een bijstandscliënt
                            in soortgelijke omstandigheden.</al><al>De draagkrachtruimte in het inkomen is het verschil tussen het totale
                            inkomen en de van <vet>to</vet><vet>epassing zijnde
                            bijstandsnorm</vet></al><al>Onder van toepassing zijnde bijstandsnorm wordt verstaan, bijstand die
                            bedoeld is voor levensonderhoud.</al><al>Dit is behalve de norm en eventuele toeslagen en verlagingen, genoemd in
                            de Toeslagenverordening, ook bijzondere
                            bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar.( exclusief
                                vakantietoeslag<cursief>). </cursief></al><al/><al><cursief>Noot: uit praktische overweging wordt de gereserveerde
                                vakantietoeslag </cursief></al><al><cursief> buiten beschouwing gelaten. D.w.z. er vindt een vergelijking
                                plaats van </cursief></al><al><cursief> inkomsten exclusief vakantiegeld en de bijstandsnorm exclusief
                            </cursief></al><al><cursief> vakantiegeld.</cursief></al><al/><al>Op de draagkrachtruimte kunnen buitengewone uitgaven in mindering worden
                                gebracht die niet direct voor bijstandsverlening
                            in aanmerking komen:</al><al>Voorbeelden hiervan zijn:</al><al>- ouderbijdragen ( bijdragen aan heLBIO)</al><al>- correctie woonkosten, indien niet de volledige huurtoeslag wordt
                            ontvangen;</al><al>- correctie zorgverzekering, indien niet de volledige zorgtoeslag wordt </al><al> ontvangen;</al><al>- verschuldigde kinderalimentatie;</al><al>- eigen aandeel in de kinderopvang.</al><al/><al><vet>Draagkracht</vet> in het inkomen, is de draagkrachtruimte
                            vermenigvuldigd met een percentage zoals vermeld in volgende
                            tabellen.</al><al/><al>Tabel 1 ( algemeen voor bijzondere kosten)</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Inkomen </al></entry><entry><al>Draagkracht</al></entry></row><row><entry><al>Tot 120% van de bijstandsnorm</al></entry><entry><al>0%</al></entry></row><row><entry><al>Van 120% tot 150% van de bijstandsnorm</al></entry><entry><al>25%</al></entry></row><row><entry><al>Bij een inkomen meer dan 150% van de
                                                bijstandsnorm</al></entry><entry><al>50%</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Tabel 2 ( voor specifieke kosten)</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Aard verstrekking</al></entry><entry><al>Draagkracht</al></entry></row><row><entry><al>Woonkostentoeslag</al></entry><entry><al>100%</al></entry></row><row><entry><al>Zorgtoeslag</al></entry><entry><al>100%</al></entry></row><row><entry><al>Aanschaf / vervanging duurzame gebruiksgoederen</al></entry><entry><al>100%</al></entry></row><row><entry><al>Aandeel kinderopvang/WSF</al></entry><entry><al>100%</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Voorbeeld draagkrachtberekening: ( fictieve bedragen)</vet></al><al/><al>Stel: de van toepassing zijn de bijstandsnorm is € 1.000,00 per
                            maand.</al><al>Het in aanmerking te nemen inkomen is € 1.800,00 per maand.</al><al>De berekening van de draagkracht is als volgt:</al><al>Draagkracht 0% over inkomen 120%= € 1.200,00</al><al>Over het inkomen € 1.200,00 tot € 1.500,00= € 300,00 x 25%= € 75,00 per
                            maand</al><al>Over het inkomen € 1.500,00 tot € 1.800,00 = € 300,00 x 50%= € 150,00
                            per maand</al><al>De totale draagkracht is in dit voorbeeld € 225,00 per maand is € 2.700
                            per jaar.</al><al>Consulenten kunnen bij de berekening van de draagkracht gebruik maken
                            van een excel-berekening</al><al/><al><vet>Bijzondere situaties</vet></al><al>Geen draagkracht bij WSNP.</al><al>Bij een belanghebbende ten aanzien van wie een schuldsaneringsregeling
                            op grond van de WSNP is uitgesproken, geldt dat het college enkel de
                            draagkracht kan berekenen over de middelen waarover belanghebbende
                            daadwerkelijk de beschikking heeft (zie CRvB 01-02-2005, nr. 02/93NABW).
                            De CRvB neemt hierbij als uitgangspunt dat dit slechts de middelen
                            betreft die op de voet van artikel 295 lid 2 Fw buiten de boedel worden
                            gelaten. Aangezien dit in de praktijk neerkomt op 90% van de
                            bijstandsnorm, betekent dit dat er in het algemeen geen draagkracht zal
                            kunnen bestaan bij een belanghebbende ten aanzien van wie een
                            schuldsaneringsregeling van toepassing is.</al><al/><al>Draagkracht en beslag</al><al>Als op (een deel van) het inkomen van belanghebbende executoriaal beslag
                            is gelegd waardoor belanghebbende over dat (deel van het) inkomen geen
                            feitelijke bestedingsmogelijkheid heeft, noch beschikkingsbevoegd is,
                            noch een mogelijkheid heeft om het hem uit te laten betalen, mag het
                            college bij de berekening van de draagkracht in het kader van de
                            bijzondere bijstand met dat deel van het) inkomen geen rekening houden,
                            omdat belanghebbende niet redelijkerwijs kan beschikken</al><al>over dat (deel van het) inkomen (zie CRvB 28-03-2006, nr. 04/5464
                            NABW).</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3.2.</nr><titel>Draagkracht en vermogen</titel></kop><al/><al>Het is de eigen verantwoordelijkheid van belanghebbende(n) om voor zover
                            mogelijk zelf in de bestaanskosten te voorzien.</al><al>Indien de inkomsten uit of in verband met arbeid onvoldoende zijn is ook
                            de vermogenspositie van belanghebbende(n) relevant.</al><al>In artikel 34 staat vermeld wat onder vermogen wordt verstaan. Dit wordt
                            in deze handreiking nog nader in aparte beleidsregels toegelicht.</al><al>De bepalingen gelden onverkort voor het recht op algemene bijstand.</al><al>Voor de bijzondere bijstandsverlening wordt grotendeels bij de
                            wettelijke bepalingen en de beleidsregels aangesloten.</al><al><vet>Een uitzondering wordt gemaakt voor spaargelden opgebouwd tijdens
                                de bijstandsperiode, deze worden bij bijzondere bijstandsverlening,
                                langdurigheidstoeslag en minimaregelingen wel in aanmerking
                                genomen.</vet></al><al/><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry><al>Is het positieve vermogen hoger dan de van
                                                toepassing zijnde vrijlatingen dan wordt 100% van
                                                het meerdere als draagkracht in aanmerking
                                                genomen</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Ook ten aanzien van de noodzakelijke aanschaf / of vervanging van
                            duurzame gebruiksgoederen voor mensen die langer dan 3 jaar onafgebroken
                            op het minimum </al><al>( lees 100%) zijn aangewezen en geen <vet>langdurigheidstoeslag
                            </vet>ontvangen geldt een afwijkende regeling. Deze luidt:</al><al/><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry><al>Is het positieve vermogen hoger dan 150% van de
                                                bijstandsnorm op maandbasis, dan wordt het meerdere
                                                volledig als draagkracht in aanmerking genomen.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.4</nr><titel>De positie van de Gemeenschappelijke Kredietbank (GKB)</titel></kop><al>De GKB is een kredietverlenende instantie die nauw verbonden is met de
                            gemeente. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door een 3 tal wethouders.
                            De GKB is een normale kredietverlenende instantie en beperkt zich niet
                            alleen tot mensen met een smalle beurs.</al><al>Voor leningen is de GKB een <vet>voorliggende</vet> voorziening ofschoon
                            rente en kosten in rekening worden gebracht.</al><al>Bij toekenning van een lening is bijstand dan ook niet aan de orde.</al><al/><al>De GKB zal bij de beoordeling van de aanvraag net als andere
                            kredietverlenende instanties zo weinig mogelijk risico willen lopen en
                            zal garanties willen opdat de lening daadwerkelijk wordt
                            terugbetaald.</al><al>In een drietal situaties zal de gemeente een besluit moeten nemen, deze
                            zijn:</al><al/><al><vet>a. de GKB wijst de lening af</vet>.</al><al>De gemeente beoordeelt of bijstand noodzakelijk is – zo ja, dan wordt de
                            hoogte </al><al>( goedkoopste adequate voorziening / interne richtlijnen) en daarna de
                            vorm van de bijstand vastgesteld. </al><al>Betreft het duurzame gebruiksgoederen, dan dient er een afweging gemaakt
                            te worden of al dan niet een renteloze lening verstrekt wordt. Vaak is
                            een lening via de GKB niet mogelijk omdat er al lopende
                            aflossingsverplichtingen zijn en betrokkene in een vorm van
                            schuldsaneringstraject zit.</al><al>Een nieuwe lening is dan geen optie omdat op het moment van de aanvraag
                            en in de nabije toekomst geen aflossingscapaciteit is. Indien er binnen
                            een periode van 36 geen reële aflossingsmogelijkheden zijn, dan kan
                            bijstand om niet worden verstrekt. Is binnen de termijn van 36 maanden
                            wel aflossing mogelijk, dan wordt de bijstand verstrekt in de vorm van
                            een lening.</al><al>Gedurende een looptijd van maximaal 36 maanden, gerekend vanaf datum
                            verstrekking wordt een aflossing vastgesteld welke maximaal 6% bedraagt
                            van de bijstandsnorm incl. eventuele toeslagen en vakantietoeslag.</al><al>Als gedurende 36 maanden aan de terugbetalingsverplichting is voldaan
                            wordt het restant van de lening omgezet in bijstand om niet, d.w.z. het
                            restant van de lening wordt niet teruggevorderd.</al><al>Stel aanvrager heeft na 24 maanden aflossingsmogelijkheden, dan vindt
                            aflossing plaats gedurende 12 maanden. Het restant van de lening wordt
                            na deze 12 maanden niet teruggevorderd. Mits aan de betaalverplichting
                            is voldaan.</al><al/><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry><al>Aandachtspunt: Er moet zijn van een absolute
                                                noodzaak, reparatie is niet meer mogelijk. Het moet
                                                gaan om noodzakelijke gebruiksgoederen zoals een
                                                wasmachine en stofzuiger, televisie, koelkast.
                                                Indien het gaat om vervanging huisraad zijn
                                                2<sup>e</sup> hands goederen een reële optie.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Is er sprake van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid-
                            bijv. betaling van een huurschuld, dan kan de bijstand verstrekt worden
                            in de vorm van een lening.</al><al><vet>De maximale ruimte in het inkomen kan worden voor benut voor
                                terugbetaling van de lening. De cliënt moet kunnen blijven
                                beschikken over 90% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm incl.
                                toeslagen. </vet>Ook hier dient een afweging gemaakt te worden of
                            een lening wel de goede optie is.</al><al/><al><vet> b.</vet><vet>GKB vraagt om een bijdrage in de aflossing van de
                                lening</vet></al><al>De gemeente toetst of de lening noodzakelijk is en zo ja of de hoogte
                            van de lening voldoet aan de richtlijnen zoals die in de handleiding
                            zijn vastgesteld.</al><al>Het gaat meestal om inrichtingskosten.</al><al>De eigen bijdrage van de cliënt in de aflossing is 6% van de
                            bijstandsnorm. De maximale aflossingsduur is 36 maanden.</al><al/><al>Voorbeeld: bedragen zijn fictief</al><al/><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry><al>Stel: GKB verstrekt een lening met een looptijd van
                                                36 maanden en een maandelijkse aflossing van €
                                                120,00</al><al>Cliënt ontvangt een bijstandsuitkering van €
                                                1.200,00 per maand. De eigen bijdrage in de
                                                aflossing is dan € 72,00. ( 6%)</al><al>De berekening van de bijstand is dan als volgt:</al><al>Maandelijkse aflossing GKB € 120,00 p.m.</al><al>Af: eigen bijdrage cliënt <onderstreept>- 72,00
                                                  p.m.</onderstreept></al><al>Aanvullende bijstand € 48,00 p.m.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Bij beëindiging algemene bijstand dient beoordeeld te worden in hoeverre
                            aanvullende bijzondere bijstand nog nodig is.</al><al>· Overleg met cliënt of het eventueel gereserveerde vakantietoeslag met
                            de vordering verrekend mag worden.</al><al/><al><vet>c. de GKB vraagt de gemeente borg/garant te staan voor aflossing
                            </vet></al><al><vet> van de lening.</vet></al><al>Borgstelling houdt in dat de gemeente en de GKB een overeenkomst
                            sluiten, waarin de gemeente zich verplicht de aflossing en bijkomende
                            kosten van een cliënt te voldoen als hij in gebreke blijft. De GKB stelt
                            de hoogte van het rente- en aflossingsbedrag vast. Aanvragen inzake
                            borgstelling zijn aan dezelfde criteria onderworpen als andere
                            bijzondere bijstandsaanvra­gen.. </al><al>Een beslissing hierover wordt in een beschikking aan de aanvrager
                            meegedeeld. </al><al>Van het verlenen van borgtocht kan alleen sprake zijn, als blijkt dat
                            zonder borgstelling van de gemeente de GKB de lening niet verstrekt en
                            er sprake is van een boven normaal risico. <vet>Voorkomen moet worden
                                dat het bedrijfsrisico ten onrechte op de gemeente wordt
                                afgewenteld. </vet></al><al>Bij een aanvraag tot borgstelling zal gekeken moeten worden naar het
                            doel van </al><al>De lening. Afhankelijk daarvan kan de noodzaak om te lenen worden
                            beoordeeld. In de praktijk laten de gevallen waarin de GKB de gemeente
                            vraagt borg te staan zich als volgt omschrijven:</al><al> - bij echtscheidingen;</al><al>- bij tijdelijke verblijfsvergunning;</al><al>- bij slechte betalingsmoraliteit;</al><al>- bij saneringskredieten.</al><al/><al><vet>Bij echtscheidingen:</vet></al><al>Zo lang de echtscheiding nog niet officieel is d.w.z. nog niet is
                            ingeschreven in het bevolkingsregister blijven partners hoofdelijk
                            aansprakelijk voor de schulden aangegaan voor en tijdens de
                            echtscheidingsperiode. De GKB kan hierdoor een extra risico lopen
                            wanneer de ex partner schulden maakt of zijn verplichtingen niet
                            nakomt.</al><al>Gedurende de echtscheidingsperiode kan de gemeente garant staan voor de
                            aflossing. Voor de periode daarna is afhankelijk van de situatie. Kunnen
                            de aflossingsverplichtingen niet na worden nagekomen omdat schuldenaar
                            aangesproken wordt op verplichtingen die voortvloeien uit of betrekking
                            hebben op de periode voor de echtscheiding dan kan de gemeente garant
                            staan voor aflossing van de lening. </al><al>Komt schuldenaar de verplichtingen niet na omdat hij/zij na de
                            echtscheiding verplichtingen aangaat, cq de bijstandsuitkering beëindigd
                            wordt, dan is er sprake van een normaal risico.</al><al>In dat geval kan de gemeente niet garant staan voor de aflossing.</al><al/><al><vet>Bij tijdelijke verblijfsvergunning:</vet></al><al>De gemeente kan in deze situaties een garantstelling afgeven.</al><al>Wanneer de GKB een beroep doet op garantstelling dient er wel sprake te
                            zijn van een causaal verband. D.w.z. het niet nakomen of niet kunnen
                            nakomen van de verplichtingen aan de GKB dient rechtstreeks verband te
                            houden met de verblijfsvergunning.</al><al>Komt schuldenaar zijn verplichtingen om andere redenen niet na, dan is
                            het risico voor de GKB.</al><al>Aandachtspunt: is de duur van de verblijfsvergunning bijvoorbeeld 2
                            jaar.</al><al>Dan eindigt de garantstelling na die periode als de verblijfsvergunning
                            wordt omgezet in onbepaalde tijd.</al><al/><al><vet>Bij slechte betalingsmoraliteit</vet></al><al>In deze situaties is de kans groot dat ook daadwerkelijk door de GKB een
                            beroep op garantstelling wordt gedaan.</al><al>Er kan dan ook niet garant worden gestaan voor aflossing van de
                            lening.</al><al>Bij zeer dringende redenen kan de gemeente eventueel zelf tot
                            bijstandsverlening overgaan.</al><al/><al><vet>Bij saneringskredieten</vet></al><al>Indien borgtocht noodzakelijk is om een krediettransactie alsnog
                            doorgang te laten vinden is borgstelling mogelijk op grond van artikel
                            49 WWB.</al><al><cursief>Noot: voor boetes en fraudevorderingen ontstaan op of na 1
                                januari 2013 zijn</cursief><cursief> geldt dat deze niet opgenomen
                                kunnen worden in de schuldsanering.</cursief></al><al><cursief> Deze vorderingen moeten volledig worden
                                terugbetaald.</cursief></al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.5</nr><titel>Het begrip tekort schietend besef van
                                verantwoordelijkheid</titel></kop><al/><al>De zinsnede "tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de
                            voorziening in het bestaan" houdt in dat het mensen aangerekend wordt
                            als men niet op verantwoorde wijze omgaat met het beperkte budget.</al><al>Van een tekortschietend besef is ook sprake wanneer men heeft nagelaten
                            zich tegen algemeen voorkomende risico’s te verzekeren. Bij de
                            verstrekking van bijstand wordt ervan uitgegaan dat men de volgende
                            verzekeringen heeft afgesloten.</al><al>- inboedelverzekering (brand en inbraak).</al><al>- opstalverzekering (bij eigen woning/ schip/ woonwagen). </al><al>- aansprakelijkheidsverzekering (wettelijke aansprakelijkheid)</al><al>- begrafenisverzekering (bij partners en kinderen)</al><al>- zorgverzekering.</al><al/><al>Bij de vaststelling van de hoogte van de bijzondere bijstand wordt ervan
                            uitgegaan dat bepaalde kosten gedekt worden door de desbetreffende
                            verzekering.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.6</nr><titel>Prijsverhogingen</titel></kop><al>Normen en andere vaste prijzen die worden genoemd kunnen worden
                            aangepast aan de hand van de gebruikte bronnen.</al><al>Belangrijke bronnen die geraadpleegd worden zijn: </al><al>- Prijzengids NIBUD</al><al>- Belastingwetgeving</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.7</nr><titel>Verificatie van kosten</titel></kop><al>Bewijzen van gemaakte kosten dienen te worden overlegd, als het gaat om
                            specifieke kosten</al><al>Aandachtspunt: originele nota’s en facturen.</al><al>Niet uitbetalen op basis overlegging offertes en prijsopgaven.</al><al>Bij twijfel verificatie bij leverancier. </al><al>Er zijn ook situaties denkbaar waarbij er een afweging gemaakt moet
                            worden of verificatie wel zinvol en doelmatig is. Bijvoorbeeld wanneer
                            kosten wel aannemelijk zijn maar niet direct aantoonbaar. ( dieet). Bij
                            aanschaf van 2<sup>e</sup> hands goederen bijv. via markplaats volstaat
                            een betalingsbewijs.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.7.a</nr><titel>Verificatie van inkomen en vermogen</titel></kop><al>Uitgangspunt is dat de gemeente geen gegevens vraagt die bij de gemeente
                            al bekend zijn. Dit is geregeld in de Wet Eenmalige Gegevensuitvraag
                            (WEU). Aanvrager die kwijtschelding aanvraagt en krijgt overlegt
                            bewijsstukken. Deze gegevens zijn niet geverifieerd via Suwinet omdat
                            dit niet mag. Zodra bijstand wordt aangevraagd mag dit wel en het is aan
                            te bevelen om dit ook te doen. Dezelfde systematiek wordt gehanteerd bij
                            nieuwe aanvragen bijzondere bijstand. Ook dan vindt verificatie middels
                            Suwinet plaats. Het is namelijk mogelijk dat bij kwijtschelding niet
                            alle inkomsten worden opgegeven.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.8</nr><titel>Procedure</titel></kop><al>Aan elke betaling dient een besluit ( beschikking) ten grondslag te
                            liggen.</al><al>Uitbetaling van bijzondere bijstand kan niet op declaratiebasis.</al><al>Bijzondere bijstand moet worden aangevraagd. De procedure die hiervoor
                            gehanteerd wordt is dat een aanvraagformulier ingevuld en ondertekend
                            wordt en dat bewijsstukken moeten worden overlegd.</al><al>Na rapportage en toetsing wordt het besluit verzonden en wordt de
                            bijstand uitbetaald.</al><al>Dit kan zijn aan aanvrager of rechtstreeks aan de leverancier.</al><al>n de beschikking dient duidelijk naar voren te komen </al><al>In de beschikking dient duidelijk naar voren te komen waarvoor
                            bijzondere bijstand verleend wordt, eventueel de periode, de hoogte, de
                            berekening van de bijstand en de betalingswijze. Slechts in
                            uitzonderingssituaties is ambtshalve toekenning mogelijk. </al><al>De aanvraag moet <vet>vanaf 1 januari 2013</vet>voor zover mogelijk
                            vooraf worden ingediend ( voordat de kosten zijn gemaakt). Voor zover
                            mogelijk omdat in de praktijk blijkt dat het niet altijd mogelijk is om
                            vooraf aan te vragen ( bijvoorbeeld aanvragen die binnenkomen via
                            bewindvoerders) Ook wanneer nu achteraf een aanvraag wordt ingediend, is
                            bijstand slechts mogelijk wanneer de noodzaak nog kan worden
                            vastgesteld. Aanvrager loopt het risico dat niet de volledige kosten
                            vergoed worden omdat de gemeente rekening houdt met richtbedragen. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.9</nr><titel>Aandachtspunten bij behandeling aanvragen Bijzondere
                                bijstand</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Aanvraag:</al></entry><entry><al>Beslissing:</al></entry></row><row><entry><al>Alimentatie, boete, schade, premie wettelijke
                                                verzekering.</al><al>Kosten ontwikkelingsgeneeskunde.</al></entry><entry><al>Afwijzen.</al><al>Kosten zijn nooit noodzakelijk ( artikel 14
                                                WWB)</al></entry></row><row><entry><al>Kosten die buiten Nederland zijn ontstaan.</al></entry><entry><al>Afwijzen.</al><al>Op territorialiteitsbeginsel ( artikel 11 en 14.1.e
                                                WWB.</al><al><vet>Tenzij:</vet></al><al>Sprake is van zeer dringende reden.</al><al>Zie toelichting artikel 16 WWB</al></entry></row><row><entry><al>Kosten waarvoor de belanghebbende een beroep kan
                                                doen op een voorliggende voorziening.</al></entry><entry><al>Afwijzen.</al><al>Op grond van artikel 15 WWB.</al><al><vet>Tenzij:</vet></al><al>Sprake is van zeer dringende redenen.</al><al>Zie toelichting artikel 16 WWB.</al></entry></row><row><entry><al>Kosten behoren tot de algemene bestaanskosten (
                                                artikel 5 onderdeel b van de WWB). </al></entry><entry><al>Afwijzen.</al><al>Kosten zijn niet bijzonder ( artikel 35 lid 1
                                                WWB).</al><al><vet>Tenzij:</vet></al><al>Sprake is van bijzondere omstandigheden.</al></entry></row><row><entry><al>Kosten die ( naar de eisen van de samenleving) niet
                                                als noodzakelijk worden beschouwd of waarvoor
                                                reservering mogelijk was.</al></entry><entry><al>Afwijzen.</al><al>Kosten zijn niet noodzakelijk ( artikel 35 lid 1
                                                WWB)</al><al><vet>Tenzij:</vet></al><al>Sprake is van bijzondere omstandigheden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><vet>Zeer dringende redenen:</vet></al><al>Zie toelichting artikel 16 WWB Stimulansz.</al><al>In het kort: vast dient te staan dat het gaat om een <vet>acute
                                noodsituatie </vet>en dat de behoeftige omstandigheid waarin
                            belanghebbende verkeert op geen enkele andere wijze te verhelpen is.
                            Bijstandverlening is als het ware volstrekt onvermijdelijk. In de
                            afweging dient ook te worden betrokken of het niet verlenen van bijstand
                            tot ernstige gevolgen leidt, met name voor diens gezondheid (
                            levensbedreigend of blijvend ernstig letsel of invaliditeit tot gevolg
                            hebbend).</al><al>Heeft belanghebbende blijk gegeven van een tekortschietend besef van
                            verantwoordelijkheid, dan is de gemeente niet gehouden, ook al is er
                            sprake van een acute noodsituatie, de bijstand te verlenen. (
                            geldlening)</al><al>De formulering <vet>zeer dringende redenen </vet>beoogt geen
                            ontsnappingsclausule te zijn op de uitsluitinggronden van de WWB.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>2</nr><titel>Te vergoeden kosten</titel></kop><artikel><kop><label/><nr/><titel/></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Bijzondere bijstand voor levensonderhoud
                                                  jongeren van 18 tot 21 jaar</vet></al></entry><entry><al>Jongeren zijn voor hun bestaansmiddelen aangewezen
                                                op, salaris, stagevergoeding, of
                                                studiefinanciering.</al><al>Wie zelf geen middelen heeft valt onder de onder de
                                                Wet werk en bijstand. De norm waar men recht op
                                                heeft is afgeleid van de kinderbijslagbedragen. De
                                                bijstand wordt niet verhaald op de ouders.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand, wanneer?</al></entry><entry><al>De gemeente kan via bijzondere bijstand, de
                                                landelijke norm aanvullen als aan <vet>alle
                                                </vet>onderstaande voorwaarden is voldaan</al><al> - de eigen middelen ontoereikend zijn en - de
                                                jongere niet meer thuis woont en</al><al> - de ouder(s) niet bereid zijn aan hun
                                                onderhoudsverplichting te voldoen en</al><al> - inwoning, terugkeer naar de ouder(s) in
                                                redelijkheid niet gevergd kan worden.</al></entry></row><row><entry><al>Onderhoudsplicht ouder(s)</al></entry><entry><al>Ouder(s) is/zijn onderhoudsplichtig ten opzichte van
                                                kinderen tot dat deze de leeftijd van <vet>21
                                                  jaar</vet> bereiken.</al></entry></row><row><entry><al>Terugkeer naar de ouder(s) niet mogelijk
                                                wanneer:</al></entry><entry><al><vet>a. </vet>Er sprake is van een crisissituatie </al><al> ( externe deskundigen, zoals
                                                jeugdhulpverleningsinstanties) dienen daarbij
                                                geraadpleegd te worden</al><al><vet>b. </vet>indien de jongere een langere periode
                                                al zelfstandig woont </al><al> ( minimaal 1 jaar).</al></entry></row><row><entry><al>Procedure:</al><al/><al/><al/><al/><al/><al>1. woont de jongere nog thuis?</al><al>2. Is / zijn ouder(s) bereid </al><al> in onderhoud te voorzien?</al><al>3. kan jongere in redelijkheid terugkeren naar de
                                                ouder(s)?</al><al>4. Is/ zijn ouder(s) bereid tot een oplossing?</al><al/></entry><entry><al><vet>Vooraf contact met ouder(s) is een absolute
                                                  voorwaarde</vet>.( d.w.z. de ouder(s) word(t)en op
                                                de hoogte gesteld dat kind bijstand heeft gevraagd
                                                en zij de keus hebben zelf aan hun onderhoudsplicht
                                                te voldoen of via de gemeente een onderhoudsbijdrage </al><al>betalen.</al><al>Ja, geen aanvullende bijstand.</al><al>Nee, ga naar vraag 2.</al><al>Ja, geen aanvullende bijstand.</al><al>Nee, ga naar vraag 3.</al><al/><al>Ja, geen aanvullende bijstand.</al><al>Nee, ga naar vraag 4</al><al/><al>Ja, geen aanvullende bijstand.</al><al>Nee, aanvullende bijstand is mogelijk ( verhaal op
                                                ouders)</al></entry></row><row><entry><al>Verhaal op ouders?</al></entry><entry><al>De gemeente verhaalt de bijzondere bijstand tot de
                                                grens van de onderhoudsplicht.</al><al>( ambtenaar terugvordering en verhaal dient tijdig
                                                te worden ingeschakeld)</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de aanvullende bijstand?</al></entry><entry><al>de bijstand wordt aangevuld tot de norm van 21 en 22
                                                jarige.</al><al>Op de aanvullende bijstand worden de eigen middelen
                                                van aanvrager en de bijdrage van de ouders in
                                                mindering gebracht.</al></entry></row><row><entry><al>Soort bijstand</al></entry><entry><al>Periodiek bijzonder belast</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de bijstand</al></entry><entry><al>maximaal tot het 21<sup>e</sup> levensjaar</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><vet>Voorbeeld:</vet> 20 jarige woont al twee jaar zelfstandig en
                            verdient € 100,00 per maand.</al><al/><al><vet>Fictieve bedragen: </vet></al><al>De norm voor een jongere van 20 jaar is € 215,00 per maand</al><al>De norm voor een jongere van 21 of 22 jaar is € 750,00 per maand.</al><al>Ouders kunnen maandelijks € 250,00 bijdragen.</al><al/><al>De bijstand wordt als volgt berekend:</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Bijstandsnorm</al></entry><entry><al>€ 215,00</al></entry></row><row><entry><al>Af: inkomsten</al></entry><entry><al>€ 100,00</al></entry></row><row><entry><al>Bijstand</al></entry><entry><al>€ 115,00</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Berekening bijzondere bijstand per maand:</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>Bijstandsnorm 21 jaar</al></entry><entry><al/></entry><entry><al>€ 750,00</al></entry></row><row><entry><al>Af: inkomsten</al></entry><entry><al>€ 100,00</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al> Bijstand algemeen</al></entry><entry><al>€ 115,00</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al> Bijdrage ouders</al></entry><entry><al>€ 250,00</al></entry><entry><al>€ 465,00</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand </al></entry><entry><al/></entry><entry><al>€ 285,00</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Jongeren van 18 tot 21 jaar in een
                                                  inrichting</vet></al></entry><entry><al>Jongeren van 18 tot 21 jaar hebben geen recht op
                                                algemene bijstand, zij zijn uitgesloten op grond van
                                                artikel 13 lid 2 sub a van de WWB.</al><al>Uitgangspunt is dat bijstand voor deze
                                                categorie</al><al>niet noodzakelijk is in verband met voorliggende
                                                voorzieningen, w.o. de onderhoudsplicht van
                                                ouder(s).</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand wanneer?</al></entry><entry><al>Wanneer aan <vet>alle </vet>onderstaande voorwaarden
                                                wordt voldaan: ( zeer dringende redenen)</al><al>- eigen middelen ontoereikend zijn en</al><al>- onderhoudsplichtigen niet bereid zijn aan hun
                                                verplichtingen te voldoen. en</al><al>- In redelijkheid van de jongere niet gevraagd kan
                                                worden aan zijn onderhoudsrechten te
                                                effectueren.</al></entry></row><row><entry><al>Verhaal</al></entry><entry><al>Per situatie dient beoordeeld te worden of verhaal
                                                op onderhoudsplichtige(n) mogelijk is.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijstand</al></entry><entry><al>De bijstandsnorm voor een jongere van 18 tot 21 jaar
                                                onder aftrek van eventuele eigen middelen.</al></entry></row><row><entry><al>Vorm van de bijstand</al></entry><entry><al>periodiek bijzonder ( belast)</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de bijstand</al></entry><entry><al>Tot maximaal het 21<sup>e</sup> levensjaar</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt</al></entry><entry><al>Recht op een Wajong- uitkering</al><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Onderwerp:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Alleenstaande ouders in een
                                                inrichting</vet></al></entry><entry><al>De WWB kent geen aparte norm voor een alleenstaande
                                                ouder in een inrichting. </al><al>De strekking daarvan is dat het recht op
                                                kinderbijslag voldoende wordt geacht voor het
                                                verblijf van een kind in de inrichting bij de
                                                ouder.</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Indien de ouder geen recht heeft op
                                                kinderbijslag</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Het fictieve bedrag van de kinderbijslag </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Onderwerp:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Woonkostentoeslag eigen woning:</vet></al></entry><entry><al>Bij bewoning van een eigen woning waarvan de
                                                woonlasten dermate hoog zijn dat een onevenredig
                                                deel van het inkomen aangewend moet worden voor de
                                                betaling van de woonlasten, is bijzondere bijstand
                                                mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Kosten die voor de berekening van de toeslag in
                                                aanmerking worden genomen zijn:</al></entry><entry><al>- de hypotheekrente</al><al>- onderhoud ( forfaitair bedrag) *</al><al>- premie opstalverzekering</al><al>- eigenaarsdeel waterschapslasten</al><al>- onroerendzaakbelasting.</al><al><vet>Niet: - </vet> de aflossing van de
                                                hypotheek</al><al><vet> -</vet> premie levensverzekering e.d.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening:</al></entry><entry><al>Teruggave via de belastingdienst i.v.m. betaalde
                                                hypotheekrente. </al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarde:</al></entry><entry><al><vet>Aanvragen voorlopige teruggave, deze wordt op
                                                  de toeslag in mindering gebracht</vet>.</al></entry></row><row><entry><al>Berekening van de toeslag:</al></entry><entry><al>De toeslag wordt op dezelfde wijze berekend als
                                                huurtoeslag bij een huurwoning.</al><al><extref doc="http://www.toeslagen.nl/">www.toeslagen.nl</extref>. </al></entry></row><row><entry><al>Hoge woonlasten:</al></entry><entry><al>Zijn de in aanmerking te nemen kosten hoger dan de
                                                maximumbedragen genoemd bij de huurtoeslag, dan
                                                wordt de toeslag in principe gedurende één jaar
                                                toegekend. De hoogte van de toeslag is per 1 januari
                                                2012. In aanmerking te nemen kosten minus eigen
                                                aandeel € 428 voor een gezin en € 371 voor een
                                                alleenstaande en alleenstaande ouder</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde bij hoge woonlasten:</al></entry><entry><al>Voorwaarde is dat men moet verhuizen naar een
                                                goedkopere woning waarvan de lasten onder de
                                                maximale grenzen liggen zoals die bij de huurtoeslag
                                                gehanteerd worden.</al></entry></row><row><entry><al>Draagkracht:</al></entry><entry><al>Bij hoge woonlasten wordt een draagkracht van 100%
                                                gehanteerd.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>· onderhoudskosten tot 1 juli 2014 ( de bedragen wijzigen per 1 juli van
                            elk kalenderjaar</al><al>Voor 1945 gebouwd € 623,00 per jaar</al><al>Na 1945 gebouwd € 532,00 per jaar</al><al>Te verhogen met kosten CV installatie indien van toepassing: € 84</al><al>De bedragen worden gepubliceerd in de nieuwsbrieven van STIMULANSZ</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Woonkostentoeslag huurwoning</vet></al></entry><entry><al>Woonkosten zijn algemeen noodzakelijke kosten van
                                                het bestaan.</al><al>Indien de huur te hoog is in verhouding tot het
                                                inkomen en geen of althans niet volledig een beroep
                                                kan worden gedaan op voorliggende voorzieningen is
                                                bijzondere bijstand mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening:</al></entry><entry><al>De huurtoeslag is in principe een toereikende
                                                voorziening.</al></entry></row><row><entry><al>Huurtoeslag:</al></entry><entry><al>Voor berekening van de huurtoeslag zijn de volgende
                                                aspecten van belang</al><al>- hoogte van de huur</al><al>- inkomen ( gezinsinkomen)</al><al>- huishoudgrootte</al><al>- inschrijving gemeente</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>- als de ingangsdatum van de huur niet de
                                                1<sup>e</sup> van de maand is.</al><al>- als het actuele inkomen lager is dan het
                                                jaarinkomen waarover de huurtoeslag is of wordt
                                                berekend.</al><al>- de feitelijke gezinssituatie </al><al> anders is dan bij beoordeling</al><al> huurtoeslag</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de bijzondere bijstand:</al></entry><entry><al><vet>de huurtoeslag is altijd tijdelijk.</vet></al><al>- over een deel van de maand of</al><al> - tot 1 januari of tot 1 juli.</al></entry></row><row><entry><al>Huur boven de aftoppingsgrens en onder maximale
                                                huurgrens</al></entry><entry><al>Vervallen.</al></entry></row><row><entry><al>Huur boven de maximale huurgrens</al></entry><entry><al>Er is dan geen recht op huurtoeslag. Bijzondere
                                                bijstand is slechts mogelijk als er sprake is van
                                                bijzondere omstandigheden. Eventuele bijstand is
                                                altijd tijdelijk. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde:</al><al/><al/><al/></entry><entry><al>Bij bijstandsverlening dient expliciet de
                                                verplichting te worden opgenomen uit te zien naar
                                                een goedkopere woning.</al><al>Onderzocht moet worden of er voldoende inspanningen
                                                zijn verricht om te verhuizen naar een goedkopere
                                                woning.</al></entry></row><row><entry><al>Berekening toeslag</al></entry><entry><al>De woonkostentoeslag wordt op dezelfde wijze
                                                berekend als huurtoeslag.</al><al>Via <extref doc="http://www.toeslagen.nl/">www.toeslagen.nl</extref> kan een berekening
                                                worden gemaakt.</al><al>Rekening houden met inkomensdaling.</al><al>Bij te hoge huur is per 1 januari 2014 het eigen
                                                aandeel € 428 voor een gezin en </al><al>€ 371 voor een alleenstaande en alleenstaande
                                                ouder.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>Huuraanpassing per 1 juli.</al><al>Wijzigingen tijdig doorgeven aan de
                                                belastingdienst.</al><al>Bij verstrekken toeslag voor huur boven maximale
                                                huurgrens geldt een draagkrachtpercentage van
                                                100</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Doorbetaling vaste lasten</vet></al></entry><entry><al>Bij verblijf in een inrichting kunnen vaste lasten
                                                zoals huur, energie en water tijdelijk worden
                                                doorbetaald</al></entry></row><row><entry><al>Wat is een inrichting?</al></entry><entry><al>Een inrichting is een ziekenhuis, verpleeghuis,
                                                revalidatiecentrum, psychiatrisch ziekenhuis,
                                                ziekenhuis of afkickcentrum.</al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarden:</al></entry><entry><al>Er moet sprake zijn van een opname van
                                                  <vet>tijdelijke </vet>aard. Met tijdelijke wordt
                                                bedoeld dat terugkeer naar de eigen woning wordt
                                                nagestreefd of mogelijk is.</al><al>De noodzaak van het behoud van de woning of kamer
                                                moet vaststaan. <vet>Tijdelijk is een periode van 6
                                                  maanden. Na deze periode vindt opnieuw een
                                                  onderzoek plaats om te beoordelen of terugkeer
                                                  naar de woning mogelijk is.</vet></al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken:</al></entry><entry><al>De noodzaak moet blijken uit een verklaring van
                                                hulpverlener/maatschappelijk werker.</al><al>· huur en energiespecificatie</al><al/></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>De mogelijkheid tot tijdelijke afsluiting van water
                                                en energie nagaan, dan wel verlaging van de
                                                voorschotten bewerkstelligen (leegstand, bij langer
                                                dan 3 maanden)</al><al>Huurtoeslag op verschuldigde huur in mindering
                                                brengen.</al><al>Bij onderhuur of verhuur vindt geen doorbetaling van
                                                vaste lasten plaats.</al><al><vet>Bij detentie is geen bijzondere bijstand
                                                  mogelijk .</vet></al><al><vet>( artikel 13 WWB)</vet></al></entry></row><row><entry><al>Tenzij:</al></entry><entry><al>Indien zeer dringende redenen hiertoe
                                                noodzaken.</al><al>bezien moet worden of betrokkene redelijkerwijs had
                                                kunnen reserveren of anderszins maatregelen had
                                                kunnen nemen ( bijv. afsluiting nutsvoorzieningen,
                                                onderhuur). Meestal is bij cliënt geruime tijd
                                                voorafgaand aan de detentie bekend met de komende
                                                detentie. Zeer dringende redenen zullen slechts
                                                hoogst zelden voorkomen. ( bijstand in de vorm van
                                                geldlening artikel 48 lid 2 onder b WWB)</al></entry></row><row><entry><al><vet>Garantietoeslag ( toeslag voormalig
                                                  alleenstaande ouders)</vet></al></entry><entry><al>Alleenstaande ouders met ten laste komende kinderen,
                                                ontvangen een uitkering volgens de norm
                                                alleenstaande ouder </al><al>( meestal 90% van het minimum) plus kinderbijslag
                                                tot het jongste inwonende kind 18 wordt, dan wijzigt
                                                de norm in de norm van een alleenstaande ( meestal
                                                70%). Er zijn 2 situaties denkbaar:</al><al>a.de jongere studeert (WSF)</al><al>b.de jongere heeft wel/geen inkomen.</al></entry></row><row><entry><al>Waarom een toeslag?</al></entry><entry><al>Het gezamenlijk inkomen van ouder en kind kan fors
                                                dalen.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte algemene bijstand:</al></entry><entry><al>Norm alleenstaande 70% van het minimum</al></entry></row><row><entry><al>Toeslag?</al></entry><entry><al>a. geen toeslag, het gezamenlijk inkomen ( bijstand
                                                en norm levensonderhoud studiefinanciering) is hoger
                                                dan de norm van een gezin.</al><al>b. verschil bijstandsnorm voor een echtpaar minus
                                                norm alleenstaande en minus inkomen jongste
                                                thuisinwonend kind.</al><al/></entry></row><row><entry><al>Ingangsdatum:</al></entry><entry><al>Datum normwijziging ( de datum waarop het jongste
                                                kind 18 jaar wordt) Bij WSF de 1<sup>e</sup> van het
                                                kwartaal volgend op de datum dat het kind 18
                                                wordt.</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de toeslag:</al></entry><entry><al>Maximaal 3 jaar</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer een toeslag?</al></entry><entry><al>Het gezamenlijk inkomen van gezin </al><al>( ouder/kind) is lager dan de bijstandsnorm volgens
                                                artikel 21 sub c</al></entry></row><row><entry><al>Inkomen ouder</al></entry><entry><al>Loon, partneralimentatie, heffingskortingen</al></entry></row><row><entry><al>Inkomen jongere</al></entry><entry><al>Loon, uitkering alimentatie</al></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling:</al></entry><entry><al>Maandelijks, tegelijk met de periodieke algemene
                                                bijstand na inlevering van het
                                                rechtmatigheidsformulier. Gesplitste
                                                uitbetaling.</al><al/></entry></row><row><entry><al>Vorm van de bijstand</al></entry><entry><al>De toeslag is een belaste uitkering</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>De toeslag geldt niet voor samenwonende
                                                partners.</al><al>De toeslag is uitsluitend bedoeld voor een ouder met
                                                een kind van 18 tot 21 jaar.</al><al>Onderhoudsplicht voor zover geen alimentatie is
                                                vastgesteld.</al></entry></row><row><entry><al>Toekenning:</al></entry><entry><al>Een aanvraag is niet vereist: de garantietoeslag kan
                                                ambtshalve worden verleend</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Ter verduidelijking een voorbeeld:</al><al>Moeder van 40 jaar woont samen met haar dochter van 18.</al><al>De dochter heeft een bijstandsuitkering van € 234,01 per maand inclusief
                            vakantiegeld.</al><al>De toeslag wordt als volgt berekend:</al><al>De maximale toeslag is: norm artikel 21 sub c € 1.354,54 minus norm
                            artikel 21 sub a € 677,27 plus toeslag € 270,91= € 948,18 en minus
                            middelen kind 18 t/m 20 jaar.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>Norm echtpaar</al></entry><entry><al/></entry><entry><al>€ 1.354,54</al></entry></row><row><entry><al>Norm alleenstaande </al></entry><entry><al>€ 948,18</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>Norm kind 18 t/m 20 jaar</al></entry><entry><al>€ 234,01</al></entry><entry><al>€ 1.182,19 -</al></entry></row><row><entry><al>Garantietoeslag p.m.</al></entry><entry><al/></entry><entry><al>€ 172,35</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al><vet>toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Begrafenis en crematiekosten</vet>:</al></entry><entry><al>De kosten behoren tot de passiva van de
                                                nalatenschap. De kosten komen voor rekening van de
                                                erfgenamen. De erfgenamen kunnen ieder voor zich en
                                                op persoonlijke titel bijstand aanvragen. Als een
                                                belanghebbende de erfenis heeft verworpen kunnen de
                                                kosten niet gerekend worden tot zijn noodzakelijke
                                                bestaanskosten ( Centrale raad van Beroep,
                                                30-10-2012, nr. 11/867 WWB, LJN: BY1856</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorzieningen:</al></entry><entry><al>Uitvaartverzekering</al><al>nalatenschap</al><al>overlijdensuitkering</al><al>uitkering levensverzekering.</al><al>draagkracht/ eigen middelen aanvrager</al><al>(Wet op de lijkbezorging)</al></entry></row><row><entry><al>Wet op de Lijkbezorging:</al></entry><entry><al>Als de overledene geen nabestaanden heeft of als zij
                                                weigeren de begrafenis of crematie te betalen.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijzondere bijstand:</al></entry><entry><al>Het aandeel van aanvrager naar rato in de gemaakte
                                                kosten, waarbij een maximum bedragen worden
                                                gehanteerd zoals in de Nibud prijzengids staan
                                                vermeld. Hierop worden voorliggende voorzieningen in
                                                mindering gebracht.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>Erfgenamen tot en met de 2<sup>e</sup> graad zijn
                                                altijd voor hun aandeel financieel verantwoordelijk.
                                                Ook als zij de erfenis niet accepteren en niet
                                                willen betalen. Een derde die middels het plaatsen
                                                van een handtekening opdracht geeft tot
                                                begraven/cremeren is vanaf dat moment financieel
                                                verantwoordelijk. In zijn algemeenheid wijst de
                                                begrafenisondernemer “opdrachtgever” hier op.</al><al>Indien familieleden niet bereid zijn hun
                                                verantwoordelijkheid te nemen, treedt de Wet op de
                                                Lijkbezorging in werking. De gemeente zal dan de
                                                kosten verhalen op de erfgenamen ( tot de
                                                2<sup>e</sup> graad)</al><al>Ouders, broers en zusters.</al></entry></row><row><entry><al>Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid</al></entry><entry><al>Het niet afsluiten van een uitvaartverzekering kan
                                                in de volgende gevallen gezien worden als een
                                                tekortschietend besef van verantwoordelijkheid. Het
                                                betreft:</al><al>· echtgenoot/partner </al><al>· minderjarig kind</al><al>In deze gevallen kan het ouders verweten worden dat
                                                ze geen verzekering hebben afgesloten. Indien er
                                                sprake is van een alleenstaande ouder, kan het de
                                                kinderen niet verweten worden dat de ouder geen
                                                verzekering heeft afgesloten.</al></entry></row><row><entry><al>Vorm van de bijstand</al></entry><entry><al>Om niet.</al><al>Bij tekortschietend besef: overweging bijzondere
                                                bijstand in de vorm van een geldlening.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving :</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Reiskosten:</vet></al></entry><entry><al>De kosten behoren tot de algemeen noodzakelijke
                                                kosten. Tenzij er sprake is van bijzondere
                                                individuele omstandigheden.</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>- reiskosten om uit huis geplaatste kinderen te
                                                bezoeken.</al><al>- reiskosten om naaste familieleden die elders
                                                worden verpleegd te bezoeken.</al><al>- reiskosten van een naast familielid in
                                                detentie.</al><al>- reiskosten naar ziekenhuis, specialist,
                                                hulpverlening</al><al> die door aanvrager of gezinsleden worden
                                                gemaakt.</al></entry></row><row><entry><al>Wat zijn naaste familieleden?</al></entry><entry><al>Verwanten in de eerste graad en familieleden die
                                                onder één dak wonen.</al></entry></row><row><entry><al>Frequentie</al></entry><entry><al>Van tevoren moet met de gemeente overlegd worden
                                                over het aantal bezoeken dat redelijkerwijs vergoed
                                                kan worden. De bijstand dient in alle situaties<vet>
                                                  vooraf</vet> te worden aangevraagd. </al></entry></row><row><entry><al>Grens:</al></entry><entry><al>Vergoeding is slechts mogelijk wanneer de enkele
                                                reisafstand meer is dan 10 kilometer.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte vergoeding:</al></entry><entry><al>kosten openbaar vervoer( 2<sup>e</sup> klas),</al><al>bij eigen vervoer wordt een kilometervergoeding
                                                gehanteerd conform de richtlijnen die de
                                                belastingdienst hanteert ( fiscaal onbelaste
                                                wetgeving). € 0,19 per km.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>reiskosten die betrekking hebben reïntegratie </al><al>( scholing, reiskosten naar stageplaats) kunnen uit
                                                het participatiebudget wat de gemeente krijgt
                                                betaald worden. De kosten dienen onderdeel van een
                                                traject te zijn.</al></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling:</al></entry><entry><al>Na inlevering bewijsstukken achteraf. Reiskosten
                                                voorafgaande aan de bijstandsaanvraag worden niet
                                                vergoed.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>(Reis)kosten studerende kinderen tot 18
                                                  jaar</vet></al></entry><entry><al>Ouders met schoolgaande kinderen tot en met 17 jaar
                                                op het voortgezet onderwijs hebben afhankelijk van
                                                hun inkomen in beginsel recht op een tegemoetkoming
                                                (WTOS).</al></entry></row><row><entry><al>WTOS</al></entry><entry><al>Naast het lesgeld is de tegemoetkoming bedoeld voor
                                                boeken en leermiddelen. <vet>De WTOS </vet>is
                                                passende en toereikende voorziening.</al><al>Behalve voor de reiskosten.</al></entry></row><row><entry><al>De WTOS is geen passende en toereikende voorziening
                                                voor de reiskosten.</al></entry><entry><al>Zie ook uitspraak Centrale Raad van Beroep
                                                27-010-09, nr. 07/ 5172 WWB. LJN BH 244.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand voor de reiskosten,
                                                wanneer?</al></entry><entry><al>Indien er sprake is van een <vet>noodzakelijke</vet>
                                                scholing buiten de woonplaats en er wordt
                                                noodzakelijkerwijs met het openbaar vervoer gereisd
                                                ( lees fietsen is in alle redelijkheid geen
                                                optie)</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijstand:</al></entry><entry><al>De goedkoopste oplossing. Trajectkaart bus i.p.v.
                                                trein</al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarden:</al></entry><entry><al>- de opleiding moet noodzakelijk zijn en</al><al>- er moet geen soortgelijke opleiding in de regio
                                                zijn en</al><al>- en er zijn geen voorliggende voorzieningen en</al><al> - de enkele reisafstand moet meer dan 10 kilometer
                                                zijn</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de bijstand</al></entry><entry><al> tot einde studie of vanaf wanneer er</al><al> recht is op WSF.</al></entry></row><row><entry><al>Overige kosten</al></entry><entry><al>De WTOS is in beginsel een passende en toereikende
                                                voorziening.</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer toch bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al><vet>Slechts mogelijk op individuele</vet></al><al><vet>gronden.</vet></al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al><vet>Toelichting:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Participatie schoolgaande kinderen</vet></al><al/><al/><al/><al/><al/><al><vet> Kind ( ten laste komend kind)</vet></al><al><vet>Kind basisonderwijs</vet></al><al/><al/><al/><al><vet>Kind voortgezet onderwijs </vet></al></entry><entry><al>Bij de vaststelling van de notitie herijking
                                                minimabeleid is ten aanzien van schoolgaande
                                                kinderen vastgesteld. Dat schoolgaande kinderen van
                                                ouders met een laag moeten kunnen deelnemen
                                                (participeren) en niet buiten gesloten mogen worden.
                                                Schoolgaande kinderen moeten kunnen deelnemen aan
                                                sociale, culturele en sportactiviteiten.</al><al>Zie artikel 4 lid 1 sub e van de Wet werk en
                                                bijstand.</al><al/><al>Kind dat in het desbetreffende kalenderjaar
                                                basisonderwijs of speciaal onderwijs volgt.( kind
                                                dat in het kalenderjaar 4 jaar wordt).</al><al>Kind dat op 1 januari van het kalenderjaar jonger is
                                                dan 18 en voortgezet onderwijs volgt.</al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarden</al><al/></entry><entry><al>-Aangetoond kan worden dat het desbetreffende kind
                                                deelneemt aan tenminste één wekelijkse
                                                buitenschoolse activiteit op het gebied van sport,
                                                cultuur e.d. </al><al><vet>Of</vet></al><al>Desbetreffende kind neemt niet deel aan een
                                                wekelijkse buitenschoolse activiteit maar neemt wel
                                                deel aan schoolse activiteiten waarvoor kosten in
                                                rekening worden gebracht door de school.</al></entry></row><row><entry><al>Normbedragen per kalenderjaar als kind deelneemt aan
                                                tenminste één wekelijkse buitenschoolse
                                                activiteit.</al></entry><entry><al>Voor een kind dat:</al><al>Basisonderwijs ( speciaal) volgt: € 200 </al><al>Voortgezet (speciaal) onderwijs volgt: € 250</al></entry></row><row><entry><al>Bedrag per kalenderjaar als kind niet deelneemt aan
                                                tenminste een buitenschoolse activiteit maar wel
                                                deelneemt aan schoolse activiteiten waarvoor door de
                                                school kosten in rekening worden gebracht,</al></entry><entry><al>De daadwerkelijk door de school in rekening of in
                                                rekening gebrachte kosten met een maximum van:</al><al>€ 200 voor een kind dat basisonderwijs volgt.</al><al>€ 250 voor een kind dat voortgezet onderwijs
                                                volgt.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De normbedragen of daadwerkelijk door de school in
                                                rekening gebrachte kosten minus eventuele
                                                draagkracht.</al></entry></row><row><entry><al>In aanmerking te nemen bijstandsnorm en
                                                inkomen.</al></entry><entry><al>Uitgegaan wordt van de bijstandsnorm en inkomen
                                                exclusief vakantiegeld.</al></entry></row><row><entry><al>Draagkracht</al></entry><entry><al>De bepalingen die betrekking hebben op draagkracht
                                                in deze handreiking zijn onverkort van
                                                toepassing.</al></entry></row><row><entry><al>Uitzonderingssituatie ( kan incidenteel
                                                voorkomen)</al></entry><entry><al>Als kind uit huis is geplaatst en de ouder(s)
                                                ontvangen geen kinderbijslag en zijn een
                                                onderhoudsbijdrage verschuldigd ook als deze niet
                                                door het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen
                                                wordt geïnd.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Omschrijving:</al></entry><entry><al>Toelichting:</al></entry></row><row><entry><al><vet>Wet op de jeugdhulpverlening</vet></al></entry><entry><al>Bij uithuisplaatsing zijn ouder(s) een bijdrage
                                                verschuldigd ( Wet op de jeugdhulpverlening)</al></entry></row><row><entry><al>Hoe hoog is de bijdrage?</al></entry><entry><al>Dit is afhankelijk van leeftijd van het kind en de
                                                vorm van hulpverlening.</al><al><vet>Het inkomen is niet van belang</vet>.</al></entry></row><row><entry><al>Wie int de bijdrage?</al></entry><entry><al>Het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen
                                                (LBIO).</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Indien geen kinderbijslag wordt ontvangen voor het
                                                kind dat uit huis is geplaatst.</al><al>De kinderbijslag wordt toereikend geacht om de eigen
                                                bijdrage zelf te betalen.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken:</al></entry><entry><al>Brief LBIO waaruit blijkt hoe hoog de bijdrage
                                                is.</al><al>Brief/besluit waaruit blijkt dat geen kinderbijslag
                                                voor het kind wordt ontvangen.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten/ voorliggende voorzieningen</al></entry><entry><al>Mogelijkheden recht op kinderbijslag bezien.</al><al><vet>Buiten invorderingstelling is mogelijk wanneer
                                                  ouder bijstand ontvangt volgens de norm van een
                                                  alleenstaande. </vet></al></entry></row><row><entry><al>Bron:</al></entry><entry><al><extref doc="http://www.lbio.nl/">www.lbio.nl</extref></al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Duurzame gebruiksgoederen</vet></al></entry><entry><al>behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het
                                                bestaan, waarvoor men geacht wordt te
                                                reserveren</al></entry></row><row><entry><al>Algemeen:</al></entry><entry><al>Als eigen vermogen ontoereikend is ( er geldt geen
                                                vermogensvrijlating) wordt aanvrager verwezen naar
                                                de GKB. Wijst de GKB de lening af, dan is bijstand
                                                slechts mogelijk wanneer er sprake is van
                                                  <vet>bijzondere omstandigheden</vet>. Indien
                                                hiervan sprake is: dan wordt de bijstand verleend in
                                                de vorm van een renteloze lening, tenzij dit geen
                                                optie is. </al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de lening of bijstand:</al></entry><entry><al>De daadwerkelijk gemaakte kosten. Er worden
                                                maximumbedragen gehanteerd ( prijzengids NIBUD). Het
                                                is legitiem te kiezen voor goedkope en adequate
                                                oplossingen bijv. 2<sup>e</sup> hands artikelen. De
                                                hoogte van de lening is dan lager en de
                                                aflossingstermijn duurt korter of het bedrag van de
                                                aflossing is lager</al><al/></entry></row><row><entry><al>Uitzondering langdurige minima of iets
                                                daarboven:</al></entry><entry><al>Langdurig zelfstandig wonende minima ( minimaal 3
                                                jaar op een minimum zijn aangewezen) en die niet de
                                                langdurigheidstoeslag ontvangen.</al></entry></row><row><entry><al>Afwijkende voorwaarden voor langdurige minima</al></entry><entry><al>Niet tot het vermogen wordt gerekend een bedrag tot
                                                150% van de van toepassing zijn de
                                                bijstandsnorm.</al><al>De draagkracht in het inkomen is 100%.</al></entry></row><row><entry><al>Maximale tegemoetkoming:</al></entry><entry><al>€ 1.230,00 per 5 jaar. Per kalenderjaar maximaal </al><al>€ 460,00. De termijn gaat in op datum 1<sup>e</sup>
                                                aanvraag.</al></entry></row><row><entry><al>Gebruiksduur van de voorzieningen:</al></entry><entry><al>In het algemeen 10 jaar. Bij 2<sup>e</sup> hands
                                                artikelen kan de gebruiksduur naar beneden worden
                                                bijgesteld.</al></entry></row><row><entry><al>Betaling:</al></entry><entry><al>Na inlevering nota of betalingsbewijs ( geen
                                                offertes). Bij voorkeur rechtstreeks aan
                                                leverancier.</al></entry></row><row><entry><al>De langdurigheidstoeslag en duurzame
                                                gebruiksgoederen</al></entry><entry><al>De toeslag is mede bedoeld voor aanschaf en
                                                vervanging van duurzame gebruiksgoederen. De
                                                langdurigheidstoeslag wordt als
                                                reserveringscapaciteit in aanmerking genomen.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>- reclame en aanschaf 2<sup>e</sup> hands artikelen. </al><al>- Internet ( marktplaats), kringloop. </al><al>- Goede voorlichting is noodzakelijk. </al><al>- De bijstand dient vooraf te worden aangevraagd
                                                voor het bepalen van de adequaat goedkoopste
                                                voorziening.</al><al>- De doelgroep is beperkt. </al></entry></row><row><entry><al> 65 jaar en ouder</al></entry><entry><al>De koopkrachttoeslag die in de AOW is begrepen wordt
                                                vanaf 1 juli 2012 tot de middelen gerekend. Dit
                                                betekent dat de AOW hoger is dan de van toepassing
                                                zijnde norm. Inwoners met uitsluitend zouden
                                                daardoor niet in aanmerking voor bijstand. De raad
                                                heeft besloten de koopkrachttoeslag niet mee te
                                                nemen bij kwijtschelding van gemeentelijke
                                                belastingen. Het ligt voor de hand voor wat betreft
                                                bijzondere bijstand hierbij aan te sluiten.
                                                  <vet>Inwoners met uitsluitend AOW hebben geen
                                                  draagkracht.</vet></al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde</al></entry><entry><al>De aanvraag dient vooraf te worden ingediend om de
                                                noodzaak van de aanschaf vast te kunnen stellen.
                                                Kosten die gemaakt zijn voor de aanvraag komen niet
                                                voor bijstandsverlening in aanmerking.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Omschrijving:</vet></al></entry><entry><al>Toelichting<vet>:</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Inrichtingskosten:</vet></al></entry><entry><al>Het gaat om incidentele algemene noodzakelijke
                                                kosten. De kosten dienen te worden voldaan uit de
                                                eigen middelen, dan wel door betaling achteraf </al><al>( gespreide betaling) of het afsluiten van een
                                                lening en komen in beginsel niet voor bijstand in
                                                aanmerking. </al></entry></row><row><entry><al>Wanneer wel bijstand:</al></entry><entry><al>In bijzondere situaties w.o. ook statushouders/
                                                inburgeraars</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere situaties:</al></entry><entry><al>Aan alle onderstaande voorwaarden moet worden
                                                voldaan:</al><al>- de noodzaak aanwezig is en</al><al>- er geen/onvoldoende reserveringscapaciteit was
                                                en</al><al>- geen beroep kan worden gedaan op een voorliggende
                                                voorziening en </al><al>- de eigen middelen w.o. het vrij te laten vermogen
                                                ontoereikend is.</al></entry></row><row><entry><al>Dringende reden:</al></entry><entry><al>Hiervan is sprake als uit maatschappelijk oogpunt
                                                bijstand noodzakelijk is. Bij gezinnen met kinderen:
                                                uit huis zetting, brand.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening:</al></entry><entry><al>Gemeenschappelijke Kredietbank.</al></entry></row><row><entry><al>Vorm van de bijstand:</al></entry><entry><al>Periodiek bijzonder voor medeaflossing lening
                                                GKB.</al><al>Renteloze lening ( leenbijstand).</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijstand</al></entry><entry><al>Afzonderlijke goederen, goedkoopst adequaat.</al><al>Maximaal de bedragen genoemd in prijzengids
                                                NIBUD</al><al>Bij volledige woninginrichting:</al><al>- alleenstaande op kamers € 1.250,00</al><al>- alleenstaanden zelfstandig € 2.500,00</al><al>- gezin 2 personen € 4.000,00</al><al>voor elke persoon meer € 500,00</al></entry></row><row><entry><al>Aflossingsruimte / eigen aandeel</al></entry><entry><al>6% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm
                                                inclusief toeslag.</al><al>Bij dringende redenen, de maximale
                                                aflossingscapaciteit tot de beslagvrije voet.</al></entry></row><row><entry><al>Duur van de aflossing </al></entry><entry><al>36 maanden.</al></entry></row><row><entry><al>Verificatie</al><al/><al/><al/></entry><entry><al>Van de benodigde artikelen dienen voor zover
                                                mogelijk bewijsstukken te worden overlegd. Bij
                                                verlening van een (tijdelijke) verblijfsvergunning
                                                is bijstand mogelijk. Bij toewijzing van woonruimte
                                                is voorlichting belangrijk. Bewaakt moet worden dat
                                                alleen noodzakelijke artikelen worden aangeschaft,
                                                die vervolgens in een lening ondergebracht kunnen
                                                worden. </al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>Aanschaf 2<sup>e</sup> hands artikelen.</al><al>Bij echtscheiding hebben partners elk recht op de
                                                helft van de inboedel. De hoogte van de bijstand is
                                                in dit geval maximaal de helft van de in deze
                                                paragraaf genoemde bedragen.</al></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling:</al></entry><entry><al>Voor zover praktisch mogelijk, rechtstreeks aan
                                                leverancier. Bij volledige inrichtingskosten,
                                                uitbetaling in termijnen om te borgen dat de
                                                bedragen besteed worden voor het doel waarvoor de
                                                bijstand is toegekend.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde</al></entry><entry><al>De aanvraag dient vooraf te worden ingediend om de
                                                noodzaak van de aanschaf vast te kunnen stellen.
                                                Kosten die zijn gemaakt voor de aanvraag komen niet
                                                voor bijstandsverlening in aanmerking.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Baby-uitzet</vet></al></entry><entry><al>de kosten van een babyuitzet behoren tot de
                                                incidenteel voorkomende, algemeen noodzakelijke
                                                kosten van het bestaan. In beginsel moeten deze
                                                kosten worden betaald uit het vermogen w.o. het vrij
                                                te laten vermogen, inkomen door te reserveren of
                                                door gespreide betaling achteraf </al><al>( bijvoorbeeld via een lening van de GKB). Alleen in
                                                uitzonderingssituaties wordt bijzondere bijstand
                                                verstrekt. Deze wordt in eerste instantie verstrekt
                                                in de vorm van een lening.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>GKB</al><al>Ouder(s) als het gaat om een jongere van 18 tot 21
                                                jaar ( onderhoudsplicht).</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijstand?</al></entry><entry><al>Als geen beroep kan worden gedaan op een
                                                voorliggende voorziening en middelen ontbreken.</al></entry></row><row><entry><al>Vorm van de bijstand</al></entry><entry><al>renteloze lening ( leenbijstand).</al></entry></row><row><entry><al>Tenzij: </al></entry><entry><al>- er gezien het inkomen onvoldoende aflossingsruimte
                                                is.</al><al>- een lening geen reële optie is.</al></entry></row><row><entry><al>Dan:</al></entry><entry><al>Bijstand om niet ( d.w.z. geen
                                                terugbetalingsverplichting)</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijstand</al></entry><entry><al>De daadwerkelijk gemaakt kosten mits deze niet hoger
                                                zijn dan de bedragen genoemd in de prijzengids van
                                                het NIBUD.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>Niet alle genoemde artikelen in de prijzengids zijn
                                                noodzakelijk. Kraamzorg kan hierover uitsluitsel
                                                geven. Ook 2<sup>e</sup> hands artikelen die worden
                                                aangeboden kunnen een oplossing bieden. Happy Kids
                                                verstrekt gratis in voorraad zijnde artikelen, na
                                                verwijzing.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde</al></entry><entry><al>De aanvraag dient vooraf te worden ingediend om de
                                                noodzaak van de aanschaf te kunnen vaststellen.
                                                Kosten gemaakt voor de aanvraag komen niet voor
                                                bijstandsverlening in aanmerking.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Verhuiskosten:</vet></al></entry><entry><al>De kosten behoren tot de incidenteel voorkomende
                                                algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand, wanneer?</al></entry><entry><al>- de verhuizing uit sociaal oogpunt noodzakelijk is
                                                  <vet>en</vet></al><al>- reservering niet mogelijk was en</al><al>- gespreide betaling of een lening geen optie is
                                                  <vet>en</vet></al><al>- er moet sprake zijn van bijzondere individuele
                                                omstandigheden.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorzieningen:</al></entry><entry><al>Wet Maatschappelijke Ondersteuning en GKB</al><al>Tegemoetkomingen van derden </al><al>( woningcoöperaties).</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijstand:</al></entry><entry><al>De kosten die direct samenhangen met de verhuizing </al><al>( transportkosten). Nota verhuizer.</al></entry></row><row><entry><al>Bij welke gemeente?</al></entry><entry><al>De vertrekgemeente.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>Bijstand voor herinrichtingskosten dienen
                                                aangevraagd te worden in de gemeente van
                                                vestiging.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarde:</al></entry><entry><al>De aanvraag dient vooraf te worden ingediend om de
                                                noodzaak vast te kunnen stellen. Kosten gemaakt voor
                                                de aanvraag komen niet voor bijstandsverlening in
                                                aanmerking.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Kosten kinderopvang</vet></al></entry><entry><al>Een ( aanvullende) tegemoetkoming voor de kosten van
                                                kinderopvang is in bepaalde situaties mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorzieningen</al></entry><entry><al>De Wet kinderopvang</al></entry></row><row><entry><al>Waar aanvragen?</al></entry><entry><al>Bij de belastingdienst ( <extref doc="http://www.toeslagen.nl/">www.toeslagen.nl</extref>) </al></entry></row><row><entry><al>2<sup>e</sup> voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Participatiebudget: in situaties als geen recht op
                                                Wet kinderopvang en ouder(s) de zorg niet kunnen
                                                combineren met een traject gericht op
                                                arbeidsinschakeling</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarden</al></entry><entry><al>Het moet gaan om formele kinderopvang. Dagopvang
                                                voor kinderen 0 tot 4 jaar. Buitenschoolse opvang
                                                voor basisschoolkinderen. Opvang in créches en
                                                gastouderopvang door gastouders. Opvang door buren
                                                familie of vrienden wordt niet vergoed</al></entry></row><row><entry><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al></entry><entry><al>In alle situaties duidelijke afspraken maken met de
                                                klant over het aantal uren opvang. De aanvraag
                                                toeslag kinderopvang controleren.</al></entry></row><row><entry><al><vet>Doelgroepen</vet></al></entry><entry><al>Er zijn een aantal groepen die voor een
                                                kostenvergoeding of ( aanvullende) bijzondere
                                                bijstand</al><al> In aanmerking komen. </al><al>1. Uitkeringsgerechtigden w.o. ook </al><al> uitkeringsgerechtigden met parttime inkomsten.</al><al>2. Tienermoeders die een opleiding volgen.</al><al>3. Ouders die studeren en WSF ontvangen.</al><al>4. Ouders die o.g.v. sociaal medische indicatie
                                                opvang</al><al> nodig hebben.</al></entry></row><row><entry><al>Uitkeringsgerechtigden die een traject volgen
                                                gericht op arbeidsinschakeling w.o. ook parttime
                                                werk</al></entry><entry><al>De 2 voorliggende voorzieningen zijn hier van
                                                toepassing. Het volledige eigen aandeel in de kosten </al><al>Kan o.g.v. artikel 26 van de
                                                re-integratieverordening betaald worden uit het
                                                participatiebudget. Ook eventuele overblijfkosten op
                                                school.</al></entry></row><row><entry><al>Tienermoeders die een opleiding volgen.</al></entry><entry><al>Hier wordt gekozen voor maatwerk, indien er binnen
                                                het gezin geen oplossingen zijn ( oppassen door
                                                grootouders) is bijzondere bijstand voor het eigen
                                                aandeel in de kosten kinderopvang mogelijk.</al><al>Grootouders zijn niet financieel verantwoordelijk
                                                voor hun kleinkinderen.</al></entry></row><row><entry><al>Ouders die studeren en WSF ontvangen</al></entry><entry><al>Indien aan een aantal voorwaarden wordt voldaan kan
                                                voor het eigen aandeel in de kosten aanvullende
                                                bijstand worden verstrekt.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarden;</al></entry><entry><al>-er moet sprake zijn van een noodzaak voor externe </al><al> opvang ( opvang door grootouders) is niet
                                                mogelijk.</al><al>-het aantal uren moet zoveel mogelijk beperkt
                                                blijven</al><al> ( geen uren vergoeden om thuis ongestoord te </al><al> kunnen studeren, geen opvang tijdens vakanties of </al><al> vrije dagen)</al><al>-mogelijkheid van peuterspeelzaal bezien</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De bepalingen van de Wet werk en bijstand zijn van
                                                toepassing. Met dien verstande dat 100% van het
                                                surplus aan inkomen als draagkracht in aanmerking
                                                wordt genomen.</al></entry></row><row><entry><al>Kinderopvang o.g.v. sociaal medische indicatie</al></entry><entry><al>Externe opvang is noodzakelijk voor een goede
                                                ontwikkeling van het kind omdat ouder(s) o.g.v.
                                                beperkingen geen goede opvang kunnen bieden.</al></entry></row><row><entry><al>Duur: </al></entry><entry><al>Het gaat om een tijdelijke situatie en de duur van
                                                de opvang dient zo beperkt mogelijk te blijven.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Kinderopvangtoeslag is voor deze groep niet
                                                mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte van de bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De hoogte van de bijstand is gelijk aan de
                                                kinderopvangtoeslag die aan werkende wordt verstrekt
                                                die in dezelfde financiële positie verkeren.</al><al>Onder restrictie dat betrokkene(n) na aftrek van het
                                                eigen aandeel in de kosten moeten kunnen blijven
                                                beschikken over een inkomen op bijstandsniveau.</al></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling van de (aanvullende bijstand) geldt in
                                                alle situaties</al></entry><entry><al>Alvorens tot uitbetaling van de bijstand of betaling
                                                uit het participatiebudget wordt overgegaan dient
                                                een beschikking van de kinderopvangtoeslag en nota
                                                van de kinderopvanginstelling te worden
                                                overlegd.</al></entry></row><row><entry><al>Controle </al></entry><entry><al>Voorkomen moet worden dat ten onrechte of teveel
                                                bijstand of kinderopvangtoeslag wordt uitbetaald. </al><al>Het aantal in rekening gebrachte uren en de toeslag
                                                dient te worden gecontroleerd.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Identiteitsbewijs</vet></al><al><vet>( geen rijbewijs)</vet></al></entry><entry><al>Daar de identificatieplicht op breder
                                                maatschappelijk terrein is vereist, zijn de kosten
                                                in beginsel algemeen noodzakelijke kosten van het
                                                bestaan zodat hiervoor als uitgangspunt geen
                                                bijzondere bijstand kan worden verstrekt. In het
                                                geval dat betrokkenen geen middelen heeft kan
                                                overgegaan worden tot het verlenen van een voorschot
                                                op grond van artikel 52 WWB om een identiteitsbewijs
                                                aan te schaffen.</al></entry></row><row><entry><al>Niet tijdig overleggen identiteitsbewijs:</al></entry><entry><al>Na indiening van een hersteltermijn ( artikel 4:5
                                                lid 1 Awb) wordt de aanvraag buiten behandeling
                                                gelaten. Toont cliënt een geldig identiteitsbewijs
                                                maar weigert hij hiervan een kopie ( te laten)
                                                maken, dan wordt hiervan melding gemaakt in het
                                                dossier. In elk geval opnemen: de aard,het nummeren
                                                de geldigheidsduur alsmede de aantekening: </al><al>Het weigeren van een kopie is geen reden tot buiten
                                                behandeling laten van een aanvraag.</al></entry></row><row><entry><al>Geen identiteitsbewijs </al></entry><entry><al>In individuele gevallen kan van identificatie worden
                                                afgezien. Denk hierbij aan verslaafden, daklozen,
                                                psychiatrische patiënten, dementen en bedlegerige
                                                patiënten. In rapportage wordt aangegeven hoe
                                                redelijkerwijs de identiteit van betrokkene is
                                                vastgesteld. Het ontbreken van een identiteitsbewijs
                                                moet goed worden gemotiveerd.</al></entry></row><row><entry><al>Personen zonder geldig identiteitsbewijs:</al></entry><entry><al>Betrokkene dient zich bij eerste aanvraag te kunnen
                                                legitimeren met een geldig identiteitsbewijs. Is de
                                                identiteit eenmaal vastgesteld dan wordt een
                                                rijbewijs of verlopen identiteitsbewijs geaccepteerd
                                                als legitimatie.</al></entry></row><row><entry><al>Tenzij:</al></entry><entry><al>Als in redelijkheid er getwijfeld mag worden aan de
                                                identiteit ( bijvoorbeeld pasfoto is 15 jaar oud)
                                                dan mag van belanghebbende verlangd worden dat hij
                                                zorgt voor een geschikt identiteitsbewijs</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Legeskosten + kosten van een
                                                  verblijfsvergunning</vet></al></entry><entry><al>Vreemdelingen die zich tijdelijk of permanent in
                                                Nederland willen vestigen dienen daartoe een
                                                verblijfsvergunning te vragen. Onder bepaalde
                                                voorwaarden kunnen zij zich later naturaliseren tot
                                                Nederlander. In beide gevallen zijn voor de
                                                behandeling van de aanvragen legeskosten
                                                verschuldigd. Dit geldt ook voor de verlening van
                                                een reeds verleende verblijfsvergunning voor
                                                vreemdelingen die niet afkomstig zijn uit de
                                                lidstaten van de Europese Unie. Vreemdelingen met
                                                een laag inkomen doen vaak een beroep op bijzondere
                                                bijstand.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorzieningen<vet>:</vet></al></entry><entry><al>Er zijn geen voorliggende voorzieningen bekend.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand;</al></entry><entry><al><vet>Niet mogelijk</vet></al></entry></row><row><entry><al>Reden:</al></entry><entry><al>De kosten worden aangemerkt als incidenteel algemeen
                                                noodzakelijk kosten van het bestaan waarvoor geen
                                                bijzondere bijstand mogelijk is.</al></entry></row><row><entry><al>Kosten naturalisatie:</al></entry><entry><al>Kosten worden aangemerkt als incidenteel algemeen
                                                noodzakelijke kosten van het bestaan.</al><al>Bijzondere bijstand is <vet>niet
                                                mogelijk.</vet></al></entry></row><row><entry><al>Kosten gezinshereniging:</al></entry><entry><al>Gezinshereniging is pas mogelijk wanneer de
                                                hoofdpersoon voldoende inkomen heeft om het gezin te
                                                onderhouden. De eerste 3 jaar na gezinshereniging
                                                mogen betrokkenen geen beroep doen op de openbare
                                                kas. Vergoeden van de kosten zou ook in strijd zijn
                                                net het territorialiteitsbeginsel. Een aanvraag om
                                                bijstand moet dan ook worden afgewezen.</al></entry></row><row><entry><al>Bron:</al></entry><entry><al>Uitspraak Centrale Raad van Beroep, d.d. 5 november
                                                2005. Zie ook Stimulansz, toelichting op artikel 35
                                                WWB.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Rechtshulp en griffierechten</vet></al></entry><entry><al>Als rechtsbijstand is verleend op grond van een
                                                toevoeging krachtens de Wet op de Rechtsbijstand
                                                (WRB) staat de noodzaak van rechtsbijstand
                                                vast.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening:</al></entry><entry><al>Wet op de Rechtsbijstand</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand:</al></entry><entry><al>Eigen bijdrage, griffiegelden en bijkomende kosten </al><al>( reiskosten). <vet>Voorwaarde: </vet>het overleggen
                                                van een diagnosedocument waaruit blijkt dat de
                                                gewenste rechtsbijstand ( en daarmee de eigen
                                                bijdrage) noodzakelijk is. Zie verder
                                                  <vet>aandachtspunt.</vet></al></entry></row><row><entry><al>Geen bijstand voor: </al></entry><entry><al>Kosten procesrisico, deze komen voor rekening
                                                aanvrager</al></entry></row><row><entry><al>Bronnen en informatie</al></entry><entry><al>Juridisch Loket, bezoekadres Koggelaan 15 te Zwolle.
                                                Postbus 40138, 8000 DC Zwolle.</al><al><extref doc="http://www.hetjl.nl/">www.hetjl.nl</extref> tel. 0900-8020 ( 10
                                                eurocent per minuut)</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>Als een klant een procedure wil starten moet hij
                                                eerst naar het Juridisch Loket voor advies.</al><al>Als de klant een diagnosedocument heeft, dan krijgt
                                                hij een korting van € 53,00 op de eigen bijdrage.
                                                Bij een strafzaak, asielzaak of bestuurlijke sanctie
                                                geldt de korting altijd. Een diagnosedocument is dan
                                                niet nodig. Ditzelfde geldt als een klant naar een
                                                hogere instantie gaat (hoger beroep). Slechts in
                                                heel bijzondere omstandigheden hoeft iemand niet
                                                eerst naar het Juridisch Loket, bijvoorbeeld als hij
                                                op zeer korte termijn gedagvaard is of om medische
                                                redenen aan het bed is gekluisterd is.</al><al>De eigen bijdrage voor minima zonder korting
                                                bedraagt € 196, met korting dus € 143. Dit laatste
                                                bedrag wordt vergoed. Bij beëindiging samenwoning en
                                                aanverwante zaken is de eigen bijdrage € 340.</al><al>Voor een tweede of volgende keer is opnieuw de
                                                bijdrage verschuldigd.</al></entry></row><row><entry><al>Advieskosten externe deskundigen</al></entry><entry><al>Deze zijn als volgt onder te verdelen:</al><al>1. noodzakelijk en onontkoombaar bijv. vertaling
                                                documenten, opvragen aktes e.d.</al><al>2. aanvrager of advocaat wint extern advies in omdat
                                                dit bij kan dragen aan een succesvolle afloop van de
                                                procedure.</al><al>1. bijzondere bijstand mogelijk.</al><al>2. de noodzaak dient te worden vastgesteld- vooraf
                                                aanvragen- offerte nodig. Mogelijk bijzondere
                                                bijstand en bij kostenveroordeling tegenpartij de
                                                kosten van aanvrager terugvorderen. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Onderbewindstelling door kantonrechter
                                                </vet></al><al><vet>( beschermingsbewind)</vet></al><al/><al><vet>Lees: curatele</vet></al></entry><entry><al>Het gaat hier over mensen die door hun geestelijke
                                                toestand tijdelijk of blijvend niet in staat zijn
                                                hun financiële belangen te behartigen. Een
                                                bewindvoering kan worden uitgevoerd door
                                                professionele organisaties of door een particulier.
                                                Vaak is dat een familielid.</al><al>De vergoeding is verschillend. De onder bewind
                                                gestelde moet dan ook de aanvraag indienen, hoewel
                                                dit in de praktijk door de bewindvoerder zal
                                                gebeuren.</al></entry></row><row><entry><al>Procedure: <vet>particulier</vet></al><al>De particuliere bewindvoerder die een
                                                onkostenvergoeding wil, moet 1 x per jaar bij de
                                                kantonrechter rekening en verantwoording afleggen.
                                                De kantonrechter toetst</al></entry><entry><al>Bijzondere bijstand, wanneer het inkomen en vermogen
                                                geen ruimte biedt voor een vergoeding kan bijzondere
                                                bijstand worden verleend, mits er geen voorliggende
                                                voorziening is en wordt voldaan aan onderstaande
                                                voorwaarden.</al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarde</al></entry><entry><al>Uit de rekening of stuk moet blijken dat de
                                                kantonrechter de verantwoording heeft gezien.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijstand:</al></entry><entry><al>Door kantonrechter “goedgekeurde“ verantwoording
                                                minus aanwezige draagkracht.</al><al>Aandachtspunt: vermogen</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al><vet>Idem: procedure professionele
                                                  bewindvoerder</vet></al></entry><entry><al>Voor professionele bewindvoerders is artikel 1:447,
                                                eerste lid Burgerlijk Wetboek geregeld dat ze 5% van
                                                de netto-opbrengst van de onder bewind staande
                                                goederen krijgen</al></entry></row><row><entry><al>Beloning 5% van de netto opbrengst: het gaat om
                                                netto-opbrengst van huur, pacht, rentes en
                                                dividenden. </al><al>Niet loon, uitkering e.d.</al></entry><entry><al>In deze situatie is bijzondere bijstand niet aan de
                                                orde.</al></entry></row><row><entry><al>De 5% norm voldoet niet. </al></entry><entry><al>In dat geval stelt de kantonrechter ambtshalve of op
                                                verzoek van de bewindvoerder de vergoeding
                                                afwijkende vast. Hierbij gaat de kantonrechter in de
                                                regel uit van de ‘ Aanbevelingen vastgestelde
                                                jaarlijkse vergoedingen’ van het Landelijk Overleg
                                                Kantonrechters ( LOK).</al></entry></row><row><entry><al>Bewindvoerder(skantoor) verzoekt Kantonrechter om
                                                tarieven goed te keuren</al></entry><entry><al>Na goedkeuring zijn deze tarieven geldend voor alle
                                                bewindvoerders van het desbetreffende kantoor en ook
                                                voor alle klanten.</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Als de 5% norm niet voldoet.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Bewindvoerderkosten Wet schuldsanering
                                                  natuurlijke personen (Wsnp)</vet></al></entry><entry><al>De Wsnp houdt in dat de schuldenaar drie jaar lang
                                                al het inkomen dat hoger ligt dan het zogenaamde
                                                vrij te laten bedrag (vtlb) dient af te dragen aan
                                                de boedel. Het vtlb is iets hoger ( 95%) dan de
                                                beslagvrije voet ( 90%) omdat bovenop de wettelijke
                                                beslagvrije voet een aantal correcties wordt
                                                toegepast. Aan het eind van deze drie jaren vormt de
                                                boedel een spaarpotje waaruit de bewindvoerder als
                                                eerste zijn inkomen mag voldoen.</al><al>Nu is het voor bewindvoerders bijzonder onhandig dat
                                                zij drie jaar moeten wachten op hun salaris en
                                                vandaar dat zij veelal de rechtbank verzoeken om aan
                                                hen recht te verlenen om de salariskosten in de vorm
                                                van een voorschot al maandelijks uit de boedel te
                                                halen. De rechter staat dat meestal toe, maar
                                                behoort daaraan wel te verbinden dat alleen
                                                voorschotten worden betaald, indien in de boedel
                                                voldoende geld zit.</al></entry></row><row><entry><al>Uitspraken Centrale Raad van Beroep</al></entry><entry><al>de uitspraken hebben betrekking op een situatie
                                                waarbij </al><al>er onvoldoende middelen om een voorschot te
                                                doen.</al><al>Bewindvoerder verzocht de schuldenaar om het
                                                voorschot uit het vtlb te betalen. De schuldenaar
                                                zou zich dan tot de gemeente kunnen richten om
                                                bijzondere bijstand te ontvangen. De gemeente
                                                weigert de bijzondere bijstand en wordt daarbij door
                                                de CRB in het gelijk gesteld.</al><al>De overweging van de Raad is dat enkel sprake kan
                                                zijn van voorschotten als er voldoende middelen in
                                                de boedel zitten.</al><al>De bewindvoerder had schuldenaar niet mogen vragen
                                                de salariskosten te betalen, waardoor hij onder de
                                                beslagvrije voet terecht komt.</al><al><vet>Kortom geen bijzondere bijstand voor
                                                  bewindvoerdersalarissen</vet>.</al></entry></row><row><entry><al>Hoe nu verder?</al><al>De bewindvoerder heeft drie mogelijkheden.</al></entry><entry><al>1. Hij wacht af totdat de inkomenspositie van
                                                schuldenaar verbetert. Zijn er na 3 jaar voldoende
                                                middelen, dan is er geen probleem.</al><al>1. Hij kan het vtlb verlagen door extra correcties
                                                op de beslagvrije voet weg te laten, waardoor de
                                                bewindvoerder alsnog de nog voorschotten
                                                (gedeeltelijk) uit de boedel kan innen. Als dit niet
                                                voldoende is voor het gehele salaris, dan kan de
                                                rechtbank ook achteraf besluiten een lager salaris
                                                aan de bewindvoerder toe te kennen</al><al>2. Hij kan wanneer het Wsnp-traject meer dan een
                                                jaar loopt en er geen vooruitzicht is op
                                                inkomensverbetering, de rechtbank verzoeken de
                                                schuldregeling voortijdig te beëindigen.</al><al> Een beëindiging, leidt indien deze niet
                                                succesvol</al><al> wordt aangevochten door de schuldenaar of een of </al><al> meerdere schuldeisers, tot een schone lei.</al></entry></row><row><entry><al><vet>Conclusie</vet></al></entry><entry><al> In geen geval is de gemeente verplicht om
                                                bijzondere bijstand voor bewindvoerdersalarissen
                                                Wsnp toe te kennen. De bewindvoerder zal, indien de
                                                boedel niet voldoende middelen oplevert om in zijn
                                                salaris te voorzien, andere acties moeten
                                                ondernemen. Deze acties brengen de eventuele schone
                                                lei, indien de schuldenaar zich verder aan de
                                                verplichtingen in het kader van de Wsnp houdt, niet
                                                in gevaar</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Onderbewindstelling door kantonrechter
                                                </vet></al><al><vet>( beschermingsbewind)</vet></al><al/><al><vet>Lees: curatele</vet></al></entry><entry><al>Het gaat hier over mensen die door hun geestelijke
                                                toestand tijdelijk of blijvend niet in staat zijn
                                                hun financiële belangen te behartigen. Een
                                                bewindvoering kan worden uitgevoerd door
                                                professionele organisaties of door een particulier.
                                                Vaak is dat een familielid.</al><al>De vergoeding is verschillend. De onder bewind
                                                gestelde moet dan ook de aanvraag indienen, hoewel
                                                dit in de praktijk door de bewindvoerder zal
                                                gebeuren.</al></entry></row><row><entry><al>Procedure: <vet>particulier</vet></al><al>De particuliere bewindvoerder die een
                                                onkostenvergoeding wil, moet 1 x per jaar bij de
                                                kantonrechter rekening en verantwoording afleggen.
                                                De kantonrechter toetst</al></entry><entry><al>Bijzondere bijstand, wanneer het inkomen en vermogen
                                                geen ruimte biedt voor een vergoeding kan bijzondere
                                                bijstand worden verleend, mits er geen voorliggende
                                                voorziening is en wordt voldaan aan onderstaande
                                                voorwaarden.</al></entry></row><row><entry><al>Voorwaarde</al></entry><entry><al>Uit de rekening of stuk moet blijken dat de
                                                kantonrechter de verantwoording heeft gezien.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijstand:</al></entry><entry><al>Door kantonrechter “goedgekeurde“ verantwoording
                                                minus aanwezige draagkracht.</al><al>Aandachtspunt: vermogen</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al><vet>Idem: procedure professionele
                                                  bewindvoerder</vet></al></entry><entry><al>Voor professionele bewindvoerders is artikel 1:447,
                                                eerste lid Burgerlijk Wetboek geregeld dat ze 5% van
                                                de netto-opbrengst van de onder bewind staande
                                                goederen krijgen</al></entry></row><row><entry><al>Beloning 5% van de netto opbrengst: het gaat om
                                                netto-opbrengst van huur, pacht, rentes en
                                                dividenden. </al><al>Niet loon, uitkering e.d.</al></entry><entry><al>In deze situatie is bijzondere bijstand niet aan de
                                                orde.</al></entry></row><row><entry><al>De 5% norm voldoet niet. </al></entry><entry><al>In dat geval stelt de kantonrechter ambtshalve of op
                                                verzoek van de bewindvoerder de vergoeding
                                                afwijkende vast. Hierbij gaat de kantonrechter in de
                                                regel uit van de ‘ Aanbevelingen vastgestelde
                                                jaarlijkse vergoedingen’ van het Landelijk Overleg
                                                Kantonrechters ( LOK).</al></entry></row><row><entry><al>Bewindvoerder(skantoor) verzoekt Kantonrechter om
                                                tarieven goed te keuren</al></entry><entry><al>Na goedkeuring zijn deze tarieven geldend voor alle
                                                bewindvoerders van het desbetreffende kantoor en ook
                                                voor alle klanten.</al></entry></row><row><entry><al>Wanneer bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Als de 5% norm niet voldoet.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijzondere bijstand?</al></entry><entry><al>Door LOK vastgestelde bedragen of door kantonrechter
                                                goedgekeurde bedragen onder aftrek van
                                                draagkracht.</al><al>( draagkrachtbepalingen WWB)</al></entry></row><row><entry><al>Tarieven zoals die door LOVCK zijn vastgesteld:</al><al>De tarieven zijn forfaitair, dit houdt in dat
                                                evenveel betaald wordt ongeacht de uren die aan de
                                                klant besteed zijn.</al><al/><al>Voor bepaalde werkzaamheden ( bijv. verkoop woning)
                                                en bij een forse overschrijding van het aantal uren </al><al>( 16) kan de kantonrechter beslissen dat extra uren
                                                in rekening worden gebracht.</al><al/><al>Let op:</al><al>Dus na toestemming kantonrechter.</al></entry><entry><al>dienstjaar 2014: bedragen inclusief btw.</al><al><vet>Bewindvoering: zie onderstaande
                                                tabel</vet></al><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al><vet>omschrijving</vet></al></entry><entry><al><vet>1 persoon</vet></al></entry><entry><al><vet>echtpaar</vet></al></entry></row><row><entry><al>intake</al></entry><entry><al>€ 468,88</al></entry><entry><al>€ 562,65</al></entry></row><row><entry><al>jaartarief</al></entry><entry><al>€ 1.239,00</al></entry><entry><al>€1.486,80</al></entry></row><row><entry><al>bijzondere werkzaamheden</al></entry><entry><al>€ 77,44 per uur</al></entry><entry><al>idem</al></entry></row><row><entry><al>Verantwoording na beëindiging bewind</al></entry><entry><al>€ 232,93</al></entry><entry><al>€ 232,93</al></entry></row><row><entry><al><vet>Mentorschap</vet></al></entry><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>Intake</al></entry><entry><al>€ 409,59</al></entry><entry><al>€ 491,50</al></entry></row><row><entry><al>Jaartarief</al></entry><entry><al>€ 1.78,08</al></entry><entry><al>€1.293,72</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere werkzaamheden</al></entry><entry><al>€ 67,16 per uur</al></entry><entry><al>€ 67,16 per uur</al></entry></row><row><entry><al><vet>Curatele/bewindvoering
                                                &amp;mentorschap</vet></al></entry><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>Intake</al></entry><entry><al>€ 703,62</al></entry><entry><al>€ 844,34</al></entry></row><row><entry><al>Jaartarief</al></entry><entry><al>€1.858,56</al></entry><entry><al>€2.230,32</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere werkzaamheden</al></entry><entry><al>€ 77,44 per uur</al></entry><entry><al>€ 77,44 per uur</al></entry></row><row><entry><al>Verantwoording na beëindiging</al></entry><entry><al>€ 232,93</al></entry><entry><al>€ 232,93</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Bewindvoerderkosten Wet schuldsanering
                                                  natuurlijke personen (Wsnp)</vet></al></entry><entry><al>De Wsnp houdt in dat de schuldenaar drie jaar lang
                                                al het inkomen dat hoger ligt dan het zogenaamde
                                                vrij te laten bedrag (vtlb) dient af te dragen aan
                                                de boedel. Het vtlb is iets hoger ( 95%) dan de
                                                beslagvrije voet ( 90%) omdat bovenop de wettelijke
                                                beslagvrije voet een aantal correcties wordt
                                                toegepast. Aan het eind van deze drie jaren vormt de
                                                boedel een spaarpotje waaruit de bewindvoerder als
                                                eerste zijn inkomen mag voldoen.</al><al>Nu is het voor bewindvoerders bijzonder onhandig dat
                                                zij drie jaar moeten wachten op hun salaris en
                                                vandaar dat zij veelal de rechtbank verzoeken om aan
                                                hen recht te verlenen om de salariskosten in de vorm
                                                van een voorschot al maandelijks uit de boedel te
                                                halen. De rechter staat dat meestal toe, maar
                                                behoort daaraan wel te verbinden dat alleen
                                                voorschotten worden betaald, indien in de boedel
                                                voldoende geld zit.</al></entry></row><row><entry><al>Uitspraken Centrale Raad van Beroep</al></entry><entry><al>de uitspraken hebben betrekking op een situatie
                                                waarbij </al><al>er onvoldoende middelen om een voorschot te
                                                doen.</al><al>Bewindvoerder verzocht de schuldenaar om het
                                                voorschot uit het vtlb te betalen. De schuldenaar
                                                zou zich dan tot de gemeente kunnen richten om
                                                bijzondere bijstand te ontvangen. De gemeente
                                                weigert de bijzondere bijstand en wordt daarbij door
                                                de CRB in het gelijk gesteld.</al><al>De overweging van de Raad is dat enkel sprake kan
                                                zijn van voorschotten als er voldoende middelen in
                                                de boedel zitten.</al><al>De bewindvoerder had schuldenaar niet mogen vragen
                                                de salariskosten te betalen, waardoor hij onder de
                                                beslagvrije voet terecht komt.</al><al><vet>Kortom geen bijzondere bijstand voor
                                                  bewindvoerdersalarissen</vet>.</al></entry></row><row><entry><al>Hoe nu verder?</al><al>De bewindvoerder heeft drie mogelijkheden.</al></entry><entry><al>1. Hij wacht af totdat de inkomenspositie van
                                                schuldenaar verbetert. Zijn er na 3 jaar voldoende
                                                middelen, dan is er geen probleem.</al><al>Hij kan het vtlb verlagen door extra correcties op
                                                de beslagvrije voet weg te laten, waardoor de
                                                bewindvoerder alsnog de nog voorschotten
                                                (gedeeltelijk) uit de boedel kan innen. Als dit niet
                                                voldoende is voor het gehele salaris, dan kan de
                                                rechtbank ook achteraf besluiten een lager salaris
                                                aan de bewindvoerder toe te kennenHij kan wanneer
                                                het Wsnp-traject meer dan een jaar loopt en er geen
                                                vooruitzicht is op inkomensverbetering, de rechtbank
                                                verzoeken de schuldregeling voortijdig te
                                                beëindigen.</al><al> Een beëindiging, leidt indien deze niet
                                                succesvol</al><al> wordt aangevochten door de schuldenaar of een of </al><al> meerdere schuldeisers, tot een schone lei.</al></entry></row><row><entry><al><vet>Conclusie</vet></al></entry><entry><al> In geen geval is de gemeente verplicht om
                                                bijzondere bijstand voor bewindvoerdersalarissen
                                                Wsnp toe te kennen. De bewindvoerder zal, indien de
                                                boedel niet voldoende middelen oplevert om in zijn
                                                salaris te voorzien, andere acties moeten
                                                ondernemen. Deze acties brengen de eventuele schone
                                                lei, indien de schuldenaar zich verder aan de
                                                verplichtingen in het kader van de Wsnp houdt, niet
                                                in gevaar</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Bijzondere bijstandsverlening voor medische kosten:</vet></al><al><vet>Algemeen:</vet></al><al>Bij de gemeente wordt vaak een beroep gedaan op bijstand voor medische
                            kosten.</al><al>Voor de beoordeling van de aanvragen is net als bij bijzondere bijstand
                            bij overige kosten van belang :</al><al>a. of het gaat om noodzakelijke kosten als gevolg van bijzondere
                            omstandigheden en deze kosten niet uit de bijstandsnorm plus eventuele
                            langdurigheidstoeslag kunnen worden voldaan. ( art. 35 WWB).</al><al>b. of het niet noodzakelijke kosten zijn ( artikel 14 WWB).</al><al>c. of een beroep kan worden gedaan op voorliggende voorzieningen. </al><al> ( artikel 15 WWB).</al><al>d. of er sprake is van zeer dringende redenen. ( artikel 16 WWB)</al><al/><al/><al><vet>Noodzaak en voorliggende voorziening:</vet></al><al>Voor kosten die onder de zorgverzekeringswet ( basisverzekering) vallen,
                            is geen bijzondere bijstand mogelijk. De zorgverzekering is een
                            voorliggende voorziening. Dit geldt ook als de kosten bewust buiten de
                            zorgverzekeringswet ( basisverzekering) zijn gehouden. Het is niet van
                            belang of de kosten hier buiten zijn gehouden omdat ze door de wetgever
                            niet noodzakelijk worden geacht of omdat ze vanwege budgettaire redenen
                            buiten het pakket zijn gehouden.</al><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Voor kosten die buiten de zorgverzekeringswet zijn gehouden moet wel
                            gekeken worden of het ministerie niet alsnog van mening is dat
                            bijzondere bijstand als achtervang moet dienen.</al><al/><al><vet>Zorgverzekering (basis) en aanvullende verzekering:</vet></al><al>De meeste inwoners hebben een basisverzekering. Daarnaast kan men er
                            voor kiezen zich aanvullend te verzekeren bij de zorgverzekeraar voor
                            medische kosten w.o. ook tandartskosten. Verder kan men kiezen voor een
                            polis met een hoger eigen risico.</al><al>Het voordeel hiervan is dat de maandelijks te betalen premie aan de
                            zorgverzekeraar zo laag mogelijk wordt gehouden. Een nadeel is dat dat
                            men voor een aantal medische kosten geen, een lagere vergoeding krijgt
                            of zelf een deel van de kosten moet betalen. </al><al/><al><vet>Advisering aan de klant:</vet></al><al>Om te voorkomen dat inwoners geconfronteerd worden met forse incidentele
                            uitgaven, wordt geadviseerd om naast de basisverzekering met het
                            wettelijk eigen risico zich aanvullende te verzekeren. Aangezien er
                            meerdere zorgverzekeraars zijn die verschillende pakketten aanbieden,
                            wordt uitgegaan van een verzekering die aansluit bij het Zilveren Kruis,
                            met een aanvullende verzekering met drie sterren en een tandartspolis
                            met twee sterren.</al><al>Het Zilveren Kruis omdat het merendeel van inwoners in Meppel een
                            zorgverzekering heeft afgesloten bij Zilveren Kruis. Ook dient de klant
                            er op gewezen te worden gebruik te maken van zorgaanbieders waarmee de
                            zorgverzekeraar contracten heeft afgesloten. Zo kan men bijvoorbeeld bij
                            aangesloten opticiens kortingen krijgen.</al><al>Klanten wordt geadviseerd zich aan te sluiten bij de collectieve
                            zorgverzekering die de gemeente heeft met het Zilveren kruis.</al><al/><al><vet>Collectieve zorgverzekering bij Zilveren Kruis</vet></al><al>Inwoners met een inkomen tot 110% van de van toepassing zijnde
                            bijstandsnorm en geen in aanmerking te nemen vermogen kunnen zich
                            aansluiten bij de collectieve zorgverzekering die de gemeente heeft
                            afgesloten met het Zilveren Kruis. De voordelen zijn een korting op de
                            basispremie en aanvullende verzekering. Daarnaast krijgen deelnemers
                            voor een aantal voorzieningen een ( extra) vergoeding. Het is dan ook
                            niet nodig om voor deze kosten een aanvraag in te dienen.</al><al>Voorwaarde is wel dat men naast een basisverzekering ook aanvullend
                            verzekerd moet zijn. Een aanvullende verzekering met drie sterren en een
                            tandartspolis met twee sterren. De laatste verzekering is niet nodig bij
                            een volledige mondprothese.</al><al>Het is de taak van consulenten klanten hierop te wijzen.</al><al/><al><vet>Bijzondere bijstandsverlening voor medische kosten:</vet></al><al><vet>Algemeen:</vet></al><al>Bij de gemeente wordt vaak een beroep gedaan op bijstand voor medische
                            kosten.</al><al>Voor de beoordeling van de aanvragen is net als bij bijzondere bijstand
                            bij overige kosten van belang :</al><al>a. of het gaat om noodzakelijke kosten als gevolg van bijzondere
                            omstandigheden en deze kosten niet uit de bijstandsnorm plus eventuele
                            langdurigheidstoeslag kunnen worden voldaan. ( art. 35 WWB).</al><al>b. of het niet noodzakelijke kosten zijn ( artikel 14 WWB).</al><al>c. of een beroep kan worden gedaan op voorliggende voorzieningen. (
                            artikel 15 WWB).</al><al>d. of er sprake is van zeer dringende redenen. ( artikel 16 WWB)</al><al><vet>Noodzaak en voorliggende voorziening:</vet></al><al>Voor kosten die onder de zorgverzekeringswet ( basisverzekering) vallen,
                            is geen bijzondere bijstand mogelijk. De zorgverzekering is een
                            voorliggende voorziening. Dit geldt ook als de kosten bewust buiten de
                            zorgverzekeringswet ( basisverzekering) zijn gehouden. Het is niet van
                            belang of de kosten hier buiten zijn gehouden omdat ze door de wetgever
                            niet noodzakelijk worden geacht of omdat ze vanwege budgettaire redenen
                            buiten het pakket zijn gehouden.</al><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Voor kosten die buiten de zorgverzekeringswet zijn gehouden moet wel
                            gekeken worden of het ministerie niet alsnog van mening is dat
                            bijzondere bijstand als achtervang moet dienen.</al><al/><al><vet>Zorgverzekering (basis) en aanvullende verzekering:</vet></al><al>De meeste inwoners hebben een basisverzekering. Daarnaast kan men er
                            voor kiezen zich aanvullend te verzekeren bij de zorgverzekeraar voor
                            medische kosten w.o. ook tandartskosten. Verder kan men kiezen voor een
                            polis met een hoger eigen risico.</al><al>Het voordeel hiervan is dat de maandelijks te betalen premie aan de
                            zorgverzekeraar zo laag mogelijk wordt gehouden. Een nadeel is dat dat
                            men voor een aantal medische kosten geen, een lagere vergoeding krijgt
                            of zelf een deel van de kosten moet betalen. </al><al/><al><vet>Advisering aan de klant:</vet></al><al>Om te voorkomen dat inwoners geconfronteerd worden met forse incidentele
                            uitgaven, wordt geadviseerd om naast de basisverzekering met het
                            wettelijk eigen risico zich aanvullende te verzekeren. Aangezien er
                            meerdere zorgverzekeraars zijn die verschillende pakketten aanbieden,
                            wordt uitgegaan van een verzekering die aansluit bij het Zilveren Kruis,
                            met een aanvullende verzekering met drie sterren en een tandartspolis
                            met twee sterren.</al><al>Het Zilveren Kruis omdat het merendeel van inwoners in Meppel een
                            zorgverzekering heeft afgesloten bij Zilveren Kruis. Ook dient de klant
                            er op gewezen te worden gebruik te maken van zorgaanbieders waarmee de
                            zorgverzekeraar contracten heeft afgesloten. Zo kan men bijvoorbeeld bij
                            aangesloten opticiens kortingen krijgen.</al><al>Klanten wordt geadviseerd zich aan te sluiten bij de collectieve
                            zorgverzekering die de gemeente heeft met het Zilveren kruis.</al><al/><al><vet>Collectieve zorgverzekering bij Zilveren Kruis</vet></al><al>Inwoners met een inkomen tot 110% van de van toepassing zijnde
                            bijstandsnorm en geen in aanmerking te nemen vermogen kunnen zich
                            aansluiten bij de collectieve zorgverzekering die de gemeente heeft
                            afgesloten met het Zilveren Kruis. De voordelen zijn een korting op de
                            basispremie en aanvullende verzekering. Daarnaast krijgen deelnemers
                            voor een aantal voorzieningen een ( extra) vergoeding. Het is dan ook
                            niet nodig om voor deze kosten een aanvraag in te dienen.</al><al>Voorwaarde is wel dat men naast een basisverzekering ook aanvullend
                            verzekerd moet zijn. Een aanvullende verzekering met drie sterren en een
                            tandartspolis met twee sterren. De laatste verzekering is niet nodig bij
                            een volledige mondprothese.</al><al>Het is de taak van consulenten klanten hierop te wijzen.</al><al>Extra vergoeding vanuit de collectieve zorgverzekering.</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Omschrijving behandeling</al></entry><entry><al>Vergoeding</al></entry></row><row><entry><al>Brillen en contactlenzen</al></entry><entry><al>€ 50 per persoon per periode van 3 jaar</al></entry></row><row><entry><al>Dieetkosten</al></entry><entry><al>Na toestemming wordt een normbedrag vergoed</al></entry></row><row><entry><al>Eigen bijdrage begeleiding, persoonlijke verzorging-
                                                of verpleging thuis (AWBZ)</al></entry><entry><al>100% vergoeding van de wettelijke bijdrage</al></entry></row><row><entry><al>Eigen bijdrage WMO ( hulpmiddelen en hulp in het
                                                huishouden)</al></entry><entry><al>100% vergoeding van de wettelijke bijdrage</al></entry></row><row><entry><al>Hoortoestel</al></entry><entry><al>100% vergoeding wettelijke bijdrage + 1 keer per
                                                jaar 100% vergoeding onderhoudsset inclusief 60
                                                batterijen en reinigingsmiddelen bij Beter
                                                Horen.</al></entry></row><row><entry><al>Kraamzorg thuis of in een geboortecentrum</al></entry><entry><al>100% vergoeding wettelijke eigen bijdrage</al></entry></row><row><entry><al>Kraamzorg uitgesteld met medische indicatie (
                                                kraamzorg die na de 10<sup>e</sup> dag van de
                                                geboorte wordt geleverd vanwege ziekenhuisopname
                                                kind)</al></entry><entry><al>Alleen via gecontracteerd kraamcentrum 100%
                                                vergoeding eigen betaling</al></entry></row><row><entry><al>Lactatiekundige zorg ( hulp en advies bij
                                                borstvoeding)</al></entry><entry><al>€ 40 per persoon per jaar</al></entry></row><row><entry><al>Orthodontie ( beugel) of second opinion jonger dan
                                                18 jaar door tandarts/orthodontist- geen
                                                reparatie/vervanging na schade/verlies door eigen
                                                schuld/nalatigheid</al></entry><entry><al>Eenmalig 10% tot € 200 per persoon</al></entry></row><row><entry><al>Orthopedisch schoeisel </al></entry><entry><al>100% vergoeding wettelijke besparingsbijdrage Achmea
                                                reglement Hulpmiddelen</al></entry></row><row><entry><al>Overgangsconsulent bij overgangsklachten</al></entry><entry><al>€ 40 per persoon per jaar</al></entry></row><row><entry><al>Preventiecursussen </al></entry><entry><al>€ 40 per cursus per jaar</al></entry></row><row><entry><al>Sportmedisch onderzoek geen verplichte sportkeuring
                                                ( <extref doc="http://www.zilverenkruis.nl/sportmedischonderzoek">www.zilverenkruis.nl/sportmedischonderzoek</extref></al><al>Voor keuringen die vergoed worden</al></entry><entry><al>100% vergoeding eigen betaling via sportmedische
                                                instelling</al><al>Zie <extref doc="http://www.sportzorg.nl/">www.sportzorg.nl</extref> ook voor een locatie in
                                                de buurt</al></entry></row><row><entry><al>Tandheelkundige zorg algemeen vanaf 18 jaar</al></entry><entry><al>€ 125 per persoon per jaar</al></entry></row><row><entry><al>Tandheelkundige zorg ( wettelijke ) eigen bijdrage
                                                en eigen betaling.</al><al>Tandheelkundige prothese/kunstgebit (
                                                volledige).Techniekkosten partiële prothese</al></entry><entry><al/><al/><al>100%</al><al/><al>100%</al></entry></row><row><entry><al>Vervoer van zieken:</al><al>Per openbaar vervoer, eigen vervoer, taxi</al></entry><entry><al>100% van de wettelijke eigen bijdrage en eigen
                                                betaling</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Beleid gemeente Meppel</vet></al><al>Het beleid van de gemeente is er op gericht voorkomen moet worden dat
                            inwoners met een laag inkomen geconfronteerd kunnen worden met hoge
                            zorgkosten.</al><al>De klant heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. Van hem of haar
                            mag verwacht worden dat men zich verzekert. Erkend wordt dat wanneer men
                            maximaal verzekert tegen mogelijke zorgkosten, d.w.z. een aanvullende
                            verzekering en tandartspolis met vier sterren, de kosten zo hoog zijn
                            dat deze niet van een laag inkomen betaald kunnen worden. </al><al>De gemeente ziet de zorgverzekering ( basisverzekering) als een
                            voorliggende voorziening. In aanvulling daarop kunnen inwoners indien
                            nodig een extra tegemoetkoming krijgen in de kosten.</al><al>De extra tegemoetkoming bedraagt <vet><onderstreept>maximaal
                                </onderstreept></vet>het verschil tussen aanvullende verzekering met
                            vier sterren en aanvullende verzekering met drie sterren en voor
                            tandheelkundige zorg het verschil tussen vier sterren en twee sterren. </al><al>Indien men voldoende verzekerd is, is met de aanvullende bijstand een
                            vergoeding volgens het meest uitgebreide pakket gewaarborgd.</al><al/><al>Is men lager verzekerd of men heeft een verzekering afgesloten met een
                            hoger eigen risico dan is een deel van de kosten voor rekening van
                            aanvrager. </al><al/><al>Een extra vergoeding boven het meest uitgebreide pakket is in beginsel
                            slechts in uitzonderingsgevallen ( lees zeer dringende redenen)
                            mogelijk.</al><al/><al><vet>De aanvraagprocedure:</vet></al><al>In het kader van een goede beoordeling en goede voorlichting dient in
                            beginsel de bijstand vooraf te worden aangevraagd. In de praktijk blijkt
                            dit niet altijd mogelijk te zijn. Het later indienen van een aanvraag is
                            voor risico van aanvrager.</al><al>Risico’s die aanvrager loopt zijn:</al><lijst><li nr="1."><al>de gemeente kan achteraf niet vaststellen dat de gemaakte kosten
                                    noodzakelijk zijn;</al></li><li nr="2."><al>de kosten hadden kunnen worden voorkomen.</al></li><li nr="3."><al>indien aanvrager kiest voor een duurdere voorziening dan strikt
                                    noodzakelijk. De hogere kosten dienen door aanvrager zelf te
                                    worden betaald;</al></li></lijst><al/><al>De bijzondere bijstand kan met terugwerkende kracht worden verleend. De
                            bijstand moet wel worden aangevraagd binnen 12 maanden na de datum
                            waarop de kosten </al><al>daadwerkelijk gemaakt zijn. Het gaat niet gebruik tegen en voorkomt dat
                            meerdere malen aanvragen worden gedaan voor kleine bedragen ( de klant
                            kan nota’s opsparen)</al><al>Voor wat betreft draagkracht geldt de situatie op de datum dat de kosten
                            gemaakt zijn.</al><al/><al><vet>Afwijzingsgronden aanvragen voor medische kosten</vet></al><al>de kostensoort is bewust buiten de voorziening gehouden omdat het niet
                            noodzakelijk is. ( artikel 15 lid 1 Wet werk en bijstand).</al><lijst><li nr="1."><al>de kosten behoren tot de ontwikkelingsgeneeskunde ( artikel 14
                                    sub e Wet werk en bijstand).</al></li><li nr="2."><al>eigen risico ( behoren niet tot de bijzondere noodzakelijke
                                    kosten van het bestaan o.g.v. artikel 35 Wet werk en bijstand.
                                    De kosten worden geacht te worden betaald uit het inkomen en de
                                    zorgtoeslag.</al></li><li nr="3."><al>de noodzaak kan niet worden vastgesteld ( artikel 35 Wet werk en
                                    bijstand).</al></li><li nr="4."><al>op grond van draagkracht ( inkomen en of vermogen).</al></li><li nr="5."><al>kosten behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het
                                    bestaan </al></li></lijst><al>( zelfzorggeneesmiddelen) – zie ook artikel 15 lid 1 Wet werk en
                            bijstand.</al><al/><al><vet>Vaststellen hoogte van de bijzondere bijstand. (
                                aandachtspunten)</vet></al><lijst><li nr="1."><al>de nota;</al></li><li nr="2."><al>de vergoeding uit de basisverzekering;</al></li><li nr="3."><al>de vergoeding uit aanvullende verzekeringen;</al></li><li nr="4."><al>de vergoedingen uit collectieve zorgverzekering ( no.
                                    207601645)</al></li><li nr="5."><al>het ( resterende) eigen risico ( voor rekening van de
                                    aanvrager)</al></li><li nr="6."><al>maximering van de bijstand;</al></li><li nr="7."><al>draagkracht;</al></li><li nr="8."><al>het overzicht vergoedingen 2014 van Zilveren Kruis</al><al/></li></lijst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Alternatieve geneeswijzen en
                                                therapieën</vet></al></entry><entry><al>De kosten van alternatieve geneeswijzen behoren in
                                                het algemeen niet tot de bijzondere noodzakelijke
                                                kosten van het bestaan. </al></entry></row><row><entry><al>Reden:</al></entry><entry><al>De kosten van alternatieve genezers / therapeuten
                                                alsmede geregistreerde homeopatische en
                                                antroposofische geneesmiddelen worden niet door de
                                                basisverzekering vergoed. Een vergoeding is slechts
                                                mogelijk vanuit de aanvullende verzekering</al></entry></row><row><entry><al>Alternatief;</al></entry><entry><al>Behandeling in het reguliere circuit, deze kosten
                                                worden via de basisverzekering vergoed.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende verzekering</al></entry><entry><al>Afhankelijk van het aantal sterren is vergoeding
                                                vanuit de aanvullende verzekering mogelijk. De
                                                vergoeding is aan een maximum gebonden ( € 40,00 per
                                                dag)</al><al/></entry></row><row><entry><al>Bijstand:</al></entry><entry><al>Vanaf behandeling 17 tot en met 21 is aanvullende
                                                bijzondere bijstand mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>In alle situaties moet het gaan om behandelaars die
                                                aangesloten zijn bij een beroepsvereniging.</al><al>Bijstand moet vooraf worden aangevraagd.</al></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling:</al></entry><entry><al>Controle tarief op website en op site Zilveren
                                                Kruis</al><al>Na inlevering van een nota. </al></entry></row><row><entry><al>Duur van de bijstand</al></entry><entry><al>Maximaal gedurende 1 jaar.</al><al>Bij verlenging van de duur dient opnieuw een
                                                aanvraag te worden ingediend.</al></entry></row><row><entry><al>Maximale bijstand</al></entry><entry><al>€ 200 op jaarbasis. ( behandeling 17 t/m 21 is 5 x €
                                                40,00)</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Brillen en contactlenzen</vet></al></entry><entry><al>de kosten van een montuur en glazen behoren evenals
                                                contactlenzen <vet>niet</vet> tot de bijzondere
                                                noodzakelijke kosten</al></entry></row><row><entry><al>Niet omdat:</al></entry><entry><al>De kosten niet zijn opgenomen in de
                                                basisverzekering.</al><al>Via de aanvullende verzekering is een vergoeding </al><al>mogelijk</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand: een tegemoetkoming in de
                                                kosten</al></entry><entry><al>Maximaal € 100,00 per persoon.</al><al>Collectief verzekerden maximaal € 50,00 per
                                                persoon</al></entry></row><row><entry><al>Frequentie:</al></entry><entry><al>1 x per 3 kalenderjaren. </al></entry></row><row><entry><al>Tenzij:</al></entry><entry><al>binnen 36 maanden de sterkte van de glazen is
                                                gewijzigd, dan is vergoeding van de glazen/ lenzen
                                                vaker mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Afwijkende regelgeving:</al></entry><entry><al>Bij duurdere brillen, totale kosten meer dan</al><al>€ 250,00 is aanvullende bijstand mogelijk mits</al><al>aan een aantal voorwaarden wordt voldaan.</al></entry></row><row><entry><al>Aanvullende voorwaarden:</al><al>bij brillen /contactlenzen duurder dan € 250,00</al></entry><entry><al>1. De bijstand dient vooraf te worden
                                                aangevraagd.</al><al>2. Van cliënt mag verwacht worden dat gekozen
                                                wordt</al><al> voor de goedkoopst adequate voorziening.</al><al>3 Bij de bepaling van de hoogte van de bijstand
                                                wordt uitgegaan van de bedragen inclusief korting
                                                zoals die door ( Pearl. Eye Wish of Specsavers) in
                                                rekening wordt gebracht.</al></entry></row><row><entry><al>Toelichting: Van aanvrager mag verwacht worden dat
                                                bij de aanschaf van een duurdere bril of
                                                contactlenzen <vet>vooraf</vet> informatie wordt
                                                ingewonnen over de mogelijkheden. Achteraf kan niet
                                                of nauwelijks een juiste beoordeling plaatsvinden.
                                                Indien aanvrager reeds tot aanschaf is overgegaan
                                                wordt de bijstand gemaximeerd tot € 100,00 en €
                                                50,00 voor collectief verzekerden .De meerkosten
                                                komen dan voor zijn of haar rekening. Aanvrager moet
                                                duidelijk zijn dat bij bijstandsverlening uitgegaan
                                                wordt van de meest goedkope en adequate voorziening.
                                                De verantwoordelijkheid ligt bij aanvrager, de
                                                gemeente vraagt geen offerte op bij gecontracteerde
                                                leveranciers.</al><al>Omdat gecontracteerde leveranciers met name voor
                                                verzekerden bij Zilveren Kruis/Groene land/Achmea
                                                korting geven, zijn zij relatief goedkoper dan
                                                andere opticiens. Voor een montuur wordt een
                                                maximaal bedrag van € 100,00 aangehouden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Ooglaseren</al></entry><entry><al>maximale vergoeding € 250,00</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><tbody><row><entry><al><vet>Eigen bijdragen Zorgverzekering</vet></al></entry><entry><al>In een aantal gevallen werkt de zorgverzekering met
                                                een eigen bijdrage.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende Voorzieningen:</al></entry><entry><al>Zorgverzekering ( basisverzekering)</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand:</al></entry><entry><al>De zorgverzekeraar houdt rekening met een maximaal
                                                aantal behandelingen en hanteert maximale tarieven.
                                                Voor wat betreft bijstandsverlening wordt hierbij
                                                aangesloten.</al><al>Aanvullende bijstand tot maximaal het niveau Beter
                                                Af Polis **** is mogelijk</al></entry></row><row><entry><al>Tenzij: </al></entry><entry><al>Uit een advies van specialist, huisarts of advies
                                                van deskundigen blijkt dat meerdere behandelingen
                                                nodig zijn.</al></entry></row><row><entry><al>is men lager of niet aanvullend verzekerd :</al></entry><entry><al>Dan is een deel van de kosten voor eigen rekening.
                                                De bijstand is maximaal het verschil tussen Beter Af
                                                Polis **** en met *** </al><al>Tandartspolis ****en met **</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>De zorgverzekeraar vergoedt vrijwel alleen kosten
                                                die medisch noodzakelijk zijn. Als de
                                                zorgverzekeraar heeft besloten tot ( gedeeltelijke)
                                                vergoeding over te gaan, dan staat daarmee in de
                                                regel voor de gemeente de medische noodzaak vast.
                                                Vergoedt de zorgverzekeraar de kosten <vet>niet,
                                                </vet>dan worden de kosten als <vet>niet
                                                  noodzakelijk aangemerkt.</vet></al></entry></row><row><entry><al><vet>Verplicht eigen risico</vet></al></entry><entry><al>Hiervoor is geen bijzondere bijstand mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al><vet>Eigen bijdrage GGZ/ psychiatrie</vet></al></entry><entry><al>De kosten worden volledig door de zorgverzekeraar
                                                vergoed. Wel wordt er een wettelijke eigen bijdrage
                                                in rekening gebracht.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De eigen bijdrage wordt aangemerkt als bijzondere
                                                noodzakelijke kosten van het bestaan waarvoor
                                                bijzondere bijstand met in achtneming van de
                                                draagkrachtbepalingen mogelijk is.</al><al>De GGZ maakt gebruik van een groot netwerk om mensen
                                                te begeleiden met een psychosociale problematiek.
                                                Van de zijde van de gemeente worden in voorkomende
                                                situaties verwezen naar het GGZ.</al><al>Voor mensen met een laag inkomen zou de eigen
                                                bijdrage een beletsel kunnen zijn om het GGZ in te
                                                schakelen.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>Voor zover mogelijk de eigen bijdrage rechtstreeks
                                                aan het GGZ betalen.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><tbody><row><entry><al><vet>Eigen bijdragen CAK</vet></al></entry><entry><al>Voor een aantal voorzieningen in het kader van de
                                                Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en de
                                                Wet Maatschappelijke ondersteuning geldt een eigen
                                                bijdrage. De eigen bijdrage wordt vastgesteld en
                                                geïnd door het Centraal Administratiekantoor. (
                                                CAK).</al></entry></row><row><entry><al>Waarvoor is een eigen bijdrage verschuldigd?</al></entry><entry><al>Thuisverpleging, dagopvang, huishoudelijke zorg,
                                                voorzieningen in het kader van de Wmo.</al></entry></row><row><entry><al>Hoe wordt de bijdrage berekend?</al></entry><entry><al>Het CAK stelt de bijdrage vast aan de hand van het
                                                belastbare inkomen over een voorgaand
                                                kalenderjaar.</al><al>Ook bij een minimuminkomen is een bijdrage
                                                verschuldigd.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand </al></entry><entry><al>De kosten worden gerekend tot de bijzondere
                                                noodzakelijke kosten van het bestaan.</al></entry></row><row><entry><al>Hoogte bijzondere bijstand:</al></entry><entry><al>De verschuldigde eigen bijdrage komt volledig voor
                                                bijstandsverlening in aanmerking.</al></entry></row><row><entry><al>Tenzij:</al></entry><entry><al>Het inkomen hoger is dan 120% van de relevante
                                                bijstandsnorm. In dat geval is er sprake van
                                                financiële draagkracht en is geen vergoeding of
                                                gedeeltelijke vergoeding mogelijk. Of: wanneer het
                                                vrij te laten bescheiden vermogen wordt
                                                overschreden. In dat geval is er in de meeste
                                                situaties geen recht op bijzondere bijstand.</al></entry></row><row><entry><al>Aandachtspunten:</al></entry><entry><al>Het gaat om de bijdrage die is verschuldigd na
                                                korting 33% WTCG.</al><al>De bijdrage is berekend over een periode van 4
                                                weken.</al><al>De collectieve zorgverzekering vergoedt de eigen
                                                bijdrage volledig.</al><al>De eigen bijdrage in verband met verblijf in een
                                                inrichting zoals verpleeghuis of verzorgingstehuis
                                                valt niet onder de regeling.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><tbody><row><entry><al><vet>Medicijnen/geneesmiddelen</vet></al></entry><entry><al>De kosten kunnen behoren tot de bijzondere
                                                noodzakelijke kosten van het bestaan</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening:</al></entry><entry><al>De zorgverzekering is een voorliggende
                                                voorziening.</al></entry></row><row><entry><al>Bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De zorgverzekering wordt gezien als een passende
                                                voorliggende voorziening. Bijzondere bijstand voor
                                                de eigen bijdrage ( boven limietprijs) is niet
                                                mogelijk. Gekozen kan worden voor een alternatief
                                                geneesmiddel welke wel volledig wordt vergoed.</al></entry></row><row><entry><al>Tenzij:</al></entry><entry><al>Het duurdere medicijn/geneesmiddel specifiek door
                                                een arts is voorgeschreven omdat er geen redelijk
                                                alternatief is </al></entry></row><row><entry><al>Maximale bijstand voor de wettelijke eigen
                                                bijdrage</al></entry><entry><al>€ 1.000 cq € 800 – raadpleeg vergoedingenoverzicht
                                                Zilveren Kruis</al><al/><al/></entry></row><row><entry><al>Geneesmiddelen die gerekend kunnen worden tot de
                                                ontwikkelingsgeneeskunde:</al></entry><entry><al>Dit zijn niet noodzakelijke kosten ( artikel 14 sub </al><al>e WWB)</al></entry></row><row><entry><al>Zelfzorggeneesmiddelen</al></entry><entry><al>Veel geneesmiddelen die zonder recept te </al><al>verkrijgen zijn in apotheek en drogisterij worden </al><al>niet door de zorgverzekeraar vergoed. In beginsel </al><al>behoren de kosten tot de algemeen noodzakelijke</al><al>kosten van het bestaan en is bijzondere bijstand </al><al>niet mogelijk. </al><al/></entry></row><row><entry><al>Uitbetaling;</al></entry><entry><al>Na inlevering nota’s of specificatie
                                                zorgverzekeraar</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Deel 3 Beleidsregels Wet Werk en Bijstand</titel></kop><artikel><kop><titel>3.1 Inleiding</titel></kop><al>Deze handreiking bestaat uit een toelichting op de uitvoering van de Wet
                            Werk en Bijstand. Niet specifiek wordt ingegaan op beleid dat reeds is
                            vastgesteld en gepubliceerd. Denk daarbij aan de verordeningen WWB. In
                            de verordeningen en de toelichtingen daarop is het beleid op hoofdlijnen
                            geformuleerd. De wet en de verordeningen geven op onderdelen ruimte het
                            door de gemeente gevoerde beleid nader in te vullen. De sociale
                            wetgeving is namelijk voortdurend in beweging en het is niet de
                            bedoeling dat verordeningen om de haverklap gewijzigd en aangepast
                            worden. </al><al>Beleidsregels en uitleg over wetsartikelen kunnen hierbij ondersteuning
                            bieden.</al><al>In deze beleidsregels zijn richtlijnen opgenomen waarlangs aanspraken
                            concreet kunnen worden ingevuld.</al><al>De handreiking beoogt hiermee eenduidigheid te scheppen in de
                            uitvoering, ondersteuning te bieden voor professionals betreffende de
                            uitvoering, en duidelijkheid voor de klant.</al><al>Ook van zijde van de Commissie bezwaarschriften en de Rechtbank worden
                            signalen ontvangen dat bij het nemen van besluiten een verwijzing naar
                            wetsartikelen alleen niet voldoende is. Beleidsregels zijn daarom
                            onontbeerlijk bij een goede uitvoering van de wet. Beleidsregels kunnen
                            worden vastgesteld door het College.</al><al>De beleidsregels ontlenen hun status aan artikel 4: 81 lid 1 van de
                            Algemene wet bestuursrecht.</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>No.</al></entry><entry><al>Onderwerp</al></entry><entry><al>Richtlijn</al></entry></row><row><entry><al>1</al></entry><entry><al>ingangsdatum</al></entry><entry><al>Datum melding bij UWV-werkbedrijf</al><al>artikel 44 WWB.</al></entry></row><row><entry><al>2</al></entry><entry><al>ingangsdatum na afwijzing WW</al></entry><entry><al>Indien belanghebbende als gevolg van een afgewezen
                                                aanvraag een beroep moet doen op bijstand en hiertoe
                                                alsnog een aanvraag indient, wordt de bijstand in
                                                beginsel toegekend per datum eerste melding UWV,
                                                derhalve de datum waarop belanghebbende zich binnen
                                                5 werkdagen na ontvangst van de afwijzing heeft
                                                gemeld om bijstand aan te vragen.</al><al>Is de aanvraag door het UWV buiten behandeling
                                                gelaten, omdat aanvrager zijn inlichtingenplicht
                                                niet of onvoldoende is nagekomen, dan geldt als
                                                ingangsdatum de datum dat men zich op het Werkplein
                                                meldt voor een WWB of aanverwante uitkering. Tevens
                                                is dan ter beoordeling of een maatregel op zijn
                                                plaats is.</al></entry></row><row><entry><al>3</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al>3a</al></entry><entry><al>ingangsdatum bijstand jongeren van 18 tot 27
                                                jaar.</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al>Verplichtingen gedurende de zoekperiode van 4
                                                weken</al></entry><entry><al>Voor jongeren geldt een zoekperiode van 4 weken.
                                                Gedurende deze 4 weken is er in het algemeen geen
                                                recht op een voorschot. De ingangsdatum van de
                                                uitkering is datum melding of de datum waarop het
                                                recht ontstaat. Jongeren met een WW-uitkering en
                                                jongeren met studiefinanciering kunnen zich bij het
                                                UWV-werkbedrijf melden voor einde WW of
                                                studiefinanciering. </al><al>-onderzoeken van de mogelijkheden om terug te keren
                                                naar school bij ontbreken startkwalificatie
                                                (HAVO/MBO2) of in individuele situaties waarbij
                                                opleiding een belangrijke </al><al> bijdrage kan leveren tot inschakeling in arbeid.
                                                minimaal 3 sollicitaties per week;</al><al>-ingeschreven staan bij minimaal 5 </al><al> uitzendbureaus </al><al/></entry></row><row><entry><al>4.</al></entry><entry><al>ingetrokken aanvragen</al></entry><entry><al>Het intrekken van een aanvraag wordt door het
                                                college bevestigd met een brief dat de aanvraag niet
                                                verder behandeld wordt. Deze brief bevat de
                                                bevestiging van de intrekking met de vermelding van
                                                de wijze waarop dit is geschied </al><al>( telefonisch/schriftelijk/mondeling). De inhoud van
                                                de aanvraag en de reden van intrekking worden
                                                eveneens in de brief opgenomen.</al><al>Een schriftelijke intrekkingsverklaring is
                                                gewenst.</al><al>Bij telefonische mededeling wordt een
                                                intrekkingsverklaring gestuurd met het verzoek deze
                                                binnen 14 dagen terug te sturen. In de brief wordt
                                                vermeld dat wanneer de verklaring niet binnen de
                                                gestelde termijn wordt teruggestuurd, de aanvraag
                                                niet verder wordt behandeld. Een kortere weg is
                                                aanvrager te vragen een e-mail te sturen waarin de
                                                intrekking wordt bevestigd.</al></entry></row><row><entry><al>5.</al></entry><entry><al>Inkomen / verrekening van inkomsten</al></entry><entry><al>Zie de artikelen 31, 32 en 33 van de WWB.</al><al/></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>Algemeen</al></entry><entry><al>Zie handreiking middelen STIMULANSZ. Deze
                                                handreiking is te raadplegen door uitvoerders</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>Giften / Schenkingen</al><al/></entry><entry><al>Per kalenderjaar maximaal 15% van de bijstandsnorm
                                                van een gezin, artikel 21 sub c naar boven afgerond
                                                op een veelvoud van </al><al>€ 100,00. ( 2014: € 2.500). Het gaat om een
                                                totaalbedrag bedrag per jaar per uitkering </al><al>Kortom giften tot een bedrag van € 2.500 op
                                                jaarbasis worden niet tot de middelen gerekend. Als
                                                gevolg hiervan hoeft er geen nieuwe
                                                vermogensvaststelling plaats te vinden.</al><al>Giften met een periodiek karakter op jaarbasis hoger
                                                dan € 2.500: het meerdere wordt als inkomen
                                                aangemerkt en op de bijstandsuitkering in mindering
                                                gebracht. Een eenmalige gift hoger dan € 2.500: het
                                                meerdere wordt tot het vermogen gerekend. Er dient
                                                dan een nieuwe vermogensvaststelling plaats te
                                                vinden.</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>Idem met een specifiek doel</al></entry><entry><al>Bijvoorbeeld aflossing van een schuld, betaling
                                                studie, rijbewijs aanschaf vervanging duurzame
                                                gebruiksgoederen. Niet in aanmerking nemen wanneer
                                                dit uit sociaal oogpunt verdedigbaar is.</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>ex- partner betaalt woonlasten. ( meestal
                                                hypotheeklasten)</al></entry><entry><al>Afstemming bijstand op grond van artikel 18 lid 1
                                                WWB.</al><al>Het gaat om de woonkostencomponent die in de
                                                bijstandsnorm is begrepen. Gezien het incidenteel
                                                karakter van deze mogelijkheid, de
                                                woonkostencomponent vaststellen op € 227,00.</al><al>Dit is het minimale eigen aandeel in de huur bij
                                                berekening huurtoeslag.</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>voorlopige teruggave belastingdienst /
                                                heffingskortingen die niet zijn aangevraagd maar wel
                                                van invloed zijn op de hoogte van de uitkering </al></entry><entry><al>Ontvangen bedragen aan teruggave en voorlopige
                                                teruggave worden gekort voor zover deze betrekking
                                                hebben op een periode dat bijstand wordt verleend.
                                                Indien het aannemelijk is dat betrokkene in
                                                aanmerking komt voor een voorlopige teruggave wordt
                                                op grond van artikel 55 WWB de verplichting opgelegd
                                                deze bij de belastingdienst aan te vragen. Deze
                                                verplichting moet worden bewaakt.</al><al/><al>Heffingskortingen die niet zijn aangevraagd, maar
                                                waar wel recht op is worden indien zij gerekend
                                                kunnen worden tot de middelen o.g.v. van artikel 31
                                                WWB, gekort op de uitkering.</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>overlijdensuitkering ( bij overlijden partner)</al></entry><entry><al>De overlijdensuitkering moet gelet op het karakter
                                                ervan ( gewenning aan de nieuwe situatie) worden
                                                toegerekend aan de periode waarover zij betrekking
                                                heeft en niet aan de periode waarin deze wordt
                                                betaald</al></entry></row><row><entry><al>f. 1</al></entry><entry><al>afkoop pensioen /verzekering</al><al>in periode van bijstandsverlening terwijl er nog
                                                geen feitelijke aanspraak is.</al></entry><entry><al>Ter verduidelijking met een voorbeeld:</al><al>Een uitkeringsgerechtigde jonger dan 65 jaar
                                                ontvangt cq maakt gebruik van de mogelijkheid om een
                                                ouderdomspensioen dat is opgebouwd in de periode
                                                voor bijstandsverlening af te kopen.</al><al>de afkoopsom is <vet><onderstreept>geen
                                                  inkomen</onderstreept></vet>, maar moet als
                                                vermogen worden aangemerkt. Het zal maar zelden
                                                voorkomen dat deze vermogenstoename gevolgen heeft
                                                voor de uitkering gelet op de geringe bedragen waar
                                                het meestal om gaat.</al><al>de bijstandsontvanger krijgt een besluit met daarin
                                                opgenomen de nieuwe vermogensvaststelling.</al></entry></row><row><entry><al>f.2</al></entry><entry><al>afkoop pensioen / verzekering</al><al>in de periode van bijstandsverlening ontstaat er een
                                                aanspraak op pensioen en het pensioenfonds of
                                                verzekeraar koopt het pensioen af met een bedrag
                                                ineens. Bijvoorbeeld een nabestaandenpensioen bij
                                                overlijden van de (ex) echtgenoot.</al></entry><entry><al>In dat geval zijn het inkomsten ( artikel 32 WWB) en
                                                dient er een korting plaats te vinden op de
                                                bijstandsuitkering.</al><al><vet>Let wel:</vet></al><al>De afkoopsom moet omgerekend worden naar een
                                                periodieke uitkering. De afkoopsom is gebaseerd op
                                                de gemiddelde levensverwachting en is ook bedoeld
                                                voor de periode na het bereiken van de 65 jarige
                                                leeftijd.</al><al>Uitgegaan kan worden van een levensverwachting voor
                                                mannen van 80 en voor vrouwen van 84 ( bron CBS
                                                )</al><al>Voorbeeld: vrouw van 60 jaar ontvangt een afkoopsom
                                                van € 2.400,00. Deze is bedoeld voor een periode van
                                                24 jaar. Korten € 100,00 per jaar is € 8,33 per
                                                maand.</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>Bijstand in de vorm van een geldlening omdat op
                                                korte termijn over middelen kan worden beschikt. Wat
                                                is korte termijn?</al></entry><entry><al>Indien in het kalenderjaar de middelen zullen worden
                                                ontvangen. Of naar verwachting binnen zes
                                                maanden.</al><al><vet>Aandachtspunt: </vet>bij een erfenis is de
                                                datum overlijden van erflater bepalend en niet de
                                                datum waarop de middelen daadwerkelijk worden
                                                ontvangen.</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>verwervingskosten.</al></entry><entry><al>Volgens vaste jurisprudentie is er in het kader van
                                                de toepassing van de WWB geen ruimte voor
                                                verrekening van verwervingskosten. Voor
                                                verwervingskosten dient de weg van bijzondere
                                                bijstand of het werkdeel te worden gevolgd.</al><al>Reiskosten: de belastingvrije vergoeding is
                                                vrij.</al><al>Artikel 31 tweede lid onder g.</al><al>Betaalt de werkgever een hoger bedrag, dan is dit in
                                                het loon verwerkt en wordt dit wel tot de middelen
                                                gerekend. Zijn de daadwerkelijke kosten aantoonbaar
                                                meer, dan is het mogelijk voor de feitelijke
                                                meerkosten bijzondere bijstand of een verstrekking
                                                uit het werkdeel te doen.</al></entry></row><row><entry><al>i.1</al></entry><entry><al>schadevergoeding</al></entry><entry><al>Bepaalde schadevergoedingen kunnen op grond van de
                                                regeling WWB worden vrijgelaten.</al><al>paragraaf 5 artikel 7.</al></entry></row><row><entry><al>i. 2</al></entry><entry><al>andere materiële schadevergoedingen niet genoemd in
                                                de regeling WWB</al></entry><entry><al>Drie mogelijkheden:</al><al>1.de vergoeding is vrij :wanneer deze bedoeld is
                                                voor vervanging van verloren/schade aan
                                                goederen.</al><al>De vergoeding dient wel te worden aangewend voor
                                                heraanschaf of herstel van beschadigde
                                                bezittingen</al><al>2. de vergoeding die bedoeld is voor het derven van
                                                inkomsten, deze is van invloed op de uitkering en
                                                dient op de uitkering in mindering te worden
                                                gebracht voor zover het betreft de periode van
                                                bijstandverlening.</al><al>3. Vergoeding voor specifieke kosten: deze zijn in
                                                principe vrij. </al><al><vet>Aandachtspunt: </vet></al><al>Voor specifieke kosten is dan geen bijzondere
                                                bijstand mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>I.2</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/></entry><entry><al>Immateriële schadevergoeding/ smartengeld.</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/></entry><entry><al>Een immateriële schadevergoeding wordt gezien als
                                                een compensatie van ondervonden leed en een vorm van
                                                genoegdoening. De vergoeding kan in principe vrij
                                                worden gelaten.</al><al>Tenzij de uitkering exorbitant hoog is. In dat geval
                                                kan het College besluiten tot welk bedrag de
                                                vergoeding in aanmerking wordt genomen.</al><al>Dit vereist een individuele beoordeling.</al></entry></row><row><entry><al>6.</al></entry><entry><al>Normen en normwijzigingen</al></entry><entry><al>De WWB kent verschillende normen.</al><al>De bedragen worden al dan niet verhoogd met een
                                                toeslag. De toeslagen zijn geregeld in de
                                                Toeslagenverordening WWB. Tussentijdse wijzigingen
                                                zijn van invloed op de hoogte van de uitkering.</al></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>Norm co-ouders.</al><al>Niet bij een omgangsregeling bijv. om de week een
                                                weekend en tijdens vakantie</al></entry><entry><al>De norm wordt vastgesteld naar rato van het aantal
                                                dagen dat het kind bij klant verblijft.</al><al>Voorbeeld: 4 dagen:</al><al>4/7 x norm alleenstaande ouder + 3/7 x norm
                                                alleenstaande plus toeslag.</al><al>Aandachtspunt: wie ontvangt de alleenstaande
                                                ouderkorting? Ja, volledig korten en niet naar rato.
                                                Dezelfde systematiek geldt ook voor
                                                minimavoorzieningen zoals de langdurigheidstoeslag
                                                en Fonds deelname maatschappelijk activiteiten.</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>Bijvoorbeeld er vindt een wijziging van de situatie
                                                plaats op 7 januari 2014</al></entry><entry><al>Zie onderstaande situaties</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>Alleenstaande/ alleenstaande ouder gaat
                                                samenwonen</al></entry><entry><al>Vanaf 7 januari 2014 norm echtpaar</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>Alleenstaande krijgt kind</al></entry><entry><al>Vanaf 7 januari 2014 norm alleenstaande ouder.</al><al>Beoordeling: of er sprake is van
                                                onderhoudsplicht/samenwoning</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>Verbreken samenwoning</al></entry><entry><al>Vanaf 7 januari 2014 normwijziging.</al><al/></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>Wijziging norm bij verblijf in inrichting.</al><al>Terugkeer naar de eigen woning is aannemelijk.</al></entry><entry><al>Indien niet vaststaat dat belanghebbende langer dan
                                                2 maanden in een inrichting zal verblijven, wordt de
                                                bijstandsnorm gehandhaafd. Verblijft men daarna nog
                                                in de inrichting, dan wordt de bijstand per 7 maart
                                                2014 aangepast naar de norm zak en kleedgeld. Indien
                                                bij opname al duidelijk is dat deze langer zal duren
                                                dan 6 maanden, dan wordt de bijstand met ingang van
                                                datum opname gewijzigd. ( 7 januari 2014).</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>Jongste ten laste komend thuiswonend kind van
                                                alleenstaande ouder wordt 18 jaar.</al><al>ontvangt loon of uitkering WSF</al></entry><entry><al>de norm wordt per 7-01-2014 aangepast naar de norm
                                                van een alleenstaande artikel 21 sub a plus toeslag
                                                20%.</al><al> Eventueel garantietoeslag ( extra)</al><al>de norm wijzigt na recht op WSF na afloop kwartaal
                                                is 1-4-2014. Artikel 21 sub a plus toeslag 20%.</al><al/></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>Overlijden alleenstaande</al></entry><entry><al>Beëindiging uitkering op 8 januari 2014 ( de dag na
                                                overlijden) artikel 11 lid 1 WWB.</al><al>Reeds uitbetaalde bijstand over de lopende maand,
                                                wanneer voldaan is aan de inlichtingenplicht, niet
                                                terugvorderen. De teveel uitbetaalde bijstand kan
                                                voor zover mogelijk worden verrekend met het
                                                gereserveerde vakantiegeld.</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>Overlijden partner</al></entry><entry><al>De bijstandsnorm voor een gezin is één maand na de
                                                dag van overlijden van toepassing.</al><al>Dat wil zeggen de norm wijzigt op 8 februari 2014
                                                naar de norm van een alleenstaande of alleenstaande
                                                ouder. ( artikel 45 lid 5 WWB)</al><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Eventuele middelen waar de achtergebleven partner
                                                recht op heeft ( bijvoorbeeld Anw en of pensioen)
                                                dienen op de uitkering in mindering te worden
                                                gebracht.</al></entry></row><row><entry><al>j.</al></entry><entry><al>Overlijden alleenstaande ouder</al></entry><entry><al>Doorbetaling norm alleenstaande ouder tot 8 februari
                                                2014. Daarna beëindigen.</al><al>Artikel 45 lid 5 WWB</al></entry></row><row><entry><al>k.</al></entry><entry><al>Overlijden laatste ten laste komend kind jonger dan
                                                18</al></entry><entry><al>Doorbetaling norm alleenstaande ouder tot 8 februari
                                                2014. Vanaf 8 februari 2014 norm alleenstaande.</al><al>Artikel 45 lid 5 WWB.</al></entry></row><row><entry><al>7.</al></entry><entry><al>Vermogen ( algemeen) </al><al>Toelichting:</al></entry><entry><al>Artikel 34 WWB</al><al>Het is de eigen verantwoordelijkheid van
                                                belanghebbende om voor zover mogelijk zelf in de
                                                bestaanskosten te voorzien.</al><al>De vermogenspositie is relevant voor de beoordeling
                                                van het recht op een uitkering.</al></entry></row><row><entry><al>a</al></entry><entry><al>redelijkerwijs kunnen beschikken</al></entry><entry><al>Ook vermogensbestanddelen die niet direct ter
                                                beschikking staan worden tot het vermogen gerekend.
                                                Indien nodig kunnen deze te gelde worden gemaakt.
                                                Voorbeelden:</al><al>koopsompolissenlijfrentepolissenlevensverzekeringenonroerende
                                                zaken ( 2<sup>e</sup> woning)roerende zaken ( auto
                                                caravan)</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>Niet tot het vermogen wordt gerekend:</al></entry><entry><al>Zoals genoemd in artikel 34 lid 2.</al><al>Daarnaast:</al><al>1.</al><al>Verzekering voor begrafenis/crematie.</al><al>De waarde van een begrafenis of crematieverzekering
                                                wordt niet tot het vermogen gerekend.</al><al>Dit geldt ook voor een reservering wanneer aan alle
                                                onderstaande voorwaarden is voldaan:</al><al>- het geld is uitsluitend bestemd voor de kosten </al><al> van uitvaart en mag niet tussentijds opvraagbaar
                                                zijn ( aparte rekening) <vet>en</vet></al><al><vet>- </vet>het tegoed kan alleen bij overlijden
                                                worden opgenomen ( er zal een gemachtigde moeten
                                                zijn aangewezen) <vet>en</vet></al><al><vet>- </vet>de waarde is niet bovenmatig hoog.</al><al>Waardes volgens de prijzengids NIBUD zijn niet
                                                bovenmatig hoog.</al><al>Op de reservering wordt de waarde van een eventuele
                                                verzekering in mindering gebracht.</al><al>2.</al><al>De auto/brommobiel: er zijn situaties dat een auto/
                                                brommobiel algemeen gebruikelijk is
                                                bijvoorbeeld:</al><al>om te kunnen participeren bij een handicap,</al><al>bijdraagt tot inschakeling in arbeid.</al><al>De noodzaak dient in alle gevallen individueel
                                                beoordeeld te worden.</al><al>Een beoordeling kan achterwege blijven wanneer de
                                                waarde van de auto/ brommobiel niet hoger is dan €
                                                5.000,00.</al><al>Is de noodzaak niet aanwezig, dan wordt bij de
                                                vermogensvaststelling met het meerdere boven de €
                                                5.000,00 rekening gehouden.</al><al>De waarde kan opgevraagd worden bij de ANWB.</al><al>3.</al><al>Spaarloon dat is gereserveerd wordt niet tot het
                                                vermogen gerekend. Bij vrijvallen ( deel) spaarloon
                                                dient het vermogen opnieuw te worden vastgesteld.
                                            </al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>Vaststellen vermogen</al><al>bij aanvraag periodiek algemeen WWB en in combinatie
                                                met bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>De vermogenssituatie op datum aanvraag:</al><al>Bezittingen minus aanwezige aantoonbare
                                                schulden:</al><al>Met schulden kan rekening worden gehouden mits de
                                                schuld vaststaat en er een verplichting tot
                                                terugbetaling is ( opeisbaar).</al><al>Met studieschulden wordt volgens jurisprudentie geen
                                                rekening gehouden.</al><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Schulden bij familie en kennissen.</al><al>Deze schulden worden bij de beoordeling niet
                                                meegenomen <vet>tenzij </vet>de schuld aangetoond
                                                kan worden middels een deugdelijk contract <vet>en
                                                </vet>betalingsbewijzen.</al><al/><al>In het besluit bijstandsverlening wordt de hoogte
                                                van het vermogen vermeld. Bij een negatief bedrag
                                                wordt het negatieve bedrag opgenomen.</al><al>Verificatie: bankafschriften e.d. vanaf 3 maanden
                                                voorafgaande aan de aanvraag.</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>Vaststelling vermogen bij aanvraag bijzondere
                                                bijstand en tussentijdse beoordeling.</al></entry><entry><al>Uitgegaan kan worden van de vermogenssituatie per de
                                                1<sup>e</sup> van de maand waarin de bijstand wordt
                                                aangevraagd. Daarnaast kan een bedrag tot de
                                                uitkeringsnorm voor levensonderhoud naar rato van
                                                het aantal dagen tot dat de eerste uitbetaling van
                                                loon of uitkering wordt ontvangen. Verificatie:
                                                laatste afschrift(en) op datum aanvraag of
                                                1<sup>e</sup> van de maand.</al><al><vet>Aandachtspunt:</vet></al><al>Gespaard vermogen tijdens de bijstandsperiode wordt
                                                bij de beoordeling van aanvragen bijzondere bijstand
                                                  <vet>wel</vet> in aanmerking genomen.</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>Vermogensvaststelling bij wijziging norm</al></entry><entry><al>De hoogte van de vermogensgrens is gelijk </al><al> aan de actuele vermogensgrens die geldt voor de
                                                nieuwe leefvorm van de belanghebbende
                                                (alleenstaande, alleenstaande ouder of
                                                gehuwden)</al><al>Stel het vermogen opnieuw vast ( bezittingen </al><al> minus schulden).</al><al>Onbillijkheden moeten worden voorkomen en daarom
                                                rekening te houden met het volgende: Het deel van
                                                het vermogen dat is ontstaan tijdens de
                                                bijstandsperiode door ontvangen rente en besparingen
                                                dient gelet op de vrijlatingsbepalingen buiten
                                                beschouwing te worden gelaten. Bij alleenstaande
                                                ouders die alleenstaande worden is het aanvaardbaar
                                                dat een deel van het vermogen wordt overgedragen aan
                                                de ( niet meer ten laste komende) kinderen.</al><al>Van deze mogelijkheid wordt gebruik gemaakt indien
                                                bij de oorspronkelijke vermogensvaststelling
                                                rekening is gehouden met de vermogensbestanddelen
                                                van de ten laste komende kinderen</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>Vaststellen vermogen bij co-ouderschap</al></entry><entry><al>Wanneer er sprake is van co-ouderschap dan is er
                                                o.g.v. artikel 4 WWB sprake van een alleenstaande.
                                                Er is immers geen sprake van volledige zorg voor een
                                                of meerdere ten laste komende kinderen. O.g.v.
                                                artikel 18 lid WWB dient de bijstand afgestemd
                                                worden op de omstandigheden, mogelijkheden en
                                                middelen van de belanghebbende.</al><al>in artikel 34 lid 3 WWB is geen vermogensgrens
                                                vastgesteld die deze situatie regelt. Het ligt voor
                                                de hand om de van toepassing zijnde vermogensgrens
                                                vast te stellen op grond van individuele
                                                omstandigheden van belanghebbende. De vermogensgrens
                                                van een alleenstaande kan worden verhoogd met het
                                                verschil tussen de vermogensgrens van een
                                                alleenstaande ouder en alleenstaande naar rato op
                                                basis van het aantal dagen zorg.</al><al>Ook de vermogensbestanddelen van het kind kunnen
                                                naar rato aangemerkt worden als vermogen.</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>Vermogen bij overname uit andere gemeente</al></entry><entry><al>Bij overname van een belanghebbende uit een andere
                                                gemeente, wordt het vermogen en de toepasselijke
                                                vermogensgrens opnieuw vastgesteld. De reden
                                                hiervoor is dat iedere gemeente een eigen
                                                verantwoordelijkheid heeft voor de
                                                bijstandsverlening en dat het eigen beleid inzake de
                                                vaststelling van het vermogen per gemeente kan
                                                verschillen.</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>Moment vermogensvaststelling bij echtscheiding of
                                                verlating</al></entry><entry><al>Uitgangspunt is dat het vermogen wordt vastgesteld
                                                bij aanvang van de bijstand. </al><al>Van deze situatie wordt afgeweken als:</al><al>aanvrager is verwikkeld in een
                                                echtscheidingsprocedure of is verlaten
                                                <vet>en</vet></al><al>hij/zij slechts kan beschikken over een vermogen dat
                                                minder bedraagt dan de van toepassing zijnde
                                                vermogensgrens.</al><al>in dat geval kan gewacht worden met de
                                                vermogensvaststelling tot dat de boedelscheiding een
                                                feit is.</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>Overschrijding vermogensgrens als gevolg van een
                                                positieve vermogensmutatie </al><al>( bijvoorbeeld erfenis) </al></entry><entry><al>Beoordeeld moet worden of het recht op bijstand moet
                                                worden ingetrokken ( niet beëindigen).</al><al>Er moet ook getoetst worden aan artikel 11,
                                                1<sup>e</sup> lid WWB, dus aan de vraag of er sprake
                                                is van middelen om in de noodzakelijke kosten van
                                                het bestaan. Het kan immers zo zijn dat
                                                belanghebbende in de loop van de tijd meer heeft
                                                uitgegeven dan aan middelen beschikbaar is.
                                                Negatieve vermogensmutaties spelen geen rol bij de
                                                bij de vaststelling van de vrijlatingsruimte van het
                                                vermogen. Als de feitelijke vermogenssituatie
                                                negatief is, omdat de in aanmerking te nemen
                                                schulden de in aanmerking te nemen bezittingen
                                                overtreffen, blijft het recht op bijstand bestaan.
                                                Het recht op bijstand kan namelijk niet worden
                                                ingetrokken o.g.v artikel 11,1<sup>e</sup> lid WWB.
                                                Het gaat hierbij om de feitelijke vermogenssituatie
                                                op de datum waarop de positieve vermogenssituatie
                                                wordt toegerekend dus om het verschil tussen de op
                                                dat moment aanwezige in aanmerking te nemen
                                                bezittingen en schulden. De feitelijke
                                                vermogenspositie zal in de regel afwijken van het
                                                vermogen bij aanvang bijstandsverlening en het
                                                totaal van de positieve vermogenssituaties. Positief
                                                vermogen kan zijn uitgegeven aan bijvoorbeeld nieuwe
                                                huisraad, vakanties etc. De schuldensituatie kan
                                                ondanks de positieve vermogenssituatie zijn
                                                toegenomen. Er kan dan wel sprake zijn van
                                                tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor
                                                de bestaansvoorziening. Een eventuele maatregel is
                                                dan op zijn plaats, wanneer de gemeente kan aantonen
                                                dat het negatieve vermogen </al><al>( grotendeels) het gevolg is van tekortschietend
                                                besef van verantwoordelijkheid voor de
                                                bestaansvoorziening.</al><al>Raadpleeg: handreiking middelen van STIMULANSZ.</al></entry></row><row><entry><al>j.</al></entry><entry><al>Vuistregel intering vermogen.</al><al>Als het recht op bijstand is ingetrokken of
                                                afgewezen als gevolg van de vermogenspositie, hoe
                                                lang moet dan worden ingeteerd voor dat nieuw recht
                                                op bijstand ontstaat?</al></entry><entry><al>In de praktijk ( ondersteund door vaste
                                                jurisprudentie) wordt door gemeenten een vuistregel
                                                gehanteerd voor berekening van de periode dat na
                                                intrekking van het recht op bijstand op het vermogen
                                                moet worden ingeteerd. Deze vuistregel is intering
                                                van het vermogen ter hoogte van 1,5 maal de van
                                                toepassing zijnde bijstandsnorm.</al><al>Belanghebbende dient vooraf schriftelijk duidelijk
                                                geïnformeerd te worden over de spelregels die worden
                                                gehanteerd.</al><al>Als eerder een beroep op bijstand wordt gedaan,
                                                beoordeelt de gemeente of er sprake is van
                                                tekortschietend besef. Dit kan leiden tot een
                                                maatregel, overeenkomstig de
                                                maatregelenverordening.</al></entry></row><row><entry><al>k.</al></entry><entry><al>Overschrijding vermogensgrens met een klein
                                                bedrag</al></entry><entry><al>Formeel kan de bijstand worden ingetrokken en dient
                                                bij een nieuwe aanvraag worden bezien of het
                                                vermogen op verantwoorde wijze is ingeteerd. </al><al>In overleg met belanghebbende kan er voor gekozen
                                                worden hem of haar voor een periode </al><al>met toepassing van de vuistregel voor een bepaalde
                                                periode uit te sluiten. Met deze praktische
                                                oplossing wordt de bureaucratie rond een nieuwe
                                                aanvraag voorkomen.</al></entry></row><row><entry><al>8</al></entry><entry><al>Onverwijld uit eigen beweging</al></entry><entry><al>Het college verstaat uit “onverwijld” uit eigen
                                                beweging, dat belanghebbende informatie die van
                                                belang is voor de ( voortzetting) van de bijstand,
                                                de bedoelde informatie zo spoedig meldt, doch
                                                uiterlijk meldt vóór de eerst volgende maandbetaling
                                                op een mutatie of rechtmatigheidsformulier, gerekend
                                                vanaf het moment waarop het te melden feit zich
                                                heeft voorgedaan, dan wel kenbaar werd voor
                                                belanghebbende.</al></entry></row><row><entry><al>9.</al></entry><entry><al>Marginale zelfstandigen:</al><al>( bescheiden schaalregeling)</al></entry><entry><al>Als een bijstandsgerechtigde zelfstandige arbeid
                                                verricht moet in eerste instantie beoordeeld worden
                                                of hij onder het Bbz valt of kan vallen.</al></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>Wanneer Bbz?</al></entry><entry><al>Als de zelfstandige arbeid een min of meer
                                                structureel karakter heeft en als de betrokkene ook
                                                de bedoeling heeft op termijn door zelfstandige
                                                arbeid een inkomen te verwerven boven
                                                bijstandsniveau.</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>Wanneer met behoud van bijstand?</al></entry><entry><al>Indien het gaat om zelfstandige werkzaamheden op
                                                bescheiden schaal en het niet gaat om een
                                                levensvatbaar bedrijf op beroep en het inschakeling
                                                in arbeid niet belemmert. De voorwaarden voor wat
                                                betreft arbeidsinschakeling blijven onverkort van
                                                toepassing.</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>Toestemming aanvragen</al></entry><entry><al>Vooraf om te kunnen beoordelen of er inderdaad
                                                sprake is van zelfstandige werkzaamheden van
                                                bescheiden omvang.</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>Bescheiden schaal</al></entry><entry><al>De werkzaamheden nemen gemiddeld niet meer dan 23,5
                                                uur per week ( 1225 uur per jaar) in beslag.</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>Voorwaarden</al></entry><entry><al>1. alle voorwaarden met betrekking tot
                                                arbeidsinschakeling blijven onverkort van toepassing </al><al>2.er moet worden voldaan aan de wettelijke
                                                vestigingseisen.</al><al>3. de bedrijfskosten moeten in reële verhouding
                                                staan tot de omzet.</al><al>4. de belanghebbende moet de werkzaamheden snel
                                                kunnen beëindigen en geen langdurige verplichtingen
                                                of contracten aangaan.</al><al>5 de belanghebbende dient in de branche
                                                gebruikelijke prijzen of tarieven te hanteren in
                                                verband met concurrentievervalsing.</al><al>6. de belanghebbende dient een goede
                                                boekhouding/administratie te voeren voor fiscus en
                                                gemeente.</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>Aanvullende voorwaarden</al></entry><entry><al>1. de belanghebbende kan als marginaal zelfstandige
                                                geen beroep doen op een voorbereidingskrediet en op
                                                begeleiding.</al><al>2. de belanghebbende kan geen bedrijfskrediet
                                                krijgen.</al><al>3. het ondernemen moet een inkomen opleveren.</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>Boekhouding</al></entry><entry><al>Om de inkomsten te kunnen vaststellen dient
                                                belanghebbende een deugdelijke boekhouding te
                                                voeren. Uitgangspunt is dat de vermelde bedragen
                                                controleerbaar zijn. Daarnaast moeten de opgevoerde
                                                kosten in verhouding staan tot de inkomsten. Bij een
                                                negatief bedrijfsresultaat kan nimmer aanvullende
                                                bijstand worden verstrekt.</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>Wat hoort bij een administratie?</al></entry><entry><al>Elektronisch of op papier alle gegevens die
                                                vastgelegd en behoren tot een administratie;</al><al>-kasboek ( kassabonnen)</al><al>- in en verkoopboek</al><al>-ontvangen facturen en kopieën ontvangen </al><al> facturen ( tevens BTW verplichting)</al><al>-bank en giroafschriften</al><al>-contracten, overeenkomsten</al><al>- urenverantwoording</al><al/></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>Inkomstenkorting</al></entry><entry><al>-Uitkering om niet.</al><al>-In beschikking wordt opgenomen dat de uitkering
                                                ingevolge artikel 58 tweede lid sub e en f juncto 1
                                                teruggevorderd zal worden als op basis van
                                                uiteindelijke bedrijfsresultaten volgens het
                                                boekhoudverslag, het resultaat hoger is geweest dan
                                                waarmee rekening is gehouden.</al><al>-maandelijks wordt een (voorlopige) inkomstenkorting
                                                toegepast, gebaseerd op basis van een schriftelijke
                                                verklaring van de belanghebbende zelf.</al><al>- bij de bepaling van de netto inkomsten uit
                                                bedrijf/zelfstandig beroep wordt het forfaitaire
                                                percentage gehanteerd ( conform het Bbz)</al></entry></row><row><entry><al>j.</al></entry><entry><al>Bedrijfskosten</al></entry><entry><al>Bij het vaststellen van het netto inkomen zal met
                                                name gekeken worden naar de bedrijfskosten. De
                                                kosten moeten direct verband te houden met het
                                                product. ( directe kosten) De kosten moeten
                                                aannemelijk gemaakt kunnen worden aan de hand van
                                                bewijsstukken ( zoals rekeningen)</al><al>Voor kosten van vervoer met een eigen auto € 0,19
                                                per gereden zakelijke kilometer.</al><al>Niet tot de bedrijfskosten worden gerekend:</al><al>-afschrijvingen </al><al>- kosten van bedrijfsleningen</al><al>- personeelskosten</al></entry></row><row><entry><al>10</al></entry><entry><al>Beleidsregels inzake schending informatieplicht (
                                                bij opleggen boetes)</al></entry><entry><al>Het niet of onvoldoende nakomen van de
                                                inlichtingenplicht met gevolgen voor de bijstand
                                                leidt tot het opleggen van een bestuurlijk boete.
                                                Indien er sprake is van 0 fraude verminderde
                                                verwijtbaarheid of zeer dringende redenen kan
                                                hiervan worden afgeweken.</al></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>Bij schending informatieplicht met 0 fraude.</al><al/><al/></entry><entry><al>Bij 0 fraude in alle situaties eenmalig een
                                                waarschuwing. Een tweede waarschuwing is niet
                                                mogelijk. In dat geval wordt bij 0 fraude de
                                                minimale boete van € 150,00 opgelegd. Bij niet </al></entry></row><row><entry><al>b.</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al>b.1</al><al/><al>b.2. </al></entry><entry><al>Schending informatieplicht (niet tijdig aanleveren
                                                van de gegevens) bij aanvraag</al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al>Inleveren gegevens tijdens de hersteltermijn</al><al>Inleveren gegevens na de hersteltermijn</al><al/></entry><entry><al>Het bieden van hersteltermijn waarbinnen de
                                                gevraagde gegevens moeten worden ingeleverd. In de
                                                hersteltermijn wordt opgenomen dat bij niet tijdige
                                                inlevering, de aanvraag wordt afgewezen , er wordt
                                                vanuit gegaan dat aanvrager geen prijs meer stelt op
                                                een uitkering. Bij een afwijzing is er geen sprake
                                                van een schending van de inlichtingenplicht, nu
                                                aanvrager hiermee feitelijk heeft aangegeven dat hij
                                                geen prijs meer stelt op een uitkering.</al><al>Aanvraag in behandeling nemen.</al><al/><al>Een waarschuwing.</al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>Aandachtspunt:</al></entry><entry><al>Het gaat om inlichtingen die aanvrager zelf moet
                                                verstrekken. Gegevens die uit het DKD gehaald kunnen
                                                worden vallen niet onder de inlichtingenplicht.</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>Rechtmatigheidsformulier wordt te laat
                                                ingeleverd.</al></entry><entry><al>Eenmalig een waarschuwing ( in het besluit wordt
                                                opgenomen dat bij een volgende gelijksoortige
                                                overtreding een boete wordt opgelegd van €
                                                150,00).</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>Rechtmatigheidsformulier wordt later ingeleverd in
                                                verband met inkomsten</al></entry><entry><al>Geen actie, het later inleveren is legitiem. Het is
                                                ook praktischer omdat de inkomsten in dezelfde maand
                                                met de uitkering verrekend kunnen worden.</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>Het rechtmatigheidsformulier wordt niet
                                                ingeleverd.</al></entry><entry><al>Klant wordt een hersteltermijn geboden waarbinnen
                                                het formulier ingeleverd moet worden. In het besluit
                                                wordt opgenomen dat bij niet tijdige inlevering, de
                                                bijstand wordt ingetrokken, er wordt vanuit gegaan
                                                dat geen verder prijs gesteld wordt op een
                                                uitkering. </al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al>Klant levert het rechtmatigheidsformulier in binnen
                                                de hersteltermijn</al></entry><entry><al>Eenmalig een waarschuwing. In het besluit wordt
                                                opgenomen dat bij een eerstvolgende gelijksoortige
                                                overtreding een boete wordt opgelegd van €
                                                150,00.</al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>Klant levert het rechtmatigheidsformulier na de
                                                hersteltermijn in.</al></entry><entry><al>Er wordt een boete opgelegd van € 150,00</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>Klant levert het rechtmatigheidsformulier niet in na
                                                afloop van de hersteltermijn.</al></entry><entry><al>De uitkering wordt ingetrokken. Er vindt een
                                                zorgvuldig beëindigingsonderzoek plaats. Bij 0
                                                fraude een waarschuwing, anders een boete.</al></entry></row><row><entry><al>j.</al></entry><entry><al>Klant levert het wijzigingsformulier te laat of niet
                                                in. ( zonder gevolgen voor de uitkering)</al></entry><entry><al>Eenmalig een waarschuwing. Bij een volgende
                                                soortgelijke overtreding een boete van €
                                                150,00.</al></entry></row><row><entry><al>k.</al></entry><entry><al>Klant levert het wijzigingsformulier te laat in</al><al>( met gevolgen voor de uitkering)</al></entry><entry><al>Afhankelijk van de situatie wordt al dan niet een
                                                waarschuwing of boete opgelegd ( zie ook 10 s)</al></entry></row><row><entry><al>l.</al></entry><entry><al>Klant levert het wijzigingsformulier niet in </al><al>( met gevolgen voor de uitkering)</al></entry><entry><al>Er wordt een boete opgelegd van 100% van het netto
                                                fraudebedrag.</al></entry></row><row><entry><al>m.</al></entry><entry><al>Klant overlegt niet of te laat de gevraagde gegevens
                                                bij een heronderzoek of bewijsstukken omtrent zijn
                                                arbeidsmarktactiviteiten</al></entry><entry><al>Dezelfde systematiek als bij 10 f tot en met
                                                10i.</al></entry></row><row><entry><al>n.</al></entry><entry><al>Aandachtspunt: er is geen sprake van schending
                                                inlichtingenplicht als:</al></entry><entry><al>-het gaat om gegevens die binnen het DKD bekend
                                                zijn.</al><al>-niet verschijnen bij een heronderzoek, maar wel de
                                                benodigde bewijsstukken heeft overlegd ( valt onder
                                                de meewerkingsplicht- maatregel.</al><al>- klant verschijnt niet op een re-integratietraject-
                                                maatregel</al></entry></row><row><entry><al>o.</al></entry><entry><al>Ernst van de gedraging (evenredigheidsbeginsel)</al></entry><entry><al>Dit is geregeld in artikel 18a Wet werk en bijstand.
                                                In het besluit moet worden vastgelegd voor welke
                                                gedraging een boete wordt opgelegd en wat het
                                                maximale boetebedrag is. De boete moet evenredig
                                                zijn aan de overtreding (zie ook artikel 5:46
                                                Awb).</al></entry></row><row><entry><al>p</al></entry><entry><al>Mate van verwijtbaarheid:</al><al>Uitgangspunt</al></entry><entry><al>Als de inlichtingenplicht is geschonden, is dit ook
                                                verwijtbaar. De bewijslast om aan te tonen dat de
                                                schending niet of verminderd verwijtbaar is, ligt
                                                bij de betrokkene. Afwijking is slechts mogelijk op
                                                individuele gronden. Per situatie dient dit te
                                                beoordeeld te worden. Een categoriale verlaging van
                                                de boete is niet mogelijk.</al></entry></row><row><entry><al>q.</al></entry><entry><al>Als de betrokkene verkeerde in onvoorzienbare en
                                                ongewenste omstandigheden, die tot het normale
                                                levenspatroon behoren en die hem weliswaar niet in
                                                de feitelijke onmogelijkheid brachten om aan de
                                                inlichtingenplicht te voldoen, maar emotioneel zo
                                                ontwrichtend waren dat hem niet volledig valt toe te
                                                rekenen dat de inlichtingen niet tijdig of volledig
                                                zijn verstrekt.</al><al>Bijvoorbeeld: een plotselinge ziekenhuisopname of
                                                overlijden partner of kinderen</al></entry><entry><al>Indien de gedraging betrokkene feitelijk niet valt
                                                te verwijten, geen boete opleggen.</al><al>Deels te verwijten de boete lager vaststellen op 50%
                                                van het benadelingsbedrag.</al></entry></row><row><entry><al>r.</al></entry><entry><al>De betrokkene verkeerde in een zodanige geestelijke
                                                toestand dat hem de overtreding niet (volledig) valt
                                                aan te rekenen. Tijdelijk administratief
                                                onbekwaam.</al></entry><entry><al>Indien de betrokkene de overtreding feitelijk niet
                                                valt te verwijten, geen boete opleggen. Deels te
                                                verwijten de boete lager vaststellen op 50% van het
                                                benadelingsbedrag. Bij structureel onbekwaam, dan
                                                moet de betrokkene een wettelijke vertegenwoordiger
                                                regelen. Is dit niet gedaan dan is er geen sprake
                                                van verminderde verwijtbaarheid.</al></entry></row><row><entry><al>s.</al></entry><entry><al>De betrokkene heeft wel inlichtingen verstrekt,
                                                onjuist dan wel onvolledig, maar uit eigen beweging
                                                alsnog de juiste inlichtingen heeft verstrekt.</al></entry><entry><al>Bij 0 fraude of indien verrekening van teveel
                                                ontvangen uitkering binnen 3 maanden mogelijk is
                                                geen boete opleggen en volstaan met een
                                                waarschuwing. Wanneer verrekening niet mogelijk is
                                                de boete vaststellen op 50% van het
                                                benadelingsbedrag.</al></entry></row><row><entry><al>t.</al></entry><entry><al>De gemeente niet adequaat, d.w.z. binnen zes weken
                                                reageert op ontvangen signalen via het
                                                Inlichtingenbureau</al></entry><entry><al>De boete wordt afwijkend vastgesteld op maximaal het
                                                benadelingsbedrag tot en met zes weken nadat het
                                                signaal is ontvangen.</al></entry></row><row><entry><al>u.</al></entry><entry><al>De omstandigheden van persoon en gezin: </al></entry><entry><al>Het enkele feit dat betrokkene door de boete minder
                                                te besteden heeft is niet voldoende om de boete te
                                                matigen. Matiging is mogelijk dat als gevolg van
                                                individuele omstandigheden zoals hoge woonlasten en
                                                uitgaven waar geen vergoeding voor mogelijk is het
                                                gezin met name minderjarige kinderen en een nieuwe
                                                partner als de overtreding is begaan op het moment
                                                dat betrokkene alleenstaande was en het gezin
                                                daardoor onevenredig hard wordt getroffen.</al><al>De boete wordt dan vastgesteld op 50% van het
                                                benadelingsbedrag.</al></entry></row><row><entry><al>v.</al></entry><entry><al>Dringende redenen</al></entry><entry><al>Bij uitzonderlijke dringende redenen is afzien van
                                                de boete mogelijk. Dit zal slechts bij hoge
                                                uitzondering voorkomen. </al></entry></row><row><entry><al>11.</al></entry><entry><al>Aanvullende bepaling ten aanzien toegang tot de
                                                minimavoorzieningen:</al><al>Collectieve zorgverzekering;</al><al>Langdurigheidstoeslag;</al><al>Fonds deelname maatschappelijke activiteiten;</al><al>Chronisch zieken</al></entry><entry><al>Voor alle voorzieningen met uitzondering van de
                                                langdurigheidstoeslag geldt een inkomensgrens van
                                                110% van de bijstandsnorm. Voor de
                                                langdurigheidstoeslag is dit 105%
                                                bijstandsnorm.</al><al>Bij een inkomen hoger dan 105% van de bijstandsnorm
                                                wordt het surplus aan inkomen boven de inkomensgrens
                                                op de langdurigheidstoeslag in mindering
                                                gebracht.</al><al>Voor wat betreft vermogen zijn de vermogensgrenzen
                                                ingevolge de Wet werk en bijstand van toepassing.(
                                                artikel 34). Voor wat betreft het vaststellen van
                                                het inkomen en vermogen gelden de bepalingen
                                                ingevolgde de Wet werk bijstand en de beleidsregels
                                                zoals die in deze handreiking staan vermeld.</al></entry></row><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>Het eigen aandeel in de kinderopvang</al></entry><entry><al>Het eigen aandeel in de kinderopvang kan op de netto
                                                inkomsten in mindering worden gebracht.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><vet>Inwerkingtreding</vet></al><al>De beleidsregels treden in werking de dag na publicatie op <extref doc="http://www.meppel.nl/">www.meppel.nl</extref> en werken terug tot
                            en met 1 januari 2014. </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld inde vergadering van het College van burgemeester en
                        wethouders:</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Datum: </ondertekening><ondertekening>De secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>