<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR330129_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Drank- en horecaverordening Diemen 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Diemen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Diemen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-25714.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3ddiemen%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAlle%26spd%3d20140516%26epd%3d20140516%26sdt%3dDatumPublicatie%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=0&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Diemernieuws en www.overheid.nl </dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Drank- en horecaverordening Diemen 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Drank- en Horecawet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-02-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-05-09</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>GD14.00430</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Drank- en horecaverordening Diemen 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenteraad van Diemen in vergadering bijeen,</al><al>Gelet op de voordracht van het college d.d. 4 februari 2014;</al><al/><al>Overwegende dat deze verordening niet eerder in werking treedt dan na
                        afronding van de inspraakprocedure onder het voorbehoud dat deze
                        inspraakprocedure geen zienswijze(n) oplevert;</al><al/><al>Gelet op </al><al>De artikelen 4 eerste tot en met derde lid en 25d van de Drank- en
                        Horecawet</al><al/><al><vet>Besluit</vet></al><al>De "Drank- en horecaverordening Diemen 2014" vast te stellen.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1:</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: Drank- en Horecawet;</al></li><li nr="b."><al>paracommerciële inrichting: een inrichting waarin een
                                        paracommerciële rechtspersoon in eigen beheer het
                                        horecabedrijf exploiteert;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor toepassing van deze verordening wordt onder overige begrippen
                                in deze verordening verstaan hetgeen de wet daaronder verstaat.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2:</nr><titel>Bepalingen voor inrichtingen waarin het horecabedrijf wordt
                            uitgeoefend</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Prijsacties horeca</titel></kop><al>Ter bescherming van de volksgezondheid of in het belang van de openbare
                            orde is het verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende
                            dranken te verstrekken voor gebruik ter plaatse tegen een prijs die voor
                            een periode van 24 uur of korter lager is dan 60% van de prijs die in de
                            betreffende horecalokaliteit of op het betreffende terras gewoonlijk
                            wordt gevraagd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3:</nr><titel>Aanvullende bepalingen voor paracommerciële inrichtingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Schenktijden paracommerciële inrichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Paracommerciële rechtspersonen verstrekken uitsluitend
                                alcoholhoudende drank tussen 11.00 uur en 24.00 uur</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover er bij paracommerciële rechtspersonen als bedoeld in het
                                eerste lid stichtings- of verenigingsactiviteiten plaatsvinden die
                                eindigen na 23.00 uur, is het deze paracommerciële rechtspersonen
                                toegestaan, in aanvulling op de schenktijden genoemd in lid 1,
                                alcoholhoudende drank te verstrekken tot één uur na beëindiging van
                                deze activiteiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr><titel>Bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten voor
                                derden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 3.1 kunnen paracommerciële
                                rechtspersonen maximaal viermaal per jaar alcoholhoudende drank
                                verstrekken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 3.1 kunnen paracommerciële
                                rechtspersonen alcoholhoudende drank verstrekken tijdens
                                bijeenkomsten welke niet van persoonlijke aard zijn en die gericht
                                zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten
                                van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn, voor zover dit
                                ten gunste is van een charitatieve instelling uit de gemeente
                                Diemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De paracommerciële rechtspersoon doet uiterlijk 4 weken vóór een
                                bijeenkomst als bedoeld in het eerste en tweede lid hiervan melding
                                aan de burgemeester. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor zover bijeenkomsten, zoals bedoeld in het eerste lid onder,
                                worden gehouden bij een vereniging, mogen deze slechts worden
                                gehouden ten gunste van een lid van die vereniging.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4:</nr><titel>Bepalingen voor detailhandel</titel></kop><structuurtekst><al><cursief>(gereserveerd)</cursief></al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5:</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking na afronding van de
                            inspraakprocedure, mits tegen het concept van deze verordening geen
                            zienswijze(n) is (zijn) ingediend, met ingang van de dag na die van
                            bekendmaking. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Drank- en horecaverordening
                            Diemen 2014</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten tijdens de gemeenteraadsvergadering van 20 februari
                        2014,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting Drank- en horecaverordening Diemen 2014</titel></kop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Deze verordening bevat bepalingen die zijn gebaseerd op de artikelen 4, 25a en
                    25d van de Drank- en Horecawet (DHW). Veel gemeenten nemen deze bepalingen op in
                    de APV, overeenkomstig het model van de VNG. Omdat de APV voornamelijk de
                    openbare orde reguleert en de bepalingen op grond van de gewijzigde DHW
                    betrekking hebben op alcoholmatiging en het voorkomen van oneerlijke
                    mededinging, is ervoor gekozen om hiervoor een aparte drank- en
                    horecaverordening vast te stellen. </al><al/><al>Deze verordening is ingedeeld naar domeinen(horeca, paracommerciële
                    inrichtingen en detailhandel) en niet een indeling volgens de artikelen van de
                    Drank- en Horecawett. Dit sluit beter aan bij de praktijk, waar zaken zich
                    afspelen bij een bepaalde verstrekker in een bepaalde setting. Zo staan alle
                    bepalingen voor een specifieke verstrekker bij elkaar. Om deze reden is
                    bijvoorbeeld ook hoofdstuk 4 “Bepalingen voor detailhandel” gereserveerd. </al><al>Bij het opstellen van deze verordening is aangesloten bij de doelen op de
                    beleidsterreinen alcoholmatiging, openbare orde, veiligheid en handhaving. Bij
                    de invulling van de verordenende verplichtingen en bevoegdheden is tevens
                    gekeken naar het beleid van omliggende gemeenten. Dit om te voorkomen dat een
                    waterbedeffect optreedt. </al><al/><al>De verordening bevat geen bepaling over het toezicht omdat de bevoegdheid voor
                    het toezicht rechtstreeks voortvloeit uit artikel 41 van de Drank- en Horecawet. </al><al/><tussenkop>Artikelgewijze toelichting</tussenkop><al/><tussenkop>Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 1.1 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In artikel 1.1 van deze verordening is een aantal begripsbepalingen
                    opgenomen.</al><tussenkop>Eerste lid</tussenkop><al>Door de begripsbepaling ‘de wet’ kan op diverse plaatsen in deze
                    modelverordening op eenvoudige</al><al>wijze verwezen worden naar de Drank- en Horecawet.</al><al>Het begrip ‘paracommerciële inrichting’ staat voor alle kantines die door
                    paracommerciële rechtspersonen in eigen beheer worden geëxploiteerd.
                    Paracommerciële rechtspersonen richten zich per definitie primair op
                    activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke
                    of godsdienstige aard. De exploitatie in eigen beheer van de kantine is een
                    nevenactiviteit.</al><tussenkop>Tweede lid</tussenkop><al>Voor de niet in het eerste lid genoemde begrippen die in deze modelverordening
                    worden gebruikt</al><al>wordt verwezen naar de begripsbepalingen opgenomen in artikel 1 van de Drank- en
                    Horecawet.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 2: Bepalingen voor inrichtingen waarin het horecabedrijf wordt
                    uitgeoefend </tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 2.1 Prijsacties horeca</tussenkop><al>Artikel 25d van de Drank- en Horecawet biedt gemeenten de mogelijkheid
                    prijsacties, zoals happy hours, gedeeltelijk te beperken. Happy hours zijn
                    doorgaans afgebakende tijden (enkele uren, één dag in de week) waarop alcohol
                    tegen een gereduceerd tarief wordt aangeboden. In veel gemeenten zijn er
                    uitgaansgelegenheden waar happy hours worden georganiseerd. De maatregel kan –
                    zo bepaalt de Drank- en Horecawet - alleen betrekking hebben op het
                    bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende dranken voor
                    gebruik ter plaatse tegen een prijs die voor een periode van 24 uur of korter
                    lager is dan 60% van de prijs die in de betreffende horecalokaliteit of op het
                    betreffende terras gewoonlijk wordt gevraagd.</al><al>Met artikel 25d van de Drank- en Horecawet kan de gemeente bijvoorbeeld ook
                    prijsacties als ‘2 drankjes voor de prijs van 1’ verbieden. Ook kan men er
                    bepaalde arrangementen mee tegengaan, zoals één avond onbeperkt drinken voor €
                    15, althans als het onbeperkt drinken gedurende één avond normaal gesproken voor
                    meer dan € 25 wordt aangeboden en er in het kader van een actie tijdelijk een
                    prijs van € 15 wordt gevraagd. De zogenaamde ladies nights (avonden waarop
                    vrouwen gratis mogen drinken) worden met dit artikel ook verboden.</al><al>Het in artikel 2.1 van deze verordening opgenomen verbod heeft uitsluitend
                    betrekking op prijsacties in horecalokaliteiten en op terrassen en geldt dus
                    niet voor goedkoop schenken op andere plaatsen, bijvoorbeeld met een artikel
                    35-ontheffing tijdens bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard
                    (evenementen). Het gaat bij dit verbod ook uitdrukkelijk om de korting op de
                    prijs die normaal daar in die horecalokaliteit of op dat terras wordt gevraagd.
                    Dat is in de horeca na te gaan door de actieprijs te vergelijken met de prijs
                    die wordt vermeld op de (op grond van het Besluit prijsaanduiding producten)
                    verplichte prijslijst.</al><al>Deze bepaling kan alleen worden ingezet ter bescherming van de volksgezondheid
                    of in het</al><al>belang van de openbare orde. In de gemeente Diemen is het aantal meldingen van
                    alcoholgerelateerde overlast laag. Om die reden is er geen reden om in het
                    belang van de openbare orde deze maatregel op te leggen. Tegelijkertijd is ook
                    het alcoholgebruik in Diemen hoger dan elders in de regio. Daarom worden
                    prijsacties in de horeca, gelet op alcoholmatiging, beperkt. Hierbij is eveneens
                    aangesloten bij het beleid van omliggende gemeenten. Dit om te voorkomen dat
                    happy hours en het daarmee gepaard gaande alcoholgebruik zich verplaatsen van
                    deze gemeenten naar Diemen. </al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 3: Aanvullende bepalingen voor paracommerciële
                    inrichtingen</tussenkop><al>Een paracommerciële rechtspersoon is een rechtspersoon - geen NV of BV zijnde -
                    die zich naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele,
                    educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard richt op de exploitatie
                    in eigen beheer van een horecabedrijf. Hieronder vallen onder meer:
                    sportkantines, dorps- en buurthuizen, kerkelijke centra,
                    studentenverenigingen.</al><al>Wanneer een stichting/vereniging ervoor kiest de exploitatie van de kantine te
                    verpachten of in een BV (of NV) onder te brengen is dit hoofdstuk niet van
                    toepassing. Dit geldt eveneens voor verenigingen of stichtingen die zich richten
                    op andere activiteiten dan genoemd in artikel 4 van de Drank- en Horecawet. In
                    deze paragraaf wordt uitvoering gegeven aan artikel 4 van de Drank- en Horecawet
                    waarin aan gemeenten wordt opgelegd in een verordening regels vast te stellen
                    voor paracommerciële inrichtingen. De regels hebben als doel het voorkomen van
                    oneerlijke mededinging en gelden bij het verstrekken van alcoholhoudende drank. </al><al>De volgende onderwerpen moeten volgens de wet in elk geval geregeld worden:</al><lijst><li nr="·"><al>de schenktijden voor alcoholhoudende drank;</al></li><li nr="·"><al>het schenken van alcoholhoudende drank tijdens bijeenkomsten van
                            persoonlijke aard, zoals bruiloften en partijen;</al></li><li nr="·"><al>het schenken van alcoholhoudende dranken tijdens bijeenkomsten gericht
                            op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de
                            betreffende rechtspersoon betrokken zijn.</al></li></lijst><al>Volgens de memorie van toelichting bij de wijziging van de Drank- en Horecawet
                    mogen de lokale</al><al>regels rond paracommercialisme naar de aard van de paracommerciële rechtspersoon
                    verschillend</al><al>zijn. Dit betekent dat studentenverenigingen andere regels kunnen worden
                    opgelegd door een</al><al>gemeente, dan sportverenigingen of buurthuizen. Wel is uitdrukkelijk opgenomen
                    dat het niet is</al><al>toegestaan onderscheid te maken tussen stichtingen en verenigingen uit Nederland
                    en die uit andere</al><al>lidstaten, evenals rechtspersonen uit de Europese Economische Ruimte en
                    Zwitserland. De regering</al><al>verwacht dat de nieuwe wettelijke eis dat elke gemeente een paracommerciële
                    verordening moet</al><al>vaststellen, zal leiden tot een maatschappelijke discussie op gemeentelijk
                    niveau.</al><al>De gemeente kan daarbij recht doen aan de verschillen tussen bijvoorbeeld
                    sportverenigingen en</al><al>overige paracommerciële instellingen. De regering gaat er vanuit dat gemeenten
                    bij deze afweging</al><al>de belangrijke maatschappelijke functie van de verschillende paracommerciële
                    instellingen in acht</al><al>neemt en geen onnodige beperkingen zullen opleggen daar waar de mededinging niet
                    in het geding</al><al>is en er geen sprake is van onverantwoorde verstrekking van alcohol, met name
                    aan jongeren.</al><al/><tussenkop>Artikel 3.1 Schenktijden paracommerciële inrichtingen </tussenkop><al>Dit artikel is gebaseerd op artikel 4 (derde lid onder a) van de Drank- en
                    Horecawet en behandelt de schenktijden in paracommerciële inrichtingen, zowel
                    sportverenigingen als overige paracommerciële instellingen zoals de buurthuizen
                    en kerkelijke instanties. In deze verordening is ervoor gekozen om voor alle
                    inrichtingen hetzelfde schenktijdenregime te hanteren. </al><al>Gekozen is voor vaste schenktijden vanwege de duidelijkheid en handhaafbaarheid.
                    Uit gesprek met de sportclubs met een eigen kantine is gebleken dat de
                    sportverenigingen in de gemeente Diemen behoefte hebben aan deze duidelijke
                    vaste schenktijden. </al><al>Binnen deze tijden is ook ruimte voor andere verenigingsactiviteiten zoals een
                    feestavond voor vrijwilligers, afscheidsfeest van het bestuur/een bestuurslid,
                    jaarfeest of de afsluiting van het seizoen. Activiteiten zoals een
                    Halloweenfeest of het kijken van het Nederlands elftal (tijdens het WK) vallen
                    hier niet onder. </al><al>Bij de activiteiten die na 23.00 uur eindigen, is ervoor gekozen om nog
                    tenminste één uur door te laten schenken. Dit komt in de praktijk weinig voor en
                    bied de sporters die laat hun sportactiviteit eindigen na afloop ook nog de
                    mogelijkheid om één uur in de kantine te blijven. </al><al/><tussenkop>Artikel 3.2 Bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten voor
                    derden</tussenkop><al>Met bijeenkomsten van persoonlijke aard wordt gedoeld op: bijeenkomsten, waarbij
                    meestal alcoholhoudende drank wordt genuttigd, die geen direct verband houden
                    met de activiteiten van de desbetreffende paracommerciële instelling, zoals
                    bruiloften, feesten, partijen, recepties, jubilea, verjaardagen,
                    bedrijfsfeesten, koffietafels, condoleancebijeenkomsten en dergelijke. Voor
                    zover die bijeenkomsten ook een zakelijk karakter hebben dat direct verband
                    houdt met de activiteiten van de rechtspersoon, zoals het afscheid van de
                    voorzitter van een vereniging, vallen deze niet onder het bereik van deze
                    bepaling.</al><al>Onder “bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks
                    bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn” wordt
                    verstaan: <onderstreept>activiteiten d</onderstreept><onderstreept>ie niet
                        verenigingsgebonden zijn en ook geen activiteiten van persoonlijke
                        aard</onderstreept>. Dit doet zich voor als een paracommerciële
                    rechtspersoon zijn kantine of een andere ruimte verhuurt aan derden om
                    bijvoorbeeld een feest te geven (voor niet-leden van de vereniging of
                    niet-betrokkenen bij de stichting). In de gemeente Diemen komt het voor dat
                    sportkantines worden verhuurd voor activiteiten van bijvoorbeeld andere
                    stichtingen zoals de Zonnebloem. </al><al>De regering gaat er vanuit dat gemeenten bij deze afweging de belangrijke
                    maatschappelijke functie van de verschillende paracommerciële instellingen in
                    acht neemt en geen onnodige beperkingen zal opleggen daar waar de mededinging
                    niet in het geding is en er geen sprake is van onverantwoorde verstrekking van
                    alcohol, met name aan jongeren. Gelet hierop is ervoor gekozen om
                    alcoholverstrekking toe te staan tijdens:</al><lijst><li nr="·"><al>jaarlijks 4 bijeenkomsten van persoonlijke aard zoals feesten en
                            partijen;</al></li><li nr="·"><al>een onbeperkt aantal bijeenkomsten van charitatieve instellingen uit
                            Diemen;</al></li><li nr="·"><al>geen andere niet verenigingsgebonden activiteiten</al></li></lijst><al>Bij een groter aantal treedt oneerlijke mededinging op, is het uitgangspunt.
                    Vanwege dat uitgangspunt is het niet nodig om het openlijk aanprijzen van de
                    toegestane bijeenkomsten te verbieden.</al><al>Vanwege de controleerbaarheid is met het derde lid een (zo licht mogelijke)
                    meldplicht opgenomen. Als er geen melding hoeft te worden gedaan is het voor de
                    burgemeester, als wordt geconstateerd dat er een dergelijke bijeenkomst wordt
                    gehouden, immers niet goed na te gaan of er dat jaar al meer van zulke
                    bijeenkomsten zijn geweest en zo ja, hoe veel. Als de instelling een bijeenkomst
                    niet meldt overtreedt zij in ieder geval het bepaalde in het derde lid. </al><al>Om de oneerlijke mededinging te beperken, wordt in het vierde lid geregeld dat
                    verenigingen slechts alcoholhoudende drank mogen verstrekken bij bijeenkomsten
                    van persoonlijke aard, voor zover de bijeenkomst wordt gehouden ten gunste van
                    een van de leden. Tevens </al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 4: Bepalingen voor detailhandel</tussenkop><al>Dit hoofdstuk is gereserveerd voor eventueel toekomstige bepalingen ten aanzien
                    van detailhandel (slijtersbedrijven, supermarkten, etc.). </al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 5: Overgangs- en slotbepalingen</tussenkop><al>De Wijzigingswet Drank- en Horecawet (terugdringing alcoholgebruik) voorziet
                    reeds in het overgangsrecht. Daarin is bepaald dat voorschriften en beperkingen,
                    verbonden aan vergunningen voor paracommerciële inrichtingen, komen te vervallen
                    op het moment van inwerkingtreding van deze verordening. </al><al/><tussenkop>Artikel 5.1 Inwerkingtreding</tussenkop><al>In dit artikel wordt geregeld wanneer de verordening in werking treedt.</al><al/><tussenkop>Artikel 5.2 Citeertitel</tussenkop><al>In dit artikel wordt geregeld hoe de verordening wordt aangehaald. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>