<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR329891_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels parkeren bij nieuwbouwprojecten</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dordrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-10-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dordrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentenieuws, 30-10-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels parkeren bij nieuwbouwprojecten</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=160">Gemeentewet, art. 160</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Bouwverordening, art. 2.5.30</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Parkeerverordening Dordrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">bestemmingsplannen Historische Binnenstad en Schil</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-10-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-10-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-11-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 5, lid 6 en de toelichting op dit artikel</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Beleidsregels parkeren bij nieuwbouwprojecten
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente DORDRECHT;</al>
          <al/>
          <al>gelet op artikel 160 van de Gemeentewet, artikel 2.5.30 van de
                        Bouwverordening, de Parkeerverordening Dordrecht en de bestemmingsplannen
                        Historische Binnenstad en Schil;</al>
          <al/>
          <al>B E S L U I T :</al>
          <al/>
          <al>vast te stellen de navolgende</al>
          <al/>
          <al>Beleidsregels parkeren bij nieuwbouwprojecten</al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>I</nr>
            <titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Onderwerp</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <al>In deze beleidsregels wordt vastgelegd:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>hoe de parkeerbehoefte bij nieuwbouwprojecten wordt
                                    berekend</al></li>
              <li nr="b."><al>in welke situaties het college ontheffing van de berekende
                                    parkeerbehoefte kan verlenen</al></li>
              <li nr="c."><al>dat aan de bewoners en/of gebruikers van nieuwbouwprojecten geen
                                    parkeervergunningen worden uitgegeven, tenzij het college
                                    daartoe afwijkende gebiedsgebonden uitvoeringsregels opstelt. </al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Definities</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <table>
              <tgroup cols="2">
                <colspec colname="colA"/>
                <colspec colname="colB"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry>
                      <al>College:</al>
                    </entry>
                    <entry>
                      <al> het college van Burgemeester en Wethouders van
                                                Dordrecht.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry>
                      <al>Nieuwbouwproject:</al>
                    </entry>
                    <entry>
                      <al> de bouw, de verbouw, de uitbreiding of de wijziging
                                                van functie van een gebouw.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry>
                      <al>Projectgrenzen: </al>
                    </entry>
                    <entry>
                      <al>de fysieke begrenzing van het nieuwbouwproject,
                                                zowel in horizontale als verticale zin.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry>
                      <al>Vergunning:</al>
                    </entry>
                    <entry>
                      <al> een parkeervergunning, zijnde ofwel een
                                                bewonersvergunning ofwel een zakelijke vergunning,
                                                als bedoeld in de Parkeerverordening Dordrecht.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>II</nr>
            <titel>PARKEERNORMERING NIEUWBOUWPROJECTEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Toepassingsgebied</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <al>Het bepaalde in deze beleidsregels is van toepassing op
                            nieuwbouwprojecten:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>op het gehele grondgebied van de gemeente Dordrecht.</al></li>
              <li nr="b."><al>binnen een gebied waarvoor reeds uitvoeringsregels
                                    parkeervergunningen nieuwbouw van kracht zijn.</al></li>
              <li nr="c."><al>nieuwbouwprojecten in de binnenstad en de 19<sup>e</sup> eeuwse
                                    schil waarvoor ter uitvoering van het bepaalde in artikel 19.6.3
                                    van het bestemmingsplan Historische binnenstad, en artikel
                                    23.7.3 van het bestemmingsplan Schil nog geen uitvoeringsregels
                                    zijn vastgesteld. Deze beleidsregels komen daarvoor in de
                                    plaats.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Berekening parkeerbehoefte</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De parkeerbehoefte van een nieuwbouwproject wordt berekend op
                                    basis van de parkeernormen en, indien sprake is van een
                                    combinatie van functies binnen het project,
                                    aanwezigheidspercentages. Dordrecht hanteert hierbij de meest
                                    recente landelijke adviezen van het CROW.</al></li>
              <li nr="2."><al>De toe te passen parkeernormen zijn de CROW-parkeerkencijfers
                                    voor de categorie sterk stedelijk gebied. Daarbij geldt de
                                    onderstaande gebiedsindeling:</al><lijst>
                  <li nr="-"><al>Binnenstad = centrum</al></li>
                  <li nr="-"><al>19<sup>e</sup> eeuwse schil, Noordflank (inclusief
                                            stadswerven) = schil / overloopgebied</al></li>
                  <li nr="-"><al>Rest bebouwde kom </al></li>
                  <li nr="-"><al>Buitengebied</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="3."><al>Indien voor een functie geen CROW-parkeerkencijfer bekend is,
                                    wordt gemotiveerd gekozen voor de best passende
                                    parkeernorm.</al></li>
              <li nr="4."><al>Indien als gevolg van het nieuwbouwproject binnen de
                                    projectgrenzen bestaande parkeerplaatsen komen te vervallen,
                                    welke een functie voor de lokale parkeerbehoefte vervullen,
                                    dienen deze parkeerplaatsen te worden gecompenseerd.</al></li>
              <li nr="5."><al>Het aantal parkeerplaatsen dat dient te worden gerealiseerd is
                                    gelijk aan de berekende behoefte van het nieuwbouwproject, zoals
                                    bedoeld in het eerste lid vermeerderd met het aantal te
                                    compenseren parkeerplaatsen, zoals bedoeld in het vierde
                                    lid.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden bij
                                        of in gebouwen</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe
                                    aanleiding geeft, moet ten behoeve van het parkeren of stallen
                                    van auto's in voldoende mate ruimte zijn aangebracht in, op of
                                    onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat
                                    bij dat gebouw behoort. </al></li>
              <li nr="2."><lijst>
                  <li nr="a."><al>De afmetingen van parkeervakken in garages en stallingen
                                            moeten voldoen aan de NEN 2443;</al></li>
                </lijst><lijst>
                  <li nr="b."><al>de afmetingen van parkeervakken op terreinen moeten
                                            voldoen aan de minimale maten genoemd in de ASVV
                                            (Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de
                                            bebouwde kom).</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="3."><al>Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te
                                    verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van
                                    goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien
                                    aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde
                                    terrein dat bij dat gebouw behoort.</al></li>
              <li nr="4."><al>Het college kan (gedeeltelijke) ontheffing van de berekende
                                    parkeerbehoefte verlenen indien sprake is van:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>een kleine ontwikkeling, dat wil zeggen een bouwplan
                                            waarvoor op basis van het bepaalde in artikel 4 niet
                                            meer dan drie parkeerplaatsen moeten worden
                                            gerealiseerd<sup/><sup/><sup/><sup/><sup/>;</al></li>
                  <li nr="b."><al>studentenhuisvesting;</al></li>
                  <li nr="c."><al>wonen boven winkels, voor zover gelegen in de
                                            binnenstad;</al></li>
                  <li nr="d."><al>elders aantoonbaar voldoende parkeerplaatsen worden
                                            gerealiseerd of afgenomen;</al></li>
                  <li nr="e."><al>in de directe omgeving na realisatie van het bouwplan
                                            voldoende parkeerplaatsen overblijven;</al></li>
                  <li nr="f."><al>een andere situatie dan de gevallen genoemd onder a t/m
                                            e en naar het oordeel van burgemeester en wethouders met
                                            de verwezenlijking van het bouwplan een bijzonder
                                            gemeentelijk of algemeen belang is gemoeid.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="5."><al>Aan de ontheffing bedoeld in het voorgaande lid kunnen nadere
                                    voorwaarden ter beperking van de parkeerbehoefte op enig
                                    tijdstip buiten de projectgrenzen worden verbonden.</al></li>
              <li nr="6."><al>De ontheffing als bedoeld in lid 4 wordt niet verleend wanneer
                                    het splitsing van panden betreft, tenzij er:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>‑ naar oordeel van burgemeester en wethouders ‑
                                            voldoende parkeergelegenheid op de openbare weg in de
                                            directe omgeving is, voor de gebruikers en/of het bezoek
                                            aan de gesplitste panden;</al></li>
                  <li nr="b."><al>sprake is van wonen boven winkels in de binnenstad zoals
                                            bedoeld in lid 4 onder c, met uitzondering van het
                                            bouwkundig splitsen van woningen boven winkels.</al></li>
                </lijst><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>III</nr>
            <titel>Parkeervergunningen nieuwbouwprojecten</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Uitgifte
                                parkeervergunningen</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Ongeacht of voor een nieuwbouwproject (gedeeltelijke) ontheffing
                                    van de berekende parkeerbehoefte wordt verleend, wordt aan de
                                    bewoners en/of gebruikers van een gerealiseerd nieuwbouwproject
                                    geen vergunning verleend.</al></li>
              <li nr="2."><al>Bij invoering van parkeerregulering in een gebied, gepaard gaand
                                    met de instelling van een stelsel van vergunningen, worden geen
                                    vergunningen verleend aan de bewoners en/of gebruikers van een
                                    gerealiseerd nieuwbouwproject in dat gebied.</al></li>
              <li nr="3."><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid van
                                    dit artikel, kan het college, door middel van gebiedsgebonden
                                    uitgifteregels parkeervergunningen nieuwbouw, besluiten tot
                                    uitgifte van één tot maximaal twee vergunningen aan de bewoners
                                    en/of gebruikers van een gerealiseerd nieuwbouwproject.</al></li>
              <li nr="4."><al>Op de uitgifte van vergunningen op basis van een besluit als
                                    bedoeld in het voorgaande lid, zijn de bepalingen uit de
                                    Beleidsregels parkeervergunningen Dordrecht van toepassing.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>AFDELING</label>
            <nr>IV</nr>
            <titel>SLOTBEPALINGEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
              <titel>
                <vet>
                  <cursief>Slotbepalingen</cursief>
                </vet>
              </titel>
            </kop>
            <al/>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Deze beleidsregels treden in werking op 27 december 2012.</al></li>
              <li nr="2."><al>Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als "Beleidsregels
                                    parkeren bij nieuwbouwprojecten".</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus vastgesteld op 18 december 2012.</ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>Het college van Burgemeester en Wethouders</ondertekening>
        <ondertekening>de secretaris de burgemeester</ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>M. M. van der Kraan A.A.M. Brok</ondertekening>
        <ondertekening/>
      </regeling-sluiting>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <label>Nota-toelichting</label>
        </kop>
        <al>
          <vet>Algemeen</vet>
        </al>
        <al>Momenteel is in artikel 2.5.30 van de Bouwverordening vastgelegd dat bij
                    nieuwbouw­projecten in voldoende parkeerplaatsen dient te worden voorzien. Op
                    grond van de Wro (Wet ruimtelijke ordening) en de toekomstige Omgevingswet dient
                    een dergelijke bepaling in de toekomst in het bestemmingsplan te worden
                    opgenomen. Op dit moment is nog geen definitieve datum bekend waarop deze
                    overgang uiterlijk plaats moet vinden. Voor deze datum moeten de voorliggende
                    beleidsregels redactioneel worden aangepast aan de nieuwe situatie.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 1</vet>
        </al>
        <al>In deze beleidsregels wordt een methodiek vastgelegd voor de berekening van de
                    parkeerbehoefte van een project. Ook worden regels gegeven voor de wijze waarop
                    de parkeersituatie in de directe omgeving van een project kan worden
                    bepaald.</al>
        <al/>
        <al>Tot nu toe biedt artikel 2.5.30 van de bouwverordening een tweetal
                    ontheffings­mogelijkheden voor de verplichting om binnen een project aan de
                    parkeerbehoefte te voorzien (4<sup>e</sup> lid, sub a. en b.). In deze
                    beleidsregels worden nadere gronden gegeven op basis waarvan (gedeeltelijke)
                    ontheffing kan worden verleend. Zolang de Bouwverordening nog in stand blijft,
                    wordt artikel 2.5.30 met deze beleidsregels in overeenstemming gebracht.</al>
        <al/>
        <al>Sinds medio jaren '90 worden binnen het gereguleerde gebied van Dordrecht voor
                    nieuwbouwprojecten verminderd of geen parkeervergunningen verstrekt. Dit heeft
                    intussen geleid tot een lappendeken aan afzonderlijke regels. In de voorliggende
                    beleidsregels wordt dit staande beleid als algemene regel vastgelegd, waarop het
                    college in specifieke gevallen uitzonderingen kan maken ("geen
                    parkeervergunningen voor nieuwbouwprojecten, tenzij …").</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 2</vet>
        </al>
        <al>In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 3</vet>
        </al>
        <al>In dit artikel wordt het toepassingsgebied aangegeven.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 4</vet>
        </al>
        <al>In dit artikel wordt in detail aangegeven op welke wijze de parkeerbehoefte van
                    een nieuwbouwproject berekend wordt. </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 5</vet>
        </al>
        <al>In dit artikel wordt nadere invulling gegeven aan de ontheffingsbevoegdheid van
                    het college. In de bouwverordening is deze bevoegdheid in algemene zin
                    beschreven. Door deze nadere invulling ontstaat een concreet toetsingskader. Het
                    is overigens niet zo dat het college ontheffing moet verlenen, indien een
                    nieuwbouwproject aan de gestelde criteria voldoet. Bovendien kunnen aan de
                    ontheffing voorwaarden worden verleend.</al>
        <al/>
        <al>De verlening van een ontheffing voor de parkeerplaatsverplichting betekent
                    overigens niet dat toekomstige gebruikers in aanmerking kunnen komen voor een
                    (parkeer)vergunning. Dit zijn twee volledig gescheiden zaken. </al>
        <al/>
        <al>Een ondergrens van 3 parkeerplaatsen voor de verlening van ontheffingen voorkomt
                    dat bij tal van kleinschalige initiatieven (postzegelplannen) gezocht moet
                    worden naar kostbare parkeeroplossingen. De omvang van deze projecten is in de
                    regel dusdanig dat de lokale parkeersituatie hierdoor niet wezenlijk veranderd.
                    Indien de lokale parkeersituatie die noodzaakt, kunnen beperkende voorwaarden
                    aan de te realiseren functie worden gesteld.</al>
        <al/>
        <table>
          <tgroup cols="1">
            <colspec colname="colA"/>
            <tbody>
              <row>
                <entry>
                  <al>Bijvoorbeeld: Een aanvraag voor de vestiging van een kantoor
                                        in een garage naast een woning heeft een berekende
                                        parkeerbehoefte van 2 parkeerplaatsen. In de omliggende
                                        buurt zijn gedurende kantooruren altijd voldoende
                                        parkeerplaatsen beschikbaar. Er kan ontheffing worden
                                        verleend, zonder voorwaarden met betrekking tot het
                                        parkeren.</al>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al/>
        <al>Een uitzondering op deze 'postzegelplannen' zijn splitsingen van panden.
                    Splitsingen leiden over het algemeen tot een hogere parkeervraag in buurten waar
                    de parkeerdruk al zeer hoog is. Daarnaast is de kans op precedentwerking zeer
                    groot. Dit zijn ontwikkelingen die grote druk leggen op de leefbaarheid van de
                    omgeving en daarom niet wenselijk zijn. In gebieden waar voldoende
                    parkeergelegenheid op de openbare weg in de omgeving aanwezig is, is er de
                    mogelijkheid om deze ook in het geval van splitsing te benutten voor gebruikers
                    en/of bezoekers van het gesplitste pand. Daarbij geldt dat een
                    privaatrechtelijke overeenkomst niet als basis voor ontheffing wordt aanvaard.
                    Voor het splitsen van panden die vallen onder de noemer 'wonen boven winkels in
                    de binnenstad' geldt met uitzondering van het bouwkundig splitsen van woningen
                    boven winkels dat hiervoor ter wille van de levendigheid van de binnenstad
                    ontheffing van de parkeerplaats­verplichting verleend kan worden. Hierbij kan
                    gedacht worden aan het splitsen van een gecombineerde winkel/opslagruimte in een
                    winkel en een woning. Voor de uitzondering van het bouwkundig splitsen van
                    woningen boven winkels is gekozen om te voorkomen dat de parkeerdruk extra sterk
                    toeneemt, doordat in de woningen boven de winkels meerdere woningen gerealiseerd
                    worden en daardoor een grotere toename van de parkeerdruk ontstaat.</al>
        <al/>
        <al>De parkeerplaatsverplichting kan een barrière vormen voor bepaalde (gewenste)
                    ontwikkelingen. Indien een dergelijke ontwikkeling naar verwachting in de
                    praktijk niet of nauwelijks een feitelijke parkeervraag met zich mee zal
                    brengen, los van de berekende theoretische parkeerbehoefte, heeft ontheffing van
                    de parkeerplaatsverplichting geen effect op de lokale parkeersituatie in de
                    openbare ruimte. Voor projecten die vallen onder de noemers 'Wonen boven
                    Winkels' (voor zover gelegen in de binnenstad) en 'Studentenhuisvesting', geldt
                    dat deze in de regel aantrekkelijk zijn voor mensen die niet de beschikking
                    hebben over een auto. Naar verwachting zullen dergelijke projecten in de
                    praktijk dan ook geen parkeervraag met zich meebrengen. Sowieso komen de
                    toekomstige bewoners van dergelijke projecten niet in aanmerking voor een
                    parkeervergunning (zie artikel 6). Eventueel kunnen aanvullende voorwaarden
                    worden gesteld, bijvoorbeeld in de zin van een eindtermijn na de datum van
                    beëindiging van de studie in het huurcontract in geval van
                    studentenhuisvesting.</al>
        <al/>
        <al>Een ontwikkelaar kan er voor kiezen om niet binnen het project parkeerplaatsen
                    te realiseren, maar in plaats daarvan een overeenkomst te sluiten voor de
                    verplichte afname van parkeerabonnementen in een parkeergarage. Een dergelijke
                    constructie is in Dordrecht reeds enkele malen toegepast (o.a. Statenplein). Uit
                    de ervaringen hiermee blijkt dat een afnameovereenkomst een lange looptijd dient
                    te hebben om de toekomstige bewoners en/of gebruikers van het project
                    "parkeerzekerheid" te bieden. Elders in het land worden looptijden tussen 15 en
                    40 jaar aangehouden. Een periode van 20 jaar lijkt voldoende houvast voor de
                    toekomst te bieden. De initiatiefnemer van een nieuwbouwproject dient in dit
                    geval aan te tonen dat een abonnement is gesloten met een eigenaar van een
                    parkeergarage op aanvaardbare loopafstand. </al>
        <al/>
        <al>Uit de bepaling van de lokale parkeersituatie kan blijken dat voldoende
                    parkeerruimte beschikbaar is om de parkeerbehoefte van een project op te vangen.
                    In dat geval kan dit als oplossing voor het parkeervraagstuk worden beschouwd,
                    en ontheffing van de parkeerplaatsverplichting worden verleend. Aan deze
                    ontheffing kunnen, indien de lokale parkeersituatie dit noodzaakt, voorwaarden
                    worden verleend.</al>
        <al/>
        <table>
          <tgroup cols="1">
            <colspec colname="colA"/>
            <tbody>
              <row>
                <entry>
                  <al>Bijvoorbeeld: Een aanvraag voor de vestiging van een
                                        kapperszaak-aan-huis in een garage naast een woning heeft
                                        een berekende parkeerbehoefte van 4 parkeerplaatsen. In de
                                        omliggende buurt is op werkdagen tussen 8 en 18 uur
                                        voldoende parkeerruimte beschikbaar, maar in de avonduren en
                                        het weekend niet. In overleg met de aanvrager kan worden
                                        besloten om ontheffing van de parkeerplaats te verlenen,
                                        onder de voorwaarde dat de kapperszaak enkel in bedrijf is
                                        op werkdagen tussen 8 en 18 uur.</al>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikel 6</vet>
        </al>
        <al>Teneinde de parkeermogelijkheden van bewoners en gebruikers van de bestaande
                    bebouwing in de binnenstad en de schil te beschermen, worden sinds medio jaren
                    '90 aan bewoners of gebruikers van nieuwbouwprojecten verminderd of geen
                    parkeervergunningen verstrekt. Dit beleid is vastgelegd in projectgebonden
                    beleidsregels, waarin een uitzondering op het reguliere uitgiftebeleid van
                    parkeervergunningen wordt vastgelegd. Intussen is een groot aantal
                    projectgebonden beleidsregels van kracht, waardoor een onoverzichtelijke
                    situatie is ontstaan. </al>
        <al/>
        <al>Door het maken van een algemeen geldende uitzondering op de uitgifteregels voor
                    parkeervergunningen, voor alle nieuwbouwprojecten, is voor toekomstige
                    nieuwbouwprojecten op voorhand duidelijk dat in principe geen
                    parkeervergunningen worden verstrekt. Naar verwachting zal dit voor een
                    ontwikkelaar een stimulans vormen om de parkeerbehoefte van een project binnen
                    de projectgrenzen op te lossen. </al>
        <al/>
        <al>Met nadruk wordt gesteld dat het niet verlenen van parkeervergunningen enkel
                    geldt voor bewoners en/of gebruikers van nieuwbouwprojecten waarvan de aanvraag
                    voor een vergunning na een specifieke datum (zie artikel 6) is ingediend én voor
                    de projecten waarvoor reeds zogenaamde uitvoeringsregels van kracht zijn. Het
                    bepaalde in dit artikel heeft geen betrekking op nieuwe bewoners/gebruikers van
                    bestaande functies in de binnenstad. Zij komen net zo goed in aanmerking voor
                    een parkeervergunning als de huidige bewoners/gebruikers van deze functies.</al>
        <al/>
        <al/>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>