<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR328770_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van Watertoeristenbelasting 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Mook en Middelaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Mook en Middelaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Maasdriehoek 23-12-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening watertoeristenbelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=224">Gemeentewet, artikel 224</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=231">Gemeentewet, artikel 231 lid 2 onder b en d</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0011823&amp;artikel=29">Vreemdelingenwet 2000, artikel 29 lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0011823&amp;artikel=8">Vreemendelingenwet 2000, artikel 8 sub c, d, f, g en h</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004770&amp;artikel=9">Invorderingswet 1990, artikel 9 lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-12-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2013-3977, nr. 12</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van Watertoeristenbelasting 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Intiulé</al><al/><al>Vaststelling verordening Watertoeristenbelasting 2014</al><al>De raad van de gemeente Mook en Middelaar;</al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 19
                        november en 10 december 2013;</al><al>Gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al><al>Gezien het advies van de raadscommissie d.d. 28 november 2013;</al><al><vet>Besluit:</vet></al><al>Vast te stellen de <vet>Verordening op de heffing en invordering van
                            Watertoeristenbelasting 2014.</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr/><al> Deze verordening verstaat onder:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al> vaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebezigd voor vakantie-
                            of andere recreatieve doeleinden;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al> lengte: de lengte over alles;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al> vaste ligplaats: een ligplaats die naar plaatselijk gebruik, zulks ter
                            beoordeling van het college van burgemeester en wethouders, is bestemd
                            voor het regelmatig afmeren of ter anker leggen van een zelfde vaartuig
                            gedurende een periode van ten minste een maand;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al> etmaal: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren, aanvangend om 21.00
                            uur;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al> maand: een aaneengesloten tijdvak van 30 etmalen;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al> seizoen: het tijdvak van 1 april tot 1 oktober;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al> schipper: de gezagvoerder van een vaartuig of degene die deze
                            vervangt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente op vaartuigen
                        waarvoor wegens de aanwezigheid in het watergebied van de gemeente in welke
                        vorm dan ook een vergoeding wordt betaald door personen, die niet als
                        ingezetene in de basisregistratie personen van de gemeente zijn opgenomen,
                        wordt onder de naam ‘watertoeristenbelasting’ een directe belasting
                        geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die tegen vergoeding gelegenheid biedt tot
                            verblijf als bedoeld in artikel 2 aan hem ter beschikking staande
                            ligplaatsen dan wel op hem ter beschikking staande vaartuigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig de schipper, de eigenaar of de gebruiker
                            van een vaartuig als in artikel 2 bedoeld dan wel een andere persoon die
                            werkelijk verblijf houdt aan boord van een dergelijk vaartuig.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr/><al> De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al> door degenen die verblijf houden aan boord van:</al></lid><lid><lidnr/><al> a. een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot verpleging of
                            verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van
                            bejaarden;</al></lid><lid><lidnr/><al> b. kano's, roei- en volgboten;</al></lid><lid><lidnr/><al> c. motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 6,5 meter;</al></lid><lid><lidnr/><al> d. een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het
                            gemeentelijke watergebied bevindt;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
                            heffing en invordering van landtoeristenbelasting;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                            Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin
                            van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover
                            deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2
                            van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                            opvang Asielzoekers.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal etmalen dat verblijf is gehouden.
                        Voor de toepassing van dit artikel wordt een gedeelte van een etmaal voor
                        een vol etmaal gerekend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een
                            belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is
                            aangewezen:</al></lid><lid><lidnr/><al> a. het aantal personen die verblijf hebben gehouden, bepaald op
                            2,2;</al></lid><lid><lidnr/><al> b. het aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen verblijf is
                            gehouden, bepaald op 24.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het aantal vaartuigen als bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld
                            op het gemiddelde van een viertal tellingen gedurende het seizoen. De
                            tellingen vinden gelijkelijk verdeeld over het seizoen plaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire heffingsgrondslag</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de
                        belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                        vastgesteld op het werkelijke aantal etmalen dat verblijf is gehouden,
                        indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op de voet van artikel 6
                        berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per persoon per etmaal € 0,98.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het seizoen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van belastingheffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        watertoeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat
                        hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                        gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door
                        het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren,
                        bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de
                        Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De 'Verordening watertoeristenbelasting 2013' van 6 december 2012 wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 16, tweede lid, genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Deze verordening treedt in werking met ingang van de 8<sup>e</sup> na
                            die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening watertoeristenbelasting
                        2014’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 december 2013.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter </ondertekening><ondertekening>Drs. C.M. de Heus mr. drs. W. Gradisen</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>