<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR328580_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Maatregelverordening Ioaw en Ioaz 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ter Apeler Courant 9-01-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Maatregelverordening Ioaw en Ioaz 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=147">Gemeentewet, art. 147 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=108">Gemeentewet, art. 108 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">IOAW , art. 20</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">IOAW , art. 35</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">IOAZ , art. 20</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">IOAZ , art. 35</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-09</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>ZA.12-19889/DB.12-1166</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Maatregelverordening Ioaw en Ioaz 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Vlagtwedde;</al><al>gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 6 december 2012, no.
                        ZA.12-19889/ DV.12-135. afdeling samenleving,</al><al>gelet op</al><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=35">artikel 35, eerste lid, onderdeel b en artikel 20, tweede lid Ioaw,
                            alsmede artikel 35, eerste lid, onderdeel b en artikel 20, eerste lid
                            Ioaz;</extref></al><al>besluit</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1. Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Ioaw: <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                        arbeidsongeschikte werkloze werknemers</extref>;</al></li><li nr="b."><al>Ioaz: <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                        arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen</extref>;</al></li><li nr="c."><al>De wet: de Ioaw/ Ioaz;</al></li><li nr="d."><al>Uitkering: de uitkering, bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=5">artikel 5 Ioaw/Ioaz</extref>;</al></li><li nr="e."><al>Maatregel: het verlagen van de uitkering op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=20">artikel 20, tweede lid Ioaw</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=20">artikel 20, eerste lid IOAZ</extref> alsmede het blijvend
                                    of tijdelijk (gedeeltelijk) weigeren van een uitkering op grond
                                    van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=20">artikel 20, eerste lid Ioaw</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaz/article=20">artikel 20, tweede lid Ioaz</extref>;</al></li><li nr="f."><al>Inkomen: inkomen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=8">artikel 8 Ioaw/Ioaz</extref>;</al></li><li nr="g."><al>Belanghebbende: hij/zij die recht heeft op een uitkering op
                                    grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw">Ioaw</extref>, voor zover hij/zij is aangewezen op arbeid
                                    in dienstbetrekking, alsmede hij/zij die recht heeft op een
                                    uitkering op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaz">Ioaz</extref>;</al></li><li nr="h."><al>Het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Vlagtwedde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2. Het opleggen van een maatregel</titel></kop><al>Als de belanghebbende naar het oordeel van het college niet op verzoek
                            of onverwijld uit eigen beweging mededeling doet van alle feiten en
                            omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij
                            van invloed kunnen zijn op zijn arbeidsinschakeling wordt overeenkomstig
                            deze verordening een maatregel opgelegd. Ook wordt er een maatregel
                            opgelegd als de belanghebbende een aan de uitkering verbonden
                            verplichting van hoofdstuk III Ioaw/Ioaz niet of onvoldoende
                            nakomt.</al><al>Daarnaast wordt tevens een maatregel opgelegd indien belanghebbende
                            onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met de uitvoering
                            van de Ioaw/Ioaz zich jegens het college zeer ernstig misdraagt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3. Berekeningsgrondslag</titel></kop><al>De maatregel wordt toegepast op de grondslag zoals die van toepassing is
                            op het moment dat het besluit wordt genomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4. Hoogte en duur van de maatregel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de
                                    mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten
                                    en de omstandigheden waarin hij verkeert.</al></li><li nr="2."><al>Tenzij in de verordening anders is bepaald bedraagt de duur van
                                    de maatregel een maand.</al></li><li nr="3."><al>De duur van de maatregel als bedoeld in het tweede lid wordt
                                    verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden
                                    na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is
                                    opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging
                                    van dezelfde of hogere categorie. Met een besluit waarmee een
                                    maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan
                                    af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 7,
                                    tweede lid of een waarschuwing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5. Het besluit tot opleggen van een maatregel</titel></kop><al>In het besluit tot opleggen van een maatregel worden in ieder geval
                            vermeld: de reden van de maatregel, de duur van de maatregel, het
                            percentage waarmee de uitkeringsnorm wordt verlaagd of geweigerd, en,
                            indien van toepassing, de reden om af te wijken van een</al><al>standaardmaatregel.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6. Horen van belanghebbende</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat een maatregel wordt opgelegd, wordt de belanghebbende in
                                    de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te
                                    brengen.</al></li><li nr="2."><al>Het horen van belanghebbende kan achterwege worden gelaten
                                    indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de vereiste spoed zich daartegen verzet;</al></li><li nr="b."><al>de belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is
                                            gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich
                                            sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben
                                            voorgedaan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7. Afzien van het opleggen van een maatregel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college ziet af van het opleggen van een maatregel indien: </al><lijst><li nr="a."><al>elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of</al></li><li nr="b."><al>de gedraging meer dan 6 maanden vóór constatering van
                                            die gedraging door het college heeft
                                            plaatsgevonden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan afzien van het opleggen van een maatregel indien
                                    het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.</al></li><li nr="3."><al>Indien het college afziet van het opleggen van een maatregel op
                                    grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan
                                    schriftelijk mededeling gedaan.</al></li><li nr="4."><al>Er kan er een formele waarschuwing worden gegeven. Dit ter
                                    beoordeling van het college. Deze telt wel mee voor
                                    recidive.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8. Ingangsdatum en tijdvak</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De maatregel wordt opgelegd over de uitkering van de maand die
                                    nog uitbetaald moet worden op het moment dat het besluit tot het
                                    opleggen van de maatregel wordt genomen. Daarbij wordt uitgegaan
                                    van de voor die maand geldende uitkeringsnorm.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met
                                    terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de uitkering
                                    nog niet is uitbetaald.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9. Samenloop van gedragingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien sprake is van meerdere gedragingen die schending
                                    opleveren van één of meerdere in de IOAW/IOAZ genoemde
                                    verplichtingen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke
                                    maatregel opgelegd. Deze maatregelen worden gelijktijdig
                                    opgelegd, tenzij dit gelet op artikel 4, eerste lid, niet
                                    verantwoord is.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2 Indeling in categorieën</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 10 Gedragingen</titel></kop><al>Gedragingen van de belanghebbende waardoor de verplichtingen op grond
                            van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=37">artikel 37 van de Ioaw/Ioaz</extref>, (al dan niet in combinatie
                            met onze reïntegratieverordening) niet of onvoldoende zijn nagekomen,
                            worden onderscheiden in de volgende categorieën:</al><lijst><li nr="1."><al>eerste categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>het niet, niet op verzoek of onverwijld uit eigen
                                            beweging mededeling doen van alle feiten en
                                            omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet
                                            zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de
                                            arbeidsinschakeling</al></li><li nr="b."><al>het niet als werkzoekende geregistreerd zijn of blijven
                                            bij het UWV werkbedrijf (of de organisatie bedoeld in
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=37">artikel 37, lid 1, sub b Ioaw/Ioaz);</extref></al></li></lijst></li><li nr="2."><al>tweede categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>het niet ondertekenen van het opgestelde
                                            re-integratieplan;</al></li><li nr="b."><al>het niet tonen van een identiteitsbewijs;</al></li><li nr="c."><al>te laat komen voor een afspraak met het doel het recht
                                            op uitkering vast te stellen of een onderzoek naar de
                                            arbeidsverplichtingen dan wel
                                            reíntegratieactiviteiten;</al></li><li nr="d."><al>het niet nakomen van het verzuimprotocol, de huisregels,
                                            en computer-en internetgebruik, al dan niet tijdens de
                                            training;</al></li><li nr="e."><al>het niet op tijd komen op de activeringsplek of
                                            werkervaringsplek;</al></li><li nr="f."><al>het niet op tijd komen op de werkplek voor het
                                            verrichten van naar vermogen opgedragen onbeloonde
                                            maatschappelijk nuttige werkzaamheden (in het kader van
                                            het leveren van een "tegenprestatie naar
                                            vermogen").</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>derde categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>het blijk geven van tekortschietend besef van
                                            verantwoordelijkheid voor de voorziening in het
                                            bestaan;</al></li><li nr="b."><al>het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde
                                            arbeid in dienstbetrekking te verkrijgen;</al></li><li nr="c."><al>het niet of onvoldoende nakomen van een verplichting als
                                            bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=13">artikel 13, lid 2, van de wet</extref>;</al></li><li nr="d."><al>het zonder geldige reden afwezig zijn op de
                                            activeringsplaats;</al></li><li nr="e."><al>het zonder reden niet verschijnen op een afspraak bij
                                            een derde (zoals een opleiding, bedrijfsarts,
                                            Ergo-Noord; SCio consult, werkplek in het kader van het
                                            verrichten van naar vermogen opgedragen onbeloonde
                                            maatschappelijk nuttige werkzaamheden, als bedoeld in
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=37">artikel 37, lid 1, sub f van de wet</extref>,
                                            etc);</al></li><li nr="f."><al>het te laat terugkomen van de toegestane
                                            vakantieduur;</al></li><li nr="g."><al>het onvoldoende nakomen van de verplichting tot gebruik
                                            maken van geboden reïntegratie-instrumenten, waaronder
                                            begrepen het onvoldoende meewerken aan een onderzoek
                                            naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling, scholing
                                            of zelfstandige maatschappelijke participatie waaronder
                                            begrepen sociale activering en vrijwilligerswerk;</al></li><li nr="h."><al>onvoldoende inzet tonen ten aanzien van
                                            re-integratie;</al></li><li nr="i."><al>het niet of onvoldoende nakomen van naar vermogen
                                            opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige
                                            werkzaamheden (het leveren van een tegenprestatie naar
                                            vermogen);</al></li><li nr="j."><al>een dusdanige houding en gedrag vertonen dat dit de
                                            re-integratie belemmert;</al></li><li nr="k."><al>indien de ontheffing, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=35">artikel 35, eerste lid onderdeel d</extref> van de
                                            wet is ingetrokken op grond van het</al></li><li nr=""><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=35">vijfde lid onderdeel d van de wet.</extref></al></li></lijst></li><li nr="4."><al>vierde categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>hetgeen vermeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ioaw/article=20">artikel 20, eerste lid onderdelen a t/m d</extref>
                                            van de wet;</al></li><li nr="b."><al>het zich zodanig gedragen dat een baan die beschikbaar
                                            was niet meer wordt aangeboden.</al></li></lijst></li></lijst><al>Artikel 11. De hoogte en duur van de maatregel</al><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd artikel 4, eerste lid, van deze verordening wordt
                                    de maatregel vastgesteld op: </al><lijst><li nr="a."><al>vijf procent bij gedragingen van de eerste
                                            categorie;</al></li><li nr="b."><al>vijftien procent bij gedragingen van de tweede
                                            categorie;</al></li><li nr="c."><al>dertig procent bij gedragingen van de derde
                                            categorie;</al></li><li nr="d."><al>honderd procent bij gedragingen van de vierde categorie
                                            van het door dit gedrag verloren inkomen bij een
                                            part-time dienstverband, voor onbepaalde duur. Indien
                                            het gaat om een full-time baan dan bedraagt de maatregel
                                            100% van de uitkering voor onbetaalde duur.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan, in afwijking van het eerste lid, sub a tot en
                                    met d, het percentage van de verlaging hoger of lager
                                    vaststellen een maximum van honderd procent, rekening houdend
                                    met de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de
                                    individuele omstandigheden van de belanghebbende.</al></li><li nr="3."><al>Indien sprake is van meerdere verwijtbare gedragingen, zoals
                                    bedoeld in artikel 10 van deze verordening, die zich tegelijk
                                    voordoen, worden de percentages bij elkaar opgeteld, tenzij er
                                    bijzondere individuele omstandigheden zijn om hier van af te
                                    wijken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3 verhoging van de maatregel</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 12 Zeer ernstige misdragingen</titel></kop><al>Indien de belanghebbende een uit de wet voortvloeiende verplichting niet
                            of onvoldoende is nagekomen en deze zich daarnaast zich zeer ernstig
                            heeft misdragen tegenover het college en de in zijn opdracht werkende
                            ambtenaren en medewerkers, wordt het gedrag onderscheiden in de volgende
                            categorieën:</al><lijst><li nr="1."><al>Eerste categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>verbaal geweld (schreeuwen, schelden)</al></li><li nr="b."><al>discriminatie;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Tweede categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>intimidatie (uitoefenen van psychische druk);</al></li><li nr="b."><al>zaakgericht fysiek geweld (vernielingen);</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Derde categorie: </al><lijst><li nr="a."><al>mensgericht fysiek geweld;</al></li><li nr="b."><al>combinatie van agressievormen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Onverminderd artikel 10 en 11 worden er een maatregel opgelegd
                                    van: </al><lijst><li nr="a."><al>20% gedurende een maand bij gedragingen van de eerste
                                            categorie</al></li><li nr="b."><al>50% gedurende een maand bij gedragingen van de tweede
                                            categorie;</al></li><li nr="c."><al>100% gedurende een maand bij gedragingen van de derde
                                            categorie.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Van het opleggen van de maatregel bedoeld in het eerste lid kan,
                                    indien sprake is van verbaal geweld, worden afgezien en worden
                                    volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing,
                                    tenzij het verbale geweld plaatsvindt binnen een periode van
                                    twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder een
                                    schriftelijke waarschuwing in verband met ernstige misdragingen
                                    is gegeven.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4 Hardheidsclausule</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 13. Onvoorziene omstandigheden en
                                hardheidsclausule</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist
                                    het college.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de
                                    bepalingen in deze verordening, als toepassing daarvan tot
                                    onbillijkheden van overwegende aard leidt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 14. De inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2013</al><al>Gelijktijdig met deze verordening vervalt de maatregelverordening Ioaw
                            en Ioaz 2012.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15. Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: de Maatregelenverordening Ioaw en
                            Ioaz 2013, danwel afgekort als: “de Maatregelverordening”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 december 2012</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>L.A.M. Kompier, dhr. K. Willems</ondertekening><ondertekening>voorzitter, plv. griffier</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>