<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR327848_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://bekendmakingen.overheid.nl">Electronisch Gemeenteblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>AVOI Zeeuwse gemeenten</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 149 Gemeentewet en artikel 5.4, lid 4 van de Telecommunicatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-03-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-05-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>232</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Terneuzen</al><al>gelezen het voorstel van het College van burgemeester en wethouders van 23
                        januari 2014;</al><al>gelet op de artikelen 149 van de Gemeentewet en artikel 5.4, lid 4 van de
                        Telecommunicatiewet;</al><al>besluit vast te stellen de</al><al><vet>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening en bijbehorende toelichting worden verstaan onder: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="70*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>a</al></entry><entry colname="col2"><al>aanvrager:</al></entry><entry colname="col3"><al>de natuurlijke of rechtspersoon die aan de gemeente
                                                instemming, vergunning of toestemming verzoekt voor
                                                het leggen, hebben, onderhouden, verwijderen etc.
                                                van kabels en leidingen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>b</al></entry><entry colname="col2"><al>breekverbod</al></entry><entry colname="col3"><al>verbod voor het uitvoeren van breek- en
                                                graafwerkzaamheden in de grond, geldend onder andere
                                                bij extreme weersomstandigheden of evenementen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>c</al></entry><entry colname="col2"><al>calamiteit</al></entry><entry colname="col3"><al>een incident met voor de omgeving mogelijk grote
                                                gevolgen, die niet zelfstandig kunnen worden
                                                afgewikkeld en waarbij gecoördineerde inzet van
                                                hulpverleningsorganisaties en diensten van
                                                verschillende disciplines is vereist om de gevolgen
                                                te beperken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>d</al></entry><entry colname="col2"><al>college:</al></entry><entry colname="col3"><al>college van burgemeester en wethouders;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>e</al></entry><entry colname="col2"><al>coördinatieverplichting</al></entry><entry colname="col3"><al>de coördinerende rol van de gemeente over de aanleg,
                                                instandhouding en opruiming van alle kabels en/of
                                                leidingen in de openbare grond binnen de
                                                gemeentelijke grenzen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>f</al></entry><entry colname="col2"><al>degeneratiekosten:</al></entry><entry colname="col3"><al>de kosten voor de gemeente door vermindering van de
                                                kwaliteit en/of duurzaamheid van de verharding of
                                                andere gemeente eigendommen, veroorzaakt door de
                                                (graaf)werkzaamheden onder verhardingsconstructies
                                                of andere voorzieningen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>g</al></entry><entry colname="col2"><al>gedoogplichtige:</al></entry><entry colname="col3"><al>degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in
                                                de Belemmeringenwet Privaatrecht of de
                                                Telecommunicatiewet of via een (publiekrechtelijke)
                                                vergunning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>h</al></entry><entry colname="col2"><al>grondroerder:</al></entry><entry colname="col3"><al>de natuurlijke of rechtspersoon onder wiens
                                                verantwoordelijkheid of leiding de werkzaamheden
                                                worden verricht;</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="70*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>i</al></entry><entry colname="col2"><al>handboek:</al></entry><entry colname="col3"><al>het Handboek Kabels en Leidingen
                                                (Standaardbepalingen voor het opnemen van de
                                                sleufverharding, het graven, aanvullen en verdichten
                                                van sleuven en het leggen etc. van kabels en
                                                leidingen die in eigendom of beheer zijn bij de
                                                gemeente), zijnde door het college vast te stellen
                                                nadere regels betreffende de voorbereiding en
                                                uitvoering van ontwerp, aanleg, exploitatie,
                                                onderhoud en verwijdering van kabels en leidingen
                                                inclusief de toepasselijke indieningsvereisten;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>j</al></entry><entry colname="col2"><al>huisaansluiting:</al></entry><entry colname="col3"><al>het gedeelte van de kabel of leiding door openbare
                                                grond dat een netwerk verbindt met een
                                                netwerkaansluitpunt;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>k</al></entry><entry colname="col2"><al>instemmingsbesluit:</al></entry><entry colname="col3"><al>besluit van het college op een aanvraag van
                                                voorgenomen werkzaamheden aan kabels en/of leidingen
                                                ten behoeve van een openbaar elektronisch
                                                communicatienetwerk; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>l</al></entry><entry colname="col2"><al>kabel- en leidingentracé:</al></entry><entry colname="col3"><al>de locatie waarvan de gemeente heeft bepaald waar
                                                kabels en/of leidingen kunnen worden gelegd;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>m</al></entry><entry colname="col2"><al>kabels en leidingen:</al></entry><entry colname="col3"><al>kabels en/of (buis)leidingen als onderdeel van een
                                                net(werk), daaronder mede begrepen de daarmee
                                                verbonden transformator-, schakel-, verdeel- en
                                                onderstations, voorzieningen (afsluiters,
                                                brandkranen, lassen, etc.) en andere hulpmiddelen,
                                                behoudens voor zover deze verbindingen en
                                                hulpmiddelen liggen binnen de installatie van een
                                                producent of van een afnemer en tevens omvattende
                                                lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en
                                                beschermingswerken; voorbeelden van deze kabels en
                                                leidingen zijn kabels als bedoeld in de
                                                Telecommunicatiewet, elektriciteitskabels (koppel-,
                                                transport- en distributiekabels), gasleidingen
                                                (transport-, distributie- en dienstleidingen),
                                                waterleidingen en kabels en leidingen ten behoeve
                                                van industriële netwerken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>n</al></entry><entry colname="col2"><al>leggen van kabels en leidingen</al></entry><entry colname="col3"><al>het aanbrengen, leggen, onderhouden, omleggen,
                                                vernieuwen, herstellen en verwijderen van kabels en
                                                leidingen en het verrichten van hierbij behorende
                                                werkzaamheden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>o</al></entry><entry colname="col2"><al>marktconforme kosten</al></entry><entry colname="col3"><al>kosten zoals deze onder normale omstandigheden in
                                                een markteconomie op de desbetreffende markt worden
                                                gemaakt;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>p</al></entry><entry colname="col2"><al>meldsysteem of registratiesysteem</al></entry><entry colname="col3"><al>geautomatiseerd systeem van de gemeente waarin
                                                meldingen, vergunningen en instemmingen van
                                                (graaf)werkzaamheden aan kabels en/of leidingen en
                                                alles wat daarmee samenhangt worden verwerkt door of
                                                namens de gemeente en/of de grondroerder</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>q</al></entry><entry colname="col2"><al>net (of netwerk):</al></entry><entry colname="col3"><al>samenspel van ondergrondse kabels en/of leidingen,
                                                bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of
                                                gasvormige stoffen, van energie of van informatie
                                                een, al dan niet openbaar, elektronisch
                                                communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1 onder
                                                e. en h. van de Telecommunicatiewet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>r</al></entry><entry colname="col2"><al>net voor transport van informatie</al></entry><entry colname="col3"><al>de openbare elektronische communicatienetwerken als
                                                bedoeld in artikel 1.1 onder h. van de
                                                Telecommunicatiewet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>s</al></entry><entry colname="col2"><al>netbeheerder:</al></entry><entry colname="col3"><al>de rechtspersoon die acteert als beheerder van een
                                                net of netwerk voor de levering van elektriciteit,
                                                gas, water, aardwarmte of WKO (Warmte Koude Opslag),
                                                dan wel aanbieder is van een (al dan niet openbaar)
                                                elektronisch communicatienetwerk;;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>t</al></entry><entry colname="col2"><al>niet-openbare kabels en leidingen</al></entry><entry colname="col3"><al>kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe ze
                                                behoren) die niet worden gebruikt om openbare (voor
                                                het publiek beschikbare) diensten aan te
                                                bieden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>u</al></entry><entry colname="col2"><al>nutsbedrijf:</al></entry><entry colname="col3"><al>bedrijf dat producten en diensten levert in het
                                                algemeen belang, en in het kader van deze
                                                verordening meer specifiek op het gebied van
                                                elektriciteits-, gas- en drinkwatervoorziening,
                                                waaronder ook begrepen eventuele
                                                warmte-koudevoorzieningen, en dat mede daartoe
                                                netten/netwerken beheert voor het transport van
                                                vaste, vloeibare of gasvormige stoffen of van
                                                energie;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>v</al></entry><entry colname="col2"><al>opdrachtgever:</al></entry><entry colname="col3"><al>de natuurlijke of rechtspersoon die opdracht geeft
                                                tot het uitvoeren van werkzaamheden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>w</al></entry><entry colname="col2"><al>openbare gronden</al></entry><entry colname="col3"><al>openbare gronden zoals bedoeld in artikel 1.1, onder
                                                aa, van de Telecommunicatiewet; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>x</al></entry><entry colname="col2"><al>spoedeisende werkzaamheden</al></entry><entry colname="col3"><al>werkzaamheden ten gevolge van een ernstige
                                                belemmering of storing in de dienstverlening,
                                                waarvan uitstel redelijkerwijs niet mogelijk
                                                is;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>y</al></entry><entry colname="col2"><al>vergunning:</al></entry><entry colname="col3"><al>Vergunning die door het college op aanvraag verleend
                                                kan worden voor voorgenomen werkzaamheden aan kabels
                                                en/of leidingen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>z</al></entry><entry colname="col2"><al>voorzieningen</al></entry><entry colname="col3"><al>kabels en leidingen en de ondergrondse
                                                ondersteunings- en beschermingswerken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>aa</al></entry><entry colname="col2"><al>werkzaamheden:</al></entry><entry colname="col3"><al>handmatige en/of mechanische graafwerkzaamheden
                                                inclusief het opbreken en herstel van de
                                                sleufverharding in de openbare </al><al>grond in verband met de aanleg, instandhouding en
                                                opruiming van </al><al>kabels e/of leidingen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>ab</al></entry><entry colname="col2"><al>werkzaamheden van</al><al>niet ingrijpende aard</al></entry><entry colname="col3"><al>het aanbrengen of verwijderen van kabels en/of
                                                leidingen in reeds aangebrachte voorzieningen
                                                (mantelbuizen); reparaties of onderhoudswerk aan
                                                kabels en/of leidingen met een gezamenlijke lengte
                                                van minder dan 25 meter en niet vallend onder
                                                onderdeel m. van dit artikel 1; </al><al>het maken van (huis)aansluitingen waarbij geen
                                                verhardingen of groenvoorzieningen worden gekruist,
                                                tot een gezamenlijke lengte van 25 meter; </al><al>het maken van een montagegat c.q. lasgat, een
                                                opbreking met een beperkte afmeting, maximaal 2 m2,
                                                die wordt gemaakt ten behoeve de toegang tot een
                                                handhole, plaatsen van afsluiters, het opgraven van
                                                een kabelrol ten behoeve van klantaansluitingen, het
                                                maken van aftakkingen voor het herstellen van kabel
                                                c.q. leidingstoringen of voor
                                                inspectiedoeleinden;</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepasselijkheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op het aanleggen, instandhouden,
                                onderhouden, verleggen en verwijderen van kabels en leidingen in, op
                                en boven de openbare gronden, voor zover de gemeente deze gronden
                                beheert, in eigendom heeft of daarover wettelijke
                                coördinatieverplichtingen heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college voert de regie over de efficiënte ordening van kabels en
                                leidingen in, op en boven de openbare gronden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt ter uitvoering van deze verordening nadere
                                    regels vast.</al></li><li nr="2."><al>Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op:</al><lijst><li nr="a"><al>de wijze van uitvoering bij de aanleg , onderhoud, verplaatsing en
                            opruiming van kabels en/of leidingen</al></li><li nr="b."><al>het bevorderen van het meetgebruik van voorzieningen;</al></li><li nr="c."><al>het opstellen van voorschriften op het gebied van markering en
                                    afzetting;</al></li><li nr="d."><al>het toepassen van proefsleuven.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Melding en instemmingsbesluit / Aanvraag en vergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vereiste van instemming of vergunning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden kabels en/of leidingen in of op openbare gronden
                                    aan te leggen, in stand te houden, te onderhouden, te verleggen
                                    of te verwijderen, zonder of in afwijking van een voorafgaand
                                    door het college genomen instemmingsbesluit c.q. verleende
                                    vergunning. </al></li><li nr="2."><al>Voor het verrichten van werkzaamheden van niet ingrijpende aard
                                    of spoedeisende werkzaamheden of calamiteiten, is geen
                                    instemming of vergunning, als bedoeld in het eerste lid,
                                    noodzakelijk maar kan worden volstaan met een melding vooraf aan
                                    het college.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid opgenomen verbod is niet van toepassing op
                            werkzaamheden van de gemeente bij het uitvoeren van haar
                            publiekrechtelijke taak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Melding of aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Een aanvrager doet minimaal acht weken voor de geplande aanvang van de
                            werkzaamheden bij het college of via een registratiesysteem melding voor
                            een instemmingsbesluit dan wel een aanvraag voor een vergunning voor
                            werkzaamheden als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van deze
                            verordening. Afzonderlijke werken dienen per locatie en per discipline
                            afzonderlijk te worden aangevraagd.</al></li><li nr="2."><al>Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten kan hierover
                                    vooroverleg voeren met het college ten einde de aanvraag, als
                                    bedoeld in het eerste lid, voor te bereiden; </al></li><li nr="3."><al>Indien voor de voorgenomen werkzaamheden tevens
                                    (privaatrechtelijke) toestemming nodig is van andere
                                    grondeigenaren of grondbeheerders, dient de aanvrager dit bij de
                                    melding of aanvraag aan te geven en uiterlijk vier weken na de
                                    melding of aanvraag, het college het bewijs van verkregen
                                    toestemming te overleggen.</al></li><li nr="4."><al>In geval van voorgenomen werkzaamheden van niet ingrijpende
                                    aard, moet de aanvrager minimaal vijf werkdagen voor uitvoering
                                    van deze werkzaamheden schriftelijk (in geval van e-mail bij het
                                    door de gemeente aangegeven mailadres) bij de gemeente melden.
                                    Op grond van belangen als genoemd in artikel 9, eerste lid, sub
                                    a tot en met i, van deze verordening, kan het college bepalen
                                    dat realisatie op een ander tijdstip moet plaatsvinden. </al></li><li nr="5."><al>In geval van spoedeisende werkzaamheden of calamiteiten volstaat
                                    een melding voorafgaand aan de start van de werkzaamheden. Als
                                    een melding vooraf niet mogelijk is, moet de gemotiveerde
                                    melding uiterlijk binnen één werkdag na de start van de
                                    uitvoering worden gedaan aan het college. Indien achteraf blijkt
                                    dat de uitgevoerde werkzaamheden vergunnings-, of
                                    instemmingsplichtig zijn, dient er alsnog een vergunning of een
                                    instemmingsbesluit aangevraagd te worden</al></li><li nr="6."><al>Het college is bevoegd via nadere regels delen van het
                                    grondgebied aan te wijzen waarop het vierde en vijfde lid van
                                    dit artikel niet van toepassing zijn. </al></li><li nr="7."><al>Het melden van aanvang en einde werk dient (d.m.v. formulieren
                                    of een registratiesysteem) te gebeuren conform het handboek.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gegevensverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast inzake de te verstrekken
                                gegevens en de wijze waarop die worden verstrekt bij een aanvraag of
                                melding als bedoeld in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de voor een melding of aanvraag, als bedoeld in de
                                artikelen 4 en 5 van deze verordening, te gebruiken formulieren
                                vast. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Beslistermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de melding of
                            aanvraag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van deze verordening. </al></li><li nr="2."><al>Betreft het een melding of aanvraag waarbij meer
                            grondeigenaren/beheerders zijn betrokken of andere vergunningen vereist
                            zijn, dan wordt de beslissing pas genomen als deze andere toestemmingen
                            verkregen en overgelegd zijn. </al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel, houdt
                            het college de beslissing aan, indien er een eventuele andere
                            toestemming en/of vergunning is vereist.</al></li><li nr="4."><al>Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven,
                            deelt het college dit aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een
                            redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden
                            gezien.</al></li><li nr="5."><al>Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht betreffende de
                            van rechtswege verleende beschikking is niet van toepassing op het
                            bepaalde in deze verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Geldigheid</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Binnen 12 maanden na verlening van de vergunning of het
                            instemmingsbesluit moeten de werkzaamheden zijn voltooid, tenzij anders
                            is bepaald in de vergunning of het instemmingsbesluit dan wel tenzij
                            sprake is van aantoonbare overmacht. Indien de (graaf)werkzaamheden niet
                            binnen de vastgestelde data en termijnen zijn uitgevoerd, vervalt de
                            vergunning of het instemmingsbesluit. Een situatie van overmacht moet
                            tijdig worden medegedeeld, met in acht name van de maximale
                            geldigheidsduur en ter beoordeling van het college.</al></li><li nr="2."><al>De termijn van 12 maanden, genoemd in het vorige lid, kan door het
                            college met maximaal 6 maanden worden verlengd, na een schriftelijk
                            -binnen die termijn ingediend- met redenen omkleed verzoek. </al></li><li nr="3."><al>Het instemmingsbesluit of de vergunning vervalt indien de netbeheerder
                            schriftelijk aan het college verklaart geen gebruik meer te willen maken
                            van het instemmingsbesluit of de vergunning.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan een instemmingsbesluit of vergunning wijzigen,
                                    geheel of gedeeltelijk intrekken, indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de beschikking op basis van onjuiste of onvolledige
                                            gegevens is verleend; </al></li><li nr="b."><al>de netbeheerder, dan wel de door deze ingeschakelde
                                            derde partij, het bepaalde bij of krachtens deze
                                            verordening of de voorschriften van de vergunning of
                                            instemmingsbesluit niet naleeft.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Voorschriften, beperkingen en weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan aan een instemmingsbesluit of een vergunning
                                voorschriften en beperkingen verbinden, dan wel een vergunning
                                weigeren, dan wel bij werkzaamheden van niet ingrijpende aard
                                bepalen dat realisatie op een ander tijdstip moet plaatsvinden, in
                                het belang van:</al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>de openbare veiligheid, waaronder in elk geval moet worden
                                        verstaan de verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming
                                        van het verkeer; </al></li><li nr="c."><al>het voorkomen of beperken van overlast; </al></li><li nr="d."><al>het voorkomen of beperken van schade;</al></li><li nr="e."><al>de bescherming van eventuele archeologische vondsten en van
                                        groenvoorzieningen;</al></li><li nr="f."><al>het uiterlijk aanzien van de omgeving;</al></li><li nr="g."><al>de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, waaronder mede
                                        verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare
                                        gronden en gebouwen, het doelmatig beheer en onderhoud en
                                        het belang van nader aan te geven grote lokale evenementen
                                        als weekmarkten en kermissen;</al></li><li nr="h."><al>de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt het
                                        zo min mogelijk hinder veroorzaken voor in de grond
                                        aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder
                                        noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder werken ten
                                        behoeve van de levering of het transport van elektronische
                                        informatie, gas, water en elektriciteit;</al></li><li nr="i."><al>de bescherming van het milieu.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder draagt er zorg voor dat de voorschriften worden
                                nageleefd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast in de vorm van een Handboek
                                voor de wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en
                                opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van voorzieningen.
                                Bij tegenstrijdigheden tussen de bepalingen van deze verordening en
                                het Handboek hebben de bepalingen van deze verordening
                                voorrang.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast over schadeherstel en
                                vergoeding van degeneratiekosten. De netbeheerder of diens
                                grondroerder is gehouden tot het, op basis van redelijkheid en
                                billijkheid, vergoeden van alle schade, geleden en te lijden door de
                                gemeente, voortvloeiende uit de door of vanwege de aanvrager of
                                diens grondroerder uit te voeren werkzaamheden. De berekening van de
                                schadevergoeding is gebaseerd op vijf kostensoorten: herstel-,
                                onderhouds-, beheers- en degeneratiekosten of werkelijke kosten, met
                                als uitgangspunt kostendekkendheid voor de gemeente. (zie bijlage
                                tarieventabel)</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien het leidingentracé geen ruimte biedt voor de aanleg van
                                nieuwe kabels, legt de netbeheerder (dan wel de door deze
                                ingeschakelde derde partij) de gemeente een alternatief tracé voor
                                en wordt daarbij bezien of andere netbeheerders eventuele
                                voorgenomen werkzaamheden op dat tracé willen combineren, of (in
                                geval van elektronische communicatienetwerken) doet hij aan andere
                                netbeheerders een verzoek tot medegebruik van kabels en/of
                                leidingen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De netbeheerder (dan wel de door deze ingeschakelde derde partij) is
                                verplicht na het einde van de werkzaamheden de grond, eventuele
                                verhardingen en beplanting terug te brengen in de oude staat, tenzij
                                het college vooraf heeft aangegeven hier (gedeeltelijk) zelf zorg
                                voor te willen dragen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien binnen 3 jaar na groot onderhoud of herinrichting van de
                                openbare gronden de netbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren
                                verlangt het college specifiek schadeherstel.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien de netbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren in bijzondere
                                bestrating, verlangt het college specifiek schadeherstel.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een
                                instemmingsbesluit of het verlenen van een vergunning zijn leges
                                verschuldigd conform de Legesverordening van de gemeente.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3a</nr><titel>Overige bepalingen algemeen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Eigendom</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de eigendom, exploitatie of beheer van een net, kabel of
                                leiding wordt overgedragen aan een andere netbeheerder, gaan de
                                rechten en plichten volgens deze verordening die betrekking hebben
                                op de kabel en/of leiding van rechtswege over op de nieuwe
                                netbeheerder;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld in kennis van het feit
                                dat het eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel of
                                leiding verandert.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op het eigendom van de kabels en/of leidingen zijn de desbetreffende
                                wettelijke bepalingen van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college organiseert periodiek een overleg, waarvoor de bij de
                                gemeente bekende netbeheerders en andere belanghebbende partijen
                                worden uitgenodigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Dit overleg is mede gericht op de beoordeling van mogelijk
                                medegebruik van voorzieningen en afstemming van gezamenlijk of
                                gelijktijdig uit te voeren werkzaamheden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Netbeheerders kunnen desgewenst om overleg verzoeken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Niet-openbare kabels en leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan een vergunning weigeren in geval van werkzaamheden
                                aan niet-openbare kabels en/of leidingen in of op openbare gronden.
                                In het geval van te verlenen toestemming is het bepaalde in deze
                                verordening van overeenkomstige toepassing, maar houdt dit geen
                                gedoogplicht in van de betreffende kabels en leidingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Niet-openbare kabels en/of leidingen dienen op verzoek van het
                                college op gronden genoemd in artikel 9, lid 1, op kosten van de
                                eigenaar van de kabels en/of leidingen, te worden verlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Informatieplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld en schriftelijk in
                                kennis van het feit dat een kabel of leiding niet langer ten dienste
                                staat van een openbaar net in of op openbare gronden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder levert op verzoek van het college een overzicht van
                                alle (niet) in gebruik zijnde kabels en/of leidingen. De bewijslast
                                met betrekking tot het gebruik ligt bij de netbeheerder.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3b</nr><titel>Overige bepalingen voor kabels ten dienste van een openbaar
                            elektronisch telecommunicatienetwerk</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>(Mede)gebruik van voorzieningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een beheerder van een netwerk voor het transport van informatie is
                                verplicht om bij aanleg van kabels of leidingen zoveel mogelijk
                                (mede)gebruik te (laten) maken van bestaande, hetzij door andere
                                netbeheerders dan wel door of in opdracht van de gemeente aangelegde
                                voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten en –geleidingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de netbeheerder (dan wel de door deze ingeschakelde derde
                                partij) een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken van de
                                vooraangelegde voorzieningen, is deze verplicht van deze
                                voorzieningen gebruik te maken. Bepalend voor de redelijkheid is of
                                de voorzieningen tegen marktconforme kosten ter beschikking worden
                                gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3c</nr><titel>Overige bepalingen voor kabels en leidingen uitgezonderd kabels ten
                            dienste van een openbaar elektronisch telecommunicatienetwerk</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verleggingen van leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor verleggingen van leidingen van een netwerk van een nutsbedrijf
                                in of op openbare gronden op verzoek van het college, gelden de
                                volgende bepalingen:</al><lijst><li nr="a."><al>De netbeheerder is verplicht op verzoek van het college over
                                        te gaan tot het nemen van maatregelen voor kabels en
                                        leidingen ten dienste van zijn net, waaronder het
                                        verplaatsen, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de
                                        oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken door of
                                        vanwege de gemeente in het algemeen belang;</al></li><li nr="b."><al>Eventuele compensatie wordt verleend op basis van een
                                        publiekrechtelijke regeling of schriftelijk vastgelegde
                                        (privaatrechtelijke) afspraken;</al></li><li nr="c."><al>Compensatie wordt verder uitsluitend verleend op basis van
                                        een gespecificeerd kostenoverzicht;</al></li><li nr="d."><al>De gemeente en de netbeheerder zullen bij verwijdering,
                                        verlegging of aanpassing van leidingen elkaars schade zo
                                        veel mogelijk beperken;</al></li><li nr="e."><al>Na een schriftelijk verzoek van het college tot het nemen
                                        van maatregelen gaat de netbeheerder zo spoedig mogelijk
                                        over tot de uitvoering, doch niet later dan dertien weken na
                                        de datum van ontvangst van het verzoek. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien ten gevolge van werkzaamheden, niet zijnde gemeentelijke
                                    werkzaamheden, verplaatsing, wijziging of
                                verwijdering van enig eigendom van de gemeente noodzakelijk is, dan
                                wel ten behoeve van werkzaamheden speciale voorzieningen moeten
                                worden getroffen, komen de kosten ervan voor rekening van de
                                opdrachtgever, tenzij er redelijkerwijs aanleiding bestaat om de
                                kosten over meerdere partijen te verdelen, dan wel om geen kosten in
                                rekening te brengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Verwijderen van leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De netbeheerder is verplicht na het geheel of gedeeltelijk intrekken
                                van de vergunning de leiding binnen een door het college te bepalen
                                termijn te verwijderen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Buiten gebruik gestelde kabels en leidingen dienen bij
                                reconstructies op aanzegging van de gemeente te worden verwijderd.
                            </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen van deze verordening is overeenkomstig van toepassing
                                op verwijdering van kabels en leidingen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Toezicht en handhaving (algemeen)</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Toezicht en handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast de bij besluit van het college
                                aangewezen personen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college vaststelt dat de verplichtingen van deze
                                verordeningen niet zijn nagekomen, kan het college besluiten
                                handhavend op te treden met inachtneming van de bepalingen zoals
                                vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Naleving voorschriften</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een grondroerder zich niet houdt aan de voorschriften en
                            beperkingen uit het instemmingsbesluit of vergunning, kan het college
                            het instemmingsbesluit of de vergunning intrekken.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer het college een besluit neemt op grond van het eerste lid, kan
                            het college verlangen dat de oorspronkelijke situatie wordt hersteld op
                            grond van een besluit inhoudende een last onder dwangsom of een last
                            onder bestuursdwang.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Bevoegdheid college</titel></kop><al>Het college is bevoegd de werkzaamheden stil te leggen, indien er wordt
                            gewerkt:</al><lijst><li nr="1."><al>zonder voorafgaande aanvraag of melding, als bedoeld in artikel 5 van
                            deze verordening;</al></li><li nr="2."><al>zonder instemmingsbesluit of vergunning of zonder toestemming ingeval
                            van meldingsplicht;</al></li><li nr="3."><al>in afwijking van de uitvoeringsvoorschriften;</al></li><li nr="4."><al>in afwijking van de voorschriften uit het instemmingsbesluit of de
                            vergunning;</al></li><li nr="5."><al>in strijd met het geldende breekverbod.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 mei 2014. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de datum van inwerkingtreding vervalt de
                                Telecommunicatieverordening, vastgesteld bij raadsbesluit van 16
                                december 2004.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanwezigheid van kabels en/of leidingen in of op openbare
                                gronden, voor zover deze zijn gemeld of aangevraagd en aangelegd met
                                toepassing van verleende vergunningen of andere rechtsgeldige
                                overeenkomsten of andere schriftelijke afspraken met de gemeente,
                                wordt door inwerkingtreding van deze verordening beheerst door de
                                regels daarvan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Vergunningen en ontheffingen op grond van de Algemene Plaatselijke
                                Verordening en instemmingsbesluiten op grond van de
                                Telecommunicatieverordening met betrekking tot kabels en leidingen
                                als bedoeld in deze verordening, gelden als besluiten genomen
                                krachtens deze verordening (AVOI) en blijven ook na de
                                inwerkingtreding van deze verordening gelden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op aanvragen, als bedoeld in het eerste lid, waarop bij de
                                inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met
                                toepassing van deze verordening een beslissing genomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als AVOI Zeeuwse gemeenten.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Terneuzen op 13 maart 2014.</ondertekening><ondertekening>griffier, voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. J.H.P. de Jong J.A.H. Lonink</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>TOELICHTING OP DE AVOI</titel></kop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Voornaamste doel van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI;
                    hierna ‘AVOI’) is de realisatie van één uniform regime voor al het werk in de
                    openbare ruimte teneinde de gewenste gemeentelijke regierol zo optimaal mogelijk
                    te kunnen invullen. Beleidsmatig, procesmatig en praktisch wordt voorzien in
                    lokaal beleid voor ordening van de openbare ondergrond en gelijke behandeling
                    van partijen. De AVOI geeft tevens invulling aan de wettelijke plicht voor de
                    gemeente om een Telecommunicatieverordening op te stellen. De AVOI heeft ook
                    betrekking op de netten van de nutsbedrijven. De bestaande
                    Telecommunicatieverordening van de gemeente vervalt gelijktijdig met de
                    inwerkingtreding van de AVOI, zodat er per saldo geen verordening, en dus niet
                    meer regelgeving, bijkomt. De verordening met bijbehorende regelgeving is in
                    provinciaal verband ontwikkeld en afgestemd. Het betreft de samenwerking met de
                    Zeeuwse gemeenten Borsele, Goes, Hulst, Kapelle, Middelburg, Noord-Beveland,
                    Reimerswaal, Schouwen-Duiveland, Sluis, Terneuzen, tholen, Veere en
                    vlissingen.</al><al>De AVOI reguleert de werkzaamheden in de openbare ruimte, waarbij de
                    wegverharding (ook bermen, plantsoenen, e.d.) wordt opgebroken. Ook de objecten
                    die nodig zijn ten behoeve van deze werkzaamheden vallen onder de reikwijdte van
                    de AVOI. Losse objecten die niet gekoppeld zijn aan deze werkzaamheden, blijven
                    onder het reguliere gemeentelijke vergunningenregime (APV) vallen.</al><al>De AVOI is onder andere gericht op minimalisatie van overlast en
                    maatschappelijke kosten ten gevolge van werk in uitvoering; meer grip en sturing
                    op werkzaamheden; het waarborgen van bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en
                    communicatie tijdens werkzaamheden; eenduidige regels en sanctiemogelijkheden;
                    uniforme regels en een efficiënt gebruik van de openbare ruimte.</al><al>Het doel van deze Toelichting is conform de AVOI aanvullende informatie te
                    bieden. Zowel voor gebruik binnen de gemeente als door de netbeheerders (hier
                    gebruikt als uniform verzamelbegrip voor de eigenaren en beheerders van de
                    betreffende netten en netwerken) is deze toelichting bestemd. </al><al>De meest actuele versie is steeds bepalend, is opvraagbaar en wordt
                    gecommuniceerd. Deze toelichting heeft niet alleen betrekking op de procedurele
                    raadsverordening, maar ook op de nadere regels die ter uitwerking door het
                    college zijn of worden vastgesteld (met name het ‘Handboek Kabels en
                    Leidingen’).</al><tussenkop>Concretisering van beleid</tussenkop><al>Diverse beleidsmatige speerpunten voor het concretiseren van de gemeentelijke
                    belangenbehartiging worden onderscheiden, waarbij wordt verwezen naar de
                    beleidsmatige onderbouwing van de verordening zoals die is vastgelegd in het
                    college-advies en raadsvoorstel voor de vaststelling ervan:</al><lijst><li nr="-"><al><cursief>Afstemming bovengronds en ondergronds: </cursief>Er is al lang
                            en veel ervaring opgedaan met het beleidsmatig en planologisch inkaderen
                            van het gebruik van de bovengrondse openbare ruimte. Een dergelijke
                            invulling moet ook geschieden voor de ondergrondse openbare ruimte en
                            tevens moet worden bewerkstelligd dat beide vormen van gebruik van
                            openbare ruimte op elkaar worden afgestemd en niet tot
                            tegenstrijdigheden mogen leiden. De gemeente moet zelf haar interne
                            processen en werkwijzen zo aanpassen dat deze afstemming meer of beter
                            gestalte krijgt.</al></li><li nr="-"><al><cursief>Schoon en fraai</cursief>: Na uitvoering en
                            oplevering van (graaf)werkzaamheden moet opengebroken verharding en
                            aangetast groen weer schoon en fraai worden hersteld, zodat zo min
                            mogelijk, liefst geen, kwaliteitsverlies optreedt. Het bijdragen aan het
                            behoud van een schone omgeving en het herstel (of verbeteren) van de
                            openbare ruimte in de oude situatie zijn dus essentiële elementen.
                            Aanvullend worden ook andere aspecten in het oog gehouden, waar van
                            toepassing, zoals in voorkomende situaties de archeologische
                            aspecten.</al></li><li nr="-"><al><cursief>Veilig: </cursief>Voor en tijdens werkzaamheden moet er zorg
                            zijn voor verkeersdoorstroming, inclusief waarschuwing en geleiding,
                            waarbij landelijke normeringen worden gehanteerd als minimum. De zorg
                            voor een veilige omgeving is hiermee een centraal element. Naast de
                            specifiek aan de orde zijnde verkeersveiligheid moet in de
                            uitvoeringspraktijk ook op vooraf duidelijke wijze invulling worden
                            gegeven aan afspraken op het gebied van eventuele calamiteiten.</al></li><li nr="-"><al><cursief>Bruikbaar en functioneel: </cursief>De bovengrond dient zoveel
                            mogelijk en continu te kunnen worden gebruikt. Belemmeringen door
                            (graaf)werkzaamheden moeten dus zoveel mogelijk worden beperkt in tijd
                            en plaats. Voor de gemeente, de burgers en de bedrijven moet de overlast
                            van zowel de werkzaamheden als de permanente ligging van de kabels en
                            leidingen zelf beperkt worden tot hetgeen strikt en redelijkerwijs
                            noodzakelijk is. Bij voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden moet
                            dit een continu essentieel aandachtspunt zijn. </al></li></lijst><al>Dit heeft betrekking op de leefbaarheid in en rond het grondgebied en op
                    mogelijke financiële aspecten. Gestreefd moet worden naar het minimaliseren van
                    de maatschappelijke kosten met als uitgangspunt dat de veroorzaker betaalt en
                    dat aangerichte schade moet worden vergoed.</al><al>-<cursief>Beperken overlast: </cursief>Werkzaamheden moeten niet alleen zo min
                    mogelijk overlast opleveren voor de leefomgeving en de continuering van de
                    bedrijfsmatige activiteiten. De uitvoeringswijze moet zodanig zijn, en daar moet
                    de gemeente actief op toezien, dat de belangen van de al liggende kabels en
                    leidingen behartigd worden.</al><tussenkop>Kaders voor de gemeentelijke bevoegdheden en rollen</tussenkop><al>De gemeentelijke bevoegdheden vloeien voort uit de Gemeentewet en de Algemene
                    Plaatselijke Verordening, uit specifieke sectorale wet- en regelgeving – zoals
                    de Wet Informatie-Uitwisseling Ondergrondse Netten (WION) en de
                    Telecommunicatiewet - en uit al dan niet contractueel vastgelegde afspraken met
                    netbeheerders. De gemeente is vanuit een veelheid aan rollen betrokken bij dit
                    soort werkzaamheden: als economisch ontwikkelaar, aanbieder van communicatie en
                    cultuur, grondeigenaaar, ruimtelijk planner, aanlegger van eigen infrastructuur,
                    verkeersregelaar, bodembeschermer, consument van nutsvoorzieningen, archeologie
                    etc.</al><al>In het belang van de gemeente, burgers, bedrijven en andere netwerkbeheerders
                    moet een zorgvuldig, en tevens zoveel mogelijk uniform en integraal, beleid
                    gevoerd worden bij voorbereiding, uitvoering en nazorg van (graaf)werkzaamheden
                    in openbare gronden. Belangrijk praktisch uitgangspunt is, analoog aan de APV,
                    dat (graaf)werkzaamheden alleen in de openbare ondergrond worden uitgevoerd na
                    voorafgaand akkoord van de gemeente. Deels zijn wettelijke regels van toepassing
                    en deels vindt invulling plaats waar de wetgever ruimte heeft gelaten voor eigen
                    invulling door lokale overheden, zij het dat waar mogelijk aangesloten wordt bij
                    landelijke uniformering via bijvoorbeeld de VNG. Ondanks de soms verschillende
                    uitgangsposities van betrokken partijen wordt door de gemeente harmonisering en
                    uniformering (en gelijke behandeling) nagestreefd.</al><al>Het opbreken van de openbare ruimte dient tot zo min mogelijk overlast en schade
                    te leiden, met waarborging van veiligheid en bereikbaarheid en ter voorkoming
                    van verstoring van openbare orde en ondergrondse ordening. De grondroerders zijn
                    verantwoordelijk voor juiste en tijdige gegevensverwerking en voldoen aan de
                    wettelijke plicht tot zorgvuldig graven. Ten aanzien van het ontwerp,
                    voorbereiding, uitvoering en beheer van de voorgenomen (graaf)werkzaamheden
                    dient voldaan te worden aan de uniforme eisen en voorschriften die door de
                    gemeente zijn c.q. worden vastgelegd in (algemene) lokale voorwaarden met
                    voorschriften voor ondergrondse kabels en leidingen in gemeentegrond (‘Handboek
                    Kabels en Leidingen’). De gemeente zal voorts haar handhavings- en
                    toezichtbeleid bepalen en praktisch vorm geven.</al><tussenkop>Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><tussenkop> Begripsbepalingen</tussenkop><tussenkop>a. aanvrager </tussenkop><al>De aanvrager is vaak gelijk aan de netbeheerder, maar procedureel betreft het de
                    rol van de partij die richting de gemeente de instemming of vergunning verzoekt.
                    Een derde partij kan namelijk optreden namens de netbeheerder bij dit
                    aanvraagproces, mits rechtsgeldig en voldoende door de netbeheerder gemandateerd
                    (dergelijk uitbesteed werk komt regelmatig voor). Ook kan de aanvrager (vooral
                    in het geval van telecommunicatievoorzieningen) een partij zijn die voor eigen
                    naam en rekening netwerken aanlegt, maar niet zelf exploiteert, en
                    netwerkcapaciteit verhuurt of verkoopt.</al><tussenkop>b. breekverbod</tussenkop><al>In specifieke gevallen (extreem weer, evenementen, etc.) kan het college breek-
                    en graafwerkzaamheden verbieden. </al><tussenkop>c. calamiteit</tussenkop><al>De hiervoor noodzakelijke werkzaamheden worden aan een lichter procedureel
                    regime onderworpen. </al><tussenkop>d. college</tussenkop><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd de taken voortvloeiende
                    uit de AVOI af te handelen, waarbij deze bevoegdheden qua uitvoering om
                    praktische redenen deels gemandateerd worden (via het Mandaatbesluit en
                    Mandaatregister) aan een of meer daartoe aangewezen ambtenaren. </al><al>Dat betreft enerzijds het houden van toezicht en anderzijds het coördineren en
                    verlenen van instemmingen en vergunningen. Indien en voor zover de bevoegdheden
                    op het gebied van coördinatie, het verlenen van vergunningen en
                    instemmingsbesluiten en het houden van toezicht gemandateerd zijn aan een of
                    meer functionarissen, wordt tevens deze functionaris bedoeld.</al><tussenkop>e. coördinatieverplichting</tussenkop><al>de coördinerende rol van de gemeente over de aanleg, instandhouding en opruiming
                    van alle kabels en/of leidingen in de gehele openbare grond binnen de
                    gemeentelijke grenzen</al><tussenkop>f. degeneratiekosten</tussenkop><al>Door de werkzaamheden wordt vrijwel steeds schade toegebracht aan de openbare
                    grond en de daar in of op aanwezige eigendommen van de gemeente. Ook de
                    kwaliteit van de openbare grond vermindert door deze werkzaamheden. Daarom
                    worden afspraken gemaakt over de berekening en vergoeding van de kosten van deze
                    kwaliteitsvermindering.</al><tussenkop>g. gedoogplichtige</tussenkop><al>De gemeentelijke betrokkenheid is gericht op het beheer van openbare ruimte. De
                    openbare ruimte betreft de ruimte op of in de openbare gronden. In deze
                    hoedanigheid is de gemeente voor wat betreft de (openbare) elektronische
                    communicatienetwerken gedoogplichtige conform de Telecommunicatiewet. Het begrip
                    gedoogplichtige slaat tevens op andere partijen die krachtens die wet
                    gedoogplichtig zijn, en op partijen en personen die krachtens de
                    Belemmeringenwet Privaatrecht (hierna ‘BP’) gedoogplichtig zijn. Omdat sinds
                    2010 een wetsvoorstel aanhangig is ter vervanging van o.a. de BP, zal de
                    eventuele opvolgende wet op termijn relevant worden in dit opzicht.</al><tussenkop>h. grondroerder</tussenkop><al>De grondroerder is de partij die de graafwerkzaamheden verricht of laat
                    verrichten. Een derde partij kan namens de grondroerder het feitelijke werk
                    uitvoeren in het realisatieproces, mits rechtsgeldig en voldoende door de
                    netbeheerder of opdrachtgever gemandateerd. Dat is veelal een aannemer of
                    installateur, maar kan ook de (afdeling van een) netbeheerder zijn. Indien een
                    grondroerder namens een opdrachtgever optreedt, wordt de machtiging verplicht
                    overlegd. Mogelijk werken anderen voor de grondroerder (onderaannemers); zij
                    dienen ook over een machtiging te beschikken. </al><tussenkop>i. Handboek</tussenkop><al>Het Handboek Kabels en Leidingen wordt door het college vastgesteld (krachtens
                    de in de raadsverordening opgenomen bevoegdheid) en is de algemene
                    voorwaardenset die van toepassing is indien werkzaamheden daadwerkelijk
                    voorbereid en uitgevoerd worden. Gedetailleerd worden in dit document zowel
                    technisch-uitvoerend als processueel de toepasselijke voorwaarden omschreven.
                    Het is van groot belang dat de uitvoerende partijen steeds in het bezit worden
                    gesteld van de laatste, actuele, versie van dit Handboek.</al><tussenkop>j. huisaansluiting </tussenkop><al>(Huis)aansluitingen worden door de relatief beperkte omvang van de werkzaamheden
                    uitgezonderd van diverse algemene regels van de AVOI. Daarvoor is een lichter
                    formeel regime van toepassing, zodat afkadering nodig is. </al><tussenkop>k. instemmingsbesluit </tussenkop><al>Werkzaamheden dienen steeds vooraf gemeld te worden, waarbij onderscheid wordt
                    gemaakt tussen de (reguliere) werkzaamheden, werkzaamheden van niet ingrijpende
                    aard en werkzaamheden in verband met spoedeisende zaken (zoals bepaalde
                    storingen) en calamiteiten. Vooral voor de reguliere (graaf)werkzaamheden geldt
                    dat eerst gestart mag worden nadat door de gemeente op basis van een melding een
                    instemmingsbesluit (conform de Telecommunicatiewet) is verleend. Uitgangspunt is
                    dat het verlenen van een instemmingsbesluit bekend wordt gemaakt door middel van
                    informatie aan de meldende partij. Publicatie in meer algemene zin is niet
                    standaard, maar kan worden toegepast door de gemeente naar haar keuze,
                    bijvoorbeeld in het geval van grootschaliger en langduriger of ingrijpender
                    werkzaamheden.</al><tussenkop>l. kabel- en leidingentracé</tussenkop><al>Dit begrip is voor de praktijk belangrijk, want het betreft de door de gemeente
                    te bepalen routering van de kabels/leidingen. Vanuit de door de gemeente aan te
                    geven dwarsprofielen zal de netbeheerder veelal met een voorstel komen voor een
                    tracé, en moet de gemeente haar goedkeuring daaraan geven.</al><tussenkop>m. kabels en leidingen</tussenkop><al>De netten bestaan uit fysieke kabels en/of leidingen. De kabels/ leidingen zijn
                    inclusief de daarbij behorende ondergrondse en bovengrondse infrastructuur,
                    zoals:</al><lijst><li nr="-"><al>lege buizen,</al></li><li nr="-"><al>ondergrondse ondersteuningswerken (mantelbuizen, kabelgoten, handholes,
                            lasdozen, duikers), </al></li><li nr="-"><al>beschermingswerken, </al></li><li nr="-"><al>signaalinrichtingen (zoals optische en elektrische versterkers),</al></li><li nr="-"><al> componenten voor het verbinden van kabels met onroerende zaken (zie
                            artikel 16 a tot en met d, van de Wet waardering onroerende zaken; zoals
                            transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations en andere
                            hulpmiddelen, behoudens voor zover ze liggen binnen de installatie van
                            een producent/afnemer). </al></li></lijst><al>Voorbeelden van de kabels en leidingen zijn telecommunicatie- en omroepkabels
                    (zoals gedefinieerd in art. 1.1 onder z van de Telecommunicatiewet),
                    elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen
                    (transport-, distributie- en dienstleidingen), leidingen voor warmte-koude
                    opslag en waterleidingen. Industriële of private netten behoren hier formeel ook
                    toe, maar worden als niet-openbare netten specifiek behandeld in deze
                    verordening. </al><al>De verordening heeft ten doel de regie en coördinatie te regelen met betrekking
                    tot kabels en leidingen van derde partijen die in door de gemeente beheerde
                    grond willen werken. Voor de kabels en leidingen van de gemeente zelf, zoals de
                    riolering, is om praktische redenen de verordening niet procedureel van
                    toepassing. Om redenen van effectiviteit en kwaliteit zullen echter intern
                    binnen de gemeente waar mogelijk afspraken en procedures worden gemaakt om de
                    bepalingen van deze verordening met het oog op regie en coördinatie zoveel
                    mogelijk ook intern na te leven.</al><tussenkop>n. leggen van kabels en leidingen</tussenkop><al>De relevante werkzaamheden betreffen zeker niet alleen de nieuwaanleg van kabels
                    en leidingen maar ook de situaties dat werk nodig is voor onderhoud, voor
                    verplaatsing of verwijdering, uitbreiding etc. Dat wordt met deze definitie
                    duidelijk gemaakt.</al><tussenkop>o. marktconforme kosten</tussenkop><al>Dit begrip is vooral relevant met het oog op het door de overheid nagestreefde
                    stimuleren van het medegebruik van bestaande voorzieningen (van de gemeente zelf
                    of van derde partijen). Partijen kunnen worden verplicht daarvan gebruik te
                    maken, met dien verstande dat (aansluitend bij hetgeen bij de
                    Telecommunicatiewet ontwikkeld is) de te betalen vergoeding marktconform dient
                    te zijn.</al><tussenkop>p. meldsysteem of registratiesysteem</tussenkop><al>geautomatiseerd systeem van de gemeente waarin meldingen, vergunningen en
                    instemmingen van (graaf)werkzaamheden aan kabels en/of leidingen en alles wat
                    daarmee samenhangt worden verwerkt door of namens de gemeente en/of de
                    grondroerder</al><tussenkop>q. net (of netwerk)</tussenkop><al>De definitie van een net (of netwerk) is afgeleid van de Wet
                    Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION), welke deels refereert aan
                    artikel 20 2<sup>e</sup> lid, Boek 5 Burgerlijk Wetboek, maar ook uitbreidingen
                    geeft, die hier worden overgenomen. </al><al>Het gaat om de volgende ondergrondse netten (of netwerken): </al><lijst><li nr="-"><al>de netten voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen of
                            energie oftewel de distributie- en transportnetten van de nutsbedrijven,
                            voor voorzieningen van openbaar nut zoals gas, elektriciteit en water
                            (en warmte), en de aanlevering ervan;</al></li><li nr="-"><al>de netten voor transport van informatie: de openbare elektronische
                            communicatienetwerken (voor telecommunicatie en omroep), zoals
                            gedefinieerd in de Telecommunicatiewet: transmissiesystemen, waaronder
                            satellietnetwerken, vaste en mobiele terrestrische netwerken,
                            elektriciteitsnetten, voor zover deze voor overdracht van signalen
                            worden gebruikt en netwerken voor radio- en televisieomroep en
                            kabeltelevisienetwerken, die geheel of hoofdzakelijk worden gebruikt om
                            openbare elektronische communicatiediensten aan te bieden, waaronder
                            mede wordt begrepen een netwerk, bestemd voor het verspreiden van
                            programma's voor zover dit aan het publiek geschiedt. </al></li></lijst><al>Het gestelde bij de toelichting op de definitie van ‘kabels en leidingen’ ten
                    aanzien van de (gemeentelijke) riolering is hier tevens van toepassing.</al><al>‘Ondergronds’ heeft formeel betrekking op dat deel van de aarde vanaf het
                    maaiveld tot circa 10 km diepte, zij het dat in de praktijk graafwerkzaamheden
                    zich op veel beperktere diepte afspelen. </al><tussenkop>r. net voor transport van informatie</tussenkop><al>Ter wille van de volledigheid wordt aangegeven dat deze term, afgeleid van de
                    WION, de (openbare) elektronische communicatienetwerken betreft zoals bedoeld in
                    de Telecommunicatiewet.</al><tussenkop>s. netbeheerder</tussenkop><al>Het begrip netbeheerder <onderstreept>i</onderstreept>s de in deze verordening
                    gebruikte uniforme term voor de nutsbedrijven als de door het Rijk aangewezen
                    regionale netbeheerders èn voor de aanbieders (of operators) van de openbare
                    elektronische communicatienetwerken (dus zowel een kabel- als leidingbeheerder
                    die in de stad kabel- en leidinginfrastructuur aanlegt, in eigendom heeft of
                    beheert). Meestal zal deze netbeheerder een rechtspersoon zijn die kabel- en
                    leidinginfrastructuur aanlegt, in eigendom heeft of beheert, maar
                    formeel-wettelijk kan het ook een natuurlijk persoon zijn, handelend in de
                    uitvoering van een beroep of een bedrijf.</al><tussenkop>t. niet-openbare kabels en leidingen</tussenkop><al>De verordening en het daaraan ten grondslag liggende beleid zijn vooral ook
                    gericht op het effectief inzetten van beschikbare infrastructuren zodat het
                    gebruik maken van de bestaande openbare infrastructuren bevorderd wordt. In een
                    aantal gevallen zal het toch nodig zijn dat een niet niet-openbare voorziening
                    moet worden getroffen. Dat kan bijvoorbeeld een verbinding tussen 2 panden van
                    een organisatie zijn. Hoewel daarop geen gedoogplicht (en dus geen graafrecht)
                    van toepassing is, wordt wel aangegeven dat als de gemeente deze niet-openbare
                    verbinding toestaat, de procedure voor openbare netten geheel van toepassing
                    is.</al><tussenkop>u. nutsbedrijf</tussenkop><al>Deze definitie is opgenomen voor de volledigheid aangezien deze partijen (de
                    nutsbedrijven) de netbeheerders zijn van de netwerken die gebruikt worden voor
                    transport van bijv. elektriciteit, gas, drinkwater en warmte, en van daaruit aan
                    de orde zijn in het kader van deze procedures.</al><tussenkop>v. opdrachtgever</tussenkop><al>Veelal is de netbeheerder bij (graaf)werkzaamheden tevens de opdrachtgever. Een
                    derde partij kan tevens als opdrachtgever optreden namens de netbeheerder in het
                    realisatieproces, mits rechtsgeldig en voldoende door deze gemandateerd. Een
                    dergelijke andere partij of rechtspersoon kan ook een dochterbedrijf zijn dat
                    deze activiteiten uitvoert namens de netbeheerder. Aan de opdrachtgever komt in
                    de AVOI een eigen rol toe, omdat deze medeverantwoordelijk wordt gehouden voor
                    een juiste uitvoering en naleving van de rechten en verplichtingen. </al><tussenkop>w. openbare gronden</tussenkop><al>De gemeentelijke betrokkenheid is gericht op het beheer van openbare ruimte. De
                    openbare ruimte betreft de ruimte op of in de openbare gronden. Tot de openbare
                    gronden worden gerekend de openbare wegen, inclusief stoepen, glooiingen,
                    bermen, sloten, bruggen, viaducten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere
                    werken, evenals wateren inclusief de daartoe behorende bruggen, plantsoenen,
                    pleinen en andere plaatsen, die voor een ieder toegankelijk zijn. Deze definitie
                    verwijst naar de omschrijving zoals gehanteerd in de Telecommunicatiewet, welke
                    op haar beurt deels was afgeleid van die in de Wegenverkeerswet (openbare wegen,
                    openbare wateren). </al><tussenkop>x. spoedeisende werkzaamheden</tussenkop><al>Deze werkzaamheden worden apart gedefinieerd omdat hiervoor een lichter
                    procedureel regime geldt. De netbeheerder moet duidelijk maken dat deze
                    werkzaamheden redelijkerwijs geen uitstel kunnen dulden op grond van de
                    aangegeven belangen.</al><tussenkop>y. vergunning</tussenkop><al>Werkzaamheden dienen steeds vooraf gemeld te worden, waarbij onderscheid wordt
                    gemaakt tussen de (reguliere) werkzaamheden, werkzaamheden van niet ingrijpende
                    aard en werkzaamheden in verband met spoedeisende zaken (zoals bepaalde
                    storingen) en calamiteiten. Vooral voor de reguliere (graaf)werkzaamheden geldt
                    dat eerst gestart mag worden nadat door de gemeente op basis van een melding
                    vergunning is verleend op basis van een aanvraag (voor de nutsbedrijven). </al><al>Uitgangspunt is dat het verlenen van een vergunning bekend wordt gemaakt door
                    middel van informatie aan de aanvragende partij. Publicatie in meer algemene zin
                    is niet standaard, maar kan worden toegepast door de gemeente naar haar keuze,
                    bijvoorbeeld in het geval van grootschaliger en langduriger of ingrijpender
                    werkzaamheden.</al><tussenkop>z. voorzieningen</tussenkop><al>Dit begrip wordt gebruikt om aan te geven dat het bij de netten niet alleen gaat
                    om de fysieke kabels en leidingen maar ook om een veelheid aan ondersteunde of
                    beschermingswerken ten behoeve van die kabels en leidingen, waarop de
                    verordening ook betrekking heeft.</al><tussenkop>aa. werkzaamheden</tussenkop><al>De AVOI betreft werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en/of
                    opruiming van kabels en leidingen. Praktisch gezien betreft het veelal de
                    noodzakelijke graafwerkzaamheden. Hoewel de AVOI met name betrekking heeft op
                    mechanische werkzaamheden, vallen er formeel ook handmatige werkzaamheden onder.
                    Graafwerkzaamheden omvatten een scala van activiteiten, zoals aanleg,
                    uitbreiding, verplaatsing en verwijdering van netten, bouwwerkzaamheden als
                    heien van palen en het slaan van damwanden, bouwrijp maken van gronden, maar ook
                    diepploegen en uitbaggeren van sloten. </al><al>Tot de werkzaamheden als bedoeld in de AVOI behoren eveneens werkzaamheden in
                    verband met het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten of geleidingen.
                    Vanuit de door de gemeente te behartigen belangen wordt het nastreven van
                    medegebruik van bestaande voorzieningen gestimuleerd. </al><al>Werkzaamheden aan of het aanbrengen, het hebben of verwijderen van
                    infrastructuur brengen vaak overlast met zich. Dat kan bijvoorbeeld rechtstreeks
                    door de graafwerkzaamheden waarvoor de weg opengebroken moet worden, maar ook
                    bij het inrichten en gebruiken van de openbare ruimte als werkterrein (vooral
                    bij grotere werkzaamheden). </al><tussenkop>ab. werkzaamheden van niet ingrijpende aard</tussenkop><al>Het definiëren van het onderscheid tussen werkzaamheden van al dan niet
                    ingrijpende aard vloeit allereerst en formeel voort uit artikel 5.4, lid 5 van
                    de Telecommunicatiewet. Naast huisaansluitingen (tot een bepaalde lengte) worden
                    andere niet ingrijpende werkzaamheden aan een lichter regime onderworpen. Dit
                    kan omdat deze werkzaamheden veelal slechts gedurende relatief korte tijd in een
                    beperkt gedeelte van het netwerk worden verricht, en waarvan de impact relatief
                    beperkt en kortstondig is. Voor deze niet ingrijpende werkzaamheden geldt een
                    verkorte procedure voor het verkrijgen van een vergunning of instemmingsbesluit.
                    De plaatsing van onder- en bovengrondse kasten zoals handholes, ramputten en
                    schakelkasten valt niet onder deze niet ingrijpende werkzaamheden, ondanks dat
                    ze vaak wel binnen de daarvoor geldende normen voor oppervlakte en tijd vallen.
                    Omdat de exacte locatie van dergelijke kasten zeer zorgvuldig moet worden
                    afgewogen is voor deze werkzaamheden altijd een vergunning of instemmingsbesluit
                    vereist conform de reguliere procedure.</al><al>De definitie geeft op hoofdlijnen aan voor welke, limitatief bedoelde, situaties
                    deze lichtere procedure van toepassing kan zijn. Vaak gaat het dan om
                    werkzaamheden aan reeds bestaande kabels of leidingen en betreft het vaak een
                    beperkte lengte of oppervlakte die niet of nauwelijks het normale gebruik van de
                    openbare gronden beperken. Daarbij kan van belang zijn of rijbanen en andere
                    verhardingen of wateren, dan wel groenvoorzieningen, gekruist worden of dat er
                    wel of niet boringen noodzakelijk zijn.</al><tussenkop>Artikel 2 Toepasselijkheid</tussenkop><al>De toepasselijkheid is al hiervoor toegelicht bij de diverse
                    begripsbeschrijvingen. Ook wordt nogmaals het doel van deze verordening
                    omschreven: de beoogde regie door de gemeente.</al><al>Met het oog op de mogelijke samenhang met het bepaalde in de APV geldt dat waar
                    deze verordening geldt, de APV terug treedt.</al><tussenkop>Artikel 3 Nadere regels</tussenkop><al>De verordening wordt door de raad vastgesteld en geeft daarmee het gewenste
                    kader aan voor de sturing en regievoering bij voorgenomen graafwerkzaamheden in
                    de openbare ruimte. Ter uitwerking is in diverse artikelen van de verordening
                    voorzien in de mogelijkheid dat het college nadere regels stelt ter uitwerking.
                    Artikel 3 biedt als paraplu-bepaling een generieke mogelijkheid voor het
                    college. </al><tussenkop>Hoofdstuk 2 Melding en instemmingsbesluit / Aanvraag en
                    vergunning</tussenkop><tussenkop>Artikel 4 Vereiste van instemming of vergunning</tussenkop><al>Uitgangspunt van de AVOI is dat werkzaamheden in de openbare ruimte verboden
                    zijn, tenzij men beschikt over een vergunning of een instemmingsbesluit. Dat
                    uitgangspunt staat in dit artikel centraal en wordt qua procedure uitgewerkt in
                    artikel 5. Deze systematiek is in vrijwel alle gemeenten ook zo vastgelegd in de
                    APV als bron voor de huidige vergunningverlening voor de netwerken van de
                    nutsbedrijven. Het karakter van een vergunningstelsel in het algemeen
                    bestuursrecht is: de handelingen (in casu werkzaamheden in de openbare ruimte)
                    zijn toegestaan maar de gemeente wil plaats, tijd en werkwijze kunnen beoordelen
                    en bijsturen. Het wettelijk vastgelegde principe van graafrechten (onder
                    voorwaarden, voor openbare elektronische communicatienetwerken) in relatie tot
                    de vereiste instemming van het college is hiermee vertaald naar de AVOI en wordt
                    toegepast op alle betrokken werkzaamheden. </al><al>Conform het wettelijk bepaalde heeft die instemming betrekking op de plaats, het
                    tijdstip en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden, maar ook op het
                    bevorderen van medegebruik van voorzieningen en het afstemmen van voorgenomen
                    werkzaamheden met beheerders van overige in de grond aanwezige werken. Het
                    onderscheid met werkzaamheden van niet ingrijpende aard, spoedeisende
                    werkzaamheden en calamiteiten wordt in het tweede lid benoemd, gezien daarvoor
                    een eenvoudiger en snellere procedure op van toepassing is.</al><tussenkop>Artikel 5 Melding of aanvraag</tussenkop><al>In geval van voorgenomen werkzaamheden moet de melding (voor een
                    instemmingsbesluit voor de telecommunicatienetwerken) of aanvraag (voor de
                    netten van de nutsbedrijven) bij de gemeente plaatsvinden. Dat kan formeel bij
                    het college van burgemeester en wethouders, maar in de praktijk veelal bij de
                    gemachtigde afdeling of ambtenaar. De vereiste voorafgaande instemming van
                    gemeentewege heeft betrekking op het tijdstip, de plaats en de wijze waarop de
                    werkzaamheden plaatsvinden. Op het verlenen van dit besluit zijn ook de algemene
                    beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing; dit houdt onder andere in dat
                    het gelijkheidsbeginsel in acht moet worden genomen. </al><al>Een aanvrager kan over voorgenomen werkzaamheden vooroverleg voeren met het
                    college teneinde de melding of aanvraag, bedoeld in het eerste lid van dit
                    artikel, voor te bereiden. Ingewikkelder meldingen worden zonder vooroverleg
                    niet in behandeling genomen.</al><al>De maximale beslistermijn voor het college van 8 weken is conform de Awb. De
                    termijn voor niet ingrijpende werkzaamheden is korter en bij spoedeisende
                    werkzaamheden/calamiteiten kan worden volstaan met een kennisgeving, die tevoren
                    dient te worden gedaan. De gemeente moet vooraf akkoord gaan voordat gestart kan
                    worden met de werkzaamheden. Deze verstoringen zijn niet specifiek omschreven,
                    anders dan dat het veelal spoedeisende reparatie of onderhoud betreft zoals bij
                    een kabelbreuk. Motivering door de netbeheerder moet onderbouwen of de
                    belemmering of storing voldoende reden is om als spoedeisend of calamiteit te
                    worden aangemerkt.</al><al>Werkzaamheden kunnen tevens betrekking hebben op gronden van andere
                    gedoogplichtigen: dat kunnen instanties of (rechts)personen zijn binnen dezelfde
                    gemeente maar ook andere gemeentes. Ook kunnen op grond van een andere wet
                    andere vergunningen noodzakelijk zijn. Deze samenhang kan in de praktijk tot
                    lange doorlooptijden leiden. De wetgever staat formeel toe dat de gemeente
                    eventueel een deelinstemmingsbesluit verleent (voor een deeltraject of een
                    deelproject) zodat de aanvragende partij alvast op de hoogte is van deze
                    instemming en de daaraan te stellen voorwaarden, zodat met de verdere tracékeuze
                    en andere aanvragen rekening gehouden kan worden, of dat in principe zelfs al
                    begonnen kan worden met de werkzaamheden in dat deel van het gebied. De risico’s
                    verbonden aan deze aanpak (bijvoorbeeld dat door latere vergunningverlening door
                    een ander orgaan de aanvankelijke gemeentelijke aanvraag of het
                    tracéaangepast moet worden, en dus wellicht opnieuw moet worden gedaan)
                    moeten dan in projectmatige zin opgepakt en afgestemd worden (vooral bij
                    grootschaliger aanleg). Algemeen gesproken zal het gebruik van deze mogelijkheid
                    slechts in specifieke en goed overwogen situaties kunnen plaatsvinden.</al><al>In eerste instantie is de aanvrager zelf verplicht met alle betrokken instanties
                    of (rechts)personen naar overeenstemming te streven. Als de aanvrager dat
                    verzoekt, zal de gemeente inhoudelijke afstemming van de beoordeling van de
                    ingediende aanvragen bij andere bestuursorganen (bijvoorbeeld een waterschap)
                    nastreven (= bemiddeling). Daartoe moeten op het formulier (contact)gegevens
                    over deze andere aanvragen vermeld worden. Voor private partijen blijft de
                    aanvrager zelf verantwoordelijk.</al><al>Als werkzaamheden worden verricht in nader aan te wijzen gebieden is de
                    uitzonderingsbepaling voor minder ingrijpende of spoedeisende werkzaamheden niet
                    van toepassing. Als voorbeelden worden genoemd risicogebieden als
                    industriegebieden met buisleidingen voor transport van gevaarlijke stoffen,
                    historische stadskernen of straten of natuurgebieden. Dan is het niet
                    aanvaardbaar dat zonder specifiek toezicht van de gemeente wordt gegraven. Deze
                    gebieden dienen dus specifiek benoemd te worden. Het college wordt door de Raad
                    bevoegd verklaard deze gebieden te benoemen indien dat van toepassing is.</al><tussenkop>Artikel 6 Gegevensverstrekking</tussenkop><al>Dit artikel is gericht op de wijze waarop een aanvraag of melding moet worden
                    gedaan, welke gegevens verstrekt moeten worden en welke formulieren gebruikt
                    moeten worden. Het betreft die informatie die de gemeente als beheerder van
                    openbare gronden nodig heeft om een juiste beoordeling te maken en inzicht te
                    hebben in de belangen die door de voorgenomen werkzaamheden worden geraakt. De
                    specifieke voorwaarden en de formulieren worden om praktische redenen niet in de
                    verordening opgenomen, maar in een collegebesluit met nadere regels op grond van
                    deze verordening. Deze zogenaamde indieningsvereisten worden in de vorm van
                    nadere regels vastgelegd en opgenomen in het Handboek Kabels en Leidingen. Er
                    wordt gebruik gemaakt van standaardformulieren: het formulier voor de reguliere
                    melding/aanvraag en het formulier voor niet ingrijpende (of spoedeisende)
                    werkzaamheden.</al><al>Instemming of vergunningverlening zal op aanvraag van de verzoekende partij
                    plaatsvinden. De aanvrager geeft aan wat de gewenste startdatum is. De gemeente
                    kan, gemotiveerd, bijvoorbeeld met het oog op andere graafwerkzaamheden,
                    aanpassingen aanbrengen, waarbij de wet een maximale uitsteltermijn van 12
                    maanden aangeeft. De Regeling schriftelijke kennisgeving aanleg
                    kabels(Staatscourant 15-01-2007, nr. 10) schrijft voor kabels van
                    elektronische communicatienetwerken voor dat de melding aangetekend moet worden
                    verstuurd. Dit vereiste is in de AVOI niet als uniforme eis opgenomen, maar het
                    kan in het belang van de verzoekende partij zelf zijn om via aangetekende
                    verzending duidelijkheid te hebben over datum en tijd van indiening. Een
                    aanvraag of melding wordt in behandeling genomen (en dan beginnen de termijnen
                    te lopen) indien en zodra alle vereiste gegevens compleet zijn. Deze bevoegdheid
                    is vastgelegd in Awb art. 4:5. Conform het besluit met nadere regels dient ook
                    opgave te worden gedaan van eventueel benodigde ondergrondse of bovengrondse
                    kasten, waartoe ook eventuele handholes worden gerekend. Van belang kan zijn dat
                    bijvoorbeeld ook een Omgevingsvergunning (krachtens de Wabo) vereist is.</al><al>Op grond van de in 2008 van kracht geworden Wet Informatie-uitwisseling
                    Ondergrondse Netten (WION) is registratie van de kabels en leidingen wettelijk
                    verplicht (bij het Kadaster). Van de netbeheerders wordt verwacht dat zij hun
                    kabels en leidingen zo registreren dat inzicht steeds kan worden geboden. Er is
                    enige samenhang van bepalingen uit de WION (nationale wetgeving) en de AVOI
                    (gemeentelijke verordening). De WION heeft (veralgemeniseerd) betrekking op het
                    voorkomen van graafschade via een plicht tot zorgvuldig graven èn een plicht tot
                    een zorgvuldige en tijdige informatie-uitwisseling. De WION bepaalt in artikel
                    44 dat het onverlet laat dat de gemeente in het belang van de openbare orde en
                    veiligheid bij verordening voorschriften kan geven over het verrichten van
                    graaf-werkzaamheden, waaronder het binden van graafwerkzaamheden aan het hebben
                    van een vergunning. </al><tussenkop>Artikel 7 Beslistermijnen</tussenkop><al>De beslistermijn is gelijk aan de meld/aanvraagtermijn zodat de werkzaamheden op
                    de geplande datum kunnen aanvangen, mits aan de voorwaarden tijdig en geheel
                    voldaan is. Op grond van de Awb is de gemeente verplicht binnen een redelijke
                    termijn een besluit te nemen, welke termijn geacht wordt te zijn verstreken na
                    verloop van 8 weken. </al><al>Expliciet wordt in het vijfde lid bepaald dat de Lex Silencio Positivo, oftewel
                    de positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen, zoals die is
                    vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht, niet van toepassing is op deze
                    verordening.</al><tussenkop>Artikel 8 Geldigheid</tussenkop><al>Dit artikel beperkt de werkingsduur van het instemmingsbesluit of vergunning om
                    uitvoering geruime tijd na afgifte te voorkomen. Eventueel tussentijds gewijzigd
                    gebruik van gronden kan de uitvoering van werkzaamheden alsnog onwenselijk
                    maken. In gevallen waar uitvoering en voorbereiding een langere doorlooptijd
                    vergen, dient dat bij de melding te worden aangegeven en kan hiermee bij het
                    verlenen van het instemmingsbesluit of vergunning rekening worden gehouden.</al><al>Daarnaast wordt met dit artikel voorzien in de mogelijkheid om een
                    vergunning/instemming te wijzigen of in te trekken in bepaalde, limitatief
                    benoemde, situaties. Hiermee wordt geen rechtsonzekerheid voor netbeheerders
                    beoogd, maar wordt wel nagestreefd dat de noodzakelijke voorwaarden voor de
                    gewenste regievoering ook worden vervuld.</al><al>Indien van toepassing, conform het bepaalde in het vierde lid, wordt
                    bestuursrecht toegepast om de opgebroken openbare ruimte te laten herstellen in
                    de oorspronkelijke situatie. </al><tussenkop>Artikel 9 Voorschriften, beperkingen en weigeringsgronden</tussenkop><al>Het college kan door middel van nadere regels aan een instemmingsbesluit
                    voorschriften en beperkingen verbinden of een vergunning weigeren dan wel
                    daaraan voorschriften en beperkingen verbinden. Omwille van uniformiteit is
                    aangegeven welk soort voorschriften en beperkingen dit kunnen zijn. Ze hebben
                    vooral te maken met de wijze van uitvoering en zijn gericht op de belangen die
                    de gemeente geacht wordt te behartigen. Het voor de dagelijkse praktijk meest
                    sprekende praktische voorbeeld van deze nadere regels zijn de lokale regels en
                    voorwaarden in het zogenaamde ‘Handboek’, welke voorwaarden standaard van
                    toepassing zijn op uit te voeren werkzaamheden. Eventuele specifieke aanvullende
                    voorschriften kunnen bij verlening van de instemming of vergunning worden bekend
                    gemaakt. Dit Handboek is of wordt door het college vastgesteld.</al><al>Dit artikel (dan wel de nadere regels die door het college zijn vastgesteld)
                    bevat bepalingen over het herstel van de openbare ruimte nadat het werk heeft
                    plaatsgevonden: een beginselplicht tot het herstellen van de openbare ruimte. In
                    beginsel wordt uitgegaan van de “aangetroffen staat” van de infrastructuur.
                    Voorzien wordt in het mogelijk maken van (in principe) een drietal gemeentelijke
                    opname-momenten: een vooropname, een opleveringsopname en een overdrachtsopname
                    na de onderhoudstermijn van 1 jaar. Dit om te voorkomen dat later niet meer
                    duidelijk is hoe de staat van de openbare ruimte was voor aanvang van de
                    werkzaamheden. </al><al>Voor de berekening van de schadevergoeding zoals opgenomen in het vierde lid, en
                    nader verwerkt in het Handboek Kabels en Leidingen, worden vooralsnog als basis
                    gehanteerd de grondslagen van herstraattarieven conform de ‘Leidraad voor
                    gemeenten en nutsbedrijven inzake (her-)straatwerkzaamheden (van overleg orgaan
                    nutsvoorzieningen en de vereniging van Nederlandse gemeenten). </al><tussenkop>Hoofdstuk 3 Overige bepalingen</tussenkop><al>In dit hoofdstuk is noodzakelijkerwijs onderscheid gemaakt tussen overige
                    bepalingen die generiek geldend zijn, bepalingen die veelal om wettelijke
                    redenen alleen van toepassing kunnen zijn op de telecommunicatienetwerken
                    (oftewel openbare elektronische communicatienetwerken) en bepalingen die
                    specifiek gelden voor de netten van de nutsbedrijven. </al><tussenkop>Hoofdstuk 3a Overige bepalingen algemeen</tussenkop><tussenkop>Artikel 10 Eigendom</tussenkop><al>De gemeente wil de regie kunnen voeren en daarmee de gewenste coördinatie
                    realiseren. Daartoe is de AVOI ontwikkeld. Uitdrukkelijk wil de gemeente
                    aangeven dat zij met deze procedures niet beoogt het eigendom of andere rechten
                    (en verplichtingen) op de kabels of leidingen te verwerven. Het zakelijk
                    karakter van de instemming of vergunning is er opdat een nieuwe aanbieder, die
                    gebruik maakt van de kabel, ook de instemming of vergunning heeft, en zich houdt
                    aan de voorschriften. De wettelijke bepalingen (vooral het Burgerlijk Wetboek)
                    zijn van toepassing op het eigendom van kabelnetwerken. Wettelijk is al bepaald
                    dat het uitgesloten is dat de gemeente door het verlenen van een vergunning of
                    het geven van een instemmingsbesluit eigenaar wordt van de kabels en/of
                    leidingen en/of netwerken waarop die vergunning of het instemmingsbesluit
                    betrekking heeft.</al><tussenkop>Artikel 11 Overleg</tussenkop><al>Meldingen voor projecten/werkzaamheden worden in vooroverleg met de
                    gemeentelijke coördinator besproken. Ingewikkelder meldingen worden zonder
                    vooroverleg niet in behandeling genomen. </al><al>In de praktijk heeft de gemeente periodiek overleg met netbeheerders en
                    grondroerders. Dit overleg krijgt een formele status, zonder dat deelnemers
                    hieraan rechten ontlenen. Verwacht wordt dat partijen in hun eigen belang
                    deelnemen aan dit overleg en dat de gemeente hen zal uitnodigen. Doelstelling
                    van het overleg is tijdige informatie-uitwisseling over plannen (van zowel de
                    gemeente als de gravende partijen) zodat men waar mogelijk daarop tijdig kan
                    inspelen. Mede daarom is het van belang dat niet alleen over voorliggende korte
                    termijnplannen gesproken wordt, maar dat ook de plannen op 3 tot 5-jarige
                    termijn ingebracht worden, met inzicht in geplande, voorgenomen en gerealiseerde
                    vervangingen, zowel ondergrondse als de relevante bovengrondse plannen,
                    inclusief, waar mogelijk, de plannen van woningcorporaties . Dit overlegorgaan
                    is afhankelijk van deelname van alle relevante partijen. Belangrijk is dat voor
                    zowel de dagelijkse praktijk als de meerjarenplanning namens de gemeente en
                    netbeheerders bevoegde en geïnformeerde vertegenwoordigers aan het overleg
                    deelnemen. Dit overleg heeft een formele en structurele basis. Dit laat onverlet
                    dat partijen die voornemens zijn werkzaamheden te verrichten met de gemeente in
                    die concrete situaties in vooroverleg treden. </al><tussenkop>Artikel 12 Niet-openbare kabels en leidingen</tussenkop><al>De gemeente gedoogt onder te stellen voorwaarden kabels en leidingen met een
                    publieke of openbare functie in de ondergrondse openbare ruimte. De gemeente
                    krijgt ook aanvragen van particuliere partijen voor het leggen, hebben en
                    onderhouden van kabels en leidingen in de ondergrond van de gemeente. De
                    ondergrondse ruimte is echter beperkt (schaars). Bovendien heeft de gemeente
                    wettelijk jegens de kabels en leidingen van de openbare nuts- en telecompartijen
                    verplichtingen bij het ter beschikking stellen van ondergrondse ruimte voor
                    kabels en leidingen. Tevens wil de gemeente de bedrijfsvoering van de openbare
                    nuts- en telecompartijen niet negatief beïnvloeden door het toestaan van
                    concurrerende particuliere voorzieningen c.q. voorzieningen die ook door
                    bestaande partijen, binnen het kader van hun reguliere bedrijfsvoering voor
                    klanten kan worden gerealiseerd. Vanwege het intensieve gebruik van de
                    ondergrondse ruimte en de veiligheidsrisico’s hanteert de gemeente als
                    gedragslijn dat geen toestemming wordt verleend voor het leggen van private of
                    niet-openbare kabels c.q. leidingen (anders dan kabels en leidingen met een
                    publieke of openbare functie) van/door particulieren en bedrijven in/onder de
                    openbare ruimte, met uitzondering voor al verleende toestemmingen. Particulieren
                    en bedrijven die een eigen verbinding wensen te realiseren, moeten dan ook bij
                    voorkeur gebruik maken van de dienstverlening van een openbare aanbieder. </al><al>Toch zijn er uitzonderingssituaties waarbij het aanleggen van particuliere
                    voorzieningen belangrijk is voor de behoefte van de aanvrager en niet strijdig
                    is met de belangen van openbare nuts- en telecompartijen. Indien de beschikbare
                    ondergrondse ruimte het toestaat kan de gemeente onder strikte voorwaarden
                    toestemming geven om een dergelijke voorziening aan te leggen. Uitgangspunt
                    hierbij is dat de gemeente onder geen beding nu of in de toekomst belemmering
                    ondervindt dan wel schade leidt door de gelegde voorziening. Tevens is het
                    redelijk en billijk dat degene die voordeel heeft van de voorziening (de
                    neteigenaar) aan de gemeente een jaarlijkse vergoeding betaalt voor het gebruik
                    van de ondergrond (Precario). Bij werkzaamheden met niet-openbare kabels en
                    leidingen in openbare gronden geldt uitdrukkelijk géén wettelijke gemeentelijke
                    gedoogplicht, maar wordt de AVOI in procedureel opzicht van overeenkomstige
                    toepassing verklaard. Dat houdt in dat een voornemen tot het uitvoeren van
                    (graaf)werkzaamheden voor niet-openbare kabels/leidingen in openbare gronden
                    vooraf aangevraagd moet worden bij de gemeente, en dat de gemeente
                    beleidsvrijheid heeft die vergunning al dan niet te verlenen (of de voorwaarden
                    te bepalen).</al><al>Voorwaarde voor toestemming is dat de private aanvrager moet aantonen dat aan de
                    wettelijke verplichtingen (Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten)
                    wordt voldaan en dat onderhoud en beheer van de verbinding is gegarandeerd.
                    Tevens moet een geldende verklaring worden overlegd dat de verbinding niet
                    fysiek door een openbare netwerkaanbieder kan worden aangeboden.</al><al>Om dit goed te reguleren moet voor iedere toegestane particuliere voorziening
                    een overeenkomst worden afgesloten tussen de gemeente en de betreffende
                    neteigenaar. Hierin worden de volgende aansprakelijkheden van de gemeente
                    afgedekt:</al><lijst><li nr="1."><al>De gemeentelijke verplichting om aan neteigenaren/beheerders van
                            openbare nuts- en/of openbare elektronische communicatienetwerken een
                            ongestoorde en veilige bedrijfsvoering ten behoeve van de levering van
                            producten en/of diensten middels hun netten te garanderen.</al></li><li nr="2."><al>De gemeentelijke verplichtingen, krachtens de Wet Informatievoorziening
                            Ondergrondse Netten ten aanzien van weesleidingen.</al></li><li nr="3."><al>De gemeentelijke taakstelling ten aanzien van het beperken van overlast
                            voor haar burgers alsmede voor vervoer- en hulpdiensten door
                            werkzaamheden aan ondergrondse netten.</al></li><li nr="4."><al>De gemeentelijke verantwoordelijkheid naar openbare nuts- en
                            telecombedrijven ten aanzien van de verplichtingen uit de
                            telecommunicatiewet, de elektriciteitswet, de gaswet en de
                            waterwet.</al></li><li nr="5."><al>De gemeentelijke vrijheid om de inrichting van de openbare ruimte te
                            wijzigen en/of openbare gronden te verkopen dan wel particuliere gronden
                            te verwerven.</al></li><li nr="6."><al>Alle terzake van de particuliere kabels en leidingen gemaakte en te
                            maken kosten mogen niet ten laste komen van de gemeentebegroting.</al></li><li nr="7."><al>Indien de particuliere kabel of leiding buiten functie raakt moet deze
                            zo spoedig mogelijk weer door de eigenaar uit de ondergrond worden
                            verwijderd.</al></li></lijst><al>De technische voorschriften voor het leggen van de voorzieningen zijn vastgelegd
                    in het Handboek Kabels en Leidingen. Verzoeken voor het verleggen van
                    niet-openbare kabels en leidingen dienen op kosten van de eigenaar van de kabels
                    en leidingen te worden uitgevoerd. </al><tussenkop>Artikel 13 Informatieplicht</tussenkop><al>Wettelijk is voor openbare elektronische communicatienetwerken voorzien in
                    regels rond kabels (en aanpalende voorzieningen als lege mantelbuizen) voor de
                    duur van de gedoogplicht. Daarbij is van belang de daadwerkelijke situatie of
                    die kabels en leidingen (nog) deel uit maken van een dergelijk netwerk.
                    Onderscheid is er tussen bestaande lege mantelbuizen en nieuw te leggen lege
                    mantelbuizen. </al><al>Voor de gemeente is het niet doenlijk zelfstandig voldoende zicht te houden op
                    het al dan niet in gebruik zijn van de voorzieningen. De netbeheerders worden
                    geacht een kabel- en leidingregistratie bij te houden en de gemeente te
                    informeren (op verzoek van de gemeente dan wel op eigen initiatief) over
                    voorzieningen als lege mantelbuizen. Wijzigingen kunnen ook optreden door het
                    vervallen van het openbare karakter van gronden, dat dan gevolgen heeft voor de
                    kabels en leidingen in die gronden.</al><tussenkop>Hoofdstuk 3b Overige bepalingen voor kabels ten dienste van een openbaar
                    elektronisch telecommunicatienetwerk</tussenkop><tussenkop>Artikel 14 (Mede)gebruik van voorzieningen</tussenkop><al>Door de aanvrager dan wel het college geëntameerd overleg naar aanleiding van
                    een melding of aanvraag, is er mede op gericht te bepalen of en zo ja langs
                    welke delen van het tracé gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen
                    als bedoeld in het eerste lid van dit artikel.</al><al>De aanvrager wordt door middel van de gestelde nadere regels verplicht bij zijn
                    aanvraag of melding aan te geven welke inspanningen zijn gedaan om te voldoen
                    aan het vereiste van dit artikel. Dit medegebruik heeft betrekking op de
                    telecommunicatienetwerken.</al><tussenkop>Hoofdstuk 3c Overige bepalingen voor kabels en leidingen uitgezonderd
                    kabels ten dienste van een openbaar elektronisch
                    telecommunicatienetwerk</tussenkop><tussenkop>Artikel 15 Verleggingen van leidingen</tussenkop><al>Op het verleggen van kabels van elektronische communicatienetwerken zijn de
                    wettelijke regels (Telecommunicatiewet) van toepassing, volgens het principe
                    ‘liggen om niet, verplaatsen om niet’. Gezien de wettelijke regels rechtstreeks
                    van toepassing zijn, stelt de verordening geen nadere regels.</al><al>Voor verleggingen van kabels en leidingen van de nutsbedrijven zijn enkele
                    beperkte procedurele regels opgenomen. Nadere en meer specifieke afspraken
                    kunnen worden gemaakt in het kader van afstemming in het geval van mogelijke
                    verlenging of actualisering van bestaande privaatrechtelijke afspraken tussen de
                    nutsbedrijven en de gemeente. Een netbeheerder is verplicht te verleggen als dat
                    noodzakelijk is voor werken door of vanwege de gemeente. </al><al>De verrekening van kosten wordt vooralsnog bepaald aan de hand van de tussen
                    partijen van toepassing zijnde afspraken, totdat er algemeen geldende regels
                    hieromtrent zijn overeengekomen. Procedureel geldt als praktische richtlijn dat
                    als de gemeente nadeelcompensatie moet bieden aan een netbeheerder, dit slechts
                    zal geschieden op basis van een voldoende nauwkeurig gespecificeerd
                    kostenoverzicht.</al><tussenkop>Artikel 16 Verwijderen van kabels en leidingen</tussenkop><al>Aangegeven is dat formeel gezien een netbeheerder verplicht is op aanzeggen van
                    de gemeente leidingen te verwijderen als de vergunning is verlopen/beëindigd of
                    als de betreffende kabels en leidingen buiten gebruik zijn gesteld. Vooral bij
                    reconstructies moeten buiten gebruik gestelde kabels en leidingen worden
                    verwijderd. Uiteraard zal dit gegeven de consequenties steeds in afstemming
                    tussen de gemeente en de betrokken netbeheerder gebeuren, mede om onnodige
                    overlast voor omwonenden te beperken. </al><tussenkop>Hoofdstuk 4 Toezicht en handhaving (algemeen)</tussenkop><tussenkop>Artikel 17 Toezicht en handhaving</tussenkop><al>Dit artikel heeft mede ten doel alle betrokken partijen bewust te maken van het
                    niet-vrijblijvende karakter van de AVOI. Uitgangspunt is dat partijen zich
                    houden aan de bepalingen. Indien partijen zich niet houden aan de voorschriften
                    en beperkingen, behoudt de gemeente zich nadrukkelijk het recht voor gebruik te
                    maken van haar bevoegdheden, vooral en in eerste instantie bestuursrechtelijk,
                    maar niet noodzakelijk daartoe beperkt. Bestuursrechtelijk zijn de Awb
                    (hoofdstuk 5) en de Gemeentewet van toepassing met bepalingen inzake de
                    toezichthouder, bestuursdwang, last onder dwangsom en bestuurlijke boete. De
                    bevoegdheid tot bestuursrechtelijke handhaving is veelal gemandateerd en de
                    toezichthouder wordt aangewezen. Vooruitlopend op de bestuursrechtelijke
                    handhaving, kan de toezichthouder in voorkomende gevallen (indien noodzakelijk,
                    vooral om geen onomkeerbare situatie te creëren en onevenredige overlast te
                    vermijden) bevelen de werkzaamheden stil te leggen. </al><al>Indien en voor zover nodig kunnen daarnaast of aansluitend ook de
                    civielrechtelijke en strafrechtelijke mogelijkheden benut worden.
                    Strafrechtelijke consequenties vloeien vooral voort uit de mogelijke
                    overtredingen van de Wet op de economische delicten (WED). Er is voor gekozen
                    aan te sluiten bij het generieke gemeentelijke toezicht- en handhavingsbeleid,
                    waarbij enkele materiegebonden sanctiemaatregelen benoemd zijn in het Handboek
                    Kabels en Leidingen. </al><tussenkop>Artikel 18 Naleving voorschriften</tussenkop><al>Geen nadere toelichting</al><tussenkop>Artikel 19 Bevoegdheid college</tussenkop><al>Geen nadere toelichting</al><tussenkop>Hoofdstuk 5 Overgangs- en slotbepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 20 Inwerkingtreding</tussenkop><al>Geen nadere toelichting.</al><tussenkop>Artikel 21 Overgangsbepalingen</tussenkop><al>Geen nadere toelichting.</al><tussenkop>Artikel 22 Citeertitel</tussenkop><al>Geen nadere toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>