<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR32637_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Marktgeldverordening 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Maastricht</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-09-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Maastricht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2010, C. no. 13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Marktgeldverordening 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 299, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-11</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Volgno. 118-2009</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt de Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden Maastricht 2010</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      MARKTGELDVERORDENING MAASTRICHT 2010
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>DE RAAD VAN DE GEMEENTE MAASTRICHT,</al>
          <al>gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 24 november 2009,
                        no. 2009-48212</al>
          <al>Gehoord de commissies “Economische en Sociale Zaken”, “Stadsbeheer, Milieu
                        en Mobiliteit”, “Stadsontwikkeling ”, “Middelen”, “ Breed Welzijn”,
                        “Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid”;</al>
          <al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de
                        Gemeentewet;</al>
          <al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al>
          <al>
            <vet>Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden Maastricht 2010</vet>
          </al>
          <al>(Marktgeldverordening Maastricht 2010).</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 1. Begripsomschrijvingen</label>
          </kop>
          <al>Deze verordening verstaat onder:</al>
          <al>markt: een door de gemeente ingestelde en beheerde warenmarkt;</al>
          <al>marktterrein: de grond, die gedurende door het college van
                                burgemeester en wethouders te bepalen tijden is bestemd voor het
                                houden van een warenmarkt;</al>
          <al>verkoopplaats: een als zodanig, door het college van burgemeester en
                                wethouders voor het verhandelen van waren, aangewezen plaats op een
                                marktterrein;</al>
          <al>vaste standplaats: een verkoopplaats die voor onbepaalde tijd aan
                                een vergunninghouder is toegewezen;</al>
          <al>tijdelijke standplaats: een verkoopplaats die nog niet of niet
                                opnieuw als vaste standplaats is toegewezen dan wel op een marktdag
                                niet door de vergunningouder daarvan wordt ingenomen en die per
                                marktdag wordt toegewezen;</al>
          <al>standwerkersplaats: een verkoopplaats die per marktdag wordt
                                uitgegeven om daarop te standwerken;</al>
          <al>vergunninghouder: de natuurlijke persoon, die een verkoopplaats
                                toegewezen heeft gekregen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 2. Belastbaar feit</label>
          </kop>
          <al>Onder de naam marktgeld wordt een recht geheven voor het ter
                                beschikking stellen van een verkoopplaats ten behoeve van het
                                uitstallen, aanbieden of verkopen van goederen op markten alsmede de
                                reinigingskosten</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 3. Belastingplicht</label>
          </kop>
          <al>Marktgeld wordt geheven van een natuurlijke persoon, die een
                                verkoopplaats toegewezen heeft gekregen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 4. Maatstaf van de heffing en belastingtarief</label>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Marktgeld wordt geheven per m2 oppervlakte van de verkoopplaats
                                per markt:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>Voor de markten die plaatsvinden op de Markt en de
                                Boschstraat:</al><lijst>
                  <li nr="-"><al>per halve dageenheid € 0,52;</al></li>
                  <li nr="-"><al>per dag € 1,04;</al></li>
                  <li nr="-"><al>per jaar € 48,76;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="b."><al>Voor de markten die plaatsvinden op de overige locaties:</al><lijst>
                  <li nr="-"><al>per halve dageenheid € 0,45;</al></li>
                  <li nr="-"><al>per dag € 0,92;</al></li>
                  <li nr="-"><al> per jaar € 42,94;</al></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Gedeelten van een vierkante meter worden voor een vierkante meter
                                gerekend.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 5. Belastingtijdvak</label>
          </kop>
          <al>Het belastingtijdvak loopt van 1 januari tot en met 31
                                december.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 6. Wijze van heffing</label>
          </kop>
          <al>Het marktgeld wordt geheven:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>voor het ter beschikking stellen van een vaste standplaats:
                                        door middel van een gedagtekende kennisgeving of andere
                                        schriftuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld;</al></li>
            <li nr="b."><al>voor het ter beschikking stellen van een tijdelijke
                                        standplaats of standwerkersplaats: door middel van een
                                        dagvergunning, waarop de tijdelijke standplaats en de datum
                                        van de dag waarop de standplaats wordt ingenomen, alsmede
                                        het gevorderde bedrag is aangeven;</al></li>
            <li nr="c."><al>voor het ter beschikking stellen van zowel een vaste
                                        standplaats als een tijdelijke standplaats door een zelfde
                                        vergunninghouder, waarbij de tijdelijke standplaats voor
                                        meer dan één dag doch voor bepaalde tijd beschikbaar is
                                        gesteld aan de vergunninghouder: door middel van een
                                        gedagtekende kennisgeving of andere schriftuur waarop het
                                        gevorderde bedrag is vermeld;</al></li>
            <li nr="d."><al>Voor het ter beschikking stellen van zowel een vaste
                                        standplaats als een tijdelijke standplaats door een zelfde
                                        vergunningouder, waarbij de tijdelijke standplaats voor de
                                        duur van één dag beschikbaar is gesteld aan de
                                        vergunninghouder: ten aanzien van de vaste standplaats door
                                        middel van een gedagtekende kennisgeving of andere
                                        schriftuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld ten
                                        aanzien van de vaste standplaats; ten aanzien van de
                                        tijdelijke standplaats voor de duur van één dag door middel
                                        van een dagvergunning, waarop de datum van de dag waarop de
                                        tijdelijke standplaats wordt ingenomen, alsmede het
                                        gevorderde bedrag is aangegeven.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 7. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Marktgeld is verschuldigd bij het begin van het
                                        belastingjaar of, zo dit later is, op het tijdstip waarop de
                                        standplaats wordt ingenomen.</al></li>
            <li nr="2."><al>Indien de belastingplicht ten aanzien van de vaste
                                        standplaatsen in de loop van het belastingtijdvak aanvangt
                                        is marktgeld verschuldigd voor zoveel marktdagen als er in
                                        dat belastingtijdvak, na de aanvang van de belastingplicht,
                                        nog marktdagen overblijven.</al></li>
            <li nr="3."><al>Indien de belastingplicht ten aanzien van de vaste
                                        standplaatsen in de loop van het belastingtijdvak eindigt
                                        bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel marktdagen als
                                        er in dat belastingtijdvak, na het einde van de
                                        belastingplicht, nog marktdagen overblijven, tenzij het
                                        bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,–.</al></li>
            <li nr="4."><al>Belastingbedragen van minder dan € 5,-- worden niet
                                        geheven.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 8. Tijdstip van betaling</label>
          </kop>
          <al>Marktgeld wordt in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de
                                Invorderingswet betaald:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>voor het innemen van een vaste standplaats: in vier gelijke
                                        termijnen, waarvan de eerste termijn vervalt 14 dagen na de
                                        dagtekening van de kennisgeving. Elk van de volgende
                                        termijnen vervallen telkens drie maanden later;</al></li>
            <li nr="b."><al>voor het innemen van een tijdelijke standplaats: 14 dagen na
                                        de dagtekening van de kennisgeving;</al></li>
            <li nr="c."><al>voor het innemen van zowel een vaste standplaats als een
                                        tijdelijke standplaats, waarbij de tijdelijke standplaats
                                        voor meer dan één dag doch voor bepaalde tijd beschikbaar is
                                        gesteld aan de vergunninghouder: in drie gelijke termijnen,
                                        waarvan de eerste termijn vervalt 14 dagen na de dagtekening
                                        van de kennisgeving. Elk van de volgende termijnen vervallen
                                        telkens drie maanden later;</al></li>
            <li nr="d."><al>voor het innemen van zowel een vaste standplaats als een
                                        tijdelijke standplaats door een zelfde vergunninghouder,
                                        waarbij de tijdelijke standplaats voor de duur van één dag
                                        beschikbaar is gesteld aan de vergunninghouder: ter zake van
                                        de vaste standplaats in drie gelijke termijnen, waarvan de
                                        eerste termijn vervalt 14 dagen na de dagtekening van de
                                        kennisgeving. Elk van de volgende termijnen vervallen
                                        telkens drie maanden later. Ter zake van de tijdelijke
                                        standplaats: 14 dagen na de dagtekening van de
                                        kennisgeving.</al></li>
            <li nr="e."><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                        voorgaande leden gestelde termijnen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 9. Kwijtschelding</label>
          </kop>
          <al>Bij de invordering van marktgeld wordt geen kwijtschelding
                                verleend.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 10. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</label>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven
                                met betrekking tot de heffing en de invordering van marktgeld.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel</label>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De “Marktgeldverordening 2009” van 16 december 2008 wordt
                                        ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde
                                        datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij
                                        van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor
                                        die datum hebben voorgedaan.</al></li>
            <li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste
                                        dag na die van de bekendmaking.</al></li>
            <li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010.</al></li>
            <li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als
                                        “Marktgeldverordening Maastricht 2010”.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>