<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR325542_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Nadere beleidsregels uitvoering Regionale woonvisie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bronckhorst</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bronckhorst</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Contact, 18 maart 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Nadere beleidsregels uitvoering Regionale woonvisie</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet ruimtelijke ordening</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0020449">Wet ruimtelijke ordening</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk1/Titel11/Artikel13">Art. 1:3, lid 4 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk4/Titel43/Artikel481">Art. 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk4/Titel43/Artikel482">Art. 4:82 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk4/Titel43/Artikel483">Art. 4:83 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk4/Titel43/Artikel484">Art. 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0024779">Art. 2.33, lid 2 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-02-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-11-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-11-20</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z59978 RD14-00745</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Nadere beleidsregels uitvoering Regionale woonvisie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenteraad, respectievelijk het college van burgemeester en wethouders
                        van Bronckhorst;</al><al/><al>overwegende dat:</al><al/><al>- de uitvoering van de door de gemeenteraad in januari 2011 vastgestelde
                        regionale woonvisie vergt dat de woningbouwplannen voor de gemeente
                        Bronckhorst worden teruggebracht van ruim 1200 woningbouwplannen tot een
                        netto-toename van 385 voor (inmiddels) de periode 2010 - 2025 ( was
                        2010-2020);</al><al/><al>- de gemeenteraad daarvoor aan burgemeester en wethouders beleidskaders
                        heeft meegegeven, die er toe hebben geleid dat de woningbouwplannen op dit
                        moment zijn teruggebracht tot netto ruim 450 woningen; </al><al/><al>- voor de kwaliteitslag, in het kader van "de juiste woning op de juiste
                        plaats", het bouwen voor de doelgroepen van beleid de hoogste prioriteit
                        verdient;</al><al/><al>- voor de toekomstig te verwachten situatie in het Buitengebied, als ook de
                        te verwachten toename van leegstand in de winkelcentra in de diverse kernen,
                        woningbouw als alternatief alleen soelaas kan bieden, voor zover vallend
                        binnen de voor Bronckhorst geldende woningbouwruimte/-aantallen;</al><al/><al>- om die redenen het streven er eerder op gericht dient te zijn de huidige
                        plannen, zo mogelijk, nog onder het aantal van 385 te brengen;</al><al/><al>- maatregelen. als het intrekken van niet-benutte omgevingsvergunningen
                        (activiteit bouwen) voor woningen, maar ook het schrappen van al jaren als
                        zodanig bestemde bouwkavels (slapende capaciteit, direct bouwtitel) daartoe
                        kunnen bijdragen:</al><al/><al>- de gemeenteraad recentelijk het op deze wijze schrappen van bouwkavels
                        (slapende capaciteit) niet in alle gevallen rechtvaardig vindt en dit voor
                        hem aanleiding is geweest aan te dringen op aanpassing van de kaders, voor
                        situaties waarin sprake is van een kennelijke onbillijkheid;</al><al/><al>- die onbillijkheid zich met name voordoet in situaties, waarin in het
                        verleden door belanghebbenden medewerking is verleend aan een
                        grondtransactie voor realisatie van een exploitatiegebied en het toewijzen
                        van een bouwkavel(= rechtstreekse bouwtitel) een aantoonbare relatie heeft
                        met die transactie; </al><al/><al>- dit aanleiding vormt dit begrip nader te omschrijven in
                        beleidsregels;</al><al/><al>- de ‘hardheidsclausule’ in de door burgemeester en wethouders op 31 januari
                        2012 vastgestelde “ Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning voor de
                        activiteit bouwen” te expliciteren en deze ook van toepassing te verklaren
                        op het annex daaraan verbonden voornemen tot het wegbestemmen van de
                        woonbestemming;</al><al/><al>gelet op het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening, artikel 1:3, lid 4 van
                        de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikel 4:81 tot en met 4:84 Awb en
                        artikel 2.33 lid 2 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
                        (Wabo);</al><al/><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><al/><al>voor het schrappen van slapende capaciteit de volgende beleidsregels te
                        hanteren en deze, voor zover van toepassing, tevens te lezen als
                        aanvulling/wijziging op de door burgemeester en wethouders op 30 januari
                        2012 vastgestelde beleidsregels intrekking omgevingsvergunningen voor de
                        activiteit bouwen:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Afzien van schrappen-, respectievelijk laten herleven van
                            bouwmogelijkheid</titel></kop><al>In situaties, waarin bij de toewijzing van de kavel in het bestemmingsplan
                        in het verledeneen aantoonbare relatie bestaat met het door belanghebbende,
                        dan wel zijn rechtsvoorgangers, verlenen van een privaatrechtelijke
                        medewerking aan een grondtransactie, in het kader van realisatie van een
                        woonwijk c.q. een bedrijventerrein of de ontsluiting daarvan</al><al>(= exploitatiegebied):</al><lijst><li nr="1."><al>blijft het schrappen van de bouwkavel tot 1 juli 2015 achterwege,
                                danwel</al></li><li nr="2."><al>voorzover reeds geschrapt in het kader van de uitvoering van de
                                regionale woonvisie:</al><lijst><li nr="a."><al>wordt aan belanghebbenden tot uiterlijk 1 juli 2014 de
                                        gelegenheid geboden aan te tonen dat zich een situatie
                                        voordoet als bedoeld in dit artikel, waarna zij tot 1
                                        januari 2015 de gelegenheid krijgen om een aanvraag voor een
                                        omgevingsvergunning voor een woning in te dienen;</al></li><li nr="b."><al>spant het college van burgemeester en wethouders zich
                                        maximaal in aan die vergunning, wat betreft de planologische
                                        aspecten, medewerking te verlenen middels de (buitenplanse)
                                        afwijkingsbevoegdheid;</al></li><li nr="c."><al>zal wat betreft de planologische regels daarbij zoveel
                                        mogelijk worden aangesloten bij die van de geschrapte
                                        bouwkavel;</al></li><li nr="d."><al>blijven de meerkosten voor die afwijkingsprocedure in dat
                                        geval voor rekening van de gemeente;</al></li><li nr="e."><al>krijgen belanghebbenden vervolgens de gelegenheid gedurende
                                        een termijn van 3 jaar na het onherroepelijk worden van de
                                        vergunning de woning daadwerkelijk te realiseren;</al></li><li nr="f."><al>zullen burgemeester en wethouders, in afwijking van de
                                        geldende beleidsregels intrekking omgevingsvergunningen voor
                                        de activiteit bouwen, gedurende de onder punt e. genoemde
                                        termijn geen gebruik maken van hun bevoegdheid in deze;</al></li><li nr="g."><al>zal bij realisatie van de woning deze ook positief bestemd
                                        worden in het bestemmingsplan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>In situaties, waarin een belanghebbende in goed vertrouwen heeft
                        geïnvesteerd in de bouwplannen-/kavel en het ongedaan maken ervan voor hem
                        tot een onevenredig zwaar financieel nadeel leidt, zullen burgemeester en
                        wethouders dit aspect zwaar meewegen bij hun beslissing voor een voorstel
                        tot schrappen van slapende capaciteit, danwel het intrekken van de
                        omgevingsvergunning en/of het voornemen om een woonbestemming weg te
                        bestemmen. In voorkomende gevallen zullen zij in dat geval met toepassing
                        van de hardheidsclausule gemotiveerd kunnen afwijken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze beleidsregels in werking treden op 20 november 2013.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>a.de gemeenteraad van Bronckhorst in zijn openbare vergadering van 27
                        februari 2014.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>(Plv.) M. Nengerman (Plv.) J. Bergervoet</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>b.het college van burgemeester en wethouders in haar vergadering van 21
                        januari 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De secretaris, De burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>A.van Hout H.A.J. Aalderink</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>Met ‘slapende capaciteit’ wordt gedoeld op al jaren niet-benutte bouwkavels, dus
                    een rechtstreekse bouwtitel, in bestemmingsplannen. Het schrappen daarvan is één
                    van de door de gemeente ingezette mogelijkheden voor het terugbrengen van de
                    woningbouwcapaciteit volgens de Regionale woonvisie. </al><al>Bij de uitvoering ervan heeft de gemeenteraad aangegeven dat het schrappen van
                    slapende capaciteit tot onbillijkheid kan leiden.</al><al>Deze beleidsregels geven invulling aan dat begrip.</al><al>Naast het schrappen van slapende capaciteit zijn in de in november 2011
                    gepubliceerde lijst ook woningbouwplannen opgenomen waarvoor procedures tot
                    intrekking van de omgevingsvergunning en/of het wegbestemmen van een
                    woonbestemming lopen dan wel kunnen worden gestart. Ook hiervoor geldt de
                    hardheidsclausule.</al><al/><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>Als de bouwkavel aantoonbaar is toegekend als onderdeel van een
                    privaatrechtelijke transactie (grondruil/-, aan- en verkoop gronden voor de
                    uitvoering van een woonwijk of industrieterrein): </al><lijst><li nr="a."><al>blijft het schrappen tot 1 juli 2015 achterwege.</al></li><li nr="b."><al>krijgen belanghebbenden, indien de kavel bij de uitvoering van de
                            regionale woonvisie reeds is geschrapt, de mogelijkheid tot 1 juli 2014
                            aan te tonen dat zich een situatie als bedoeld in dit artikel voordoet,
                            waarna zij alsnog de mogelijkheid krijgen via een voor 1 januari 2015
                            aan te vragen omgevingsvergunning, de bouwmogelijkheid te laten
                            herleven. </al></li><li nr="c."><al>De regels voorzien in het onder b genoemde geval in een
                            uitvoeringstermijn van 3 jaar na onherroepelijk worden van de
                            vergunning. Dit in afwijking van de op 30 januari 2012 vastgestelde
                            beleidsregels.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al> De beleidregels voorzien ook in een hardheidsclausule. </al><al>De al geldende regel bij intrekkingsbeleid “In bijzondere gevallen kunnen
                    burgemeester en wethouders afwijken, wegens bijzondere omstandigheden die voor
                    belanghebbenden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te
                    dienen doelen” is explicieter gemaakt.</al><al/><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>Bepaalt de datum van inwerkingtreding.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>