<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR324784_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van watertoeristen-belasting 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Sluis</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Sluis</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zeeuwsch-Vlaams Advertentieblad, 20 december 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening watertoeristenbelasting 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 224 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 2</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van watertoeristen-belasting 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gemeente Sluis</vet></al><al><vet>De raad van de gemeente Sluis;</vet></al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van november 2012;</al><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al><al>gezien het advies van de commissie Samenleving/Middelen van 4 december 2012;</al><al><vet>besluit:</vet></al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>Verordening op de heffing en invordering van watertoeristen-belasting 2013</vet></al><al><vet>(Verordening watertoeristenbelasting 2013)</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>vaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebezigd voor vakantie of
                        andere recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="b."><al>lengte: de lengte over alles;</al></li><li nr="c."><al>vaste ligplaats: een ligplaats die naar plaatselijk gebruik is bestemd voor
                        het regelmatig afmeren of ter anker leggen van een zelfde vaartuig gedurende
                        een periode van ten minste een maand;</al></li><li nr="d."><al>etmaal: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren, aanvangend om 21.00
                        uur;</al></li><li nr="e."><al>maand: een aaneengesloten tijdvak van 30 etmalen;</al></li><li nr="f."><al>seizoen: het tijdvak van 1 april tot en met 1 november;</al></li><li nr="g."><al>kapitein: de gezagvoerder van een vaartuig of degene die deze
                        vervangt;</al></li><li nr="h."><al>passanten: diegenen die verblijf houden in de gemeente, met of op een
                        vaartuig, zonder het hebben van een ligplaats.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente op of met vaartuigen
                  waarvoor wegens de aanwezigheid in het watergebied van de gemeente in welke vorm
                  dan ook een vergoeding wordt betaald door personen, die niet als ingezetene met
                  een adres in de gemeente in de basisregistratie personenzijn ingeschreven, wordt
                  onder de naam ‘watertoeristenbelasting’ een directe belasting geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die tegen vergoeding gelegenheid biedt tot
                     verblijf als bedoeld in artikel 2 aan hem ter beschikking staande ligplaatsen
                     dan wel op of met hem ter beschikking staande vaartuigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                     degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te
                     wijzen, is belastingplichtig de kapitein, de eigenaar of de gebruiker van een
                     vaartuig als in artikel 2 bedoeld dan wel een ander persoon die werkelijk
                     verblijf houdt aan boord van een dergelijk vaartuig.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van:</al><lijst><li nr="a."><al>een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot verpleging of
                              verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van
                              bejaarden;</al></li><li nr="b."><al>kano’s, roei- en volgboten;</al></li><li nr="c."><al>motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4 meter;</al></li><li nr="d."><al>een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het
                              gemeentelijke watergebied bevindt;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de heffing
                        en invordering van toeristenbelasting; </al></li><li nr="3."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                        Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van
                        artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze
                        persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de
                        Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang
                        Asielzoekers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar het aantal etmalen dat verblijf is
                     gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt een gedeelte van een etmaal voor een
                     vol etmaal gerekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><al>Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een
                  belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is aangewezen:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal personen die verblijf hebben gehouden, bepaald op 2,5;</al></li><li nr="b."><al>het aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen verblijf is
                        gehouden, bepaald op 18,5.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren voor niet forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6, wordt op een door de
                  belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                  vastgesteld op het werkelijke aantal etmalen dat verblijf is gehouden, indien
                  blijkt dat dit aantal lager is dan het op de voet van artikel 6 berekende
                  aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per persoon per etmaal: € 1,15.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan een kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van belastingheffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Geen belastingaanslag wordt opgelegd indien het aantal etmalen dat gelegenheid
                  tot verblijf</al><al>is of wordt gegeven, gedurende het belastingtijdvak minder dan tien zal of heeft
                  belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de
                  aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de </al><al>laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
                  aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.</al><al>2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande lid
                  gestelde termijnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van watertoeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                  verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat
                     hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                     gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door
                     het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren,
                     bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet,</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verplichting als bedoeld in het voorgaande lid geldt niet voor de
                     belastingplichtige die met betrekking tot het jaar voorafgaand aan het
                     belastingjaar in de heffing van de toeristenbelasting betrokken is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Registratieplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden
                     verblijfhoudenden te registreren in een daarvoor bestemd en door de gemeente
                     verstrekt nachtregister.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders stelt genoemd nachtverblijfregister
                     kosteloos beschikbaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                     betrekking tot de inrichting en gebruik van het nachtverblijfregister.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover de
                     belastingplichtige gebruik maakt van de forfaitaire berekeningswijze van de
                     heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 6.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking
                  tot de heffing en de invordering van de watertoeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening watertoeristenbelasting 2011’, vastgesteld bij raadsbesluit van
                  23 december 2010, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 18 genoemde datum
                  van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                  belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de
                     bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening watertoeristenbelasting
                  2013’.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr/><titel>Inwerkingtreding 1e wijziging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De 1e wijziging van de Verordening Watertoeristenbelasting 2013 treedt in
                     werking met ingang van 1 januari 2014</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is gelijk aan de datum van
                     inwerkingtreding.</al></lid></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>