<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR324698_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening hondenbelasting 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2013, 4849</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening hondenbelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 226 en 255 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>13-078</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening hondenbelasting 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zevenaar;</al><al/><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 november 2013, nr.
                        IN13.06098 ;</al><al>gelet op de artikelen 226 en 255 van de Gemeentewet;</al><al><vet>besluit:</vet></al><al>vast te stellen de:</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting
                            2014</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam “hondenbelasting” wordt een directe belasting geheven ter zake
                        van het houden van een hond binnen de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>– Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is de houder van een hond.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als houder wordt aangemerkt degene, die, onder welke titel dan ook, een
                            hond in bezit, ter verzorging of onder toezicht heeft, tenzij blijkt dat
                            een ander de houder is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt
                            als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid,
                            onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeente-ambtenaar aan te
                            wijzen lid van dat huishouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van honden:</al><lijst><li nr="a."><al>die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden, ofwel waarvan
                                de houder blijkens een te overleggen bewijs is belast met de
                                opvoeding tot geleidehond;</al></li><li nr="b."><al>die uitsluitend dienen om gehandicapte personen te geleiden, ofwel
                                waarvan de houder blijkens een te overleggen bewijs is belast met de
                                opvoeding tot gehandicaptenhond;</al></li><li nr="c."><al>die verblijven in een hondenasiel als bedoeld in artikel 1, onder c,
                                van het Honden- en Kattenbesluit 1999, welk asiel is opgenomen in
                                het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd
                                besluit;</al></li><li nr="d."><al>die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden
                                gehouden in een bedrijfsinrichting als bedoeld in artikel 1, onder
                                b, van het Honden- en kattenbesluit 1999, welke inrichting is
                                opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid,
                                van genoemd besluit;</al></li><li nr="e."><al>die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de
                                moederhond worden gehouden;</al></li><li nr="f."><al>die door ambtenaren van politie worden gehouden ter verrichting van
                                opsporingsdiensten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>– Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>– Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedraagt per belastingjaar voor de:</al><lijst><li nr="a."><al>eerste hond € 62,40;</al></li><li nr="b."><al>tweede en volgende hond van dezelfde houder, per hond €
                                    93,60;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het voorgaande lid bedraagt de belasting
                            voor honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van
                            beheer op kynologisch gebied in Nederland, € 249,60 per jaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>– Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>– Gecontinueerde belastingplicht</titel></kop><al>Ten aanzien van de belastingplichtige aan wie over het vorige belastingjaar
                        een aanslag werd opgelegd, wordt de belasting geheven naar hetzelfde aantal
                        honden als waarnaar bedoelde aanslag werd opgelegd, tenzij aangetoond wordt
                        dat bedoeld aantal honden waarvoor de belastingplichtig geldt, wijziging
                        heeft ondergaan of blijkt dat de belastingplicht vóór de aanvang van het
                        belastingjaar is beëindigd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>– Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo
                            dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, dan wel het
                            aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de
                            belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het
                            toegenomen aantal honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten
                            van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de
                            aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het
                            aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan
                            wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde
                            van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal
                            honden, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Belastingaanslagen van minder dan € 9,- worden niet opgelegd. Voor de
                            toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één
                            aanslagbiljet verenigde belastingaanslagen aangemerkt als één
                            belastingaanslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk twee maanden na de
                            dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt ingeval het
                            totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                            aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, minder is dan €
                            5.000,- en de verschuldigde bedragen door middel van automatische
                            incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden
                            afgeschreven, dat:</al><lijst><li nr="a."><al>aanslagen, waarvan de dagtekening ligt tussen 1 januari en 1
                                    juli van het belastingjaar waarop ze betrekking hebben, moeten
                                    worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand
                                    van dagtekening van het aanslagbiljet tot en met september nog
                                    maanden in het belastingjaar overblijven;</al></li><li nr="b."><al>aanslagen, waarvan de dagtekening ligt na 1 juli van het
                                    belastingjaar waarop ze betrekking hebben, moeten worden betaald
                                    in drie gelijke termijnen. Bij het van toepassing zijn van het
                                    vorenstaande vervallen de incassotermijnen op de laatste werkdag
                                    van de maand, waarbij de eerste termijn ten minste tien dagen na
                                    de dagtekening van de aanslag valt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Kwijtschelding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de invordering van hondenbelasting, zoals bedoeld in artikel 5,
                            eerste lid onder a. (eerste hond), wordt in afwijking van de
                            Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990: a. het percentage voor de
                            kosten van bestaan gesteld op 100%; b. de kwijtscheldingsnorm voor
                            personen van 65 jaar of ouder gesteld op 100 % van de toepasselijke
                            netto AOW-bedragen; c. bij het bepalen van het netto-besteedbare inkomen
                            rekening gehouden met de netto-kosten van kinderopvang; d. aan personen
                            die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefenen (kleine ondernemers)
                            kwijtschelding verleend voor privé-belastingschulden, onder de
                            voorwaarden die voor natuurlijke personen/niet-ondernemers gelden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de invordering van de hondenbelasting, zoals bedoeld in artikel 5,
                            eerste lid onder b. en tweede lid, wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>– Nadere regels door het college van burgemeester en
                            wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de hondenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>– Overgangsbepaling</titel></kop><al>De “Verordening hondenbelasting 2013”, vastgesteld bij raadsbesluit van 19
                        december 2012, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid
                        genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van
                        toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                        voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>- Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de
                            bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>- Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening hondenbelasting
                        2014”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Zevenaar, gehouden op 18 december 2013. De griffier, De voorzitter,</al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>