<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR324532_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Cliëntenparticipatie WWB 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-01-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws 2012, 1</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Cliëntenparticipatie WWB 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 147, eerste en derde lid, en artikel 108, tweede lid Gemeentewet en artikel 47 Wet werk en bijstand</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2012-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-09-26</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB11.0163</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Regeling vervangt de Verordening Cliëntenparticipatie WWB en WIJ 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Cliëntenparticipatie WWB 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader
                            worden omschrevenhebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en
                            bijstand ende Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet : Wet werk en bijstand;</al></li><li nr="b."><al>het college : het college van Burgemeester en Wethouders;</al></li><li nr="c."><al>de gemeente : de gemeente Den Helder;</al></li><li nr="d."><al>cliënt : de persoon die bijstand ingevolge de WWB ontvangt of
                                    aan wie op grond van artikel 7 eerste lid WWB door de
                                    gemeente ondersteuning wordt geboden; </al></li><li nr="e."><al>CAR : Cliëntenadviesraad WWB;</al></li><li nr="f."><al>belangenorganisaties : organisaties die de belangen van cliënten
                                    behartigen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met cliëntenparticipatie wordt beoogd meerwaarde te bereiken in de
                            kwaliteit van de dienstverlening bij de uitvoering van de wet. Voor dit
                            doel wordt een organisatie in het leven geroepen die zal opereren onder
                            de naam Cliëntenadviesraad WWB.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De CAR verschaft inzicht in wat er onder cliënten leeft in samenhang met
                            de beoordeling van de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening en
                            waar mogelijk te komen tot een grotere inbreng van cliënten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De CAR is contactpunt in de gemeente voor cliënten en
                            belangenorganisaties en is aanspreekpunt voor gemeentebestuur,
                            gemeenteraad en gemeenteambtenaren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken en bevoegdheden CAR</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De CAR geeft gevraagd en ongevraagd advies of doet voorstellen aan
                                het college en/of de gemeenteraad over zaken die betrekking hebben
                                op beleid, de beleidsontwikkeling en de uitvoering op het gebied van
                                de Wet werk en bijstand en daarmee samenhangende regelingen
                                (inclusief het minimabeleid). Evenals de uitvoering van: de Wet
                                maatschappelijke ondersteuning, de Wet inburgering en
                                schuldhulpverlening.</al></li><li nr="2."><al>De CAR heeft de bevoegdheid alle aangelegenheden die de uitvoering
                                en de kwaliteit van de dienstverlening door de afdeling
                                Publiekszaken (locatie Drs. F. Bijlweg 2) van de gemeente raken, in
                                overlegvergaderingen aan de orde te stellen.</al></li><li nr="3."><al>De CAR heeft het recht om over alle informatie te beschikken die hij
                                nodig acht voor de vervulling van zijn taken, mits het verkrijgen
                                van die informatie niet in strijd is met de wet- en/of
                                regelgeving.</al></li><li nr="4."><al>De CAR stelt jaarlijks een inhoudelijk verslag op over de
                                werkzaamheden over het voorgaande</al><al> jaar.</al></li><li nr="5."><al>De CAR is niet bevoegd te adviseren over klachten, bezwaar- en
                                beroepschriften en andere zakendie op individuele cliënten
                                betrekking hebben, met uitzondering van de hierbij gehanteerde
                                procedures en regelingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling van de cliëntenadviesraad</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> De CAR bestaat uit cliënten van de afdeling Publiekszaken (locatie
                                Drs. F. Bijlweg 2) en vormen zoveel mogelijk een representatieve
                                vertegenwoordiging van de doelgroepen van de afdeling.</al></li><li nr="2."><al>In het kader van de Wet SUWI kunnen ook cliënten van het werkplein
                                (UWV) bij de participatie betrokken worden.</al></li><li nr="3."><al>Indien er geen of onvoldoende respons is vanuit de doelgroep om
                                zitting te nemen in de CAR, zullen belangenorganisaties benaderd
                                worden om deel te gaan nemen.</al></li><li nr="4."><al>Het minimum aantal leden van de cliëntenadviesraad is 3 en het
                                maximum aantal leden 7.</al></li><li nr="5."><al>De leden kiezen uit hun midden een voorzitter en een
                                secretaris.</al></li><li nr="7."><al>Het lidmaatschap van de CAR is onverenigbaar met het de functie van
                                lid van de gemeenteraad, lid van een commissie uit de gemeenteraad,
                                fractieassistent, lid van het college of ambtenaar van de
                                gemeente.</al></li><li nr="8."><al>Op ad hoc basis kan de CAR één of meerdere deskundigen uitnodigen
                                aan een vergadering deel te nemen. Deze perso(o)n(en) tellen niet
                                mee voor de bepaling van het officiële ledenaantal. Zij hebben geen
                                stemrecht tot de door de CAR uit te brengen adviezen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Benoeming, zittingsduur, rechtsbescherming en beëindiging
                            lidmaatschap</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Benoeming van de leden in artikel 4 gebeurt door het college op voorstel
                            van de CAR.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de CAR worden benoemd voor een periode van vier jaar, welke
                            periode gelijk is aan de zittingsduur van de gemeenteraad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na deze periode van vier jaar kan een herbenoeming volgen van nog één
                            keer vier jaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het lidmaatschap van een lid van de CAR eindigt op de dag na die waarop
                            sprake is van:</al><lijst><li nr="a."><al>het verstrijken van de zittingstermijn;</al></li><li nr="b."><al>vestiging in een andere gemeente;</al></li><li nr="c."><al>het niet meer behoren tot de doelgroep (artikel 4 lid 1);</al></li><li nr="d."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="e."><al>overlijden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden van de CAR worden benoemd, geschorst en ontslagen door het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het lidmaatschap eindigt tevens als er tegen (verdere) deelname door een
                            persoon ernstige bezwaren zijn gerezen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien zich omstandigheden als bedoeld in het zesde lid voordoen, dan
                            wordt de beslissing tot beëindiging van het lidmaatschap van de CAR
                            genomen door het college.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Binnen twee weken, nadat het college heeft besloten de persoon als
                            bedoeld in het eerste lid van verdere deelname aan de CAR uit te
                            sluiten, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk en gemotiveerd in
                            kennis gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Werkwijze CAR</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In het kader van de cliëntenparticipatie vraagt het college de CAR om
                            advies. De adviesraad is ook gerechtigd om uit eigen beweging advies uit
                            te brengen aan het college. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college vraagt de CAR in ieder geval advies over het gemeentelijke
                            beleid over de uitvoering van de Wet werk en bijstand en het
                            minimabeleid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd dat het uitgebrachte
                            advies toegevoegd kan worden aan het college en de gemeenteraad ter
                            beschikking te stellen stukken. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat van de zijde van de gemeente aan de
                            CAR de nodige informatie tijdig wordt verstrekt voor het naar behoren
                            kunnen functioneren van de adviesraad. Het betreft hier alle informatie
                            die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te begrijpen en
                            ontwikkelingen te kunnen volgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergadering en besluiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De CAR vergadert ten minste zes maal per jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een advies of initiatiefvoorstel van de CAR wordt met meerderheid van
                            stemmen uitgebracht en schriftelijk vastgelegd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Besluiten van de CAR worden genomen in vergaderingen waarbij minimaal de
                            helft van het aantal leden aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Stemming van zaken gebeurt hoofdelijk of schriftelijk.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Notulen van de vergaderingen worden ter kennisname verzonden aan het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De vergaderingen zijn in beginsel openbaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ondersteuning van de CAR</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ten behoeve van de CAR wordt jaarlijks in de begroting een budget
                                opgenomen.</al></li><li nr="2."><al>Ten laste van het budget kunnen, ter beoordeling van het college,
                                onder meer kosten worden gebracht die verband houden met gemaakte
                                onkosten, kosten voor deskundigheidsbevordering en
                                organisatiekosten. </al></li><li nr="3."><al>De leden van de CAR ontvangen een persoonlijke onkostenvergoeding
                                die gekoppeld is aan de maximale vergoeding vrijwilligersregeling
                                Belastingen.</al></li><li nr="4."><al>De gemeente stelt ambtelijke ondersteuning, vergaderruimte en
                                kopieerfaciliteiten beschikbaar ten behoeve van het naar behoren
                                kunnen functioneren van de CAR.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bevoegdheid college</titel></kop><al>Het college kan met betrekking tot de uitvoering van deze verordening nadere
                        regels stellen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: ‘Verordening
                        Cliëntenparticipatie WWB 2012’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Na haar bekendmaking treedt de verordening in werking op 1 januari
                                2012, tenzij de Wet “Wijziging van de Wet werk en bijstand en
                                samenvoeging van die wet met de Wet investeren in jongeren gericht
                                op bevordering van deelname aan de arbeidsmarkt en vergroting van de
                                eigen verantwoordelijkheid van uitkeringsgerechtigden” (nr. 32 815)
                                op een latere datum in werking treedt, in welk geval deze
                                verordening in werking treedt op diezelfde latere datum.</al></li><li nr="2."><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening wordt
                                ingetrokken de Verordening Cliëntenparticipatie WWB &amp; WIJ 2010,
                                door de raad vastgesteld in zijn vergadering van 14 februari 2011 en
                                met terugwerkende kracht op 1 augustus 2010 in werking
                                getreden.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december 2011.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Koen Schuiling, voorzitter </ondertekening><ondertekening>mr. drs. M. Huisman, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Artikelsgewijze toelichting</label></kop><divisie><kop><label>Inleiding</label></kop><al>In artikel 47 van de Wet werk en bijstand is geregeld dat de gemeenteraad
                        bij verordening regels vaststelt over de wijze waarop de doelgroep, zoals
                        opgenomen in artikel 7 eerste lid WWB, of hun vertegenwoordigers betrokken
                        worden bij de uitvoering van de WWB. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><label>Begripsomschrijving</label></kop><al>Er is voor gekozen om begrippen die al zijn omschreven in de WWB niet
                        afzonderlijk te definiëren in de verordening. In het tweede lid worden
                        omschrijvingen gegeven van begrippen die meer dan eens in de verordening
                        voor komen waarvan het van belang is dat er telkens hetzelfde onder wordt
                        verstaan. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><label>Doelstelling</label></kop><al>De gemeente heeft behoefte aan ondersteuning bij de uitvoering van de WWB in
                        de vorm van een klankbord. Daarnaast is er de politieke en bestuurlijke wens
                        om via interactieve beleidsontwikkeling de stem van de burger beter door te
                        laten klinken en zo een kwaliteitsimpuls aan de uitvoering te geven. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><label>Taken en bevoegdheden van de CAR</label></kop><al><vet>Lid 2</vet></al><al>Tot de taak van de CAR wordt in ieder geval gerekend het informeren en
                        adviseren over het uitvoeringsbeleid en de uitvoeringspraktijk. Daarbij kan
                        gedacht worden aan: de bejegening van cliënten, de schriftelijke en </al><al>mondelinge informatievoorziening, het serviceniveau, de bereikbaarheid,
                        wachttijden, privacybescherming, (klachten-) procedures, evenals het
                        signaleren van ontwikkelingen, klanttevredenheidsonderzoeken. </al><al><vet>Lid 3</vet></al><al>De CAR zorgt er voor dat na afloop van het kalenderjaar er een verslag komt
                        over de activiteiten van het voorgaande jaar.</al><al><vet>Lid 4</vet></al><al>Tenslotte is de CAR niet bevoegd om aan individuele belangenbehartiging te
                        doen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><label>Samenstelling CAR</label></kop><al>In dit artikel is geregeld dat de cliëntenadviesraad door cliënten wordt
                        gevormd. Als ervaringsdeskundigen kan van de cliënten veel informatie
                        verwacht worden over de gevolgen van beleid en over de wijze van uitvoering.
                        Indien er vanuit de cliënten onvoldoende respons komt om zitting te nemen in
                        de adviesraad, kunnen belangenorganisaties die met dit terrein bekend zijn,
                        worden benaderd.</al><al>Als belangenorganisaties (gaan) deelnemen, hebben zij het recht om het
                        namens hen benoemde lid/leden tussentijds gemotiveerd te vervangen. </al><al>In dit artikel is ook opgenomen welke (gemeentelijke) functies niet
                        verenigbaar zijn met het lidmaatschap van de cliëntenadviesraad. Wij
                        verstaan daar ook onder leden van adviescommissies die namens een in de raad
                        vertegenwoordigde politieke partij daarin zitting hebben. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><label>Benoeming, zittingsduur, rechtsbescherming en beëindiging lidmaatschap</label></kop><al><vet>Lid 1</vet></al><al>De leden worden door het college benoemd voor een bepaalde periode welke
                        gelijk loopt met de zittingsperiode van de gemeenteraad. De zittingsperiode
                        kan verlengd worden met eenzelfde (raads) periode. </al><al><vet>Lid 4</vet></al><al>Er is een beperkt aantal redenen om het lidmaatschap te beëindigen. Dat
                        gebeurt automatisch als de zittingsduur is afgelopen (a), als de persoon
                        door een verhuizing geen inwoner meer is van de gemeente (b), als iemand
                        niet meer tot de doelgroep van PBZ hoort (c), als iemand daar zelf om vraagt
                        (d) en door overlijden (e).</al><al><vet>Lid 6</vet></al><al>In de Algemene wet bestuursrecht (artikel 2:2 Awb) is bepaald dat een
                        bestuursorgaan iemand kan weigeren als vertegenwoordiger als er tegen die
                        persoon ernstige zijn gerezen bestaan. Op analoge wijze is de bepaling in de
                        verordening opgenomen. Omdat het gaat om een zeer bijzondere situatie wordt
                        geen definitie gegeven van die omstandigheden, juist omdat er vanuit gegaan
                        wordt dat een dergelijke omstandigheid zich alleen bij zeer hoge
                        uitzondering zal voordoen. Deze bepaling is louter in de verordening
                        opgenomen voor het geval een dergelijke, hopelijk zeer uitzonderlijke,
                        situatie zich voordoet.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><label>Werkwijze CAR</label></kop><al><vet>Lid 1</vet></al><al>De CAR kan gevraagd en ongevraagd adviezen geven over beleid en
                        beleidsontwikkeling op het terrein van de WWB en het gemeentelijke
                        minimabeleid.</al><al><vet>Lid 2</vet></al><al>De afdeling Publiekszaken voert daarnaast de werkzaamheden uit in het kader
                        van de WMO (individuele voorzieningen), Wet inburgering en
                        schuldhulpverlening. Voor wat betreft deze regelingen is er niet een directe
                        wettelijke verplichting om advies te vragen aan de CAR. In voorkomende
                        gevallen zal dit wel gevraagd kunnen worden voor zover er geen sprake is van
                        andere adviesorganen op dit terrein (bijv. WMO platform).</al><al><vet>Lid 3</vet></al><al>Het uitbrengen van een advies is aan een termijn gebonden, omdat dit advies
                        toegevoegd moet worden aan de stukken voor de Gemeenteraad. Er moet gedacht
                        worden aan een termijn van vier weken, behalve in uitzonderlijke gevallen
                        waarvoor meer tijd noodzakelijk is, zoals bij klanttevredenheidsonderzoeken.
                        De cliëntenadviesraad stelt het college schriftelijk op de hoogte van haar
                        advies. Een advies van de cliëntenadviesraad is niet bindend. Indien het
                        college afwijkt van het advies wordt dit door hen schriftelijk
                        gemotiveerd.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><label>Vergadering en besluiten</label></kop><al><vet>Lid 2</vet></al><al>Het college vindt de inbreng van cliënten belangrijk om inzicht in het
                        functioneren van de eigen organisatie te verkrijgen en de dienstverlening
                        waar nodig te verbeteren. In de dialoog tussen de wethouder,
                        afdelingsmanager en de voorzitter van de cliëntenadviesraad zal een
                        duidelijke meerwaarde voor de kwaliteit van de dienstverlening door de
                        afdeling Publiekszaken ontstaan. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><label>Ondersteuning van de CAR</label></kop><al><vet>Lid 2</vet></al><al>Het college draagt er zorg voor dat de leden van de cliëntenadviesraad
                        scholing kunnen ontvangen om hun taken te kunnen uitvoeren. Deze scholing
                        kan omvatten: de hoofdlijnen van en relevante ontwikkelingen op het gebied
                        van de WWB dan wel sociale zekerheid, trainingen op het terrein van
                        vergadertechniek en voorzitterschap. </al><al>Het college zorgt ook voor vergaderaccommodatie en daarbij behorende
                        aanvullende voorzieningen. Het college draagt er zorg voor dat de
                        cliëntenadviesraad, in de vorm van een ambtelijke ondersteuning, adequaat
                        wordt ondersteund.</al><al><vet>Lid 3</vet></al><al>Omdat burgers die vertegenwoordigd zijn in gemeentelijke adviesraden
                        daarvoor presentiegelden kunnen ontvangen, zijn wij van mening dat de leden
                        van de CAR een persoonlijke onkostenvergoeding dienen te ontvangen. Om te
                        voorkomen dat deze persoonlijke onkostenvergoeding in mindering gebracht
                        wordt op de uitkering, wordt het bedrag als een onkostenvergoeding
                        vrijwilligerswerk aangemerkt (artikel 31 tweede lid sub k en l WWB). Het
                        bedrag is afgestemd op de fiscale forfaitaire vrijwilligersregeling zoals
                        die op grond van de Coördinatiewet sociale verzekeringen geldt voor de
                        werknemersverzekering en deze vergoeding wordt ook door de belastingdienst
                        buiten beschouwing gelaten. Dit betekent wel dat zowel binnen een maand als
                        binnen een kalenderjaar rekening gehouden moet worden met het maximale
                        aantal bijeenkomsten van de cliëntenadviesraad en het maximale bedrag van de
                        vrijwilligersvergoeding (zowel per maand als op jaarbasis in verband met
                        verrekening met uitkering of bijtelling belastingdienst) dat verstrekt kan
                        worden. </al><al>De persoonlijke onkostenvergoeding is in ieder geval bestemd voor de
                        uitgaven die gemoeid zijn voor de vervoerskosten tussen woonhuis en de
                        plaats waar de vergadering van de adviesraad wordt gehouden, evenals
                        gesprekskosten telefoon.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><label>Bevoegdheid college</label></kop><al>In gevallen waarin niet is voorzien dan wel voor een juiste uitvoering van
                        de verordening kan het college, in goed overleg met de cliëntenadviesraad,
                        beslissen nadere regels vast te stellen. </al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>