<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR323780_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening burgerinitiatief gemeente Schagen 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Schagen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Schagen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.officielebekendmakingen.nl">Elektronisch gemeenteblad Schagen, d.d 28 februari 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Burgerinitiatief Schagen 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikelen 147 en 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-02-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-03-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014-09</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Burgerinitiatief</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening burgerinitiatief gemeente Schagen 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Schagen,</al><al/><al>overwegende, dat het gewenst is de betrokkenheid van de bevolking bij de
                        uitoefening van de taak van de gemeenteraad te vergroten door invoering van
                        een zogenoemd burgerinitiatief; </al><al/><al>gelet op artikel 147 en 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit</vet></al><al/><al>vast te stellen de verordening burgerinitiatief gemeente Schagen 2014.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatiefvoorstel: een
                        voorstel van een initiatiefgerechtigde om een onderwerp op de agenda van de
                        vergadering van de raad te plaatsen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Voorwaarden plaatsing op raadsagenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad plaatst een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van zijn
                                vergadering indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig
                                verzoek is ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Ongeldig is het verzoek dat:</al><lijst><li nr="a."><al>niet door ten minste 25 initiatiefgerechtigden wordt
                                        ondersteund;</al></li><li nr="b."><al>een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of</al></li><li nr="c."><al>niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Initiatiefgerechtigden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Initiatiefgerechtigd zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>degenen die kiesgerechtigd zijn voor de verkiezing van de
                                        leden van de gemeenteraad alsmede ingezetenen van de
                                        gemeente van zestien jaar en ouder die met uitzondering van
                                        hun leeftijd voldoen aan de vereisten voor het kiesrecht
                                        voor de leden van de gemeenteraad;</al></li><li nr="b."><al>personen die niet in de gemeente wonen maar wel onroerend
                                        goed in de gemeente in eigendom hebben.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voor de beoordeling of aan de vereisten voor
                                initiatiefgerechtigdheid is voldaan, is de toestand op de dag van
                                indiening van het verzoek bepalend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitgezonderd van burgerinitiatief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een burgerinitiatiefvoorstel kan geen betrekking hebben op:</al><al>a. een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van het
                                gemeentebestuur;</al><al>b. een vraag over het gemeentelijk beleid;</al><al>c. een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet
                                bestuursrecht;</al><al>d. een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet
                                bestuursrecht tegen een besluit van het gemeentebestuur, of;</al><al>e.een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode waarin indiening
                                van het voorstel plaatsvindt door de raad een besluit is genomen,
                                tenzij nieuwe argumenten tot een nieuwe afweging zouden kunnen
                                leiden.</al></li><li nr="2."><al>Een burgerinitiatief over een onderwerp of voorstel dat niet behoort
                                tot de bevoegdheid van de raad, maar wel valt onder de bevoegdheid
                                van het gemeentebestuur, zal door de raad, eventueelvergezeld van
                                zijn advies, worden doorgezonden naar het college of naar de
                                burgemeester in de hoedanigheid van portefeuillehouder.</al></li><li nr="3."><al>Het college of de burgemeester zal een onderwerp of voorstel als
                                bedoeld in lid 2 behandelen als ware het een burgerinitiatief.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vereisten burgerinitiatiefvoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek ter plaatsing van een burgerinitiatiefvoorstel op de
                                agenda van de vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend
                                bij de voorzitter van de raad. Formulieren voor indiening van een
                                burgerinitiatief zijn bij de griffie verkrijgbaar en kunnen – na
                                invulling – weer bij diezelfde griffie worden ingediend. De griffie
                                zal de initiatiefnemer gedurende de verdere procedure adviseren en
                                begeleiden.</al></li><li nr="1."><al>Het verzoek bevat ten minste:</al><al>a. een nauwkeurige omschrijving van het
                                burgerinitiatiefvoorstel;</al><al>b. een toelichting op het burgerinitiatiefvoorstel;</al><al>c. de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de
                                handtekening(en) van de intiatiefnemer(s);</al><al>d. een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata
                                en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek
                                ondersteunen;</al><al>e. bij toepassing van artikel 3, lid 1, sub b, een aanduiding van
                                het eigendomsrecht.</al></li><li nr="3."><al>Voor de indiening van het verzoek wordt gebruik gemaakt van het in
                                bijlage 1 van deze verordening opgenomen model.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Behandeling door de raad</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad agendeert het burgerinitiatief voor zijn eerstvolgende
                                vergadering na de datum van indiening van het initiatief, indien het
                                voldoet aan de vereisten zoals gesteld in artikel 5. Er dient ten
                                minste twee weken te liggen tussen de dag van indiening van het
                                burgerinitiatief en de dag van de vergadering waarin over het
                                burgerinitiatief wordt beslist.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter van de raad nodigt de iniatiefnemer schriftelijk uit
                                voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is
                                geagendeerd. De iniatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens
                                deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel
                                mondeling nader toe te lichten.</al></li><li nr="3."><al>Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatiefvoorstel
                                een besluit heeft genomen wordt dit besluit bekendgemaakt door
                                kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan, op de
                                voor afkondigingen gebruikelijke wijze en door plaatsing op de
                                internetsite van de gemeente;</al></li><li nr="4."><al>Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling
                                gedaan aan initiatiefnemer.</al></li><li nr="5."><al>De iniatiefnemer wordt daarna ingelicht over de vervolgstappen
                                inzake de uitwerking van het burgeriniatief.</al></li><li nr="6."><al>Indien het burgeriniatief is afgewezen, is er sprake van een besluit
                                in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen bezwaar en
                                beroep open staat.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel omtrent
                        de toepassing van deze verordening, beslist de raad op voorstel van de
                        voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1.1"><al>De “Verordening Burgerinitiatief gemeente Schagen 2003” van de
                                voormalige gemeente Schagen, vastgesteld op 16 december 2003 wordt
                                ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum.</al></li><li nr="1.2"><al> De “Verordening Burgerinitiatief gemeente Zijpe 2007” van de
                                gemeente Zijpe, vastgesteld op 30 januari 2007 wordt ingetrokken met
                                ingang van de in het derde lid genoemde datum.</al></li><li nr="1.3"><al> De “Verordening Burgerinitiatief gemeente Harenkarspel” van de
                                gemeente Harenkarspel, vastgesteld op 3 juli 2007, wordt ingetrokken
                                met ingang van de in het derde lid genoemde datum.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van bekendmaking. </al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de verordening is 1 maart 2014</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Burgerinitiatief
                                Schagen 2014”.</al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de vergadering van 25 februari 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad van de gemeente Schagen,</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening><ondertekening>Mevrouw E. Zwagerman Mevrouw M.J.P. van Kampen - Nouwen</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><titel>modelbepalingen burgerinitiatief</titel></kop><al/><al>1. Inleiding</al><al>"Het burgerinitiatief geeft burgers het recht om zelf direct onderwerpen
                    letterlijk op de politieke agenda te plaatsen en daarmee hun vertegenwoordigers
                    voor een keuze te plaatsen. Ik beveel het burgerinitiatief van harte aan bij
                    alle gemeentebestuurders die zich zorgen maken over hun band met de
                    kiezers."</al><al>Dit zei toenmalig minister van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties Klaas
                    de Vries op 7 juni 2000 tijdens het jaarlijkse VNG-congres. Doel van de minister
                    was om gemeenten aan te moedigen het burgerinitiatief in te voeren en zo burgers
                    een extra kanaal te bieden om de representatieve democratie te beïnvloeden. Het
                    burgerinitiatief is bedoeld als verbindingsschakel tussen de representatieve en
                    de participatieve democratie. De directe invloed van burgers versterkt de
                    (legitimiteit van de) besluitvorming in de raad. Het burgerinitiatief is één van
                    de mogelijkheden om participatie van burgers bij de beleidsvorming en
                    besluitvorming door de gemeenteraad te stimuleren.</al><al>Het burgerinitiatief is een uitgewerkte vorm van het petitierecht – het in de
                    Grondwet vastgelegde recht voor eenieder een schriftelijk verzoek in te dienen
                    bij het bevoegd gezag. Het verschilt ervan doordat de raad zich verplicht door
                    burgers – procedureel correct – ingediende onderwerpen of voorstellen op zijn
                    agenda te zetten en te behandelen. Het burgerinitiatief kan op die manier de
                    participatie en betrokkenheid van burgers vergroten en geeft hen de mogelijkheid
                    direct invloed uit te oefenen op de politieke agenda. Onderwerpen die de
                    gemeenteraad naar hun idee zou moeten agenderen, maar die door de raad (nog)
                    niet zijn opgepakt, kunnen met inachtneming van bepaalde voorwaarden op de
                    raadsagenda worden geplaatst. Natuurlijk hebben burgers ook andere mogelijkheden
                    om te participeren in politieke besluitvormingsprocessen, zoals inspraak of
                    interactieve beleidsvorming. Inspraak wil zeggen dat de politiek een
                    (concept)voorstel doet, waarna burgers hun mening over dat voorstel kunnen
                    geven. </al><al>Interactief beleid houdt in dat de politiek burgers in een vroeg stadium vraagt
                    mee te denken over een onderwerp. Idealiter speelt de mening van de burgers een
                    belangrijke rol in het uiteindelijke besluit of beleid. Zowel inspraak als
                    interactief beleid is bedoeld om het draagvlak voor beleid te vergroten. In
                    beide gevallen ligt het initiatief om de burger bij het beleid te betrekken bij
                    de politiek. Het burgerinitiatief legt het initiatief echter bij de burger
                    zelf.</al><al>Het burgerinitiatief is een instrument voor burgers om een nieuw onderwerp of
                    voorstel op de agenda van de raad te plaatsen. De raad moet vervolgens over dit
                    punt beraadslagen, mits aan de gestelde voorwaarden is voldaan.</al><al>Om het burgerinitiatief een volwaardige plaats in het democratisch bestel te
                    geven en om de participatie en betrokkenheid van burgers daadwerkelijk te
                    vergroten, dient het burgerinitiatief zo laagdrempelig mogelijk te zijn en met
                    zo min mogelijk voorwaarden omgeven. De voorwaarde, dat het om nieuwe
                    voorstellen of onderwerpen dient te gaan, voorkomt dat voorstellen die reeds
                    door de raad zijn afgehandeld opnieuw op de agenda komen.</al><al>Oorspronkelijk was als voorwaarde voor een burgerinitiatief geformuleerd dat het
                    alleen zou kunnen gaan om onderwerpen waarover de gemeenteraad bevoegd is.
                    Beleidsterreinen waarover het college of de burgemeester (als
                    portefeuillehouder) bevoegd is, konden derhalve geen onderwerp van een
                    burgerinitiatief zijn. Vanuit het perspectief van de burger beperkt dit – nogal
                    procedurele – onderscheid zijn recht onderwerpen of voorstellen op de politieke
                    agenda te plaatsen. Uit het oogpunt van helderheid en duidelijkheid is het van
                    belang dat de burger zich slechts tot één loket hoeft te wenden. Het ligt voor
                    de hand de gemeenteraad dit loket te laten zijn. Vervolgens is het aan de
                    gemeenteraad, het college of de burgemeester om burgerinitiatieven die zich
                    richten op onderwerpen waarover het college of de burgemeester bevoegd is, in
                    goede banen te leiden. </al><al>Het burgerinitiatief is een instrument om de volksvertegenwoordigende functie
                    van de raad te versterken; één van de beoogde effecten van de dualisering. Deze
                    meer externe oriëntatie van de raad wordt gestimuleerd door verschillende
                    wettelijke maatregelen. Zo kunnen raadsleden hun recht van initiatief gebruiken
                    om signalen uit de samenleving te vertalen in concrete voorstellen. Door de
                    concentratie van bestuursbevoegdheden bij het college kunnen raadsleden zich
                    beter richten op wat één van hun kerntaken hoort te zijn: zich oriënteren op wat
                    er leeft in de gemeente. Door de invoering van het burgerinitiatief is het
                    vertalen van geluiden uit de samenleving niet langer het alleenrecht van
                    raadsleden. Burgers hebben nu zelf het recht om publieke agendapunten tot
                    onderdeel van de politieke agenda te maken. Het burgerinitiatief biedt een extra
                    kanaal waarlangs zaken die in de samenleving leven, hun weg naar de
                    gemeentelijke politiek kunnen vinden.</al><al/><al>2. Het burgerinitiatief is een activiteit van één of meer burgers</al><al>• gericht op bevordering van het algemeen belang;</al><al>• die een meerwaarde voor de gemeenschap heeft;</al><al>• die in het publieke domein plaatsvindt;</al><al>• waarbij de overheid op enig moment een rol speelt,</al><al>• maar waarbij de initiatiefnemers "geestelijk eigenaar" van het initiatief
                    blijven.</al><al/><al>Essentieel voor het burgerinitiatief is dat de initiatiefnemers "geestelijk
                    eigenaar" blijven. De rol van de overheid is slechts faciliterend. Het is voor
                    de politiek niet mogelijk een voorstel zonder toestemming van de
                    initiatiefnemers aan te passen of (onherkenbaar) te veranderen. De burgers
                    zullen hun eigen idee dus altijd kunnen blijven herkennen.</al><al/><al>2.2 De bevoegdheden van de raad</al><al>Het burgerinitiatief is een instrument om de positie van de raad te versterken,
                    omdat het de legitimiteit van raadsbesluiten vergroot en omdat het de
                    betrokkenheid van burgers bij de gemeentelijke politiek wezenlijk inhoud
                    geeft.</al><al/><al>2.3 Voorwaarden</al><al>Het burgerinitiatief tast in zekere mate de bevoegdheid van de gekozen raad aan
                    om de eigen agenda vast te stellen. Het is daarom gerechtvaardigd het initiatief
                    aan voorwaarden te binden. Dat gebeurt in deze handreiking door middel van
                    modelbepalingen. Gemeenten kunnen vanzelfsprekend op alle punten eigen keuzes
                    maken. Deze zijn in hoofdstuk 3 over de modelbepalingen terug te vinden.</al><al>De voorwaarden zijn van drieërlei aard:</al><al>• procedureel</al><al>• communicatief</al><al>• inhoudelijk</al><al/><al>Procedureel</al><al>Om het burgerinitiatief succesvol te laten zijn, kan men ervoor kiezen in een
                    gemeentelijke regeling, naast een eenvoudige en heldere procedure, een aantal
                    andere procedurele en inhoudelijke eisen te stellen. Het </al><al>gaat dan bijvoorbeeld om de vraag wie initiatiefgerechtigd zijn. Het
                    burgerinitiatief zou een mogelijkheid kunnen zijn om jongeren, die de
                    kiesgerechtigde leeftijd nog niet bereikt hebben, bij de politiek te betrekken.
                    Het ligt dan voor de hand om de vereiste leeftijd van initiatiefgerechtigden zo
                    laag mogelijk te houden. Om burgers de kans te geven zich te richten op de
                    inhoud van hun voorstel en niet op het voldoen aan al te veel procedures, zou
                    het aantal vereiste handtekeningen niet al te hoog moeten zijn. De “oude”
                    gemeente Schagen had in haar verordening opgenomen dat een burgeriniatitief
                    gesteund moest worden door 15 personen, de gemeente Zijpe 50 personen en de
                    gemeente Harenkarspel 10 personen. Om de drempel laag te houden is voor de
                    gemeente Schagen dit aantal bepaald op 25.</al><al/><al>Communicatief</al><al>Voorlichting aan burgers is van groot belang. Burgers dienen op de hoogte te
                    worden gesteld van het bestaan van het burgerinitiatief en, mochten zij
                    besluiten van dit recht gebruik te maken, van de procedures en vereisten. Op de
                    gemeentelijke website zal de verordening geplaatst worden en ingegaan worden op
                    basale vragen als: Waar zijn formulieren verkrijgbaar om een burgerinitiatief te
                    starten? Tot wie moet het initiatief gericht worden? Wie biedt de
                    initiatiefnemers ondersteuning?</al><al>Naast een voorlichtingscampagne is het natuurlijk ook aan raadsleden zelf – in
                    hun rol als volksvertegenwoordigers – om burgers te wijzen op het bestaan van
                    het burgerinitiatief. Uit onderzoek blijkt, dat de griffie(r) het meest geschikt
                    wordt bevonden om een initiatief te ondersteunen en te begeleiden. De griffie
                    staat de raad terzijde en voert taken uit namens de raad. Als uitvloeisel van de
                    rol van politieke aansturing, die de raad in het duale stelsel vervult, ligt het
                    voor de hand dat de griffie in de uitwerking van die rol de raad terzijde staat
                    ook als het gaat om burgerinitiatieven.</al><al/><al>Inhoudelijk</al><al>Het recht om een burgerinitiatief in te dienen zou, analoog aan het recht van
                    petitie, aan ieder individu toegekend kunnen worden. Het gaat tenslotte niet om
                    een referendum, maar om het plaatsen van een initiatief op de agenda van de
                    raad, waarna deze een eigen politieke afweging maakt. Natuurlijk zal een
                    gemeenteraad inzicht willen hebben in de vraag hoe breed een burgerinitiatief
                    wordt gedragen, maar een drempel is per definitie arbitrair. Wie kunnen een
                    burgerinitiatief indienen en ondersteunen? Om het burgerinitiatief zo
                    laagdrempelig mogelijk te houden, zouden criteria zo min mogelijk personen
                    moeten uitsluiten. </al><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al/><al>Artikel 1</al><al>In deze modelbepalingen is ervoor gekozen de term "burgerinitiatief " te
                    hanteren ter aanduiding van het voorstel dat door een burger bij de raad kan
                    worden ingediend. </al><al/><al>Artikel 2</al><al>Uit dit artikel volgt dat de raad een burgerinitiatief op de agenda van een
                    raadsvergadering moet plaatsen indien er sprake is van een geldig verzoek,
                    ingediend door een initiatiefgerechtigde. De gemeenteraad zal zich in dat geval
                    dus moeten uitspreken over het burgerinitiatief. Van een geldig verzoek is
                    sprake als (a) het onderwerp van het burgerinitiatief niet in artikel 4 is
                    uitgezonderd en (b) aan de in artikel 5 gestelde </al><al>procedurele voorwaarden wordt voldaan. In artikel 3 (zie hierna) wordt nader
                    omschreven wanneer een persoon initiatiefgerechtigd is.</al><al/><al>Artikel 3</al><al>De keuze voor deze ruime definitie van initiatiefgerechtigden ligt voor de hand.
                    Het gaat om de kwaliteit van het initiatief; nadere criteria kunnen dan onnodig
                    belemmerend werken. Bij indiening van een burgerinitiatief kan worden getoetst
                    of de indiener/initiatiefnemer voldoet aan de vereisten van een
                    initiatiefgerechtigde. Het verzoek vindt immers formeel op dat moment plaats. Om
                    te kunnen onderzoeken of op dat moment wordt voldaan aan de vereisten, zijn
                    verschillende gegevens nodig. Welke dat zijn wordt geregeld in artikel 5. </al><al>Initiatiefgerechtigden. Het ligt voor de hand het initiatiefrecht toe te kennen
                    aan de inwoners van de gemeente. Om de jeugd meer bij de gemeentelijke politiek
                    te betrekken zijn personen van 16 jaar en ouder initiatiefgerechtigd. Ook mensen
                    die niet in onze gemeente wonen maar hier wel onroerend goed in eigendom hebben
                    zijn initiatiefgerechtigd. Dit is vooral gedaan met het oog op de eigenaren van
                    recreatiewoningen.</al><al/><al>Artikel 4</al><al>Het is weinig efficiënt om de raad te belasten met de beraadslaging over een
                    onderwerp waarover de raad uiteindelijk geen beslissende bevoegdheid heeft. Daar
                    komt bij dat de afstand tussen burger en bestuur alleen maar zou worden vergroot
                    als de burger na het doorlopen van de burgerinitiatiefprocedure te horen krijgt
                    dat de raad niets met het burgerinitiatief kan doen, omdat hij "er niet over
                    gaat". Een vraag over gemeentelijk beleid kan ook geen onderwerp van een
                    burgerinitiatief zijn. Voor dit soort vragen staan andere wegen open, zoals het
                    spreekrecht in een commissie- of raadsvergadering of het spreekuur van een
                    wethouder. Ook moet voorkomen worden dat het burgerinitiatief andere procedures
                    zoals de bezwaar- of de klachtprocedure doorkruist. Met het oog hierop kan
                    worden bepaald dat het burgerinitiatief geen bezwaar tegen een genomen besluit
                    of een klacht over een gedraging van het gemeentebestuur kan inhouden. Tenslotte
                    is het evenmin de bedoeling dat zaken, die recent nog in de raad aan de orde
                    zijn geweest, opnieuw onderwerp van bespreking worden als gevolg van een
                    burgerinitiatief. Dit zou de besluitvorming in de raad te zeer kunnen
                    frustreren. Daarbij kan een raad zelf bepalen welke termijn hij daarvoor
                    geschikt acht. Denkbaar is dat wordt gekozen voor de huidige raadsperiode. Lid e
                    zou dan kunnen luiden: e. Een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode –
                    waarin indiening van het voorstel plaatsvindt – door de raad een besluit is
                    genomen. Het is aan de initiatiefnemer om aan te tonen dat het initiatief een
                    nieuw voorstel betreft dat nog geen onderwerp van een raadsbesluit is geweest.
                    Een burgerinitiatief dat wordt doorgestuurd naar college of burgemeester als
                    portefeuillehouder, is geen burgerinitiatief meer volgens de definitie van
                    artikel 1 van deze verordening. Lid 3 is bedoeld om te voorkomen dat college of
                    burgemeester een initiatief om die reden terzijde kan schuiven.</al><al/><al>Artikel 5</al><al>Het ligt voor de hand om het burgerinitiatief bij de voorzitter van de raad te
                    laten indienen. Zolang de burgemeester nog voorzitter van de raad is, ontvangt
                    hij/zij in die hoedanigheid de voorstellen. Om de voortgang van het
                    burgerinitiatief ordelijk te laten verlopen, is het onvermijdelijk dat aan het
                    verzoek een aantal minimumeisen wordt gesteld. Het is uit praktische
                    overwegingen zoals uniformiteit, overzichtelijkheid en duidelijkheid raadzaam,
                    dat indiening van een burgerinitiatief plaatsvindt door middel van een
                    standaardformulier. Op dit formulier zal de initiatiefnemer naast het voorstel
                    en een toelichting in ieder geval zijn personalia moeten aangeven. Ter
                    voorkoming van fraude met namen kan gevraagd worden naar personalia, zoals
                    adressen en geboortedata. Op grond van deze gegevens kan de gemeente onderzoeken
                    of het initiatief de steun van voldoende daartoe gerechtigde personen heeft. Zie
                    het voorbeeld "Verzoek Burgerinitiatief" in bijlage 2. </al><al/><al>Artikel 6</al><al>De burger moet erop kunnen vertrouwen dat de raad zijn voorstel spoedig toetst
                    aan de vereisten en een besluit neemt over de behandeling. Hierin voorziet het
                    eerste lid. Het gaat erom een termijn te kiezen die niet te lang is, maar ook
                    niet zo kort dat er onvoldoende tijd is om het voorstel te kunnen controleren.
                    Verzoeken waarover de raad niet bevoegd is, kan de raad doorzenden naar het
                    college of de burgemeester als portefeuillehouder. Met het derde tot en met
                    vijfde lid worden vooral waarborgen gecreëerd voor transparantie bij de
                    afhandeling van een burgerinitiatief door de raad. Op grond van het vijfde lid
                    wordt de indiener / initiatiefnemer altijd schriftelijk meegedeeld wat er met
                    het ingediende voorstel gebeurt. Dat kan dus een inhoudelijk besluit zijn of de
                    mededeling dat het verzoek is afgewezen. Wordt het verzoek tot plaatsing van het
                    burgerinitiatief door de raad afgewezen, dan is er sprake van een besluit in de
                    zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen bezwaar en beroep op de rechter
                    openstaan. Besluit de raad het burgerinitiatief te agenderen, dan is er sprake
                    van een voorbereidingsbeslissing die niet vatbaar is voor bezwaar of beroep
                    (artikel 6:3 Awb). Afhankelijk van de inhoud van de beslissing op het initiatief
                    zelf, zal er sprake zijn van een besluit in de zin van de Algemene wet
                    bestuursrecht dat vatbaar is voor bezwaar en beroep. Zo zal bijvoorbeeld bezwaar
                    en beroep openstaan indien de raad, het college of de burgemeester naar
                    aanleiding van het burgerinitiatief besluit een subsidie toe te kennen voor een
                    bepaald project. Een ander voorbeeld is het besluit om een verordening op
                    bepaalde punten aan te passen. Tegen een dergelijk besluit staan geen bezwaar en
                    beroep bij de rechter open (artikel 8:2 Awb). </al><al/><al><vet>Bijlage 1: Verzoek burgerinitiatiefvoorstel</vet></al><al/><al>Ondergetekende verzoekt hierbij het volgende voorstel/onderwerp op de agenda van
                    de gemeenteraad te plaatsen:</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al/><al>Toelichting op voorstel/onderwerp:</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al/><al>Naam:...........................................................................................................................................</al><al/><al>Eerste voornaam en verdere
                    voorleters:....................................................</al><al/><al>Geboortedatum:.............................................................................................................................</al><al/><al>Adres:...........................................................................................................................................</al><al/><al>Postcode: ...................................
                    Woonplaats:.........................................</al><al/><al>Handtekening: </al><al/><al>Plaatsvervanger:</al><al/><al>Naam:............................................................................................................................................</al><al/><al>Eerste voornaam en verdere
                    voorletters:...................................................</al><al/><al>Geboortedatum:..............................................................................................................................</al><al/><al>Adres:............................................................................................................................................</al><al/><al>Postcode: ...................................
                    Woonplaats:.........................................</al><al/><al>Handtekening:</al><al/><al>Het verzoek gaat vergezeld van een lijst met de namen, adressen, geboortedata en
                    handtekeningen van .............. initiatiefgerechtigden die het verzoek
                    ondersteunen. </al><al/><al><vet>Toelichting voor de verzoeker</vet></al><al/><al>Iedereen die kiesgerechtigd is voor de verkiezing van de gemeenteraad,inwoners
                    van de gemeente van zestien en zeventien jaar die vanaf hun achttiende jaar aan
                    de gemeenteraadsverkiezingen zullen mogen deelnemen als ze dan nog in de
                    gemeente wonen en personen die niet in de gemeente wonen maar wel onroerend goed
                    in de gemeente in eigendom hebben, kan [kunnen] een verzoek doen om een
                    voorstel/onderwerp op de agenda van de raadsvergadering te plaatsen. Zij zijn
                    initiatiefgerechtigd.</al><al/><al>Het zogenaamde burgerinitiatiefvoorstel moet worden ondersteund door ten minste
                    25 initiatiefgerechtigden. Hiervoor is een formulier vastgesteld. Het op het
                    formulier voor het verzoek opgenomen voorstel wordt in dezelfde bewoordingen
                    opgenomen boven aan het formulier met ondersteuningsverklaringen.</al><al/><al>Het burgerinitiatiefvoorstel mag niet inhouden: </al><al>a. een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de raad;</al><al>b. een vraag over het gemeentelijk beleid;</al><al>c. een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht over
                    een gedraging van het</al><al> gemeentebestuur;</al><al>d. een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet bestuursrecht tegen
                    een besluit van het</al><al> gemeentebestuur, of</al><al>e. een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode waarin indiening van het
                    burgerinitiatiefvoorstel </al><al> plaatsvindt door de raad een besluit is genomen.</al><al/><al><vet>Bijlage 2: Ondersteuningsverklaringen burgerinitiatiefvoorstel</vet></al><al/><al>Ondergetekenden verklaren hierbij het verzoek tot het plaatsen van het volgende
                    onderwerp/voorstel op de agenda van de gemeenteraad te ondersteunen:</al><al/><al>1)..................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al>.....................................................................................................................................................</al><al/><al/><al>2)</al><al/><al>Naam, eerste voornaam en voorletters</al><al/><al>Adres </al><al/><al>Geboortedatum </al><al/><al>Handtekening</al><al/><al>enz. enz</al><al/><al/><al/><al>Toelichting</al><al/><al>1) Boven aan de lijst dient het voorstel/onderwerp van het burgerinitiatief dat
                    wordt ondersteund te worden opgenomen in dezelfde bewoordingen als op het
                    verzoek tot indiening van een initiatiefvoorstel. Indien meer dan één vel nodig
                    is voor gegevens van ondersteuners van het burgerinitiatief dient boven aan elk
                    vel het voorstel/onderwerp te worden herhaald in dezelfde bewoordingen.</al><al/><al>2) Bevoegd tot ondersteuning van een burgerinitiatief zijn degenen die
                    kiesgerechtigd zijn voor de verkiezing van de gemeenteraad, inwoners van de
                    gemeente van zestien en zeventien jaar die vanaf hun achttiende jaar aan de
                    gemeenteraadsverkiezingen zullen mogen deelnemen als ze dan nog in de gemeente
                    zouden wonen en personen die niet in de gemeente wonen maar wel onroerend goed
                    in de gemeente in eigendom hebben.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>