<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR323586_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene verordening ondergrondse infrastructuren 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Buren</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Buren</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-12273.html">www.officielebekendmakingen.nl/12273</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene verordening ondergrondse infrastructuren 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 van de Grondwet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIII/HoofdstukIX/Artikel149/geldigheidsdatum_25-02-2014"/><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0001936/geldigheidsdatum_25-02-2014#Artikel1">artikel 1 van de Belemmeringenwet Privaatrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0009950/Hoofdstuk5/51/512/Artikel54/geldigheidsdatum_25-02-2014">artikel 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-03-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-03-07</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuw</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV/13/00306</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van, 5
                        november 2013</al><al>gelet op artikel 1, van de Belemmeringenwet Privaatrecht, artikel 5.4,
                        vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 149 van de
                        Gemeentewet;</al><al>overwegende dat het noodzakelijk is bij verordening regels te stellen
                        aangaande werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en
                        opruiming van ondergrondse infrastructuren ;</al><al><vet>besluit:</vet></al><al>vast te stellen de:</al><al>Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2013.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>- Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>1.In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al/><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><al/><lijst><li nr="a."><al><vet>aanmelder</vet> grondroerder (of degene die door de
                                    grondroerder gemachtigd is namens deze op te treden), die met
                                    inachtneming van het bepaalde in deze verordening melding doet
                                    van (voorgenomen) werkzaamheden; </al></li><li nr="b."><al><vet>aansluiting</vet> het gedeelte van de kabel of leiding door
                                    openbare grond dat een</al><al> netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt ten behoeve van
                                    een</al><al> onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en
                                    met d, van</al><al> de Wet waardering onroerende zaken, of met een ander
                                    netwerk;</al><al> openbare gronden openbare gronden, als genoemd in artikel 1.1,
                                    onder </al><al> aa, van de Telecommunicatiewet;</al></li><li nr="c."><al><vet>college</vet> college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente;</al></li><li nr="d."><al><vet>coördinator</vet> de contactpersoon van de gemeente, die
                                    gemandateerd is door het</al><al> college, inzake werkzaamheden of bevoegdheden krachtens deze
                                    verordening. </al></li><li nr="e."><al><vet>gedoogplichtige</vet> degene op wie een gedoogplicht rust
                                    als bedoeld in artikel 1, van de</al><al> Belemmeringenwet Privaatrecht of in artikel 5.2, eerste lid,
                                    van de Telecommunicatiewet; </al></li><li nr="f."><al><vet>grondroerder</vet>: degene onder wiens verantwoordelijkheid
                                    of leiding graafwerkzaamheden</al><al> worden verricht; indien deze partij zich laat vertegenwoordigen
                                    door een (onder)aannemer of uitvoerder, dient deze te beschikken
                                    over een machtiging van de partij namens welke opgetreden wordt;
                                </al></li><li nr="g."><al><vet>instemmingsbesluit</vet> (positief) besluit van het college
                                    op een melding van voorgenomen</al><al> werkzaamheden;</al></li><li nr="h."><al><vet>kabels en leidingen</vet> kabels en/of leidingen als
                                    onderdeel van een net(werk), daaronder mede</al><al> begrepen de daarmee verbonden transformator-, schakel-,
                                    verdeel- en</al><al> onderstations en andere hulpmiddelen, behoudens voor zover deze
                                    verbindingen en hulpmiddelen liggen binnen de installatie van
                                    een</al><al> producent of van een afnemer, en tevens omvattende lege
                                    buizen,</al><al> ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken;
                                    voorbeelden van deze kabels en leidingen zijn telecommunicatie-
                                    en omroepkabels, elektriciteitskabels (koppel-, transport- en
                                    distributiekabels), gasleidingen (transport-, distributie- en
                                    dienstleidingen), waterleidingen, rioleringen (buizen) en kabels
                                    en leidingen ten behoeve van industriële en private
                                    netwerken;</al></li><li nr="i."><al><vet>Marktconforme kosten</vet> zoals deze door een onderneming
                                    onder normale omstandigheden in kosten een markteconomie op de
                                    desbetreffende markt worden gemaakt.</al></li><li nr="j."><al><vet>netbeheerder</vet> vennootschap (of andere rechtspersoon)
                                    die is aangewezen als</al><al> beheerder van een net voor levering van elektriciteit, gas of
                                    water, dan </al><al> wel die aanbieder is van een (al dan niet openbaar)
                                    elektronisch </al><al> communicatienetwerk; de netbeheerder kan gedoogplichtige zijn
                                    en opdrachtgever/grondroerder;</al></li><li nr="k."><al><vet>net of netwerk</vet> samenstel van ondergrondse kabel(s)
                                    en/of leiding(en), bestemd voor het</al><al> transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van
                                    energie of van</al><al> informatie (een, al dan niet openbaar, elektronisch
                                    communicatienetwerk</al><al> als bedoeld in artikel 1.1.e van de Telecommunicatiewet);</al></li><li nr="l."><al><vet>niet-openbare kabels</vet><vet>en leidingen</vet> kabels en
                                    leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die niet
                                    gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden, waaronder
                                    verstaan wordt het aanbieden van diensten die beschikbaar zijn
                                    voor het publiek;</al></li></lijst><al>m.<vet>opdrachtgever:</vet> degene die opdracht geeft tot het uitvoeren
                            van een werk waarbij graafwerkzaamheden worden verricht; (waaronder mede
                            verstaan wordt </al><al> degene die in eigen naam en voor eigen rekening kabels en/of leidingen
                            ten dienste van een netwerk aanlegt, instandhoudt en opruimt);</al><al>n.<vet>verordening</vet> Algemene Verordening Ondergrondse
                            Infrastructuren; deze dient tevens</al><al> als gemeentelijke Telecomverordening zoals verplicht op grond van de </al><al> Telecommunicatiewet;</al><lijst><li nr="o."><al><vet>werken</vet> een constructie, of werkzaamheden, niet zijnde
                                    een gebouw, die op de</al><al> plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond
                                    verbonden </al><al> is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de
                                    grond;</al></li><li nr="p."><al><vet>werkzaamheden</vet> handmatige en mechanische
                                    (graaf)werkzaamheden in de openbare</al><al> grond in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van
                                    kabels</al><al> en leidingen, en daarnaast alle werkzaamheden die de gemeente
                                    uit </al><al> hoofde van haar functie als beheerder van openbare grond in het
                                    kader </al><al> van kabels en leidingen dient uit te voeren; </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>- Toepasselijkheid</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op de procedures en voorschriften
                            voor het aanleggen, instandhouden en opruimen van kabels en leidingen in
                            openbare gronden, voor zover de gemeente deze gronden beheert, in bezit
                            heeft dan wel daarover coördinatieverplichtingen heeft conform de
                            Telecommunicatiewet en de Belemmeringenwet Privaatrecht, waarvan de
                            bepalingen onverkort van toepassing zijn op het in deze verordening
                            bepaalde.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>- Nadere regels</titel></kop><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels
                            vaststellen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>Twee:</nr><titel>Aanvragen en melden van graafwerkzaamheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>- Instemmingsvereiste</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder, of in afwijking van, een voorafgaand door
                                het college verleend instemmingsbesluit omtrent de plaats, het
                                tijdstip en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden, kabels
                                en/of leidingen in of op openbare gronden aan te leggen in stand te
                                houden of op te ruimen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard, waaronder verstaan
                                wordt het realiseren van incidentele (huis-)aansluitingen met een
                                gezamenlijke lengte korter dan vijfentwintig meter in of op openbare
                                gronden, waarbij geen gesloten verhardingen worden gekruist, en voor
                                minder ingrijpende reparatie- of onderhoudswerkzaamheden, is geen
                                instemming van het college, als bedoeld in het eerste lid,
                                noodzakelijk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>- Aanvragen en melden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten vraagt daarvoor
                                een instemmingsbesluit aan bij het college of bij de coördinator
                                hierna te noemen “de aanvraag”.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de werkzaamheden mede betrekking hebben op gronden van een
                                andere gedoogplichtige dan de gemeente, wordt uiterlijk vier weken
                                na ontvangst van de aanvraag, als genoemd in het eerste lid, het
                                college schriftelijk in kennis gesteld van de uitkomsten van het
                                (voor)overleg tussen de grondroerder en de andere
                                gedoogplichtige(n).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Minder ingrijpende werkzaamheden, als bedoeld in artikel 4 lid 2,
                                dienen een week voor de uitvoering schriftelijk bij de gemeente te
                                worden gemeld. Op grond van de belangen zoals genoemd in artikel 8
                                lid 1 kan het college bepalen dat de realisatie van deze
                                werkzaamheden op een later tijdstip dient plaats te vinden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van een ernstige
                                belemmering of storing, waarvan uitstel niet mogelijk is en de
                                belemmering of storing mogelijkerwijs buiten de normale werktijden
                                plaatsvindt, dient melding bij voorkeur voorafgaand aan de
                                werkzaamheden te worden verricht, doch dient uiterlijk binnen één
                                werkdag na de uitvoering gemotiveerd te worden gedaan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als werkzaamheden worden verricht in nader door het college aan te
                                wijzen gebieden, wordt in ieder geval acht weken voor de aanvang van
                                de werkzaamheden een aanvraag, als genoemd in het eerste lid, gedaan
                                bij het college en is de uitzonderingsbepaling voor minder
                                ingrijpende of spoedeisende werkzaamheden niet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>- Aanvraag- en meldingsvoorwaarden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het aanvragen van een instemmingsbesluit en het melden van
                                minder ingrijpende- of spoedeisende werkzaamheden dient gebruik te
                                worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde
                                formulieren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag voor een instemmingsbesluit verstrekt de aanmelder
                                de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van
                                        Koophandel bij de eerste aanvraag van ieder kalenderjaar
                                        indien de aanvrager daar ingeschreven is;</al></li><li nr="b."><al>een machtiging indien het een aanvraag betreft voor de
                                        aanleg, instandhouding en opruiming van kabels of leidingen
                                        voor of namens een opdrachtgever;</al></li><li nr="c."><al>NAW-gegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de
                                        kabels en/of leidingen en van de (onder)aannemer, alsmede de
                                        naam en telefoonnummer van de uitvoerder, zijnde een
                                        Nederlands sprekende contactpersoon voor de
                                        werkzaamheden;</al></li><li nr="d."><al>een opgave van het aantal, de soort en het beoogde gebruik
                                        van de kabels en/of leidingen;</al></li><li nr="e."><al>welke belanghebbenden en instanties vooraf in kennis worden
                                        gesteld van de voorgenomen datum van aanvang, beëindiging en
                                        aard van de werkzaamheden;</al></li><li nr="f."><al>een uitvoeringsplan met daarin opgenomen:</al><lijst><li nr="-"><al>een opgave van het gewenste tracé;</al></li><li nr="-"><al>de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek inzake
                                                de beschikbare ruimte;</al></li><li nr="-"><al>een opgave van de objecten die ten tijde van de
                                                werkzaamheden worden geplaatst, van permanente als
                                                tijdelijke aard, alsmede van de situering
                                                daarvan;</al></li><li nr="-"><al>een omschrijving van eventuele opbrekingen;</al></li><li nr="-"><al>de maatregelen voor de bereikbaarheid van in de
                                                openbare gronden aanwezige kabels en leidingen;</al></li><li nr="-"><al>het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging
                                                van de werkzaamheden;</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de werkzaamheden betrekking hebben op kabels van
                                elektronische communicatienetwerken dienen, aanvullend op lid 2 van
                                dit artikel, bij de melding tevens de volgende gegevens te worden
                                verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>een kopie van de door de Onafhankelijke Post en
                                        Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) afgegeven
                                        registratie;</al></li><li nr="b."><al>aanvullend op het uitvoeringsplan wordt daarin ook
                                        opgenomen:</al><lijst><li nr="-"><al>een opgave van het aantal kabels dat direct in
                                                gebruik wordt genomen en een opgave van het aantal
                                                kabels dat niet direct in gebruik wordt
                                                genomen;</al></li><li nr="-"><al>de doorsnede van de kabel(goot) en lengte en breedte
                                                van de kabelsleuf.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de melding voor minder ingrijpende of spoedeisende
                                werkzaamheden, als bedoeld in artikel 5, dient te worden
                                verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, adres en ondertekening van de aanmelder;</al></li><li nr="b."><al>naam en adres van de aannemer(s) en onderaannemer(s) die
                                        belast zijn met de werkzaamheden, alsmede de naam en
                                        telefoonnummer van de uitvoerder, zijnde een Nederlands
                                        sprekende contactpersoon voor de werkzaamheden;</al></li><li nr="c."><al>de dagtekening van de melding;</al></li><li nr="d."><al>de lengte van de sleuf die wordt opengebroken;</al></li><li nr="e."><al>het oppervlak van het lasgat dat wordt opengebroken.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen inzake de te verstrekken
                                gegevens.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>- Termijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.
                                Betreft het een aanvraag waarbij meerdere gedoogplichten zijn
                                betrokken dan beslist het college binnen acht weken na ontvangst van
                                de aanvraag en alle bijbehorende instemmingen van de betreffende
                                gedoogplichtigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De termijnen zoals bedoeld in het eerste lid kunnen eenmaal met acht
                                weken worden verlengd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien van de bevoegdheid tot verlenging gebruik wordt gemaakt, doet
                                het college daarvan vóór afloop van de termijnen zoals genoemd in
                                lid 1, een schriftelijke bevestiging met motivering toekomen aan de
                                aanvrager.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>- Voorschriften en beperkingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan aan de werkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 5,
                                voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van:</al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de
                                        verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het
                                        verkeer;</al></li><li nr="c."><al>het voorkomen of beperken van schade of overlast; waaronder
                                        mede verstaan wordt de bescherming van eventuele
                                        archeologische vondsten, van groenvoorzieningen, bomen en
                                        beplantingen en van het uiterlijke aanzien van de
                                        omgeving;</al></li><li nr="d."><al>de bereikbaarheid van gronden of gebouwen; waaronder mede
                                        verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare
                                        gronden en gebouwen en het doelmatig beheer en onderhoud
                                        ervan en het belang van nader aan te geven grote lokale
                                        evenementen als weekmarkten en kermissen;</al></li><li nr="e."><al>de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt het
                                        zo min mogelijk hinder veroorzaken voor reeds in de grond
                                        aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder
                                        noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder mede
                                        verstaan worden werken ten behoeve van de riolering en de
                                        levering of het transport van elektronische informatie, gas,
                                        water en elektriciteit.</al></li><li nr="f."><al>de aanbieder dient omwonenden ter plaatse van de uit te
                                        voeren werkzaamheden minimaal zeven dagen voor de start van
                                        de werkzaamheden schriftelijk te informeren over aanvang,
                                        duur, aard en plaats van de werkzaamheden.</al></li><li nr="g."><al>het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en
                                        geleidingen, die door derden of de gemeente tegen
                                        marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ter bescherming van de belangen als genoemd in het eerste lid kan
                                het college een zekerheidsstelling bedingen voor de nakoming van
                                verplichtingen genoemd in lid 1..</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en
                                opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van voorzieningen
                                dient te geschieden conform de “Algemene voorwaarden voor de aanleg
                                van kabels en leidingen van de gemeente Buren”. In dat kader is het
                                college tevens bevoegd voorschriften te stellen op het gebied van
                                markering, afzetting en het toepassen van proefsleuven. Bij
                                tegenstrijdigheden van de bepalingen van deze verordening en de
                                Algemene voorschriften, hebben de bepalingen van deze verordening
                                voorrang.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien en zodra wettelijke bepalingen van toepassing worden op het
                                gebied van verplichte informatie-uitwisseling voor ondergrondse
                                netten, gelden deze wettelijke verplichtingen tevens als
                                voorschriften als bedoeld in dit artikel.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De grondroerder vergoedt aan de gemeente de schade voortvloeiend uit
                                de werkzaamheden, waarbij de omvang beperkt is tot vergoeding van de
                                marktconforme kosten van de voorzieningen en van de meerdere
                                marktconforme kosten van onderhoud.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De grondroerder is verplicht na einde van de werkzaamheden de grond
                                (en eventuele verhardingen en/of groen) terug te brengen in de oude
                                staat, tenzij de gemeente vooraf heeft aangegeven hier zelf zorg
                                voor te willen dragen. De grondroerder draagt de marktconforme
                                kosten die nodig zijn voor het terugbrengen van de grond in de oude
                                staat.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De grondroerder is met betrekking tot de werkzaamheden leges
                                verschuldigd conform de Legesverordening van de Gemeente Buren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>- Verleggingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op verleggingen van openbare telecommunicatiekabels op verzoek van
                                de Gemeente zijn de wettelijke regels van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op verleggingen van leidingen die ten dienste staan van een netwerk
                                ten behoeve van nutsvoorzieningen in of op openbare gronden gelden
                                de volgende bepalingen:</al><lijst><li nr="a."><al>De netbeheerder is verplicht op verzoek van de Gemeente over
                                        te gaan tot het nemen van maatregelen ten aanzien van
                                        leidingen ten dienste van zijn netwerk, waaronder het
                                        verplaatsen van de leidingen, voor zover deze noodzakelijk
                                        zijn voor de oprichting van gebouwen of de uitvoering van
                                        werken door of vanwege de Gemeente;</al></li><li nr="b."><al>Indien de netbeheerder binnen vijf jaren na de datum van
                                        inwerkingtreding van het instemmingsbesluit een aanwijzing
                                        krijgt tot het nemen van maatregelen ten aanzien van een
                                        leiding, bedraagt de compensatie 100% van het
                                        schadebedrag;</al></li><li nr="c."><al>Indien de netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het nemen
                                        van maatregelen ten aanzien van een leiding in de periode
                                        gelegen vanaf vijf tot en met vijftien jaren, gerekend vanaf
                                        de datum van de inwerkingtreding van het betrokken
                                        instemmingsbesluit, zal de Gemeente 80% van het schadebedrag
                                        vanaf het 6e jaar tot 0% vanaf het 16e jaar (trapsgewijs)
                                        als compensatie uitkeren;</al></li><li nr="d."><al>Indien de netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het nemen
                                        van maatregelen ten aanzien van een leiding na vijftien
                                        jaar, gerekend vanaf de datum van de inwerkingtreding van
                                        zijn instemmingsbesluit, wordt geen compensatie
                                        uitgekeerd;</al></li><li nr="e."><al>Een netbeheerder komt alleen voor compensatie in aanmerking
                                        als deze een gespecificeerd kostenoverzicht kan
                                        overleggen;</al></li><li nr="f."><al>Het college en de netbeheerder zullen bij verwijdering,
                                        verlegging of aanpassing van de leiding van de
                                        belanghebbende elkaars schade zo veel mogelijk
                                        beperken;</al></li><li nr="g."><al>Ingeval een verzoek tot het nemen van maatregelen is gedaan,
                                        gaat de netbeheerder zo snel mogelijk over tot de gevraagde
                                        maatregelen, doch niet later dan twaalf weken na de datum
                                        van ontvangst van het verzoek.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>Drie:</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>- Eigendom</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de eigendom, exploitatie of beheer van de kabel of leiding
                                wordt overgedragen aan een andere netbeheerder, gaan de rechten en
                                plichten die betrekking hebben op de kabel of leiding van de oude
                                netbeheerder over op de nieuwe netbeheerder.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld in kennis van het feit
                                dat het eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel of
                                leiding verandert.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op het eigendom van de kabels en leidingen zijn de desbetreffende
                                wettelijke bepalingen van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>- Niet-openbare kabels en leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en
                                opruiming van niet-openbare kabels en leidingen in openbare wegen en
                                wateren is het bepaalde in deze verordening van overeenkomstige
                                toepassing. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot verzoeken voor het verleggen van niet-openbare
                                kabels en leidingen geldt dat deze op verzoek van de gemeente,
                                altijd op kosten van de eigenaar van de kabels en leidingen,
                                uitgevoerd dienen te worden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>- Geldigheidsduur gedoogplicht kabels en leidingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De wettelijke bepalingen ten aanzien van de geldigheidsduur van de
                                gedoogplicht voor kabels die geen deel uitmaken van een openbaar
                                elektronisch communicatienetwerk zijn van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geldigheidsduur van de gedoogplicht voor leidingen die geen deel
                                uitmaken van een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen bedraagt
                                tien jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De netbeheerder stelt het college onverwijld en schriftelijk in
                                kennis van het feit dat een kabel of leiding niet langer ten dienste
                                staat van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, een
                                niet-openbaar elektronisch communicatienetwerk of een netwerk ten
                                behoeve van nutsvoorzieningen in of op openbare gronden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In dit kader wordt van de netbeheerder jaarlijks een overzicht van
                                alle (niet) in gebruik zijnde kabels, leidingen en
                                ondersteuningswerken verlangd. De bewijslast van ingebruikname ligt
                                bij de netbeheerder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>- Digitale gegevens</titel></kop><al>Het college kan van de aanmelder c.q. netwerkaanbieder verlangen dat de
                            te verstrekken gegevens in digitale vorm worden verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>- Overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente organiseert periodiek een overleg, waarvoor in elk geval
                                de bij de gemeente bekende netbeheerders c.q. grondroerders worden
                                uitgenodigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In dit overleg worden de plannen van de gemeente en van de diverse
                                netwerkaanbieders c.q. grondroerders besproken en eventueel
                                afgestemd in het kader van de bepalingen van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aan dit overleg kunnen geen rechten worden ontleend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>Vier:</nr><titel>Handhavings- en toezichtbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>- Toezicht en handhaving</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de bij besluit van het college aangewezen
                            ambtenaren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>- Overtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien het college of de coördinator vaststelt dat de verplichtingen
                                van deze verordening niet zijn nagekomen, kan het college besluiten
                                gebruik te maken van de bestuursrechtelijke instrumenten zoals
                                bestuursdwang, last onder dwangsom en een bestuurlijke boete, alle
                                conform de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de bepaling van de hoogte van een op te leggen bestuursboete
                                houdt het college rekening met de aard, ernst, duur en
                                verwijtbaarheid van de overtreding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van grove nalatigheid of recidive kan het college tevens
                                besluiten strafrechtelijke handhaving in gang te zetten, op grond
                                van bijv. art. 51 Wetboek van Strafrecht (betreffende opdracht tot
                                of leiding geven aan een door een rechtspersoon begaan delict) of de
                                Wet economische delicten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>- Naleving voorschriften</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een opdrachtgever of grondroerder zich niet houdt aan de
                                voorschriften uit het instemmingsbesluit, dan kan het college het
                                instemmingsbesluit intrekken en de oorspronkelijke situatie (laten)
                                herstellen voor rekening van opdrachtgever of grondroerder.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de werkzaamheden niet op de overeengekomen data worden
                                gestart respectievelijk uitgevoerd vervalt de verleende instemming,
                                tenzij er een gegronde reden wordt opgevoerd, zulks ter beoordeling
                                van het college. De grondroerder is verplicht het college of de
                                coördinator zo spoedig mogelijk en gemotiveerd te informeren over
                                eventuele vertragingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>- Bevoegdheid college</titel></kop><al>Het college is bevoegd de werkzaamheden stil te leggen, indien er wordt
                            gewerkt:</al><lijst><li nr="1."><al>zonder voorafgaande melding of aanvraag, als bedoeld in artikel
                                    5 van deze verordening;</al></li><li nr="2."><al>in strijd met het in het instemmingsbesluit opgenomen tijdstip
                                    van aanvang of voltooiing en de wijze van uitvoering.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>Vijf:</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>- Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na
                            bekendmaking. Gelijktijdig vervalt de huidige
                            Telecommunicatieverordening 2011 van de Gemeente Buren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>- Overgangsbepalingen</titel></kop><al>De aanwezigheid van kabels en/of leidingen in of op openbare gronden,
                            voor zover deze zijn aangelegd met toepassing van de
                            Telecommunicatieverordening van de Gemeente Buren en/of op basis van
                            andere aantoonbare en gelegaliseerde afspraken, zoals die hebben
                            gegolden tot de inwerkingtreding van deze Verordening, wordt per ingang
                            van deze verordening eveneens beheerst door de regels daarvan. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>- Benaming</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: "Algemene verordening
                            ondergrondse infrastructuren 2013.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van 10 december 2013.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter, J.A. de Boer</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, G. van Droffelaar </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2013</label></kop><al/><al>De gemeenten Beuningen, Buren. Culemborg, Druten, Geldermalsen, Lingewaal,
                    Lingewaard, Maasdriel, Neder-Betuwe, Neerijnen, Overbetuwe, Tiel, West Maas en
                    Waal, </al><al>Wijchen en Zaltbommel hebben sinds kort gezamenlijk het Handboek Ondergrondse
                    Infrastructuur vastgesteld. Op die manier worden uniforme afspraken gemaakt met
                    de Netbeheerders in Rivierenland. De vijftien deelnemende gemeenten werken
                    uniform samen in de openbare ruimte met netbeheerders en de afstemming met deze
                    partijen. De genoemde gemeenten willen vanaf 2013 in het kader van eenduidigheid
                    een uniforme Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren eensluidend
                    vaststellen.</al><al/><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Het doel van deze Toelichting is het bieden van aanvullende informatie gebaseerd
                    op de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) en de
                    interpretatie hiervan. De actuele versie van de Toelichting is daarbij
                    bepalend.</al><al>Volgens de AVOI wordt iedere aanvraag eenduidig behandeld. Het verschil in
                    wettelijke grondslag (Telecommunicatiewet en overige) is geen reden om de
                    aanvragen verschillend te behandelen. De Algemene Verordening Ondergrondse
                    Infrastructuren (AVOI) geeft ook invulling aan de conform de Telecommunicatiewet
                    verplichte Telecommunicatieverordening.</al><al/><al><vet>Hoofdstuk Een: Inleidende bepalingen</vet></al><al><vet><cursief>Artikel 1 Begripsbepalingen</cursief></vet></al><al><vet>c. College</vet></al><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd de taken voortvloeiende
                    uit de verordening af te handelen, waarbij deze voor wat betreft de uitvoering
                    naar wens en behoefte uit praktische overweging gemandateerd kunnen worden aan
                    één of meer daartoe aangewezen ambtenaren.</al><al/><al><vet>e. Gedoogplichtige</vet></al><al>De gemeentelijke betrokkenheid is vooral gericht op haar rol als beheerder van
                    de openbare gronden. Hiertoe worden conform wettelijke omschrijving gerekend de
                    openbare wegen inclusief trottoirs/voetpaden, glooiingen, bermen, sloten,
                    bruggen, viaducten, duikers, tunnels, beschoeiingen en andere werken, evenals
                    wateren inclusief bruggen, plantsoenen en pleinen, die voor ieder toegankelijk
                    zijn. In deze hoedanigheid is de gemeente voor wat betreft de elektronische
                    openbare communicatienetwerken gedoogplichtige althans voor zover van toepassing
                    conform de Telecommunicatiewet. Het begrip gedoogplichtige slaat ook op andere
                    partijen die krachtens de Telecommunicatiewet gedoogplichtig zijn en op partijen
                    en personen die krachtens de Belemmeringenwet Privaatrecht gedoogplichtig zijn.
                    Gedoogplichtigen moeten de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en
                    leidingen toestaan in en op hun gronden</al><al/><al><vet>f. Grondroerder</vet></al><al>De grondroerder is de partij die daadwerkelijk de graafwerkzaamheden verricht of
                    laat verrichten. Dit zal vaak een aannemer of installateur zijn, maar kan ook
                    een interne afdeling van een netbeheerder betreffen als die dergelijke
                    werkzaamheden zelf uitvoeren. Als een grondroerder namens een netbeheerder
                    optreedt, wordt nu expliciet naar een machtiging gevraagd, dit ter wille van
                    rechtszekerheid en rechtsgeldigheid. Ook kan de grondroerder een partij zijn die
                    voor eigen naam en rekening netwerken aanlegt, maar niet zelf exploiteert en het
                    netwerk of netwerkcapaciteit daarna verhuurt of verkoopt. De grondroerder is
                    verplicht om over een instemmingsbesluit te beschikken voor aanvang van de
                    werkzaamheden. De grondroerder is ook gehouden een melding van de voorgenomen
                    graafwerkzaamheden te verzorgen richting het college en eventuele overige
                    betrokken partijen.</al><al/><al><vet>g. Instemmingsbesluit</vet></al><al>Werkzaamheden als bedoeld in deze verordening moeten vooraf gemeld worden,
                    waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen reguliere (graaf)werkzaamheden,
                    werkzaamheden van minder ingrijpende aard en spoedeisende werkzaamheden ten
                    gevolge van een ernstige belemmering of storing. Voor de reguliere
                    (graaf)werkzaamheden en werkzaamheden van minder ingrijpende aard geldt dat pas
                    gestart mag worden met die werkzaamheden als op basis van een aanvraag een
                    instemmingsbesluit is verleend. Daarnaast zal het in de praktijk zo zijn dat de
                    doorlooptijd van aanvragen voor werkzaamheden van minder ingrijpende aard korter
                    is dan die van aanvragen voor reguliere werkzaamheden. Voor spoedeisende
                    werkzaamheden is het mogelijk dat melden vooraf onmogelijk is. Alleen in
                    dit</al><al>uitzonderingsgeval is het toegestaan het werk achteraf te melden.</al><al/><al><vet>h. Kabels en leidingen</vet></al><al>De AVOI ziet enerzijds op netwerken bestaande uit fysieke kabels en/of leidingen
                    inclusief ondergrondse ondersteuningswerken (zoals mantelbuizen, kabelgoten,
                    handholes, lasdozen, duikers), beschermingswerken, signaalinrichtingen (zoals
                    optische en elektrische versterkers en kasten) en dergelijke en anderzijds op
                    componenten voor het verbinden van kabels en leidingen in de openbare grond met
                    die in de gebouwen. Inhoudelijk is er procedureel geen onderscheid gemaakt in de
                    begrippen kabels en leidingen.</al><al/><al><vet>j. Netbeheerder</vet></al><al>Het begrip netbeheerder wordt gehanteerd als uniforme term voor enerzijds de
                    beheerders van de netten voor de levering van energie en anderzijds de
                    aanbieders van (niet-)openbare elektronische communicatienetwerken. Vaak zal de
                    netbeheerder in het geval van voorgenomen graafwerkzaamheden de rol van
                    opdrachtgever op zich nemen. In aansluiting bij de recente wet- en regelgeving
                    op het gebied van graafrechten wordt de opdrachtgever meer dan voorheen
                    medeverantwoordelijk gehouden voor een juiste uitvoering</al><al>en naleving van de rechten en verplichtingen met betrekking tot
                    graafwerkzaamheden.</al><al/><al><vet>k. Net of netwerk</vet></al><al>De definitie is afgeleid van de omschrijving zoals die gehanteerd wordt in de
                    Wet Informatieuitwisseling Ondergrondse Netten (WION). De omschrijving maakt met
                    name duidelijk dat het om ondergrondse netten gaat, en dan zowel de distributie-
                    en transportnetten voor energie (gas, water, elektriciteit, riool) als de
                    elektronische communicatienetwerken (zoals specifiek geregeld in en krachtens de
                    Telecommunicatiewet).</al><al>In de tekst wordt geen inhoudelijk onderscheid gemaakt tussen de termen net en
                    netwerk.</al><al/><al><vet>p. Werkzaamheden</vet></al><al>Hoewel gezien de consequenties ervan de regelingen van de AVOI vooral betrekking
                    hebben op mechanische werkzaamheden, vallen handmatige werkzaamheden er ook
                    onder. Voor zover die beperkt van karakter zijn, zullen ze overigens vaak
                    betrekking hebben op de separaat onderscheiden categorieën spoedeisende
                    werkzaamheden of minder ingrijpende werkzaamheden. Tot de werkzaamheden die deze
                    AVOI betreffen behoren eveneens de werkzaamheden in verband met het medegebruik
                    van voorzieningen, zoals dat van mantelbuizen, kabelgoten of geleidingen. Vanuit
                    de te behartigen belangen kan het nastreven of voorschrijven van medegebruik
                    door de gemeente gestimuleerd worden.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 2 Toepasselijkheid</cursief></vet></al><al>Deze AVOI geeft invulling aan de wettelijke verplichting voor de gemeente om een
                    Telecommunicatieverordening op te stellen. Vooralsnog is niet voorzien in een
                    algemene wettelijke grondslag voor een vergelijkbare regeling voor de
                    energienetten. Daarom wordt vooruitlopend op mogelijke toekomstige nationale
                    basisregelgeving hiermee voorzien in uniforme, lokale afspraken met daarbij een
                    zo gelijk mogelijke behandeling van beheerders/aanbieders van deze
                    infrastructuren.</al><al>Daarnaast heeft de gemeente een coördinatieverplichting met betrekking tot de
                    aanleg, instandhouding en opruiming van alle kabels en leidingen in de gehele
                    openbare grond binnen de gemeentelijke grenzen, zie ook artikel 5. Onder het
                    uitvoeren van de coördinerende rol worden o.a. werkzaamheden verstaan als een
                    onderzoek naar de haalbaarheid van het gevraagde tracé en het onderzoeken of
                    meerdere partijen tegelijkertijd gebruik willen maken van het tracé. Ook worden,
                    indien noodzakelijk, voor het uiteindelijke tracé aanvullende uitvoeringseisen
                    gesteld. De feitelijke situatie is zo dat de fysieke ondergrond vol raakt met
                    een veelheid aan kabels en leidingen en dit noodzaakt tot betere</al><al>afstemming van werkzaamheden en belangen.</al><al/><al/><al/><al><vet><cursief>Artikel 3 Nadere regels</cursief></vet></al><al>Het college krijgt de mogelijkheid toegekend door de raad om in voorkomende
                    gevallen nadere regels ter uitvoering van deze verordening vast te stellen. Deze
                    nadere regels hebben in ieder geval betrekking op: de wijze van uitvoering bij
                    de aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen, het
                    medegebruik van voorzieningen en het opstellen van voorschriften op het gebied
                    van markering, afzetting en het toepassen van proefsleuven.</al><al/><al><vet>Hoofdstuk Twee: Aanvragen en melden van graafwerkzaamheden</vet></al><al><vet><cursief>Artikel 4 Instemmingsvereiste</cursief></vet></al><al>Het in de Telecommunicatiewet wettelijk vastgelegde principe van graafrechten in
                    relatie tot de vereiste instemming van het college is vertaald naar de AVOI in
                    dit artikel en wordt toegepast op alle werkzaamheden. Conform het wettelijk
                    bepaalde geldt dat die instemming betrekking heeft op de plaats, het tijdstip en
                    de wijze van uitvoering van de werkzaamheden.</al><al>Het reguleringsonderscheid tussen reguliere werkzaamheden en werkzaamheden van
                    minder ingrijpende aard wordt in dit artikel duidelijk gemaakt. Tot de minder
                    ingrijpende werkzaamheden behoren werkzaamheden waarvoor gedurende niet meer dan
                    een korte tijd in een beperkt gedeelte van het netwerk werkzaamheden worden
                    verricht en waarvan de impact voor de omgeving relatief beperkt en kortstondig
                    is. Er wordt als norm een lengte van de kabels en leidingen korter of gelijk aan
                    25 meter gehanteerd en daarbij mogen geen verhardingen of groenvoorzieningen
                    worden gekruist.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 5 Aanvragen en melden</cursief></vet></al><al>In het artikel wordt aangegeven dat de aanvraag van de voorgenomen werkzaamheden
                    bij het college moet worden aangevraagd. Dat kan bij het college van
                    burgemeester en wethouders of bij de daarvoor gemandateerde ambtenaren. Voor
                    spoedeisende werkzaamheden en storingen wordt een uitzondering gemaakt. Deze
                    moeten zoveel mogelijk voor aanvang van de werkzaamheden gemeld worden, als dit
                    niet mogelijk is moet dit in ieder geval binnen één werkdag na uitvoering van de
                    werkzaamheden zijn gedaan. Het college kan besluiten dat de werkzaamheden op een
                    ander dan het voorgenomen tijdstip plaatsvinden als de openbare orde zich verzet
                    tegen de uitvoering van bovengenoemde werkzaamheden. Dit geldt ook als er gevaar
                    dan wel de vrees voor het ontstaan van gevaar is. De uitzonderingsbepaling voor
                    spoedeisende werkzaamheden geldt niet als werkzaamheden moeten worden verricht
                    in gebieden die door het college op een vooraf bekend gemaakte kaart zijn
                    aangegeven. Dit betekent dat in gebieden die op deze kaart staan geen
                    spoedeisende werkzaamheden uitgevoerd mogen worden zonder voorafgaande melding.
                    Voorbeelden op een kaart met dergelijke gebieden:</al><al>risicogebieden als industriegebieden met buisleidingen voor transport met
                    gevaarlijke stoffen,</al><al>historische stadskernen of historische straten of natuurgebieden. Ook kan het
                    gaan om toegangswegen van en naar gebouwen van hulpdiensten, brandweerkazernes,
                    politie en gemeentelijke gebouwen. De gemeente kan voor toegangswegen naar zulke
                    gebouwen de doorgang altijd vereisen. Dan is het niet aanvaardbaar dat zonder
                    specifiek toezicht van de gemeente wordt gegraven. Vaststelling van deze
                    gebieden kan ook plaatsvinden na vaststellen van de AVOI. In dit artikel wordt
                    beschreven dat de voorgenomen (graaf)werkzaamheden ook betrekking kunnen hebben
                    op openbare gronden van andere gedoogplichtigen dan de gemeente. Omdat de
                    gemeente coördinatieplicht heeft over alle openbare gronden binnen de
                    gemeentelijke grenzen moet voor alle voorgenomen (graaf)werkzaamheden in
                    openbare grond een aanvraag voor een instemmingsbesluit</al><al>worden gedaan. Dit geldt dus ook in het geval dat voorgenomen
                    (graaf)werkzaamheden zich beperken tot bijvoorbeeld openbare gronden van de
                    Provincie of Waterschap. </al><al>De grondroerder is allereerst zelf verantwoordelijk voor afstemming en
                    overeenstemming met alle betrokken gedoogplichtigen. De grondroerder doet ook
                    schriftelijk een terugkoppeling (inclusief instemming/vergunning) aan het
                    college toekomen over de uitkomst van het overleg dat is gevoerd met alle
                    betrokken gedoogplichtigen. Zonder terugkoppeling kan het college geen
                    instemmingsbesluit afgeven. Ook kan de situatie aan de orde zijn dat er naast
                    het instemmingsbesluit ook nog andere vergunningen aangevraagd moeten worden
                    voor aanvang van de werkzaamheden.</al><al>Als de grondroerder daarom verzoekt kan de gemeente inhoudelijke afstemming van
                    de beoordeling van de aanvragen bij andere bestuursorganen nastreven. De
                    grondroerder blijft zelf verantwoordelijk voor de afstemming met private
                    partijen.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 6 Gegevensverstrekking</cursief></vet></al><al>In dit artikel is verduidelijkt op welke wijze een aanvraag moet worden gedaan
                    en welke gegevens daarbij verstrekt moeten worden. Het betreft informatie die de
                    gemeente als beheerder van de openbare gronden nodig heeft om een juiste
                    beoordeling te maken en inzicht te krijgen in de belangen die door de
                    voorgenomen werkzaamheden worden geraakt. Duidelijk is ook gemaakt dat
                    instemming steeds op aanvraag van de verzoekende partij zal plaatsvinden en niet
                    op eigen initiatief van de gemeente. De aanvraag moet gebeuren door middel van
                    de door het college vastgestelde formulieren. Voor aanvragen voor minder
                    ingrijpende werkzaamheden moeten slechts een beperkt aantal gegevens verstrekt
                    worden. Voor reguliere aanvragen moeten meer gegevens verstrekt worden. Een
                    aanvraag aangetekend versturen, is niet als uniforme eis opgenomen in de AVOI.
                    De verzending</al><al>is voor risico van de grondroerder. Het kan vaak in het belang van de
                    verzoekende partij zijn om via aangetekende verzending duidelijkheid te hebben
                    over datum en tijd van de verzending. </al><al/><al><vet><cursief>Registratieplicht door aanbieder van kabels en leidingen van
                            elektronische</cursief></vet></al><al><vet><cursief>communicatienetwerken</cursief></vet></al><al>Op basis van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI), maar
                    ook op basis van artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet moet een aanbieder van
                    een openbare elektronische communicatiedienst die het voornemen heeft
                    werkzaamheden uit te voeren in of op openbare gronden in verband met de aanleg
                    van kabels een instemmingsbesluit aanvragen bij burgemeester en wethouders van
                    de gemeente. Als de werkzaamheden betrekking hebben op kabels en leidingen van
                    elektronische communicatienetwerken</al><al>is het wenselijk om te onderzoeken en aan te tonen of is voldaan aan de
                    registratieplicht</al><al>conform de Telecommunicatiewet artikel 2.1. De gemeente kan deze gegevens in de
                    vorm van een kopie van de door de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie
                    Autoriteit (OPTA) afgegeven registratie controleren, maar dit is geen vereiste.
                    De vraag of een partij kan worden gekwalificeerd als een aanbieder van een
                    openbare telecommunicatiedienst</al><al>dient, in materiële zin, te worden beantwoord aan de hand van de definitie uit
                    artikel 1.1</al><al>onderdeel i van de Telecommunicatiewet. Een registratie bij OPTA is geen
                    vereiste om te worden gekwalificeerd als een aanbieder van een openbare
                    elektronische communicatiedienst in de zin van hoofdstuk 5 Tw. Er moet dus
                    feitelijk worden vastgesteld of een bepaalde partij een aanbieder van een
                    openbare elektronische communicatiedienst is. De beantwoording van deze vraag is
                    niet afhankelijk van het feit of een partij zich heeft geregistreerd bij OPTA of
                    niet. Overigens wordt in hoofdstuk 5 van de Telecommunicatiewet onder aanbieder
                    van een openbare elektronische communicatiedienst ook verstaan degene die in
                    eigen naam en voor eigen rekening kabels ten dienste van een dergelijk netwerk
                    aanlegt, in stand houdt en opruimt (zie artikel 5.1 Telecommunicatiewet).</al><al/><al><vet><cursief>Detailgegevens kabels en leidingen van elektronische
                            communicatienetwerken</cursief></vet></al><al>Bij de aanvraag voor een instemming voor kabels en leidingen van elektronische
                    communicatienetwerken moeten meer gegevens worden aangeleverd. De reden is dat
                    de gemeente wil weten of een kabel of leiding wel of niet in gebruik is genomen.
                    Over een ‘dark fibre’ (dit is een glasvezelkabel die nog niet wordt gebruikt,
                    waar letterlijk “het licht</al><al>(nog) niet aan staat”) of lege voorzieningen kan een gemeente precario heffen na
                    de termijn conform artikel 5.2 lid 8 van de Telecommunicatiewet. Daarnaast geeft
                    het de gemeente een mogelijkheid om bij gelegenheden waarop de ondergrond
                    geroerd wordt, periodiek te inventariseren wat er in zijn grond moet worden
                    gedoogd, welke kabels niet (langer) onder deze regeling vallen en waarvan dus
                    verwijdering kan worden geëist. Overigens worden deze voorzieningen aangelegd
                    met het oog op de toekomst. Nu aanleggen, betekent dat later niet gegraven hoeft
                    te worden. Dit werkt overlast beperkend. Als deze termijn (10 jaar) wordt
                    overschreden, kan de gemeente in principe precario heffen over lege
                    mantelbuizen, kabelgoten of ‘dark fibre’. De gemeente controleert of
                    voorzieningen na de in het instemmingsbesluit afgesproken termijn nog leeg
                    staan. Een gemeente doet dit door in het instemmingsbesluit een meldingsplicht
                    op te nemen voor de inwerkingstelling van dark fibre. Voor het vullen van HDPE
                    buizen zijn additionele werkzaamheden noodzakelijk (bijvoorbeeld, het inblazen
                    van de glasvezels) waarvoor een gemeente tenminste een meldingsplicht kan
                    instellen, of een nieuw instemmingsbesluit dient af te geven. Zo lang de
                    aanbieder dit niet aanmeldt dan wel aanvraagt, staan de buizen klaarblijkelijk
                            leeg.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 7 Termijnen</cursief></vet></al><al>De beslistermijn van het college is maximaal acht weken en is afgeleid uit de
                    Algemene wet bestuursrecht. Op grond van de AWB is het college verplicht binnen
                    een redelijke termijn een besluit te nemen,waarbij die redelijke termijn geacht
                    te zijn verstreken na verloop van acht weken. In navolging van de Wet Dwangsom
                    en Beroep bij niet tijdig beslissen moet het college zich bewust zijn van het
                    belang van de voortgang van de activiteiten en zich inspannen om de termijn tot
                    besluitvorming zo kort mogelijk te houden. Het college kan onder bepaalde
                    voorwaarden de termijn tot besluitvorming verlengen. De Lex Silencio Positivo is
                    de rechtsfiguur waarbij er automatisch sprake is van een positieve beschikking
                    als een bestuursorgaan niet binnen de voorgeschreven beslistermijn een besluit
                    op een aanvraag heeft genomen, de zogenaamde van rechtswege verleende
                    beschikking. De van rechtswege</al><al>verleende beschikking is geregeld in paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet
                    bestuursrecht. Er geldt een speciaal regime voor vergunningstelsels die onder de
                    Europese Dienstenrichtlijn vallen. Met het in werking treden van deze richtlijn
                    is een overgangstermijn van twee jaar vastgesteld welke eind 2011 eindigde.
                    Gedurende de overgangstermijn moesten decentrale overheden expliciet in het
                    vergunningstelsel opnemen dat de Lex Silencio Positivo van toepassing was op dat
                    stelsel anders gold deze niet. Na de overgangstermijn is er sprake van een
                    omgekeerde situatie en moet de Lex Silencio Positivo expliciet worden
                        <cursief>uitgesloten</cursief>, anders is deze van toepassing op elk
                    vergunningstelsel dat onder de Dienstenrichtlijn valt. Het uitsluiten van de Lex
                    Silencio Positivo is alleen mogelijk wanneer dit gerechtvaardigd kan worden door
                    dwingende redenen van algemeen belang. In de AVOI wordt beschreven wat de
                    procedure is om zaken grondig af te wegen, waarbij juist onderdelen van openbare
                    veiligheid en verkeersveiligheid een grote rol spelen. Een Lex Silencio Positivo
                    is hier niet wenselijk om dwingende redenen van algemeen belang met name
                    openbare orde, openbare veiligheid, verkeersveiligheid en volksgezondheid.
                    Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht wordt niet van toepassing
                    verklaard. In artikel 5 van de AVOI is beschreven wat de werkwijze is bij
                    spoedeisende werkzaamheden waarvan uitstel niet mogelijk is. Het zal dan gaan om
                    een ernstige belemmering of storing die in de dienstverlening via het
                    betreffende net is opgetreden. Deze spoedeisende werkzaamheden worden expliciet
                    genoemd met een uitzonderingsregel, namelijk enkel het melden vooraf. Mocht het
                    niet mogelijk zijn</al><al>dit vooraf te melden, dan volstaat ook een melding achteraf binnen één werkdag.
                    Een reguliere aanvraag vervalt dus als het gaat om dwingende redenen van
                    algemeen belang.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 8 Voorschriften en beperkingen</cursief></vet></al><al>Grondroerders moeten aan een aantal verplichtingen voldoen als zij werkzaamheden
                    gaan verrichten zoals bedoeld in de AVOI. Daarnaast kan het college aan het
                    instemmingsbesluit aanvullende voorschriften of beperkingen verbinden. Omwille
                    van de uniformiteit is in de verordening geregeld onder welke voorwaarden dit
                    kan en welke soort voorschriften en beperkingen dit zijn. De voorschriften
                    hebben vooral te maken met de wijze van uitvoering en zijn gericht op de (deels
                    wettelijk vastgelegde) belangen die de gemeente geacht wordt te behartigen.
                    Daarnaast kunnen door het college lokaal geldende regels van toepassing worden
                    verklaard als die er ten aanzien van de aanleg van kabels en leidingen
                    zijn.</al><al>Dit artikel benadrukt dat bewoners van percelen langs het tracé, maar ook de
                    bedrijfsmatige gebruikers worden geïnformeerd. Hieronder vallen o.a. winkeliers
                    en gebruikers van kantoorpanden, die gelijk bewoners behandeld moeten worden.
                    Dit artikel omschrijft ook dat toegebrachte schade vergoed moet worden en op
                    basis waarvan de hoogte van deze vergoeding berekend wordt. Uitgangspunt hierbij
                    is dat de vergoeding beperkt is tot</al><al>de marktconforme kosten. De grondroerder moet eventuele verhardingen en
                    beplanting terugbrengen in de oude staat, tenzij het college vooraf heeft
                    aangegeven hiervoor zelf zorg te dragen. Ook is geregeld dat als er binnen vijf
                    jaar na uitvoering van groot onderhoud werkzaamheden uitgevoerd moeten worden
                    speciale eisen gesteld kunnen worden met betrekking tot schadeherstel. Dit geldt
                    ook voor gebieden waar bijzondere bestrating is toegepast. Dit naar oordeel van
                    het college. </al><al/><al><vet><cursief>Artikel 9 Verleggingen</cursief></vet></al><al>Op het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en/of leidingen ten dienste
                    van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, waaronder het verplaatsen op
                    verzoek van de gemeente, zijn de wettelijke regels van toepassing. Hiervoor
                    geldt het principe “leggen om niet, verleggen om niet”. Op het nemen van
                    maatregelen ten aanzien van kabels en/of leidingen die ten dienste staan van een
                    netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen in of op openbare gronden, waaronder
                    het verplaatsen, gelden de geformuleerde bepalingen, in samenhang met eventuele
                    geldende privaatrechtelijke overeenkomsten met de netbeheerder(s) die
                    gerespecteerd worden voor zover deze regelingen niet aanvullend daarop zijn. Een
                    netbeheerder is verplicht te verleggen als dat noodzakelijk is voor werken</al><al>door of vanwege de gemeente. De gemeente zal dus de noodzakelijkheid moeten
                    aantonen. De eventuele compensatie van kosten van de verleggingen worden
                    vooralsnog berekend aan de hand van de tussen partijen van toepassing zijnde
                    afspraken, totdat er algemeen geldende regels zijn
                        overeengekomen</al><al/><al><vet>Hoofdstuk Drie: Overige bepalingen</vet></al><al><vet><cursief>Artikel 10 Eigendom</cursief></vet></al><al>Het zakelijk karakter van de verkregen instemming is gewenst, opdat ook een
                    nieuwe netbeheerder die gebruik maakt van de kabel en/of leiding, de betreffende
                    graafrechten heeft, maar ook gehouden is aan de geldende voorschriften. Het
                    college moet op de hoogte gesteld worden van het feit dat het eigendom wordt
                    overgedragen. De wettelijke bepalingen zijn van toepassing op het eigendom van
                    kabelnetwerken in grond van anderen.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 11 Niet-openbare kabels en leidingen</cursief></vet></al><al>Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van
                    niet-openbare kabels en leidingen in openbare wegen en wateren is het bepaalde
                    in de AVOI van overeenkomstige toepassing. Onder niet-openbare kabels en
                    leidingen worden kabels en leidingen bedoeld die niet gebruikt worden om
                    openbare diensten aan te bieden. Een voorbeeld hiervan is een point-to-point
                    glasvezelverbinding tussen twee bankgebouwen als deze is aangelegd door de
                    bankinstelling zelf.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 12 Informatieplicht</cursief></vet></al><al>Wettelijk is voor wat betreft openbare elektronische communicatienetwerken
                    voorzien in regels ten aanzien van kabels en leidingen (en bijbehorende
                    voorzieningen) voor wat betreft de duur van de gedoogplicht. Het is van groot
                    belang om inzichtelijk te hebben of kabels en leidingen nog deel uitmaken van
                    een netwerk. Ook gezien de mogelijkheden tot medegebruik van al bestaande
                    voorzieningen. Op basis van de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten
                    (WION) is de netbeheerder verplicht kabels en leidingen te registreren.
                    Netbeheerders zijn verplicht het college te informeren over het al dan niet in
                    gebruik zijn van bepaalde voorzieningen. Op verzoek van het college moeten zij
                    gegevens kunnen overleggen van alle al dan niet in gebruik zijnde kabels en
                    leidingen. Wijzigingen kunnen ook optreden door het vervallen van het openbare
                    karakter van gronden. Dit heeft ook gevolgen voor het karakter van kabels en
                    leidingen in deze gronden. </al><al/><al><vet><cursief>Artikel 13 Digitale gegevens</cursief></vet></al><al>Als het college dit wenst, moeten gegevens op digitale wijze verstrekt worden.
                    Dit echter op verzoek van het college. Als er geen verzoek ligt tot digitale
                    verstrekking, moet een aanvraag op schrift aangeleverd worden.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 14 Overleg</cursief></vet></al><al>Ter afstemming van allerlei zaken wordt een overleg gepland tussen de gemeente
                    en netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen. Dit op
                    initiatief van de gemeente. Dit kan ook in samenwerking met andere gemeenten of
                    overheden gebeuren.</al><al/><al/><al><vet>Hoofdstuk Vier: Handhavings- en toezichtbepalingen</vet></al><al><vet><cursief>Artikel 15 Toezicht en handhaving</cursief></vet></al><al>Dit artikel geeft aan dat het college ambtenaren kan aanwijzen die belast zijn
                    met toezicht op de naleving van het bepaalde krachtens deze AVOI. Dit artikel
                    maakt alle betrokken partijen bewust van het niet-vrijblijvende karakter van de
                    AVOI. </al><al/><al><vet><cursief>Artikel 16 Strafbepaling bij overtreding</cursief></vet></al><al>Dit artikel heeft vooral ten doel alle partijen bewust te maken van het
                    niet-vrijblijvende karakter van deze AVOI. Uitgangspunt is dat partijen zich
                    houden aan de bepalingen van de AVOI, waarmee nagestreefde doeleinden bereikt
                    kunnen worden. Als één of meer partijen zich echter niet houden aan de
                    voorschriften en beperkingen van deze AVOI behoudt het college zich nadrukkelijk
                    het recht voor gebruik te maken van de haar toekomende bevoegdheden en
                    mogelijkheden zowel bestuursrechtelijk als civielrechtelijk en eventueel
                    strafrechtelijk. Bestuursrechtelijk zijn met name de AWB en de Gemeentewet van
                    belang met de huidige bepalingen inzake bestuursdwang, last onder dwangsom en
                    bestuurlijke boete. Civielrechtelijk blijven de opties van onrechtmatige daad
                    van toepassing. Strafrechtelijk is naast het wetboek van Strafrecht in algemene
                    zin ook de Wet op de economische delicten relevant, omdat daarin rechtstreeks
                    bepalingen uit de Telecommunicatiewet van toepassing zijn verklaard.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 17 Naleving voorschriften</cursief></vet></al><al>Het college heeft de mogelijkheid de verleende instemming in te trekken als er
                    niet voldaan is aan de voorschriften wat betreft plaats, tijdstip en wijze van
                    uitvoering van werkzaamheden, afgezien van de in artikel 18 genoemde straf- of
                    handhavingsmogelijkheden.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 18 Bevoegdheid college</cursief></vet></al><al>Afgezien van voornoemde preventieve en vooral correctieve of repressieve acties
                    kan het college in voorkomende gevallen ook ingrijpen in het lopende proces en
                    werkzaamheden (onder bepaalde voorwaarden) ook tijdelijk stil leggen. In dit
                    artikel staat beschreven in welke gevallen dit kan.</al><al/><al><vet>Hoofdstuk Vijf: Overgangs- en slotbepalingen</vet></al><al><vet><cursief>Artikel 19 Inwerkingtreding</cursief></vet></al><al>Geen nadere toelichting.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 20 Overgangsbepalingen</cursief></vet></al><al>Geen nadere toelichting.</al><al/><al><vet><cursief>Artikel 21 Citeertitel</cursief></vet></al><al>Geen nadere toelichting.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>