<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR321817_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Monumentenverordening 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Elburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Elburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 12 februari 2014, nr. 7213.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Monumentenverordening Elburg 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Monumentenwet 1988 art. 12, 14 en 15</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet algemene bepalingen omgevingswet, art. 2.1 en 2.2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-01-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-02-13</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>monumenten</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      MONUMENTENVERORDENING ELBURG 2014
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Elburg,</al>
          <al>gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders van 3 december 2013</al>
          <al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, de artikelen 12, 14 en 15 van de
                        Monumentenwet 1988 en de artikelen 2.1 en 2.2 van de Wet algemene bepalingen
                        omgevingsrecht,</al>
          <al>besluit gewijzigd vast te stellen de volgende:</al>
          <al>
            <vet>MONUMENTENVERORDENING ELBURG 2014</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1:</nr>
              <titel>Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening verstaat onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>monument:</al><lijst>
                  <li nr="1."><al>zaak die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid,
                                            betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische
                                            waarde;</al></li>
                  <li nr="2."><al>terrein dat van algemeen belang is wegens een daar
                                            aanwezige zaak als bedoeld onder 1;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="b."><al>beschermd gemeentelijk monument: roerend of onroerend monument
                                    (hieronder inbegrepen straten, wegen, pleinen, wateren,
                                    erfafscheidingen) dat overeenkomstig de bepalingen van deze
                                    verordening als beschermd gemeentelijk monument is
                                    aangewezen;</al></li>
              <li nr="c."><al>gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn vermeld de
                                    overeenkomstig deze verordening beschermde monumenten; </al></li>
              <li nr="d."><al>beschermd rijksmonument: beschermd monument als bedoeld in
                                    artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht; </al></li>
              <li nr="e."><al>monumentencommissie: de op basis van artikel 15 Monumentenwet
                                    1988 ingestelde commissie met als taak Burgemeester en
                                    Wethouders op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de
                                    toepassing van de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht, de verordening en het monumentenbeleid; </al></li>
              <li nr="f."><al>beleidscommissie monumentenzorg: de commissie als bedoeld in het
                                    ‘Reglement beleidscommissie monumentenzorg gemeente
                                    Elburg’;</al></li>
              <li nr="g."><al>bouwhistorisch onderzoek: in schriftelijke rapportage vastgelegd
                                    onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische
                                    kwaliteit van een monument</al></li>
              <li nr="h."><al>bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de
                                    Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al></li>
              <li nr="i."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Elburg;</al></li>
              <li nr="j."><al>vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2,
                                    eerste lid, onder b van de Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht;</al></li>
              <li nr="k."><al>Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2:</nr>
              <titel>Het gebruik van het monument</titel>
            </kop>
            <al>Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het
                            gebruik van het monument.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>2:</nr>
            <titel>BESCHERMDE GEMEENTELIJKE MONUMENTEN</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Paragraaf</label>
              <nr>1.</nr>
              <titel>De plaatsing op en wijziging van de gemeentelijke
                                monumentenlijst.</titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>3:</nr>
                <titel>De aanwijzing tot gemeentelijk monument</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende,
                                    een monument aanwijzen als beschermd gemeentelijk monument.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>Voordat het college over de aanwijzing een besluit nemen, vragen
                                    zij advies aan de beleidscommissie. In spoedeisende gevallen kan
                                    het vragen van dit advies achterwege blijven.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>Het college kan ten behoeve van de aanwijzing van een
                                    gemeentelijk monument bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt
                                    verricht. </al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4.</lidnr>
                <al>De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op
                                    grond van artikel 3 van de Monumentenwet 1988. </al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>4:</nr>
                <titel>Termijnen advies en aanwijzingsbesluit</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de aanvraag om
                                    aanwijzing aan de monumentencommissie voor advies.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>De beleidscommissie adviseert schriftelijk binnen acht weken na
                                    ontvangst van het verzoek van het college.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>Het college beslist binnen vijf weken na ontvangst van het
                                    laatst ingebrachte advies van de beleidscommissie, maar in ieder
                                    geval binnen dertien weken na de adviesaanvraag.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4.</lidnr>
                <al>Het college kan de in het tweede lid genoemde termijn van
                                    dertien weken met ten hoogste dertien weken verlengen, mits zij
                                    de aanvrager daarvan kennis geeft binnen de in het tweede lid
                                    genoemde termijn.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>5.</lidnr>
                <al>Bij overschrijding van de termijn als genoemd in het derde of
                                    vierde lid wordt het college geacht niet tot aanwijzing te
                                    hebben besloten. </al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>5:</nr>
                <titel>Mededeling aanwijzingsbesluit</titel>
              </kop>
              <al>De aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt
                                medegedeeld aan degenen die als zakelijk gerechtigden in de
                                kadastrale legger bekend staan alsmede aan de aanvrager.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>6:</nr>
                <titel>Registratie op de gemeentelijke monumentenlijst</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het college registreert het gemeentelijke monument op de
                                    gemeentelijke monumentenlijst.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>De gemeentelijke monumentenlijst bevat de plaatselijke
                                    aanduiding, de datum van aanwijzing, soort monument en de
                                    kadastrale aanduiding. </al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>7:</nr>
                <titel>Wijziging van de aanwijzing</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het college kan ambtshalve, al dan niet op aanvraag van een
                                    belanghebbende, de aanwijzing wijzigen. </al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>Artikel 3, tweede, derde en vierde lid, alsmede artikel 4 zijn
                                    van overeenkomstige toepassing.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>Indien de wijziging naar het oordeel van het college van
                                    ondergeschikte betekenis is of indien de wijziging betreft het
                                    doorhalen van de inschrijving van een monument dat is teniet
                                    gegaan, blijft overeenkomstige toepassing, als bedoeld in lid 2,
                                    achterwege.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4.</lidnr>
                <al>De inhoud en de datum van de wijziging worden op gemeentelijke
                                    monumentenlijst aangetekend.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>8:</nr>
                <titel>Intrekken van de aanwijzing</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Indien het college de aanwijzing intrekt, zijn artikel 3, tweede
                                    en derde lid, en artikel 4 van overeenkomstige toepassing. </al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>De aanwijzing wordt geacht ingetrokken te zijn, indien
                                    toepassing wordt gegeven aan artikel 3 van de Monumentenwet
                                    1988. </al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>De intrekking wordt op de gemeentelijke monumentenlijst
                                    aangetekend.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Paragraaf</label>
              <nr>2.</nr>
              <titel>Vergunningverlening voor gemeentelijke monumenten</titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>9:</nr>
                <titel>Verbodsbepaling</titel>
              </kop>
              <al>Het is verboden een gemeentelijk monument te beschadigen of te
                                vernielen.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>10:</nr>
                <titel>Vergunningen tot wijziging of afbraak van gemeentelijke
                                    monumenten</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag:</al>
                <lijst>
                  <li nr="a."><al>een gemeentelijk monument af te breken, te verstoren, te
                                            verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen;</al></li>
                  <li nr="b."><al>een gemeentelijk monument te herstellen, te gebruiken of
                                            te laten gebruiken op een dusdanige wijze dat het wordt
                                            ontsierd of in gevaar gebracht.</al></li>
                </lijst>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>Het bevoegd gezag kan aan de vergunning voorschriften verbinden
                                    betreffende de uitvoering en materiaaltoepassing.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>Het bevoegd gezag kan bij wijziging of afbraak van een
                                    gemeentelijk monument bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt
                                    verricht. </al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4.</lidnr>
                <al>Het verbod en de vergunningplicht, als bedoeld in artikel 9 en
                                    artikel 10, eerste lid, gelden niet voor activiteiten die
                                    betrekking hebben op gewoon onderhoud aan een gemeentelijk
                                    monument. </al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>11:</nr>
                <titel>De schriftelijke aanvraag</titel>
              </kop>
              <al>Een aanvraag als bedoeld in artikel 6.2 Besluit omgevingsrecht voor
                                een vergunning als bedoeld in artikel 10 en de daarbij te overleggen
                                gegeven en bescheiden worden in drievoud ingediend.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>12:</nr>
                <titel>Termijnen advies</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Het bevoegd gezag zendt onmiddellijk een afschrift van de
                                    ontvankelijke aanvraag om vergunning voor een
                                    (gemeentelijk/rijks) monument aan de monumentencommissie voor
                                    advies.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>De monumentencommissie adviseert het bevoegd gezag over een
                                    aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen en de
                                    werkzaamheden met betrekking tot beschermde monumenten met
                                    uitzondering van die aanvragen:</al>
                <lijst>
                  <li nr="-"><al>waarvan het oordeel van de commissie als bekend mag
                                            worden veronderstelt dat die passen binnen de
                                            welstandscriteria.</al></li>
                  <li nr="-"><al>Om omgevingsvergunning (niet zijnde aanvragen op
                                            rijksmonumenten) waarvan het oordeel als bekend mag
                                            worden beschouwd en die passen binnen de welstandsnota,
                                            wordt geadviseerd door een door het college van
                                            burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtelijke
                                            plantoester.</al></li>
                </lijst>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3.</lidnr>
                <al>Binnen dezelfde vergaderdag brengt de monumentencommissie
                                    schriftelijk advies uit aan het bevoegd gezag.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4.</lidnr>
                <al>Indien het een complexe aanvraag betreft welke waarbij
                                    advisering meer tijd vergt, zal de commissie binnen vier weken
                                    adviseren.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>5.</lidnr>
                <al>Bij overschrijding van de in het vierde lid genoemde termijn
                                    wordt de monumentencommissie geacht positief geadviseerd te
                                    hebben.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>13:</nr>
                <titel>Weigeringsgronden</titel>
              </kop>
              <al>De vergunning kan slechts worden verleend indien het belang van de
                                monumentenzorg zich daartegen niet verzet. Bij de beslissing houdt
                                het bevoegd gezag rekening met het gebruik van het monument. </al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>14:</nr>
                <titel>Intrekken van de vergunning</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1.</lidnr>
                <al>Een krachtens artikel 10, lid 1, verleende vergunning kan worden
                                    ingetrokken of gewijzigd indien:</al>
                <lijst>
                  <li nr="a."><al>blijkt dat deze is verleend tengevolge van onjuiste of
                                            onvolledige gegevens;</al></li>
                  <li nr="b."><al>op grond van een verandering van de omstandigheden of
                                            inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning
                                            moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt
                                            gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming
                                            waarvan de vergunning is vereist en verleend;</al></li>
                  <li nr="c."><al>aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen
                                            niet zijn of worden nagekomen;</al></li>
                  <li nr="d."><al>de aanvrager hierom verzoekt.</al></li>
                </lijst>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2.</lidnr>
                <al>Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de
                                    monumentencommissie Elburg.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>BESCHERMDE RIJKSMONUMENTEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15:</nr>
              <titel>Vergunning voor beschermd rijksmonument</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het bevoegd gezag zendt onmiddellijk een afschrift van de
                                ontvankelijke aanvraag om vergunning voor een beschermd
                                rijksmonument aan de monumentencommissie.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk over de aanvraag
                                binnen dezelfde vergaderdag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Indien het een complexe aanvraag betreft waarbij advisering meer
                                tijd vergt, zal de commissie binnen vier weken, na de datum van
                                verzending van het afschrift als bedoeld in het eerste lid,
                                adviseren.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Het bevoegd gezag zendt tevens een afschrift van de ontvankelijke
                                aanvraag aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voor die
                                aanvragen als genoemd in artikel 6.4 van het Besluit
                                omgevingsrecht.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Het bevoegd gezag doet in alle andere gevallen als genoemd in het
                                derde lid, melding van de beschikking aan de Rijksdienst voor het
                                Cultureel Erfgoed.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Bij overschrijding van de in het vierde lid genoemde termijn wordt
                                de monumentencommissie geacht positief geadviseerd te hebben. </al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>STRAFBEPALINGEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16:</nr>
              <titel>Strafbepaling</titel>
            </kop>
            <al>Hij die handelt in strijd met de artikelen 9 en 10 van deze verordening
                            wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17:</nr>
              <titel>Toezicht en opsporing</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast: de bij besluit van het college dan wel
                                de burgemeester aan te wijzen personen. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De opsporing van de in artikel 23 strafbaar gestelde feiten is,
                                naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                                opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door het college met de
                                zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast, ieder voor
                                zover dat feiten betreft die in de aanwijzing zijn vermeld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Zo dikwijls de zorg voor de naleving van deze verordening dit
                                vereist, wordt hierbij de last verstrekt al dan niet besloten
                                ruimten en plaatsen, met uitzonderingen van woningen, desnoods tegen
                                de wil van de rechthebbende, bewoner of gebruiker, te betreden, aan
                                hen die en voor zover zij door het bevoegd gezag belast zijn met het
                                toezicht op de naleving van deze verordening.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18:</nr>
              <titel>Overgangsrecht</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De op grond van de onder artikel 25 ingetrokken
                                Monumentenverordening Elburg 2003 aangewezen en geregistreerde
                                gemeentelijke monumenten, worden geacht aangewezen en geregistreerd
                                te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Aanvragen om vergunning die zijn ingediend voor de inwerkingtreding
                                van deze verordening worden afgehandeld met inachtneming van de in
                                artikel 25 ingetrokken verordening. </al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>19:</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt direct na bekendmaking inwerking.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>20:</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Monumentenverordening Elburg
                            2014”.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Elburg </ondertekening>
        <ondertekening>in zijn openbare vergadering van 27 januari 2014.</ondertekening>
        <ondertekening>de voorzitter, de griffier,</ondertekening>
        <ondertekening>F.A. De Lange M.C. Luiting </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>