<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR321037_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van baatbelasting riolering 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlieland</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-02-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vlieland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.vlieland.nl">Uit het Kastje nr. 50-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening baatbelasting riolering zomerhuizen 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=222"/><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van baatbelasting riolering 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Vlieland</al><al>gezien: het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 26
                        november 2013;</al><al>gelet op: op artikel 222 van de Gemeentewet en het "bekostigingsbesluit
                        riolering zomerhuizen", vastgesteld bij raadsbesluit van 14 februari
                        1995;</al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN</vet></al><al><vet>BAATBELASTING RIOLERING ZOMERHUIZEN
                        2014</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>een onroerende zaak<vet>:</vet></al><lijst><li nr="1."><al>een gebouwd eigendom;</al></li><li nr="2."><al>een ongebouwd eigendom;</al></li><li nr="3."><al>een gedeelte van een onder 1 of 2 bedoeld eigendom dat
                                        blijkens zijn indeling is bestemd om als een afzonderlijk
                                        geheel te worden gebruikt;</al></li><li nr="4."><al>een samenstel van twee of meer van de onder 1 of 2 bedoelde
                                        eigendommen of onder 3 bedoelde gedeelten daarvan die naar
                                        de omstandigheden beoordeeld bij elkaar horen</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>het bestemmingsplan: Bestemmingsplan
                                Ankerplaats-Vliepark-Duinkersoord.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam "baatbelasting riolering zomerhuizen" wordt in de vorm van
                            een heffing ineens een belasting geheven ter zake van de onroerende
                            zaken gelegen in de gemeente binnen de rode omlijning op de bij deze
                            verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart, die op 1
                            januari 1996 zijn gebaat door de in het tweede lid genoemde
                            voorzieningen die tot stand zijn of worden gebracht door of met
                            medewerking van het gemeentebestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde voorzieningen omvatten de aanleg van een
                            droog weer afvoer rioleringsstelsel compleet met een vrij verval
                            riolering, persleidingen, en gemalen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven van degene die van een onroerende zaak als
                            bedoeld in artikel 2, eerste lid, het genot heeft krachtens eigendom,
                            bezit of beperkt recht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende krachtens
                            eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die op het tijdstip
                            van ingang van de heffing dan wel, indien de belasting wordt geheven in
                            de vorm van een jaarlijkse belasting, bij de aanvang van het
                            belastingjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld,
                            tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens
                            eigendom, bezit of beperkt recht is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De maatstaf van heffing is een bedrag per onroerende zaak.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per onroerende zaak € 3.176,47.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Regeling inzake heffing in de vorm van een jaarlijkse
                            belasting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 2 wordt op verzoek van de
                            belasting plichtige de belasting geheven in de vorm van een jaarlijkse
                            belasting gedurende 30 jaren. Het verzoek genoemd in de eerste volzin
                            dient binnen zes weken na de dagtekening van de aanslag schriftelijk bij
                            de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde
                            gemeenteambtenaar te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De jaarlijkse belasting bedraagt de annuïteit van het totaal
                            verschuldigde, berekend op basis van een periode van 30 jaren en een
                            rentevoet van 7,5% = € 268,96.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De belasting over de nog niet verstreken belastingjaren kan elk jaar
                            worden afgekocht. De afkoopsom wordt bepaald op de contante waarde van
                            de op 1 januari van het belastingjaar, waarin de afkoop plaatsvindt, nog
                            te verschijnen belastingbedragen berekend naar een rentevoet van
                            7,5%.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>a. Ingeval de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse
                            heffing en de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak als
                            bedoel in het eerste lid eindigt of wijzigt als gevolg van het
                            overdragen van eigendom, bezit of beperkt recht, wordt de nieuwe
                            genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met ingang van
                            het eerstvolgende belastingjaar een aanslag ineens opgelegd voor de
                            resterende belastingjaren van het belastingtijdvak opgelegd, berekend
                            overeenkomstig het vierde lid van dit artikel. b. In afwijking van het
                            bepaalde in onderdeel a, wordt op verzoek van de in dat onderdeel
                            bedoelde belastingplichtige de jaarlijkse heffing overeenkomstig het
                            eerste lid gecontinueerd. Het verzoek daartoe dient binnen zes weken na
                            de dagtekening van de aanslag ingevolge onderdeel a, schriftelijk bij de
                            in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde
                            gemeenteambtenaar te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Ingeval de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse heffing
                            en in de loop van het belastingtijdvak de eigendom, het bezit of het
                            beperkt recht van een gedeelte van de onroerende zaak wordt
                            overgedragen, wordt, voor de verdeling van de resterende
                            belastingschuld, de maatstaf van heffing als bedoeld in artikel 4 voor
                            de betreffende onroerende zaak opnieuw vastgesteld voor de nog niet
                            verstreken belastingjaren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de baatbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening
                            van de aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt dat zolang de verschuldigde
                            bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                            afgeschreven, de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke
                            termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
                            aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                            later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de baatbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De "Verordening baatbelating riolering zomerhuizen 2002" van 5
                                november 2001 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid
                                genoemde datum van ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing
                                op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening
                                baatbelasting riolering zomerhuizen 2014".</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van</ondertekening><ondertekening>de gemeente Vlieland in zijn openbare</ondertekening><ondertekening>vergadering van 16 december 2013</ondertekening><ondertekening>de griffier, de plaatsvervangend voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mr. R.A. Lanting P.D. Visser</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>