<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR320322_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Blaricum</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-01-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Blaricum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hei en wei 17-01-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=AANBESTEDINGSWET">Aanbestedingswet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-10-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsbesluit 2013-43</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën en economie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Dit beleid vervangt het inkoop- en aanbestedingsbeleid 2010, vastgesteld 14 december 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage resourceIdentifier="exb-2019-5151">lokaal inkoopbeleid2013 incl plaatjes en tabellen</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage resourceIdentifier="exb-2019-5152">Bijlage bouwblokken methode</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage resourceIdentifier="exb-2019-5153">Bijlage 2 Onderscheid IIA en IIB diensten</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage resourceIdentifier="exb-2019-5154">algemene inkoopvoorwaarden</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage resourceIdentifier="exb-2019-5155">ict inkoopvoorwaarden</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Voorwoord</al><al/><al>Voor u ligt het lokaal inkoopbeleid 2013 van de gemeente Blaricum. Het geeft
                        richting aan de wijze waarop inkoop binnen de gemeente Blaricum en de regio
                        vorm gegeven dient te worden.</al><al/><al>In tegenstelling tot eerder beleid is de ambtelijke totstandkoming van dit
                        beleid integraal afgestemd binnen de inkoopsamenwerking Gooi- en Vechstreek
                        (iSGV) Met het vaststellen van dit beleid zal er geen onderscheid meer zijn
                        tussen lokaal en regionaal beleid. Belangrijkste doelstelling hierbij is dat
                        er een eenduidig beleid wordt neergezet wordt wat tegemoet komt aan de wens
                        van ( de wetgever om te streven naar) een heldere, transparante en zoveel
                        mogelijk uniform inkopende overheid daar waar dat mogelijk is. Vanwege deze
                        aanpak wordt er in de tekst niet gesproken over de gemeente Blaricum maar
                        over deelnemer van het iSGV.</al><al/><al>Het beleid kent een aantal uitgangspunten waaraan de uitvoering van de
                        regels omtrent de inkoop en aanbestedingen dienen te voldoen. Deze
                        beleidspunten zijn met omlijnde kaders opgenomen binnen de tekst. Tevens
                        zijn deze voor de leesbaarheid en snel overzicht als opsomming opgenomen in
                        samenvatting.</al><al/><al>Het is niet opportuun te veronderstellen dat alle uitgangspunten in
                        combinatie te realiseren zijn bij het verwerven van goederen, diensten en/of
                        werken. Per aanbesteding of inkooptraject zal er dus een keuze gemaakt
                        dienen te worden welke uitgangspunten in welke mate gerealiseerd kunnen
                        worden.</al><al/><al>Het voorliggend beleid geeft zoals aangegeven essentie en richting van
                        inkoop in grote lijnen weer. Nadere inkoopinformatie en bijbehorende
                        procedures worden opgenomen in een regionaal afgestemd inkoophandboek,
                        waarin praktische handvatten voor de uitvoering zijn opgenomen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><structuurtekst><al>SAMENVATTING BELEIDSPUNTEN</al><al/><al>De deelnemers[1] in de inkoopsamenwerking Gooi en Vechtstreek (hierna te
                            noemen: deelnemers in de iSGV) stellen de volgende beleidspunten
                            vast:</al><al/><al> het ARW 2012 wordt, met uitzondering van de bepalingen inzake de aan
                            werken gerelateerde leveringen en diensten, van toepassing verklaard op
                            alle aanbestedingen op het gebied van werken boven de Europese
                            drempelwaarden. Daarbij geldt ook het `pas toe of leg uit`- principe
                            (`comply or explain`). Dat wil zeggen dat afwijken is toegestaan, mits
                            gemotiveerd (§ 3.1); </al><al/><al> het Inkoophandboek wordt gebruikt. Afwijking is slechts mogelijk door
                            een deugdelijk gemotiveerd besluit van het bevoegde bestuursorgaan (§
                            3.3); </al><al/><al> wanneer dit mogelijk en zinvol is, zal artikel 2.80 (bijzondere
                            uitvoeringsvoorwaarde) Aanbestedingswet worden toegepast, in de vorm van
                            `de bouwblokkenmethode voor maatschappelijke waarde` om daarmee te
                            voldoen aan artikel 1.4, tweede lid Aanbestedingswet (creëren zoveel
                            mogelijk maatschappelijke waarde) (§ 4.2); </al><al/><al> er wordt rekening gehouden met de lokale economie en het MKB, zonder
                            dat dit tot enigerlei vorm van discriminatie leidt (§ 4.3) </al><al/><al> wanneer het mogelijk is, zal worden overwogen of van de mogelijkheid
                            van artikel 2.82 Aanbestedingswet (voorbehoud SW-bedrijven) gebruik
                            wordt gemaakt (§ 4.4); </al><al/><al> bij elke aanbesteding zal minimaal een productanalyse worden gedaan,
                            eventueel aangevuld met een uitgebreidere marktanalyse (§ 5.1); </al><al/><al> de objectieve criteria die worden toegepast voor de keuze van de toe te
                            laten ondernemer(s) worden uitgewerkt in het inkoophandboek (§ 5.4); </al><al/><al> voor inkoop- en aanbestedingsprocedures zal – met inachtneming van de
                            Gids Proportionaliteit – bij de in § 5.5.2 genoemde drempelbedragen de
                            daar genoemde procedures worden gehanteerd, tenzij blijkt dat dit niet
                            aansluit bij het type inkoop en het karakter van de markt waarin de
                            ondernemers opereren. In dat geval kan ook gekozen worden voor een
                            andere procedure (in de tabel aangegeven met een oranje kleur) (§
                            5.5.2); </al><al/><al> bij II-B diensten onder de Europese drempelbedragen en bij II-B
                            diensten boven de Europese drempelbedragen zonder grensoverschrijdend
                            belang, wordt op basis van objectieve gronden gekozen voor een
                            onderhandse procedure, een nationaal openbare procedure of een Europese
                            procedure (§ 5.7). </al><al/><al/><al>[1] De deelnemers in de Inkoopsamenwerking Gooi en Vechtstreek zijn op
                            het moment dat dit beleid is vastgesteld: de gemeenten Bussum,
                            Hilversum, Huizen, Naarden, Weesp, Wijdemeren, de BEL-combinatie, het
                            Gewest Gooi en Vechtstreek en de Brandweer Gooi en Vechtstreek.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Inleiding</titel></kop><structuurtekst><al> 1.1 Aanleiding</al><al/><al>Op 1 april 2013 is de Aanbestedingswet 2012 in werking getreden.
                                Tegelijkertijd traden ook het Aanbestedingsbesluit, de Gids
                                Proportionaliteit en het Aanbestedingsreglement voor werken 2012
                                (ARW 2012) in werking. De Aanbestedingswet implementeert de Europese
                                aanbestedingsrichtlijnen[1] en vervangt het Besluit
                                aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (BAO) en de Wet
                                implementatie rechtsbescherming aanbestedingen (Wira). In de
                                Aanbestedingswet wordt via een algemene maatregel van bestuur (het
                                Aanbestedingsbesluit) een tweetal richtsnoeren verplicht gesteld: de
                                Gids Proportionaliteit en (voor aanbestedingen voor werken onder de
                                Europese drempels) het ARW 2012.</al><al/><al>In de Aanbestedingswet 2012 zijn in deel 1 algemene bepalingen
                                opgenomen, zowel voor aanbestedingen boven als onder de Europese
                                drempels. Sommige van die bepalingen vergen, evenals de genoemde
                                richtsnoeren, nader beleid. Reden waarom het afgestemd regionaal
                                inkoopbeleid moet worden aangepast.</al><al/><al>Nu in de Aanbestedingswet ook bepalingen zijn opgenomen voor
                                aanbestedingen onder de Europese drempels, gelden, meer nog dan in
                                de oude situatie, de algemene beginselen van het aanbestedingsrecht
                                ook voor die aanbestedingen. Kort gezegd gaat het hier om gelijke
                                behandeling, non-discriminatie, transparantie en
                                proportionaliteit.</al><al/><al> 1.2 Samenhang regionaal inkoopbeleid en lokaal inkoopbeleid </al><al/><al>De regering heeft in de Aanbestedingswet via artikel 4.28 een
                                voorziening opgenomen waardoor zij – indien uit een evaluatie van de
                                aanbestedingspraktijk blijkt dat de nieuwe wetgeving tot onvoldoende
                                uniformering heeft geleid – nadere procedurele regels kan stellen om
                                een uniforme wijze van aanbesteding af te dwingen.</al><al/><al>Het ligt daarom voor de hand - gezien deze nadrukkelijk intentie van
                                de wetgever om te streven naar een uniformering van de
                                aanbestedingspraktijk [2] - om dit inkoopbeleid inclusief het
                                inkoophandboek van toepassing te verklaren op zowel regionale als
                                lokale overheidsopdrachten.</al><al/><al>De wetgever streeft nadrukkelijk in de nadere regelgeving bij de
                                Aanbestedingswet (denk bijvoorbeeld aan ‘de Gids Proportionaliteit’)
                                tot het bevorderen van een zo breed mogelijke toepassing van
                                uniforme procedures. Verder is door de regering een convenant
                                gesloten met de VNG om aan de hand van flankerend beleid deze
                                uniformering te stimuleren[3]. Op basis van dit convenant heeft de
                                VNG een model inkoopbeleid en de model algemene inkoopvoorwaarden
                                ontwikkeld. Het VNG model inkoopbeleid is in dit inkoopbeleid
                                verwerkt.</al><al/><al>Met deze uitgangspunten is dan ook bij de opzet van het
                                inkoophandboek rekening gehouden.</al><al> In een uniforme ‘voorfase’ worden alle belangrijke aspecten van de
                                Aanbestedingswet en onderliggende regelgeving behandeld, waardoor
                                een individuele medewerker tot een gedegen en objectieve en
                                rechtmatige keuze kan komen voor een aanbestedingsprocedure. Door
                                deze aanpak wordt er – los van een eventueel gebruik van de
                                afwijkingsbevoegdheid (zie paragraaf 3.2) – geen onderscheid meer
                                gemaakt tussen bijvoorbeeld regionale of lokale
                                aanbestedingsdrempels. Met deze aanpak is voor alle deelnemers in de
                                iSGV de uitleg van de aanbestedingsregels gelijk.</al><al>Deze aanpak biedt bovendien het voordeel om als deelnemers in de
                                iSGV gezamenlijk te werken aan de verplichting om zorg te dragen
                                voor het leveren van zoveel mogelijk ‘maatschappelijke waarde’ bij
                                de inzet van publieke middelen. Deze verplichting is neergelegd in
                                artikel 1.4 van de nieuwe Aanbestedingswet. Het begrip omvat -
                                blijkens de toelichting – naast de gebruikelijke toe te passen
                                sociale en milieuvoorwaarden, ook het creëren van de mogelijkheid
                                voor innovatieve toepassing bij de uitvoering van
                                overheidsopdrachten.</al><al> Op dit moment wordt binnen de deelnemers in de iSGV aan de
                                onderlinge samenhang van deze drie aspecten gewerkt. Op het gebied
                                van de sociale voorwaarden is daarbinnen reeds een gezamenlijk
                                aanpak ontwikkeld in de vorm van een zogenaamde bouwblokkenmethode.
                                Het ligt dan ook voor de hand dit binnen het (regionale)
                                inkoophandboek verder door te ontwikkelen.</al><al/><al>Tot slot dient opgemerkt te worden dat de opzet van dit beleidsmodel
                                elke deelnemer in de iSGV de mogelijkheid biedt om bij bestuurlijke
                                goedkeuring er voor te kiezen dit algemene regionaal afgestemde
                                inkoopbeleid integraal van toepassing te verklaren en te hanteren
                                als ware het lokaal inkoopbeleid. Door gebruik te maken van de
                                afwijkingsbevoegdheid in dit inkoopbeleid (paragraaf 3.2) kan
                                namelijk altijd voor een lokale aanbesteding van leveringen en
                                diensten of lokale aanbestedingen van werken worden afgeweken van
                                dit inkoopbeleid.</al><al>Deze afwijking op het inkoopbeleid heeft meestal betrekking op de
                                eigen specifiek inhoudelijke (en daarmee beleidsmatige) afwegingen
                                binnen de eigen (lokale) overheidsopdracht.</al><al>Aan deze eigen inhoudelijke afweging kan een andere (meer
                                toepasselijke) inkoopprocedure zijn verbonden die afwijkt van de in
                                eerste instantie voorgeschreven procedure uit dit inkoopbeleid. Deze
                                keuze(s) dient(en) in het kader van de verplichting om te komen tot
                                een objectieve keuze voor een aanbestedingsprocedure wel in het
                                aanbestedingsdossier specifiek met (afhankelijk van de opdracht met
                                bestuurlijke) goedkeuring te worden opgenomen .</al><al> (tabel: zie bijlage: lokaal inkoopbeleid 2013 incl plaatjes en
                                tabellen)</al><al/><al>[1] Richtlijn 2004/18/EG (klassieke aanbestedingsrichtlijn voor
                                overheden) en Richtlijn 2004/17/EG (aanbestedingsrichtlijn voor
                                Nutssectoren).</al><al/><al>[2] Zie de memorie van toelichting op de Aanbestedingswet pagina 7
                                paragraaf 3.3 Uniformering van de aanbestedingspraktijk.</al><al/><al>[3] Zie de memorie van toelichting op de Aanbestedingswet pagina 16
                                paragraaf 4.2 Uitschrijven procedures.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Doelstellingen inkoopbeleid</titel></kop><structuurtekst><al>Inkoop en aanbesteden zijn belangrijke en risicovolle processen voor
                                aanbestedende diensten. De deelnemers in de iSGV hebben de
                                verantwoordelijkheid deze processen op een rechtmatige, integere en
                                doelmatige wijze uit te voeren. Dit vereist een zorgvuldige aanpak.
                                De deelnemers in de iSGV dienen daarbij niet alleen rekening te
                                houden met financiële, maar ook met politieke, juridische en
                                kwalitatieve aspecten. Bij inkoop en aanbesteden wordt
                                gemeenschapsgeld aangewend. Teneinde de risico's zoveel mogelijk te
                                beperken is het noodzakelijk om te beschikken over heldere en
                                eenduidige kaders en een daarvan afgeleide werkwijze.</al><al>Door het vaststellen van een inzichtelijk beleid kan er voor gezorgd
                                worden dat bewust omgegaan wordt met Europese regelgeving en er
                                extra aandacht wordt geschonken aan integer, doelmatig en
                                doeltreffend inkopen en aanbesteden. De deelnemers in de iSGV hebben
                                uiteraard zelf voordeel bij een doordacht inkoop- en
                                aanbestedingsbeleid. Een efficiënt ingerichte en uitgevoerde inkoop-
                                en aanbestedingsorganisatie kan door de verbeteringen van de
                                kwaliteit van opdrachten en bestekken, enerzijds leiden tot het –
                                zeker voor overheden - algemeen wenselijk geacht maatschappelijk
                                verantwoord inkopen. Anderzijds leidt het tot een professionele
                                inkoop en daarmee tot het verkrijgen van optimale prijs/kwaliteit
                                verhouding.</al><al/><al>Op basis van bovenstaande kunnen de volgende doelstellingen voor het
                                regionaal afgestemde inkoop- en aanbestedingsbeleid worden
                                geformuleerd:</al><al> Rechtmatig inkopen: het bevorderen van de naleving van wet- en
                                regelgeving op het terrein van inkopen en aanbesteden, zodat
                                risico's van claims en gerechtelijke procedures zoveel mogelijk
                                worden beperkt. Doelmatig en doeltreffend inkopen: kopen tegen een
                                juiste prijs/kwaliteits-verhouding waarbij het inkoopproces en/of
                                aanbestedingsproces op een transparante, objectieve en integere
                                wijze plaatsvindt. De kosten staan in redelijke verhouding tot de
                                opbrengsten en het beheersen en verlagen van de gemeentelijke
                                middelen staat centraal. De deelnemers in de iSGV houden daarbij in
                                het oog dat er voldoende toegang is voor ondernemers tot
                                gemeentelijke opdrachten. Creëren maatschappelijke waarde:
                                maatschappelijk verantwoord inkopen. Op grond van artikel 1.4 lid 2
                                Aanbestedingswet moet de aanbestedende dienst zorg dragen voor het
                                leveren van zoveel mogelijk maatschappelijke waarde voor de publieke
                                middelen. Naast een sociale component kan hieronder ook worden
                                verstaan de kwalitatieve aspecten van de gunning of duurzaamheid en
                                innovatie. Een integere, betrouwbare, zakelijke en professionele
                                inkoper en opdrachtgever zijn: professionaliteit houdt in dat op
                                bewuste en zakelijke wijze wordt omgegaan met inkoop. Het streven
                                naar professioneel opdrachtgeverschap komt tot uitdrukking in een
                                betrokkenheid bij de inkoopambitie, slagvaardige besluitvorming,
                                adequaat risicomanagement, vertrouwen in de contractant en in
                                wederzijds respect tussen de deelnemers in de iSGV en de
                                contractant. Administratieve lastenverlichting: zowel de deelnemers
                                in de iSGV als ondernemers verrichten vele administratieve
                                handelingen tijdens het inkoopproces. De deelnemers in de iSGV
                                verlichten deze lasten door bijvoorbeeld een efficiënt inkoopproces
                                uit te voeren en door het toepassen van zoveel mogelijk uniforme
                                procedures binnen de regio. </al><al/><al>Om deze doelstellingen te realiseren zijn juridische,
                                maatschappelijke en economische uitgangspunten vastgelegd in dit
                                Inkoop- en aanbestedingsbeleid. Deze uitgangspunten zijn in de
                                volgende hoofdstukken uitgewerkt.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Juridische uitgangspunten</titel></kop><structuurtekst><al> 3.1 Algemeen juridisch kader </al><al>Aanbestedende diensten zijn verplicht tot naleving van nationale en
                                Europese wet- en regelgeving. Uitzonderingen op (Europese) wet- en
                                regelgeving zullen door de deelnemers in de iSGV restrictief worden
                                uitgelegd en toegepast om te voorkomen dat het toepassingsbereik van
                                deze wet- en regelgeving wordt uitgehold.</al><al/><al>Aanbestedingswet</al><al>Op 1 april 2013 is de Aanbestedingswet in werking getreden. Deze
                                nieuwe wet implementeert de Europese Aanbestedingsrichtlijn en biedt
                                één kader voor overheidsopdrachten boven- en onder de Europese
                                drempelwaarden en de rechtsbescherming bij (Europese)
                                aanbestedingen. De Aanbestedingswet vervangt het Besluit
                                aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (BAO) en de Wet
                                implementatie rechtsbescherming aanbestedingen (Wira).</al><al>In de Aanbestedingswet wordt via een algemene maatregel van bestuur
                                (het Aanbestedingsbesluit) een aantal richtsnoeren verplicht
                                gesteld: de Gids Proportionaliteit en het Aanbestedingsreglement
                                voor Werken 2012 (ARW 2012). Schematisch ziet dit er als volgt
                                uit:</al><al> (tabel: zie bijlage lokaalinkoopbeleid incl plaatjes en tabellen) </al><al/><al>In de Aanbestedingswet (met name in deel 1) en de bijbehorende
                                richtsnoeren is een aantal zaken opgenomen dat nader beleid vergt.
                                Dat wordt in dit inkoopbeleid ingevuld.</al><al/><al>De Gids Proportionaliteit biedt het kader voor invulling van het
                                begrip proportionaliteit. De Gids is van toepassing op
                                aanbestedingen boven en onder de Europese drempelwaarden. De Gids
                                kent een aantal voorschriften voor de aanbestedende diensten. Voor
                                zowel de voorschriften uit de Gids, als de bijbehorende tekst geldt:
                                ‘pas toe of leg uit’. Dat wil zeggen dat de voorschriften en de
                                tekst moeten worden toegepast en dat afwijkingen gemotiveerd moeten
                                worden.</al><al/><al>Aanbestedingsreglement voor Werken 2012 (ARW 2012): Het ARW 2012
                                kent twee sporen. Ten eerste de Europese aanbesteding van werken en
                                ten tweede de aanbesteding van werken onder de Europese
                                drempelwaarden. Via de Aanbestedingswet en het Aanbestedingsbesluit
                                is het ARW 2012 verplicht voor aanbestedingen onder de Europese
                                drempelwaarden. Ook hier geldt het ‘pas toe of leg uit’ principe
                                (‘comply or explain’). Het ARW 2012 is ook geschikt voor aan werken
                                gerelateerde leveringen en diensten. De verplichting om het ARW 2012
                                te gebruiken onder de Europese drempels geldt echter niet voor deze
                                leveringen en diensten.</al><al/><al>Boven de Europese drempelwaarden is het ARW 2012 alleen verplicht
                                voor de rijksoverheid. Decentrale overheden kunnen het ARW 2012 ook
                                van toepassing verklaren. Bij de deelnemers in de iSGV werd het
                                vorige ARW (2005) ook al toegepast boven en onder de Europese
                                drempels. Gelet hierop is het logisch ook het ARW 2012 van
                                toepassing te verklaren voor aanbestedingen boven de Europese
                                drempels, met uitzondering van de aan werken gerelateerde leveringen
                                en diensten omdat daarvoor het ARW 2012 onder de Europese drempels
                                ook niet verplicht is.</al><al> De deelnemers in de iSGV verklaren het ARW 2012, met uitzondering
                                van de bepalingen inzake de aan werken gerelateerde leveringen en
                                diensten, ook van toepassing op al hun aanbestedingen op het gebied
                                van werken boven de Europese drempelwaarden. Daarbij geldt ook het
                                ‘pas toe of leg uit’ principe. Dat wil zeggen dat afwijken is
                                toegestaan, mits gemotiveerd. </al><al/><al> 3.2 Afwijkingsbevoegdheid </al><al/><al>Afwijkingen van dit Inkoop- en aanbestedingsbeleid zijn slechts
                                mogelijk en toegestaan op basis van een deugdelijk gemotiveerd
                                besluit van het bevoegde bestuursorgaan en voor zover een en ander
                                op basis van de geldende wet- en regelgeving mogelijk is.</al><al/><al> 3.3 Uniforme procedures en documenten </al><al/><al>De deelnemers in de iSGV streven er naar om uniforme procedures en
                                documenten te hanteren, tenzij een concreet geval dit niet toelaat.
                                Uniformiteit in de uitvoering draagt eraan bij dat ondernemers weten
                                waar ze aan toe zijn en regionaal gezien niet steeds met
                                verschillende procedureregelingen worden geconfronteerd. Daarom
                                werken de deelnemers in de iSGV dit inkoopbeleid uit in een
                                inkoophandboek, waarin eenduidige procedures, richtlijnen,
                                hulpmiddelen en standaarddocumenten zijn opgenomen voor het
                                daadwerkelijk inkopen van leveringen, diensten en werken. Het
                                inkoophandboek is te gebruiken voor regionale en lokale
                                aanbestedingen en wordt interactief via de website van de iSGV
                                gefaciliteerd. Daar waar mogelijkheden zijn voor lokale afwijkingen
                                wordt dit in het inkoophandboek meegenomen.</al><al>Door het gebruik van het inkoophandboek en de daarin opgenomen
                                standaarddocumenten streven de deelnemers in de iSGV er naar om een
                                constante kwaliteit richting de verschillende ondernemers uit te
                                stralen.</al><al>Vanuit economische overwegingen zal het inkoophandboek alleen
                                toegankelijk zijn voor de deelnemers in de iSGV.</al><al/><al>Een onderdeel van het aanvullend beleid op de Aanbestedingswet, dat
                                nog wordt ontwikkeld door het ministerie van Economische zaken is
                                het richtsnoer leveringen en diensten. Daarin worden de procedures
                                voor leveringen en diensten uitgewerkt. Het is niet verplicht om te
                                gebruiken. De deelnemers in de iSGV gebruiken het richtsnoer niet,
                                omdat zij het inkoophandboek hebben ontwikkeld en daarmee uniforme
                                procedures en documenten worden gehanteerd.</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV gebruiken het inkoophandboek. Afwijking is
                                mogelijk door een deugdelijk gemotiveerd besluit op te nemen in het
                                aanbestedingsdossier. </al><al/><al> 3.4 Grensoverschrijdend belang </al><al/><al>Voorafgaand aan inkoop vindt een objectieve toets plaats of sprake
                                is van een duidelijk grensoverschrijdend belang. Bij
                                overheidsopdrachten met een duidelijk grensoverschrijdend belang
                                passen de deelnemers in de iSGV de algemene beginselen van het
                                aanbestedingsrecht toe. Overheidsopdrachten met een duidelijk
                                grensoverschrijdend belang zijn overheidsopdrachten waarbij buiten
                                Nederland gevestigde ondernemers interesse hebben of kunnen hebben.
                                Dit kan blijken uit de uitgevoerde
                                marktverkenning/marktconsultatie.</al><al/><al>Of een overheidsopdracht een duidelijk grensoverschrijdend belang
                                heeft, zal afhangen van verschillende omstandigheden, zoals de
                                waarde van de opdracht, de aard van de opdracht en de plaats waar de
                                opdracht moet worden uitgevoerd.</al><al/><al>Voor overheidsopdrachten met een duidelijk grensoverschrijdend
                                belang, zullen de deelnemers in de iSGV een passende mate van
                                openbaarheid in acht nemen. Dit vloeit voort uit het
                                transparantiebeginsel.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Maatschappelijke uitgangspunten</titel></kop><structuurtekst><al> 4.1 Integriteit</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV stellen bestuurlijke en ambtelijke
                                integriteit voorop. De bestuurders en ambtenaren houden zich aan de
                                vastgestelde gedragscodes. Zij handelen zakelijk en objectief,
                                waardoor bijvoorbeeld belangenverstrengeling wordt voorkomen. </al><al/><al>b. De deelnemers in de iSGV contracteren enkel met integere
                                ondernemers.</al><al> De deelnemers in de iSGV willen enkel zaken doen met integere
                                ondernemers die zich niet bezighouden met criminele of illegale
                                praktijken. Een toetsing van de integriteit van ondernemers is bij
                                inkoop (en aanbesteding) in beginsel mogelijk, bijvoorbeeld door de
                                toepassing van uitsluitingsgronden of het hanteren van de
                                ‘Gedragsverklaring Aanbesteden’. </al><al/><al> 4.2 Maatschappelijke waarde en bijzondere uitvoeringsvoorwaarden </al><al/><al>In artikel 2.80 van de Aanbestedingswet is de mogelijkheid gecreëerd
                                om bijzondere voorwaarden te stellen aan de uitvoering van een
                                overheidsopdracht, mits de voorwaarden verenigbaar zijn met het
                                EG-Verdrag en mits de bijzondere voorwaarden in de aankondiging of
                                de aanbestedingsstukken zijn vermeld. De voorwaarden moeten verband
                                houden met het onderwerp van de opdracht en altijd in
                                overeenstemming zijn met het transparantie- en
                                gelijkheidsbeginsel.</al><al/><al>Deze bijzondere voorwaarden kunnen verband houden met sociale of
                                milieuoverwegingen. Zij kunnen met name ten doel hebben de
                                beroepsopleiding op de werkplek of de arbeidsparticipatie van
                                moeilijk in het arbeidsproces te integreren personen te bevorderen,
                                de werkloosheid te bestrijden of het milieu te beschermen.</al><al/><al>Bijzondere voorwaarden worden als contractsbepaling opgenomen. De
                                inschrijver moet vooraf akkoord gaan met de bijzondere voorwaarden
                                van het contract. Doet hij dat niet, dan zal zijn inschrijving
                                worden afgewezen. Wanneer tijdens de uitvoering van het contract
                                blijkt dat de inschrijver niet voldoende uitvoering geeft aan de
                                bijzondere voorwaarden, dan is er sprake van schending van deze
                                contractuele verplichting en kan naleving worden geëist,
                                schadevergoeding worden gevraagd, of het contract worden ontbonden.
                                Uiteraard tenzij buiten schuld van de opdrachtnemer niet aan de
                                voorwaarden kon worden voldaan.</al><al/><al>De wetgever heeft in de nieuwe aanbestedingswet (artikel 1.4) ook
                                het begrip ‘maatschappelijke waarde’ geïntroduceerd bij de inzet van
                                publieke middelen. Door de wetgever is niet expliciet aangegeven hoe
                                aan dit begrip inhoud dient te worden gegeven bij het aangaan van
                                overheidsopdrachten. Wel is duidelijk uit de toelichting op de
                                aanbestedingswet dat social return maatregelen, milieuoverwegingen
                                en innovatie als bijzondere uitvoeringsvoorwaarden onderdeel uit
                                maken van dit te ontwikkelen pakket van maatregelen. Aanbestedende
                                diensten zijn verder vrij in de wijze waarop zij hieraan invulling
                                geven. De bouwblokkenmethode social return – die reeds door de
                                regiogemeenten is vastgesteld - geeft daar ten aanzien van de
                                sociale aspecten bij het creëren van maatschappelijke waarde al een
                                eerste duidelijke invulling aan. (De bouwblokkenmethode zoals die er
                                op dit moment uitziet wordt in zijn geheel toegelicht in het
                                regionale plan van aanpak in bijlage 1).</al><al/><al>In het kader van de verplichte toepassing van het nieuwe begrip
                                maatschappelijke waarde zal de bouwblokkenmethode social return
                                echter onderdeel moeten gaan uitmaken van een bredere aanpak bij het
                                creëren van deze ’maatschappelijke waarde’. Zo zullen de bijzondere
                                uitvoeringsvoorwaarden op het gebied van het milieu eveneens
                                onderdeel moeten gaan uitmaken van de bouwblokkenmethode . Bij de
                                uitwerking hiervan zal overigens aangesloten worden bij de algemeen
                                geldende criteria toegesneden op de relevante branche en opgesteld
                                door het Agentschap NL.</al><al/><al>Tevens zal naast de bijzondere uitvoeringsvoorwaarden op zowel het
                                gebied van social return en milieu eveneens op een uniforme wijze
                                innovatie gestimuleerd moeten worden binnen aanbestedingen.
                                Innovatief aanbesteden staat daarbij voor een aanbestedingsproces
                                waarbij maximaal gebruik wordt gemaakt van de kennis en
                                innovatiekracht die in de markt aanwezig is.</al><al> In plaats van dat de aanbestedende dienst alles tot in detail
                                voorschrijft (het ‘traditionele aanbesteden’), wordt aan
                                marktpartijen de ruimte geboden om met eigen oplossingen te
                                komen.</al><al/><al>Bij innovatiegericht inkopen wordt gezocht naar een innovatieve
                                oplossing of laat de aanbestedende dienst ruimte aan de
                                opdrachtnemer om een innovatieve oplossing aan te bieden. Het kan
                                bijvoorbeeld gaan om een volledig nieuwe oplossing, maar ook om de
                                verdere ontwikkeling van de eigenschappen van een bestaand ‘product’
                                waar de gemeente of het gewest om heeft gevraagd.</al><al> Innovatief aanbesteden kan overigens bij alle fasen van een
                                aanbestedingsprocedure worden toegepast.</al><al/><al>Gezamenlijk kunnen de deelnemers in de iSGV – daar waar mogelijk –
                                de bijzondere uitvoeringsvoorwaarden op het gebied van social
                                return, milieu en innovatiegericht inkopen (en aanbesteden)
                                aanmoedigen binnen een verder uit te ontwikkelen ‘bouwblokkenmethode
                                voor maatschappelijke waarde’.</al><al>Belangrijk is daarbijdat als uitgangspunt bij aanbestedingen geldt
                                dat de bijzondere uitvoeringsvoorwaarden in het kader van de
                                beoordeling van de inschrijvers een reële waardering krijgen en in
                                de contractuele fase objectief en gelijk te duiden zijn voor iedere
                                inschrijver. Door de bijzonder uitvoeringsvoorwaarden in een
                                ‘bouwblokkenmethode voor maatschappelijke waarde’ vooraf (tijdens de
                                aanbesteding)inhoudelijk inzichtelijk te maken, en de toepassing
                                ervantijdens de uitvoering van de opdracht (dus na de
                                aanbesteding)als gezamenlijk inspanningsverplichting tussen
                                leverancier en gemeente/gewest op te leggen, wordt proportionaliteit
                                en toepasselijkheid van deze bijzondere uitvoeringsvoorwaarden op de
                                bewuste opdracht gewaarborgd.</al><al/><al>Toepassing maatschappelijke waarde als bijzondere
                                uitvoeringsvoorwaarden bij overheidsopdracht</al><al/><al>(tabel: zie bijlage: lokaal inkoopbeleid 2013 incl plaatjes en
                                tabellen</al><al/><al>De ‘bouwblokken voor maatschappelijk waarde’ zijn bij het schrijven
                                van dit inkoopbeleid nog in ontwikkeling. Wel is al bekend dat de
                                bijzondere uitvoeringsvoorwaarden die opgesloten liggen in ‘de
                                bouwblokken voor maatschappelijke waarde’, als een redelijke
                                inspanningsverplichting binnen de contractsbepalingen zullen worden
                                opgenomen. Daarmee zal iedere leverancier zich afhankelijk van de
                                gezamenlijk in te schatten uitvoeringsrisico’s moeten committeren
                                aan de verplichting om mee te werken aan het creëren van zo groot
                                maatschappelijke waarde bij de uitvoering van de aan haar gegunde
                                overheidsopdracht.</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV zullen, wanneer dit mogelijk en zinvol is,
                                kiezen artikel 2.80 toe te passen in de vorm van ‘de
                                bouwblokkenmethode voor maatschappelijke waarde’ om daarmee te
                                voldoen aan de bepalingen uit artikel 1.4 van de nieuwe
                                aanbestedingswet. </al><al/><al>In alle regiogemeenten zijn burgemeester en wethouders gevraagd om
                                akkoord te gaan met de keuze van de Bouwblokken aanpak voor de
                                regionale invulling van social return. Hiervoor is in elke gemeente
                                separaat een nota ter besluitvorming aangeboden. Zodra de
                                ‘bouwblokkenmethode voor maatschappelijke waarde’ verder is
                                uitgewerkt zal deze eveneens separaat in een nota ter besluitvorming
                                worden aangeboden. De nota kan naar eigen keuze per gemeente worden
                                aangevuld met het voorstel met de wijze waarop lokaal de
                                ‘bouwblokkenmethode voor maatschappelijke waarde’ zal worden
                                geïmplementeerd. Dit is aan de afzonderlijke gemeenten om daar een
                                besluit over te nemen.</al><al/><al> 4.3 Lokale economie en MKB </al><al/><al>De deelnemers in de iSGV hebben oog voor de lokale economie, zonder
                                dat dit tot enigerlei vorm van discriminatie van ondernemers leidt.
                                In gevallen waar een enkelvoudig onderhandse offerteaanvraag en/of
                                een meervoudig onderhandse offerteaanvraag volgens de geldende wet-
                                en regelgeving is toegestaan, kan rekening worden gehouden met de
                                lokale economie en lokale ondernemers. Discriminatie moet daarbij
                                worden voorkomen en de deelnemers in de iSGV moeten niet onnodig
                                regionale, nationale, Europese of mondiale kansen laten liggen.
                                ‘Local sourcing’ kan bijdragen aan de doelmatigheid van de
                                Inkoop.</al><al/><al>In een door de Tweede Kamer aangenomen motie is de regering verzocht
                                zorg te dragen voor de gunning van 30% van het aantal aanbestedingen
                                aan het midden- en kleinbedrijf (MKB) met toepassing van het ‘pas
                                toe of leg uit’ adagium. Dit betekent dat aanbestedende diensten
                                ieder afzonderlijk naar die 30% moeten streven. De definitie van het
                                MKB die hiervoor gebruikt wordt is een bedrijf bestaande uit 0-100
                                werknemers. Aangezien de Europese richtlijnen niet toestaan dat een
                                deel van de opdrachten wordt voorbehouden aan het MKB zullen
                                aanbestedende diensten dit streefaantal moeten bereiken door het
                                stellen van minder of lagere eisen en door kleinere opdrachten in de
                                markt te zetten. Op deze wijze heeft het MKB een grotere kans op de
                                opdracht. Er bestaat geen sanctie voor het niet voldoen aan het
                                percentage.</al><al/><al>De deelnemers in de iSGV hebben oog voor het MKB. Uitgangspunt is
                                dat alle ondernemers gelijke kansen moeten krijgen. De deelnemers in
                                de iSGV houden echter bij hun inkoop de mogelijkheden voor het
                                midden- en kleinbedrijf in het oog. Dit kunnen de deelnemers in de
                                iSGV doen door gebruik te maken van percelen in aanbestedingen, het
                                toestaan van het aangaan van combinaties en onderaanneming, het
                                verminderen van de lasten en het voorkomen van het hanteren van
                                onnodig zware selectie- en gunningscriteria.</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV houden rekening met de lokale economie en
                                het MKB, zonder dat dit tot enigerlei vorm van discriminatie leidt. </al><al/><al> 4.4 Voorbehoud SW-bedrijven </al><al/><al>De Aanbestedingswet biedt voor het toepassen van sociaal beleid een
                                mogelijkheid in artikel 2.82. De aanbestedende dienst kan de
                                deelneming aan een procedure voor de gunning van een
                                overheidsopdracht of de uitvoering daarvan voorbehouden aan sociale
                                werkplaatsen indien de meerderheid van de betrokken werknemers
                                personen met een handicap zijn die wegens de aard of ernst van hun
                                handicaps geen beroepsactiviteit in normale omstandigheden kunnen
                                uitvoeren. Dit betekent niet dat de aanbestedende dienst vooraf mag
                                onderhandelen met één SW-bedrijf. De opdracht zal binnen de
                                specifieke doelgroep van SW-bedrijven in concurrentie moeten worden
                                aanbesteed.</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV zullen, wanneer dit mogelijk is, overwegen
                                of van de mogelijkheid van artikel 2.82 Aanbestedingswet gebruik
                                wordt gemaakt. De uiteindelijke keuze zal gemotiveerd worden
                                vastgelegd. </al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Economische uitgangspunten</titel></kop><structuurtekst><al> 5.1 Productanalyse en marktverkenning</al><al/><al>Inkoop vindt plaats op basis van een voorafgaande productanalyse en
                                marktanalyse, tenzij dit gelet op de waarde of de aard van de
                                opdracht niet wordt gerechtvaardigd. De deelnemers in de iSGV achten
                                het van belang om de markt te kennen door – daar waar dit
                                toegevoegde waarde heeft en indien mogelijk – een productanalyse en
                                marktanalyse uit te voeren. Een productanalyse leidt tot inzicht in
                                de aard van het ‘product’ en de relevante markt(vorm). Een
                                marktanalyse leidt tot het brede inzicht in de relevante
                                markt(vorm); de ondernemers die daarop opereren; hoe de markt- en
                                mogelijke machtsverhoudingen zijn (bijvoorbeeld: kopers- of
                                verkopersmarkt) en daarnaast eventueel de (on)mogelijkheden voor het
                                uitzetten van de specifieke opdracht in de onderhavige markt.</al><al/><al>Een productanalyse kan in eerste instantie op eenvoudige wijze via
                                zogenaamde desk research (bijvoorbeeld via telefonische interviews
                                of via internet) worden uitgevoerd. Een productanalyse gecombineerd
                                met marktanalyse zal uitgebreider zijn.</al><al>Marktanalyse is feitelijk het combineren van deskresearch met
                                fieldresearch. Deze fieldresearch kan bijvoorbeeld via het op een
                                georganiseerde wijze spreken van diverse marktpartijen
                                (marktverkenning). Fieldresearch kan ook verder gaan, waarin
                                gezamenlijk met marktpartijen gericht wordt gezocht naar innovatieve
                                oplossingen voor de uit te zetten opdracht (marktconsultatie).</al><al/><al> In alle situaties is een gedegen kennis vóóraf van de markt waarop
                                ingekocht van groot belang om de aard en de omvang van de opdracht
                                vast te kunnen stellen en om te kijken of al dan niet mag worden
                                samengevoegd, of juist een opdracht in percelen moet worden
                                opgedeeld. Met de kennis kan dan vervolgens een goede
                                offerteaanvraag worden opgesteld. Om dit te bevorderen zal door de
                                deelnemers in de iSGV bij elke aanbesteding minimaal een
                                productanalyse worden gedaan eventueel aangevuld met een
                                uitgebreidere marktanalyse. </al><al/><al> 5.2 Onafhankelijkheid en keuze voor de ondernemersrelatie </al><al/><al>De deelnemers in de iSGV achten een te grote (wederzijdse)
                                afhankelijkheid met ondernemers niet wenselijk. De deelnemers in de
                                iSGV streven naar onafhankelijkheid ten opzichte van ondernemers
                                zowel voor, tijdens als na de contractperiode. De deelnemers in de
                                iSGV moeten daarbij in beginsel vrij zijn in het maken van keuzes
                                bij hun inkoop (waaronder de keuze van ondernemer(s) en
                                contractant(en), maar ook vanwege de naleving van de (Europese) wet-
                                en regelgeving.</al><al/><al>Voor en na de contractperiode kan de mate van (on)afhankelijkheid in
                                een ondernemersrelatie onder andere worden beïnvloed door de
                                financiële waarde van de opdracht, mate van concurrentie in de
                                sector (concentratiegraad) en beschikbaarheid van alternatieve
                                ondernemers.</al><al>Gedurende de contractperiode kan bij partijen (deelnemende
                                organisaties iSGV en/of ondernemers) (on)afhankelijkheid ontstaan
                                door de te behalen doelstellingen, productontwikkeling (innovatie)
                                of andere prikkels binnen het contract. Het is daarom gewenst om
                                zowel voor, tijdens als na de contractperiode deze factoren
                                voortdurend te monitoren. </al><al/><al> 5.3 Eerlijke mededinging en commerciële belangen </al><al/><al>De deelnemers in de iSGV bevorderen eerlijke mededinging. De
                                betrokken ondernemers moeten een eerlijke kans krijgen om de
                                opdracht gegund te krijgen. Door in principe objectief, transparant,
                                non-discriminatoir en proportioneel te handelen, bevorderen de
                                deelnemers in de iSGV een eerlijke mededinging. Dit zal bijdragen
                                aan het in stand houden van een gezonde marktwerking (ook op de
                                lange termijn). De deelnemers in de iSGV zullen geen ondernemers
                                betrekken in hun inkoopproces die de mededinging vervalsen.</al><al/><al> 5.4 Methode voor objectieve keuze toe te laten ondernemers </al><al/><al>Op grond van artikel 1.4 van de Aanbestedingswet moeten de
                                deelnemers in de iSGV op basis van objectieve criteria de keuze
                                bepalen voor de ondernemers die worden toegelaten tot de
                                aanbestedingsprocedure. De deelnemers in de iSGV kunnen objectieve
                                criteria toepassen zoals ervaring in de desbetreffende sector,
                                omvang en infrastructuur van de onderneming, technische en
                                professionele vaardigheden of andere elementen. Ook loting is een
                                keuzemogelijkheid, eventueel in combinatie met andere
                                selectiecriteria. Bij een enkelvoudige of meervoudige procedure
                                zullen in ieder geval in de GWW-sector voldoende mogelijke
                                aanvragers op een door de deelnemers in de iSGV op te stellen
                                shortlist moeten worden geplaatst om een adequate mededinging te
                                garanderen. Ook kunnen de deelnemers in de iSGV gebruik maken van
                                systemen waarbij een lijst van potentieel gekwalificeerde
                                ondernemers wordt opgesteld. De deelnemers in de iSGV kunnen dan
                                naderhand, bij de plaatsing van individuele opdrachten,uit de lijst
                                van gekwalificeerde ondernemers op niet-discriminerende wijze
                                ondernemers selecteren die worden uitgenodigd een offerte in te
                                dienen (bv. door toepassing van een rouleersysteem).</al><al/><al> De deelnemers in de iSGV werken de objectieve criteria voor de
                                keuze van de toe te laten ondernemer(s) uit in het inkoophandboek. </al><al/><al> 5.5 Bepalen van de inkoopprocedure </al><al/><al>Ingevolge de Aanbestedingswet moet de aanbestedende dienst een
                                bewuste keuze maken over de wijze waarop hij een opdracht in de
                                markt wil zetten. Bij een aanbesteding boven de Europese
                                drempelwaarden is de keuze beperkt tot in de wet toegestane
                                procedures, maar binnen de gegeven mogelijkheden dient wel een
                                bewuste keuze gemaakt te worden.</al><al/><al> 5.5.1 Objectieve gronden voor keuze procedure </al><al/><al>In de Gids Proportionaliteit is ten aanzien van de keuze voor de
                                procedure voorschrift 3.4A opgenomen, waarin wordt aangegeven dat de
                                aanbestedende dienst bij de keuze van de procedure in ieder geval de
                                volgende aspecten moet betrekken:</al><al> omvang van de opdracht (duur in samenhang met financiële aspecten)
                                transactiekosten voor de aanbestedende dienst en de inschrijvers
                                aantal potentiële inschrijvers gewenst eindresultaat complexiteit
                                van de opdracht type van de opdracht en het karakter van de markt. </al><al/><al>Ten slotte kunnen ook de volgende aspecten nog een rol spelen:</al><al> baten en lasten van een bepaalde procedure kenmerken van de sector
                                (bv. omvang en structuur van de markt, handelspraktijken, enz.)
                                geografische ligging van de plaats van de uitvoering </al><al/><al> 5.5.2 Drempelwaarden </al><al/><al>Naast de objectieve gronden uit § 5.4.1 kunnen ook drempelbedragen
                                richtinggevend zijn voor het bepalen van de te gebruiken procedure.
                                In de Gids Proportionaliteit is met kleurenschema´s aangegeven bij
                                welk bedrag een bepaalde procedure (met name onder de Europese
                                drempels) proportioneel is.</al><al/><al/><al> De deelnemers in de iSGV zullen – met inachtneming van de Gids
                                Proportionaliteit – voor inkoop- en aanbestedingstrajecten bij de
                                onderstaande bedragen de daar genoemde procedures hanteren, tenzij
                                blijkt dat dit niet aansluit bij het type inkoop en het karakter van
                                de markt waarin de ondernemers opereren. In dat laatste geval kunnen
                                de deelnemers in de iSGV ook kiezen voor een andere procedure,
                                aangezien het voor bepaalde inkopen niet te kwantificeren is in een
                                vast bedrag. </al><al/><al>(tabel in kleur: zie bijlage: lokaal inkoopbeleid incl plaatsjes en
                                tabellen)</al><al> LEVERINGEN EN DIENSTEN (en aan werken gerelateerde leveringen en
                                diensten) </al><al/><al/><al> enkelvoudig meervoudig nationaal openbaar Europees </al><al>0-50.000</al><al> voorkeur motiveren nee nee </al><al>50.000 – 70.000</al><al> motiveren voorkeur nee nee </al><al>70.000 - 100.000</al><al> nee voorkeur motiveren nee </al><al>100.000 – Europese drempel</al><al> nee motiveren + bestuurlijke toestemming voorkeur motiveren +
                                bestuurlijke toestemming </al><al>&gt; Europese</al><al> drempel</al><al> nee nee nee verplicht! </al><al>NB. De Europese drempel voor leveringen en diensten is tot 31
                                december 2013: € 200.000. Daarna wordt deze weer voor twee jaar
                                vastgesteld.</al><al> WERKEN </al><al/><al/><al> enkelvoudig meervoudig nationaal openbaar Europees </al><al>0-50.000</al><al> voorkeur nee nee nee </al><al>50.000 – 150.000</al><al> motiveren voorkeur nee nee </al><al>150.000 – 750.000</al><al> nee voorkeur motiveren + bestuurlijke toestemming nee </al><al>750.000 – </al><al>1.500.000</al><al> nee voorkeur motiveren nee </al><al>1.500.000 – </al><al>3.000.000</al><al> nee motiveren + bestuurlijke toestemming voorkeur nee </al><al>3.000.000 – Europese drempel</al><al> nee nee voorkeur motiveren + bestuurlijke toestemming </al><al>&gt; Europese </al><al> drempel</al><al> nee nee nee verplicht </al><al> NB. De Europese drempel voor werken is tot 31 december 2013: €
                                5.000.000. Daarna wordt deze weer voor twee jaar vastgesteld.</al><al>Toelichting bij de tabellen:</al><al/><al/><al>Voorkeursprocedure à de motivering kan rechtstreeks afgeleid worden
                                uit het inkoopbeleid. In het aanbestedingsdossier kan daarvoor
                                direct naar verwezen worden.</al><al/><al/><al>Motiveren à de motivering kan niet rechtstreeks uit het inkoopbeleid
                                worden afgeleid. De keuze voor deze procedure moet nader onderbouwd
                                worden (bv. aan de hand van voorschrift 3.4A van de Gids
                                Proportionaliteit). Uitgelegd moet worden dat met betrekking tot
                                deze specifieke opdracht het meer proportioneel is om de deze
                                procedure toe te passen. Dit moet specifiek in het
                                aanbestedingsdossier worden uitgelegd.</al><al/><al/><al>Motiveren + bestuurlijke toestemming à de motivering kan niet
                                rechtstreeks uit het inkoopbeleid worden afgeleid. De keuze voor
                                deze procedure moet nader onderbouwd worden (bv. aan de hand van
                                voorschrift 3.4A van de Gids Proportionaliteit). Uitgelegd moet
                                worden dat met betrekking tot deze specifieke opdracht het meer
                                proportioneel is om de deze procedure toe te passen. Dit moet
                                specifiek in het aanbestedingsdossier worden uitgelegd. Bovendien
                                dient het besluit om deze procedure toe te passen te worden
                                voorgelegd aan het bevoegde bestuursorgaan. Vanwege de aard van het
                                onderwerp, het bedrag, of de politieke gevoeligheid. De toestemming
                                van het bestuurorgaan om de andere procedure toe te passen moet in
                                het aanbestedingsdossier worden opgenomen. Het heeft de voorkeur de
                                bestuurlijke toestemming te vergezellen van een inkoopadvies.</al><al/><al/><al>Nee à deze procedure is niet toegestaan omdat het of niet
                                proportioneel geacht wordt, of omdat het wettelijk niet in
                                toegestaan.</al><al> 5.6 Raming en financiële budgetten </al><al/><al>Inkoop vindt plaats op basis van een deugdelijke en objectieve
                                vooraf- gaande schriftelijke raming van de opdracht. De raming is
                                ook van belang om de financiële haalbaarheid van de opdracht te
                                bepalen. De deelnemers in de iSGV willen immers niet het risico
                                lopen dat zij verplichtingen aangaat die zij niet kan nakomen.</al><al/><al> 5.7 Beleid voor II-B diensten </al><al/><al>De Aanbestedingswet onderscheidt II-A en II-B diensten. II-B
                                diensten zijn aangemerkt als diensten die geen bijdrage leveren aan
                                de eenwording van de interne markt omdat de diensten door nationale
                                dienstverleners (moeten) worden uitgevoerd. Voor II-B diensten geldt
                                een verlicht aanbestedingsregime, terwijl voor II-A diensten het
                                normale aanbestedingsregime geldt. De Aanbestedingswet verwijst voor
                                de lijst met II-B diensten naar de Europese aanbestedingsrichtlijn.
                                In bijlage 2 bij dit inkoopbeleid is een lijst met II-A en II-B
                                diensten opgenomen.</al><al/><al>In de jurisprudentie van het Europese Hof is toch onderscheid
                                gemaakt tussen II-B diensten met en</al><al> II-B diensten zonder duidelijk grensoverschrijdend belang. Het Hof
                                neemt als uitgangspunt dat II-B diensten geen grensoverschrijdend
                                belang hebben, maar sluit niet uit dat in een specifiek geval
                                toch</al><al> sprake kan zijn van een duidelijk grensoverschrijdend belang. In
                                dat geval moet dan toch voorafgaande publicatie plaatsvinden.</al><al/><al>Per geval moet bekeken worden of een opdracht voor een II-B dienst
                                interessant is voor marktpartijen uit andere lidstaten en of zij –
                                gelet op de aard van de opdracht – een reële kans maken de opdracht
                                te krijgen. Een duidelijk grensoverschrijdend belang kan liggen
                                in:</al><al> de aard van de opdracht of de (geografische) plaats van uitvoering
                                of in de waarde van de opdracht. </al><al/><al>De wijze waarop een II-B procedure verder wordt vormgegeven is
                                geheel aan de aanbestedende dienst. Het is toegestaan hier een
                                enkelvoudig of meervoudig onderhandse procedure voor te hanteren,
                                maar uiteraard is ook een nationale of Europese procedure
                                toegestaan. Ook bij II-B procedures dienen ondernemers objectief en
                                transparant geselecteerd te worden.</al><al/><al> Bij II-B diensten onder de Europese drempelbedragen en bij II-B
                                diensten boven de Europese drempelbedragen zonder
                                grensoverschrijdend belang, kiezen de deelnemers in de iSGV op basis
                                van objectieve gronden voor een onderhandse procedure, een nationaal
                                openbare procedure, of een Europese procedure. </al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld door de raad in zijn openbare vergadering van 15 oktober
                        2013.</ondertekening><ondertekening>P.C.M. de Groot mevrouw J.N. de Zwart-Bloch</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr/><titel>Bijlagen</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Blaricum/i236802.pdf">lokaal inkoopbeleid2013 incl plaatjes en tabellen</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Blaricum/i236803.pdf">Bijlage bouwblokken methode</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Blaricum/i236804.pdf">Bijlage 2 Onderscheid IIA en IIB diensten</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Blaricum/i236805.pdf">algemene inkoopvoorwaarden</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Blaricum/i236806.pdf">ict inkoopvoorwaarden</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>