<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR319485_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Blaricum</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Blaricum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hei en wei 20-12-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Lijkbezorgingsrechten 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 229, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-12-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadbesluit 2013/57</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën en economie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de 'Verordening Lijkbezorgingsrechten 2013’, vastgesteld op 11 december 2012, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. De 'Verordening Lijkbezorgingsrechten 2013’ vervalt met ingang van de datum van heffing van de Verordening Lijkbezorgingsrechten 2014, zijnde 1 januari 2014.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordening van lijkbezorgingsrechten</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>RAADSBESLUIT nr.: 2013-57</al><al/><al>De raad van de gemeenten Blaricum</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders dd. 29 oktober 2013</al><al/><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de
                        Gemeentewet</al><al/><al>BESLUIT: </al><al/><al>de</al><al/><al>VERORDENING op de heffing en invordening van Lijkbezorgingsrechten </al><al/><al>vast te stellen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al> begraafplaats: de gemeentelijke begraafplaats in Blaricum; eigen graf:
                            een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of
                            rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven
                            en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van
                            asbussen; het doen verstrooien van as; algemeen graf: een graf bij de
                            gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot
                            het doen begraven van lijken; kindergraf: een eigen of algemeen graf
                            bestemd voor een kind tot één jaar; eigen asbussengraf: een graf,
                            grafkelder daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd
                            het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet
                            houden van asbussen; het doen verstrooien van as; asbus: een bus ter
                            berging van as van een overledene; verstrooiingsplaats: een plaats bij
                            de gemeente in beheer, waarop aan een ieder de gelegenheid wordt geboden
                            tot het verstrooien van as. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik
                            van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten
                            in verband met de begraafplaats.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al> Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Tarieven</titel></kop><al> A. Rechten voor grafruimten 1. Voor het uit­sluitend recht om
                            stoffelijke over­schotten te mogen doen plaatsen en te heb­ben, het doen
                            bijzet­ten en bijge­zet houden van asbus­sen met of zonder urnen dan wel
                            het doen verstrooien van as in een bepaald graf, zolang de
                            be­graaf­plaats niet ge­sloten is verklaard, wordt, onverminderd de
                            rechten, ver­schuldigd voor het begraven van een stoffe­lijk overschot,
                            bedoeld in artikel 5, onderdeel B, van deze veror­dening, ge­heven: a.
                            algemeen graf Voor het verkrij­gen van gelegenheid tot het doen
                            begra­ven en be­gra­ven houden van een lijk of asbus in een grafruimte
                            voor de tijd van 10 ach­ter­eenvol­gende jaren € 196 b. eigen graven
                            Voor het verkrijgen van het uitsluitend recht tot het doen be­gra­ven en
                            begra­ven hou­den van drie lijken en/of meerdere asbussen in één
                            grafruim­te voor 1. een termijn van 20 jaren € 1.262 2. voor het
                            weder­in­huren van het recht bedoeld in onder­deel b, onder a, lid 1 en
                            2, voor de tijd van 10 jaren € 5 c. eigen asbussengraf Voor het
                            verkrijgen van het uitsluitend recht tot het doen verstrooi­en van as
                            dan wel het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen in één
                            grafruimte voor 1. een ter­mijn van 20 jaren € 568 2. voor het
                            wederin­hu­ren van het recht, be­doeld in onderdeel c, onder 1 en 2,
                            voor de tijd van 10 jaren € 196 d. kindergraven Voor het verkrijgen van
                            het uitsluitend recht tot het doen begraven en het begraven houden van
                            één kinderlijk in één grafruimte voor 1. een ter­mijn van 20 jaren € 393
                            2. voor het wederin­hu­ren van het recht, be­doeld in onderdeel d, onder
                            1 en 2, voor de tijd van 10 jaren € 196 Het uitslui­tend recht tot
                            begra­ven wordt geacht te zijn verleend onder de voor­waar­den nu of
                            later door de gemeenteraad te stellen en slechts voor de tijd, dat de
                            begraafplaats niet gesloten is verklaard. Voor het inschrijven of
                            over­boeken van eigen graven en eigen asbussengraven in het daartoe
                            bestemde regis­ter wordt een bedrag geheven van € 15 Voor het zelf
                            uitzoeken van een eigen volwassen graf wordt een tarief geheven van € 80
                            Hierbij mag het eigen volwassen graf alleen uitgezocht worden
                            aansluitend aan andere (bezette) graven en in door de gemeente te
                            bepalen vakken. </al><al/><al> B. Rechten voor het begraven en weder­opgraven 1. a. Voor het begra­ven
                            in een familiegraf op de gewone uren, daartoe in de Verorde­ning op de
                            gemeen­telijke be­graaf­plaats aangewe­zen, wordt een recht geheven voor
                            1. een graf van 1- en 2-diep van € 1.096 2. een graf van 3-diep van €
                            1.132 b. voor het begraven in een kindergraf op de gewone uren, daartoe
                            in de Verordening op de gemeentelijke begraafplaats aangewezen, wordt
                            een recht geheven voor een graf van 1- diep van € 483 c. voor het
                            plaatsen van een asbus op de gewone uren, daartoe in de Verorde­ning op
                            de ge­meentelijke begraaf­plaats aangewe­zen, wordt een recht gehe­ven
                            van € 315 d. voor het verstrooien van as van een over­ledene op de
                            verstrooiingsplaats van de gemeen­te­lijke be­graaf­plaats wordt een
                            recht geheven van € 179 e. voor het opgraven van een lijk, behal­ve op
                            rechterlijk gezag, wordt het onder a en b ver­melde recht geheven.
                            Indien het lijk, dat opge­gra­ven is, op­nieuw in een ander graf
                            begra­ven wordt, wordt het onder a en b van dit artikel vermelde recht
                            wederom gehe­ven. f. voor het opgraven van een as­bus, wordt het onder c
                            vermelde recht geheven. Indien de asbus die opgegraven is op­nieuw in
                            een ander graf geplaatst wordt, wordt het onder c vermelde recht wederom
                            geheven. g. voor het opgraven van een asbus wordt het onder c vermelde
                            recht gehe­ven. Indien de asbus die opgegraven is verstrooid wordt op de
                            verstrooiingsplaats van de gemeentelijke begraafplaats, wordt het onder
                            d vermelde recht geheven. 2. De in het eerste lid vermel­de rechten
                            worden ver­hoogd: a. met 100%, indien het begraven geschiedt op
                            zondagen, de Nieuwjaarsdag, de eerste Kerstdag, de Hemelvaartsdag, de
                            verjaardag van Z.M. de Koning; b. met 75%, indien het begraven geschiedt
                            op zaterdagen; c. met 50%, indien het begraven geschiedt op maan­dag tot
                            en met vrijdag voor 8.00 uur en na 15.00 uur. 3. De in het tweede lid
                            vermelde rech­ten worden niet geheven, indien het begra­ven na de in dat
                            lid ge­noem­de tijdstip­pen ge­schiedt op verzoek van de ge­meen­te. </al><al/><al> C. Rechten voor het gebruik van de aula Voor het ge­bruik van de aula
                            op de gemeen­telijke be­graafplaats wordt gehe­ven per uur of een
                            gedeel­te daar­van € 116 </al><al/><al> D. Rechten voor het kloklui­den Voor het luiden van de klok in de
                            ge­meente­toren bij overlijden of tijdens een begra­fenis wordt gehe­ven
                            voor elk kwartier of ge­deelte daarvan € 69 </al><al/><al> E. Rechten voor het aanbrengen van grafbedek­kin­gen Met inachtneming
                            van het­geen dien­aangaande in de Verordening op de gemeen­telijke
                            be­graaf­plaats van de gemeen­te Blaricum is bepaald, wordt voor het
                            stichten van een grafkel­der, voor het plaatsen van een monument, zerk,
                            graf­steen, zwerfkei e.d., voor het aanleg­gen van een graftuin, het
                            planten van bomen, heesters en struiken, geheven € 102 </al><al/><al> F. Rechten voor het onderhoud van graven 1. Het onderhoud van de
                            gemeente­lijke begraafplaats en van de graven ge­schiedt van
                            ge­meentewege. Onder dit onderhoud is niet be­grepen het uitvoeren van
                            herstellingen aan op de graven ge­plaatste voorwerpen, het vergul­den
                            van op­schriften, het aan­brengen en vernieuwen van heggen, planten en
                            bloemen, welke werk­zaamheden dienen te geschieden vanwe­ge de
                            rechthebben­de. 2. Aan diegene, op wiens naam de grafruim­te staat of
                            bij gebreke hiervan, diegene die vóór 2010 heeft verzocht het onder­houd
                            van de grafruimte zelf ter hand te nemen en hiervoor van het college van
                            burge­meester en wethouders toestemming heeft gekregen, worden de
                            volgende rechten geheven: a. eigen graven: 1. voor een kinder­graf,
                            jaarlijks € 33 2. voor de overige gra­ven, jaar­lijks € 50 b. eigen
                            asbussengra­ven: voor de overi­ge gra­ven, jaarlijks € 33 Reeds
                            afgegeven toestemmingen voor zelfonderhoud blijven in stand voor de duur
                            van de onder artikel 5, onderdelen A en B genoemde rechten. Afgegeven
                            toestemmingen voor zelfonderhoud kunnen tussentijds worden opgezegd.
                            Vanaf 2010 worden door het college van burgemeester en wethouders geen
                            toestemmingen voor zelfonderhoud meer afgegeven. Bij nieuwe rechten en
                            verlengingen vanaf 2010 kan daarom geen aanspraak meer worden gemaakt op
                            de in dit lid genoemde tarieven. De vergunning ver­valt, indien de in de
                            aanhef van dit lid be­doel­de per­soon, na waar­schuwing door
                            burgemeester en wethouders, in ­gebreke blijft de door burge­meester en
                            wethou­ders voor het onderhoud ge­stelde voor­schriften op te volgen. 3.
                            Indien het graf in de loop van enig jaar wordt uitgegeven, zijn de
                            rechten ver­schul­digd over zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar
                            nog volle kalender­maanden overblijven. 4. Voor het onderhoud van de
                            graven van gemeentewege worden de volgen­de rechten geheven voor: a.
                            eigen graven: 1. voor een kinder­graf, jaarlijks € 65 2. voor
                            ge­reser­veer­de graven, jaarlijks € 51 3. voor de overige gra­ven,
                            jaar­lijks € 101 b. eigen asbussengra­ven: 1. voor gere­ser­veerde
                            gra­ven, jaarlijks € 33 2. voor de overi­ge gra­ven, jaarlijks € 65 c.
                            alge­mene graven: eenmalig, voor een periode van tien jaren € 334 </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>1. a. De krachtens artikel 5, onderdeel F, onder punt 2 en 4,
                            verschuldigde rechten worden geheven bij wege van aanslag. Zij zijn
                            invorderbaar een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. b. De
                            overige rechten worden geheven door middel van een gedagtekende nota,
                            waarop het verschuldigde bedrag wordt vermeld. c. Burgemeester en
                            wethouders stellen het model van de onder b bedoelde nota vast. 2. De
                            niet bij wege van aanslag geheven rechten moeten zijn voldaan ten tijde
                            waarop de dienstverlening is verricht. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Nadere regels door het College van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het College van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en invordering van de rechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al> De “Verordening lijkbezorgingsrechten 2013”, vastgesteld in de
                            vergadering van de gemeenteraad van 11 december 2012, wordt ingetrokken
                            met ingang van de in het derde lid genoemde datum van heffing, met dien
                            verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich
                            vóór die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met
                            ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van de
                            ingang van de heffing is 1 januari 2014. Deze verordening kan worden
                            aangehaald als "Verordening Lijkbezorgingsrechten 2014". </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 10 december 2013.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>P.C.M. de Groot Mevr. J.N. de Zwart-Bloch</ondertekening><ondertekening>raadsgriffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>